Recepten & inspiratie
Kies je product en open het recept direct op deze pagina.
Alle recepten

Jodenhaas Iers vers
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- ca. 700 g jodenhaas
- 1 bos platte peterselie
- 2 tenen knoflook
- 1 kleine rode peper
- 2 el rodewijnazijn
- 80 ml olijfolie
- 1 tl gedroogde oregano
- zout
Bereiding
- 01Stap 1
Hak peterselie, knoflook en rode peper fijn en meng met azijn, olijfolie, oregano en zout. Laat de chimichurri minimaal 15 minuten staan.
- 02Stap 2
Maak de barbecue gereed met een hete directe zone en een rustigere indirecte zone.
- 03Stap 3
Grill de jodenhaas boven directe hitte rondom stevig aan voor een donkere korst zonder te verbranden.
- 04Stap 4
Verplaats de jodenhaas zo nodig naar indirecte hitte en gaar tot 54–56 °C voor medium-rare of 58–60 °C voor medium.
- 05Stap 5
Laat 8–10 minuten rusten, losjes afgedekt.
- 06Stap 6
Laat 5–8 minuten rusten en snijd pas daarna aan; serveer als hele portie of in gelijkmatige plakken.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng het vlees vlak voor de bereiding op smaak met zout en zwarte peper. Voor een vollere, kruidige smaak kun je in plaats daarvan Jans Biefstuk Kruidenmix gebruiken. Kies één van beide; zo blijft de kruiding mooi in balans.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Gebruik directe hitte voor een mooie korst. Dikke stukken kun je daarna indirect verder laten garen; dunne steaks of kleine delen blijven vooral boven directe hitte. Controleer de gaarheid in het dikste deel.
- Tip van Jan: Dunne staartstukken zijn eerder klaar dan dikke middendelen; haal ze zo nodig eerder uit de pan.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Fris, kruidig en uitgesproken zonder de jodenhaas onder een zware saus te verstoppen.
Ingrediënten
- ca. 700 g jodenhaas
- 250 g kastanjechampignons
- 1 sjalot
- 1 el groene peperkorrels
- 150 ml kookroom
- 150 ml fond
- 1 el olie
- 20 g boter
Bereiding
- 01Stap 1
Snijd de champignons in kwarten en bak ze op hoog vuur in een droge pan tot ze kleur krijgen; voeg pas daarna een klein klontje boter toe en houd warm.
- 02Stap 2
Bak de jodenhaas in een zeer hete pan rondom bruin en gaar tot 54–56 °C voor medium-rare of 58–60 °C voor medium.
- 03Stap 3
Laat de jodenhaas rusten terwijl u de saus maakt.
- 04Stap 4
Fruit sjalot en groene peperkorrels kort in dezelfde pan, voeg fond toe en kook tot ongeveer de helft in.
- 05Stap 5
Voeg room toe en laat rustig binden; proef voordat u extra zout toevoegt.
- 06Stap 6
Snijd de jodenhaas en serveer met de paddenstoelen en een kleine lepel pepersaus.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng het vlees vlak voor de bereiding op smaak met zout en zwarte peper. Voor een vollere, kruidige smaak kun je in plaats daarvan Jans Biefstuk Kruidenmix gebruiken. Kies één van beide; zo blijft de kruiding mooi in balans.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Verhit de pan eerst goed en gebruik waar nodig slechts een dun laagje hittebestendig bakvet. Geef het vlees ruimte en bouw een duidelijke korst op zonder voortdurend te schuiven; verlaag daarna de hitte wanneer het stuk nog moet doorgaren.
- Voeg boter en aromaten uit het recept pas na de eerste korstfase toe en lepel het schuimende bakvet kort over het vlees; zo blijven de aromaten frisser en verbranden ze minder snel.
- Tip van Jan: Laat vis in de pan eerst een korst vormen voordat u probeert te keren.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een restaurantklassieker met romige saus en geroosterde paddenstoelen.
Ingrediënten
- ca. 700 g jodenhaas
- 2 stronken paksoi
- 2 lente-uien
- 2 el sojasaus
- 1 el rijstazijn
- 1 tl sesamolie
- 1 tl honing
- 1 el neutrale olie
- 1 tl geroosterde sesam
Bereiding
- 01Stap 1
Snijd de jodenhaas alleen als het deelstuk dat toelaat in dunne plakken dwars op de draad; laat dikke steaks juist heel en snijd pas na het garen.
- 02Stap 2
Meng sojasaus, rijstazijn, sesamolie en honing tot een snelle jus.
- 03Stap 3
Bak de jodenhaas zeer heet en kort zodat het vlees kleurt zonder uit te drogen; gaar verder tot 54–56 °C voor medium-rare of 58–60 °C voor medium.
- 04Stap 4
Roerbak paksoi en lente-ui 2–3 minuten zodat ze fris en knapperig blijven.
- 05Stap 5
Voeg de sojajus kort toe en laat slechts enkele seconden bruisen.
- 06Stap 6
Serveer de jodenhaas met paksoi en bestrooi met sesam.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng naturel vlees op smaak met zout en zwarte peper, óf gebruik Jans Biefstuk Kruidenmix als smaakvol alternatief. Kies één van beide en voorkom dubbele kruiding.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Verhit de pan eerst goed en gebruik waar nodig slechts een dun laagje hittebestendig bakvet. Geef het vlees ruimte en bouw een duidelijke korst op zonder voortdurend te schuiven; verlaag daarna de hitte wanneer het stuk nog moet doorgaren.
- Tip van Jan: Dunne staartstukken zijn eerder klaar dan dikke middendelen; haal ze zo nodig eerder uit de pan.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een moderne, lichtere bereiding met veel umami en korte garing.

Kabeljauwloins
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- 4 porties kabeljauw
- 300 g cherrytomaten
- 80 g zwarte olijven
- 2 el kappertjes
- 1 rode ui
- 2 el olijfolie
- 1 bosje peterselie
- peper en zout
Bereiding
- 01Stap 1
Verwarm de oven voor op 190 °C.
- 02Stap 2
Verdeel tomaat, olijf, kappertjes en rode ui over een ovenschaal en besprenkel met olie.
- 03Stap 3
Rooster de groente 10 minuten zodat de tomaten beginnen open te barsten.
- 04Stap 4
Leg de kabeljauw erop en gaar afhankelijk van de dikte tot de vis net uit elkaar vlokt en sappig blijft.
- 05Stap 5
Laat vis niet onnodig doorbakken; haal uit de oven zodra de lamellen gemakkelijk loslaten.
- 06Stap 6
Werk af met peterselie en serveer met brood of aardappeltjes.
Zo bereid je deze vis op z’n best
- Dep de vis vlak voor de bereiding voorzichtig droog als het oppervlak vochtig is. Zo gaart hij mooier en blijft de structuur beter intact.
- Gaar de vis rustig in de oven en haal hem eruit zodra hij net gaar is. Zo blijft hij sappig en behoudt hij zijn fijne structuur.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Mediterrane ovenbereiding met vis-specifieke, korte garing.
Ingrediënten
- 4 porties kabeljauw
- 2 preien
- 1 sjalot
- 100 ml droge witte wijn
- 1 el wittewijnazijn
- 150 g koude boter
- 1 el olie
- peper en zout
Bereiding
- 01Stap 1
Stoof de prei zacht in een klein klontje boter en houd warm.
- 02Stap 2
Kook sjalot, wijn en azijn in tot er slechts enkele eetlepels vocht over zijn.
- 03Stap 3
Klop op laag vuur blokje voor blokje koude boter door de reductie; de saus mag daarna niet meer koken.
- 04Stap 4
Bak de kabeljauw in een anti-aanbakpan met olie op middelhoog vuur tot de buitenkant licht kleurt en de binnenkant net gaar is.
- 05Stap 5
Laat de vis hooguit 1–2 minuten staan.
- 06Stap 6
Serveer op de prei met een kleine hoeveelheid beurre blanc.
Zo bereid je deze vis op z’n best
- Dep de vis vlak voor de bereiding voorzichtig droog als het oppervlak vochtig is. Zo gaart hij mooier en blijft de structuur beter intact.
- Bak de vis in een goed verhitte pan en laat hem zoveel mogelijk met rust, zodat hij mooi kleurt zonder uit elkaar te vallen. Keer voorzichtig en gaar kort verder.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Klassieke vistechniek met precieze saus- en garingcontrole.
Ingrediënten
- 4 porties kabeljauw
- 60 g panko
- 30 g Parmezaan
- 1 el peterselie
- 1 tl mosterd
- 1 el olijfolie
- 1 citroen
Bereiding
- 01Stap 1
Meng panko, Parmezaan, peterselie en olijfolie.
- 02Stap 2
Bestrijk de bovenzijde van de kabeljauw dun met mosterd en druk de panko erop.
- 03Stap 3
Verwarm de airfryer voor op 180 °C.
- 04Stap 4
Bak afhankelijk van dikte circa 8–12 minuten tot de korst goudbruin is en de vis net gaar.
- 05Stap 5
Controleer vroeg: vis droogt snel uit in circulerende hete lucht.
- 06Stap 6
Serveer direct met een partje citroen en een groene salade.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
De airfryer geeft hier echt een ander resultaat: een krokante bovenlaag zonder frituur.

Kalfs achterschenkel
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- ca. 1 kg Kalfs achterschenkel
- 3 uien
- 330 ml donker bier
- 400 ml bouillon
- 2 el bloem
- 1 el mosterd
- 2 laurierblaadjes
- 30 g boter
Bereiding
- 01Stap 1
Snijd de Kalfs achterschenkel in gelijkmatige stukken als dat nog niet is gebeurd. Is het oppervlak zichtbaar nat, dep alleen dat vocht weg zodat het vlees kan bruinen.
- 02Stap 2
Bak het vlees in porties stevig bruin in boter; leg elke portie apart.
- 03Stap 3
Bak de ui rustig goudbruin, bestuif met bloem en laat 1 minuut meegaren.
- 04Stap 4
Blus met bier en bouillon en roer alle aanbaksels los. Voeg mosterd en laurier toe.
- 05Stap 5
Doe het vlees terug en laat 2,5–3 uur zeer zacht stoven tot het lepelmals is; laat de saus het laatste halfuur zo nodig zonder deksel inkoken.
- 06Stap 6
Proef pas op het einde op zout en serveer met aardappelpuree of friet.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Gebruik het zout uit het recept doelgericht op het vlees en verdeel het gelijkmatig. Voeg geen extra zout toe buiten de receptuur zonder eerst de totale kruiding te beoordelen.
- Braad de vleesstukken waar het recept dat toelaat in porties aan voor kleur en smaak. Laat ze daarna rustig stoven: zacht pruttelen, niet hard doorkoken, en gebruik malsheid als eindcontrole in plaats van alleen een vaste tijd.
- Tip van Jan: Lever wordt snel droog en korrelig. Bak porties kort en serveer direct wanneer het recept dat toelaat.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Diepe, klassieke stoofsmaak door bruinen, reduceren en langzame garing.
Ingrediënten
- ca. 1 kg Kalfs achterschenkel
- 150 g spekblokjes
- 2 wortels
- 2 uien
- 250 g champignons
- 500 ml rode wijn
- 400 ml bouillon
- 1 el tomatenpuree
- 2 laurierblaadjes
Bereiding
- 01Stap 1
Bak de spekblokjes uit en schep ze uit de pan.
- 02Stap 2
Bak de Kalfs achterschenkel in porties rondom donkerbruin en neem uit de pan.
- 03Stap 3
Bak ui en wortel, voeg tomatenpuree toe en bak 1 minuut mee.
- 04Stap 4
Blus met rode wijn en bouillon, voeg laurier toe en doe het vlees terug. Laat circa 3 uur zeer zacht stoven.
- 05Stap 5
Bak de champignons apart bruin en voeg ze met het spek pas in het laatste halfuur toe.
- 06Stap 6
Het gerecht is klaar wanneer het vlees zonder weerstand uit elkaar valt en de saus glanst.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng naturel vlees vlak voor de bereiding gelijkmatig op smaak met zout. Volg een langere zout- of dry-brinefase alleen wanneer het recept dat bewust voorschrijft.
- Braad de vleesstukken waar het recept dat toelaat in porties aan voor kleur en smaak. Laat ze daarna rustig stoven: zacht pruttelen, niet hard doorkoken, en gebruik malsheid als eindcontrole in plaats van alleen een vaste tijd.
- Tip van Jan: De smaak is verfijnd; kies beheerste hitte en sauzen die ondersteunen in plaats van overheersen.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een Franse klassieker met gelaagde smaak en paddenstoelen die hun bite behouden.
Ingrediënten
- ca. 1 kg Kalfs achterschenkel
- 2 uien
- 3 tenen knoflook
- 20 g gember
- 2 tl gemalen koriander
- 1 tl komijn
- 3 el ketjap manis
- 400 ml kokosmelk
- 1 stengel citroengras
Bereiding
- 01Stap 1
Bak de ui rustig goudbruin in een beetje olie.
- 02Stap 2
Voeg knoflook, gember, koriander en komijn toe en bak kort tot het geurt.
- 03Stap 3
Voeg de Kalfs achterschenkel toe en bak rondom aan; werk in porties als de pan te vol wordt.
- 04Stap 4
Roer ketjap erdoor, voeg kokosmelk en gekneusd citroengras toe en breng tegen de kook aan.
- 05Stap 5
Laat 2,5–3 uur heel zacht stoven zonder hard te koken.
- 06Stap 6
Neem het deksel het laatste halfuur weg zodat de saus geconcentreerd en romig wordt; verwijder citroengras voor serveren.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng naturel vlees vlak voor de bereiding gelijkmatig op smaak met zout. Volg een langere zout- of dry-brinefase alleen wanneer het recept dat bewust voorschrijft.
- Braad de vleesstukken waar het recept dat toelaat in porties aan voor kleur en smaak. Laat ze daarna rustig stoven: zacht pruttelen, niet hard doorkoken, en gebruik malsheid als eindcontrole in plaats van alleen een vaste tijd.
- Tip van Jan: Lever wordt snel droog en korrelig. Bak porties kort en serveer direct wanneer het recept dat toelaat.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een warme specerijenrichting die echt verschilt van Europese stoofgerechten.

Kalfsbotten
2 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- 1,5 kg Kalfsbotten
- 2 uien
- 2 wortels
- 2 stengels bleekselderij
- 1 el tomatenpuree
- 3 liter koud water
- 2 laurierblaadjes
- 10 peperkorrels
Bereiding
- 01Stap 1
Rooster botten en grof gesneden groente 45 minuten op 220 °C tot diepbruin.
- 02Stap 2
Voeg tomatenpuree de laatste 10 minuten toe en laat mee roosteren.
- 03Stap 3
Doe alles in een grote pan, voeg koud water, laurier en peper toe en breng langzaam tegen de kook aan.
- 04Stap 4
Schep schuim en vet aan de oppervlakte af en laat 5–8 uur zeer zacht trekken; niet hard koken.
- 05Stap 5
Zeef zonder te drukken en koel snel terug.
- 06Stap 6
Ontvet na afkoelen en gebruik als bouillon of basis voor jus.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng naturel vlees vlak voor de bereiding gelijkmatig op smaak met zout. Volg een langere zout- of dry-brinefase alleen wanneer het recept dat bewust voorschrijft.
- Gebruik de oven voor beheerst doorgaren. Wanneer het recept eerst een korst vraagt, schroei het vlees vooraf kort aan; bepaal het eindpunt op kern en niet uitsluitend op oventijd.
- Tip van Jan: Meet in het dikste deel en niet tegen bot, vetlaag of pan. Zo stuurt u op garing in plaats van op minuten.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een echte basisbouillon met diepe braadsmaak.
Ingrediënten
- 1,5 kg Kalfsbotten
- 2 uien
- 2 wortels
- 1 stengel bleekselderij
- 1 el tomatenpuree
- 500 ml rode wijn
- 2,5 liter water
- 2 laurierblaadjes
Bereiding
- 01Stap 1
Rooster botten en groente donkerbruin op 220 °C.
- 02Stap 2
Bak tomatenpuree de laatste 10 minuten mee.
- 03Stap 3
Blus de braadslede met rode wijn en schraap alle aanbaksels los.
- 04Stap 4
Doe botten, groente, wijn en water in een pan en laat 6 uur zeer zacht trekken.
- 05Stap 5
Zeef en kook de vloeistof daarna rustig in tot een krachtige, licht stroperige jusbasis.
- 06Stap 6
Koel snel terug en bewaar gekoeld of vries in porties in.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng naturel vlees vlak voor de bereiding gelijkmatig op smaak met zout. Volg een langere zout- of dry-brinefase alleen wanneer het recept dat bewust voorschrijft.
- Gebruik de oven voor beheerst doorgaren. Wanneer het recept eerst een korst vraagt, schroei het vlees vooraf kort aan; bepaal het eindpunt op kern en niet uitsluitend op oventijd.
- Tip van Jan: Kies eerst de juiste techniek voor het product en pas daarna kruiden en saus aan. Een goed stuk vlees heeft meestal minder nodig dan u denkt.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Professionele jusbasis voor sauzen en stoofgerechten.

Kalfsentrecote rose
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- ca. 700 g entrecote
- 2 stronken paksoi
- 2 lente-uien
- 2 el sojasaus
- 1 el rijstazijn
- 1 tl sesamolie
- 1 tl honing
- 1 el neutrale olie
- 1 tl geroosterde sesam
Bereiding
- 01Stap 1
Snijd de entrecote alleen als het deelstuk dat toelaat in dunne plakken dwars op de draad; laat dikke steaks juist heel en snijd pas na het garen.
- 02Stap 2
Meng sojasaus, rijstazijn, sesamolie en honing tot een snelle jus.
- 03Stap 3
Bak de entrecote zeer heet en kort zodat het vlees kleurt zonder uit te drogen; gaar verder tot 54–56 °C voor medium-rare of 58–60 °C voor medium.
- 04Stap 4
Roerbak paksoi en lente-ui 2–3 minuten zodat ze fris en knapperig blijven.
- 05Stap 5
Voeg de sojajus kort toe en laat slechts enkele seconden bruisen.
- 06Stap 6
Serveer de entrecote met paksoi en bestrooi met sesam.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng naturel vlees op smaak met zout en zwarte peper, óf gebruik Jans Biefstuk Kruidenmix als smaakvol alternatief. Kies één van beide en voorkom dubbele kruiding.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Verhit de pan eerst goed en gebruik waar nodig slechts een dun laagje hittebestendig bakvet. Geef het vlees ruimte en bouw een duidelijke korst op zonder voortdurend te schuiven; verlaag daarna de hitte wanneer het stuk nog moet doorgaren.
- Tip van Jan: Ook bij malse steaks verbetert dwars op de draad snijden de beet, vooral bij grovere structuren.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een moderne, lichtere bereiding met veel umami en korte garing.
Ingrediënten
- ca. 700 g entrecote
- 300 g cherrytomaten
- 1 bos peterselie
- 2 el kappertjes
- 1 el Dijonmosterd
- 2 el wittewijnazijn
- 70 ml olijfolie
- 1 teen knoflook
Bereiding
- 01Stap 1
Rooster de tomaten 15 minuten op 200 °C tot ze openbarsten.
- 02Stap 2
Hak peterselie, kappertjes en knoflook en meng met mosterd, azijn en olijfolie tot salsa verde.
- 03Stap 3
Grill de entrecote op hoge hitte voor duidelijke grillstrepen en kleur.
- 04Stap 4
Gaar verder tot 54–56 °C voor medium-rare of 58–60 °C voor medium. Laat 5–8 minuten rusten.
- 05Stap 5
Laat 5–8 minuten rusten en snijd pas daarna aan; serveer als hele portie of in gelijkmatige plakken.
- 06Stap 6
Serveer met geroosterde tomaat en salsa verde aan tafel.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng naturel vlees op smaak met zout en zwarte peper, óf gebruik Jans Biefstuk Kruidenmix als smaakvol alternatief. Kies één van beide en voorkom dubbele kruiding.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Gebruik directe hitte voor een mooie korst. Dikke stukken kun je daarna indirect verder laten garen; dunne steaks of kleine delen blijven vooral boven directe hitte. Controleer de gaarheid in het dikste deel.
- Tip van Jan: Bij dikke steaks werkt eerst kleuren en daarna rustiger doorgaren vaak beter dan de hele bereiding op maximale hitte.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Fris en hartig; de salsa wordt na het garen toegevoegd en blijft daardoor levendig.
Ingrediënten
- ca. 700 g entrecote
- 700 g krieltjes
- 2 sjalotten
- 150 ml rode wijn
- 200 ml runder- of kalfsfond
- 30 g koude boter
- 1 el neutrale olie
- zout en zwarte peper
Bereiding
- 01Stap 1
Laat de entrecote 20–30 minuten temperen. Is het oppervlak zichtbaar vochtig, dep dan alleen dat vocht weg; verder is geen voorbehandeling nodig.
- 02Stap 2
Rooster de krieltjes in een oven van 210 °C in 30–35 minuten goudbruin en gaar.
- 03Stap 3
Verhit een zware koekenpan zeer heet, voeg olie toe en bak de entrecote rondom krachtig aan. Gaar verder tot 54–56 °C voor medium-rare of 58–60 °C voor medium.
- 04Stap 4
Neem de entrecote uit de pan en laat 8–10 minuten rusten. Fruit intussen de sjalot in dezelfde pan.
- 05Stap 5
Blus met rode wijn, laat tot ongeveer de helft inkoken, voeg fond toe en reduceer tot sausdikte. Klop van het vuur af de koude boter erdoor.
- 06Stap 6
Snijd de entrecote dwars op de draad waar dat voor dit deelstuk relevant is en serveer met de jus en krieltjes.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng het vlees vlak voor de bereiding op smaak met zout en zwarte peper. Voor een vollere, kruidige smaak kun je in plaats daarvan Jans Biefstuk Kruidenmix gebruiken. Kies één van beide; zo blijft de kruiding mooi in balans.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Verhit de pan eerst goed en gebruik waar nodig slechts een dun laagje hittebestendig bakvet. Geef het vlees ruimte en bouw een duidelijke korst op zonder voortdurend te schuiven; verlaag daarna de hitte wanneer het stuk nog moet doorgaren.
- Voeg boter en aromaten uit het recept pas na de eerste korstfase toe en lepel het schuimende bakvet kort over het vlees; zo blijven de aromaten frisser en verbranden ze minder snel.
- Tip van Jan: Gebruik boter, knoflook of kruiden pas in de laatste fase als de pan iets rustiger is; zo verbranden de melkbestanddelen minder snel.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een klassieke bistrobereiding waarin de smaak van entrecote centraal blijft.

Kalfslende rosé
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- ca. 1,2 kg Kalfslende rosé
- 600 g wortels
- 4 sjalotten
- 250 ml bouillon
- 100 ml rode wijn
- 2 el olie
- 30 g boter
- peper en zout
Bereiding
- 01Stap 1
Verwarm de oven voor op 180 °C en rooster de wortels met een beetje olie.
- 02Stap 2
Bak de Kalfslende rosé rondom aan in een braadpan; leg daarna in een ovenschaal.
- 03Stap 3
Gaar in de oven tot 54–56 °C voor medium-rare of 58–60 °C voor medium; gebruik tijd alleen als richtlijn.
- 04Stap 4
Laat het vlees 15 minuten rusten voordat u snijdt.
- 05Stap 5
Fruit sjalotten in de braadpan, blus met wijn en bouillon en kook tot jusdikte in.
- 06Stap 6
Monteer met boter en serveer met de geroosterde wortel.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Gebruik het zout uit het recept doelgericht op het vlees en verdeel het gelijkmatig. Voeg geen extra zout toe buiten de receptuur zonder eerst de totale kruiding te beoordelen.
- Gebruik de oven voor beheerst doorgaren. Wanneer het recept eerst een korst vraagt, schroei het vlees vooraf kort aan; bepaal het eindpunt op kern en niet uitsluitend op oventijd.
- Tip van Jan: Kies eerst de juiste techniek voor het product en pas daarna kruiden en saus aan. Een goed stuk vlees heeft meestal minder nodig dan u denkt.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een klassieke braadbereiding met kerntemperatuur als leidende controle.
Ingrediënten
- ca. 1,2 kg Kalfslende rosé
- 1 bos peterselie
- 2 el kappertjes
- 1 teen knoflook
- 1 el Dijonmosterd
- 2 el wittewijnazijn
- 70 ml olijfolie
Bereiding
- 01Stap 1
Maak de barbecue gereed met een indirecte zone rond 160–180 °C.
- 02Stap 2
Hak peterselie, kappertjes en knoflook en meng met mosterd, azijn en olijfolie.
- 03Stap 3
Gaar de Kalfslende rosé indirect met gesloten deksel tot 54–56 °C voor medium-rare of 58–60 °C voor medium bijna is bereikt.
- 04Stap 4
Geef het vlees daarna kort kleur boven directe hitte.
- 05Stap 5
Laat 15 minuten rusten.
- 06Stap 6
Laat 10–15 minuten rusten en snijd daarna in gelijkmatige plakken.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng naturel vlees vlak voor de bereiding gelijkmatig op smaak met zout. Volg een langere zout- of dry-brinefase alleen wanneer het recept dat bewust voorschrijft.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Gebruik directe hitte voor een mooie korst. Dikke stukken kun je daarna indirect verder laten garen; dunne steaks of kleine delen blijven vooral boven directe hitte. Controleer de gaarheid in het dikste deel.
- Tip van Jan: Een directe en indirecte zone geeft controle: kleuren waar het heet is, rustig doorgaren waar het minder heet is.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Barbecuebereiding met gecontroleerde indirecte hitte en een frisse saus aan tafel.
Ingrediënten
- ca. 1,2 kg Kalfslende rosé
- 1 knolselderij
- 500 g aardappelen
- 250 g paddenstoelen
- 250 ml bouillon
- 100 ml room
- 30 g boter
- peper en zout
Bereiding
- 01Stap 1
Kook knolselderij en aardappel samen gaar en pureer met room en een deel van de boter.
- 02Stap 2
Bak de paddenstoelen op hoog vuur bruin en houd apart.
- 03Stap 3
Gaar de Kalfslende rosé in oven of braadpan tot 54–56 °C voor medium-rare of 58–60 °C voor medium en laat daarna rusten.
- 04Stap 4
Deglaceer de braadpan met bouillon en kook in tot een krachtige jus.
- 05Stap 5
Snijd het vlees pas na rust en controleer de snijrichting.
- 06Stap 6
Serveer met puree, paddenstoelen en jus.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Gebruik het zout uit het recept doelgericht op het vlees en verdeel het gelijkmatig. Voeg geen extra zout toe buiten de receptuur zonder eerst de totale kruiding te beoordelen.
- Gebruik de oven voor beheerst doorgaren. Wanneer het recept eerst een korst vraagt, schroei het vlees vooraf kort aan; bepaal het eindpunt op kern en niet uitsluitend op oventijd.
- Tip van Jan: Snijd vlees zo laat mogelijk. Zo blijft het warmer en verliest het minder vocht.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een stevig restaurantbord met aardse smaken en correcte rusttijd.

Kalfslever 200 g.
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- 500 g kalfslever
- 2 grote uien
- 1 friszure appel
- 30 g boter
- 1 el olie
- 1 el bloem
- peper en zout
Bereiding
- 01Stap 1
Bak de uien rustig in boter tot goudbruin en zoet.
- 02Stap 2
Voeg appelpartjes toe en bak kort mee; houd warm.
- 03Stap 3
Bestuif de lever zeer licht met bloem en schud overtollige bloem af.
- 04Stap 4
Verhit een tweede pan stevig en bak de lever aan beide zijden; gaar door tot 70 °C in het dikste deel en voorkom daarna onnodig doorbakken.
- 05Stap 5
Breng pas na het bakken op smaak.
- 06Stap 6
Serveer direct met ui en appel.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Gebruik het zout uit het recept doelgericht op het vlees en verdeel het gelijkmatig. Voeg geen extra zout toe buiten de receptuur zonder eerst de totale kruiding te beoordelen.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Verhit de pan eerst goed en gebruik waar nodig slechts een dun laagje hittebestendig bakvet. Geef het vlees ruimte en bouw een duidelijke korst op zonder voortdurend te schuiven; verlaag daarna de hitte wanneer het stuk nog moet doorgaren.
- Voeg boter en aromaten uit het recept pas na de eerste korstfase toe en lepel het schuimende bakvet kort over het vlees; zo blijven de aromaten frisser en verbranden ze minder snel.
- Tip van Jan: Laat vis in de pan eerst een korst vormen voordat u probeert te keren.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Lever vraagt korte, precieze bereiding en een zoet-hartige tegenhanger.
Ingrediënten
- 500 g kalfslever
- 8 sneetjes zuurdesem
- 2 sjalotten
- 30 g boter
- 1 el balsamico
- 1 bosje peterselie
- peper en zout
Bereiding
- 01Stap 1
Rooster het brood krokant.
- 02Stap 2
Bak sjalot zacht in een deel van de boter.
- 03Stap 3
Bak de lever kort en krachtig in een hete pan en neem uit de pan.
- 04Stap 4
Blus met balsamico en een eetlepel water en laat kort stroperig worden.
- 05Stap 5
Leg de lever op toast en verdeel sjalot erover.
- 06Stap 6
Lepel de panjus eromheen en werk af met peterselie.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Gebruik het zout uit het recept doelgericht op het vlees en verdeel het gelijkmatig. Voeg geen extra zout toe buiten de receptuur zonder eerst de totale kruiding te beoordelen.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Verhit de pan eerst goed en gebruik waar nodig slechts een dun laagje hittebestendig bakvet. Geef het vlees ruimte en bouw een duidelijke korst op zonder voortdurend te schuiven; verlaag daarna de hitte wanneer het stuk nog moet doorgaren.
- Voeg boter en aromaten uit het recept pas na de eerste korstfase toe en lepel het schuimende bakvet kort over het vlees; zo blijven de aromaten frisser en verbranden ze minder snel.
- Tip van Jan: Laat vis in de pan eerst een korst vormen voordat u probeert te keren.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Compact bistrorecept met duidelijke toepassing.
Ingrediënten
- 600 g kalfslever
- 800 g kruimige aardappelen
- 150 ml melk
- 40 g boter
- 2 sjalotten
- 200 ml bouillon
- 1 el grove mosterd
Bereiding
- 01Stap 1
Kook de aardappelen gaar en maak puree met warme melk en de helft van de boter.
- 02Stap 2
Fruit sjalot, voeg bouillon toe en kook tot ongeveer de helft in; roer mosterd erdoor.
- 03Stap 3
Bak de lever kort in een hete pan met de rest van de boter tot mooi gekleurd en nog sappig.
- 04Stap 4
Laat hooguit heel kort staan; lever verliest snel sappigheid.
- 05Stap 5
Proef de jus en corrigeer op smaak.
- 06Stap 6
Serveer de lever op de puree met mosterdjus.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng naturel vlees vlak voor de bereiding gelijkmatig op smaak met zout. Volg een langere zout- of dry-brinefase alleen wanneer het recept dat bewust voorschrijft.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Verhit de pan eerst goed en gebruik waar nodig slechts een dun laagje hittebestendig bakvet. Geef het vlees ruimte en bouw een duidelijke korst op zonder voortdurend te schuiven; verlaag daarna de hitte wanneer het stuk nog moet doorgaren.
- Voeg boter en aromaten uit het recept pas na de eerste korstfase toe en lepel het schuimende bakvet kort over het vlees; zo blijven de aromaten frisser en verbranden ze minder snel.
- Tip van Jan: Laat vis in de pan eerst een korst vormen voordat u probeert te keren.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Klassieke complete bordopbouw.

Kalfsmuis rosé
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- ca. 1,2 kg Kalfsmuis rosé
- 600 g wortels
- 4 sjalotten
- 250 ml bouillon
- 100 ml rode wijn
- 2 el olie
- 30 g boter
- peper en zout
Bereiding
- 01Stap 1
Verwarm de oven voor op 180 °C en rooster de wortels met een beetje olie.
- 02Stap 2
Bak de Kalfsmuis rosé rondom aan in een braadpan; leg daarna in een ovenschaal.
- 03Stap 3
Gaar in de oven tot 54–56 °C voor medium-rare of 58–60 °C voor medium; gebruik tijd alleen als richtlijn.
- 04Stap 4
Laat het vlees 15 minuten rusten voordat u snijdt.
- 05Stap 5
Fruit sjalotten in de braadpan, blus met wijn en bouillon en kook tot jusdikte in.
- 06Stap 6
Monteer met boter en serveer met de geroosterde wortel.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Gebruik het zout uit het recept doelgericht op het vlees en verdeel het gelijkmatig. Voeg geen extra zout toe buiten de receptuur zonder eerst de totale kruiding te beoordelen.
- Gebruik de oven voor beheerst doorgaren. Wanneer het recept eerst een korst vraagt, schroei het vlees vooraf kort aan; bepaal het eindpunt op kern en niet uitsluitend op oventijd.
- Tip van Jan: Laat vis in de pan eerst een korst vormen voordat u probeert te keren.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een klassieke braadbereiding met kerntemperatuur als leidende controle.
Ingrediënten
- ca. 1,2 kg Kalfsmuis rosé
- 1 bos peterselie
- 2 el kappertjes
- 1 teen knoflook
- 1 el Dijonmosterd
- 2 el wittewijnazijn
- 70 ml olijfolie
Bereiding
- 01Stap 1
Maak de barbecue gereed met een indirecte zone rond 160–180 °C.
- 02Stap 2
Hak peterselie, kappertjes en knoflook en meng met mosterd, azijn en olijfolie.
- 03Stap 3
Gaar de Kalfsmuis rosé indirect met gesloten deksel tot 54–56 °C voor medium-rare of 58–60 °C voor medium bijna is bereikt.
- 04Stap 4
Geef het vlees daarna kort kleur boven directe hitte.
- 05Stap 5
Laat 15 minuten rusten.
- 06Stap 6
Laat 10–15 minuten rusten en snijd daarna in gelijkmatige plakken.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng naturel vlees vlak voor de bereiding gelijkmatig op smaak met zout. Volg een langere zout- of dry-brinefase alleen wanneer het recept dat bewust voorschrijft.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Gebruik directe hitte voor een mooie korst. Dikke stukken kun je daarna indirect verder laten garen; dunne steaks of kleine delen blijven vooral boven directe hitte. Controleer de gaarheid in het dikste deel.
- Tip van Jan: Haal vis tijdig van de hitte; restwarmte kan de kern nog enkele graden laten stijgen.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Barbecuebereiding met gecontroleerde indirecte hitte en een frisse saus aan tafel.
Ingrediënten
- ca. 1,2 kg Kalfsmuis rosé
- 1 knolselderij
- 500 g aardappelen
- 250 g paddenstoelen
- 250 ml bouillon
- 100 ml room
- 30 g boter
- peper en zout
Bereiding
- 01Stap 1
Kook knolselderij en aardappel samen gaar en pureer met room en een deel van de boter.
- 02Stap 2
Bak de paddenstoelen op hoog vuur bruin en houd apart.
- 03Stap 3
Gaar de Kalfsmuis rosé in oven of braadpan tot 54–56 °C voor medium-rare of 58–60 °C voor medium en laat daarna rusten.
- 04Stap 4
Deglaceer de braadpan met bouillon en kook in tot een krachtige jus.
- 05Stap 5
Snijd het vlees pas na rust en controleer de snijrichting.
- 06Stap 6
Serveer met puree, paddenstoelen en jus.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Gebruik het zout uit het recept doelgericht op het vlees en verdeel het gelijkmatig. Voeg geen extra zout toe buiten de receptuur zonder eerst de totale kruiding te beoordelen.
- Gebruik de oven voor beheerst doorgaren. Wanneer het recept eerst een korst vraagt, schroei het vlees vooraf kort aan; bepaal het eindpunt op kern en niet uitsluitend op oventijd.
- Tip van Jan: Ga met de vingers over de filet en verwijder achtergebleven graatjes met een schone pincet.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een stevig restaurantbord met aardse smaken en correcte rusttijd.

Kalfspoulet rosé
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- ca. 1 kg kalfspoulet
- 3 uien
- 330 ml donker bier
- 400 ml bouillon
- 2 el bloem
- 1 el mosterd
- 2 laurierblaadjes
- 30 g boter
Bereiding
- 01Stap 1
Snijd de kalfspoulet in gelijkmatige stukken als dat nog niet is gebeurd. Is het oppervlak zichtbaar nat, dep alleen dat vocht weg zodat het vlees kan bruinen.
- 02Stap 2
Bak het vlees in porties stevig bruin in boter; leg elke portie apart.
- 03Stap 3
Bak de ui rustig goudbruin, bestuif met bloem en laat 1 minuut meegaren.
- 04Stap 4
Blus met bier en bouillon en roer alle aanbaksels los. Voeg mosterd en laurier toe.
- 05Stap 5
Doe het vlees terug en laat 2,5–3 uur zeer zacht stoven tot het lepelmals is; laat de saus het laatste halfuur zo nodig zonder deksel inkoken.
- 06Stap 6
Proef pas op het einde op zout en serveer met aardappelpuree of friet.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Snijd stoofvlees alleen kleiner als het recept dat nodig heeft en houd de stukken zoveel mogelijk gelijk van formaat, zodat ze gelijkmatig garen.
- Braad de vleesstukken waar het recept dat toelaat in porties aan voor kleur en smaak. Laat ze daarna rustig stoven: zacht pruttelen, niet hard doorkoken, en gebruik malsheid als eindcontrole in plaats van alleen een vaste tijd.
- Tip van Jan: Dunne staartstukken zijn eerder klaar dan dikke middendelen; haal ze zo nodig eerder uit de pan.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Diepe, klassieke stoofsmaak door bruinen, reduceren en langzame garing.
Ingrediënten
- ca. 1 kg kalfspoulet
- 150 g spekblokjes
- 2 wortels
- 2 uien
- 250 g champignons
- 500 ml rode wijn
- 400 ml bouillon
- 1 el tomatenpuree
- 2 laurierblaadjes
Bereiding
- 01Stap 1
Bak de spekblokjes uit en schep ze uit de pan.
- 02Stap 2
Bak de kalfspoulet in porties rondom donkerbruin en neem uit de pan.
- 03Stap 3
Bak ui en wortel, voeg tomatenpuree toe en bak 1 minuut mee.
- 04Stap 4
Blus met rode wijn en bouillon, voeg laurier toe en doe het vlees terug. Laat circa 3 uur zeer zacht stoven.
- 05Stap 5
Bak de champignons apart bruin en voeg ze met het spek pas in het laatste halfuur toe.
- 06Stap 6
Het gerecht is klaar wanneer het vlees zonder weerstand uit elkaar valt en de saus glanst.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Snijd stoofvlees alleen kleiner als het recept dat nodig heeft en houd de stukken zoveel mogelijk gelijk van formaat, zodat ze gelijkmatig garen.
- Braad de vleesstukken waar het recept dat toelaat in porties aan voor kleur en smaak. Laat ze daarna rustig stoven: zacht pruttelen, niet hard doorkoken, en gebruik malsheid als eindcontrole in plaats van alleen een vaste tijd.
- Tip van Jan: Vis koelt een pan snel af. Bak porties met ruimte ertussen voor kleur in plaats van stoom.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een Franse klassieker met gelaagde smaak en paddenstoelen die hun bite behouden.
Ingrediënten
- ca. 1 kg kalfspoulet
- 2 uien
- 3 tenen knoflook
- 20 g gember
- 2 tl gemalen koriander
- 1 tl komijn
- 3 el ketjap manis
- 400 ml kokosmelk
- 1 stengel citroengras
Bereiding
- 01Stap 1
Bak de ui rustig goudbruin in een beetje olie.
- 02Stap 2
Voeg knoflook, gember, koriander en komijn toe en bak kort tot het geurt.
- 03Stap 3
Voeg de kalfspoulet toe en bak rondom aan; werk in porties als de pan te vol wordt.
- 04Stap 4
Roer ketjap erdoor, voeg kokosmelk en gekneusd citroengras toe en breng tegen de kook aan.
- 05Stap 5
Laat 2,5–3 uur heel zacht stoven zonder hard te koken.
- 06Stap 6
Neem het deksel het laatste halfuur weg zodat de saus geconcentreerd en romig wordt; verwijder citroengras voor serveren.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Snijd stoofvlees alleen kleiner als het recept dat nodig heeft en houd de stukken zoveel mogelijk gelijk van formaat, zodat ze gelijkmatig garen.
- Braad de vleesstukken waar het recept dat toelaat in porties aan voor kleur en smaak. Laat ze daarna rustig stoven: zacht pruttelen, niet hard doorkoken, en gebruik malsheid als eindcontrole in plaats van alleen een vaste tijd.
- Tip van Jan: Citroen of azijn pas vlak voor serveren houdt de visstructuur en frisse smaak beter.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een warme specerijenrichting die echt verschilt van Europese stoofgerechten.

Kalfsribeye rosé
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- ca. 700 g ribeye
- 2 stronken paksoi
- 2 lente-uien
- 2 el sojasaus
- 1 el rijstazijn
- 1 tl sesamolie
- 1 tl honing
- 1 el neutrale olie
- 1 tl geroosterde sesam
Bereiding
- 01Stap 1
Snijd de ribeye alleen als het deelstuk dat toelaat in dunne plakken overdwars; laat dikke steaks juist heel en snijd pas na het garen.
- 02Stap 2
Meng sojasaus, rijstazijn, sesamolie en honing tot een snelle jus.
- 03Stap 3
Bak de ribeye zeer heet en kort zodat het vlees kleurt zonder uit te drogen; gaar verder tot 54–56 °C voor medium-rare of 58–60 °C voor medium.
- 04Stap 4
Roerbak paksoi en lente-ui 2–3 minuten zodat ze fris en knapperig blijven.
- 05Stap 5
Voeg de sojajus kort toe en laat slechts enkele seconden bruisen.
- 06Stap 6
Serveer de ribeye met paksoi en bestrooi met sesam.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng naturel vlees op smaak met zout en zwarte peper, óf gebruik Jans Biefstuk Kruidenmix als smaakvol alternatief. Kies één van beide en voorkom dubbele kruiding.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Verhit de pan eerst goed en gebruik waar nodig slechts een dun laagje hittebestendig bakvet. Geef het vlees ruimte en bouw een duidelijke korst op zonder voortdurend te schuiven; verlaag daarna de hitte wanneer het stuk nog moet doorgaren.
- Tip van Jan: Dunne staartstukken zijn eerder klaar dan dikke middendelen; haal ze zo nodig eerder uit de pan.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Kerntemperatuur & eindcontrole
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een moderne, lichtere bereiding met veel umami en korte garing.
Ingrediënten
- ca. 700 g ribeye
- 300 g cherrytomaten
- 1 bos peterselie
- 2 el kappertjes
- 1 el Dijonmosterd
- 2 el wittewijnazijn
- 70 ml olijfolie
- 1 teen knoflook
Bereiding
- 01Stap 1
Rooster de tomaten 15 minuten op 200 °C tot ze openbarsten.
- 02Stap 2
Hak peterselie, kappertjes en knoflook en meng met mosterd, azijn en olijfolie tot salsa verde.
- 03Stap 3
Grill de ribeye op hoge hitte voor duidelijke grillstrepen en kleur.
- 04Stap 4
Gaar verder tot 54–56 °C voor medium-rare of 58–60 °C voor medium. Laat 5–8 minuten rusten.
- 05Stap 5
Laat de ribeye tijdens het garen heel en snijd hem pas na de rust overdwars in mooie plakken.
- 06Stap 6
Serveer met geroosterde tomaat en salsa verde aan tafel.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng naturel vlees op smaak met zout en zwarte peper, óf gebruik Jans Biefstuk Kruidenmix als smaakvol alternatief. Kies één van beide en voorkom dubbele kruiding.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Gebruik directe hitte voor een mooie korst. Dikke stukken kun je daarna indirect verder laten garen; dunne steaks of kleine delen blijven vooral boven directe hitte. Controleer de gaarheid in het dikste deel.
- Tip van Jan: Haal vis tijdig van de hitte; restwarmte kan de kern nog enkele graden laten stijgen.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Kerntemperatuur & eindcontrole
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Fris en hartig; de salsa wordt na het garen toegevoegd en blijft daardoor levendig.
Ingrediënten
- ca. 700 g ribeye
- 700 g krieltjes
- 2 sjalotten
- 150 ml rode wijn
- 200 ml runder- of kalfsfond
- 30 g koude boter
- 1 el neutrale olie
- zout en zwarte peper
Bereiding
- 01Stap 1
Laat de ribeye 20–30 minuten temperen. Is het oppervlak zichtbaar vochtig, dep dan alleen dat vocht weg; verder is geen voorbehandeling nodig.
- 02Stap 2
Rooster de krieltjes in een oven van 210 °C in 30–35 minuten goudbruin en gaar.
- 03Stap 3
Verhit een zware koekenpan zeer heet, voeg olie toe en bak de ribeye rondom krachtig aan. Gaar verder tot 54–56 °C voor medium-rare of 58–60 °C voor medium.
- 04Stap 4
Neem de ribeye uit de pan en laat 8–10 minuten rusten. Fruit intussen de sjalot in dezelfde pan.
- 05Stap 5
Blus met rode wijn, laat tot ongeveer de helft inkoken, voeg fond toe en reduceer tot sausdikte. Klop van het vuur af de koude boter erdoor.
- 06Stap 6
Snijd de ribeye overdwars waar dat voor dit deelstuk relevant is en serveer met de jus en krieltjes.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng het vlees vlak voor de bereiding op smaak met zout en zwarte peper. Voor een vollere, kruidige smaak kun je in plaats daarvan Jans Biefstuk Kruidenmix gebruiken. Kies één van beide; zo blijft de kruiding mooi in balans.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Verhit de pan eerst goed en gebruik waar nodig slechts een dun laagje hittebestendig bakvet. Geef het vlees ruimte en bouw een duidelijke korst op zonder voortdurend te schuiven; verlaag daarna de hitte wanneer het stuk nog moet doorgaren.
- Voeg boter en aromaten uit het recept pas na de eerste korstfase toe en lepel het schuimende bakvet kort over het vlees; zo blijven de aromaten frisser en verbranden ze minder snel.
- Tip van Jan: Dunne staartstukken zijn eerder klaar dan dikke middendelen; haal ze zo nodig eerder uit de pan.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Kerntemperatuur & eindcontrole
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een klassieke bistrobereiding waarin de smaak van ribeye centraal blijft.

Kalfsribeye rosé heel
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- ca. 700 g ribeye
- 700 g krieltjes
- 2 sjalotten
- 150 ml rode wijn
- 200 ml runder- of kalfsfond
- 30 g koude boter
- 1 el neutrale olie
- zout en zwarte peper
Bereiding
- 01Stap 1
Laat de ribeye 20–30 minuten temperen. Is het oppervlak zichtbaar vochtig, dep dan alleen dat vocht weg; verder is geen voorbehandeling nodig.
- 02Stap 2
Rooster de krieltjes in een oven van 210 °C in 30–35 minuten goudbruin en gaar.
- 03Stap 3
Verhit een zware koekenpan zeer heet, voeg olie toe en bak de ribeye rondom krachtig aan. Gaar verder tot 54–56 °C voor medium-rare of 58–60 °C voor medium.
- 04Stap 4
Neem de ribeye uit de pan en laat 8–10 minuten rusten. Fruit intussen de sjalot in dezelfde pan.
- 05Stap 5
Blus met rode wijn, laat tot ongeveer de helft inkoken, voeg fond toe en reduceer tot sausdikte. Klop van het vuur af de koude boter erdoor.
- 06Stap 6
Snijd de ribeye overdwars waar dat voor dit deelstuk relevant is en serveer met de jus en krieltjes.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng het vlees vlak voor de bereiding op smaak met zout en zwarte peper. Voor een vollere, kruidige smaak kun je in plaats daarvan Jans Biefstuk Kruidenmix gebruiken. Kies één van beide; zo blijft de kruiding mooi in balans.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Verhit de pan eerst goed en gebruik waar nodig slechts een dun laagje hittebestendig bakvet. Geef het vlees ruimte en bouw een duidelijke korst op zonder voortdurend te schuiven; verlaag daarna de hitte wanneer het stuk nog moet doorgaren.
- Voeg boter en aromaten uit het recept pas na de eerste korstfase toe en lepel het schuimende bakvet kort over het vlees; zo blijven de aromaten frisser en verbranden ze minder snel.
- Tip van Jan: Gebruik boter, knoflook of kruiden pas in de laatste fase als de pan iets rustiger is; zo verbranden de melkbestanddelen minder snel.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Kerntemperatuur & eindcontrole
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een klassieke bistrobereiding waarin de smaak van ribeye centraal blijft.
Ingrediënten
- ca. 700 g ribeye
- 1 bos platte peterselie
- 2 tenen knoflook
- 1 kleine rode peper
- 2 el rodewijnazijn
- 80 ml olijfolie
- 1 tl gedroogde oregano
- zout
Bereiding
- 01Stap 1
Hak peterselie, knoflook en rode peper fijn en meng met azijn, olijfolie, oregano en zout. Laat de chimichurri minimaal 15 minuten staan.
- 02Stap 2
Maak de barbecue gereed met een hete directe zone en een rustigere indirecte zone.
- 03Stap 3
Grill de ribeye boven directe hitte rondom stevig aan voor een donkere korst zonder te verbranden.
- 04Stap 4
Verplaats de ribeye zo nodig naar indirecte hitte en gaar tot 54–56 °C voor medium-rare of 58–60 °C voor medium.
- 05Stap 5
Laat 8–10 minuten rusten, losjes afgedekt.
- 06Stap 6
Laat de ribeye tijdens het garen heel en snijd hem pas na de rust overdwars in mooie plakken.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng het vlees vlak voor de bereiding op smaak met zout en zwarte peper. Voor een vollere, kruidige smaak kun je in plaats daarvan Jans Biefstuk Kruidenmix gebruiken. Kies één van beide; zo blijft de kruiding mooi in balans.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Gebruik directe hitte voor een mooie korst. Dikke stukken kun je daarna indirect verder laten garen; dunne steaks of kleine delen blijven vooral boven directe hitte. Controleer de gaarheid in het dikste deel.
- Tip van Jan: Laat een steak kort rusten zonder hem strak in folie te verpakken; anders wordt de korst zacht.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Kerntemperatuur & eindcontrole
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Fris, kruidig en uitgesproken zonder de ribeye onder een zware saus te verstoppen.
Ingrediënten
- ca. 700 g ribeye
- 250 g kastanjechampignons
- 1 sjalot
- 1 el groene peperkorrels
- 150 ml kookroom
- 150 ml fond
- 1 el olie
- 20 g boter
Bereiding
- 01Stap 1
Snijd de champignons in kwarten en bak ze op hoog vuur in een droge pan tot ze kleur krijgen; voeg pas daarna een klein klontje boter toe en houd warm.
- 02Stap 2
Bak de ribeye in een zeer hete pan rondom bruin en gaar tot 54–56 °C voor medium-rare of 58–60 °C voor medium.
- 03Stap 3
Laat de ribeye rusten terwijl u de saus maakt.
- 04Stap 4
Fruit sjalot en groene peperkorrels kort in dezelfde pan, voeg fond toe en kook tot ongeveer de helft in.
- 05Stap 5
Voeg room toe en laat rustig binden; proef voordat u extra zout toevoegt.
- 06Stap 6
Snijd de ribeye en serveer met de paddenstoelen en een kleine lepel pepersaus.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng het vlees vlak voor de bereiding op smaak met zout en zwarte peper. Voor een vollere, kruidige smaak kun je in plaats daarvan Jans Biefstuk Kruidenmix gebruiken. Kies één van beide; zo blijft de kruiding mooi in balans.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Verhit de pan eerst goed en gebruik waar nodig slechts een dun laagje hittebestendig bakvet. Geef het vlees ruimte en bouw een duidelijke korst op zonder voortdurend te schuiven; verlaag daarna de hitte wanneer het stuk nog moet doorgaren.
- Voeg boter en aromaten uit het recept pas na de eerste korstfase toe en lepel het schuimende bakvet kort over het vlees; zo blijven de aromaten frisser en verbranden ze minder snel.
- Tip van Jan: Gebruik boter, knoflook of kruiden pas in de laatste fase als de pan iets rustiger is; zo verbranden de melkbestanddelen minder snel.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Kerntemperatuur & eindcontrole
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een restaurantklassieker met romige saus en geroosterde paddenstoelen.

Kalfsriblap
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- ca. 1 kg riblap
- 150 g spekblokjes
- 2 wortels
- 2 uien
- 250 g champignons
- 500 ml rode wijn
- 400 ml bouillon
- 1 el tomatenpuree
- 2 laurierblaadjes
Bereiding
- 01Stap 1
Bak de spekblokjes uit en schep ze uit de pan.
- 02Stap 2
Bak de riblap in porties rondom donkerbruin en neem uit de pan.
- 03Stap 3
Bak ui en wortel, voeg tomatenpuree toe en bak 1 minuut mee.
- 04Stap 4
Blus met rode wijn en bouillon, voeg laurier toe en doe het vlees terug. Laat circa 3 uur zeer zacht stoven.
- 05Stap 5
Bak de champignons apart bruin en voeg ze met het spek pas in het laatste halfuur toe.
- 06Stap 6
Het gerecht is klaar wanneer het vlees zonder weerstand uit elkaar valt en de saus glanst.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Snijd stoofvlees alleen kleiner als het recept dat nodig heeft en houd de stukken zoveel mogelijk gelijk van formaat, zodat ze gelijkmatig garen.
- Braad de vleesstukken waar het recept dat toelaat in porties aan voor kleur en smaak. Laat ze daarna rustig stoven: zacht pruttelen, niet hard doorkoken, en gebruik malsheid als eindcontrole in plaats van alleen een vaste tijd.
- Tip van Jan: Snijd vlees zo laat mogelijk. Zo blijft het warmer en verliest het minder vocht.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een Franse klassieker met gelaagde smaak en paddenstoelen die hun bite behouden.
Ingrediënten
- ca. 1 kg riblap
- 2 uien
- 3 tenen knoflook
- 20 g gember
- 2 tl gemalen koriander
- 1 tl komijn
- 3 el ketjap manis
- 400 ml kokosmelk
- 1 stengel citroengras
Bereiding
- 01Stap 1
Bak de ui rustig goudbruin in een beetje olie.
- 02Stap 2
Voeg knoflook, gember, koriander en komijn toe en bak kort tot het geurt.
- 03Stap 3
Voeg de riblap toe en bak rondom aan; werk in porties als de pan te vol wordt.
- 04Stap 4
Roer ketjap erdoor, voeg kokosmelk en gekneusd citroengras toe en breng tegen de kook aan.
- 05Stap 5
Laat 2,5–3 uur heel zacht stoven zonder hard te koken.
- 06Stap 6
Neem het deksel het laatste halfuur weg zodat de saus geconcentreerd en romig wordt; verwijder citroengras voor serveren.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Snijd stoofvlees alleen kleiner als het recept dat nodig heeft en houd de stukken zoveel mogelijk gelijk van formaat, zodat ze gelijkmatig garen.
- Braad de vleesstukken waar het recept dat toelaat in porties aan voor kleur en smaak. Laat ze daarna rustig stoven: zacht pruttelen, niet hard doorkoken, en gebruik malsheid als eindcontrole in plaats van alleen een vaste tijd.
- Tip van Jan: Meet in het dikste deel en niet tegen bot, vetlaag of pan. Zo stuurt u op garing in plaats van op minuten.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een warme specerijenrichting die echt verschilt van Europese stoofgerechten.
Ingrediënten
- ca. 1 kg riblap
- 2 uien
- 2 wortels
- 400 g tomatenblokjes
- 120 g groene olijven
- 1 sinaasappel
- 300 ml bouillon
- 1 tl venkelzaad
- 2 el olijfolie
Bereiding
- 01Stap 1
Bak de riblap in een braadpan rondom bruin en neem uit de pan.
- 02Stap 2
Bak ui en wortel 5 minuten zacht, voeg venkelzaad toe en laat kort geuren.
- 03Stap 3
Voeg tomaat, bouillon, een brede reep sinaasappelschil en het vlees toe.
- 04Stap 4
Dek af en gaar 2,5–3 uur in een oven van 150 °C tot het vlees zeer mals is.
- 05Stap 5
Voeg olijven de laatste 20 minuten toe en verwijder de sinaasappelschil.
- 06Stap 6
Laat de saus zonder deksel zo nodig iets inkoken en serveer met polenta of aardappelpuree.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Snijd stoofvlees alleen kleiner als het recept dat nodig heeft en houd de stukken zoveel mogelijk gelijk van formaat, zodat ze gelijkmatig garen.
- Braad de vleesstukken waar het recept dat toelaat in porties aan voor kleur en smaak. Laat ze daarna rustig stoven: zacht pruttelen, niet hard doorkoken, en gebruik malsheid als eindcontrole in plaats van alleen een vaste tijd.
- Tip van Jan: Kies eerst de juiste techniek voor het product en pas daarna kruiden en saus aan. Een goed stuk vlees heeft meestal minder nodig dan u denkt.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Mediterrane stoof met frisse citrus en zilte olijf als tegenhanger voor rijk vlees.

Kalfsschenkel Ossobuco
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- ca. 1 kg kalfsschenkel
- 150 g spekblokjes
- 2 wortels
- 2 uien
- 250 g champignons
- 500 ml rode wijn
- 400 ml bouillon
- 1 el tomatenpuree
- 2 laurierblaadjes
Bereiding
- 01Stap 1
Bak de spekblokjes uit en schep ze uit de pan.
- 02Stap 2
Bak de kalfsschenkel in porties rondom donkerbruin en neem uit de pan.
- 03Stap 3
Bak ui en wortel, voeg tomatenpuree toe en bak 1 minuut mee.
- 04Stap 4
Blus met rode wijn en bouillon, voeg laurier toe en doe het vlees terug. Laat circa 3 uur zeer zacht stoven.
- 05Stap 5
Bak de champignons apart bruin en voeg ze met het spek pas in het laatste halfuur toe.
- 06Stap 6
Het gerecht is klaar wanneer het vlees zonder weerstand uit elkaar valt en de saus glanst.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng naturel vlees vlak voor de bereiding gelijkmatig op smaak met zout. Volg een langere zout- of dry-brinefase alleen wanneer het recept dat bewust voorschrijft.
- Braad de vleesstukken waar het recept dat toelaat in porties aan voor kleur en smaak. Laat ze daarna rustig stoven: zacht pruttelen, niet hard doorkoken, en gebruik malsheid als eindcontrole in plaats van alleen een vaste tijd.
- Tip van Jan: Bij ossobuco is zachte, lange garing belangrijker dan een exacte minuut.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een Franse klassieker met gelaagde smaak en paddenstoelen die hun bite behouden.
Ingrediënten
- ca. 1 kg kalfsschenkel
- 2 uien
- 3 tenen knoflook
- 20 g gember
- 2 tl gemalen koriander
- 1 tl komijn
- 3 el ketjap manis
- 400 ml kokosmelk
- 1 stengel citroengras
Bereiding
- 01Stap 1
Bak de ui rustig goudbruin in een beetje olie.
- 02Stap 2
Voeg knoflook, gember, koriander en komijn toe en bak kort tot het geurt.
- 03Stap 3
Voeg de kalfsschenkel toe en bak rondom aan; werk in porties als de pan te vol wordt.
- 04Stap 4
Roer ketjap erdoor, voeg kokosmelk en gekneusd citroengras toe en breng tegen de kook aan.
- 05Stap 5
Laat 2,5–3 uur heel zacht stoven zonder hard te koken.
- 06Stap 6
Neem het deksel het laatste halfuur weg zodat de saus geconcentreerd en romig wordt; verwijder citroengras voor serveren.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng naturel vlees vlak voor de bereiding gelijkmatig op smaak met zout. Volg een langere zout- of dry-brinefase alleen wanneer het recept dat bewust voorschrijft.
- Braad de vleesstukken waar het recept dat toelaat in porties aan voor kleur en smaak. Laat ze daarna rustig stoven: zacht pruttelen, niet hard doorkoken, en gebruik malsheid als eindcontrole in plaats van alleen een vaste tijd.
- Tip van Jan: Bij ossobuco is zachte, lange garing belangrijker dan een exacte minuut.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een warme specerijenrichting die echt verschilt van Europese stoofgerechten.
Ingrediënten
- ca. 1 kg kalfsschenkel
- 2 uien
- 2 wortels
- 400 g tomatenblokjes
- 120 g groene olijven
- 1 sinaasappel
- 300 ml bouillon
- 1 tl venkelzaad
- 2 el olijfolie
Bereiding
- 01Stap 1
Bak de kalfsschenkel in een braadpan rondom bruin en neem uit de pan.
- 02Stap 2
Bak ui en wortel 5 minuten zacht, voeg venkelzaad toe en laat kort geuren.
- 03Stap 3
Voeg tomaat, bouillon, een brede reep sinaasappelschil en het vlees toe.
- 04Stap 4
Dek af en gaar 2,5–3 uur in een oven van 150 °C tot het vlees zeer mals is.
- 05Stap 5
Voeg olijven de laatste 20 minuten toe en verwijder de sinaasappelschil.
- 06Stap 6
Laat de saus zonder deksel zo nodig iets inkoken en serveer met polenta of aardappelpuree.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng naturel vlees vlak voor de bereiding gelijkmatig op smaak met zout. Volg een langere zout- of dry-brinefase alleen wanneer het recept dat bewust voorschrijft.
- Braad de vleesstukken waar het recept dat toelaat in porties aan voor kleur en smaak. Laat ze daarna rustig stoven: zacht pruttelen, niet hard doorkoken, en gebruik malsheid als eindcontrole in plaats van alleen een vaste tijd.
- Tip van Jan: Bij ossobuco is zachte, lange garing belangrijker dan een exacte minuut.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Mediterrane stoof met frisse citrus en zilte olijf als tegenhanger voor rijk vlees.

Kalfsschnitzel rosé naturel
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- 4 stuks kalfsschnitzel
- 2 el olie
- 25 g boter
- 1 citroen
- 2 el kappertjes
- 100 ml bouillon
- 2 el peterselie
Bereiding
- 01Stap 1
Bak de kalfsschnitzel op middelhoog vuur goudbruin; gebruik bij een reeds bereid product alleen genoeg tijd om het volledig door te warmen.
- 02Stap 2
Neem uit de pan en houd warm.
- 03Stap 3
Voeg boter, kappertjes en bouillon toe en laat 2–3 minuten inkoken.
- 04Stap 4
Rasp een klein beetje citroenschil boven de saus en voeg naar smaak een scheutje sap toe.
- 05Stap 5
Leg de schnitzels kort terug in de pan zonder de korst zompig te laten worden.
- 06Stap 6
Werk af met peterselie en serveer met aardappeltjes of salade.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Houd de paneer- of crispylaag droog en intact. Voeg geen natte marinade toe en behandel dit product niet als een BBQ-steak.
- Dit product heeft al een eigen kruiding of smaakopbouw. Voeg daarom niet automatisch extra rub, marinade of kruidenmix toe.
- Bak het gepaneerde/crispy product met voldoende ruimte en keer beheerst zodat de korst heel en krokant blijft.
- Tip van Jan: Een droge buitenkant en voldoende hete pan of grill geven sneller een mooie korst; suikerhoudende marinades pas later op hoge hitte.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Citroen hoort hier bij een klassieke kappertjesjus en is geen generieke vleesmarinade.
Ingrediënten
- 4 stuks kalfsschnitzel
- 1 tl olie
- 200 g gemengde sla
- 1 appel
- 1/2 komkommer
- 2 el yoghurt
- 1 el mosterd
- 1 el honing
Bereiding
- 01Stap 1
Verwarm de airfryer voor op 180 °C.
- 02Stap 2
Bestrijk de kalfsschnitzel heel licht met olie en leg zonder overlap in het mandje.
- 03Stap 3
Bak tot de korst goudbruin en het product volledig gaar of doorgewarmd is; keer halverwege indien nodig.
- 04Stap 4
Meng yoghurt, mosterd en honing tot dressing.
- 05Stap 5
Meng sla met appel en komkommer en schep een deel van de dressing erdoor.
- 06Stap 6
Serveer de krokante schnitzel direct met de salade.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Houd de paneer- of crispylaag droog en intact. Voeg geen natte marinade toe en behandel dit product niet als een BBQ-steak.
- Dit product heeft al een eigen kruiding of smaakopbouw. Voeg daarom niet automatisch extra rub, marinade of kruidenmix toe.
- Bak het gepaneerde/crispy product met voldoende ruimte en keer beheerst zodat de korst heel en krokant blijft.
- Tip van Jan: Een droge buitenkant en voldoende hete pan of grill geven sneller een mooie korst; suikerhoudende marinades pas later op hoge hitte.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Airfryer wordt alleen gebruikt omdat een gepaneerde korst hier werkelijk baat bij heeft.
Ingrediënten
- 4 stuks kalfsschnitzel
- 400 ml tomatensaus
- 125 g mozzarella
- 40 g Parmezaan
- 1 bosje basilicum
- 1 el olie
- 300 g spaghetti
Bereiding
- 01Stap 1
Bak de kalfsschnitzel kort goudbruin in een koekenpan; bij een rauw product hoeft de kern nog niet volledig gaar te zijn.
- 02Stap 2
Leg in een ovenschaal en lepel een dunne laag tomatensaus over elk stuk.
- 03Stap 3
Verdeel mozzarella en Parmezaan erover.
- 04Stap 4
Bak 12–15 minuten op 200 °C tot het rauwe product volledig gaar is of het reeds bereide product door en door heet is.
- 05Stap 5
Kook intussen de spaghetti beetgaar en meng met de resterende tomatensaus.
- 06Stap 6
Werk de schnitzels af met basilicum en serveer op of naast de spaghetti.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Houd de paneer- of crispylaag droog en intact. Voeg geen natte marinade toe en behandel dit product niet als een BBQ-steak.
- Dit product heeft al een eigen kruiding of smaakopbouw. Voeg daarom niet automatisch extra rub, marinade of kruidenmix toe.
- Bak het gepaneerde/crispy product met voldoende ruimte en keer beheerst zodat de korst heel en krokant blijft.
- Tip van Jan: Meet in het dikste deel en niet tegen bot, vetlaag of pan. Zo stuurt u op garing in plaats van op minuten.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Volwaardig Italiaans geïnspireerd ovengerecht, duidelijk anders dan pan of airfryer.

Kalfsstaartstuk Rosé
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- ca. 1,2 kg kalfsstaartstuk
- 600 g wortels
- 4 sjalotten
- 250 ml bouillon
- 100 ml rode wijn
- 2 el olie
- 30 g boter
- peper en zout
Bereiding
- 01Stap 1
Dep de kalfsstaartstuk droog. Laat de vetkap zitten en snijd die oppervlakkig kruislings in ruitjes in: alleen door het vet, niet in het vlees. Verwarm de oven voor op 180 °C en rooster de wortels met een beetje olie.
- 02Stap 2
Bak de kalfsstaartstuk rondom aan in een braadpan; leg daarna in een ovenschaal.
- 03Stap 3
Gaar in de oven tot 54–56 °C voor medium-rare of 58–60 °C voor medium; gebruik tijd alleen als richtlijn.
- 04Stap 4
Laat het vlees 15 minuten rusten voordat u snijdt.
- 05Stap 5
Fruit sjalotten in de braadpan, blus met wijn en bouillon en kook tot jusdikte in.
- 06Stap 6
Monteer met boter en serveer met de geroosterde wortel.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Breng het vlees vlak voor de bereiding op smaak met zout en zwarte peper. Voor een vollere, kruidige smaak kun je in plaats daarvan Jans Biefstuk Kruidenmix gebruiken. Kies één van beide; zo blijft de kruiding mooi in balans.
- Gebruik de oven voor beheerst doorgaren. Wanneer het recept eerst een korst vraagt, schroei het vlees vooraf kort aan; bepaal het eindpunt op kern en niet uitsluitend op oventijd.
- Tip van Jan: Snijd vlees zo laat mogelijk. Zo blijft het warmer en verliest het minder vocht.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een klassieke braadbereiding met kerntemperatuur als leidende controle.
Ingrediënten
- ca. 1,2 kg kalfsstaartstuk
- 1 bos peterselie
- 2 el kappertjes
- 1 teen knoflook
- 1 el Dijonmosterd
- 2 el wittewijnazijn
- 70 ml olijfolie
Bereiding
- 01Stap 1
Dep de kalfsstaartstuk droog. Laat de vetkap zitten en snijd die oppervlakkig kruislings in ruitjes in: alleen door het vet, niet in het vlees. Maak de barbecue gereed met een indirecte zone rond 160–180 °C.
- 02Stap 2
Hak peterselie, kappertjes en knoflook en meng met mosterd, azijn en olijfolie.
- 03Stap 3
Gaar de kalfsstaartstuk indirect met gesloten deksel tot 54–56 °C voor medium-rare of 58–60 °C voor medium bijna is bereikt.
- 04Stap 4
Geef het vlees daarna kort kleur boven directe hitte.
- 05Stap 5
Laat 15 minuten rusten.
- 06Stap 6
Controleer de vezelrichting vóór het snijden; snijd de uiteindelijke hap na de rust dwars op de draad.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Breng naturel vlees op smaak met zout en zwarte peper, óf gebruik Jans Biefstuk Kruidenmix als smaakvol alternatief. Kies één van beide en voorkom dubbele kruiding.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Gebruik directe hitte voor een mooie korst. Dikke stukken kun je daarna indirect verder laten garen; dunne steaks of kleine delen blijven vooral boven directe hitte. Controleer de gaarheid in het dikste deel.
- Tip van Jan: Een directe en indirecte zone geeft controle: kleuren waar het heet is, rustig doorgaren waar het minder heet is.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Barbecuebereiding met gecontroleerde indirecte hitte en een frisse saus aan tafel.
Ingrediënten
- ca. 1,2 kg kalfsstaartstuk
- 1 knolselderij
- 500 g aardappelen
- 250 g paddenstoelen
- 250 ml bouillon
- 100 ml room
- 30 g boter
- peper en zout
Bereiding
- 01Stap 1
Dep de kalfsstaartstuk droog. Laat de vetkap zitten en snijd die oppervlakkig kruislings in ruitjes in: alleen door het vet, niet in het vlees. Kook knolselderij en aardappel samen gaar en pureer met room en een deel van de boter.
- 02Stap 2
Bak de paddenstoelen op hoog vuur bruin en houd apart.
- 03Stap 3
Gaar de kalfsstaartstuk in oven of braadpan tot 54–56 °C voor medium-rare of 58–60 °C voor medium en laat daarna rusten.
- 04Stap 4
Deglaceer de braadpan met bouillon en kook in tot een krachtige jus.
- 05Stap 5
Snijd het vlees pas na rust en controleer de snijrichting.
- 06Stap 6
Serveer met puree, paddenstoelen en jus.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Breng het vlees vlak voor de bereiding op smaak met zout en zwarte peper. Voor een vollere, kruidige smaak kun je in plaats daarvan Jans Biefstuk Kruidenmix gebruiken. Kies één van beide; zo blijft de kruiding mooi in balans.
- Gebruik de oven voor beheerst doorgaren. Wanneer het recept eerst een korst vraagt, schroei het vlees vooraf kort aan; bepaal het eindpunt op kern en niet uitsluitend op oventijd.
- Tip van Jan: Snijd vlees zo laat mogelijk. Zo blijft het warmer en verliest het minder vocht.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een stevig restaurantbord met aardse smaken en correcte rusttijd.

Kalfsstaartstuk sous vide gegaard
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- 600 g kalfsstaartstuk
- 800 g krieltjes
- 200 g gemengde sla
- 1 komkommer
- 2 el olijfolie
- 1 el mosterd
- 1 el wittewijnazijn
Bereiding
- 01Stap 1
Dep de kalfsstaartstuk droog. Laat de vetkap zitten en snijd die oppervlakkig kruislings in ruitjes in: alleen door het vet, niet in het vlees. Rooster de krieltjes 30–35 minuten op 210 °C tot krokant.
- 02Stap 2
Verwarm de kalfsstaartstuk op laag tot middelhoog vuur tot het product door en door heet is; het product is al bereid en hoeft alleen op temperatuur te komen.
- 03Stap 3
Meng mosterd, azijn en olijfolie tot dressing.
- 04Stap 4
Snijd komkommer en meng met de sla.
- 05Stap 5
Laat het warme vlees 2–3 minuten staan en portioneer daarna.
- 06Stap 6
Serveer met aardappeltjes en frisse salade.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Dit product is al gegaard. Verwarm het gelijkmatig door en voeg geen extra marinade of kruiden toe tenzij het recept dat uitdrukkelijk vraagt.
- Voeg niet automatisch extra zout, rub of marinade toe. De smaak die al in het product zit is het uitgangspunt.
- Warm in de oven gelijkmatig door en voorkom onnodig uitdrogen. Haal het product uit de oven zodra het goed is opgewarmd.
- Tip van Jan: Snijd vlees zo laat mogelijk. Zo blijft het warmer en verliest het minder vocht.
- Volg voor het opwarmen de temperatuur- en bereidingsinformatie die bij het product staat.
Volg voor opwarmen, bewaren en serveren de aanwijzingen bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Eenvoudige bordmaaltijd waarin de juiste opwarmtechniek belangrijker is dan extra kruiden.
Ingrediënten
- 600 g kalfsstaartstuk
- 4 flatbreads
- 1 courgette
- 2 paprika's
- 150 g Griekse yoghurt
- 1 teen knoflook
- 1 el citroensap
- peterselie
Bereiding
- 01Stap 1
Dep de kalfsstaartstuk droog. Laat de vetkap zitten en snijd die oppervlakkig kruislings in ruitjes in: alleen door het vet, niet in het vlees. Rooster courgette en paprika op hoge hitte tot ze kleur hebben.
- 02Stap 2
Meng yoghurt met knoflook, citroensap en peterselie.
- 03Stap 3
Verwarm de kalfsstaartstuk op laag tot middelhoog vuur tot het product door en door heet is en voorkom onnodige uitdroging.
- 04Stap 4
Verwarm de flatbreads kort.
- 05Stap 5
Verdeel groente en warm vlees over het brood.
- 06Stap 6
Lepel yoghurtsaus erover en serveer direct.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Dit product is al gegaard. Verwarm het gelijkmatig door en voeg geen extra marinade of kruiden toe tenzij het recept dat uitdrukkelijk vraagt.
- Voeg niet automatisch extra zout, rub of marinade toe. De smaak die al in het product zit is het uitgangspunt.
- Warm in de oven gelijkmatig door en voorkom onnodig uitdrogen. Haal het product uit de oven zodra het goed is opgewarmd.
- Tip van Jan: Snijd vlees zo laat mogelijk. Zo blijft het warmer en verliest het minder vocht.
- Volg voor het opwarmen de temperatuur- en bereidingsinformatie die bij het product staat.
Volg voor opwarmen, bewaren en serveren de aanwijzingen bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Moderne broodmaaltijd met veel groente en frisse saus.
Ingrediënten
- 600 g kalfsstaartstuk
- 300 g rijst
- 1 komkommer
- 2 wortels
- 200 g edamame
- 2 el sojasaus
- 1 el rijstazijn
- 1 tl sesamolie
Bereiding
- 01Stap 1
Dep de kalfsstaartstuk droog. Laat de vetkap zitten en snijd die oppervlakkig kruislings in ruitjes in: alleen door het vet, niet in het vlees. Kook de rijst en houd warm.
- 02Stap 2
Snijd komkommer en wortel in dunne reepjes en blancheer de edamame.
- 03Stap 3
Verwarm de kalfsstaartstuk rustig op laag tot middelhoog vuur tot het product door en door heet is.
- 04Stap 4
Meng sojasaus, rijstazijn en sesamolie tot dressing.
- 05Stap 5
Verdeel rijst en groente over kommen en leg het warme vlees erop.
- 06Stap 6
Druppel de dressing erover en serveer.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Dit product is al gegaard. Verwarm het gelijkmatig door en voeg geen extra marinade of kruiden toe tenzij het recept dat uitdrukkelijk vraagt.
- Voeg niet automatisch extra zout, rub of marinade toe. De smaak die al in het product zit is het uitgangspunt.
- Warm in de pan rustig en gelijkmatig door; gebruik alleen extra bakvet als het recept of product dat nodig heeft.
- Tip van Jan: Snijd vlees zo laat mogelijk. Zo blijft het warmer en verliest het minder vocht.
- Volg voor het opwarmen de temperatuur- en bereidingsinformatie die bij het product staat.
Volg voor opwarmen, bewaren en serveren de aanwijzingen bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een lichte bowltoepassing met textuurcontrast en beheerste saus.

Kalfssukade rosé
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- ca. 1 kg sukade
- 2 uien
- 3 tenen knoflook
- 20 g gember
- 2 tl gemalen koriander
- 1 tl komijn
- 3 el ketjap manis
- 400 ml kokosmelk
- 1 stengel citroengras
Bereiding
- 01Stap 1
Bak de ui rustig goudbruin in een beetje olie.
- 02Stap 2
Voeg knoflook, gember, koriander en komijn toe en bak kort tot het geurt.
- 03Stap 3
Voeg de sukade toe en bak rondom aan; werk in porties als de pan te vol wordt.
- 04Stap 4
Roer ketjap erdoor, voeg kokosmelk en gekneusd citroengras toe en breng tegen de kook aan.
- 05Stap 5
Laat 2,5–3 uur heel zacht stoven zonder hard te koken.
- 06Stap 6
Neem het deksel het laatste halfuur weg zodat de saus geconcentreerd en romig wordt; verwijder citroengras voor serveren.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Snijd stoofvlees alleen kleiner als het recept dat nodig heeft en houd de stukken zoveel mogelijk gelijk van formaat, zodat ze gelijkmatig garen.
- Braad de vleesstukken waar het recept dat toelaat in porties aan voor kleur en smaak. Laat ze daarna rustig stoven: zacht pruttelen, niet hard doorkoken, en gebruik malsheid als eindcontrole in plaats van alleen een vaste tijd.
- Tip van Jan: Meet in het dikste deel en niet tegen bot, vetlaag of pan. Zo stuurt u op garing in plaats van op minuten.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een warme specerijenrichting die echt verschilt van Europese stoofgerechten.
Ingrediënten
- ca. 1 kg sukade
- 2 uien
- 2 wortels
- 400 g tomatenblokjes
- 120 g groene olijven
- 1 sinaasappel
- 300 ml bouillon
- 1 tl venkelzaad
- 2 el olijfolie
Bereiding
- 01Stap 1
Bak de sukade in een braadpan rondom bruin en neem uit de pan.
- 02Stap 2
Bak ui en wortel 5 minuten zacht, voeg venkelzaad toe en laat kort geuren.
- 03Stap 3
Voeg tomaat, bouillon, een brede reep sinaasappelschil en het vlees toe.
- 04Stap 4
Dek af en gaar 2,5–3 uur in een oven van 150 °C tot het vlees zeer mals is.
- 05Stap 5
Voeg olijven de laatste 20 minuten toe en verwijder de sinaasappelschil.
- 06Stap 6
Laat de saus zonder deksel zo nodig iets inkoken en serveer met polenta of aardappelpuree.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Snijd stoofvlees alleen kleiner als het recept dat nodig heeft en houd de stukken zoveel mogelijk gelijk van formaat, zodat ze gelijkmatig garen.
- Braad de vleesstukken waar het recept dat toelaat in porties aan voor kleur en smaak. Laat ze daarna rustig stoven: zacht pruttelen, niet hard doorkoken, en gebruik malsheid als eindcontrole in plaats van alleen een vaste tijd.
- Tip van Jan: Kies eerst de juiste techniek voor het product en pas daarna kruiden en saus aan. Een goed stuk vlees heeft meestal minder nodig dan u denkt.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Mediterrane stoof met frisse citrus en zilte olijf als tegenhanger voor rijk vlees.
Ingrediënten
- ca. 1 kg sukade
- 3 uien
- 330 ml donker bier
- 400 ml bouillon
- 2 el bloem
- 1 el mosterd
- 2 laurierblaadjes
- 30 g boter
Bereiding
- 01Stap 1
Snijd de sukade in gelijkmatige stukken als dat nog niet is gebeurd. Is het oppervlak zichtbaar nat, dep alleen dat vocht weg zodat het vlees kan bruinen.
- 02Stap 2
Bak het vlees in porties stevig bruin in boter; leg elke portie apart.
- 03Stap 3
Bak de ui rustig goudbruin, bestuif met bloem en laat 1 minuut meegaren.
- 04Stap 4
Blus met bier en bouillon en roer alle aanbaksels los. Voeg mosterd en laurier toe.
- 05Stap 5
Doe het vlees terug en laat 2,5–3 uur zeer zacht stoven tot het lepelmals is; laat de saus het laatste halfuur zo nodig zonder deksel inkoken.
- 06Stap 6
Proef pas op het einde op zout en serveer met aardappelpuree of friet.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Snijd stoofvlees alleen kleiner als het recept dat nodig heeft en houd de stukken zoveel mogelijk gelijk van formaat, zodat ze gelijkmatig garen.
- Braad de vleesstukken waar het recept dat toelaat in porties aan voor kleur en smaak. Laat ze daarna rustig stoven: zacht pruttelen, niet hard doorkoken, en gebruik malsheid als eindcontrole in plaats van alleen een vaste tijd.
- Tip van Jan: Snijd vlees zo laat mogelijk. Zo blijft het warmer en verliest het minder vocht.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Diepe, klassieke stoofsmaak door bruinen, reduceren en langzame garing.

Kalfstong
2 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- 1 kalfstong
- 1 ui
- 1 wortel
- 1 stengel bleekselderij
- 2 laurierblaadjes
- 250 g paddenstoelen
- 100 ml madeira
- 300 ml bouillon
Bereiding
- 01Stap 1
Spoel de kalfstong en zet op met koud water, ui, wortel, bleekselderij en laurier.
- 02Stap 2
Breng langzaam tegen de kook aan en laat zeer zacht garen tot een prikker gemakkelijk in het dikste deel gaat.
- 03Stap 3
Pel de tong terwijl hij nog warm is; koud pellen gaat moeilijker.
- 04Stap 4
Bak de paddenstoelen goudbruin.
- 05Stap 5
Kook madeira met bouillon in tot sausdikte.
- 06Stap 6
Snijd de tong in plakken en serveer warm met paddenstoelen en madeirasaus.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng naturel vlees vlak voor de bereiding gelijkmatig op smaak met zout. Volg een langere zout- of dry-brinefase alleen wanneer het recept dat bewust voorschrijft.
- Braad de vleesstukken waar het recept dat toelaat in porties aan voor kleur en smaak. Laat ze daarna rustig stoven: zacht pruttelen, niet hard doorkoken, en gebruik malsheid als eindcontrole in plaats van alleen een vaste tijd.
- Tip van Jan: Meet in het dikste deel en niet tegen bot, vetlaag of pan. Zo stuurt u op garing in plaats van op minuten.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Klassieke bereiding waarbij langzaam pocheren de structuur mals maakt.
Ingrediënten
- 1 kalfstong
- 1 bos peterselie
- 2 el kappertjes
- 1 teen knoflook
- 2 el wittewijnazijn
- 70 ml olijfolie
- 1 el olie
Bereiding
- 01Stap 1
Zet de rauwe kalfstong op met ruim water, ui, wortel, bleekselderij en laurier en laat 2–2½ uur heel zacht koken tot de tong mals is.
- 02Stap 2
Pel de tong terwijl hij nog warm is en laat daarna volledig afkoelen voordat u hem in plakken snijdt.
- 03Stap 3
Snijd in plakken van circa 1 cm.
- 04Stap 4
Meng peterselie, kappertjes, knoflook, azijn en olijfolie tot salsa verde.
- 05Stap 5
Bak de plakken tong in een hete pan met een beetje olie aan beide zijden krokant.
- 06Stap 6
Laat kort uitlekken.
- 07Stap 7
Serveer meteen met salsa verde en geroosterde aardappelen.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng naturel vlees vlak voor de bereiding gelijkmatig op smaak met zout. Volg een langere zout- of dry-brinefase alleen wanneer het recept dat bewust voorschrijft.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Verhit de pan eerst goed en gebruik waar nodig slechts een dun laagje hittebestendig bakvet. Geef het vlees ruimte en bouw een duidelijke korst op zonder voortdurend te schuiven; verlaag daarna de hitte wanneer het stuk nog moet doorgaren.
- Voeg boter en aromaten uit het recept pas na de eerste korstfase toe en lepel het schuimende bakvet kort over het vlees; zo blijven de aromaten frisser en verbranden ze minder snel.
- Tip van Jan: Meet in het dikste deel en niet tegen bot, vetlaag of pan. Zo stuurt u op garing in plaats van op minuten.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Tweede bereiding van tong: krokante buitenkant na langzaam voorgaren.

Kalfstournedos rosé per 2x100 g.
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- ca. 700 g tournedos
- 700 g krieltjes
- 2 sjalotten
- 150 ml rode wijn
- 200 ml runder- of kalfsfond
- 30 g koude boter
- 1 el neutrale olie
- zout en zwarte peper
Bereiding
- 01Stap 1
Laat de tournedos 20–30 minuten temperen. Is het oppervlak zichtbaar vochtig, dep dan alleen dat vocht weg; verder is geen voorbehandeling nodig.
- 02Stap 2
Rooster de krieltjes in een oven van 210 °C in 30–35 minuten goudbruin en gaar.
- 03Stap 3
Verhit een zware koekenpan zeer heet, voeg olie toe en bak de tournedos rondom krachtig aan. Gaar verder tot 54–56 °C voor medium-rare of 58–60 °C voor medium.
- 04Stap 4
Neem de tournedos uit de pan en laat 8–10 minuten rusten. Fruit intussen de sjalot in dezelfde pan.
- 05Stap 5
Blus met rode wijn, laat tot ongeveer de helft inkoken, voeg fond toe en reduceer tot sausdikte. Klop van het vuur af de koude boter erdoor.
- 06Stap 6
Snijd de tournedos dwars op de draad waar dat voor dit deelstuk relevant is en serveer met de jus en krieltjes.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng het vlees vlak voor de bereiding op smaak met zout en zwarte peper. Voor een vollere, kruidige smaak kun je in plaats daarvan Jans Biefstuk Kruidenmix gebruiken. Kies één van beide; zo blijft de kruiding mooi in balans.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Verhit de pan eerst goed en gebruik waar nodig slechts een dun laagje hittebestendig bakvet. Geef het vlees ruimte en bouw een duidelijke korst op zonder voortdurend te schuiven; verlaag daarna de hitte wanneer het stuk nog moet doorgaren.
- Voeg boter en aromaten uit het recept pas na de eerste korstfase toe en lepel het schuimende bakvet kort over het vlees; zo blijven de aromaten frisser en verbranden ze minder snel.
- Tip van Jan: Dunne staartstukken zijn eerder klaar dan dikke middendelen; haal ze zo nodig eerder uit de pan.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een klassieke bistrobereiding waarin de smaak van tournedos centraal blijft.
Ingrediënten
- ca. 700 g tournedos
- 1 bos platte peterselie
- 2 tenen knoflook
- 1 kleine rode peper
- 2 el rodewijnazijn
- 80 ml olijfolie
- 1 tl gedroogde oregano
- zout
Bereiding
- 01Stap 1
Hak peterselie, knoflook en rode peper fijn en meng met azijn, olijfolie, oregano en zout. Laat de chimichurri minimaal 15 minuten staan.
- 02Stap 2
Maak de barbecue gereed met een hete directe zone en een rustigere indirecte zone.
- 03Stap 3
Grill de tournedos boven directe hitte rondom stevig aan voor een donkere korst zonder te verbranden.
- 04Stap 4
Verplaats de tournedos zo nodig naar indirecte hitte en gaar tot 54–56 °C voor medium-rare of 58–60 °C voor medium.
- 05Stap 5
Laat 8–10 minuten rusten, losjes afgedekt.
- 06Stap 6
Laat 5–8 minuten rusten en snijd pas daarna aan; serveer als hele portie of in gelijkmatige plakken.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng het vlees vlak voor de bereiding op smaak met zout en zwarte peper. Voor een vollere, kruidige smaak kun je in plaats daarvan Jans Biefstuk Kruidenmix gebruiken. Kies één van beide; zo blijft de kruiding mooi in balans.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Gebruik directe hitte voor een mooie korst. Dikke stukken kun je daarna indirect verder laten garen; dunne steaks of kleine delen blijven vooral boven directe hitte. Controleer de gaarheid in het dikste deel.
- Tip van Jan: Dunne staartstukken zijn eerder klaar dan dikke middendelen; haal ze zo nodig eerder uit de pan.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Fris, kruidig en uitgesproken zonder de tournedos onder een zware saus te verstoppen.
Ingrediënten
- ca. 700 g tournedos
- 250 g kastanjechampignons
- 1 sjalot
- 1 el groene peperkorrels
- 150 ml kookroom
- 150 ml fond
- 1 el olie
- 20 g boter
Bereiding
- 01Stap 1
Snijd de champignons in kwarten en bak ze op hoog vuur in een droge pan tot ze kleur krijgen; voeg pas daarna een klein klontje boter toe en houd warm.
- 02Stap 2
Bak de tournedos in een zeer hete pan rondom bruin en gaar tot 54–56 °C voor medium-rare of 58–60 °C voor medium.
- 03Stap 3
Laat de tournedos rusten terwijl u de saus maakt.
- 04Stap 4
Fruit sjalot en groene peperkorrels kort in dezelfde pan, voeg fond toe en kook tot ongeveer de helft in.
- 05Stap 5
Voeg room toe en laat rustig binden; proef voordat u extra zout toevoegt.
- 06Stap 6
Snijd de tournedos en serveer met de paddenstoelen en een kleine lepel pepersaus.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng het vlees vlak voor de bereiding op smaak met zout en zwarte peper. Voor een vollere, kruidige smaak kun je in plaats daarvan Jans Biefstuk Kruidenmix gebruiken. Kies één van beide; zo blijft de kruiding mooi in balans.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Verhit de pan eerst goed en gebruik waar nodig slechts een dun laagje hittebestendig bakvet. Geef het vlees ruimte en bouw een duidelijke korst op zonder voortdurend te schuiven; verlaag daarna de hitte wanneer het stuk nog moet doorgaren.
- Voeg boter en aromaten uit het recept pas na de eerste korstfase toe en lepel het schuimende bakvet kort over het vlees; zo blijven de aromaten frisser en verbranden ze minder snel.
- Tip van Jan: Laat vis in de pan eerst een korst vormen voordat u probeert te keren.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een restaurantklassieker met romige saus en geroosterde paddenstoelen.

Kip BBQ Worst Bonito
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- ca. 600 g worst
- 800 g kruimige aardappelen
- 2 grote uien
- 150 ml melk
- 30 g boter
- 1 el grove mosterd
- 250 ml bouillon
- 1 el olie
Bereiding
- 01Stap 1
Bak de worst op middelhoog vuur rustig rondom bruin; draai regelmatig zodat de darm niet barst.
- 02Stap 2
Kook de aardappelen gaar en maak puree met melk, boter en mosterd.
- 03Stap 3
Bak de uien in dezelfde pan rustig goudbruin.
- 04Stap 4
Voeg bouillon toe en laat 5–8 minuten inkoken tot een lichte jus.
- 05Stap 5
Verwarm de reeds gegaarde worst rustig tot hij door en door heet is; voorkom hard koken of uitdrogen.
- 06Stap 6
Serveer met mosterdpuree en uienjus.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Dit product is al gegaard. Verwarm het gelijkmatig door en voeg geen extra marinade of kruiden toe tenzij het recept dat uitdrukkelijk vraagt.
- Dit product heeft al een eigen kruiding of smaakopbouw. Voeg daarom niet automatisch extra rub, marinade of kruidenmix toe.
- Warm in de pan rustig en gelijkmatig door; gebruik alleen extra bakvet als het recept of product dat nodig heeft.
- Tip van Jan: Kleur in de pan en laat een dikke filet gecontroleerd in de oven doorgaren.
- Volg voor het opwarmen de temperatuur- en bereidingsinformatie die bij het product staat.
Volg voor opwarmen, bewaren en serveren de aanwijzingen bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Rustige panwarmte houdt verse worst sappig en voorkomt verbrande buitenkant.
Ingrediënten
- ca. 600 g worst
- 2 rode paprika's
- 2 rode uien
- 2 el olijfolie
- 1 el balsamico
- 1 tl honing
- 1 bosje peterselie
Bereiding
- 01Stap 1
Maak de barbecue gereed voor middelhoge directe hitte.
- 02Stap 2
Snijd paprika en ui grof, meng met olie en grill tot ze zacht en donker aan de randen zijn.
- 03Stap 3
Grill de reeds gegaarde worst rustig en keer regelmatig, zodat hij rondom kleurt zonder uit te drogen.
- 04Stap 4
Meng balsamico en honing en schep door de warme groente.
- 05Stap 5
Grill de reeds gegaarde worst rondom tot hij door en door heet is en mooi kleurt.
- 06Stap 6
Serveer met de gegrilde groente en peterselie.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Dit product is al gegaard. Verwarm het gelijkmatig door en voeg geen extra marinade of kruiden toe tenzij het recept dat uitdrukkelijk vraagt.
- Dit product heeft al een eigen kruiding of smaakopbouw. Voeg daarom niet automatisch extra rub, marinade of kruidenmix toe.
- Tip van Jan: Kippendij blijft sappig bij iets langere garing en is daardoor sterk voor grill, stoof en oven.
- Volg voor het opwarmen de temperatuur- en bereidingsinformatie die bij het product staat.
Volg voor opwarmen, bewaren en serveren de aanwijzingen bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een barbecuegerecht waarin de worst gecontroleerd gaart en de groente voor friszoete tegenhanger zorgt.
Ingrediënten
- ca. 600 g worst
- 2 blikken witte bonen
- 400 g tomatenblokjes
- 1 ui
- 2 tenen knoflook
- 60 g panko
- 30 g Parmezaan
- 1 el olijfolie
Bereiding
- 01Stap 1
Bak de reeds gegaarde worst kort rondom bruin en neem uit de pan.
- 02Stap 2
Fruit ui en knoflook, voeg tomaat en uitgelekte bonen toe en laat 10 minuten pruttelen.
- 03Stap 3
Leg de worst terug in de saus en verwarm nog 5–8 minuten zacht door.
- 04Stap 4
Meng panko met Parmezaan en een beetje olie en strooi over de pan of ovenschaal.
- 05Stap 5
Gratineer 5 minuten onder een hete grill tot de kruim goudbruin is.
- 06Stap 6
Grill de reeds gegaarde worst rondom tot hij door en door heet is en mooi kleurt.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Dit product is al gegaard. Verwarm het gelijkmatig door en voeg geen extra marinade of kruiden toe tenzij het recept dat uitdrukkelijk vraagt.
- Dit product heeft al een eigen kruiding of smaakopbouw. Voeg daarom niet automatisch extra rub, marinade of kruidenmix toe.
- Warm in de pan rustig en gelijkmatig door; gebruik alleen extra bakvet als het recept of product dat nodig heeft.
- Tip van Jan: Kleur in de pan en laat een dikke filet gecontroleerd in de oven doorgaren.
- Volg voor het opwarmen de temperatuur- en bereidingsinformatie die bij het product staat.
Volg voor opwarmen, bewaren en serveren de aanwijzingen bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een rustieke éénpansmaaltijd met romige bonen en krokante bovenlaag.

Kip BBQ Worst pittig
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- ca. 600 g worst
- 800 g kruimige aardappelen
- 2 grote uien
- 150 ml melk
- 30 g boter
- 1 el grove mosterd
- 250 ml bouillon
- 1 el olie
Bereiding
- 01Stap 1
Bak de worst op middelhoog vuur rustig rondom bruin; draai regelmatig zodat de darm niet barst.
- 02Stap 2
Kook de aardappelen gaar en maak puree met melk, boter en mosterd.
- 03Stap 3
Bak de uien in dezelfde pan rustig goudbruin.
- 04Stap 4
Voeg bouillon toe en laat 5–8 minuten inkoken tot een lichte jus.
- 05Stap 5
Verwarm de reeds gegaarde worst rustig tot hij door en door heet is; voorkom hard koken of uitdrogen.
- 06Stap 6
Serveer met mosterdpuree en uienjus.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Dit product is al gegaard. Verwarm het gelijkmatig door en voeg geen extra marinade of kruiden toe tenzij het recept dat uitdrukkelijk vraagt.
- Dit product heeft al een eigen kruiding of smaakopbouw. Voeg daarom niet automatisch extra rub, marinade of kruidenmix toe.
- Warm in de pan rustig en gelijkmatig door; gebruik alleen extra bakvet als het recept of product dat nodig heeft.
- Tip van Jan: Kleur in de pan en laat een dikke filet gecontroleerd in de oven doorgaren.
- Volg voor het opwarmen de temperatuur- en bereidingsinformatie die bij het product staat.
Volg voor opwarmen, bewaren en serveren de aanwijzingen bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Rustige panwarmte houdt verse worst sappig en voorkomt verbrande buitenkant.
Ingrediënten
- ca. 600 g worst
- 2 rode paprika's
- 2 rode uien
- 2 el olijfolie
- 1 el balsamico
- 1 tl honing
- 1 bosje peterselie
Bereiding
- 01Stap 1
Maak de barbecue gereed voor middelhoge directe hitte.
- 02Stap 2
Snijd paprika en ui grof, meng met olie en grill tot ze zacht en donker aan de randen zijn.
- 03Stap 3
Grill de reeds gegaarde worst rustig en keer regelmatig, zodat hij rondom kleurt zonder uit te drogen.
- 04Stap 4
Meng balsamico en honing en schep door de warme groente.
- 05Stap 5
Grill de reeds gegaarde worst rondom tot hij door en door heet is en mooi kleurt.
- 06Stap 6
Serveer met de gegrilde groente en peterselie.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Dit product is al gegaard. Verwarm het gelijkmatig door en voeg geen extra marinade of kruiden toe tenzij het recept dat uitdrukkelijk vraagt.
- Dit product heeft al een eigen kruiding of smaakopbouw. Voeg daarom niet automatisch extra rub, marinade of kruidenmix toe.
- Tip van Jan: Kippendij blijft sappig bij iets langere garing en is daardoor sterk voor grill, stoof en oven.
- Volg voor het opwarmen de temperatuur- en bereidingsinformatie die bij het product staat.
Volg voor opwarmen, bewaren en serveren de aanwijzingen bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een barbecuegerecht waarin de worst gecontroleerd gaart en de groente voor friszoete tegenhanger zorgt.
Ingrediënten
- ca. 600 g worst
- 2 blikken witte bonen
- 400 g tomatenblokjes
- 1 ui
- 2 tenen knoflook
- 60 g panko
- 30 g Parmezaan
- 1 el olijfolie
Bereiding
- 01Stap 1
Bak de reeds gegaarde worst kort rondom bruin en neem uit de pan.
- 02Stap 2
Fruit ui en knoflook, voeg tomaat en uitgelekte bonen toe en laat 10 minuten pruttelen.
- 03Stap 3
Leg de worst terug in de saus en verwarm nog 5–8 minuten zacht door.
- 04Stap 4
Meng panko met Parmezaan en een beetje olie en strooi over de pan of ovenschaal.
- 05Stap 5
Gratineer 5 minuten onder een hete grill tot de kruim goudbruin is.
- 06Stap 6
Grill de reeds gegaarde worst rondom tot hij door en door heet is en mooi kleurt.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Dit product is al gegaard. Verwarm het gelijkmatig door en voeg geen extra marinade of kruiden toe tenzij het recept dat uitdrukkelijk vraagt.
- Dit product heeft al een eigen kruiding of smaakopbouw. Voeg daarom niet automatisch extra rub, marinade of kruidenmix toe.
- Warm in de pan rustig en gelijkmatig door; gebruik alleen extra bakvet als het recept of product dat nodig heeft.
- Tip van Jan: Kleur in de pan en laat een dikke filet gecontroleerd in de oven doorgaren.
- Volg voor het opwarmen de temperatuur- en bereidingsinformatie die bij het product staat.
Volg voor opwarmen, bewaren en serveren de aanwijzingen bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een rustieke éénpansmaaltijd met romige bonen en krokante bovenlaag.

Kip Chunks – krokant gepaneerde kipstukjes
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- 4 stuks kip chunks
- 150 g Griekse yoghurt
- 2 el mayonaise
- 1 el kappertjes
- 1 citroen
- 2 el fijngehakte peterselie
- zwarte peper en een klein snufje zout
Bereiding
- 01Stap 1
Verwarm de frituur op 180 °C en zet een met keukenpapier beklede schaal klaar.
- 02Stap 2
Bereid de Kip Chunks – krokant gepaneerde kipstukjes in porties zodat de temperatuur van het vet niet te ver terugloopt.
- 03Stap 3
Frituur tot de buitenkant krokant is en het product door en door heet en krokant is. Verwarm de kip alleen door en door; het product is al gegaard.
- 04Stap 4
Meng yoghurt, mayonaise, kappertjes, citroenrasp, een beetje citroensap en peterselie tot een frisse dip.
- 05Stap 5
Laat de krokante kip kort uitlekken en serveer direct met de dip.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Dit product is al bereid. Verwarm het kort en heet genoeg om de buitenkant weer krokant te maken; extra marinade of kruiden zijn niet nodig.
- Dit product heeft al een eigen kruiding of smaakopbouw. Voeg daarom niet automatisch extra rub, marinade of kruidenmix toe.
- Frituur het gepaneerde of crispy product kort in voldoende heet vet en werk zo nodig in porties, zodat de buitenkant krokant blijft.
- Tip van Jan: Saus een krokante huid pas vlak voor serveren of serveer saus ernaast.
- Volg voor het opwarmen de temperatuur- en bereidingsinformatie die bij het product staat.
Volg voor opwarmen, bewaren en serveren de aanwijzingen bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Krokante bereiding met een frisse dip; geen generieke vleesmarinade.
Ingrediënten
- 4 stuks kip chunks
- 1 tl olie
- 200 g gemengde sla
- 1 appel
- 1/2 komkommer
- 2 el yoghurt
- 1 el mosterd
- 1 el honing
Bereiding
- 01Stap 1
Verwarm de airfryer voor op 180 °C.
- 02Stap 2
Leg de Kip Chunks – krokant gepaneerde kipstukjes zonder overlap in het mandje; werk zo nodig in meerdere porties.
- 03Stap 3
Bereid tot de korst krokant is en het product door en door heet en krokant is. Verwarm de kip alleen door en door; het product is al gegaard.
- 04Stap 4
Meng yoghurt, mosterd en honing tot dressing.
- 05Stap 5
Meng sla met appel en komkommer en schep een deel van de dressing erdoor.
- 06Stap 6
Serveer de Kip Chunks – krokant gepaneerde kipstukjes direct met de salade en de rest van de dressing.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Dit product is al bereid. Verwarm het kort en heet genoeg om de buitenkant weer krokant te maken; extra marinade of kruiden zijn niet nodig.
- Dit product heeft al een eigen kruiding of smaakopbouw. Voeg daarom niet automatisch extra rub, marinade of kruidenmix toe.
- Verwarm het gepaneerde of crispy product in één laag in de airfryer en laat de hete lucht rondom circuleren; zo wordt de korst weer mooi krokant.
- Tip van Jan: Saus een krokante huid pas vlak voor serveren of serveer saus ernaast.
- Volg voor het opwarmen de temperatuur- en bereidingsinformatie die bij het product staat.
Volg voor opwarmen, bewaren en serveren de aanwijzingen bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Airfryer wordt alleen gebruikt omdat een gepaneerde korst hier werkelijk baat bij heeft.
Ingrediënten
- 4 stuks kip chunks
- 400 ml tomatensaus
- 125 g mozzarella
- 40 g Parmezaan
- 1 bosje basilicum
- 1 el olie
- 300 g spaghetti
Bereiding
- 01Stap 1
Verwarm de oven voor op 200 °C en bekleed een bakplaat of ovenschaal.
- 02Stap 2
Leg de Kip Chunks – krokant gepaneerde kipstukjes los van elkaar in de schaal en bak eerst tot de korst stevig en krokant begint te worden.
- 03Stap 3
Lepel een dunne laag tomatensaus over de bovenzijde en verdeel mozzarella en Parmezaan erover.
- 04Stap 4
Bak verder tot de kaas goudbruin is en het product door en door heet en krokant is. Verwarm de kip alleen door en door; het product is al gegaard.
- 05Stap 5
Kook intussen de spaghetti beetgaar en meng met de resterende tomatensaus.
- 06Stap 6
Werk de Kip Chunks – krokant gepaneerde kipstukjes af met basilicum en serveer met de spaghetti.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Dit product is al bereid. Verwarm het kort en heet genoeg om de buitenkant weer krokant te maken; extra marinade of kruiden zijn niet nodig.
- Dit product heeft al een eigen kruiding of smaakopbouw. Voeg daarom niet automatisch extra rub, marinade of kruidenmix toe.
- Verwarm het gepaneerde of crispy product volgens de aangegeven bereidingswijze en houd de korst zo droog mogelijk voor het beste krokante resultaat.
- Tip van Jan: Kippendij blijft sappig bij iets langere garing en is daardoor sterk voor grill, stoof en oven.
- Volg voor het opwarmen de temperatuur- en bereidingsinformatie die bij het product staat.
Volg voor opwarmen, bewaren en serveren de aanwijzingen bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Volwaardig ovengerecht; de krokante kip blijft herkenbaar als hoofdproduct.

Kip döner gegrild
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- 500 g kipdöner
- 4 grote pitabroodjes
- 150 g ijsbergsla
- 1/2 komkommer
- 2 tomaten
- 1 kleine rode ui
- 150 ml knoflooksaus
- sambal naar smaak
Bereiding
- 01Stap 1
Verwarm de pitabroodjes volgens de verpakking.
- 02Stap 2
Snijd komkommer, tomaat en rode ui en meng met de sla.
- 03Stap 3
Verhit een ruime koekenpan op middelhoog-hoog vuur; het product is al gekruid en hoeft niet opnieuw gemarineerd te worden.
- 04Stap 4
Verwarm de kipdöner in 6–10 minuten door en laat hem licht krokant worden; werk bij een volle verpakking liever in twee porties.
- 05Stap 5
Vul de warme pita's met salade en vlees en maak af met knoflooksaus en eventueel sambal.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Dit product is al gegaard. Verwarm het gelijkmatig door en voeg geen extra marinade of kruiden toe tenzij het recept dat uitdrukkelijk vraagt.
- Voeg niet automatisch extra zout, rub of marinade toe. De smaak die al in het product zit is het uitgangspunt.
- Warm in de pan rustig en gelijkmatig door; gebruik alleen extra bakvet als het recept of product dat nodig heeft.
- Tip van Jan: Kleur in de pan en laat een dikke filet gecontroleerd in de oven doorgaren.
- Volg voor het opwarmen de temperatuur- en bereidingsinformatie die bij het product staat.
Volg voor opwarmen, bewaren en serveren de aanwijzingen bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
De klassieker: heet gekruid vlees, warm brood, frisse groente en romige saus.
Ingrediënten
- 500 g kipdöner
- 700 g friet
- 150 g ijsbergsla
- 1/2 komkommer
- 2 tomaten
- 1 kleine rode ui
- 150 ml knoflooksaus
- sambal naar smaak
Bereiding
- 01Stap 1
Bak de friet krokant in oven, frituur of airfryer volgens de verpakking.
- 02Stap 2
Maak een frisse salade van sla, komkommer, tomaat en rode ui.
- 03Stap 3
Verhit een grote koekenpan of bakplaat stevig en bak het vlees in een dunne laag; voeg geen extra kruidenmarinade toe.
- 04Stap 4
Verwarm de kipdöner door en door en laat hem licht krokant worden; het vlees is al gegaard.
- 05Stap 5
Verdeel friet, salade en heet vlees over de borden zodat de friet krokant blijft.
- 06Stap 6
Serveer knoflooksaus en sambal apart zodat iedereen zelf kan doseren.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Dit product is al gegaard. Verwarm het gelijkmatig door en voeg geen extra marinade of kruiden toe tenzij het recept dat uitdrukkelijk vraagt.
- Voeg niet automatisch extra zout, rub of marinade toe. De smaak die al in het product zit is het uitgangspunt.
- Warm in de oven gelijkmatig door en voorkom onnodig uitdrogen. Haal het product uit de oven zodra het goed is opgewarmd.
- Tip van Jan: Kippendij blijft sappig bij iets langere garing en is daardoor sterk voor grill, stoof en oven.
- Volg voor het opwarmen de temperatuur- en bereidingsinformatie die bij het product staat.
Volg voor opwarmen, bewaren en serveren de aanwijzingen bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een complete dönerschotel met duidelijke componenten en goede textuur.
Ingrediënten
- 500 g kipdöner
- 700 g friet
- 150 g geraspte jonge kaas
- 150 g ijsbergsla
- 1/2 komkommer
- 2 tomaten
- 150 ml knoflooksaus
- sambal naar smaak
Bereiding
- 01Stap 1
Bak de friet krokant.
- 02Stap 2
Verwarm het vlees in een hete pan in een dunne laag tot het door en door warm en licht gekleurd is.
- 03Stap 3
Verdeel friet over een ovenschaal, schep het vlees erop en bestrooi met kaas.
- 04Stap 4
Gratineer 4–6 minuten onder een hete grill tot de kaas smelt.
- 05Stap 5
Voeg pas daarna sla, komkommer en tomaat toe en serveer met knoflooksaus en sambal.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Dit product is al gegaard. Verwarm het gelijkmatig door en voeg geen extra marinade of kruiden toe tenzij het recept dat uitdrukkelijk vraagt.
- Voeg niet automatisch extra zout, rub of marinade toe. De smaak die al in het product zit is het uitgangspunt.
- Warm in de oven gelijkmatig door en voorkom onnodig uitdrogen. Haal het product uit de oven zodra het goed is opgewarmd.
- Tip van Jan: Kippendij blijft sappig bij iets langere garing en is daardoor sterk voor grill, stoof en oven.
- Volg voor het opwarmen de temperatuur- en bereidingsinformatie die bij het product staat.
Volg voor opwarmen, bewaren en serveren de aanwijzingen bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Krokante friet en koude salade blijven gescheiden tot het laatste moment.

Kip Grillworst
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- ca. 600 g grillworst
- 1 kg kruimige aardappelen
- 3 preien
- 150 ml melk
- 30 g boter
- 1 el grove mosterd
- 200 ml bouillon
Bereiding
- 01Stap 1
Verwarm de grillworst 5–8 minuten op laag vuur in een pan; laat hem niet hard koken of uitdrogen.
- 02Stap 2
Kook de aardappelen gaar en stoof de prei apart zacht in een klein klontje boter.
- 03Stap 3
Stamp aardappel en prei met warme melk en boter tot een grove stamppot.
- 04Stap 4
Kook de bouillon kort in en roer mosterd erdoor.
- 05Stap 5
Snijd de warme worst pas vlak voor serveren en leg op de stamppot.
- 06Stap 6
Lepel de mosterdjus erover en serveer direct.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Dit product is al bereid en kan koud worden geserveerd of kort worden afgewerkt. Verwarm het alleen zo lang als nodig is voor de gekozen bereiding.
- Dit product heeft al een eigen kruiding of smaakopbouw. Voeg daarom niet automatisch extra rub, marinade of kruidenmix toe.
- Werk het reeds bereide product kort in de pan af voor warmte of kleur; houd de verhitting kort zodat structuur en sappigheid behouden blijven.
- Tip van Jan: Kleur in de pan en laat een dikke filet gecontroleerd in de oven doorgaren.
- Gebruik de temperatuur- en bereidingsinformatie bij het product als laatste controle voor het serveren.
Volg voor opwarmen, bewaren en serveren de aanwijzingen bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een Nederlandse klassieker met de juiste behandeling van reeds gare worst.
Ingrediënten
- ca. 600 g grillworst
- 4 stevige broodjes
- 300 g zuurkool
- 1 appel
- 2 el mayonaise
- 1 el grove mosterd
- 1 tl honing
- 1 kleine rode ui
Bereiding
- 01Stap 1
Verwarm de grillworst 5–8 minuten op laag vuur in een pan, of serveer koud wanneer dat bij het gerecht past.
- 02Stap 2
Verwarm de zuurkool op laag vuur en meng er op het einde dunne reepjes appel door.
- 03Stap 3
Meng mayonaise, mosterd en honing tot saus.
- 04Stap 4
Snijd de rode ui flinterdun en rooster de broodjes kort.
- 05Stap 5
Snijd de worst in stukken of plakken, afhankelijk van de vorm.
- 06Stap 6
Beleg de broodjes met zuurkool, worst, rode ui en saus.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Dit product is al bereid en kan koud worden geserveerd of kort worden afgewerkt. Verwarm het alleen zo lang als nodig is voor de gekozen bereiding.
- Dit product heeft al een eigen kruiding of smaakopbouw. Voeg daarom niet automatisch extra rub, marinade of kruidenmix toe.
- Werk het reeds bereide product kort in de pan af voor warmte of kleur; houd de verhitting kort zodat structuur en sappigheid behouden blijven.
- Tip van Jan: Kleur in de pan en laat een dikke filet gecontroleerd in de oven doorgaren.
- Gebruik de temperatuur- en bereidingsinformatie bij het product als laatste controle voor het serveren.
Volg voor opwarmen, bewaren en serveren de aanwijzingen bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Snelle lunchtoepassing met zuur, zoet en hartig in balans.
Ingrediënten
- ca. 600 g grillworst
- 800 g kruimige aardappelen
- 2 preien
- 150 ml melk
- 30 g boter
- 75 g geraspte kaas
- 1 tl mosterd
Bereiding
- 01Stap 1
Kook de aardappelen gaar en maak puree met warme melk, boter en mosterd.
- 02Stap 2
Bak de prei 5 minuten zacht zonder te kleuren.
- 03Stap 3
Snijd de grillworst in plakken en verdeel met de prei over een ovenschaal.
- 04Stap 4
Dek af met puree en bestrooi met kaas.
- 05Stap 5
Gratineer 20 minuten op 200 °C tot de bovenkant goudbruin is.
- 06Stap 6
Controleer dat de vulling overal goed heet is en serveer.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Comfortfood waarin reeds bereide worst als ingrediënt wordt gebruikt, niet opnieuw drooggebakken.