Van goed vlees naar het juiste resultaat
Alle productspecifieke Meat Guides overzichtelijk bij elkaar. Kies een categorie of zoek direct op product.
Gemengd

Ambachtelijke Fijne Leverworst
2 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- 250 g leverworst
- 8 sneetjes roggebrood
- 1 friszure appel
- 1 tl grove mosterd
- 1 bosje bieslook
- 50 g veldsla
Bereiding
- 01Stap 1
Snijd de appel in dunne plakjes.
- 02Stap 2
Bestrijk het roggebrood heel dun met mosterd.
- 03Stap 3
Snijd de leverworst in nette plakken en verdeel over het brood.
- 04Stap 4
Leg appel en een beetje veldsla erop.
- 05Stap 5
Werk af met bieslook.
- 06Stap 6
Serveer direct als lunch of borrelhap.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Klassieke leverworstcombinatie met frisse appel.
Ingrediënten
- 250 g leverworst
- 16 toastjes
- 2 uien
- 80 g cornichons
- 1 el boter
- 1 tl mosterd
- bieslook
Bereiding
- 01Stap 1
Snijd de uien dun en bak langzaam goudbruin in boter; laat afkoelen.
- 02Stap 2
Hak cornichons fijn.
- 03Stap 3
Bestrijk de toastjes heel dun met mosterd.
- 04Stap 4
Verdeel de leverworst erop.
- 05Stap 5
Schep een beetje gebakken ui en cornichon erop.
- 06Stap 6
Werk af met bieslook.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Borrelhap met zoetige ui en zuur naast romige leverworst.

Barbecue vleespakket 2 personen luxe
2 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- 1 barbecue vleespakket
- 1 el neutrale olie
- 1 grote schaal salade
- 800 g krieltjes
- 2 sauzen naar keuze
- 1 stokbrood
Bereiding
- 01Stap 1
Pak het pakket uit en groepeer de onderdelen op producttype: dun/snel, dik/langzamer en eventueel reeds bereid.
- 02Stap 2
Maak de barbecue met een directe hete zone en een indirecte zone.
- 03Stap 3
Begin met de dikste rauwe onderdelen op indirecte hitte en geef ze pas later kleur; snelle onderdelen zoals burgers en worst gaan dichter bij het serveermoment op de grill.
- 04Stap 4
Gaar kippendij volledig tot 75 °C; gaar procureur, speklap en varkenshaas-saté tot 63–65 °C; bak de biefstuk naar wens, bijvoorbeeld 54–56 °C voor medium-rare.
- 05Stap 5
Houd gereed vlees warm zonder het verder uit te drogen.
- 06Stap 6
Serveer in rondes met salade, krieltjes, brood en sauzen.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng naturel vlees vlak voor de bereiding gelijkmatig op smaak met zout. Volg een langere zout- of dry-brinefase alleen wanneer het recept dat bewust voorschrijft.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Gebruik directe hitte voor een mooie korst. Dikke stukken kun je daarna indirect verder laten garen; dunne steaks of kleine delen blijven vooral boven directe hitte. Controleer de gaarheid in het dikste deel.
- Tip van Jan: Een droge buitenkant en voldoende hete pan of grill geven sneller een mooie korst; suikerhoudende marinades pas later op hoge hitte.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een pakket is geen enkel product: ieder onderdeel krijgt zijn eigen correcte bereiding.
Ingrediënten
- 1 barbecue vleespakket
- 2 paprika's
- 2 courgettes
- 2 rode uien
- 600 g krieltjes
- 2 el olijfolie
- 1 schaal groene salade
Bereiding
- 01Stap 1
Rooster de krieltjes en groenten in de oven of op de barbecue.
- 02Stap 2
Sorteer de vleesonderdelen op benodigde garing en dikte.
- 03Stap 3
Bak of grill de onderdelen afzonderlijk in plaats van alles tegelijk in één pan.
- 04Stap 4
Gaar kippendij volledig tot 75 °C; gaar procureur, speklap en varkenshaas-saté tot 63–65 °C; bak de biefstuk naar wens, bijvoorbeeld 54–56 °C voor medium-rare.
- 05Stap 5
Laat alleen hele steakdelen rusten als dat relevant is; worst en kip worden direct na correcte garing geserveerd.
- 06Stap 6
Bouw de schotel op met geroosterde groente, krieltjes en salade.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng naturel vlees vlak voor de bereiding gelijkmatig op smaak met zout. Volg een langere zout- of dry-brinefase alleen wanneer het recept dat bewust voorschrijft.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Gebruik directe hitte voor een mooie korst. Dikke stukken kun je daarna indirect verder laten garen; dunne steaks of kleine delen blijven vooral boven directe hitte. Controleer de gaarheid in het dikste deel.
- Tip van Jan: Meet in het dikste deel en niet tegen bot, vetlaag of pan. Zo stuurt u op garing in plaats van op minuten.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Praktische manier om een gemengd pakket zonder verkeerde universele garing te serveren.

Barbecue vleespakket 2 personen standaard
2 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- 1 barbecue vleespakket
- 1 el neutrale olie
- 1 grote schaal salade
- 800 g krieltjes
- 2 sauzen naar keuze
- 1 stokbrood
Bereiding
- 01Stap 1
Pak het pakket uit en groepeer de onderdelen op producttype: dun/snel, dik/langzamer en eventueel reeds bereid.
- 02Stap 2
Maak de barbecue met een directe hete zone en een indirecte zone.
- 03Stap 3
Begin met de dikste rauwe onderdelen op indirecte hitte en geef ze pas later kleur; snelle onderdelen zoals burgers en worst gaan dichter bij het serveermoment op de grill.
- 04Stap 4
Gaar procureur, speklap en varkenshaas-saté tot 63–65 °C en gaar de Duitse braadworst volledig in het thermische midden.
- 05Stap 5
Houd gereed vlees warm zonder het verder uit te drogen.
- 06Stap 6
Serveer in rondes met salade, krieltjes, brood en sauzen.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng naturel vlees vlak voor de bereiding gelijkmatig op smaak met zout. Volg een langere zout- of dry-brinefase alleen wanneer het recept dat bewust voorschrijft.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Gebruik directe hitte voor een mooie korst. Dikke stukken kun je daarna indirect verder laten garen; dunne steaks of kleine delen blijven vooral boven directe hitte. Controleer de gaarheid in het dikste deel.
- Tip van Jan: Een droge buitenkant en voldoende hete pan of grill geven sneller een mooie korst; suikerhoudende marinades pas later op hoge hitte.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een pakket is geen enkel product: ieder onderdeel krijgt zijn eigen correcte bereiding.
Ingrediënten
- 1 barbecue vleespakket
- 2 paprika's
- 2 courgettes
- 2 rode uien
- 600 g krieltjes
- 2 el olijfolie
- 1 schaal groene salade
Bereiding
- 01Stap 1
Rooster de krieltjes en groenten in de oven of op de barbecue.
- 02Stap 2
Sorteer de vleesonderdelen op benodigde garing en dikte.
- 03Stap 3
Bak of grill de onderdelen afzonderlijk in plaats van alles tegelijk in één pan.
- 04Stap 4
Gaar procureur, speklap en varkenshaas-saté tot 63–65 °C en gaar de Duitse braadworst volledig in het thermische midden.
- 05Stap 5
Laat alleen hele steakdelen rusten als dat relevant is; worst en kip worden direct na correcte garing geserveerd.
- 06Stap 6
Bouw de schotel op met geroosterde groente, krieltjes en salade.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng naturel vlees vlak voor de bereiding gelijkmatig op smaak met zout. Volg een langere zout- of dry-brinefase alleen wanneer het recept dat bewust voorschrijft.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Gebruik directe hitte voor een mooie korst. Dikke stukken kun je daarna indirect verder laten garen; dunne steaks of kleine delen blijven vooral boven directe hitte. Controleer de gaarheid in het dikste deel.
- Tip van Jan: Meet in het dikste deel en niet tegen bot, vetlaag of pan. Zo stuurt u op garing in plaats van op minuten.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Praktische manier om een gemengd pakket zonder verkeerde universele garing te serveren.

Duo biefstuk varkenshaas
2 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- 1 varkenshaas
- 1 el neutrale olie
- 1 grote schaal salade
- 800 g krieltjes
- 2 sauzen naar keuze
- 1 stokbrood
Bereiding
- 01Stap 1
Pak het pakket uit en groepeer de onderdelen op producttype: dun/snel, dik/langzamer en eventueel reeds bereid.
- 02Stap 2
Maak de barbecue met een directe hete zone en een indirecte zone.
- 03Stap 3
Begin met de dikste rauwe onderdelen op indirecte hitte en geef ze pas later kleur; snelle onderdelen zoals burgers en worst gaan dichter bij het serveermoment op de grill.
- 04Stap 4
Bak de Ierse biefstuk naar wens, bijvoorbeeld 54–56 °C voor medium-rare; gaar de varkenshaas tot 63–65 °C en laat beide delen daarna afzonderlijk rusten.
- 05Stap 5
Houd gereed vlees warm zonder het verder uit te drogen.
- 06Stap 6
Serveer in rondes met salade, krieltjes, brood en sauzen.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng naturel vlees vlak voor de bereiding gelijkmatig op smaak met zout. Volg een langere zout- of dry-brinefase alleen wanneer het recept dat bewust voorschrijft.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Gebruik directe hitte voor een mooie korst. Dikke stukken kun je daarna indirect verder laten garen; dunne steaks of kleine delen blijven vooral boven directe hitte. Controleer de gaarheid in het dikste deel.
- Tip van Jan: Haal vis tijdig van de hitte; restwarmte kan de kern nog enkele graden laten stijgen.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Kerntemperatuur & eindcontrole
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een pakket is geen enkel product: ieder onderdeel krijgt zijn eigen correcte bereiding.
Ingrediënten
- 1 varkenshaas
- 2 paprika's
- 2 courgettes
- 2 rode uien
- 600 g krieltjes
- 2 el olijfolie
- 1 schaal groene salade
Bereiding
- 01Stap 1
Rooster de krieltjes en groenten in de oven of op de barbecue.
- 02Stap 2
Sorteer de vleesonderdelen op benodigde garing en dikte.
- 03Stap 3
Bak of grill de onderdelen afzonderlijk in plaats van alles tegelijk in één pan.
- 04Stap 4
Bak de Ierse biefstuk naar wens, bijvoorbeeld 54–56 °C voor medium-rare; gaar de varkenshaas tot 63–65 °C en laat beide delen daarna afzonderlijk rusten.
- 05Stap 5
Laat alleen hele steakdelen rusten als dat relevant is; worst en kip worden direct na correcte garing geserveerd.
- 06Stap 6
Bouw de schotel op met geroosterde groente, krieltjes en salade.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng naturel vlees vlak voor de bereiding gelijkmatig op smaak met zout. Volg een langere zout- of dry-brinefase alleen wanneer het recept dat bewust voorschrijft.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Gebruik directe hitte voor een mooie korst. Dikke stukken kun je daarna indirect verder laten garen; dunne steaks of kleine delen blijven vooral boven directe hitte. Controleer de gaarheid in het dikste deel.
- Tip van Jan: Bij dikke kabeljauw- of zalmstukken geeft een thermometer meer zekerheid dan alleen vlokken bekijken.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Kerntemperatuur & eindcontrole
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Praktische manier om een gemengd pakket zonder verkeerde universele garing te serveren.

FC Gehaktbal per 2 in Jus
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- 4 gehaktbal
- 800 g kruimige aardappelen
- 150 ml melk
- 30 g boter
- 300 ml runderbouillon
- 1 ui
- 1 el mosterd
Bereiding
- 01Stap 1
Verwarm de gehaktbal rustig in de eigen jus of op laag tot middelhoog vuur tot het product door en door heet is.
- 02Stap 2
Kook de aardappelen gaar en maak puree met warme melk en boter.
- 03Stap 3
Bak de ui langzaam goudbruin.
- 04Stap 4
Voeg bouillon en mosterd toe en laat kort inkoken.
- 05Stap 5
Leg de gehaktballen in de jus en warm volledig door.
- 06Stap 6
Serveer met aardappelpuree en uienjus.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Dit product is al gegaard. Verwarm het gelijkmatig door en voeg geen extra marinade of kruiden toe tenzij het recept dat uitdrukkelijk vraagt.
- Warm in de pan rustig en gelijkmatig door; gebruik alleen extra bakvet als het recept of product dat nodig heeft.
- Tip van Jan: Kleur in de pan en laat een dikke filet gecontroleerd in de oven doorgaren.
- Volg voor het opwarmen de temperatuur- en bereidingsinformatie die bij het product staat.
Volg voor opwarmen, bewaren en serveren de aanwijzingen bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Klassieke bordmaaltijd die een reeds bereide gehaktbal correct behandelt.
Ingrediënten
- 4 gehaktbal
- 4 zachte broodjes
- 200 ml pindasaus
- 1 komkommer
- 2 el rijstazijn
- 1 tl suiker
- 2 bosuien
Bereiding
- 01Stap 1
Snijd komkommer dun en meng met rijstazijn en suiker; laat 15 minuten staan.
- 02Stap 2
Verwarm de gehaktbal rustig en volledig door.
- 03Stap 3
Verwarm de pindasaus apart zonder hard te koken.
- 04Stap 4
Rooster de broodjes kort aan de snijkant.
- 05Stap 5
Leg een gehaktbal op elk broodje en lepel pindasaus erover.
- 06Stap 6
Werk af met komkommer en bosui.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Dit product is al gegaard. Verwarm het gelijkmatig door en voeg geen extra marinade of kruiden toe tenzij het recept dat uitdrukkelijk vraagt.
- Warm in de pan rustig en gelijkmatig door; gebruik alleen extra bakvet als het recept of product dat nodig heeft.
- Tip van Jan: Kleur in de pan en laat een dikke filet gecontroleerd in de oven doorgaren.
- Volg voor het opwarmen de temperatuur- en bereidingsinformatie die bij het product staat.
Volg voor opwarmen, bewaren en serveren de aanwijzingen bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een snackbarachtige klassieker met frisse tegenhanger.
Ingrediënten
- 4 gehaktbal
- 250 g orzo
- 500 ml tomatensaus
- 1 ui
- 1 paprika
- 40 g Parmezaan
- 1 bosje basilicum
Bereiding
- 01Stap 1
Kook de orzo beetgaar.
- 02Stap 2
Bak ui en paprika zacht en voeg tomatensaus toe.
- 03Stap 3
Laat 10 minuten pruttelen.
- 04Stap 4
Leg de gehaktbal in de saus en verwarm volledig door.
- 05Stap 5
Schep de orzo door een deel van de saus.
- 06Stap 6
Serveer de gehaktballen erop en werk af met Parmezaan en basilicum.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Dit product is al gegaard. Verwarm het gelijkmatig door en voeg geen extra marinade of kruiden toe tenzij het recept dat uitdrukkelijk vraagt.
- Warm in de pan rustig en gelijkmatig door; gebruik alleen extra bakvet als het recept of product dat nodig heeft.
- Tip van Jan: Kleur in de pan en laat een dikke filet gecontroleerd in de oven doorgaren.
- Volg voor het opwarmen de temperatuur- en bereidingsinformatie die bij het product staat.
Volg voor opwarmen, bewaren en serveren de aanwijzingen bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een complete maaltijd met mediterrane saus en pasta.

FC Gehaktbal Snackballen in jus (10 x ±30 g)
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- ca. 500 g gehaktbal
- 100 ml BBQ-saus
- 1 el honing
- 1 el appelazijn
- 2 bosuien
- 1 el sesam
Bereiding
- 01Stap 1
Verwarm de gehaktbal rustig op laag tot middelhoog vuur tot het product door en door heet is; de balletjes zijn al gaar en hoeven alleen op temperatuur te komen.
- 02Stap 2
Meng BBQ-saus, honing en appelazijn.
- 03Stap 3
Schep de warme balletjes door de saus en laat 3–4 minuten zacht glanzen in pan of oven.
- 04Stap 4
Snijd bosui fijn.
- 05Stap 5
Doe de balletjes in een warme schaal.
- 06Stap 6
Werk af met bosui en sesam en serveer met prikkers.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Dit product is al gegaard. Verwarm het gelijkmatig door en voeg geen extra marinade of kruiden toe tenzij het recept dat uitdrukkelijk vraagt.
- Warm in de oven gelijkmatig door en voorkom onnodig uitdrogen. Haal het product uit de oven zodra het goed is opgewarmd.
- Tip van Jan: Kippendij blijft sappig bij iets langere garing en is daardoor sterk voor grill, stoof en oven.
- Volg voor het opwarmen de temperatuur- en bereidingsinformatie die bij het product staat.
Volg voor opwarmen, bewaren en serveren de aanwijzingen bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een echte borreltoepassing met korte lakfase en sappige kern.
Ingrediënten
- ca. 500 g gehaktbal
- 500 ml tomatensaus
- 1 kleine ui
- 1 teen knoflook
- 40 g Parmezaan
- 1 bosje basilicum
- 1 el olijfolie
Bereiding
- 01Stap 1
Fruit ui en knoflook zacht in olijfolie.
- 02Stap 2
Voeg tomatensaus toe en laat 10 minuten rustig inkoken.
- 03Stap 3
Leg de gehaktbal in de saus en verwarm rustig door zonder hard te koken.
- 04Stap 4
Draai de balletjes eenmaal zodat ze gelijkmatig warm worden.
- 05Stap 5
Rasp Parmezaan erover.
- 06Stap 6
Werk af met basilicum en serveer met brood of pasta.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Dit product is al gegaard. Verwarm het gelijkmatig door en voeg geen extra marinade of kruiden toe tenzij het recept dat uitdrukkelijk vraagt.
- Warm in de pan rustig en gelijkmatig door; gebruik alleen extra bakvet als het recept of product dat nodig heeft.
- Tip van Jan: Kleur in de pan en laat een dikke filet gecontroleerd in de oven doorgaren.
- Volg voor het opwarmen de temperatuur- en bereidingsinformatie die bij het product staat.
Volg voor opwarmen, bewaren en serveren de aanwijzingen bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Italiaanse borrel- of pastatoepassing zonder uitdrogen.
Ingrediënten
- ca. 500 g gehaktbal
- 12 mini-broodjes
- 200 g koolsla
- 2 el mayonaise
- 1 el grove mosterd
- 1 tl honing
- 6 augurken
Bereiding
- 01Stap 1
Verwarm de gehaktbal op laag tot middelhoog vuur tot het product door en door heet is.
- 02Stap 2
Meng mayonaise, mosterd en honing.
- 03Stap 3
Snijd de broodjes open en rooster kort.
- 04Stap 4
Snijd augurk dun.
- 05Stap 5
Leg koolsla en een warm balletje op elk broodje.
- 06Stap 6
Maak af met mosterdsaus en augurk en serveer direct.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Dit product is al gegaard. Verwarm het gelijkmatig door en voeg geen extra marinade of kruiden toe tenzij het recept dat uitdrukkelijk vraagt.
- Warm in de oven gelijkmatig door en voorkom onnodig uitdrogen. Haal het product uit de oven zodra het goed is opgewarmd.
- Tip van Jan: Kippendij blijft sappig bij iets langere garing en is daardoor sterk voor grill, stoof en oven.
- Volg voor het opwarmen de temperatuur- en bereidingsinformatie die bij het product staat.
Volg voor opwarmen, bewaren en serveren de aanwijzingen bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Handzaam partyfood met frisse koolsla en pittige saus.

Half om half gehakt
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- 500 g half-om-halfgehakt
- 1 ui
- 1 wortel
- 1 stengel bleekselderij
- 2 tenen knoflook
- 150 ml rode wijn
- 800 g tomaten uit blik
- 2 el olijfolie
- 300 g pasta
Bereiding
- 01Stap 1
Snijd ui, wortel en bleekselderij zeer fijn en fruit 8–10 minuten zacht in olijfolie.
- 02Stap 2
Voeg het gehakt toe en bak op hoger vuur goed bruin; roer niet voortdurend zodat er echt braadkleur ontstaat.
- 03Stap 3
Voeg knoflook toe, blus met rode wijn en laat bijna volledig inkoken.
- 04Stap 4
Voeg tomaat toe en laat 35–45 minuten zacht pruttelen tot een rijke saus.
- 05Stap 5
Kook de pasta beetgaar en meng met voldoende saus zodat de pasta wordt omhuld.
- 06Stap 6
Gaar het gehakt volledig; bij gehakt is een rosé steakgaring niet de bedoeling.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Bouw eerst een mooie korst op en druk een burger tijdens het bakken of grillen niet plat; zo blijft meer sap in het vlees. Controleer de gaarheid in het dikste deel.
- Tip van Jan: Gehakt heeft door het malen een ander voedselveiligheidsprofiel dan een intacte steak. Volg de productspecifieke veilige kerntemperatuur.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een langzaam opgebouwde ragù waarin bruinen en inkoken voor diepte zorgen.
Ingrediënten
- 500 g half-om-halfgehakt
- 4 grote paprika's
- 150 g rijst
- 1 ui
- 2 tenen knoflook
- 400 g tomatenblokjes
- 100 g feta
- 1 tl oregano
- 1 el olijfolie
Bereiding
- 01Stap 1
Kook de rijst 5 minuten korter dan op de verpakking staat.
- 02Stap 2
Halveer de paprika's en leg ze in een ovenschaal.
- 03Stap 3
Bak ui en gehakt rul, voeg knoflook, tomaat en oregano toe en laat 10 minuten inkoken.
- 04Stap 4
Meng de rijst door het gehaktmengsel en vul de paprika's. Verkruimel feta erover.
- 05Stap 5
Bak 25–30 minuten op 190 °C tot de paprika zacht is en de vulling door en door heet.
- 06Stap 6
Gaar het gehakt volledig; bij gehakt is een rosé steakgaring niet de bedoeling.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Bouw eerst een mooie korst op en druk een burger tijdens het bakken of grillen niet plat; zo blijft meer sap in het vlees. Controleer de gaarheid in het dikste deel.
- Tip van Jan: Gehakt heeft door het malen een ander voedselveiligheidsprofiel dan een intacte steak. Volg de productspecifieke veilige kerntemperatuur.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een complete ovenschotel met groente, graan en sappige gehaktvulling.
Ingrediënten
- 500 g half-om-halfgehakt
- 1 ei
- 40 g paneermeel
- 1 kleine ui
- 1 tl mosterd
- 1 tl Worcestersaus
- 25 g boter
- 300 ml bouillon
- peper en zout
Bereiding
- 01Stap 1
Snipper de ui zeer fijn. Meng het gehakt kort met ei, paneermeel, ui, mosterd en Worcestersaus; kneed niet langer dan nodig.
- 02Stap 2
Vorm vier gelijke ballen en laat ze 10 minuten in de koelkast opstijven.
- 03Stap 3
Bak de ballen rondom bruin in boter op middelhoog vuur.
- 04Stap 4
Voeg bouillon toe, zet het vuur laag en laat 20–25 minuten zacht garen; keer halverwege.
- 05Stap 5
Neem de ballen uit de pan en kook de jus zo nodig enkele minuten in.
- 06Stap 6
Gaar het gehakt volledig; bij gehakt is een rosé steakgaring niet de bedoeling.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Bouw eerst een mooie korst op en druk een burger tijdens het bakken of grillen niet plat; zo blijft meer sap in het vlees. Controleer de gaarheid in het dikste deel.
- Tip van Jan: Gelijke porties garen gelijkmatiger en maken timing veel voorspelbaarder.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Klassieke gehaktballen met zachte garing en geconcentreerde jus.

Half om half rollade Vers
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- ca. 1,2 kg rollade
- 600 g wortels
- 4 sjalotten
- 250 ml bouillon
- 100 ml rode wijn
- 2 el olie
- 30 g boter
- peper en zout
Bereiding
- 01Stap 1
Verwarm de oven voor op 180 °C en rooster de wortels met een beetje olie.
- 02Stap 2
Bak de rollade rondom aan in een braadpan; leg daarna in een ovenschaal.
- 03Stap 3
Gaar in de oven tot volledig gaar in het thermische midden; gebruik tijd alleen als richtlijn.
- 04Stap 4
Laat het vlees 15 minuten rusten voordat u snijdt.
- 05Stap 5
Fruit sjalotten in de braadpan, blus met wijn en bouillon en kook tot jusdikte in.
- 06Stap 6
Monteer met boter en serveer met de geroosterde wortel.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Gebruik het zout uit het recept doelgericht op het vlees en verdeel het gelijkmatig. Voeg geen extra zout toe buiten de receptuur zonder eerst de totale kruiding te beoordelen.
- Gebruik de oven voor beheerst doorgaren. Wanneer het recept eerst een korst vraagt, schroei het vlees vooraf kort aan; bepaal het eindpunt op kern en niet uitsluitend op oventijd.
- Tip van Jan: Kies eerst de juiste techniek voor het product en pas daarna kruiden en saus aan. Een goed stuk vlees heeft meestal minder nodig dan u denkt.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een klassieke braadbereiding met kerntemperatuur als leidende controle.
Ingrediënten
- ca. 1,2 kg rollade
- 1 bos peterselie
- 2 el kappertjes
- 1 teen knoflook
- 1 el Dijonmosterd
- 2 el wittewijnazijn
- 70 ml olijfolie
Bereiding
- 01Stap 1
Maak de barbecue gereed met een indirecte zone rond 160–180 °C.
- 02Stap 2
Hak peterselie, kappertjes en knoflook en meng met mosterd, azijn en olijfolie.
- 03Stap 3
Gaar de rollade indirect met gesloten deksel tot volledig gaar in het thermische midden bijna is bereikt.
- 04Stap 4
Geef het vlees daarna kort kleur boven directe hitte.
- 05Stap 5
Laat 15 minuten rusten.
- 06Stap 6
Laat het vlees rusten en snijd het daarna in gelijkmatige plakken.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng naturel vlees vlak voor de bereiding gelijkmatig op smaak met zout. Volg een langere zout- of dry-brinefase alleen wanneer het recept dat bewust voorschrijft.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Gebruik directe hitte voor een mooie korst. Dikke stukken kun je daarna indirect verder laten garen; dunne steaks of kleine delen blijven vooral boven directe hitte. Controleer de gaarheid in het dikste deel.
- Tip van Jan: Een directe en indirecte zone geeft controle: kleuren waar het heet is, rustig doorgaren waar het minder heet is.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Barbecuebereiding met gecontroleerde indirecte hitte en een frisse saus aan tafel.
Ingrediënten
- ca. 1,2 kg rollade
- 1 knolselderij
- 500 g aardappelen
- 250 g paddenstoelen
- 250 ml bouillon
- 100 ml room
- 30 g boter
- peper en zout
Bereiding
- 01Stap 1
Kook knolselderij en aardappel samen gaar en pureer met room en een deel van de boter.
- 02Stap 2
Bak de paddenstoelen op hoog vuur bruin en houd apart.
- 03Stap 3
Gaar de rollade in oven of braadpan tot volledig gaar in het thermische midden en laat daarna rusten.
- 04Stap 4
Deglaceer de braadpan met bouillon en kook in tot een krachtige jus.
- 05Stap 5
Snijd het vlees pas na rust en controleer de snijrichting.
- 06Stap 6
Serveer met puree, paddenstoelen en jus.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Gebruik het zout uit het recept doelgericht op het vlees en verdeel het gelijkmatig. Voeg geen extra zout toe buiten de receptuur zonder eerst de totale kruiding te beoordelen.
- Gebruik de oven voor beheerst doorgaren. Wanneer het recept eerst een korst vraagt, schroei het vlees vooraf kort aan; bepaal het eindpunt op kern en niet uitsluitend op oventijd.
- Tip van Jan: Snijd vlees zo laat mogelijk. Zo blijft het warmer en verliest het minder vocht.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een stevig restaurantbord met aardse smaken en correcte rusttijd.
Kalf

Broeipoten
2 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- 1,5 kg Broeipoten
- 2 uien
- 2 wortels
- 2 stengels bleekselderij
- 1 el tomatenpuree
- 3 liter koud water
- 2 laurierblaadjes
- 10 peperkorrels
Bereiding
- 01Stap 1
Rooster botten en grof gesneden groente 45 minuten op 220 °C tot diepbruin.
- 02Stap 2
Voeg tomatenpuree de laatste 10 minuten toe en laat mee roosteren.
- 03Stap 3
Doe alles in een grote pan, voeg koud water, laurier en peper toe en breng langzaam tegen de kook aan.
- 04Stap 4
Schep schuim en vet aan de oppervlakte af en laat 5–8 uur zeer zacht trekken; niet hard koken.
- 05Stap 5
Zeef zonder te drukken en koel snel terug.
- 06Stap 6
Ontvet na afkoelen en gebruik als bouillon of basis voor jus.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng naturel vlees vlak voor de bereiding gelijkmatig op smaak met zout. Volg een langere zout- of dry-brinefase alleen wanneer het recept dat bewust voorschrijft.
- Gebruik de oven voor beheerst doorgaren. Wanneer het recept eerst een korst vraagt, schroei het vlees vooraf kort aan; bepaal het eindpunt op kern en niet uitsluitend op oventijd.
- Tip van Jan: Meet in het dikste deel en niet tegen bot, vetlaag of pan. Zo stuurt u op garing in plaats van op minuten.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een echte basisbouillon met diepe braadsmaak.
Ingrediënten
- 1,5 kg Broeipoten
- 2 uien
- 2 wortels
- 1 stengel bleekselderij
- 1 el tomatenpuree
- 500 ml rode wijn
- 2,5 liter water
- 2 laurierblaadjes
Bereiding
- 01Stap 1
Rooster botten en groente donkerbruin op 220 °C.
- 02Stap 2
Bak tomatenpuree de laatste 10 minuten mee.
- 03Stap 3
Blus de braadslede met rode wijn en schraap alle aanbaksels los.
- 04Stap 4
Doe botten, groente, wijn en water in een pan en laat 6 uur zeer zacht trekken.
- 05Stap 5
Zeef en kook de vloeistof daarna rustig in tot een krachtige, licht stroperige jusbasis.
- 06Stap 6
Koel snel terug en bewaar gekoeld of vries in porties in.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng naturel vlees vlak voor de bereiding gelijkmatig op smaak met zout. Volg een langere zout- of dry-brinefase alleen wanneer het recept dat bewust voorschrijft.
- Gebruik de oven voor beheerst doorgaren. Wanneer het recept eerst een korst vraagt, schroei het vlees vooraf kort aan; bepaal het eindpunt op kern en niet uitsluitend op oventijd.
- Tip van Jan: Kies eerst de juiste techniek voor het product en pas daarna kruiden en saus aan. Een goed stuk vlees heeft meestal minder nodig dan u denkt.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Professionele jusbasis voor sauzen en stoofgerechten.

Kalfs achterschenkel
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- ca. 1 kg Kalfs achterschenkel
- 3 uien
- 330 ml donker bier
- 400 ml bouillon
- 2 el bloem
- 1 el mosterd
- 2 laurierblaadjes
- 30 g boter
Bereiding
- 01Stap 1
Snijd de Kalfs achterschenkel in gelijkmatige stukken als dat nog niet is gebeurd. Is het oppervlak zichtbaar nat, dep alleen dat vocht weg zodat het vlees kan bruinen.
- 02Stap 2
Bak het vlees in porties stevig bruin in boter; leg elke portie apart.
- 03Stap 3
Bak de ui rustig goudbruin, bestuif met bloem en laat 1 minuut meegaren.
- 04Stap 4
Blus met bier en bouillon en roer alle aanbaksels los. Voeg mosterd en laurier toe.
- 05Stap 5
Doe het vlees terug en laat 2,5–3 uur zeer zacht stoven tot het lepelmals is; laat de saus het laatste halfuur zo nodig zonder deksel inkoken.
- 06Stap 6
Proef pas op het einde op zout en serveer met aardappelpuree of friet.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Gebruik het zout uit het recept doelgericht op het vlees en verdeel het gelijkmatig. Voeg geen extra zout toe buiten de receptuur zonder eerst de totale kruiding te beoordelen.
- Braad de vleesstukken waar het recept dat toelaat in porties aan voor kleur en smaak. Laat ze daarna rustig stoven: zacht pruttelen, niet hard doorkoken, en gebruik malsheid als eindcontrole in plaats van alleen een vaste tijd.
- Tip van Jan: Lever wordt snel droog en korrelig. Bak porties kort en serveer direct wanneer het recept dat toelaat.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Diepe, klassieke stoofsmaak door bruinen, reduceren en langzame garing.
Ingrediënten
- ca. 1 kg Kalfs achterschenkel
- 150 g spekblokjes
- 2 wortels
- 2 uien
- 250 g champignons
- 500 ml rode wijn
- 400 ml bouillon
- 1 el tomatenpuree
- 2 laurierblaadjes
Bereiding
- 01Stap 1
Bak de spekblokjes uit en schep ze uit de pan.
- 02Stap 2
Bak de Kalfs achterschenkel in porties rondom donkerbruin en neem uit de pan.
- 03Stap 3
Bak ui en wortel, voeg tomatenpuree toe en bak 1 minuut mee.
- 04Stap 4
Blus met rode wijn en bouillon, voeg laurier toe en doe het vlees terug. Laat circa 3 uur zeer zacht stoven.
- 05Stap 5
Bak de champignons apart bruin en voeg ze met het spek pas in het laatste halfuur toe.
- 06Stap 6
Het gerecht is klaar wanneer het vlees zonder weerstand uit elkaar valt en de saus glanst.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng naturel vlees vlak voor de bereiding gelijkmatig op smaak met zout. Volg een langere zout- of dry-brinefase alleen wanneer het recept dat bewust voorschrijft.
- Braad de vleesstukken waar het recept dat toelaat in porties aan voor kleur en smaak. Laat ze daarna rustig stoven: zacht pruttelen, niet hard doorkoken, en gebruik malsheid als eindcontrole in plaats van alleen een vaste tijd.
- Tip van Jan: De smaak is verfijnd; kies beheerste hitte en sauzen die ondersteunen in plaats van overheersen.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een Franse klassieker met gelaagde smaak en paddenstoelen die hun bite behouden.
Ingrediënten
- ca. 1 kg Kalfs achterschenkel
- 2 uien
- 3 tenen knoflook
- 20 g gember
- 2 tl gemalen koriander
- 1 tl komijn
- 3 el ketjap manis
- 400 ml kokosmelk
- 1 stengel citroengras
Bereiding
- 01Stap 1
Bak de ui rustig goudbruin in een beetje olie.
- 02Stap 2
Voeg knoflook, gember, koriander en komijn toe en bak kort tot het geurt.
- 03Stap 3
Voeg de Kalfs achterschenkel toe en bak rondom aan; werk in porties als de pan te vol wordt.
- 04Stap 4
Roer ketjap erdoor, voeg kokosmelk en gekneusd citroengras toe en breng tegen de kook aan.
- 05Stap 5
Laat 2,5–3 uur heel zacht stoven zonder hard te koken.
- 06Stap 6
Neem het deksel het laatste halfuur weg zodat de saus geconcentreerd en romig wordt; verwijder citroengras voor serveren.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng naturel vlees vlak voor de bereiding gelijkmatig op smaak met zout. Volg een langere zout- of dry-brinefase alleen wanneer het recept dat bewust voorschrijft.
- Braad de vleesstukken waar het recept dat toelaat in porties aan voor kleur en smaak. Laat ze daarna rustig stoven: zacht pruttelen, niet hard doorkoken, en gebruik malsheid als eindcontrole in plaats van alleen een vaste tijd.
- Tip van Jan: Lever wordt snel droog en korrelig. Bak porties kort en serveer direct wanneer het recept dat toelaat.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een warme specerijenrichting die echt verschilt van Europese stoofgerechten.

Kalfsbotten
2 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- 1,5 kg Kalfsbotten
- 2 uien
- 2 wortels
- 2 stengels bleekselderij
- 1 el tomatenpuree
- 3 liter koud water
- 2 laurierblaadjes
- 10 peperkorrels
Bereiding
- 01Stap 1
Rooster botten en grof gesneden groente 45 minuten op 220 °C tot diepbruin.
- 02Stap 2
Voeg tomatenpuree de laatste 10 minuten toe en laat mee roosteren.
- 03Stap 3
Doe alles in een grote pan, voeg koud water, laurier en peper toe en breng langzaam tegen de kook aan.
- 04Stap 4
Schep schuim en vet aan de oppervlakte af en laat 5–8 uur zeer zacht trekken; niet hard koken.
- 05Stap 5
Zeef zonder te drukken en koel snel terug.
- 06Stap 6
Ontvet na afkoelen en gebruik als bouillon of basis voor jus.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng naturel vlees vlak voor de bereiding gelijkmatig op smaak met zout. Volg een langere zout- of dry-brinefase alleen wanneer het recept dat bewust voorschrijft.
- Gebruik de oven voor beheerst doorgaren. Wanneer het recept eerst een korst vraagt, schroei het vlees vooraf kort aan; bepaal het eindpunt op kern en niet uitsluitend op oventijd.
- Tip van Jan: Meet in het dikste deel en niet tegen bot, vetlaag of pan. Zo stuurt u op garing in plaats van op minuten.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een echte basisbouillon met diepe braadsmaak.
Ingrediënten
- 1,5 kg Kalfsbotten
- 2 uien
- 2 wortels
- 1 stengel bleekselderij
- 1 el tomatenpuree
- 500 ml rode wijn
- 2,5 liter water
- 2 laurierblaadjes
Bereiding
- 01Stap 1
Rooster botten en groente donkerbruin op 220 °C.
- 02Stap 2
Bak tomatenpuree de laatste 10 minuten mee.
- 03Stap 3
Blus de braadslede met rode wijn en schraap alle aanbaksels los.
- 04Stap 4
Doe botten, groente, wijn en water in een pan en laat 6 uur zeer zacht trekken.
- 05Stap 5
Zeef en kook de vloeistof daarna rustig in tot een krachtige, licht stroperige jusbasis.
- 06Stap 6
Koel snel terug en bewaar gekoeld of vries in porties in.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng naturel vlees vlak voor de bereiding gelijkmatig op smaak met zout. Volg een langere zout- of dry-brinefase alleen wanneer het recept dat bewust voorschrijft.
- Gebruik de oven voor beheerst doorgaren. Wanneer het recept eerst een korst vraagt, schroei het vlees vooraf kort aan; bepaal het eindpunt op kern en niet uitsluitend op oventijd.
- Tip van Jan: Kies eerst de juiste techniek voor het product en pas daarna kruiden en saus aan. Een goed stuk vlees heeft meestal minder nodig dan u denkt.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Professionele jusbasis voor sauzen en stoofgerechten.

Kalfsentrecote rose
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- ca. 700 g entrecote
- 2 stronken paksoi
- 2 lente-uien
- 2 el sojasaus
- 1 el rijstazijn
- 1 tl sesamolie
- 1 tl honing
- 1 el neutrale olie
- 1 tl geroosterde sesam
Bereiding
- 01Stap 1
Snijd de entrecote alleen als het deelstuk dat toelaat in dunne plakken dwars op de draad; laat dikke steaks juist heel en snijd pas na het garen.
- 02Stap 2
Meng sojasaus, rijstazijn, sesamolie en honing tot een snelle jus.
- 03Stap 3
Bak de entrecote zeer heet en kort zodat het vlees kleurt zonder uit te drogen; gaar verder tot 54–56 °C voor medium-rare of 58–60 °C voor medium.
- 04Stap 4
Roerbak paksoi en lente-ui 2–3 minuten zodat ze fris en knapperig blijven.
- 05Stap 5
Voeg de sojajus kort toe en laat slechts enkele seconden bruisen.
- 06Stap 6
Serveer de entrecote met paksoi en bestrooi met sesam.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng naturel vlees op smaak met zout en zwarte peper, óf gebruik Jans Biefstuk Kruidenmix als smaakvol alternatief. Kies één van beide en voorkom dubbele kruiding.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Verhit de pan eerst goed en gebruik waar nodig slechts een dun laagje hittebestendig bakvet. Geef het vlees ruimte en bouw een duidelijke korst op zonder voortdurend te schuiven; verlaag daarna de hitte wanneer het stuk nog moet doorgaren.
- Tip van Jan: Ook bij malse steaks verbetert dwars op de draad snijden de beet, vooral bij grovere structuren.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een moderne, lichtere bereiding met veel umami en korte garing.
Ingrediënten
- ca. 700 g entrecote
- 300 g cherrytomaten
- 1 bos peterselie
- 2 el kappertjes
- 1 el Dijonmosterd
- 2 el wittewijnazijn
- 70 ml olijfolie
- 1 teen knoflook
Bereiding
- 01Stap 1
Rooster de tomaten 15 minuten op 200 °C tot ze openbarsten.
- 02Stap 2
Hak peterselie, kappertjes en knoflook en meng met mosterd, azijn en olijfolie tot salsa verde.
- 03Stap 3
Grill de entrecote op hoge hitte voor duidelijke grillstrepen en kleur.
- 04Stap 4
Gaar verder tot 54–56 °C voor medium-rare of 58–60 °C voor medium. Laat 5–8 minuten rusten.
- 05Stap 5
Laat 5–8 minuten rusten en snijd pas daarna aan; serveer als hele portie of in gelijkmatige plakken.
- 06Stap 6
Serveer met geroosterde tomaat en salsa verde aan tafel.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng naturel vlees op smaak met zout en zwarte peper, óf gebruik Jans Biefstuk Kruidenmix als smaakvol alternatief. Kies één van beide en voorkom dubbele kruiding.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Gebruik directe hitte voor een mooie korst. Dikke stukken kun je daarna indirect verder laten garen; dunne steaks of kleine delen blijven vooral boven directe hitte. Controleer de gaarheid in het dikste deel.
- Tip van Jan: Bij dikke steaks werkt eerst kleuren en daarna rustiger doorgaren vaak beter dan de hele bereiding op maximale hitte.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Fris en hartig; de salsa wordt na het garen toegevoegd en blijft daardoor levendig.
Ingrediënten
- ca. 700 g entrecote
- 700 g krieltjes
- 2 sjalotten
- 150 ml rode wijn
- 200 ml runder- of kalfsfond
- 30 g koude boter
- 1 el neutrale olie
- zout en zwarte peper
Bereiding
- 01Stap 1
Laat de entrecote 20–30 minuten temperen. Is het oppervlak zichtbaar vochtig, dep dan alleen dat vocht weg; verder is geen voorbehandeling nodig.
- 02Stap 2
Rooster de krieltjes in een oven van 210 °C in 30–35 minuten goudbruin en gaar.
- 03Stap 3
Verhit een zware koekenpan zeer heet, voeg olie toe en bak de entrecote rondom krachtig aan. Gaar verder tot 54–56 °C voor medium-rare of 58–60 °C voor medium.
- 04Stap 4
Neem de entrecote uit de pan en laat 8–10 minuten rusten. Fruit intussen de sjalot in dezelfde pan.
- 05Stap 5
Blus met rode wijn, laat tot ongeveer de helft inkoken, voeg fond toe en reduceer tot sausdikte. Klop van het vuur af de koude boter erdoor.
- 06Stap 6
Snijd de entrecote dwars op de draad waar dat voor dit deelstuk relevant is en serveer met de jus en krieltjes.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng het vlees vlak voor de bereiding op smaak met zout en zwarte peper. Voor een vollere, kruidige smaak kun je in plaats daarvan Jans Biefstuk Kruidenmix gebruiken. Kies één van beide; zo blijft de kruiding mooi in balans.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Verhit de pan eerst goed en gebruik waar nodig slechts een dun laagje hittebestendig bakvet. Geef het vlees ruimte en bouw een duidelijke korst op zonder voortdurend te schuiven; verlaag daarna de hitte wanneer het stuk nog moet doorgaren.
- Voeg boter en aromaten uit het recept pas na de eerste korstfase toe en lepel het schuimende bakvet kort over het vlees; zo blijven de aromaten frisser en verbranden ze minder snel.
- Tip van Jan: Gebruik boter, knoflook of kruiden pas in de laatste fase als de pan iets rustiger is; zo verbranden de melkbestanddelen minder snel.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een klassieke bistrobereiding waarin de smaak van entrecote centraal blijft.

Kalfslende rosé
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- ca. 1,2 kg Kalfslende rosé
- 600 g wortels
- 4 sjalotten
- 250 ml bouillon
- 100 ml rode wijn
- 2 el olie
- 30 g boter
- peper en zout
Bereiding
- 01Stap 1
Verwarm de oven voor op 180 °C en rooster de wortels met een beetje olie.
- 02Stap 2
Bak de Kalfslende rosé rondom aan in een braadpan; leg daarna in een ovenschaal.
- 03Stap 3
Gaar in de oven tot 54–56 °C voor medium-rare of 58–60 °C voor medium; gebruik tijd alleen als richtlijn.
- 04Stap 4
Laat het vlees 15 minuten rusten voordat u snijdt.
- 05Stap 5
Fruit sjalotten in de braadpan, blus met wijn en bouillon en kook tot jusdikte in.
- 06Stap 6
Monteer met boter en serveer met de geroosterde wortel.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Gebruik het zout uit het recept doelgericht op het vlees en verdeel het gelijkmatig. Voeg geen extra zout toe buiten de receptuur zonder eerst de totale kruiding te beoordelen.
- Gebruik de oven voor beheerst doorgaren. Wanneer het recept eerst een korst vraagt, schroei het vlees vooraf kort aan; bepaal het eindpunt op kern en niet uitsluitend op oventijd.
- Tip van Jan: Kies eerst de juiste techniek voor het product en pas daarna kruiden en saus aan. Een goed stuk vlees heeft meestal minder nodig dan u denkt.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een klassieke braadbereiding met kerntemperatuur als leidende controle.
Ingrediënten
- ca. 1,2 kg Kalfslende rosé
- 1 bos peterselie
- 2 el kappertjes
- 1 teen knoflook
- 1 el Dijonmosterd
- 2 el wittewijnazijn
- 70 ml olijfolie
Bereiding
- 01Stap 1
Maak de barbecue gereed met een indirecte zone rond 160–180 °C.
- 02Stap 2
Hak peterselie, kappertjes en knoflook en meng met mosterd, azijn en olijfolie.
- 03Stap 3
Gaar de Kalfslende rosé indirect met gesloten deksel tot 54–56 °C voor medium-rare of 58–60 °C voor medium bijna is bereikt.
- 04Stap 4
Geef het vlees daarna kort kleur boven directe hitte.
- 05Stap 5
Laat 15 minuten rusten.
- 06Stap 6
Laat 10–15 minuten rusten en snijd daarna in gelijkmatige plakken.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng naturel vlees vlak voor de bereiding gelijkmatig op smaak met zout. Volg een langere zout- of dry-brinefase alleen wanneer het recept dat bewust voorschrijft.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Gebruik directe hitte voor een mooie korst. Dikke stukken kun je daarna indirect verder laten garen; dunne steaks of kleine delen blijven vooral boven directe hitte. Controleer de gaarheid in het dikste deel.
- Tip van Jan: Een directe en indirecte zone geeft controle: kleuren waar het heet is, rustig doorgaren waar het minder heet is.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Barbecuebereiding met gecontroleerde indirecte hitte en een frisse saus aan tafel.
Ingrediënten
- ca. 1,2 kg Kalfslende rosé
- 1 knolselderij
- 500 g aardappelen
- 250 g paddenstoelen
- 250 ml bouillon
- 100 ml room
- 30 g boter
- peper en zout
Bereiding
- 01Stap 1
Kook knolselderij en aardappel samen gaar en pureer met room en een deel van de boter.
- 02Stap 2
Bak de paddenstoelen op hoog vuur bruin en houd apart.
- 03Stap 3
Gaar de Kalfslende rosé in oven of braadpan tot 54–56 °C voor medium-rare of 58–60 °C voor medium en laat daarna rusten.
- 04Stap 4
Deglaceer de braadpan met bouillon en kook in tot een krachtige jus.
- 05Stap 5
Snijd het vlees pas na rust en controleer de snijrichting.
- 06Stap 6
Serveer met puree, paddenstoelen en jus.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Gebruik het zout uit het recept doelgericht op het vlees en verdeel het gelijkmatig. Voeg geen extra zout toe buiten de receptuur zonder eerst de totale kruiding te beoordelen.
- Gebruik de oven voor beheerst doorgaren. Wanneer het recept eerst een korst vraagt, schroei het vlees vooraf kort aan; bepaal het eindpunt op kern en niet uitsluitend op oventijd.
- Tip van Jan: Snijd vlees zo laat mogelijk. Zo blijft het warmer en verliest het minder vocht.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een stevig restaurantbord met aardse smaken en correcte rusttijd.

Kalfslever 200 g.
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- 500 g kalfslever
- 2 grote uien
- 1 friszure appel
- 30 g boter
- 1 el olie
- 1 el bloem
- peper en zout
Bereiding
- 01Stap 1
Bak de uien rustig in boter tot goudbruin en zoet.
- 02Stap 2
Voeg appelpartjes toe en bak kort mee; houd warm.
- 03Stap 3
Bestuif de lever zeer licht met bloem en schud overtollige bloem af.
- 04Stap 4
Verhit een tweede pan stevig en bak de lever aan beide zijden; gaar door tot 70 °C in het dikste deel en voorkom daarna onnodig doorbakken.
- 05Stap 5
Breng pas na het bakken op smaak.
- 06Stap 6
Serveer direct met ui en appel.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Gebruik het zout uit het recept doelgericht op het vlees en verdeel het gelijkmatig. Voeg geen extra zout toe buiten de receptuur zonder eerst de totale kruiding te beoordelen.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Verhit de pan eerst goed en gebruik waar nodig slechts een dun laagje hittebestendig bakvet. Geef het vlees ruimte en bouw een duidelijke korst op zonder voortdurend te schuiven; verlaag daarna de hitte wanneer het stuk nog moet doorgaren.
- Voeg boter en aromaten uit het recept pas na de eerste korstfase toe en lepel het schuimende bakvet kort over het vlees; zo blijven de aromaten frisser en verbranden ze minder snel.
- Tip van Jan: Laat vis in de pan eerst een korst vormen voordat u probeert te keren.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Lever vraagt korte, precieze bereiding en een zoet-hartige tegenhanger.
Ingrediënten
- 500 g kalfslever
- 8 sneetjes zuurdesem
- 2 sjalotten
- 30 g boter
- 1 el balsamico
- 1 bosje peterselie
- peper en zout
Bereiding
- 01Stap 1
Rooster het brood krokant.
- 02Stap 2
Bak sjalot zacht in een deel van de boter.
- 03Stap 3
Bak de lever kort en krachtig in een hete pan en neem uit de pan.
- 04Stap 4
Blus met balsamico en een eetlepel water en laat kort stroperig worden.
- 05Stap 5
Leg de lever op toast en verdeel sjalot erover.
- 06Stap 6
Lepel de panjus eromheen en werk af met peterselie.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Gebruik het zout uit het recept doelgericht op het vlees en verdeel het gelijkmatig. Voeg geen extra zout toe buiten de receptuur zonder eerst de totale kruiding te beoordelen.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Verhit de pan eerst goed en gebruik waar nodig slechts een dun laagje hittebestendig bakvet. Geef het vlees ruimte en bouw een duidelijke korst op zonder voortdurend te schuiven; verlaag daarna de hitte wanneer het stuk nog moet doorgaren.
- Voeg boter en aromaten uit het recept pas na de eerste korstfase toe en lepel het schuimende bakvet kort over het vlees; zo blijven de aromaten frisser en verbranden ze minder snel.
- Tip van Jan: Laat vis in de pan eerst een korst vormen voordat u probeert te keren.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Compact bistrorecept met duidelijke toepassing.
Ingrediënten
- 600 g kalfslever
- 800 g kruimige aardappelen
- 150 ml melk
- 40 g boter
- 2 sjalotten
- 200 ml bouillon
- 1 el grove mosterd
Bereiding
- 01Stap 1
Kook de aardappelen gaar en maak puree met warme melk en de helft van de boter.
- 02Stap 2
Fruit sjalot, voeg bouillon toe en kook tot ongeveer de helft in; roer mosterd erdoor.
- 03Stap 3
Bak de lever kort in een hete pan met de rest van de boter tot mooi gekleurd en nog sappig.
- 04Stap 4
Laat hooguit heel kort staan; lever verliest snel sappigheid.
- 05Stap 5
Proef de jus en corrigeer op smaak.
- 06Stap 6
Serveer de lever op de puree met mosterdjus.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng naturel vlees vlak voor de bereiding gelijkmatig op smaak met zout. Volg een langere zout- of dry-brinefase alleen wanneer het recept dat bewust voorschrijft.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Verhit de pan eerst goed en gebruik waar nodig slechts een dun laagje hittebestendig bakvet. Geef het vlees ruimte en bouw een duidelijke korst op zonder voortdurend te schuiven; verlaag daarna de hitte wanneer het stuk nog moet doorgaren.
- Voeg boter en aromaten uit het recept pas na de eerste korstfase toe en lepel het schuimende bakvet kort over het vlees; zo blijven de aromaten frisser en verbranden ze minder snel.
- Tip van Jan: Laat vis in de pan eerst een korst vormen voordat u probeert te keren.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Klassieke complete bordopbouw.

Kalfsmuis rosé
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- ca. 1,2 kg Kalfsmuis rosé
- 600 g wortels
- 4 sjalotten
- 250 ml bouillon
- 100 ml rode wijn
- 2 el olie
- 30 g boter
- peper en zout
Bereiding
- 01Stap 1
Verwarm de oven voor op 180 °C en rooster de wortels met een beetje olie.
- 02Stap 2
Bak de Kalfsmuis rosé rondom aan in een braadpan; leg daarna in een ovenschaal.
- 03Stap 3
Gaar in de oven tot 54–56 °C voor medium-rare of 58–60 °C voor medium; gebruik tijd alleen als richtlijn.
- 04Stap 4
Laat het vlees 15 minuten rusten voordat u snijdt.
- 05Stap 5
Fruit sjalotten in de braadpan, blus met wijn en bouillon en kook tot jusdikte in.
- 06Stap 6
Monteer met boter en serveer met de geroosterde wortel.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Gebruik het zout uit het recept doelgericht op het vlees en verdeel het gelijkmatig. Voeg geen extra zout toe buiten de receptuur zonder eerst de totale kruiding te beoordelen.
- Gebruik de oven voor beheerst doorgaren. Wanneer het recept eerst een korst vraagt, schroei het vlees vooraf kort aan; bepaal het eindpunt op kern en niet uitsluitend op oventijd.
- Tip van Jan: Laat vis in de pan eerst een korst vormen voordat u probeert te keren.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een klassieke braadbereiding met kerntemperatuur als leidende controle.
Ingrediënten
- ca. 1,2 kg Kalfsmuis rosé
- 1 bos peterselie
- 2 el kappertjes
- 1 teen knoflook
- 1 el Dijonmosterd
- 2 el wittewijnazijn
- 70 ml olijfolie
Bereiding
- 01Stap 1
Maak de barbecue gereed met een indirecte zone rond 160–180 °C.
- 02Stap 2
Hak peterselie, kappertjes en knoflook en meng met mosterd, azijn en olijfolie.
- 03Stap 3
Gaar de Kalfsmuis rosé indirect met gesloten deksel tot 54–56 °C voor medium-rare of 58–60 °C voor medium bijna is bereikt.
- 04Stap 4
Geef het vlees daarna kort kleur boven directe hitte.
- 05Stap 5
Laat 15 minuten rusten.
- 06Stap 6
Laat 10–15 minuten rusten en snijd daarna in gelijkmatige plakken.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng naturel vlees vlak voor de bereiding gelijkmatig op smaak met zout. Volg een langere zout- of dry-brinefase alleen wanneer het recept dat bewust voorschrijft.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Gebruik directe hitte voor een mooie korst. Dikke stukken kun je daarna indirect verder laten garen; dunne steaks of kleine delen blijven vooral boven directe hitte. Controleer de gaarheid in het dikste deel.
- Tip van Jan: Haal vis tijdig van de hitte; restwarmte kan de kern nog enkele graden laten stijgen.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Barbecuebereiding met gecontroleerde indirecte hitte en een frisse saus aan tafel.
Ingrediënten
- ca. 1,2 kg Kalfsmuis rosé
- 1 knolselderij
- 500 g aardappelen
- 250 g paddenstoelen
- 250 ml bouillon
- 100 ml room
- 30 g boter
- peper en zout
Bereiding
- 01Stap 1
Kook knolselderij en aardappel samen gaar en pureer met room en een deel van de boter.
- 02Stap 2
Bak de paddenstoelen op hoog vuur bruin en houd apart.
- 03Stap 3
Gaar de Kalfsmuis rosé in oven of braadpan tot 54–56 °C voor medium-rare of 58–60 °C voor medium en laat daarna rusten.
- 04Stap 4
Deglaceer de braadpan met bouillon en kook in tot een krachtige jus.
- 05Stap 5
Snijd het vlees pas na rust en controleer de snijrichting.
- 06Stap 6
Serveer met puree, paddenstoelen en jus.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Gebruik het zout uit het recept doelgericht op het vlees en verdeel het gelijkmatig. Voeg geen extra zout toe buiten de receptuur zonder eerst de totale kruiding te beoordelen.
- Gebruik de oven voor beheerst doorgaren. Wanneer het recept eerst een korst vraagt, schroei het vlees vooraf kort aan; bepaal het eindpunt op kern en niet uitsluitend op oventijd.
- Tip van Jan: Ga met de vingers over de filet en verwijder achtergebleven graatjes met een schone pincet.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een stevig restaurantbord met aardse smaken en correcte rusttijd.

Kalfspoulet rosé
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- ca. 1 kg kalfspoulet
- 3 uien
- 330 ml donker bier
- 400 ml bouillon
- 2 el bloem
- 1 el mosterd
- 2 laurierblaadjes
- 30 g boter
Bereiding
- 01Stap 1
Snijd de kalfspoulet in gelijkmatige stukken als dat nog niet is gebeurd. Is het oppervlak zichtbaar nat, dep alleen dat vocht weg zodat het vlees kan bruinen.
- 02Stap 2
Bak het vlees in porties stevig bruin in boter; leg elke portie apart.
- 03Stap 3
Bak de ui rustig goudbruin, bestuif met bloem en laat 1 minuut meegaren.
- 04Stap 4
Blus met bier en bouillon en roer alle aanbaksels los. Voeg mosterd en laurier toe.
- 05Stap 5
Doe het vlees terug en laat 2,5–3 uur zeer zacht stoven tot het lepelmals is; laat de saus het laatste halfuur zo nodig zonder deksel inkoken.
- 06Stap 6
Proef pas op het einde op zout en serveer met aardappelpuree of friet.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Snijd stoofvlees alleen kleiner als het recept dat nodig heeft en houd de stukken zoveel mogelijk gelijk van formaat, zodat ze gelijkmatig garen.
- Braad de vleesstukken waar het recept dat toelaat in porties aan voor kleur en smaak. Laat ze daarna rustig stoven: zacht pruttelen, niet hard doorkoken, en gebruik malsheid als eindcontrole in plaats van alleen een vaste tijd.
- Tip van Jan: Dunne staartstukken zijn eerder klaar dan dikke middendelen; haal ze zo nodig eerder uit de pan.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Diepe, klassieke stoofsmaak door bruinen, reduceren en langzame garing.
Ingrediënten
- ca. 1 kg kalfspoulet
- 150 g spekblokjes
- 2 wortels
- 2 uien
- 250 g champignons
- 500 ml rode wijn
- 400 ml bouillon
- 1 el tomatenpuree
- 2 laurierblaadjes
Bereiding
- 01Stap 1
Bak de spekblokjes uit en schep ze uit de pan.
- 02Stap 2
Bak de kalfspoulet in porties rondom donkerbruin en neem uit de pan.
- 03Stap 3
Bak ui en wortel, voeg tomatenpuree toe en bak 1 minuut mee.
- 04Stap 4
Blus met rode wijn en bouillon, voeg laurier toe en doe het vlees terug. Laat circa 3 uur zeer zacht stoven.
- 05Stap 5
Bak de champignons apart bruin en voeg ze met het spek pas in het laatste halfuur toe.
- 06Stap 6
Het gerecht is klaar wanneer het vlees zonder weerstand uit elkaar valt en de saus glanst.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Snijd stoofvlees alleen kleiner als het recept dat nodig heeft en houd de stukken zoveel mogelijk gelijk van formaat, zodat ze gelijkmatig garen.
- Braad de vleesstukken waar het recept dat toelaat in porties aan voor kleur en smaak. Laat ze daarna rustig stoven: zacht pruttelen, niet hard doorkoken, en gebruik malsheid als eindcontrole in plaats van alleen een vaste tijd.
- Tip van Jan: Vis koelt een pan snel af. Bak porties met ruimte ertussen voor kleur in plaats van stoom.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een Franse klassieker met gelaagde smaak en paddenstoelen die hun bite behouden.
Ingrediënten
- ca. 1 kg kalfspoulet
- 2 uien
- 3 tenen knoflook
- 20 g gember
- 2 tl gemalen koriander
- 1 tl komijn
- 3 el ketjap manis
- 400 ml kokosmelk
- 1 stengel citroengras
Bereiding
- 01Stap 1
Bak de ui rustig goudbruin in een beetje olie.
- 02Stap 2
Voeg knoflook, gember, koriander en komijn toe en bak kort tot het geurt.
- 03Stap 3
Voeg de kalfspoulet toe en bak rondom aan; werk in porties als de pan te vol wordt.
- 04Stap 4
Roer ketjap erdoor, voeg kokosmelk en gekneusd citroengras toe en breng tegen de kook aan.
- 05Stap 5
Laat 2,5–3 uur heel zacht stoven zonder hard te koken.
- 06Stap 6
Neem het deksel het laatste halfuur weg zodat de saus geconcentreerd en romig wordt; verwijder citroengras voor serveren.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Snijd stoofvlees alleen kleiner als het recept dat nodig heeft en houd de stukken zoveel mogelijk gelijk van formaat, zodat ze gelijkmatig garen.
- Braad de vleesstukken waar het recept dat toelaat in porties aan voor kleur en smaak. Laat ze daarna rustig stoven: zacht pruttelen, niet hard doorkoken, en gebruik malsheid als eindcontrole in plaats van alleen een vaste tijd.
- Tip van Jan: Citroen of azijn pas vlak voor serveren houdt de visstructuur en frisse smaak beter.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een warme specerijenrichting die echt verschilt van Europese stoofgerechten.

Kalfsribeye rosé
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- ca. 700 g ribeye
- 2 stronken paksoi
- 2 lente-uien
- 2 el sojasaus
- 1 el rijstazijn
- 1 tl sesamolie
- 1 tl honing
- 1 el neutrale olie
- 1 tl geroosterde sesam
Bereiding
- 01Stap 1
Snijd de ribeye alleen als het deelstuk dat toelaat in dunne plakken overdwars; laat dikke steaks juist heel en snijd pas na het garen.
- 02Stap 2
Meng sojasaus, rijstazijn, sesamolie en honing tot een snelle jus.
- 03Stap 3
Bak de ribeye zeer heet en kort zodat het vlees kleurt zonder uit te drogen; gaar verder tot 54–56 °C voor medium-rare of 58–60 °C voor medium.
- 04Stap 4
Roerbak paksoi en lente-ui 2–3 minuten zodat ze fris en knapperig blijven.
- 05Stap 5
Voeg de sojajus kort toe en laat slechts enkele seconden bruisen.
- 06Stap 6
Serveer de ribeye met paksoi en bestrooi met sesam.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng naturel vlees op smaak met zout en zwarte peper, óf gebruik Jans Biefstuk Kruidenmix als smaakvol alternatief. Kies één van beide en voorkom dubbele kruiding.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Verhit de pan eerst goed en gebruik waar nodig slechts een dun laagje hittebestendig bakvet. Geef het vlees ruimte en bouw een duidelijke korst op zonder voortdurend te schuiven; verlaag daarna de hitte wanneer het stuk nog moet doorgaren.
- Tip van Jan: Dunne staartstukken zijn eerder klaar dan dikke middendelen; haal ze zo nodig eerder uit de pan.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Kerntemperatuur & eindcontrole
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een moderne, lichtere bereiding met veel umami en korte garing.
Ingrediënten
- ca. 700 g ribeye
- 300 g cherrytomaten
- 1 bos peterselie
- 2 el kappertjes
- 1 el Dijonmosterd
- 2 el wittewijnazijn
- 70 ml olijfolie
- 1 teen knoflook
Bereiding
- 01Stap 1
Rooster de tomaten 15 minuten op 200 °C tot ze openbarsten.
- 02Stap 2
Hak peterselie, kappertjes en knoflook en meng met mosterd, azijn en olijfolie tot salsa verde.
- 03Stap 3
Grill de ribeye op hoge hitte voor duidelijke grillstrepen en kleur.
- 04Stap 4
Gaar verder tot 54–56 °C voor medium-rare of 58–60 °C voor medium. Laat 5–8 minuten rusten.
- 05Stap 5
Laat de ribeye tijdens het garen heel en snijd hem pas na de rust overdwars in mooie plakken.
- 06Stap 6
Serveer met geroosterde tomaat en salsa verde aan tafel.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng naturel vlees op smaak met zout en zwarte peper, óf gebruik Jans Biefstuk Kruidenmix als smaakvol alternatief. Kies één van beide en voorkom dubbele kruiding.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Gebruik directe hitte voor een mooie korst. Dikke stukken kun je daarna indirect verder laten garen; dunne steaks of kleine delen blijven vooral boven directe hitte. Controleer de gaarheid in het dikste deel.
- Tip van Jan: Haal vis tijdig van de hitte; restwarmte kan de kern nog enkele graden laten stijgen.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Kerntemperatuur & eindcontrole
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Fris en hartig; de salsa wordt na het garen toegevoegd en blijft daardoor levendig.
Ingrediënten
- ca. 700 g ribeye
- 700 g krieltjes
- 2 sjalotten
- 150 ml rode wijn
- 200 ml runder- of kalfsfond
- 30 g koude boter
- 1 el neutrale olie
- zout en zwarte peper
Bereiding
- 01Stap 1
Laat de ribeye 20–30 minuten temperen. Is het oppervlak zichtbaar vochtig, dep dan alleen dat vocht weg; verder is geen voorbehandeling nodig.
- 02Stap 2
Rooster de krieltjes in een oven van 210 °C in 30–35 minuten goudbruin en gaar.
- 03Stap 3
Verhit een zware koekenpan zeer heet, voeg olie toe en bak de ribeye rondom krachtig aan. Gaar verder tot 54–56 °C voor medium-rare of 58–60 °C voor medium.
- 04Stap 4
Neem de ribeye uit de pan en laat 8–10 minuten rusten. Fruit intussen de sjalot in dezelfde pan.
- 05Stap 5
Blus met rode wijn, laat tot ongeveer de helft inkoken, voeg fond toe en reduceer tot sausdikte. Klop van het vuur af de koude boter erdoor.
- 06Stap 6
Snijd de ribeye overdwars waar dat voor dit deelstuk relevant is en serveer met de jus en krieltjes.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng het vlees vlak voor de bereiding op smaak met zout en zwarte peper. Voor een vollere, kruidige smaak kun je in plaats daarvan Jans Biefstuk Kruidenmix gebruiken. Kies één van beide; zo blijft de kruiding mooi in balans.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Verhit de pan eerst goed en gebruik waar nodig slechts een dun laagje hittebestendig bakvet. Geef het vlees ruimte en bouw een duidelijke korst op zonder voortdurend te schuiven; verlaag daarna de hitte wanneer het stuk nog moet doorgaren.
- Voeg boter en aromaten uit het recept pas na de eerste korstfase toe en lepel het schuimende bakvet kort over het vlees; zo blijven de aromaten frisser en verbranden ze minder snel.
- Tip van Jan: Dunne staartstukken zijn eerder klaar dan dikke middendelen; haal ze zo nodig eerder uit de pan.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Kerntemperatuur & eindcontrole
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een klassieke bistrobereiding waarin de smaak van ribeye centraal blijft.

Kalfsribeye rosé heel
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- ca. 700 g ribeye
- 700 g krieltjes
- 2 sjalotten
- 150 ml rode wijn
- 200 ml runder- of kalfsfond
- 30 g koude boter
- 1 el neutrale olie
- zout en zwarte peper
Bereiding
- 01Stap 1
Laat de ribeye 20–30 minuten temperen. Is het oppervlak zichtbaar vochtig, dep dan alleen dat vocht weg; verder is geen voorbehandeling nodig.
- 02Stap 2
Rooster de krieltjes in een oven van 210 °C in 30–35 minuten goudbruin en gaar.
- 03Stap 3
Verhit een zware koekenpan zeer heet, voeg olie toe en bak de ribeye rondom krachtig aan. Gaar verder tot 54–56 °C voor medium-rare of 58–60 °C voor medium.
- 04Stap 4
Neem de ribeye uit de pan en laat 8–10 minuten rusten. Fruit intussen de sjalot in dezelfde pan.
- 05Stap 5
Blus met rode wijn, laat tot ongeveer de helft inkoken, voeg fond toe en reduceer tot sausdikte. Klop van het vuur af de koude boter erdoor.
- 06Stap 6
Snijd de ribeye overdwars waar dat voor dit deelstuk relevant is en serveer met de jus en krieltjes.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng het vlees vlak voor de bereiding op smaak met zout en zwarte peper. Voor een vollere, kruidige smaak kun je in plaats daarvan Jans Biefstuk Kruidenmix gebruiken. Kies één van beide; zo blijft de kruiding mooi in balans.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Verhit de pan eerst goed en gebruik waar nodig slechts een dun laagje hittebestendig bakvet. Geef het vlees ruimte en bouw een duidelijke korst op zonder voortdurend te schuiven; verlaag daarna de hitte wanneer het stuk nog moet doorgaren.
- Voeg boter en aromaten uit het recept pas na de eerste korstfase toe en lepel het schuimende bakvet kort over het vlees; zo blijven de aromaten frisser en verbranden ze minder snel.
- Tip van Jan: Gebruik boter, knoflook of kruiden pas in de laatste fase als de pan iets rustiger is; zo verbranden de melkbestanddelen minder snel.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Kerntemperatuur & eindcontrole
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een klassieke bistrobereiding waarin de smaak van ribeye centraal blijft.
Ingrediënten
- ca. 700 g ribeye
- 1 bos platte peterselie
- 2 tenen knoflook
- 1 kleine rode peper
- 2 el rodewijnazijn
- 80 ml olijfolie
- 1 tl gedroogde oregano
- zout
Bereiding
- 01Stap 1
Hak peterselie, knoflook en rode peper fijn en meng met azijn, olijfolie, oregano en zout. Laat de chimichurri minimaal 15 minuten staan.
- 02Stap 2
Maak de barbecue gereed met een hete directe zone en een rustigere indirecte zone.
- 03Stap 3
Grill de ribeye boven directe hitte rondom stevig aan voor een donkere korst zonder te verbranden.
- 04Stap 4
Verplaats de ribeye zo nodig naar indirecte hitte en gaar tot 54–56 °C voor medium-rare of 58–60 °C voor medium.
- 05Stap 5
Laat 8–10 minuten rusten, losjes afgedekt.
- 06Stap 6
Laat de ribeye tijdens het garen heel en snijd hem pas na de rust overdwars in mooie plakken.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng het vlees vlak voor de bereiding op smaak met zout en zwarte peper. Voor een vollere, kruidige smaak kun je in plaats daarvan Jans Biefstuk Kruidenmix gebruiken. Kies één van beide; zo blijft de kruiding mooi in balans.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Gebruik directe hitte voor een mooie korst. Dikke stukken kun je daarna indirect verder laten garen; dunne steaks of kleine delen blijven vooral boven directe hitte. Controleer de gaarheid in het dikste deel.
- Tip van Jan: Laat een steak kort rusten zonder hem strak in folie te verpakken; anders wordt de korst zacht.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Kerntemperatuur & eindcontrole
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Fris, kruidig en uitgesproken zonder de ribeye onder een zware saus te verstoppen.
Ingrediënten
- ca. 700 g ribeye
- 250 g kastanjechampignons
- 1 sjalot
- 1 el groene peperkorrels
- 150 ml kookroom
- 150 ml fond
- 1 el olie
- 20 g boter
Bereiding
- 01Stap 1
Snijd de champignons in kwarten en bak ze op hoog vuur in een droge pan tot ze kleur krijgen; voeg pas daarna een klein klontje boter toe en houd warm.
- 02Stap 2
Bak de ribeye in een zeer hete pan rondom bruin en gaar tot 54–56 °C voor medium-rare of 58–60 °C voor medium.
- 03Stap 3
Laat de ribeye rusten terwijl u de saus maakt.
- 04Stap 4
Fruit sjalot en groene peperkorrels kort in dezelfde pan, voeg fond toe en kook tot ongeveer de helft in.
- 05Stap 5
Voeg room toe en laat rustig binden; proef voordat u extra zout toevoegt.
- 06Stap 6
Snijd de ribeye en serveer met de paddenstoelen en een kleine lepel pepersaus.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng het vlees vlak voor de bereiding op smaak met zout en zwarte peper. Voor een vollere, kruidige smaak kun je in plaats daarvan Jans Biefstuk Kruidenmix gebruiken. Kies één van beide; zo blijft de kruiding mooi in balans.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Verhit de pan eerst goed en gebruik waar nodig slechts een dun laagje hittebestendig bakvet. Geef het vlees ruimte en bouw een duidelijke korst op zonder voortdurend te schuiven; verlaag daarna de hitte wanneer het stuk nog moet doorgaren.
- Voeg boter en aromaten uit het recept pas na de eerste korstfase toe en lepel het schuimende bakvet kort over het vlees; zo blijven de aromaten frisser en verbranden ze minder snel.
- Tip van Jan: Gebruik boter, knoflook of kruiden pas in de laatste fase als de pan iets rustiger is; zo verbranden de melkbestanddelen minder snel.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Kerntemperatuur & eindcontrole
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een restaurantklassieker met romige saus en geroosterde paddenstoelen.

Kalfsriblap
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- ca. 1 kg riblap
- 150 g spekblokjes
- 2 wortels
- 2 uien
- 250 g champignons
- 500 ml rode wijn
- 400 ml bouillon
- 1 el tomatenpuree
- 2 laurierblaadjes
Bereiding
- 01Stap 1
Bak de spekblokjes uit en schep ze uit de pan.
- 02Stap 2
Bak de riblap in porties rondom donkerbruin en neem uit de pan.
- 03Stap 3
Bak ui en wortel, voeg tomatenpuree toe en bak 1 minuut mee.
- 04Stap 4
Blus met rode wijn en bouillon, voeg laurier toe en doe het vlees terug. Laat circa 3 uur zeer zacht stoven.
- 05Stap 5
Bak de champignons apart bruin en voeg ze met het spek pas in het laatste halfuur toe.
- 06Stap 6
Het gerecht is klaar wanneer het vlees zonder weerstand uit elkaar valt en de saus glanst.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Snijd stoofvlees alleen kleiner als het recept dat nodig heeft en houd de stukken zoveel mogelijk gelijk van formaat, zodat ze gelijkmatig garen.
- Braad de vleesstukken waar het recept dat toelaat in porties aan voor kleur en smaak. Laat ze daarna rustig stoven: zacht pruttelen, niet hard doorkoken, en gebruik malsheid als eindcontrole in plaats van alleen een vaste tijd.
- Tip van Jan: Snijd vlees zo laat mogelijk. Zo blijft het warmer en verliest het minder vocht.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een Franse klassieker met gelaagde smaak en paddenstoelen die hun bite behouden.
Ingrediënten
- ca. 1 kg riblap
- 2 uien
- 3 tenen knoflook
- 20 g gember
- 2 tl gemalen koriander
- 1 tl komijn
- 3 el ketjap manis
- 400 ml kokosmelk
- 1 stengel citroengras
Bereiding
- 01Stap 1
Bak de ui rustig goudbruin in een beetje olie.
- 02Stap 2
Voeg knoflook, gember, koriander en komijn toe en bak kort tot het geurt.
- 03Stap 3
Voeg de riblap toe en bak rondom aan; werk in porties als de pan te vol wordt.
- 04Stap 4
Roer ketjap erdoor, voeg kokosmelk en gekneusd citroengras toe en breng tegen de kook aan.
- 05Stap 5
Laat 2,5–3 uur heel zacht stoven zonder hard te koken.
- 06Stap 6
Neem het deksel het laatste halfuur weg zodat de saus geconcentreerd en romig wordt; verwijder citroengras voor serveren.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Snijd stoofvlees alleen kleiner als het recept dat nodig heeft en houd de stukken zoveel mogelijk gelijk van formaat, zodat ze gelijkmatig garen.
- Braad de vleesstukken waar het recept dat toelaat in porties aan voor kleur en smaak. Laat ze daarna rustig stoven: zacht pruttelen, niet hard doorkoken, en gebruik malsheid als eindcontrole in plaats van alleen een vaste tijd.
- Tip van Jan: Meet in het dikste deel en niet tegen bot, vetlaag of pan. Zo stuurt u op garing in plaats van op minuten.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een warme specerijenrichting die echt verschilt van Europese stoofgerechten.
Ingrediënten
- ca. 1 kg riblap
- 2 uien
- 2 wortels
- 400 g tomatenblokjes
- 120 g groene olijven
- 1 sinaasappel
- 300 ml bouillon
- 1 tl venkelzaad
- 2 el olijfolie
Bereiding
- 01Stap 1
Bak de riblap in een braadpan rondom bruin en neem uit de pan.
- 02Stap 2
Bak ui en wortel 5 minuten zacht, voeg venkelzaad toe en laat kort geuren.
- 03Stap 3
Voeg tomaat, bouillon, een brede reep sinaasappelschil en het vlees toe.
- 04Stap 4
Dek af en gaar 2,5–3 uur in een oven van 150 °C tot het vlees zeer mals is.
- 05Stap 5
Voeg olijven de laatste 20 minuten toe en verwijder de sinaasappelschil.
- 06Stap 6
Laat de saus zonder deksel zo nodig iets inkoken en serveer met polenta of aardappelpuree.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Snijd stoofvlees alleen kleiner als het recept dat nodig heeft en houd de stukken zoveel mogelijk gelijk van formaat, zodat ze gelijkmatig garen.
- Braad de vleesstukken waar het recept dat toelaat in porties aan voor kleur en smaak. Laat ze daarna rustig stoven: zacht pruttelen, niet hard doorkoken, en gebruik malsheid als eindcontrole in plaats van alleen een vaste tijd.
- Tip van Jan: Kies eerst de juiste techniek voor het product en pas daarna kruiden en saus aan. Een goed stuk vlees heeft meestal minder nodig dan u denkt.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Mediterrane stoof met frisse citrus en zilte olijf als tegenhanger voor rijk vlees.

Kalfsschenkel Ossobuco
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- ca. 1 kg kalfsschenkel
- 150 g spekblokjes
- 2 wortels
- 2 uien
- 250 g champignons
- 500 ml rode wijn
- 400 ml bouillon
- 1 el tomatenpuree
- 2 laurierblaadjes
Bereiding
- 01Stap 1
Bak de spekblokjes uit en schep ze uit de pan.
- 02Stap 2
Bak de kalfsschenkel in porties rondom donkerbruin en neem uit de pan.
- 03Stap 3
Bak ui en wortel, voeg tomatenpuree toe en bak 1 minuut mee.
- 04Stap 4
Blus met rode wijn en bouillon, voeg laurier toe en doe het vlees terug. Laat circa 3 uur zeer zacht stoven.
- 05Stap 5
Bak de champignons apart bruin en voeg ze met het spek pas in het laatste halfuur toe.
- 06Stap 6
Het gerecht is klaar wanneer het vlees zonder weerstand uit elkaar valt en de saus glanst.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng naturel vlees vlak voor de bereiding gelijkmatig op smaak met zout. Volg een langere zout- of dry-brinefase alleen wanneer het recept dat bewust voorschrijft.
- Braad de vleesstukken waar het recept dat toelaat in porties aan voor kleur en smaak. Laat ze daarna rustig stoven: zacht pruttelen, niet hard doorkoken, en gebruik malsheid als eindcontrole in plaats van alleen een vaste tijd.
- Tip van Jan: Bij ossobuco is zachte, lange garing belangrijker dan een exacte minuut.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een Franse klassieker met gelaagde smaak en paddenstoelen die hun bite behouden.
Ingrediënten
- ca. 1 kg kalfsschenkel
- 2 uien
- 3 tenen knoflook
- 20 g gember
- 2 tl gemalen koriander
- 1 tl komijn
- 3 el ketjap manis
- 400 ml kokosmelk
- 1 stengel citroengras
Bereiding
- 01Stap 1
Bak de ui rustig goudbruin in een beetje olie.
- 02Stap 2
Voeg knoflook, gember, koriander en komijn toe en bak kort tot het geurt.
- 03Stap 3
Voeg de kalfsschenkel toe en bak rondom aan; werk in porties als de pan te vol wordt.
- 04Stap 4
Roer ketjap erdoor, voeg kokosmelk en gekneusd citroengras toe en breng tegen de kook aan.
- 05Stap 5
Laat 2,5–3 uur heel zacht stoven zonder hard te koken.
- 06Stap 6
Neem het deksel het laatste halfuur weg zodat de saus geconcentreerd en romig wordt; verwijder citroengras voor serveren.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng naturel vlees vlak voor de bereiding gelijkmatig op smaak met zout. Volg een langere zout- of dry-brinefase alleen wanneer het recept dat bewust voorschrijft.
- Braad de vleesstukken waar het recept dat toelaat in porties aan voor kleur en smaak. Laat ze daarna rustig stoven: zacht pruttelen, niet hard doorkoken, en gebruik malsheid als eindcontrole in plaats van alleen een vaste tijd.
- Tip van Jan: Bij ossobuco is zachte, lange garing belangrijker dan een exacte minuut.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een warme specerijenrichting die echt verschilt van Europese stoofgerechten.
Ingrediënten
- ca. 1 kg kalfsschenkel
- 2 uien
- 2 wortels
- 400 g tomatenblokjes
- 120 g groene olijven
- 1 sinaasappel
- 300 ml bouillon
- 1 tl venkelzaad
- 2 el olijfolie
Bereiding
- 01Stap 1
Bak de kalfsschenkel in een braadpan rondom bruin en neem uit de pan.
- 02Stap 2
Bak ui en wortel 5 minuten zacht, voeg venkelzaad toe en laat kort geuren.
- 03Stap 3
Voeg tomaat, bouillon, een brede reep sinaasappelschil en het vlees toe.
- 04Stap 4
Dek af en gaar 2,5–3 uur in een oven van 150 °C tot het vlees zeer mals is.
- 05Stap 5
Voeg olijven de laatste 20 minuten toe en verwijder de sinaasappelschil.
- 06Stap 6
Laat de saus zonder deksel zo nodig iets inkoken en serveer met polenta of aardappelpuree.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng naturel vlees vlak voor de bereiding gelijkmatig op smaak met zout. Volg een langere zout- of dry-brinefase alleen wanneer het recept dat bewust voorschrijft.
- Braad de vleesstukken waar het recept dat toelaat in porties aan voor kleur en smaak. Laat ze daarna rustig stoven: zacht pruttelen, niet hard doorkoken, en gebruik malsheid als eindcontrole in plaats van alleen een vaste tijd.
- Tip van Jan: Bij ossobuco is zachte, lange garing belangrijker dan een exacte minuut.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Mediterrane stoof met frisse citrus en zilte olijf als tegenhanger voor rijk vlees.

Kalfsschnitzel rosé naturel
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- 4 stuks kalfsschnitzel
- 2 el olie
- 25 g boter
- 1 citroen
- 2 el kappertjes
- 100 ml bouillon
- 2 el peterselie
Bereiding
- 01Stap 1
Bak de kalfsschnitzel op middelhoog vuur goudbruin; gebruik bij een reeds bereid product alleen genoeg tijd om het volledig door te warmen.
- 02Stap 2
Neem uit de pan en houd warm.
- 03Stap 3
Voeg boter, kappertjes en bouillon toe en laat 2–3 minuten inkoken.
- 04Stap 4
Rasp een klein beetje citroenschil boven de saus en voeg naar smaak een scheutje sap toe.
- 05Stap 5
Leg de schnitzels kort terug in de pan zonder de korst zompig te laten worden.
- 06Stap 6
Werk af met peterselie en serveer met aardappeltjes of salade.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Houd de paneer- of crispylaag droog en intact. Voeg geen natte marinade toe en behandel dit product niet als een BBQ-steak.
- Dit product heeft al een eigen kruiding of smaakopbouw. Voeg daarom niet automatisch extra rub, marinade of kruidenmix toe.
- Bak het gepaneerde/crispy product met voldoende ruimte en keer beheerst zodat de korst heel en krokant blijft.
- Tip van Jan: Een droge buitenkant en voldoende hete pan of grill geven sneller een mooie korst; suikerhoudende marinades pas later op hoge hitte.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Citroen hoort hier bij een klassieke kappertjesjus en is geen generieke vleesmarinade.
Ingrediënten
- 4 stuks kalfsschnitzel
- 1 tl olie
- 200 g gemengde sla
- 1 appel
- 1/2 komkommer
- 2 el yoghurt
- 1 el mosterd
- 1 el honing
Bereiding
- 01Stap 1
Verwarm de airfryer voor op 180 °C.
- 02Stap 2
Bestrijk de kalfsschnitzel heel licht met olie en leg zonder overlap in het mandje.
- 03Stap 3
Bak tot de korst goudbruin en het product volledig gaar of doorgewarmd is; keer halverwege indien nodig.
- 04Stap 4
Meng yoghurt, mosterd en honing tot dressing.
- 05Stap 5
Meng sla met appel en komkommer en schep een deel van de dressing erdoor.
- 06Stap 6
Serveer de krokante schnitzel direct met de salade.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Houd de paneer- of crispylaag droog en intact. Voeg geen natte marinade toe en behandel dit product niet als een BBQ-steak.
- Dit product heeft al een eigen kruiding of smaakopbouw. Voeg daarom niet automatisch extra rub, marinade of kruidenmix toe.
- Bak het gepaneerde/crispy product met voldoende ruimte en keer beheerst zodat de korst heel en krokant blijft.
- Tip van Jan: Een droge buitenkant en voldoende hete pan of grill geven sneller een mooie korst; suikerhoudende marinades pas later op hoge hitte.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Airfryer wordt alleen gebruikt omdat een gepaneerde korst hier werkelijk baat bij heeft.
Ingrediënten
- 4 stuks kalfsschnitzel
- 400 ml tomatensaus
- 125 g mozzarella
- 40 g Parmezaan
- 1 bosje basilicum
- 1 el olie
- 300 g spaghetti
Bereiding
- 01Stap 1
Bak de kalfsschnitzel kort goudbruin in een koekenpan; bij een rauw product hoeft de kern nog niet volledig gaar te zijn.
- 02Stap 2
Leg in een ovenschaal en lepel een dunne laag tomatensaus over elk stuk.
- 03Stap 3
Verdeel mozzarella en Parmezaan erover.
- 04Stap 4
Bak 12–15 minuten op 200 °C tot het rauwe product volledig gaar is of het reeds bereide product door en door heet is.
- 05Stap 5
Kook intussen de spaghetti beetgaar en meng met de resterende tomatensaus.
- 06Stap 6
Werk de schnitzels af met basilicum en serveer op of naast de spaghetti.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Houd de paneer- of crispylaag droog en intact. Voeg geen natte marinade toe en behandel dit product niet als een BBQ-steak.
- Dit product heeft al een eigen kruiding of smaakopbouw. Voeg daarom niet automatisch extra rub, marinade of kruidenmix toe.
- Bak het gepaneerde/crispy product met voldoende ruimte en keer beheerst zodat de korst heel en krokant blijft.
- Tip van Jan: Meet in het dikste deel en niet tegen bot, vetlaag of pan. Zo stuurt u op garing in plaats van op minuten.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Volwaardig Italiaans geïnspireerd ovengerecht, duidelijk anders dan pan of airfryer.

Kalfsstaartstuk Rosé
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- ca. 1,2 kg kalfsstaartstuk
- 600 g wortels
- 4 sjalotten
- 250 ml bouillon
- 100 ml rode wijn
- 2 el olie
- 30 g boter
- peper en zout
Bereiding
- 01Stap 1
Dep de kalfsstaartstuk droog. Laat de vetkap zitten en snijd die oppervlakkig kruislings in ruitjes in: alleen door het vet, niet in het vlees. Verwarm de oven voor op 180 °C en rooster de wortels met een beetje olie.
- 02Stap 2
Bak de kalfsstaartstuk rondom aan in een braadpan; leg daarna in een ovenschaal.
- 03Stap 3
Gaar in de oven tot 54–56 °C voor medium-rare of 58–60 °C voor medium; gebruik tijd alleen als richtlijn.
- 04Stap 4
Laat het vlees 15 minuten rusten voordat u snijdt.
- 05Stap 5
Fruit sjalotten in de braadpan, blus met wijn en bouillon en kook tot jusdikte in.
- 06Stap 6
Monteer met boter en serveer met de geroosterde wortel.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Breng het vlees vlak voor de bereiding op smaak met zout en zwarte peper. Voor een vollere, kruidige smaak kun je in plaats daarvan Jans Biefstuk Kruidenmix gebruiken. Kies één van beide; zo blijft de kruiding mooi in balans.
- Gebruik de oven voor beheerst doorgaren. Wanneer het recept eerst een korst vraagt, schroei het vlees vooraf kort aan; bepaal het eindpunt op kern en niet uitsluitend op oventijd.
- Tip van Jan: Snijd vlees zo laat mogelijk. Zo blijft het warmer en verliest het minder vocht.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een klassieke braadbereiding met kerntemperatuur als leidende controle.
Ingrediënten
- ca. 1,2 kg kalfsstaartstuk
- 1 bos peterselie
- 2 el kappertjes
- 1 teen knoflook
- 1 el Dijonmosterd
- 2 el wittewijnazijn
- 70 ml olijfolie
Bereiding
- 01Stap 1
Dep de kalfsstaartstuk droog. Laat de vetkap zitten en snijd die oppervlakkig kruislings in ruitjes in: alleen door het vet, niet in het vlees. Maak de barbecue gereed met een indirecte zone rond 160–180 °C.
- 02Stap 2
Hak peterselie, kappertjes en knoflook en meng met mosterd, azijn en olijfolie.
- 03Stap 3
Gaar de kalfsstaartstuk indirect met gesloten deksel tot 54–56 °C voor medium-rare of 58–60 °C voor medium bijna is bereikt.
- 04Stap 4
Geef het vlees daarna kort kleur boven directe hitte.
- 05Stap 5
Laat 15 minuten rusten.
- 06Stap 6
Controleer de vezelrichting vóór het snijden; snijd de uiteindelijke hap na de rust dwars op de draad.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Breng naturel vlees op smaak met zout en zwarte peper, óf gebruik Jans Biefstuk Kruidenmix als smaakvol alternatief. Kies één van beide en voorkom dubbele kruiding.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Gebruik directe hitte voor een mooie korst. Dikke stukken kun je daarna indirect verder laten garen; dunne steaks of kleine delen blijven vooral boven directe hitte. Controleer de gaarheid in het dikste deel.
- Tip van Jan: Een directe en indirecte zone geeft controle: kleuren waar het heet is, rustig doorgaren waar het minder heet is.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Barbecuebereiding met gecontroleerde indirecte hitte en een frisse saus aan tafel.
Ingrediënten
- ca. 1,2 kg kalfsstaartstuk
- 1 knolselderij
- 500 g aardappelen
- 250 g paddenstoelen
- 250 ml bouillon
- 100 ml room
- 30 g boter
- peper en zout
Bereiding
- 01Stap 1
Dep de kalfsstaartstuk droog. Laat de vetkap zitten en snijd die oppervlakkig kruislings in ruitjes in: alleen door het vet, niet in het vlees. Kook knolselderij en aardappel samen gaar en pureer met room en een deel van de boter.
- 02Stap 2
Bak de paddenstoelen op hoog vuur bruin en houd apart.
- 03Stap 3
Gaar de kalfsstaartstuk in oven of braadpan tot 54–56 °C voor medium-rare of 58–60 °C voor medium en laat daarna rusten.
- 04Stap 4
Deglaceer de braadpan met bouillon en kook in tot een krachtige jus.
- 05Stap 5
Snijd het vlees pas na rust en controleer de snijrichting.
- 06Stap 6
Serveer met puree, paddenstoelen en jus.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Breng het vlees vlak voor de bereiding op smaak met zout en zwarte peper. Voor een vollere, kruidige smaak kun je in plaats daarvan Jans Biefstuk Kruidenmix gebruiken. Kies één van beide; zo blijft de kruiding mooi in balans.
- Gebruik de oven voor beheerst doorgaren. Wanneer het recept eerst een korst vraagt, schroei het vlees vooraf kort aan; bepaal het eindpunt op kern en niet uitsluitend op oventijd.
- Tip van Jan: Snijd vlees zo laat mogelijk. Zo blijft het warmer en verliest het minder vocht.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een stevig restaurantbord met aardse smaken en correcte rusttijd.

Kalfsstaartstuk sous vide gegaard
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- 600 g kalfsstaartstuk
- 800 g krieltjes
- 200 g gemengde sla
- 1 komkommer
- 2 el olijfolie
- 1 el mosterd
- 1 el wittewijnazijn
Bereiding
- 01Stap 1
Dep de kalfsstaartstuk droog. Laat de vetkap zitten en snijd die oppervlakkig kruislings in ruitjes in: alleen door het vet, niet in het vlees. Rooster de krieltjes 30–35 minuten op 210 °C tot krokant.
- 02Stap 2
Verwarm de kalfsstaartstuk op laag tot middelhoog vuur tot het product door en door heet is; het product is al bereid en hoeft alleen op temperatuur te komen.
- 03Stap 3
Meng mosterd, azijn en olijfolie tot dressing.
- 04Stap 4
Snijd komkommer en meng met de sla.
- 05Stap 5
Laat het warme vlees 2–3 minuten staan en portioneer daarna.
- 06Stap 6
Serveer met aardappeltjes en frisse salade.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Dit product is al gegaard. Verwarm het gelijkmatig door en voeg geen extra marinade of kruiden toe tenzij het recept dat uitdrukkelijk vraagt.
- Voeg niet automatisch extra zout, rub of marinade toe. De smaak die al in het product zit is het uitgangspunt.
- Warm in de oven gelijkmatig door en voorkom onnodig uitdrogen. Haal het product uit de oven zodra het goed is opgewarmd.
- Tip van Jan: Snijd vlees zo laat mogelijk. Zo blijft het warmer en verliest het minder vocht.
- Volg voor het opwarmen de temperatuur- en bereidingsinformatie die bij het product staat.
Volg voor opwarmen, bewaren en serveren de aanwijzingen bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Eenvoudige bordmaaltijd waarin de juiste opwarmtechniek belangrijker is dan extra kruiden.
Ingrediënten
- 600 g kalfsstaartstuk
- 4 flatbreads
- 1 courgette
- 2 paprika's
- 150 g Griekse yoghurt
- 1 teen knoflook
- 1 el citroensap
- peterselie
Bereiding
- 01Stap 1
Dep de kalfsstaartstuk droog. Laat de vetkap zitten en snijd die oppervlakkig kruislings in ruitjes in: alleen door het vet, niet in het vlees. Rooster courgette en paprika op hoge hitte tot ze kleur hebben.
- 02Stap 2
Meng yoghurt met knoflook, citroensap en peterselie.
- 03Stap 3
Verwarm de kalfsstaartstuk op laag tot middelhoog vuur tot het product door en door heet is en voorkom onnodige uitdroging.
- 04Stap 4
Verwarm de flatbreads kort.
- 05Stap 5
Verdeel groente en warm vlees over het brood.
- 06Stap 6
Lepel yoghurtsaus erover en serveer direct.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Dit product is al gegaard. Verwarm het gelijkmatig door en voeg geen extra marinade of kruiden toe tenzij het recept dat uitdrukkelijk vraagt.
- Voeg niet automatisch extra zout, rub of marinade toe. De smaak die al in het product zit is het uitgangspunt.
- Warm in de oven gelijkmatig door en voorkom onnodig uitdrogen. Haal het product uit de oven zodra het goed is opgewarmd.
- Tip van Jan: Snijd vlees zo laat mogelijk. Zo blijft het warmer en verliest het minder vocht.
- Volg voor het opwarmen de temperatuur- en bereidingsinformatie die bij het product staat.
Volg voor opwarmen, bewaren en serveren de aanwijzingen bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Moderne broodmaaltijd met veel groente en frisse saus.
Ingrediënten
- 600 g kalfsstaartstuk
- 300 g rijst
- 1 komkommer
- 2 wortels
- 200 g edamame
- 2 el sojasaus
- 1 el rijstazijn
- 1 tl sesamolie
Bereiding
- 01Stap 1
Dep de kalfsstaartstuk droog. Laat de vetkap zitten en snijd die oppervlakkig kruislings in ruitjes in: alleen door het vet, niet in het vlees. Kook de rijst en houd warm.
- 02Stap 2
Snijd komkommer en wortel in dunne reepjes en blancheer de edamame.
- 03Stap 3
Verwarm de kalfsstaartstuk rustig op laag tot middelhoog vuur tot het product door en door heet is.
- 04Stap 4
Meng sojasaus, rijstazijn en sesamolie tot dressing.
- 05Stap 5
Verdeel rijst en groente over kommen en leg het warme vlees erop.
- 06Stap 6
Druppel de dressing erover en serveer.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Dit product is al gegaard. Verwarm het gelijkmatig door en voeg geen extra marinade of kruiden toe tenzij het recept dat uitdrukkelijk vraagt.
- Voeg niet automatisch extra zout, rub of marinade toe. De smaak die al in het product zit is het uitgangspunt.
- Warm in de pan rustig en gelijkmatig door; gebruik alleen extra bakvet als het recept of product dat nodig heeft.
- Tip van Jan: Snijd vlees zo laat mogelijk. Zo blijft het warmer en verliest het minder vocht.
- Volg voor het opwarmen de temperatuur- en bereidingsinformatie die bij het product staat.
Volg voor opwarmen, bewaren en serveren de aanwijzingen bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een lichte bowltoepassing met textuurcontrast en beheerste saus.

Kalfssukade rosé
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- ca. 1 kg sukade
- 2 uien
- 3 tenen knoflook
- 20 g gember
- 2 tl gemalen koriander
- 1 tl komijn
- 3 el ketjap manis
- 400 ml kokosmelk
- 1 stengel citroengras
Bereiding
- 01Stap 1
Bak de ui rustig goudbruin in een beetje olie.
- 02Stap 2
Voeg knoflook, gember, koriander en komijn toe en bak kort tot het geurt.
- 03Stap 3
Voeg de sukade toe en bak rondom aan; werk in porties als de pan te vol wordt.
- 04Stap 4
Roer ketjap erdoor, voeg kokosmelk en gekneusd citroengras toe en breng tegen de kook aan.
- 05Stap 5
Laat 2,5–3 uur heel zacht stoven zonder hard te koken.
- 06Stap 6
Neem het deksel het laatste halfuur weg zodat de saus geconcentreerd en romig wordt; verwijder citroengras voor serveren.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Snijd stoofvlees alleen kleiner als het recept dat nodig heeft en houd de stukken zoveel mogelijk gelijk van formaat, zodat ze gelijkmatig garen.
- Braad de vleesstukken waar het recept dat toelaat in porties aan voor kleur en smaak. Laat ze daarna rustig stoven: zacht pruttelen, niet hard doorkoken, en gebruik malsheid als eindcontrole in plaats van alleen een vaste tijd.
- Tip van Jan: Meet in het dikste deel en niet tegen bot, vetlaag of pan. Zo stuurt u op garing in plaats van op minuten.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een warme specerijenrichting die echt verschilt van Europese stoofgerechten.
Ingrediënten
- ca. 1 kg sukade
- 2 uien
- 2 wortels
- 400 g tomatenblokjes
- 120 g groene olijven
- 1 sinaasappel
- 300 ml bouillon
- 1 tl venkelzaad
- 2 el olijfolie
Bereiding
- 01Stap 1
Bak de sukade in een braadpan rondom bruin en neem uit de pan.
- 02Stap 2
Bak ui en wortel 5 minuten zacht, voeg venkelzaad toe en laat kort geuren.
- 03Stap 3
Voeg tomaat, bouillon, een brede reep sinaasappelschil en het vlees toe.
- 04Stap 4
Dek af en gaar 2,5–3 uur in een oven van 150 °C tot het vlees zeer mals is.
- 05Stap 5
Voeg olijven de laatste 20 minuten toe en verwijder de sinaasappelschil.
- 06Stap 6
Laat de saus zonder deksel zo nodig iets inkoken en serveer met polenta of aardappelpuree.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Snijd stoofvlees alleen kleiner als het recept dat nodig heeft en houd de stukken zoveel mogelijk gelijk van formaat, zodat ze gelijkmatig garen.
- Braad de vleesstukken waar het recept dat toelaat in porties aan voor kleur en smaak. Laat ze daarna rustig stoven: zacht pruttelen, niet hard doorkoken, en gebruik malsheid als eindcontrole in plaats van alleen een vaste tijd.
- Tip van Jan: Kies eerst de juiste techniek voor het product en pas daarna kruiden en saus aan. Een goed stuk vlees heeft meestal minder nodig dan u denkt.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Mediterrane stoof met frisse citrus en zilte olijf als tegenhanger voor rijk vlees.
Ingrediënten
- ca. 1 kg sukade
- 3 uien
- 330 ml donker bier
- 400 ml bouillon
- 2 el bloem
- 1 el mosterd
- 2 laurierblaadjes
- 30 g boter
Bereiding
- 01Stap 1
Snijd de sukade in gelijkmatige stukken als dat nog niet is gebeurd. Is het oppervlak zichtbaar nat, dep alleen dat vocht weg zodat het vlees kan bruinen.
- 02Stap 2
Bak het vlees in porties stevig bruin in boter; leg elke portie apart.
- 03Stap 3
Bak de ui rustig goudbruin, bestuif met bloem en laat 1 minuut meegaren.
- 04Stap 4
Blus met bier en bouillon en roer alle aanbaksels los. Voeg mosterd en laurier toe.
- 05Stap 5
Doe het vlees terug en laat 2,5–3 uur zeer zacht stoven tot het lepelmals is; laat de saus het laatste halfuur zo nodig zonder deksel inkoken.
- 06Stap 6
Proef pas op het einde op zout en serveer met aardappelpuree of friet.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Snijd stoofvlees alleen kleiner als het recept dat nodig heeft en houd de stukken zoveel mogelijk gelijk van formaat, zodat ze gelijkmatig garen.
- Braad de vleesstukken waar het recept dat toelaat in porties aan voor kleur en smaak. Laat ze daarna rustig stoven: zacht pruttelen, niet hard doorkoken, en gebruik malsheid als eindcontrole in plaats van alleen een vaste tijd.
- Tip van Jan: Snijd vlees zo laat mogelijk. Zo blijft het warmer en verliest het minder vocht.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Diepe, klassieke stoofsmaak door bruinen, reduceren en langzame garing.

Kalfstong
2 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- 1 kalfstong
- 1 ui
- 1 wortel
- 1 stengel bleekselderij
- 2 laurierblaadjes
- 250 g paddenstoelen
- 100 ml madeira
- 300 ml bouillon
Bereiding
- 01Stap 1
Spoel de kalfstong en zet op met koud water, ui, wortel, bleekselderij en laurier.
- 02Stap 2
Breng langzaam tegen de kook aan en laat zeer zacht garen tot een prikker gemakkelijk in het dikste deel gaat.
- 03Stap 3
Pel de tong terwijl hij nog warm is; koud pellen gaat moeilijker.
- 04Stap 4
Bak de paddenstoelen goudbruin.
- 05Stap 5
Kook madeira met bouillon in tot sausdikte.
- 06Stap 6
Snijd de tong in plakken en serveer warm met paddenstoelen en madeirasaus.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng naturel vlees vlak voor de bereiding gelijkmatig op smaak met zout. Volg een langere zout- of dry-brinefase alleen wanneer het recept dat bewust voorschrijft.
- Braad de vleesstukken waar het recept dat toelaat in porties aan voor kleur en smaak. Laat ze daarna rustig stoven: zacht pruttelen, niet hard doorkoken, en gebruik malsheid als eindcontrole in plaats van alleen een vaste tijd.
- Tip van Jan: Meet in het dikste deel en niet tegen bot, vetlaag of pan. Zo stuurt u op garing in plaats van op minuten.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Klassieke bereiding waarbij langzaam pocheren de structuur mals maakt.
Ingrediënten
- 1 kalfstong
- 1 bos peterselie
- 2 el kappertjes
- 1 teen knoflook
- 2 el wittewijnazijn
- 70 ml olijfolie
- 1 el olie
Bereiding
- 01Stap 1
Zet de rauwe kalfstong op met ruim water, ui, wortel, bleekselderij en laurier en laat 2–2½ uur heel zacht koken tot de tong mals is.
- 02Stap 2
Pel de tong terwijl hij nog warm is en laat daarna volledig afkoelen voordat u hem in plakken snijdt.
- 03Stap 3
Snijd in plakken van circa 1 cm.
- 04Stap 4
Meng peterselie, kappertjes, knoflook, azijn en olijfolie tot salsa verde.
- 05Stap 5
Bak de plakken tong in een hete pan met een beetje olie aan beide zijden krokant.
- 06Stap 6
Laat kort uitlekken.
- 07Stap 7
Serveer meteen met salsa verde en geroosterde aardappelen.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng naturel vlees vlak voor de bereiding gelijkmatig op smaak met zout. Volg een langere zout- of dry-brinefase alleen wanneer het recept dat bewust voorschrijft.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Verhit de pan eerst goed en gebruik waar nodig slechts een dun laagje hittebestendig bakvet. Geef het vlees ruimte en bouw een duidelijke korst op zonder voortdurend te schuiven; verlaag daarna de hitte wanneer het stuk nog moet doorgaren.
- Voeg boter en aromaten uit het recept pas na de eerste korstfase toe en lepel het schuimende bakvet kort over het vlees; zo blijven de aromaten frisser en verbranden ze minder snel.
- Tip van Jan: Meet in het dikste deel en niet tegen bot, vetlaag of pan. Zo stuurt u op garing in plaats van op minuten.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Tweede bereiding van tong: krokante buitenkant na langzaam voorgaren.

Kalfstournedos rosé per 2x100 g.
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- ca. 700 g tournedos
- 700 g krieltjes
- 2 sjalotten
- 150 ml rode wijn
- 200 ml runder- of kalfsfond
- 30 g koude boter
- 1 el neutrale olie
- zout en zwarte peper
Bereiding
- 01Stap 1
Laat de tournedos 20–30 minuten temperen. Is het oppervlak zichtbaar vochtig, dep dan alleen dat vocht weg; verder is geen voorbehandeling nodig.
- 02Stap 2
Rooster de krieltjes in een oven van 210 °C in 30–35 minuten goudbruin en gaar.
- 03Stap 3
Verhit een zware koekenpan zeer heet, voeg olie toe en bak de tournedos rondom krachtig aan. Gaar verder tot 54–56 °C voor medium-rare of 58–60 °C voor medium.
- 04Stap 4
Neem de tournedos uit de pan en laat 8–10 minuten rusten. Fruit intussen de sjalot in dezelfde pan.
- 05Stap 5
Blus met rode wijn, laat tot ongeveer de helft inkoken, voeg fond toe en reduceer tot sausdikte. Klop van het vuur af de koude boter erdoor.
- 06Stap 6
Snijd de tournedos dwars op de draad waar dat voor dit deelstuk relevant is en serveer met de jus en krieltjes.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng het vlees vlak voor de bereiding op smaak met zout en zwarte peper. Voor een vollere, kruidige smaak kun je in plaats daarvan Jans Biefstuk Kruidenmix gebruiken. Kies één van beide; zo blijft de kruiding mooi in balans.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Verhit de pan eerst goed en gebruik waar nodig slechts een dun laagje hittebestendig bakvet. Geef het vlees ruimte en bouw een duidelijke korst op zonder voortdurend te schuiven; verlaag daarna de hitte wanneer het stuk nog moet doorgaren.
- Voeg boter en aromaten uit het recept pas na de eerste korstfase toe en lepel het schuimende bakvet kort over het vlees; zo blijven de aromaten frisser en verbranden ze minder snel.
- Tip van Jan: Dunne staartstukken zijn eerder klaar dan dikke middendelen; haal ze zo nodig eerder uit de pan.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een klassieke bistrobereiding waarin de smaak van tournedos centraal blijft.
Ingrediënten
- ca. 700 g tournedos
- 1 bos platte peterselie
- 2 tenen knoflook
- 1 kleine rode peper
- 2 el rodewijnazijn
- 80 ml olijfolie
- 1 tl gedroogde oregano
- zout
Bereiding
- 01Stap 1
Hak peterselie, knoflook en rode peper fijn en meng met azijn, olijfolie, oregano en zout. Laat de chimichurri minimaal 15 minuten staan.
- 02Stap 2
Maak de barbecue gereed met een hete directe zone en een rustigere indirecte zone.
- 03Stap 3
Grill de tournedos boven directe hitte rondom stevig aan voor een donkere korst zonder te verbranden.
- 04Stap 4
Verplaats de tournedos zo nodig naar indirecte hitte en gaar tot 54–56 °C voor medium-rare of 58–60 °C voor medium.
- 05Stap 5
Laat 8–10 minuten rusten, losjes afgedekt.
- 06Stap 6
Laat 5–8 minuten rusten en snijd pas daarna aan; serveer als hele portie of in gelijkmatige plakken.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng het vlees vlak voor de bereiding op smaak met zout en zwarte peper. Voor een vollere, kruidige smaak kun je in plaats daarvan Jans Biefstuk Kruidenmix gebruiken. Kies één van beide; zo blijft de kruiding mooi in balans.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Gebruik directe hitte voor een mooie korst. Dikke stukken kun je daarna indirect verder laten garen; dunne steaks of kleine delen blijven vooral boven directe hitte. Controleer de gaarheid in het dikste deel.
- Tip van Jan: Dunne staartstukken zijn eerder klaar dan dikke middendelen; haal ze zo nodig eerder uit de pan.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Fris, kruidig en uitgesproken zonder de tournedos onder een zware saus te verstoppen.
Ingrediënten
- ca. 700 g tournedos
- 250 g kastanjechampignons
- 1 sjalot
- 1 el groene peperkorrels
- 150 ml kookroom
- 150 ml fond
- 1 el olie
- 20 g boter
Bereiding
- 01Stap 1
Snijd de champignons in kwarten en bak ze op hoog vuur in een droge pan tot ze kleur krijgen; voeg pas daarna een klein klontje boter toe en houd warm.
- 02Stap 2
Bak de tournedos in een zeer hete pan rondom bruin en gaar tot 54–56 °C voor medium-rare of 58–60 °C voor medium.
- 03Stap 3
Laat de tournedos rusten terwijl u de saus maakt.
- 04Stap 4
Fruit sjalot en groene peperkorrels kort in dezelfde pan, voeg fond toe en kook tot ongeveer de helft in.
- 05Stap 5
Voeg room toe en laat rustig binden; proef voordat u extra zout toevoegt.
- 06Stap 6
Snijd de tournedos en serveer met de paddenstoelen en een kleine lepel pepersaus.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng het vlees vlak voor de bereiding op smaak met zout en zwarte peper. Voor een vollere, kruidige smaak kun je in plaats daarvan Jans Biefstuk Kruidenmix gebruiken. Kies één van beide; zo blijft de kruiding mooi in balans.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Verhit de pan eerst goed en gebruik waar nodig slechts een dun laagje hittebestendig bakvet. Geef het vlees ruimte en bouw een duidelijke korst op zonder voortdurend te schuiven; verlaag daarna de hitte wanneer het stuk nog moet doorgaren.
- Voeg boter en aromaten uit het recept pas na de eerste korstfase toe en lepel het schuimende bakvet kort over het vlees; zo blijven de aromaten frisser en verbranden ze minder snel.
- Tip van Jan: Laat vis in de pan eerst een korst vormen voordat u probeert te keren.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een restaurantklassieker met romige saus en geroosterde paddenstoelen.

Pulled Veal 1 kg
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- 600 g pulled veal
- 4 briochebroodjes
- 200 g coleslaw
- 120 ml BBQ-saus
- 4 augurken
- 1 rode ui
- 1 el appelazijn
Bereiding
- 01Stap 1
Verwarm de pulled veal rustig op laag tot middelhoog vuur tot het product door en door heet is; voorkom uitdrogen.
- 02Stap 2
Snijd rode ui dun en meng met appelazijn; laat 15 minuten staan.
- 03Stap 3
Rooster de broodjes aan de snijkant.
- 04Stap 4
Meng het warme vlees met net genoeg BBQ-saus om het sappig te maken.
- 05Stap 5
Beleg met coleslaw, vlees, ingelegde ui en augurk.
- 06Stap 6
Serveer meteen zodat brood en sla hun structuur behouden.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Dit product is al gegaard. Verwarm het gelijkmatig door en voeg geen extra marinade of kruiden toe tenzij het recept dat uitdrukkelijk vraagt.
- Voeg niet automatisch extra zout, rub of marinade toe. De smaak die al in het product zit is het uitgangspunt.
- Warm in de oven gelijkmatig door en voorkom onnodig uitdrogen. Haal het product uit de oven zodra het goed is opgewarmd.
- Tip van Jan: Citroen of azijn pas vlak voor serveren houdt de visstructuur en frisse smaak beter.
- Volg voor het opwarmen de temperatuur- en bereidingsinformatie die bij het product staat.
Volg voor opwarmen, bewaren en serveren de aanwijzingen bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Klassieke pulled-meat sandwich met zuur, fris en sappig vlees.
Ingrediënten
- 600 g pulled veal
- 8 kleine tortilla's
- 1 blik maïs
- 2 tomaten
- 1 avocado
- 1 limoen
- 1 rode ui
- koriander
Bereiding
- 01Stap 1
Verwarm de pulled veal rustig en houd sappig.
- 02Stap 2
Rooster de maïs in een droge pan tot enkele korrels donker kleuren.
- 03Stap 3
Meng maïs met tomaat, rode ui, limoensap en koriander.
- 04Stap 4
Verwarm de tortilla's kort en snijd avocado in parten.
- 05Stap 5
Verdeel het warme vlees over de tortilla's.
- 06Stap 6
Schep salsa en avocado erop en serveer direct.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Dit product is al gegaard. Verwarm het gelijkmatig door en voeg geen extra marinade of kruiden toe tenzij het recept dat uitdrukkelijk vraagt.
- Voeg niet automatisch extra zout, rub of marinade toe. De smaak die al in het product zit is het uitgangspunt.
- Warm in de pan rustig en gelijkmatig door; gebruik alleen extra bakvet als het recept of product dat nodig heeft.
- Tip van Jan: Laat vis in de pan eerst een korst vormen voordat u probeert te keren.
- Volg voor het opwarmen de temperatuur- en bereidingsinformatie die bij het product staat.
Volg voor opwarmen, bewaren en serveren de aanwijzingen bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Frisse taco-opbouw geeft een totaal andere toepassing dan het klassieke broodje.
Ingrediënten
- 600 g pulled veal
- 800 g zoete aardappel
- 150 g cheddar
- 1 rode paprika
- 1 rode ui
- 100 ml zure room
- 2 bosuien
Bereiding
- 01Stap 1
Rooster blokjes zoete aardappel 25 minuten op 210 °C.
- 02Stap 2
Bak paprika en ui kort zodat ze nog bite houden.
- 03Stap 3
Verwarm de pulled veal en verdeel over een ovenschaal met zoete aardappel en groente.
- 04Stap 4
Bestrooi met cheddar en gratineer 5–8 minuten.
- 05Stap 5
Werk af met bosui.
- 06Stap 6
Serveer met zure room aan tafel.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Dit product is al gegaard. Verwarm het gelijkmatig door en voeg geen extra marinade of kruiden toe tenzij het recept dat uitdrukkelijk vraagt.
- Voeg niet automatisch extra zout, rub of marinade toe. De smaak die al in het product zit is het uitgangspunt.
- Warm in de oven gelijkmatig door en voorkom onnodig uitdrogen. Haal het product uit de oven zodra het goed is opgewarmd.
- Tip van Jan: Wilt u krokante huid behouden, schep saus op het bord en leg de vis erop.
- Volg voor het opwarmen de temperatuur- en bereidingsinformatie die bij het product staat.
Volg voor opwarmen, bewaren en serveren de aanwijzingen bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Comfortfood met zoete aardappel en kaas, zonder het bereide vlees opnieuw droog te bakken.
Kip & gevogelte

Asian Chicken Karaage
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- 4 stuks karaage
- 150 g Griekse yoghurt
- 2 el mayonaise
- 1 el kappertjes
- 1 citroen
- 2 el fijngehakte peterselie
- zwarte peper en een klein snufje zout
Bereiding
- 01Stap 1
Verwarm de frituur op 180 °C en zet een met keukenpapier beklede schaal klaar.
- 02Stap 2
Bereid de Asian Chicken Karaage in porties zodat de temperatuur van het vet niet te ver terugloopt.
- 03Stap 3
Frituur tot de buitenkant krokant is en het product door en door heet en krokant is. Verwarm de kip alleen door en door; het product is al gegaard.
- 04Stap 4
Meng yoghurt, mayonaise, kappertjes, citroenrasp, een beetje citroensap en peterselie tot een frisse dip.
- 05Stap 5
Laat de krokante kip kort uitlekken en serveer direct met de dip.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Dit product is al bereid. Verwarm het kort en heet genoeg om de buitenkant weer krokant te maken; extra marinade of kruiden zijn niet nodig.
- Dit product heeft al een eigen kruiding of smaakopbouw. Voeg daarom niet automatisch extra rub, marinade of kruidenmix toe.
- Frituur het gepaneerde of crispy product kort in voldoende heet vet en werk zo nodig in porties, zodat de buitenkant krokant blijft.
- Tip van Jan: Saus een krokante huid pas vlak voor serveren of serveer saus ernaast.
- Volg voor het opwarmen de temperatuur- en bereidingsinformatie die bij het product staat.
Volg voor opwarmen, bewaren en serveren de aanwijzingen bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Krokante bereiding met een frisse dip; geen generieke vleesmarinade.
Ingrediënten
- 4 stuks karaage
- 1 tl olie
- 200 g gemengde sla
- 1 appel
- 1/2 komkommer
- 2 el yoghurt
- 1 el mosterd
- 1 el honing
Bereiding
- 01Stap 1
Verwarm de airfryer voor op 180 °C.
- 02Stap 2
Leg de Asian Chicken Karaage zonder overlap in het mandje; werk zo nodig in meerdere porties.
- 03Stap 3
Bereid tot de korst krokant is en het product door en door heet en krokant is. Verwarm de kip alleen door en door; het product is al gegaard.
- 04Stap 4
Meng yoghurt, mosterd en honing tot dressing.
- 05Stap 5
Meng sla met appel en komkommer en schep een deel van de dressing erdoor.
- 06Stap 6
Serveer de Asian Chicken Karaage direct met de salade en de rest van de dressing.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Dit product is al bereid. Verwarm het kort en heet genoeg om de buitenkant weer krokant te maken; extra marinade of kruiden zijn niet nodig.
- Dit product heeft al een eigen kruiding of smaakopbouw. Voeg daarom niet automatisch extra rub, marinade of kruidenmix toe.
- Verwarm het gepaneerde of crispy product in één laag in de airfryer en laat de hete lucht rondom circuleren; zo wordt de korst weer mooi krokant.
- Tip van Jan: Saus een krokante huid pas vlak voor serveren of serveer saus ernaast.
- Volg voor het opwarmen de temperatuur- en bereidingsinformatie die bij het product staat.
Volg voor opwarmen, bewaren en serveren de aanwijzingen bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Airfryer wordt alleen gebruikt omdat een gepaneerde korst hier werkelijk baat bij heeft.
Ingrediënten
- 4 stuks karaage
- 400 ml tomatensaus
- 125 g mozzarella
- 40 g Parmezaan
- 1 bosje basilicum
- 1 el olie
- 300 g spaghetti
Bereiding
- 01Stap 1
Verwarm de oven voor op 200 °C en bekleed een bakplaat of ovenschaal.
- 02Stap 2
Leg de Asian Chicken Karaage los van elkaar in de schaal en bak eerst tot de korst stevig en krokant begint te worden.
- 03Stap 3
Lepel een dunne laag tomatensaus over de bovenzijde en verdeel mozzarella en Parmezaan erover.
- 04Stap 4
Bak verder tot de kaas goudbruin is en het product door en door heet en krokant is. Verwarm de kip alleen door en door; het product is al gegaard.
- 05Stap 5
Kook intussen de spaghetti beetgaar en meng met de resterende tomatensaus.
- 06Stap 6
Werk de Asian Chicken Karaage af met basilicum en serveer met de spaghetti.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Dit product is al bereid. Verwarm het kort en heet genoeg om de buitenkant weer krokant te maken; extra marinade of kruiden zijn niet nodig.
- Dit product heeft al een eigen kruiding of smaakopbouw. Voeg daarom niet automatisch extra rub, marinade of kruidenmix toe.
- Verwarm het gepaneerde of crispy product volgens de aangegeven bereidingswijze en houd de korst zo droog mogelijk voor het beste krokante resultaat.
- Tip van Jan: Kippendij blijft sappig bij iets langere garing en is daardoor sterk voor grill, stoof en oven.
- Volg voor het opwarmen de temperatuur- en bereidingsinformatie die bij het product staat.
Volg voor opwarmen, bewaren en serveren de aanwijzingen bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Volwaardig ovengerecht; de krokante kip blijft herkenbaar als hoofdproduct.

Cordon blue Kip 2 stuks
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- 4 stuks cordon bleu
- 150 g Griekse yoghurt
- 2 el mayonaise
- 1 el kappertjes
- 1 citroen
- 2 el fijngehakte peterselie
- zwarte peper en een klein snufje zout
Bereiding
- 01Stap 1
Verwarm de frituur voor op 175 °C en zet een met keukenpapier beklede schaal klaar.
- 02Stap 2
Bereid de Cordon blue Kip 2 stuks in porties zodat de temperatuur van het vet niet te ver terugloopt.
- 03Stap 3
Frituur tot de buitenkant krokant is en de kip in het dikste stukje 75 °C bereikt.
- 04Stap 4
Meng yoghurt, mayonaise, kappertjes, citroenrasp, een beetje citroensap en peterselie tot een frisse dip.
- 05Stap 5
Laat de krokante kip kort uitlekken en serveer direct met de dip.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Houd de paneer- of crispylaag droog en intact. Voeg geen natte marinade toe en behandel dit product niet als een BBQ-steak.
- Dit product heeft al een eigen kruiding of smaakopbouw. Voeg daarom niet automatisch extra rub, marinade of kruidenmix toe.
- Frituur in voldoende heet vet en werk zo nodig in porties; een te volle frituur laat de paneerlaag vet en minder krokant worden.
- Tip van Jan: Saus een krokante huid pas vlak voor serveren of serveer saus ernaast.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Krokante bereiding met een frisse dip; geen generieke vleesmarinade.
Ingrediënten
- 4 stuks cordon bleu
- 1 tl olie
- 200 g gemengde sla
- 1 appel
- 1/2 komkommer
- 2 el yoghurt
- 1 el mosterd
- 1 el honing
Bereiding
- 01Stap 1
Verwarm de airfryer voor op 180 °C.
- 02Stap 2
Leg de Cordon blue Kip 2 stuks zonder overlap in het mandje; werk zo nodig in meerdere porties.
- 03Stap 3
Bereid tot de korst krokant is en de kip in het dikste stukje 75 °C bereikt.
- 04Stap 4
Meng yoghurt, mosterd en honing tot dressing.
- 05Stap 5
Meng sla met appel en komkommer en schep een deel van de dressing erdoor.
- 06Stap 6
Serveer de Cordon blue Kip 2 stuks direct met de salade en de rest van de dressing.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Houd de paneer- of crispylaag droog en intact. Voeg geen natte marinade toe en behandel dit product niet als een BBQ-steak.
- Dit product heeft al een eigen kruiding of smaakopbouw. Voeg daarom niet automatisch extra rub, marinade of kruidenmix toe.
- Leg het gepaneerde/crispy product in één laag in de airfryer en laat lucht rondom circuleren; keer alleen wanneer dat voor gelijkmatige bruining nodig is.
- Tip van Jan: Saus een krokante huid pas vlak voor serveren of serveer saus ernaast.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Airfryer wordt alleen gebruikt omdat een gepaneerde korst hier werkelijk baat bij heeft.
Ingrediënten
- 4 stuks cordon bleu
- 400 ml tomatensaus
- 125 g mozzarella
- 40 g Parmezaan
- 1 bosje basilicum
- 1 el olie
- 300 g spaghetti
Bereiding
- 01Stap 1
Verwarm de oven voor op 200 °C en bekleed een bakplaat of ovenschaal.
- 02Stap 2
Leg de Cordon blue Kip 2 stuks los van elkaar in de schaal en bak eerst tot de korst stevig en krokant begint te worden.
- 03Stap 3
Lepel een dunne laag tomatensaus over de bovenzijde en verdeel mozzarella en Parmezaan erover.
- 04Stap 4
Bak verder tot de kaas goudbruin is en de kip in het dikste stukje 75 °C bereikt.
- 05Stap 5
Kook intussen de spaghetti beetgaar en meng met de resterende tomatensaus.
- 06Stap 6
Werk de Cordon blue Kip 2 stuks af met basilicum en serveer met de spaghetti.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Houd de paneer- of crispylaag droog en intact. Voeg geen natte marinade toe en behandel dit product niet als een BBQ-steak.
- Dit product heeft al een eigen kruiding of smaakopbouw. Voeg daarom niet automatisch extra rub, marinade of kruidenmix toe.
- Bak het gepaneerde/crispy product met voldoende ruimte en keer beheerst zodat de korst heel en krokant blijft.
- Tip van Jan: Kippendij blijft sappig bij iets langere garing en is daardoor sterk voor grill, stoof en oven.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Volwaardig ovengerecht; de krokante kip blijft herkenbaar als hoofdproduct.

Crispy Kipburger
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- 4 crispy kipburgers
- 4 briochebroodjes
- 4 plakken cheddar
- 2 uien
- 2 el mayonaise
- 1 el ketchup
- 1 tl mosterd
- augurk
- sla
Bereiding
- 01Stap 1
Verwarm de airfryer voor op 180 °C.
- 02Stap 2
Bak de crispy kipburgers in één laag volgens de productspecifieke gaartijd tot de korst krokant is en de burger volledig heet is. Keer halverwege.
- 03Stap 3
Bak intussen de uien rustig goudbruin en zoet.
- 04Stap 4
Meng mayonaise, ketchup en mosterd tot burgersaus.
- 05Stap 5
Leg de cheddar de laatste minuut op de hete burgers zodat deze smelt en rooster de broodjes kort apart.
- 06Stap 6
Bouw de broodjes op met sla, saus, crispy kipburger, ui en augurk en serveer direct.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Dit product is al bereid. Verwarm het kort en heet genoeg om de buitenkant weer krokant te maken; extra marinade of kruiden zijn niet nodig.
- Dit product heeft al een eigen kruiding of smaakopbouw. Voeg daarom niet automatisch extra rub, marinade of kruidenmix toe.
- Verwarm het gepaneerde of crispy product in één laag in de airfryer en laat de hete lucht rondom circuleren; zo wordt de korst weer mooi krokant.
- Tip van Jan: Wilt u marinade als saus gebruiken, maak een aparte portie of kook rauw-vleescontact volledig door.
- Volg voor het opwarmen de temperatuur- en bereidingsinformatie die bij het product staat.
Volg voor opwarmen, bewaren en serveren de aanwijzingen bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Cheddar, zoete ui en augurk geven de krokante kipburger een klassieke burgerbalans.
Ingrediënten
- 4 crispy kipburgers
- 4 burgerbroodjes
- 150 g coleslaw
- 4 el smoky burgersaus
- 4 plakken cheddar
- 4 augurken
- 1 rode ui
Bereiding
- 01Stap 1
Verwarm de oven voor op 200 °C en bekleed een bakplaat met bakpapier.
- 02Stap 2
Leg de crispy kipburgers vrij van elkaar op de plaat en bak ze volgens de productspecifieke gaartijd tot de korst krokant is en de burgers volledig heet zijn. Keer halverwege.
- 03Stap 3
Leg de cheddar de laatste 1–2 minuten op de burgers en laat smelten.
- 04Stap 4
Rooster de broodjes kort apart en snijd augurk en rode ui dun.
- 05Stap 5
Verdeel de coleslaw over de broodjes en leg de crispy kipburger erop.
- 06Stap 6
Werk af met smoky saus, augurk en rode ui en serveer direct.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Dit product is al bereid. Verwarm het kort en heet genoeg om de buitenkant weer krokant te maken; extra marinade of kruiden zijn niet nodig.
- Dit product heeft al een eigen kruiding of smaakopbouw. Voeg daarom niet automatisch extra rub, marinade of kruidenmix toe.
- Verwarm het gepaneerde of crispy product volgens de aangegeven bereidingswijze en houd de korst zo droog mogelijk voor het beste krokante resultaat.
- Tip van Jan: Kippendij blijft sappig bij iets langere garing en is daardoor sterk voor grill, stoof en oven.
- Volg voor het opwarmen de temperatuur- en bereidingsinformatie die bij het product staat.
Volg voor opwarmen, bewaren en serveren de aanwijzingen bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
De koele coleslaw contrasteert met de hete krokante burger.
Ingrediënten
- 4 crispy kipburgers
- 4 stevige broodjes
- 250 g kastanjechampignons
- 1 sjalot
- 2 el truffelmayonaise
- 40 g Parmezaan
- 50 g rucola
- 1 el olie
Bereiding
- 01Stap 1
Verwarm de airfryer voor op 180 °C.
- 02Stap 2
Bak de crispy kipburgers in één laag volgens de productspecifieke gaartijd tot de korst krokant is en de burgers volledig heet zijn. Keer halverwege.
- 03Stap 3
Bak intussen de champignons in een koekenpan op hoog vuur bruin en voeg de sjalot toe zodra het meeste vocht is verdampt.
- 04Stap 4
Rooster de broodjes kort en bestrijk de onderkanten met truffelmayonaise.
- 05Stap 5
Beleg met rucola, crispy kipburger en de gebakken paddenstoelen.
- 06Stap 6
Schaaf Parmezaan erover en serveer direct.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Dit product is al bereid. Verwarm het kort en heet genoeg om de buitenkant weer krokant te maken; extra marinade of kruiden zijn niet nodig.
- Dit product heeft al een eigen kruiding of smaakopbouw. Voeg daarom niet automatisch extra rub, marinade of kruidenmix toe.
- Verwarm het gepaneerde of crispy product in één laag in de airfryer en laat de hete lucht rondom circuleren; zo wordt de korst weer mooi krokant.
- Tip van Jan: Dep overtollig oppervlaktevocht weg voordat u kip bakt of grilt; dat helpt bruinen.
- Volg voor het opwarmen de temperatuur- en bereidingsinformatie die bij het product staat.
Volg voor opwarmen, bewaren en serveren de aanwijzingen bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Paddenstoel en truffelmayonaise geven de krokante kipburger een volle, hartige afwerking.

Eendenborst gerookt
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- 300 g Eendenborst gerookt
- 150 g gemengde sla
- 1 appel
- 1 komkommer
- 1 el mosterd
- 2 el olijfolie
- 1 el appelazijn
Bereiding
- 01Stap 1
Snijd de appel en komkommer in dunne stukken.
- 02Stap 2
Meng mosterd, olie en appelazijn tot dressing.
- 03Stap 3
Snijd de Eendenborst gerookt in dunne plakjes of reepjes als dat nodig is.
- 04Stap 4
Meng sla, appel en komkommer met de dressing.
- 05Stap 5
Verdeel het vlees er pas op het einde over en serveer gekoeld.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Dit product is al klaar om koud te serveren. Verwarm of bak het alleen wanneer de bereidingswijze bij dit product dat uitdrukkelijk aangeeft.
- Voeg niet automatisch extra zout, rub of marinade toe. De smaak die al in het product zit is het uitgangspunt.
- Tip van Jan: Eendenborst gaart grotendeels op de velkant; de vleeskant heeft meestal veel minder tijd nodig.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een koud gerecht waarbij het bereide product niet opnieuw wordt verhit.
Ingrediënten
- 250 g Eendenborst gerookt
- 8 sneetjes zuurdesembrood
- 100 g crème fraîche
- 1 el grove mosterd
- 6 cornichons
- 1 kleine rode ui
Bereiding
- 01Stap 1
Rooster het brood krokant.
- 02Stap 2
Meng crème fraîche met mosterd.
- 03Stap 3
Snijd cornichons en rode ui fijn.
- 04Stap 4
Beleg het brood met mosterdcrème en Eendenborst gerookt.
- 05Stap 5
Werk af met cornichon en rode ui en serveer direct.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Dit product is al klaar om koud te serveren. Verwarm of bak het alleen wanneer de bereidingswijze bij dit product dat uitdrukkelijk aangeeft.
- Voeg niet automatisch extra zout, rub of marinade toe. De smaak die al in het product zit is het uitgangspunt.
- Tip van Jan: Serveer saus onder of naast de eend om de huid krokant te houden.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een snelle lunch of borrelhap waarin het product koud wordt geserveerd.
Ingrediënten
- 300 g Eendenborst gerookt
- 4 wraps
- 1/2 komkommer
- 150 g yoghurt
- 1 citroen
- 100 g sla
- 1 bosui
Bereiding
- 01Stap 1
Meng yoghurt met citroensap en fijngesneden bosui.
- 02Stap 2
Snijd komkommer en het vlees in passende reepjes.
- 03Stap 3
Verwarm de wraps eventueel heel kort zonder het vlees mee te verwarmen.
- 04Stap 4
Vul met sla, komkommer en Eendenborst gerookt.
- 05Stap 5
Lepel yoghurtsaus erop, rol op en serveer.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Dit product is al klaar om koud te serveren. Verwarm of bak het alleen wanneer de bereidingswijze bij dit product dat uitdrukkelijk aangeeft.
- Voeg niet automatisch extra zout, rub of marinade toe. De smaak die al in het product zit is het uitgangspunt.
- Tip van Jan: Snijd de huid kruislings in tot in het vet maar stop vóór het vlees.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Frisse wraps zonder onnodig opnieuw garen.

Eendenborstfilet met vel per 2 stuks
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- 2 Eendenborstfilet met vel
- 700 g aardappelen
- 2 sinaasappels
- 1 sjalot
- 100 ml gevogeltefond
- 20 g boter
- peper en zout
Bereiding
- 01Stap 1
Dep de eendenborst droog. Kerf vel en vetlaag ondiep kruislings in ruitjes, zonder in het borstvlees te snijden, en kruid licht.
- 02Stap 2
Leg de eendenborst met de velkant in een koude droge pan en zet op middelhoog vuur. Laat het vet rustig uitrenderen tot de huid diep goudbruin is.
- 03Stap 3
Keer en bak de vleeskant kort. Gaar in het dikste deel tot 60–62 °C voor rosé; wie de eendenborst volledig doorbakken wil, gaart verder tot circa 70 °C.
- 04Stap 4
Laat 8 minuten rusten met de velkant boven.
- 05Stap 5
Fruit sjalot in een beetje eendenvet, voeg sinaasappelsap en fond toe en kook in; monteer met boter.
- 06Stap 6
Snijd na rust in plakken en serveer met jus en aardappel.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Gebruik het zout uit het recept doelgericht op het vlees en verdeel het gelijkmatig. Voeg geen extra zout toe buiten de receptuur zonder eerst de totale kruiding te beoordelen.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Voeg boter en aromaten uit het recept pas na de eerste korstfase toe en lepel het schuimende bakvet kort over het vlees; zo blijven de aromaten frisser en verbranden ze minder snel.
- Tip van Jan: Kleur in de pan en laat een dikke filet gecontroleerd in de oven doorgaren.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Begin op de velkant in een koude pan zodat het vet rustig uitrenderert en de huid krokant wordt.
Ingrediënten
- 2 Eendenborstfilet met vel
- 2 stronken paksoi
- 1 tl vijfkruidenpoeder
- 2 el sojasaus
- 1 limoen
- 1 tl honing
- 1 tl sesam
Bereiding
- 01Stap 1
Dep de eendenborst droog. Snijd vel en vetlaag kruislings in ruitjes in zonder het borstvlees te raken. Kerf de vetlaag kruislings in en wrijf de vleeskant licht in met vijfkruidenpoeder.
- 02Stap 2
Bak vanaf koude pan op de velkant zodat het vet uitrenderert; giet overtollig vet tussendoor af.
- 03Stap 3
Keer en gaar de vleeskant kort verder tot het gewenste gaarpunt.
- 04Stap 4
Laat 8 minuten rusten.
- 05Stap 5
Roerbak paksoi en meng sojasaus, limoen en honing tot saus.
- 06Stap 6
Snijd de eendenborst in plakken en serveer met paksoi, saus en sesam.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Breng naturel vlees vlak voor de bereiding gelijkmatig op smaak met zout. Volg een langere zout- of dry-brinefase alleen wanneer het recept dat bewust voorschrijft.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Tip van Jan: Kleur in de pan en laat een dikke filet gecontroleerd in de oven doorgaren.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Krokante huid, sappig vlees en een lichte Aziatische saus.
Ingrediënten
- 2 Eendenborstfilet met vel
- 500 g gekookte biet
- 2 el balsamico
- 50 g walnoten
- 100 g veldsla
- 1 sjalot
- peper en zout
Bereiding
- 01Stap 1
Dep de eendenborst droog. Kerf vel en vetlaag ondiep kruislings in ruitjes, zonder in het borstvlees te snijden, en kruid licht.
- 02Stap 2
Bak de eendenborst vanaf koude pan op de velkant tot krokant en keer daarna kort.
- 03Stap 3
Gaar in het dikste deel tot 60–62 °C voor rosé; wie de eendenborst volledig doorbakken wil, gaart verder tot circa 70 °C.
- 04Stap 4
Laat 8 minuten rusten.
- 05Stap 5
Warm de biet kort met sjalot en balsamico en rooster de walnoten.
- 06Stap 6
Snijd de eendenborst na rust en serveer met biet en veldsla.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Gebruik het zout uit het recept doelgericht op het vlees en verdeel het gelijkmatig. Voeg geen extra zout toe buiten de receptuur zonder eerst de totale kruiding te beoordelen.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Tip van Jan: Saus een krokante huid pas vlak voor serveren of serveer saus ernaast.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Aardse biet en balsamico sluiten goed aan bij eend zonder de bereiding ingewikkeld te maken.

Fakkelbrood ® Kip Teriyaki
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- 8 Fakkelbrood ® Kip Teriyaki
- 300 g rijst
- 1 komkommer
- 1 rode ui
- 200 ml kruidenyoghurt
- 1 limoen
Bereiding
- 01Stap 1
Kook de rijst en maak komkommersalade.
- 02Stap 2
Maak de barbecue gereed voor middelhoge hitte.
- 03Stap 3
Verwarm de spiesen kort rondom en draai regelmatig. Stop zodra ze door en door warm en licht gekleurd zijn; opnieuw garen is niet nodig.
- 04Stap 4
Verwarm de saus apart.
- 05Stap 5
Serveer direct met rijst en salade.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
De spies is al gegaard: alleen kort doorwarmen en opnieuw kleuren.
Ingrediënten
- 8 Fakkelbrood ® Kip Teriyaki
- 4 flatbreads
- 2 paprika’s
- 1 rode ui
- 150 g yoghurt
- 1 citroen
Bereiding
- 01Stap 1
Verwarm de oven voor op 190 °C.
- 02Stap 2
Rooster paprika en ui 10 minuten.
- 03Stap 3
Leg de spiesen erbij en verwarm kort tot door en door warm; voorkom uitdrogen.
- 04Stap 4
Verwarm de flatbreads de laatste minuten mee.
- 05Stap 5
Serveer met yoghurt en citroen.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Dit product is al gegaard. Verwarm het gelijkmatig door en voeg geen extra marinade of kruiden toe tenzij het recept dat uitdrukkelijk vraagt.
- Voeg niet automatisch extra zout, rub of marinade toe. De smaak die al in het product zit is het uitgangspunt.
- Warm in de oven gelijkmatig door en voorkom onnodig uitdrogen. Haal het product uit de oven zodra het goed is opgewarmd.
- Tip van Jan: Kippendij blijft sappig bij iets langere garing en is daardoor sterk voor grill, stoof en oven.
- Volg voor het opwarmen de temperatuur- en bereidingsinformatie die bij het product staat.
Volg voor opwarmen, bewaren en serveren de aanwijzingen bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een eenvoudige regeneratieroute voor reeds gegaarde spiesen.
Ingrediënten
- 8 Fakkelbrood ® Kip Teriyaki
- 250 g noedels
- 2 stronken paksoi
- 2 bosuien
- 2 el sojasaus
- 1 limoen
- 1 tl sesamolie
Bereiding
- 01Stap 1
Kook de noedels.
- 02Stap 2
Roerbak paksoi en bosui.
- 03Stap 3
Verwarm de spiesen rustig in een grillpan of koekenpan tot door en door warm; opnieuw garen is niet nodig.
- 04Stap 4
Meng sojasaus, limoen en sesamolie door de noedels.
- 05Stap 5
Serveer direct met de warme spiesen.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Dit product is al gegaard. Verwarm het gelijkmatig door en voeg geen extra marinade of kruiden toe tenzij het recept dat uitdrukkelijk vraagt.
- Voeg niet automatisch extra zout, rub of marinade toe. De smaak die al in het product zit is het uitgangspunt.
- Warm in de pan rustig en gelijkmatig door; gebruik alleen extra bakvet als het recept of product dat nodig heeft.
- Tip van Jan: Kleur in de pan en laat een dikke filet gecontroleerd in de oven doorgaren.
- Volg voor het opwarmen de temperatuur- en bereidingsinformatie die bij het product staat.
Volg voor opwarmen, bewaren en serveren de aanwijzingen bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Kort opwarmen in grillpan of koekenpan, daarna direct combineren met de noedels.

Gerookte kipfilet
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- 300 g Gerookte kipfilet
- 150 g gemengde sla
- 1 appel
- 1 komkommer
- 1 el mosterd
- 2 el olijfolie
- 1 el appelazijn
Bereiding
- 01Stap 1
Snijd de appel en komkommer in dunne stukken.
- 02Stap 2
Meng mosterd, olie en appelazijn tot dressing.
- 03Stap 3
Snijd de Gerookte kipfilet in dunne plakjes of reepjes als dat nodig is.
- 04Stap 4
Meng sla, appel en komkommer met de dressing.
- 05Stap 5
Verdeel het vlees er pas op het einde over en serveer gekoeld.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Dit product is al klaar om koud te serveren. Verwarm of bak het alleen wanneer de bereidingswijze bij dit product dat uitdrukkelijk aangeeft.
- Tip van Jan: Zodra de veilige kern is bereikt, van de hitte af. Extra minuten maken borstfilet vooral droger.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een koud gerecht waarbij het bereide product niet opnieuw wordt verhit.
Ingrediënten
- 250 g Gerookte kipfilet
- 8 sneetjes zuurdesembrood
- 100 g crème fraîche
- 1 el grove mosterd
- 6 cornichons
- 1 kleine rode ui
Bereiding
- 01Stap 1
Rooster het brood krokant.
- 02Stap 2
Meng crème fraîche met mosterd.
- 03Stap 3
Snijd cornichons en rode ui fijn.
- 04Stap 4
Beleg het brood met mosterdcrème en Gerookte kipfilet.
- 05Stap 5
Werk af met cornichon en rode ui en serveer direct.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Dit product is al klaar om koud te serveren. Verwarm of bak het alleen wanneer de bereidingswijze bij dit product dat uitdrukkelijk aangeeft.
- Tip van Jan: Saus een krokante huid pas vlak voor serveren of serveer saus ernaast.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een snelle lunch of borrelhap waarin het product koud wordt geserveerd.
Ingrediënten
- 300 g Gerookte kipfilet
- 4 wraps
- 1/2 komkommer
- 150 g yoghurt
- 1 citroen
- 100 g sla
- 1 bosui
Bereiding
- 01Stap 1
Meng yoghurt met citroensap en fijngesneden bosui.
- 02Stap 2
Snijd komkommer en het vlees in passende reepjes.
- 03Stap 3
Verwarm de wraps eventueel heel kort zonder het vlees mee te verwarmen.
- 04Stap 4
Vul met sla, komkommer en Gerookte kipfilet.
- 05Stap 5
Lepel yoghurtsaus erop, rol op en serveer.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Dit product is al klaar om koud te serveren. Verwarm of bak het alleen wanneer de bereidingswijze bij dit product dat uitdrukkelijk aangeeft.
- Tip van Jan: Saus een krokante huid pas vlak voor serveren of serveer saus ernaast.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Frisse wraps zonder onnodig opnieuw garen.

Geroosterde halve eend zonder been per 2
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- 600 g Geroosterde halve eend zonder been per 2
- 700 g aardappeltjes
- 150 g gemengde sla
- 1 komkommer
- 1 el mosterd
- 2 el olijfolie
Bereiding
- 01Stap 1
Verwarm de oven voor op laag tot middelhoog vuur tot het product door en door heet is of op 190 °C als daar geen afwijkend advies staat.
- 02Stap 2
Rooster de aardappeltjes goudbruin.
- 03Stap 3
Leg de Geroosterde halve eend zonder been per 2 de laatste fase erbij en verwarm tot door en door warm; voorkom onnodig lang doorbakken.
- 04Stap 4
Meng sla en komkommer met een eenvoudige mosterddressing.
- 05Stap 5
Serveer zodra de kip heet en eventueel krokant is.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Dit product is al gegaard. Verwarm het gelijkmatig door en voeg geen extra marinade of kruiden toe tenzij het recept dat uitdrukkelijk vraagt.
- Voeg niet automatisch extra zout, rub of marinade toe. De smaak die al in het product zit is het uitgangspunt.
- Warm in de oven gelijkmatig door en voorkom onnodig uitdrogen. Haal het product uit de oven zodra het goed is opgewarmd.
- Tip van Jan: Laat de borst kort rusten met de velkant vrij zodat stoom de korst niet week maakt.
- Volg voor het opwarmen de temperatuur- en bereidingsinformatie die bij het product staat.
Volg voor opwarmen, bewaren en serveren de aanwijzingen bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Het product is al gegaard: de oven is hier voor doorwarmen en krokant maken, niet voor opnieuw garen.
Ingrediënten
- 500 g Geroosterde halve eend zonder been per 2
- 4 flatbreads
- 2 paprika’s
- 1 rode ui
- 150 g yoghurt
- 1 teen knoflook
- 1 citroen
Bereiding
- 01Stap 1
Rooster paprika en ui in een hete pan.
- 02Stap 2
Meng yoghurt met knoflook en citroen.
- 03Stap 3
Verwarm de Geroosterde halve eend zonder been per 2 rustig door in dezelfde pan; het product is al gegaard en hoeft niet opnieuw gaar gemaakt te worden.
- 04Stap 4
Verwarm de flatbreads kort.
- 05Stap 5
Vul met groente en kip en maak af met knoflookyoghurt.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Dit product is al gegaard. Verwarm het gelijkmatig door en voeg geen extra marinade of kruiden toe tenzij het recept dat uitdrukkelijk vraagt.
- Voeg niet automatisch extra zout, rub of marinade toe. De smaak die al in het product zit is het uitgangspunt.
- Warm in de pan rustig en gelijkmatig door; gebruik alleen extra bakvet als het recept of product dat nodig heeft.
- Tip van Jan: Leg eendenborst op de velkant in een koude pan en bouw de hitte rustig op zodat vet kan uitsmelten.
- Volg voor het opwarmen de temperatuur- en bereidingsinformatie die bij het product staat.
Volg voor opwarmen, bewaren en serveren de aanwijzingen bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Kort doorwarmen en direct serveren houdt reeds gegaarde kip sappig.
Ingrediënten
- 500 g Geroosterde halve eend zonder been per 2
- 300 g rijst
- 2 stronken paksoi
- 2 bosuien
- 2 el sojasaus
- 1 limoen
- 1 tl sesamolie
- 1 tl sesam
Bereiding
- 01Stap 1
Kook de rijst.
- 02Stap 2
Roerbak paksoi en bosui kort op hoog vuur.
- 03Stap 3
Voeg de Geroosterde halve eend zonder been per 2 toe en verwarm alleen tot door en door warm; voorkom uitdrogen.
- 04Stap 4
Breng op smaak met sojasaus, limoen en sesamolie.
- 05Stap 5
Serveer op rijst en bestrooi met sesam.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Dit product is al gegaard. Verwarm het gelijkmatig door en voeg geen extra marinade of kruiden toe tenzij het recept dat uitdrukkelijk vraagt.
- Voeg niet automatisch extra zout, rub of marinade toe. De smaak die al in het product zit is het uitgangspunt.
- Warm in de pan rustig en gelijkmatig door; gebruik alleen extra bakvet als het recept of product dat nodig heeft.
- Tip van Jan: Leg eendenborst op de velkant in een koude pan en bouw de hitte rustig op zodat vet kan uitsmelten.
- Volg voor het opwarmen de temperatuur- en bereidingsinformatie die bij het product staat.
Volg voor opwarmen, bewaren en serveren de aanwijzingen bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een snelle bowl voor reeds gegaarde kip: alleen goed doorwarmen en op smaak brengen.

Halve kip gegrild
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- 600 g Halve kip gegrild
- 700 g aardappeltjes
- 150 g gemengde sla
- 1 komkommer
- 1 el mosterd
- 2 el olijfolie
Bereiding
- 01Stap 1
Verwarm de oven voor op laag tot middelhoog vuur tot het product door en door heet is of op 190 °C als daar geen afwijkend advies staat.
- 02Stap 2
Rooster de aardappeltjes goudbruin.
- 03Stap 3
Leg de Halve kip gegrild de laatste fase erbij en verwarm tot door en door warm; voorkom onnodig lang doorbakken.
- 04Stap 4
Meng sla en komkommer met een eenvoudige mosterddressing.
- 05Stap 5
Serveer zodra de kip heet en eventueel krokant is.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Dit product is al gegaard. Verwarm het gelijkmatig door en voeg geen extra marinade of kruiden toe tenzij het recept dat uitdrukkelijk vraagt.
- Voeg niet automatisch extra zout, rub of marinade toe. De smaak die al in het product zit is het uitgangspunt.
- Warm in de oven gelijkmatig door en voorkom onnodig uitdrogen. Haal het product uit de oven zodra het goed is opgewarmd.
- Tip van Jan: Kippendij blijft sappig bij iets langere garing en is daardoor sterk voor grill, stoof en oven.
- Volg voor het opwarmen de temperatuur- en bereidingsinformatie die bij het product staat.
Volg voor opwarmen, bewaren en serveren de aanwijzingen bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Het product is al gegaard: de oven is hier voor doorwarmen en krokant maken, niet voor opnieuw garen.
Ingrediënten
- 500 g Halve kip gegrild
- 4 flatbreads
- 2 paprika’s
- 1 rode ui
- 150 g yoghurt
- 1 teen knoflook
- 1 citroen
Bereiding
- 01Stap 1
Rooster paprika en ui in een hete pan.
- 02Stap 2
Meng yoghurt met knoflook en citroen.
- 03Stap 3
Verwarm de Halve kip gegrild rustig door in dezelfde pan; het product is al gegaard en hoeft niet opnieuw gaar gemaakt te worden.
- 04Stap 4
Verwarm de flatbreads kort.
- 05Stap 5
Vul met groente en kip en maak af met knoflookyoghurt.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Dit product is al gegaard. Verwarm het gelijkmatig door en voeg geen extra marinade of kruiden toe tenzij het recept dat uitdrukkelijk vraagt.
- Voeg niet automatisch extra zout, rub of marinade toe. De smaak die al in het product zit is het uitgangspunt.
- Warm in de pan rustig en gelijkmatig door; gebruik alleen extra bakvet als het recept of product dat nodig heeft.
- Tip van Jan: Kleur in de pan en laat een dikke filet gecontroleerd in de oven doorgaren.
- Volg voor het opwarmen de temperatuur- en bereidingsinformatie die bij het product staat.
Volg voor opwarmen, bewaren en serveren de aanwijzingen bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Kort doorwarmen en direct serveren houdt reeds gegaarde kip sappig.
Ingrediënten
- 500 g Halve kip gegrild
- 300 g rijst
- 2 stronken paksoi
- 2 bosuien
- 2 el sojasaus
- 1 limoen
- 1 tl sesamolie
- 1 tl sesam
Bereiding
- 01Stap 1
Kook de rijst.
- 02Stap 2
Roerbak paksoi en bosui kort op hoog vuur.
- 03Stap 3
Voeg de Halve kip gegrild toe en verwarm alleen tot door en door warm; voorkom uitdrogen.
- 04Stap 4
Breng op smaak met sojasaus, limoen en sesamolie.
- 05Stap 5
Serveer op rijst en bestrooi met sesam.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Dit product is al gegaard. Verwarm het gelijkmatig door en voeg geen extra marinade of kruiden toe tenzij het recept dat uitdrukkelijk vraagt.
- Voeg niet automatisch extra zout, rub of marinade toe. De smaak die al in het product zit is het uitgangspunt.
- Warm in de pan rustig en gelijkmatig door; gebruik alleen extra bakvet als het recept of product dat nodig heeft.
- Tip van Jan: Kleur in de pan en laat een dikke filet gecontroleerd in de oven doorgaren.
- Volg voor het opwarmen de temperatuur- en bereidingsinformatie die bij het product staat.
Volg voor opwarmen, bewaren en serveren de aanwijzingen bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een snelle bowl voor reeds gegaarde kip: alleen goed doorwarmen en op smaak brengen.

Hele Kiphaas Southern Fried – 1 kg
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- 4 stuks Hele Kiphaas Southern Fried
- 150 g Griekse yoghurt
- 2 el mayonaise
- 1 el kappertjes
- 1 citroen
- 2 el fijngehakte peterselie
- zwarte peper en een klein snufje zout
Bereiding
- 01Stap 1
Verwarm de frituur op 180 °C en zet een met keukenpapier beklede schaal klaar.
- 02Stap 2
Bereid de Hele Kiphaas Southern Fried in porties zodat de temperatuur van het vet niet te ver terugloopt.
- 03Stap 3
Frituur tot de buitenkant krokant is en het product door en door heet en krokant is. Verwarm de kip alleen door en door; het product is al gegaard.
- 04Stap 4
Meng yoghurt, mayonaise, kappertjes, citroenrasp, een beetje citroensap en peterselie tot een frisse dip.
- 05Stap 5
Laat de krokante kip kort uitlekken en serveer direct met de dip.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Dit product is al bereid. Verwarm het kort en heet genoeg om de buitenkant weer krokant te maken; extra marinade of kruiden zijn niet nodig.
- Dit product heeft al een eigen kruiding of smaakopbouw. Voeg daarom niet automatisch extra rub, marinade of kruidenmix toe.
- Frituur het gepaneerde of crispy product kort in voldoende heet vet en werk zo nodig in porties, zodat de buitenkant krokant blijft.
- Tip van Jan: Saus een krokante huid pas vlak voor serveren of serveer saus ernaast.
- Volg voor het opwarmen de temperatuur- en bereidingsinformatie die bij het product staat.
Volg voor opwarmen, bewaren en serveren de aanwijzingen bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Krokante bereiding met een frisse dip; geen generieke vleesmarinade.
Ingrediënten
- 4 stuks Hele Kiphaas Southern Fried
- 1 tl olie
- 200 g gemengde sla
- 1 appel
- 1/2 komkommer
- 2 el yoghurt
- 1 el mosterd
- 1 el honing
Bereiding
- 01Stap 1
Verwarm de airfryer voor op 180 °C.
- 02Stap 2
Leg de Hele Kiphaas Southern Fried zonder overlap in het mandje; werk zo nodig in meerdere porties.
- 03Stap 3
Bereid tot de korst krokant is en het product door en door heet en krokant is. Verwarm de kip alleen door en door; het product is al gegaard.
- 04Stap 4
Meng yoghurt, mosterd en honing tot dressing.
- 05Stap 5
Meng sla met appel en komkommer en schep een deel van de dressing erdoor.
- 06Stap 6
Serveer de Hele Kiphaas Southern Fried direct met de salade en de rest van de dressing.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Dit product is al bereid. Verwarm het kort en heet genoeg om de buitenkant weer krokant te maken; extra marinade of kruiden zijn niet nodig.
- Dit product heeft al een eigen kruiding of smaakopbouw. Voeg daarom niet automatisch extra rub, marinade of kruidenmix toe.
- Verwarm het gepaneerde of crispy product in één laag in de airfryer en laat de hete lucht rondom circuleren; zo wordt de korst weer mooi krokant.
- Tip van Jan: Saus een krokante huid pas vlak voor serveren of serveer saus ernaast.
- Volg voor het opwarmen de temperatuur- en bereidingsinformatie die bij het product staat.
Volg voor opwarmen, bewaren en serveren de aanwijzingen bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Airfryer wordt alleen gebruikt omdat een gepaneerde korst hier werkelijk baat bij heeft.
Ingrediënten
- 4 stuks Hele Kiphaas Southern Fried
- 400 ml tomatensaus
- 125 g mozzarella
- 40 g Parmezaan
- 1 bosje basilicum
- 1 el olie
- 300 g spaghetti
Bereiding
- 01Stap 1
Verwarm de oven voor op 200 °C en bekleed een bakplaat of ovenschaal.
- 02Stap 2
Leg de Hele Kiphaas Southern Fried los van elkaar in de schaal en bak eerst tot de korst stevig en krokant begint te worden.
- 03Stap 3
Lepel een dunne laag tomatensaus over de bovenzijde en verdeel mozzarella en Parmezaan erover.
- 04Stap 4
Bak verder tot de kaas goudbruin is en het product door en door heet en krokant is. Verwarm de kip alleen door en door; het product is al gegaard.
- 05Stap 5
Kook intussen de spaghetti beetgaar en meng met de resterende tomatensaus.
- 06Stap 6
Werk de Hele Kiphaas Southern Fried af met basilicum en serveer met de spaghetti.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Dit product is al bereid. Verwarm het kort en heet genoeg om de buitenkant weer krokant te maken; extra marinade of kruiden zijn niet nodig.
- Dit product heeft al een eigen kruiding of smaakopbouw. Voeg daarom niet automatisch extra rub, marinade of kruidenmix toe.
- Verwarm het gepaneerde of crispy product volgens de aangegeven bereidingswijze en houd de korst zo droog mogelijk voor het beste krokante resultaat.
- Tip van Jan: Kippendij blijft sappig bij iets langere garing en is daardoor sterk voor grill, stoof en oven.
- Volg voor het opwarmen de temperatuur- en bereidingsinformatie die bij het product staat.
Volg voor opwarmen, bewaren en serveren de aanwijzingen bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Volwaardig ovengerecht; de krokante kip blijft herkenbaar als hoofdproduct.

Kip BBQ Worst Bonito
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- ca. 600 g worst
- 800 g kruimige aardappelen
- 2 grote uien
- 150 ml melk
- 30 g boter
- 1 el grove mosterd
- 250 ml bouillon
- 1 el olie
Bereiding
- 01Stap 1
Bak de worst op middelhoog vuur rustig rondom bruin; draai regelmatig zodat de darm niet barst.
- 02Stap 2
Kook de aardappelen gaar en maak puree met melk, boter en mosterd.
- 03Stap 3
Bak de uien in dezelfde pan rustig goudbruin.
- 04Stap 4
Voeg bouillon toe en laat 5–8 minuten inkoken tot een lichte jus.
- 05Stap 5
Verwarm de reeds gegaarde worst rustig tot hij door en door heet is; voorkom hard koken of uitdrogen.
- 06Stap 6
Serveer met mosterdpuree en uienjus.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Dit product is al gegaard. Verwarm het gelijkmatig door en voeg geen extra marinade of kruiden toe tenzij het recept dat uitdrukkelijk vraagt.
- Dit product heeft al een eigen kruiding of smaakopbouw. Voeg daarom niet automatisch extra rub, marinade of kruidenmix toe.
- Warm in de pan rustig en gelijkmatig door; gebruik alleen extra bakvet als het recept of product dat nodig heeft.
- Tip van Jan: Kleur in de pan en laat een dikke filet gecontroleerd in de oven doorgaren.
- Volg voor het opwarmen de temperatuur- en bereidingsinformatie die bij het product staat.
Volg voor opwarmen, bewaren en serveren de aanwijzingen bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Rustige panwarmte houdt verse worst sappig en voorkomt verbrande buitenkant.
Ingrediënten
- ca. 600 g worst
- 2 rode paprika's
- 2 rode uien
- 2 el olijfolie
- 1 el balsamico
- 1 tl honing
- 1 bosje peterselie
Bereiding
- 01Stap 1
Maak de barbecue gereed voor middelhoge directe hitte.
- 02Stap 2
Snijd paprika en ui grof, meng met olie en grill tot ze zacht en donker aan de randen zijn.
- 03Stap 3
Grill de reeds gegaarde worst rustig en keer regelmatig, zodat hij rondom kleurt zonder uit te drogen.
- 04Stap 4
Meng balsamico en honing en schep door de warme groente.
- 05Stap 5
Grill de reeds gegaarde worst rondom tot hij door en door heet is en mooi kleurt.
- 06Stap 6
Serveer met de gegrilde groente en peterselie.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Dit product is al gegaard. Verwarm het gelijkmatig door en voeg geen extra marinade of kruiden toe tenzij het recept dat uitdrukkelijk vraagt.
- Dit product heeft al een eigen kruiding of smaakopbouw. Voeg daarom niet automatisch extra rub, marinade of kruidenmix toe.
- Tip van Jan: Kippendij blijft sappig bij iets langere garing en is daardoor sterk voor grill, stoof en oven.
- Volg voor het opwarmen de temperatuur- en bereidingsinformatie die bij het product staat.
Volg voor opwarmen, bewaren en serveren de aanwijzingen bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een barbecuegerecht waarin de worst gecontroleerd gaart en de groente voor friszoete tegenhanger zorgt.
Ingrediënten
- ca. 600 g worst
- 2 blikken witte bonen
- 400 g tomatenblokjes
- 1 ui
- 2 tenen knoflook
- 60 g panko
- 30 g Parmezaan
- 1 el olijfolie
Bereiding
- 01Stap 1
Bak de reeds gegaarde worst kort rondom bruin en neem uit de pan.
- 02Stap 2
Fruit ui en knoflook, voeg tomaat en uitgelekte bonen toe en laat 10 minuten pruttelen.
- 03Stap 3
Leg de worst terug in de saus en verwarm nog 5–8 minuten zacht door.
- 04Stap 4
Meng panko met Parmezaan en een beetje olie en strooi over de pan of ovenschaal.
- 05Stap 5
Gratineer 5 minuten onder een hete grill tot de kruim goudbruin is.
- 06Stap 6
Grill de reeds gegaarde worst rondom tot hij door en door heet is en mooi kleurt.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Dit product is al gegaard. Verwarm het gelijkmatig door en voeg geen extra marinade of kruiden toe tenzij het recept dat uitdrukkelijk vraagt.
- Dit product heeft al een eigen kruiding of smaakopbouw. Voeg daarom niet automatisch extra rub, marinade of kruidenmix toe.
- Warm in de pan rustig en gelijkmatig door; gebruik alleen extra bakvet als het recept of product dat nodig heeft.
- Tip van Jan: Kleur in de pan en laat een dikke filet gecontroleerd in de oven doorgaren.
- Volg voor het opwarmen de temperatuur- en bereidingsinformatie die bij het product staat.
Volg voor opwarmen, bewaren en serveren de aanwijzingen bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een rustieke éénpansmaaltijd met romige bonen en krokante bovenlaag.

Kip BBQ Worst pittig
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- ca. 600 g worst
- 800 g kruimige aardappelen
- 2 grote uien
- 150 ml melk
- 30 g boter
- 1 el grove mosterd
- 250 ml bouillon
- 1 el olie
Bereiding
- 01Stap 1
Bak de worst op middelhoog vuur rustig rondom bruin; draai regelmatig zodat de darm niet barst.
- 02Stap 2
Kook de aardappelen gaar en maak puree met melk, boter en mosterd.
- 03Stap 3
Bak de uien in dezelfde pan rustig goudbruin.
- 04Stap 4
Voeg bouillon toe en laat 5–8 minuten inkoken tot een lichte jus.
- 05Stap 5
Verwarm de reeds gegaarde worst rustig tot hij door en door heet is; voorkom hard koken of uitdrogen.
- 06Stap 6
Serveer met mosterdpuree en uienjus.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Dit product is al gegaard. Verwarm het gelijkmatig door en voeg geen extra marinade of kruiden toe tenzij het recept dat uitdrukkelijk vraagt.
- Dit product heeft al een eigen kruiding of smaakopbouw. Voeg daarom niet automatisch extra rub, marinade of kruidenmix toe.
- Warm in de pan rustig en gelijkmatig door; gebruik alleen extra bakvet als het recept of product dat nodig heeft.
- Tip van Jan: Kleur in de pan en laat een dikke filet gecontroleerd in de oven doorgaren.
- Volg voor het opwarmen de temperatuur- en bereidingsinformatie die bij het product staat.
Volg voor opwarmen, bewaren en serveren de aanwijzingen bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Rustige panwarmte houdt verse worst sappig en voorkomt verbrande buitenkant.
Ingrediënten
- ca. 600 g worst
- 2 rode paprika's
- 2 rode uien
- 2 el olijfolie
- 1 el balsamico
- 1 tl honing
- 1 bosje peterselie
Bereiding
- 01Stap 1
Maak de barbecue gereed voor middelhoge directe hitte.
- 02Stap 2
Snijd paprika en ui grof, meng met olie en grill tot ze zacht en donker aan de randen zijn.
- 03Stap 3
Grill de reeds gegaarde worst rustig en keer regelmatig, zodat hij rondom kleurt zonder uit te drogen.
- 04Stap 4
Meng balsamico en honing en schep door de warme groente.
- 05Stap 5
Grill de reeds gegaarde worst rondom tot hij door en door heet is en mooi kleurt.
- 06Stap 6
Serveer met de gegrilde groente en peterselie.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Dit product is al gegaard. Verwarm het gelijkmatig door en voeg geen extra marinade of kruiden toe tenzij het recept dat uitdrukkelijk vraagt.
- Dit product heeft al een eigen kruiding of smaakopbouw. Voeg daarom niet automatisch extra rub, marinade of kruidenmix toe.
- Tip van Jan: Kippendij blijft sappig bij iets langere garing en is daardoor sterk voor grill, stoof en oven.
- Volg voor het opwarmen de temperatuur- en bereidingsinformatie die bij het product staat.
Volg voor opwarmen, bewaren en serveren de aanwijzingen bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een barbecuegerecht waarin de worst gecontroleerd gaart en de groente voor friszoete tegenhanger zorgt.
Ingrediënten
- ca. 600 g worst
- 2 blikken witte bonen
- 400 g tomatenblokjes
- 1 ui
- 2 tenen knoflook
- 60 g panko
- 30 g Parmezaan
- 1 el olijfolie
Bereiding
- 01Stap 1
Bak de reeds gegaarde worst kort rondom bruin en neem uit de pan.
- 02Stap 2
Fruit ui en knoflook, voeg tomaat en uitgelekte bonen toe en laat 10 minuten pruttelen.
- 03Stap 3
Leg de worst terug in de saus en verwarm nog 5–8 minuten zacht door.
- 04Stap 4
Meng panko met Parmezaan en een beetje olie en strooi over de pan of ovenschaal.
- 05Stap 5
Gratineer 5 minuten onder een hete grill tot de kruim goudbruin is.
- 06Stap 6
Grill de reeds gegaarde worst rondom tot hij door en door heet is en mooi kleurt.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Dit product is al gegaard. Verwarm het gelijkmatig door en voeg geen extra marinade of kruiden toe tenzij het recept dat uitdrukkelijk vraagt.
- Dit product heeft al een eigen kruiding of smaakopbouw. Voeg daarom niet automatisch extra rub, marinade of kruidenmix toe.
- Warm in de pan rustig en gelijkmatig door; gebruik alleen extra bakvet als het recept of product dat nodig heeft.
- Tip van Jan: Kleur in de pan en laat een dikke filet gecontroleerd in de oven doorgaren.
- Volg voor het opwarmen de temperatuur- en bereidingsinformatie die bij het product staat.
Volg voor opwarmen, bewaren en serveren de aanwijzingen bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een rustieke éénpansmaaltijd met romige bonen en krokante bovenlaag.

Kip Chunks – krokant gepaneerde kipstukjes
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- 4 stuks kip chunks
- 150 g Griekse yoghurt
- 2 el mayonaise
- 1 el kappertjes
- 1 citroen
- 2 el fijngehakte peterselie
- zwarte peper en een klein snufje zout
Bereiding
- 01Stap 1
Verwarm de frituur op 180 °C en zet een met keukenpapier beklede schaal klaar.
- 02Stap 2
Bereid de Kip Chunks – krokant gepaneerde kipstukjes in porties zodat de temperatuur van het vet niet te ver terugloopt.
- 03Stap 3
Frituur tot de buitenkant krokant is en het product door en door heet en krokant is. Verwarm de kip alleen door en door; het product is al gegaard.
- 04Stap 4
Meng yoghurt, mayonaise, kappertjes, citroenrasp, een beetje citroensap en peterselie tot een frisse dip.
- 05Stap 5
Laat de krokante kip kort uitlekken en serveer direct met de dip.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Dit product is al bereid. Verwarm het kort en heet genoeg om de buitenkant weer krokant te maken; extra marinade of kruiden zijn niet nodig.
- Dit product heeft al een eigen kruiding of smaakopbouw. Voeg daarom niet automatisch extra rub, marinade of kruidenmix toe.
- Frituur het gepaneerde of crispy product kort in voldoende heet vet en werk zo nodig in porties, zodat de buitenkant krokant blijft.
- Tip van Jan: Saus een krokante huid pas vlak voor serveren of serveer saus ernaast.
- Volg voor het opwarmen de temperatuur- en bereidingsinformatie die bij het product staat.
Volg voor opwarmen, bewaren en serveren de aanwijzingen bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Krokante bereiding met een frisse dip; geen generieke vleesmarinade.
Ingrediënten
- 4 stuks kip chunks
- 1 tl olie
- 200 g gemengde sla
- 1 appel
- 1/2 komkommer
- 2 el yoghurt
- 1 el mosterd
- 1 el honing
Bereiding
- 01Stap 1
Verwarm de airfryer voor op 180 °C.
- 02Stap 2
Leg de Kip Chunks – krokant gepaneerde kipstukjes zonder overlap in het mandje; werk zo nodig in meerdere porties.
- 03Stap 3
Bereid tot de korst krokant is en het product door en door heet en krokant is. Verwarm de kip alleen door en door; het product is al gegaard.
- 04Stap 4
Meng yoghurt, mosterd en honing tot dressing.
- 05Stap 5
Meng sla met appel en komkommer en schep een deel van de dressing erdoor.
- 06Stap 6
Serveer de Kip Chunks – krokant gepaneerde kipstukjes direct met de salade en de rest van de dressing.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Dit product is al bereid. Verwarm het kort en heet genoeg om de buitenkant weer krokant te maken; extra marinade of kruiden zijn niet nodig.
- Dit product heeft al een eigen kruiding of smaakopbouw. Voeg daarom niet automatisch extra rub, marinade of kruidenmix toe.
- Verwarm het gepaneerde of crispy product in één laag in de airfryer en laat de hete lucht rondom circuleren; zo wordt de korst weer mooi krokant.
- Tip van Jan: Saus een krokante huid pas vlak voor serveren of serveer saus ernaast.
- Volg voor het opwarmen de temperatuur- en bereidingsinformatie die bij het product staat.
Volg voor opwarmen, bewaren en serveren de aanwijzingen bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Airfryer wordt alleen gebruikt omdat een gepaneerde korst hier werkelijk baat bij heeft.
Ingrediënten
- 4 stuks kip chunks
- 400 ml tomatensaus
- 125 g mozzarella
- 40 g Parmezaan
- 1 bosje basilicum
- 1 el olie
- 300 g spaghetti
Bereiding
- 01Stap 1
Verwarm de oven voor op 200 °C en bekleed een bakplaat of ovenschaal.
- 02Stap 2
Leg de Kip Chunks – krokant gepaneerde kipstukjes los van elkaar in de schaal en bak eerst tot de korst stevig en krokant begint te worden.
- 03Stap 3
Lepel een dunne laag tomatensaus over de bovenzijde en verdeel mozzarella en Parmezaan erover.
- 04Stap 4
Bak verder tot de kaas goudbruin is en het product door en door heet en krokant is. Verwarm de kip alleen door en door; het product is al gegaard.
- 05Stap 5
Kook intussen de spaghetti beetgaar en meng met de resterende tomatensaus.
- 06Stap 6
Werk de Kip Chunks – krokant gepaneerde kipstukjes af met basilicum en serveer met de spaghetti.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Dit product is al bereid. Verwarm het kort en heet genoeg om de buitenkant weer krokant te maken; extra marinade of kruiden zijn niet nodig.
- Dit product heeft al een eigen kruiding of smaakopbouw. Voeg daarom niet automatisch extra rub, marinade of kruidenmix toe.
- Verwarm het gepaneerde of crispy product volgens de aangegeven bereidingswijze en houd de korst zo droog mogelijk voor het beste krokante resultaat.
- Tip van Jan: Kippendij blijft sappig bij iets langere garing en is daardoor sterk voor grill, stoof en oven.
- Volg voor het opwarmen de temperatuur- en bereidingsinformatie die bij het product staat.
Volg voor opwarmen, bewaren en serveren de aanwijzingen bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Volwaardig ovengerecht; de krokante kip blijft herkenbaar als hoofdproduct.

Kip döner gegrild
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- 500 g kipdöner
- 4 grote pitabroodjes
- 150 g ijsbergsla
- 1/2 komkommer
- 2 tomaten
- 1 kleine rode ui
- 150 ml knoflooksaus
- sambal naar smaak
Bereiding
- 01Stap 1
Verwarm de pitabroodjes volgens de verpakking.
- 02Stap 2
Snijd komkommer, tomaat en rode ui en meng met de sla.
- 03Stap 3
Verhit een ruime koekenpan op middelhoog-hoog vuur; het product is al gekruid en hoeft niet opnieuw gemarineerd te worden.
- 04Stap 4
Verwarm de kipdöner in 6–10 minuten door en laat hem licht krokant worden; werk bij een volle verpakking liever in twee porties.
- 05Stap 5
Vul de warme pita's met salade en vlees en maak af met knoflooksaus en eventueel sambal.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Dit product is al gegaard. Verwarm het gelijkmatig door en voeg geen extra marinade of kruiden toe tenzij het recept dat uitdrukkelijk vraagt.
- Voeg niet automatisch extra zout, rub of marinade toe. De smaak die al in het product zit is het uitgangspunt.
- Warm in de pan rustig en gelijkmatig door; gebruik alleen extra bakvet als het recept of product dat nodig heeft.
- Tip van Jan: Kleur in de pan en laat een dikke filet gecontroleerd in de oven doorgaren.
- Volg voor het opwarmen de temperatuur- en bereidingsinformatie die bij het product staat.
Volg voor opwarmen, bewaren en serveren de aanwijzingen bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
De klassieker: heet gekruid vlees, warm brood, frisse groente en romige saus.
Ingrediënten
- 500 g kipdöner
- 700 g friet
- 150 g ijsbergsla
- 1/2 komkommer
- 2 tomaten
- 1 kleine rode ui
- 150 ml knoflooksaus
- sambal naar smaak
Bereiding
- 01Stap 1
Bak de friet krokant in oven, frituur of airfryer volgens de verpakking.
- 02Stap 2
Maak een frisse salade van sla, komkommer, tomaat en rode ui.
- 03Stap 3
Verhit een grote koekenpan of bakplaat stevig en bak het vlees in een dunne laag; voeg geen extra kruidenmarinade toe.
- 04Stap 4
Verwarm de kipdöner door en door en laat hem licht krokant worden; het vlees is al gegaard.
- 05Stap 5
Verdeel friet, salade en heet vlees over de borden zodat de friet krokant blijft.
- 06Stap 6
Serveer knoflooksaus en sambal apart zodat iedereen zelf kan doseren.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Dit product is al gegaard. Verwarm het gelijkmatig door en voeg geen extra marinade of kruiden toe tenzij het recept dat uitdrukkelijk vraagt.
- Voeg niet automatisch extra zout, rub of marinade toe. De smaak die al in het product zit is het uitgangspunt.
- Warm in de oven gelijkmatig door en voorkom onnodig uitdrogen. Haal het product uit de oven zodra het goed is opgewarmd.
- Tip van Jan: Kippendij blijft sappig bij iets langere garing en is daardoor sterk voor grill, stoof en oven.
- Volg voor het opwarmen de temperatuur- en bereidingsinformatie die bij het product staat.
Volg voor opwarmen, bewaren en serveren de aanwijzingen bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een complete dönerschotel met duidelijke componenten en goede textuur.
Ingrediënten
- 500 g kipdöner
- 700 g friet
- 150 g geraspte jonge kaas
- 150 g ijsbergsla
- 1/2 komkommer
- 2 tomaten
- 150 ml knoflooksaus
- sambal naar smaak
Bereiding
- 01Stap 1
Bak de friet krokant.
- 02Stap 2
Verwarm het vlees in een hete pan in een dunne laag tot het door en door warm en licht gekleurd is.
- 03Stap 3
Verdeel friet over een ovenschaal, schep het vlees erop en bestrooi met kaas.
- 04Stap 4
Gratineer 4–6 minuten onder een hete grill tot de kaas smelt.
- 05Stap 5
Voeg pas daarna sla, komkommer en tomaat toe en serveer met knoflooksaus en sambal.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Dit product is al gegaard. Verwarm het gelijkmatig door en voeg geen extra marinade of kruiden toe tenzij het recept dat uitdrukkelijk vraagt.
- Voeg niet automatisch extra zout, rub of marinade toe. De smaak die al in het product zit is het uitgangspunt.
- Warm in de oven gelijkmatig door en voorkom onnodig uitdrogen. Haal het product uit de oven zodra het goed is opgewarmd.
- Tip van Jan: Kippendij blijft sappig bij iets langere garing en is daardoor sterk voor grill, stoof en oven.
- Volg voor het opwarmen de temperatuur- en bereidingsinformatie die bij het product staat.
Volg voor opwarmen, bewaren en serveren de aanwijzingen bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Krokante friet en koude salade blijven gescheiden tot het laatste moment.

Kip Grillworst
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- ca. 600 g grillworst
- 1 kg kruimige aardappelen
- 3 preien
- 150 ml melk
- 30 g boter
- 1 el grove mosterd
- 200 ml bouillon
Bereiding
- 01Stap 1
Verwarm de grillworst 5–8 minuten op laag vuur in een pan; laat hem niet hard koken of uitdrogen.
- 02Stap 2
Kook de aardappelen gaar en stoof de prei apart zacht in een klein klontje boter.
- 03Stap 3
Stamp aardappel en prei met warme melk en boter tot een grove stamppot.
- 04Stap 4
Kook de bouillon kort in en roer mosterd erdoor.
- 05Stap 5
Snijd de warme worst pas vlak voor serveren en leg op de stamppot.
- 06Stap 6
Lepel de mosterdjus erover en serveer direct.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Dit product is al bereid en kan koud worden geserveerd of kort worden afgewerkt. Verwarm het alleen zo lang als nodig is voor de gekozen bereiding.
- Dit product heeft al een eigen kruiding of smaakopbouw. Voeg daarom niet automatisch extra rub, marinade of kruidenmix toe.
- Werk het reeds bereide product kort in de pan af voor warmte of kleur; houd de verhitting kort zodat structuur en sappigheid behouden blijven.
- Tip van Jan: Kleur in de pan en laat een dikke filet gecontroleerd in de oven doorgaren.
- Gebruik de temperatuur- en bereidingsinformatie bij het product als laatste controle voor het serveren.
Volg voor opwarmen, bewaren en serveren de aanwijzingen bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een Nederlandse klassieker met de juiste behandeling van reeds gare worst.
Ingrediënten
- ca. 600 g grillworst
- 4 stevige broodjes
- 300 g zuurkool
- 1 appel
- 2 el mayonaise
- 1 el grove mosterd
- 1 tl honing
- 1 kleine rode ui
Bereiding
- 01Stap 1
Verwarm de grillworst 5–8 minuten op laag vuur in een pan, of serveer koud wanneer dat bij het gerecht past.
- 02Stap 2
Verwarm de zuurkool op laag vuur en meng er op het einde dunne reepjes appel door.
- 03Stap 3
Meng mayonaise, mosterd en honing tot saus.
- 04Stap 4
Snijd de rode ui flinterdun en rooster de broodjes kort.
- 05Stap 5
Snijd de worst in stukken of plakken, afhankelijk van de vorm.
- 06Stap 6
Beleg de broodjes met zuurkool, worst, rode ui en saus.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Dit product is al bereid en kan koud worden geserveerd of kort worden afgewerkt. Verwarm het alleen zo lang als nodig is voor de gekozen bereiding.
- Dit product heeft al een eigen kruiding of smaakopbouw. Voeg daarom niet automatisch extra rub, marinade of kruidenmix toe.
- Werk het reeds bereide product kort in de pan af voor warmte of kleur; houd de verhitting kort zodat structuur en sappigheid behouden blijven.
- Tip van Jan: Kleur in de pan en laat een dikke filet gecontroleerd in de oven doorgaren.
- Gebruik de temperatuur- en bereidingsinformatie bij het product als laatste controle voor het serveren.
Volg voor opwarmen, bewaren en serveren de aanwijzingen bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Snelle lunchtoepassing met zuur, zoet en hartig in balans.
Ingrediënten
- ca. 600 g grillworst
- 800 g kruimige aardappelen
- 2 preien
- 150 ml melk
- 30 g boter
- 75 g geraspte kaas
- 1 tl mosterd
Bereiding
- 01Stap 1
Kook de aardappelen gaar en maak puree met warme melk, boter en mosterd.
- 02Stap 2
Bak de prei 5 minuten zacht zonder te kleuren.
- 03Stap 3
Snijd de grillworst in plakken en verdeel met de prei over een ovenschaal.
- 04Stap 4
Dek af met puree en bestrooi met kaas.
- 05Stap 5
Gratineer 20 minuten op 200 °C tot de bovenkant goudbruin is.
- 06Stap 6
Controleer dat de vulling overal goed heet is en serveer.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Comfortfood waarin reeds bereide worst als ingrediënt wordt gebruikt, niet opnieuw drooggebakken.

Kip heel
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- 1 Kip heel
- 2 uien
- 1 bol knoflook
- 1 citroen
- 2 el olie
- 250 ml kippenbouillon
- 2 takjes tijm
- peper en zout
Bereiding
- 01Stap 1
Verwarm de oven voor op 190 °C.
- 02Stap 2
Wrijf de buitenkant licht in met olie, peper en zout en leg ui, citroen en knoflook eromheen.
- 03Stap 3
Braad tot het dikste deel van de dij 75 °C bereikt en controleer ook het dikste deel van de borst; raak met de sonde geen bot.
- 04Stap 4
Neem uit de oven en laat 10–15 minuten rusten.
- 05Stap 5
Giet overtollig vet uit de schaal, voeg bouillon toe en kook de aanbaksels kort los.
- 06Stap 6
Snijd aan tafel en serveer met de braadjus.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng het vlees vlak voor de bereiding op smaak met zout en zwarte peper. Voor een vollere, kruidige smaak kun je in plaats daarvan Tropical Mango gebruiken. Kies één van beide; zo blijft de kruiding mooi in balans.
- Gebruik de oven voor beheerst doorgaren. Wanneer het recept eerst een korst vraagt, schroei het vlees vooraf kort aan; bepaal het eindpunt op kern en niet uitsluitend op oventijd.
- Tip van Jan: Heeft uw oven een duidelijke hete kant, draai de braadslede halverwege voor gelijkmatige kleur.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een betrouwbare hele-vogelbereiding met kernmeting in dij én borst.
Ingrediënten
- 1 Kip heel
- 1 el olie
- 2 tl gerookt paprikapoeder
- 1 tl knoflookpoeder
- 1 citroen
- peper en zout
Bereiding
- 01Stap 1
Maak de barbecue gereed voor indirecte hitte rond 180 °C.
- 02Stap 2
Wrijf de vogel in met olie, paprika, knoflookpoeder, peper en zout.
- 03Stap 3
Plaats indirect en sluit het deksel.
- 04Stap 4
Gaar tot 75 °C in het dikste deel van de dij en controleer ook de borst.
- 05Stap 5
Laat 10–15 minuten rusten.
- 06Stap 6
Werk af met citroen en snijd aan tafel.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng het vlees vlak voor de bereiding op smaak met zout en zwarte peper. Voor een vollere, kruidige smaak kun je in plaats daarvan Tropical Mango gebruiken. Kies één van beide; zo blijft de kruiding mooi in balans.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Gebruik directe hitte voor een mooie korst. Dikke stukken kun je daarna indirect verder laten garen; dunne steaks of kleine delen blijven vooral boven directe hitte. Controleer de gaarheid in het dikste deel.
- Tip van Jan: Steek de thermometer in het dijvlees zonder het bot te raken. Controleer bij een grote kip eventueel ook de borst.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Indirect garen geeft een gelijkmatige garing; pas op het einde eventueel kort kleuren.
Ingrediënten
- 1 Kip heel
- 800 g aardappelen
- 2 venkelknollen
- 2 rode uien
- 100 g groene olijven
- 2 el olijfolie
- 1 citroen
Bereiding
- 01Stap 1
Verwarm de oven voor op 190 °C.
- 02Stap 2
Snijd aardappelen, venkel en ui grof en meng met olie.
- 03Stap 3
Leg de vogel erop en braad tot 75 °C in het dikste deel van de dij; controleer ook de borst.
- 04Stap 4
Voeg de olijven de laatste 15 minuten toe.
- 05Stap 5
Laat de vogel 10–15 minuten rusten.
- 06Stap 6
Serveer met de geroosterde groenten en citroen.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng naturel vlees op smaak met zout en zwarte peper, óf gebruik Tropical Mango als smaakvol alternatief. Kies één van beide en voorkom dubbele kruiding.
- Gebruik de oven voor beheerst doorgaren. Wanneer het recept eerst een korst vraagt, schroei het vlees vooraf kort aan; bepaal het eindpunt op kern en niet uitsluitend op oventijd.
- Tip van Jan: Heeft uw oven een duidelijke hete kant, draai de braadslede halverwege voor gelijkmatige kleur.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een complete braadslede waarbij de vogel boven de groenten gaart.

Kip shaslick tray 9 stuks
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- 8 Kip shaslick tray 9 stuks
- 300 g rijst
- 1 komkommer
- 1 rode ui
- 200 ml kruidenyoghurt
- 1 limoen
Bereiding
- 01Stap 1
Kook de rijst en maak een frisse komkommersalade.
- 02Stap 2
Maak de barbecue gereed voor middelhoge directe hitte met een rustige zone ernaast.
- 03Stap 3
Grill de spiesen rondom voor kleur en verplaats zo nodig naar de rustige zone.
- 04Stap 4
Gaar kip volledig; controleer in het dikste stuk vlees 75 °C zonder de spies zelf te raken.
- 05Stap 5
Laat 2–3 minuten rusten en serveer met rijst, salade en saus.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng naturel vlees op smaak met zout en zwarte peper, óf gebruik Tropical Mango als smaakvol alternatief. Kies één van beide en voorkom dubbele kruiding.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Gebruik directe hitte voor een mooie korst. Dikke stukken kun je daarna indirect verder laten garen; dunne steaks of kleine delen blijven vooral boven directe hitte. Controleer de gaarheid in het dikste deel.
- Tip van Jan: Kippendij blijft sappig bij iets langere garing en is daardoor sterk voor grill, stoof en oven.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Rauwe kipspiesen worden volledig gegaard; daarna pas saus toevoegen.
Ingrediënten
- 8 Kip shaslick tray 9 stuks
- 2 paprika’s
- 2 rode uien
- 600 g aardappeltjes
- 2 el olie
- 1 citroen
Bereiding
- 01Stap 1
Verwarm de oven voor op 210 °C.
- 02Stap 2
Rooster aardappeltjes, paprika en ui 15 minuten voor.
- 03Stap 3
Leg de spiesen op of naast de groente en bestrijk licht met olie.
- 04Stap 4
Rooster tot de kip volledig gaar is; controleer het dikste stukje op 75 °C.
- 05Stap 5
Laat 2–3 minuten rusten en werk af met citroen.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng naturel vlees op smaak met zout en zwarte peper, óf gebruik Tropical Mango als smaakvol alternatief. Kies één van beide en voorkom dubbele kruiding.
- Gebruik de oven voor beheerst doorgaren. Wanneer het recept eerst een korst vraagt, schroei het vlees vooraf kort aan; bepaal het eindpunt op kern en niet uitsluitend op oventijd.
- Tip van Jan: Kleur in de pan en laat een dikke filet gecontroleerd in de oven doorgaren.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Ovenbereiding is praktisch voor meerdere spiesen tegelijk en geeft gelijkmatige garing.
Ingrediënten
- 8 Kip shaslick tray 9 stuks
- 250 g noedels
- 2 stronken paksoi
- 3 bosuien
- 1 limoen
- 2 el sojasaus
- 1 tl sesamolie
- 1 el sesam
Bereiding
- 01Stap 1
Kook de noedels en laat uitlekken.
- 02Stap 2
Roerbak paksoi en bosui kort.
- 03Stap 3
Bak of grill de spiesen rondom en gaar de kip volledig tot 75 °C in het dikste stukje.
- 04Stap 4
Meng limoen, sojasaus en sesamolie en schep door de noedels.
- 05Stap 5
Serveer de spiesen op de noedels en bestrooi met sesam.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng naturel vlees op smaak met zout en zwarte peper, óf gebruik Tropical Mango als smaakvol alternatief. Kies één van beide en voorkom dubbele kruiding.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Verhit de pan eerst goed en gebruik waar nodig slechts een dun laagje hittebestendig bakvet. Geef het vlees ruimte en bouw een duidelijke korst op zonder voortdurend te schuiven; verlaag daarna de hitte wanneer het stuk nog moet doorgaren.
- Tip van Jan: Kleur in de pan en laat een dikke filet gecontroleerd in de oven doorgaren.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een pan- of grillpanroute waarbij de kip volledig gaart vóór hij bij de noedels gaat.

Kipdijenreepjes grof Tex-Mex
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- 500 g Kipdijenreepjes grof Tex-Mex
- 1 rode paprika
- 250 g broccoli
- 2 bosuien
- 2 cm gember
- 2 el sojasaus
- 1 el neutrale olie
- 250 g noedels
Bereiding
- 01Stap 1
Kook de noedels volgens de verpakking en laat uitlekken.
- 02Stap 2
Snijd paprika en broccoli in hapklare stukken.
- 03Stap 3
De blokjes zijn al gekruid; voeg alleen extra zout toe als dat echt nodig is.
- 04Stap 4
Verhit een wok of ruime pan goed heet en bak de kip in een enkele laag. Gaar volledig tot 75 °C in een representatief dik stukje.
- 05Stap 5
Voeg groente en gember toe en roerbak nog 3–4 minuten.
- 06Stap 6
Voeg sojasaus en noedels toe, schep kort om en serveer met bosui.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng het vlees vlak voor de bereiding op smaak met zout en zwarte peper. Voor een vollere, kruidige smaak kun je in plaats daarvan Tropical Mango gebruiken. Kies één van beide; zo blijft de kruiding mooi in balans.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Verhit de pan eerst goed en gebruik waar nodig slechts een dun laagje hittebestendig bakvet. Geef het vlees ruimte en bouw een duidelijke korst op zonder voortdurend te schuiven; verlaag daarna de hitte wanneer het stuk nog moet doorgaren.
- Tip van Jan: Kleur in de pan en laat een dikke filet gecontroleerd in de oven doorgaren.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Snel wokken in kleine porties houdt de kip sappig en de groenten knapperig.
Ingrediënten
- 500 g Kipdijenreepjes grof Tex-Mex
- 300 g rijst
- 1 komkommer
- 2 tomaten
- 150 g yoghurt
- 1 tl sambal
- 1 limoen
- 1 el olie
Bereiding
- 01Stap 1
Kook de rijst en houd warm.
- 02Stap 2
Meng yoghurt met sambal en limoensap. Snijd komkommer en tomaat.
- 03Stap 3
De blokjes zijn al gekruid; voeg alleen extra zout toe als dat echt nodig is.
- 04Stap 4
Bak de kip in een hete pan rondom bruin en volledig gaar; controleer 75 °C in het dikste stukje.
- 05Stap 5
Verdeel rijst, groente en kip over kommen.
- 06Stap 6
Lepel de pittige yoghurtsaus erover en serveer meteen.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng het vlees vlak voor de bereiding op smaak met zout en zwarte peper. Voor een vollere, kruidige smaak kun je in plaats daarvan Tropical Mango gebruiken. Kies één van beide; zo blijft de kruiding mooi in balans.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Verhit de pan eerst goed en gebruik waar nodig slechts een dun laagje hittebestendig bakvet. Geef het vlees ruimte en bouw een duidelijke korst op zonder voortdurend te schuiven; verlaag daarna de hitte wanneer het stuk nog moet doorgaren.
- Tip van Jan: Kleur in de pan en laat een dikke filet gecontroleerd in de oven doorgaren.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een frisse rijstbowl met heet gebakken kip en koele, knapperige groente.
Ingrediënten
- 500 g Kipdijenreepjes grof Tex-Mex
- 700 g aardappeltjes
- 2 paprika’s
- 1 rode ui
- 2 el olie
- 1 tl paprikapoeder
- 1 citroen
Bereiding
- 01Stap 1
Verwarm de oven voor op 210 °C.
- 02Stap 2
Rooster aardappeltjes, paprika en ui met olie en paprikapoeder 20 minuten voor.
- 03Stap 3
De blokjes zijn al gekruid; voeg alleen extra zout toe als dat echt nodig is.
- 04Stap 4
Schep de kipblokjes door de hete plaat en rooster verder tot alle stukjes volledig gaar zijn; controleer een dik stukje op 75 °C.
- 05Stap 5
Schep halverwege eenmaal om.
- 06Stap 6
Werk af met citroen en serveer.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng het vlees vlak voor de bereiding op smaak met zout en zwarte peper. Voor een vollere, kruidige smaak kun je in plaats daarvan Tropical Mango gebruiken. Kies één van beide; zo blijft de kruiding mooi in balans.
- Gebruik de oven voor beheerst doorgaren. Wanneer het recept eerst een korst vraagt, schroei het vlees vooraf kort aan; bepaal het eindpunt op kern en niet uitsluitend op oventijd.
- Tip van Jan: Kleur in de pan en laat een dikke filet gecontroleerd in de oven doorgaren.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een makkelijke plaatbereiding waarbij de kleine kipstukken pas later worden toegevoegd.

Kipdijfiletrollade
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- 1 Kipdijfiletrollade
- 3 sjalotten
- 2 el olie
- 250 ml kippenbouillon
- 1 tl mosterd
- 30 g boter
- peper en zout
Bereiding
- 01Stap 1
Verwarm de oven voor op 180 °C.
- 02Stap 2
Bak de rollade rondom aan in een ovenbestendige pan.
- 03Stap 3
Zet in de oven en gaar tot 75 °C in het dikste deel.
- 04Stap 4
Laat 10 minuten rusten onder los folie.
- 05Stap 5
Fruit sjalot in de pan, voeg bouillon en mosterd toe en kook iets in. Monteer met boter.
- 06Stap 6
Snijd de rollade in plakken en serveer met jus.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng het vlees vlak voor de bereiding op smaak met zout en zwarte peper. Voor een vollere, kruidige smaak kun je in plaats daarvan Tropical Mango gebruiken. Kies één van beide; zo blijft de kruiding mooi in balans.
- Gebruik de oven voor beheerst doorgaren. Wanneer het recept eerst een korst vraagt, schroei het vlees vooraf kort aan; bepaal het eindpunt op kern en niet uitsluitend op oventijd.
- Tip van Jan: Kippendij blijft sappig bij iets langere garing en is daardoor sterk voor grill, stoof en oven.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een rollade wordt gelijkmatig gebraden en daarna kort gerust vóór het snijden.
Ingrediënten
- 1 Kipdijfiletrollade
- 3 appels
- 600 g wortel
- 2 rode uien
- 8 salieblaadjes
- 2 el olie
- 150 ml kippenbouillon
Bereiding
- 01Stap 1
Verwarm de oven voor op 185 °C.
- 02Stap 2
Rooster wortel en ui 15 minuten voor.
- 03Stap 3
Bak de rollade rondom bruin en leg bij de groenten.
- 04Stap 4
Voeg appel en salie toe en gaar tot 75 °C in het dikste deel.
- 05Stap 5
Laat 10 minuten rusten.
- 06Stap 6
Snijd in plakken en serveer met de groenten en braadvocht.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng naturel vlees op smaak met zout en zwarte peper, óf gebruik Tropical Mango als smaakvol alternatief. Kies één van beide en voorkom dubbele kruiding.
- Gebruik de oven voor beheerst doorgaren. Wanneer het recept eerst een korst vraagt, schroei het vlees vooraf kort aan; bepaal het eindpunt op kern en niet uitsluitend op oventijd.
- Tip van Jan: Kippendij blijft sappig bij iets langere garing en is daardoor sterk voor grill, stoof en oven.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Appel en salie passen bij kipdij en geven een volle maar frisse braadsmaak.
Ingrediënten
- 1 Kipdijfiletrollade
- 1 el olie
- 1 citroen
- 1 bos peterselie
- 1 teen knoflook
- 150 ml kippenbouillon
- peper en zout
Bereiding
- 01Stap 1
Maak de barbecue gereed voor indirecte hitte rond 180 °C.
- 02Stap 2
Wrijf de rollade licht in met olie, peper en zout.
- 03Stap 3
Gaar indirect met gesloten deksel tot 75 °C in het dikste deel.
- 04Stap 4
Laat 10 minuten rusten.
- 05Stap 5
Meng fijngehakte peterselie, knoflook en citroen met een beetje warme bouillon tot een lichte jus.
- 06Stap 6
Snijd de rollade en serveer met de kruidenjus.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng het vlees vlak voor de bereiding op smaak met zout en zwarte peper. Voor een vollere, kruidige smaak kun je in plaats daarvan Tropical Mango gebruiken. Kies één van beide; zo blijft de kruiding mooi in balans.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Gebruik directe hitte voor een mooie korst. Dikke stukken kun je daarna indirect verder laten garen; dunne steaks of kleine delen blijven vooral boven directe hitte. Controleer de gaarheid in het dikste deel.
- Tip van Jan: Zodra de veilige kern is bereikt, van de hitte af. Extra minuten maken borstfilet vooral droger.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Indirecte barbecuebereiding houdt een rollade gelijkmatig sappig.

Kipdrumsticks
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- 4–6 stuks Kipdrumsticks
- 800 g aardappelen
- 2 rode uien
- 4 tenen knoflook
- 2 el olijfolie
- 1 tl paprikapoeder
- 1 citroen
Bereiding
- 01Stap 1
Verwarm de oven voor op 200 °C.
- 02Stap 2
Meng aardappelen, ui en knoflook met de helft van de olie en rooster 15 minuten voor.
- 03Stap 3
Meng de kip met olie, paprikapoeder, knoflookpoeder, peper en een kleine hoeveelheid zout.
- 04Stap 4
Leg de kip tussen de aardappelen en rooster tot het vlees bij het dikste deel 75 °C bereikt; meet naast het bot, niet erop.
- 05Stap 5
Keer kleinere delen halverwege voor gelijkmatige kleur.
- 06Stap 6
Laat 5 minuten rusten en serveer met een kneep citroen.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng het vlees vlak voor de bereiding op smaak met zout en zwarte peper. Voor een vollere, kruidige smaak kun je in plaats daarvan Tropical Mango gebruiken. Kies één van beide; zo blijft de kruiding mooi in balans.
- Gebruik de oven voor beheerst doorgaren. Wanneer het recept eerst een korst vraagt, schroei het vlees vooraf kort aan; bepaal het eindpunt op kern en niet uitsluitend op oventijd.
- Tip van Jan: Kippendij blijft sappig bij iets langere garing en is daardoor sterk voor grill, stoof en oven.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Rustige oventemperatuur geeft bot-in-kip tijd om volledig te garen zonder de buitenkant te verbranden.
Ingrediënten
- 4–6 stuks Kipdrumsticks
- 2 el mosterd
- 1 el honing
- 1 el appelazijn
- 1 el olie
- 1 tl gerookt paprikapoeder
- zwarte peper
Bereiding
- 01Stap 1
Maak de barbecue gereed voor indirecte hitte rond 180 °C met daarnaast een directe zone.
- 02Stap 2
Meng de kip met olie, paprikapoeder, knoflookpoeder, peper en een kleine hoeveelheid zout.
- 03Stap 3
Gaar de kip eerst indirect met gesloten deksel.
- 04Stap 4
Meng mosterd, honing en appelazijn tot glaze en bestrijk de kip pas in de laatste minuten.
- 05Stap 5
Grill kort boven directe hitte voor glans en kleur en controleer 75 °C in het dikste deel naast het bot.
- 06Stap 6
Laat 5 minuten rusten en serveer.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng het vlees vlak voor de bereiding op smaak met zout en zwarte peper. Voor een vollere, kruidige smaak kun je in plaats daarvan Tropical Mango gebruiken. Kies één van beide; zo blijft de kruiding mooi in balans.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Gebruik directe hitte voor een mooie korst. Dikke stukken kun je daarna indirect verder laten garen; dunne steaks of kleine delen blijven vooral boven directe hitte. Controleer de gaarheid in het dikste deel.
- Tip van Jan: Zodra de veilige kern is bereikt, van de hitte af. Extra minuten maken borstfilet vooral droger.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Eerst indirect garen, daarna kort lakken boven directe hitte voor kleur zonder verbrande suikers.
Ingrediënten
- 4–6 stuks Kipdrumsticks
- 3 el sojasaus
- 1 el honing
- 1 el limoensap
- 2 cm gember
- 1 teen knoflook
- 2 bosuien
- 1 tl sesam
Bereiding
- 01Stap 1
Verwarm de oven voor op 200 °C.
- 02Stap 2
Meng de kip met olie, paprikapoeder, knoflookpoeder, peper en een kleine hoeveelheid zout.
- 03Stap 3
Rooster de kip op een met bakpapier beklede plaat tot hij bijna gaar is.
- 04Stap 4
Meng sojasaus, honing, limoen, geraspte gember en knoflook.
- 05Stap 5
Bestrijk de kip met de lak en rooster nog kort tot glanzend en volledig gaar; controleer 75 °C bij het dikste deel.
- 06Stap 6
Bestrooi met bosui en sesam en serveer direct.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng het vlees vlak voor de bereiding op smaak met zout en zwarte peper. Voor een vollere, kruidige smaak kun je in plaats daarvan Tropical Mango gebruiken. Kies één van beide; zo blijft de kruiding mooi in balans.
- Gebruik de oven voor beheerst doorgaren. Wanneer het recept eerst een korst vraagt, schroei het vlees vooraf kort aan; bepaal het eindpunt op kern en niet uitsluitend op oventijd.
- Tip van Jan: Kleur in de pan en laat een dikke filet gecontroleerd in de oven doorgaren.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een kleverige Aziatische lak die pas aan het einde wordt toegevoegd zodat hij niet verbrandt.

Kipdrumsticks gegaard
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- 600 g Kipdrumsticks gegaard
- 700 g aardappeltjes
- 150 g gemengde sla
- 1 komkommer
- 1 el mosterd
- 2 el olijfolie
Bereiding
- 01Stap 1
Verwarm de oven voor op laag tot middelhoog vuur tot het product door en door heet is of op 190 °C als daar geen afwijkend advies staat.
- 02Stap 2
Rooster de aardappeltjes goudbruin.
- 03Stap 3
Leg de Kipdrumsticks gegaard de laatste fase erbij en verwarm tot door en door warm; voorkom onnodig lang doorbakken.
- 04Stap 4
Meng sla en komkommer met een eenvoudige mosterddressing.
- 05Stap 5
Serveer zodra de kip heet en eventueel krokant is.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Dit product is al gegaard. Verwarm het gelijkmatig door en voeg geen extra marinade of kruiden toe tenzij het recept dat uitdrukkelijk vraagt.
- Voeg niet automatisch extra zout, rub of marinade toe. De smaak die al in het product zit is het uitgangspunt.
- Warm in de oven gelijkmatig door en voorkom onnodig uitdrogen. Haal het product uit de oven zodra het goed is opgewarmd.
- Tip van Jan: Kippendij blijft sappig bij iets langere garing en is daardoor sterk voor grill, stoof en oven.
- Volg voor het opwarmen de temperatuur- en bereidingsinformatie die bij het product staat.
Volg voor opwarmen, bewaren en serveren de aanwijzingen bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Het product is al gegaard: de oven is hier voor doorwarmen en krokant maken, niet voor opnieuw garen.
Ingrediënten
- 500 g Kipdrumsticks gegaard
- 4 flatbreads
- 2 paprika’s
- 1 rode ui
- 150 g yoghurt
- 1 teen knoflook
- 1 citroen
Bereiding
- 01Stap 1
Rooster paprika en ui in een hete pan.
- 02Stap 2
Meng yoghurt met knoflook en citroen.
- 03Stap 3
Verwarm de Kipdrumsticks gegaard rustig door in dezelfde pan; het product is al gegaard en hoeft niet opnieuw gaar gemaakt te worden.
- 04Stap 4
Verwarm de flatbreads kort.
- 05Stap 5
Vul met groente en kip en maak af met knoflookyoghurt.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Dit product is al gegaard. Verwarm het gelijkmatig door en voeg geen extra marinade of kruiden toe tenzij het recept dat uitdrukkelijk vraagt.
- Voeg niet automatisch extra zout, rub of marinade toe. De smaak die al in het product zit is het uitgangspunt.
- Warm in de pan rustig en gelijkmatig door; gebruik alleen extra bakvet als het recept of product dat nodig heeft.
- Tip van Jan: Kleur in de pan en laat een dikke filet gecontroleerd in de oven doorgaren.
- Volg voor het opwarmen de temperatuur- en bereidingsinformatie die bij het product staat.
Volg voor opwarmen, bewaren en serveren de aanwijzingen bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Kort doorwarmen en direct serveren houdt reeds gegaarde kip sappig.
Ingrediënten
- 500 g Kipdrumsticks gegaard
- 300 g rijst
- 2 stronken paksoi
- 2 bosuien
- 2 el sojasaus
- 1 limoen
- 1 tl sesamolie
- 1 tl sesam
Bereiding
- 01Stap 1
Kook de rijst.
- 02Stap 2
Roerbak paksoi en bosui kort op hoog vuur.
- 03Stap 3
Voeg de Kipdrumsticks gegaard toe en verwarm alleen tot door en door warm; voorkom uitdrogen.
- 04Stap 4
Breng op smaak met sojasaus, limoen en sesamolie.
- 05Stap 5
Serveer op rijst en bestrooi met sesam.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Dit product is al gegaard. Verwarm het gelijkmatig door en voeg geen extra marinade of kruiden toe tenzij het recept dat uitdrukkelijk vraagt.
- Voeg niet automatisch extra zout, rub of marinade toe. De smaak die al in het product zit is het uitgangspunt.
- Warm in de pan rustig en gelijkmatig door; gebruik alleen extra bakvet als het recept of product dat nodig heeft.
- Tip van Jan: Kleur in de pan en laat een dikke filet gecontroleerd in de oven doorgaren.
- Volg voor het opwarmen de temperatuur- en bereidingsinformatie die bij het product staat.
Volg voor opwarmen, bewaren en serveren de aanwijzingen bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een snelle bowl voor reeds gegaarde kip: alleen goed doorwarmen en op smaak brengen.

Kipfilet
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- 600–700 g Kipfilet
- 700 g krieltjes
- 1 citroen
- 2 takjes tijm
- 1 teen knoflook
- 25 g boter
- 1 el neutrale olie
- peper en zout
Bereiding
- 01Stap 1
Rooster of kook de krieltjes tot ze gaar en goudbruin zijn.
- 02Stap 2
Kruid vlak voor het bakken met peper en een kleine hoeveelheid zout.
- 03Stap 3
Verhit olie in een ruime pan op middelhoog-hoog vuur en bak de kip rondom goudbruin.
- 04Stap 4
Zet het vuur iets lager en gaar verder tot het dikste deel 75 °C bereikt; gebruik een kernthermometer zonder bot te raken.
- 05Stap 5
Neem de kip uit de pan en laat 3–5 minuten rusten. Voeg boter, tijm, knoflook en een kneep citroen toe aan de pan.
- 06Stap 6
Wentel de krieltjes kort door de panjus en serveer direct met de kip.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng het vlees vlak voor de bereiding op smaak met zout en zwarte peper. Voor een vollere, kruidige smaak kun je in plaats daarvan Tropical Mango gebruiken. Kies één van beide; zo blijft de kruiding mooi in balans.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Verhit de pan eerst goed en gebruik waar nodig slechts een dun laagje hittebestendig bakvet. Geef het vlees ruimte en bouw een duidelijke korst op zonder voortdurend te schuiven; verlaag daarna de hitte wanneer het stuk nog moet doorgaren.
- Voeg boter en aromaten uit het recept pas na de eerste korstfase toe en lepel het schuimende bakvet kort over het vlees; zo blijven de aromaten frisser en verbranden ze minder snel.
- Tip van Jan: Zodra de veilige kern is bereikt, van de hitte af. Extra minuten maken borstfilet vooral droger.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een eenvoudige panbereiding waarin de kip sappig blijft en de jus uit de pan wordt benut.
Ingrediënten
- 600–700 g Kipfilet
- 2 rode paprika’s
- 2 rode uien
- 600 g aardappeltjes
- 2 el olijfolie
- 1 citroen
- 1 tl paprikapoeder
- peper en zout
Bereiding
- 01Stap 1
Verwarm de oven voor op 200 °C.
- 02Stap 2
Snijd paprika, ui en aardappeltjes en meng met olie, paprikapoeder, peper en zout. Rooster 15 minuten voor.
- 03Stap 3
Kruid vlak voor het bakken met peper en een kleine hoeveelheid zout.
- 04Stap 4
Leg de kip tussen de groenten en rooster verder tot het dikste deel 75 °C bereikt.
- 05Stap 5
Laat de kip 3–5 minuten rusten terwijl de groenten nog kort doorroosteren indien nodig.
- 06Stap 6
Werk af met citroensap en serveer rechtstreeks van de plaat.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng het vlees vlak voor de bereiding op smaak met zout en zwarte peper. Voor een vollere, kruidige smaak kun je in plaats daarvan Tropical Mango gebruiken. Kies één van beide; zo blijft de kruiding mooi in balans.
- Gebruik de oven voor beheerst doorgaren. Wanneer het recept eerst een korst vraagt, schroei het vlees vooraf kort aan; bepaal het eindpunt op kern en niet uitsluitend op oventijd.
- Tip van Jan: Zodra de veilige kern is bereikt, van de hitte af. Extra minuten maken borstfilet vooral droger.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Alles op één plaat: geroosterde groente en sappige kip met een frisse citroenafwerking.
Ingrediënten
- 600–700 g Kipfilet
- 1 courgette
- 2 paprika’s
- 200 g Griekse yoghurt
- 1 citroen
- 1 bosje peterselie
- 1 el olijfolie
- peper en zout
Bereiding
- 01Stap 1
Maak de barbecue gereed met een directe en een indirecte zone.
- 02Stap 2
Meng yoghurt met citroenrasp, peterselie en zwarte peper.
- 03Stap 3
Kruid vlak voor het bakken met peper en een kleine hoeveelheid zout.
- 04Stap 4
Grill de kip kort boven directe hitte voor kleur en verplaats daarna naar indirecte hitte. Gaar tot 75 °C in het dikste deel.
- 05Stap 5
Grill intussen courgette en paprika beetgaar.
- 06Stap 6
Laat de kip 3–5 minuten rusten en serveer met de gegrilde groente en kruidenyoghurt.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng het vlees vlak voor de bereiding op smaak met zout en zwarte peper. Voor een vollere, kruidige smaak kun je in plaats daarvan Tropical Mango gebruiken. Kies één van beide; zo blijft de kruiding mooi in balans.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Gebruik directe hitte voor een mooie korst. Dikke stukken kun je daarna indirect verder laten garen; dunne steaks of kleine delen blijven vooral boven directe hitte. Controleer de gaarheid in het dikste deel.
- Tip van Jan: Zodra de veilige kern is bereikt, van de hitte af. Extra minuten maken borstfilet vooral droger.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Direct kleuren en daarna rustig doorgaren voorkomt uitdrogen en geeft een duidelijke grillsmaak.

Kipfilet blokjes gekruid
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- 500 g Kipfilet blokjes gekruid
- 1 rode paprika
- 250 g broccoli
- 2 bosuien
- 2 cm gember
- 2 el sojasaus
- 1 el neutrale olie
- 250 g noedels
Bereiding
- 01Stap 1
Kook de noedels volgens de verpakking en laat uitlekken.
- 02Stap 2
Snijd paprika en broccoli in hapklare stukken.
- 03Stap 3
De blokjes zijn al gekruid; voeg alleen extra zout toe als dat echt nodig is.
- 04Stap 4
Verhit een wok of ruime pan goed heet en bak de kip in een enkele laag. Gaar volledig tot 75 °C in een representatief dik stukje.
- 05Stap 5
Voeg groente en gember toe en roerbak nog 3–4 minuten.
- 06Stap 6
Voeg sojasaus en noedels toe, schep kort om en serveer met bosui.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Snel wokken in kleine porties houdt de kip sappig en de groenten knapperig.
Ingrediënten
- 500 g Kipfilet blokjes gekruid
- 300 g rijst
- 1 komkommer
- 2 tomaten
- 150 g yoghurt
- 1 tl sambal
- 1 limoen
- 1 el olie
Bereiding
- 01Stap 1
Kook de rijst en houd warm.
- 02Stap 2
Meng yoghurt met sambal en limoensap. Snijd komkommer en tomaat.
- 03Stap 3
De blokjes zijn al gekruid; voeg alleen extra zout toe als dat echt nodig is.
- 04Stap 4
Bak de kip in een hete pan rondom bruin en volledig gaar; controleer 75 °C in het dikste stukje.
- 05Stap 5
Verdeel rijst, groente en kip over kommen.
- 06Stap 6
Lepel de pittige yoghurtsaus erover en serveer meteen.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een frisse rijstbowl met heet gebakken kip en koele, knapperige groente.
Ingrediënten
- 500 g Kipfilet blokjes gekruid
- 700 g aardappeltjes
- 2 paprika’s
- 1 rode ui
- 2 el olie
- 1 tl paprikapoeder
- 1 citroen
Bereiding
- 01Stap 1
Verwarm de oven voor op 210 °C.
- 02Stap 2
Rooster aardappeltjes, paprika en ui met olie en paprikapoeder 20 minuten voor.
- 03Stap 3
De blokjes zijn al gekruid; voeg alleen extra zout toe als dat echt nodig is.
- 04Stap 4
Schep de kipblokjes door de hete plaat en rooster verder tot alle stukjes volledig gaar zijn; controleer een dik stukje op 75 °C.
- 05Stap 5
Schep halverwege eenmaal om.
- 06Stap 6
Werk af met citroen en serveer.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een makkelijke plaatbereiding waarbij de kleine kipstukken pas later worden toegevoegd.

Kipfilet gegrild gesneden
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- 600 g Kipfilet gegrild gesneden
- 700 g aardappeltjes
- 150 g gemengde sla
- 1 komkommer
- 1 el mosterd
- 2 el olijfolie
Bereiding
- 01Stap 1
Verwarm de oven voor op laag tot middelhoog vuur tot het product door en door heet is of op 190 °C als daar geen afwijkend advies staat.
- 02Stap 2
Rooster de aardappeltjes goudbruin.
- 03Stap 3
Leg de Kipfilet gegrild gesneden de laatste fase erbij en verwarm tot door en door warm; voorkom onnodig lang doorbakken.
- 04Stap 4
Meng sla en komkommer met een eenvoudige mosterddressing.
- 05Stap 5
Serveer zodra de kip heet en eventueel krokant is.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Dit product is al gegaard. Verwarm het gelijkmatig door en voeg geen extra marinade of kruiden toe tenzij het recept dat uitdrukkelijk vraagt.
- Voeg niet automatisch extra zout, rub of marinade toe. De smaak die al in het product zit is het uitgangspunt.
- Warm in de oven gelijkmatig door en voorkom onnodig uitdrogen. Haal het product uit de oven zodra het goed is opgewarmd.
- Tip van Jan: Kippendij blijft sappig bij iets langere garing en is daardoor sterk voor grill, stoof en oven.
- Volg voor het opwarmen de temperatuur- en bereidingsinformatie die bij het product staat.
Volg voor opwarmen, bewaren en serveren de aanwijzingen bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Het product is al gegaard: de oven is hier voor doorwarmen en krokant maken, niet voor opnieuw garen.
Ingrediënten
- 500 g Kipfilet gegrild gesneden
- 4 flatbreads
- 2 paprika’s
- 1 rode ui
- 150 g yoghurt
- 1 teen knoflook
- 1 citroen
Bereiding
- 01Stap 1
Rooster paprika en ui in een hete pan.
- 02Stap 2
Meng yoghurt met knoflook en citroen.
- 03Stap 3
Verwarm de Kipfilet gegrild gesneden rustig door in dezelfde pan; het product is al gegaard en hoeft niet opnieuw gaar gemaakt te worden.
- 04Stap 4
Verwarm de flatbreads kort.
- 05Stap 5
Vul met groente en kip en maak af met knoflookyoghurt.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Dit product is al gegaard. Verwarm het gelijkmatig door en voeg geen extra marinade of kruiden toe tenzij het recept dat uitdrukkelijk vraagt.
- Voeg niet automatisch extra zout, rub of marinade toe. De smaak die al in het product zit is het uitgangspunt.
- Warm in de pan rustig en gelijkmatig door; gebruik alleen extra bakvet als het recept of product dat nodig heeft.
- Tip van Jan: Kleur in de pan en laat een dikke filet gecontroleerd in de oven doorgaren.
- Volg voor het opwarmen de temperatuur- en bereidingsinformatie die bij het product staat.
Volg voor opwarmen, bewaren en serveren de aanwijzingen bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Kort doorwarmen en direct serveren houdt reeds gegaarde kip sappig.
Ingrediënten
- 500 g Kipfilet gegrild gesneden
- 300 g rijst
- 2 stronken paksoi
- 2 bosuien
- 2 el sojasaus
- 1 limoen
- 1 tl sesamolie
- 1 tl sesam
Bereiding
- 01Stap 1
Kook de rijst.
- 02Stap 2
Roerbak paksoi en bosui kort op hoog vuur.
- 03Stap 3
Voeg de Kipfilet gegrild gesneden toe en verwarm alleen tot door en door warm; voorkom uitdrogen.
- 04Stap 4
Breng op smaak met sojasaus, limoen en sesamolie.
- 05Stap 5
Serveer op rijst en bestrooi met sesam.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Dit product is al gegaard. Verwarm het gelijkmatig door en voeg geen extra marinade of kruiden toe tenzij het recept dat uitdrukkelijk vraagt.
- Voeg niet automatisch extra zout, rub of marinade toe. De smaak die al in het product zit is het uitgangspunt.
- Warm in de pan rustig en gelijkmatig door; gebruik alleen extra bakvet als het recept of product dat nodig heeft.
- Tip van Jan: Kleur in de pan en laat een dikke filet gecontroleerd in de oven doorgaren.
- Volg voor het opwarmen de temperatuur- en bereidingsinformatie die bij het product staat.
Volg voor opwarmen, bewaren en serveren de aanwijzingen bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een snelle bowl voor reeds gegaarde kip: alleen goed doorwarmen en op smaak brengen.

Kipgehakt
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- 500 g kipgehakt
- 4 grote paprika's
- 150 g rijst
- 1 ui
- 2 tenen knoflook
- 400 g tomatenblokjes
- 100 g feta
- 1 tl oregano
- 1 el olijfolie
Bereiding
- 01Stap 1
Kook de rijst 5 minuten korter dan op de verpakking staat.
- 02Stap 2
Halveer de paprika's en leg ze in een ovenschaal.
- 03Stap 3
Bak ui en gehakt rul, voeg knoflook, tomaat en oregano toe en laat 10 minuten inkoken.
- 04Stap 4
Meng de rijst door het gehaktmengsel en vul de paprika's. Verkruimel feta erover.
- 05Stap 5
Bak 25–30 minuten op 190 °C tot de paprika zacht is en de vulling door en door heet.
- 06Stap 6
Gaar het kipgehakt volledig en controleer bij ballen of dikkere vullingen 75 °C in de kern.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Bouw eerst een mooie korst op en druk een burger tijdens het bakken of grillen niet plat; zo blijft meer sap in het vlees. Controleer de gaarheid in het dikste deel.
- Tip van Jan: Kleur in de pan en laat een dikke filet gecontroleerd in de oven doorgaren.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een complete ovenschotel met groente, graan en sappige gehaktvulling.
Ingrediënten
- 500 g kipgehakt
- 1 ei
- 40 g paneermeel
- 1 kleine ui
- 1 tl mosterd
- 1 tl Worcestersaus
- 25 g boter
- 300 ml bouillon
- peper en zout
Bereiding
- 01Stap 1
Snipper de ui zeer fijn. Meng het gehakt kort met ei, paneermeel, ui, mosterd en Worcestersaus; kneed niet langer dan nodig.
- 02Stap 2
Vorm vier gelijke ballen en laat ze 10 minuten in de koelkast opstijven.
- 03Stap 3
Bak de ballen rondom bruin in boter op middelhoog vuur.
- 04Stap 4
Voeg bouillon toe, zet het vuur laag en laat 20–25 minuten zacht garen; keer halverwege.
- 05Stap 5
Neem de ballen uit de pan en kook de jus zo nodig enkele minuten in.
- 06Stap 6
Gaar het kipgehakt volledig en controleer bij ballen of dikkere vullingen 75 °C in de kern.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Bouw eerst een mooie korst op en druk een burger tijdens het bakken of grillen niet plat; zo blijft meer sap in het vlees. Controleer de gaarheid in het dikste deel.
- Tip van Jan: Kleur in de pan en laat een dikke filet gecontroleerd in de oven doorgaren.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Klassieke gehaktballen met zachte garing en geconcentreerde jus.
Ingrediënten
- 500 g kipgehakt
- 8 kleine tortilla's
- 1 rode paprika
- 1 gele paprika
- 1 ui
- 1 tl gemalen komijn
- 1 tl gerookt paprikapoeder
- 2 tomaten
- 1 limoen
- 100 g zure room
Bereiding
- 01Stap 1
Rooster paprika en ui in een droge, hete pan tot ze duidelijke kleur krijgen.
- 02Stap 2
Bak het gehakt rul op hoog vuur en laat vrijkomend vocht eerst verdampen voordat u komijn en paprikapoeder toevoegt.
- 03Stap 3
Meng tomaat met limoensap en een snuf zout tot snelle salsa.
- 04Stap 4
Verwarm de tortilla's kort in een droge pan.
- 05Stap 5
Vul met gehakt, geroosterde groente, salsa en zure room.
- 06Stap 6
Gaar het kipgehakt volledig en controleer bij ballen of dikkere vullingen 75 °C in de kern.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Bouw eerst een mooie korst op en druk een burger tijdens het bakken of grillen niet plat; zo blijft meer sap in het vlees. Controleer de gaarheid in het dikste deel.
- Tip van Jan: Kleur in de pan en laat een dikke filet gecontroleerd in de oven doorgaren.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een totaal andere toepassing dan gehaktbal: fris, kruidig en aan tafel op te bouwen.

Kipgrillburger
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- 4 burger
- 4 briochebroodjes
- 4 plakken cheddar
- 2 uien
- 2 el mayonaise
- 1 el ketchup
- 1 tl mosterd
- augurk
- sla
Bereiding
- 01Stap 1
Bak de uien rustig goudbruin en zoet.
- 02Stap 2
Meng mayonaise, ketchup en mosterd tot saus.
- 03Stap 3
Grill of bak de reeds gegaarde burger kort tot hij door en door heet is en aan de buitenkant mooi kleurt.
- 04Stap 4
Leg de laatste minuut cheddar erop en laat smelten.
- 05Stap 5
Rooster de snijkanten van de broodjes kort.
- 06Stap 6
Bouw op met sla, saus, burger, ui en augurk.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Dit product is al gegaard. Verwarm het gelijkmatig door en voeg geen extra marinade of kruiden toe tenzij het recept dat uitdrukkelijk vraagt.
- Warm in de pan rustig en gelijkmatig door; gebruik alleen extra bakvet als het recept of product dat nodig heeft.
- Tip van Jan: Kleur in de pan en laat een dikke filet gecontroleerd in de oven doorgaren.
- Volg voor het opwarmen de temperatuur- en bereidingsinformatie die bij het product staat.
Volg voor opwarmen, bewaren en serveren de aanwijzingen bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een klassieke cheeseburger met duidelijke burgerlogica, geen steakbereiding.
Ingrediënten
- 4 burger
- 4 burgerbroodjes
- 150 g coleslaw
- 4 el BBQ-saus
- 4 plakken cheddar
- 4 augurken
- 1 rode ui
Bereiding
- 01Stap 1
Maak de barbecue gereed voor directe, middelhoge hitte.
- 02Stap 2
Grill de reeds gegaarde burger kort tot hij door en door heet is en mooi kleurt; keer zodra hij goed loslaat.
- 03Stap 3
Leg kaas erop in de laatste minuut en rooster de broodjes kort.
- 04Stap 4
Snijd augurk en rode ui dun.
- 05Stap 5
Verdeel coleslaw over de broodjes, leg de burger erop en lepel BBQ-saus erover.
- 06Stap 6
Werk af met augurk en ui en serveer meteen.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Rokerig en fris door de combinatie van barbecue en koele coleslaw.
Ingrediënten
- 4 burger
- 4 stevige broodjes
- 250 g kastanjechampignons
- 1 sjalot
- 2 el truffelmayonaise
- 40 g Parmezaan
- 50 g rucola
- 1 el olie
Bereiding
- 01Stap 1
Bak de champignons op hoog vuur bruin; voeg de sjalot pas toe als het vocht grotendeels verdampt is.
- 02Stap 2
Bak de reeds gegaarde burger kort in een hete pan tot hij door en door heet is en mooi kleurt.
- 03Stap 3
Rooster de broodjes aan de snijkant.
- 04Stap 4
Bestrijk de onderkant met truffelmayonaise.
- 05Stap 5
Beleg met rucola, burger en champignons.
- 06Stap 6
Schaaf Parmezaan erover en serveer direct.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Dit product is al gegaard. Verwarm het gelijkmatig door en voeg geen extra marinade of kruiden toe tenzij het recept dat uitdrukkelijk vraagt.
- Warm in de pan rustig en gelijkmatig door; gebruik alleen extra bakvet als het recept of product dat nodig heeft.
- Tip van Jan: Kleur in de pan en laat een dikke filet gecontroleerd in de oven doorgaren.
- Volg voor het opwarmen de temperatuur- en bereidingsinformatie die bij het product staat.
Volg voor opwarmen, bewaren en serveren de aanwijzingen bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Restaurantachtige variant met aardse paddenstoel en peperige rucola.

Kipkarbonade
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- 4–6 stuks Kipkarbonade
- 800 g aardappelen
- 2 rode uien
- 4 tenen knoflook
- 2 el olijfolie
- 1 tl paprikapoeder
- 1 citroen
Bereiding
- 01Stap 1
Verwarm de oven voor op 200 °C.
- 02Stap 2
Meng aardappelen, ui en knoflook met de helft van de olie en rooster 15 minuten voor.
- 03Stap 3
Meng de kip met olie, paprikapoeder, knoflookpoeder, peper en een kleine hoeveelheid zout.
- 04Stap 4
Leg de kip tussen de aardappelen en rooster tot het vlees bij het dikste deel 75 °C bereikt; meet naast het bot, niet erop.
- 05Stap 5
Keer kleinere delen halverwege voor gelijkmatige kleur.
- 06Stap 6
Laat 5 minuten rusten en serveer met een kneep citroen.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng het vlees vlak voor de bereiding op smaak met zout en zwarte peper. Voor een vollere, kruidige smaak kun je in plaats daarvan Tropical Mango gebruiken. Kies één van beide; zo blijft de kruiding mooi in balans.
- Gebruik de oven voor beheerst doorgaren. Wanneer het recept eerst een korst vraagt, schroei het vlees vooraf kort aan; bepaal het eindpunt op kern en niet uitsluitend op oventijd.
- Tip van Jan: Kippendij blijft sappig bij iets langere garing en is daardoor sterk voor grill, stoof en oven.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Rustige oventemperatuur geeft bot-in-kip tijd om volledig te garen zonder de buitenkant te verbranden.
Ingrediënten
- 4–6 stuks Kipkarbonade
- 2 el mosterd
- 1 el honing
- 1 el appelazijn
- 1 el olie
- 1 tl gerookt paprikapoeder
- zwarte peper
Bereiding
- 01Stap 1
Maak de barbecue gereed voor indirecte hitte rond 180 °C met daarnaast een directe zone.
- 02Stap 2
Meng de kip met olie, paprikapoeder, knoflookpoeder, peper en een kleine hoeveelheid zout.
- 03Stap 3
Gaar de kip eerst indirect met gesloten deksel.
- 04Stap 4
Meng mosterd, honing en appelazijn tot glaze en bestrijk de kip pas in de laatste minuten.
- 05Stap 5
Grill kort boven directe hitte voor glans en kleur en controleer 75 °C in het dikste deel naast het bot.
- 06Stap 6
Laat 5 minuten rusten en serveer.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng het vlees vlak voor de bereiding op smaak met zout en zwarte peper. Voor een vollere, kruidige smaak kun je in plaats daarvan Tropical Mango gebruiken. Kies één van beide; zo blijft de kruiding mooi in balans.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Gebruik directe hitte voor een mooie korst. Dikke stukken kun je daarna indirect verder laten garen; dunne steaks of kleine delen blijven vooral boven directe hitte. Controleer de gaarheid in het dikste deel.
- Tip van Jan: Zodra de veilige kern is bereikt, van de hitte af. Extra minuten maken borstfilet vooral droger.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Eerst indirect garen, daarna kort lakken boven directe hitte voor kleur zonder verbrande suikers.
Ingrediënten
- 4–6 stuks Kipkarbonade
- 3 el sojasaus
- 1 el honing
- 1 el limoensap
- 2 cm gember
- 1 teen knoflook
- 2 bosuien
- 1 tl sesam
Bereiding
- 01Stap 1
Verwarm de oven voor op 200 °C.
- 02Stap 2
Meng de kip met olie, paprikapoeder, knoflookpoeder, peper en een kleine hoeveelheid zout.
- 03Stap 3
Rooster de kip op een met bakpapier beklede plaat tot hij bijna gaar is.
- 04Stap 4
Meng sojasaus, honing, limoen, geraspte gember en knoflook.
- 05Stap 5
Bestrijk de kip met de lak en rooster nog kort tot glanzend en volledig gaar; controleer 75 °C bij het dikste deel.
- 06Stap 6
Bestrooi met bosui en sesam en serveer direct.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng het vlees vlak voor de bereiding op smaak met zout en zwarte peper. Voor een vollere, kruidige smaak kun je in plaats daarvan Tropical Mango gebruiken. Kies één van beide; zo blijft de kruiding mooi in balans.
- Gebruik de oven voor beheerst doorgaren. Wanneer het recept eerst een korst vraagt, schroei het vlees vooraf kort aan; bepaal het eindpunt op kern en niet uitsluitend op oventijd.
- Tip van Jan: Kleur in de pan en laat een dikke filet gecontroleerd in de oven doorgaren.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een kleverige Aziatische lak die pas aan het einde wordt toegevoegd zodat hij niet verbrandt.

Kipkluifjes naturel
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- 4–6 stuks Kipkluifjes naturel
- 800 g aardappelen
- 2 rode uien
- 4 tenen knoflook
- 2 el olijfolie
- 1 tl paprikapoeder
- 1 citroen
Bereiding
- 01Stap 1
Verwarm de oven voor op 200 °C.
- 02Stap 2
Meng aardappelen, ui en knoflook met de helft van de olie en rooster 15 minuten voor.
- 03Stap 3
Meng de kip met olie, paprikapoeder, knoflookpoeder, peper en een kleine hoeveelheid zout.
- 04Stap 4
Leg de kip tussen de aardappelen en rooster tot het vlees bij het dikste deel 75 °C bereikt; meet naast het bot, niet erop.
- 05Stap 5
Keer kleinere delen halverwege voor gelijkmatige kleur.
- 06Stap 6
Laat 5 minuten rusten en serveer met een kneep citroen.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng het vlees vlak voor de bereiding op smaak met zout en zwarte peper. Voor een vollere, kruidige smaak kun je in plaats daarvan Tropical Mango gebruiken. Kies één van beide; zo blijft de kruiding mooi in balans.
- Gebruik de oven voor beheerst doorgaren. Wanneer het recept eerst een korst vraagt, schroei het vlees vooraf kort aan; bepaal het eindpunt op kern en niet uitsluitend op oventijd.
- Tip van Jan: Kippendij blijft sappig bij iets langere garing en is daardoor sterk voor grill, stoof en oven.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Rustige oventemperatuur geeft bot-in-kip tijd om volledig te garen zonder de buitenkant te verbranden.
Ingrediënten
- 4–6 stuks Kipkluifjes naturel
- 2 el mosterd
- 1 el honing
- 1 el appelazijn
- 1 el olie
- 1 tl gerookt paprikapoeder
- zwarte peper
Bereiding
- 01Stap 1
Maak de barbecue gereed voor indirecte hitte rond 180 °C met daarnaast een directe zone.
- 02Stap 2
Meng de kip met olie, paprikapoeder, knoflookpoeder, peper en een kleine hoeveelheid zout.
- 03Stap 3
Gaar de kip eerst indirect met gesloten deksel.
- 04Stap 4
Meng mosterd, honing en appelazijn tot glaze en bestrijk de kip pas in de laatste minuten.
- 05Stap 5
Grill kort boven directe hitte voor glans en kleur en controleer 75 °C in het dikste deel naast het bot.
- 06Stap 6
Laat 5 minuten rusten en serveer.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng het vlees vlak voor de bereiding op smaak met zout en zwarte peper. Voor een vollere, kruidige smaak kun je in plaats daarvan Tropical Mango gebruiken. Kies één van beide; zo blijft de kruiding mooi in balans.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Gebruik directe hitte voor een mooie korst. Dikke stukken kun je daarna indirect verder laten garen; dunne steaks of kleine delen blijven vooral boven directe hitte. Controleer de gaarheid in het dikste deel.
- Tip van Jan: Zodra de veilige kern is bereikt, van de hitte af. Extra minuten maken borstfilet vooral droger.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Eerst indirect garen, daarna kort lakken boven directe hitte voor kleur zonder verbrande suikers.
Ingrediënten
- 4–6 stuks Kipkluifjes naturel
- 3 el sojasaus
- 1 el honing
- 1 el limoensap
- 2 cm gember
- 1 teen knoflook
- 2 bosuien
- 1 tl sesam
Bereiding
- 01Stap 1
Verwarm de oven voor op 200 °C.
- 02Stap 2
Meng de kip met olie, paprikapoeder, knoflookpoeder, peper en een kleine hoeveelheid zout.
- 03Stap 3
Rooster de kip op een met bakpapier beklede plaat tot hij bijna gaar is.
- 04Stap 4
Meng sojasaus, honing, limoen, geraspte gember en knoflook.
- 05Stap 5
Bestrijk de kip met de lak en rooster nog kort tot glanzend en volledig gaar; controleer 75 °C bij het dikste deel.
- 06Stap 6
Bestrooi met bosui en sesam en serveer direct.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng het vlees vlak voor de bereiding op smaak met zout en zwarte peper. Voor een vollere, kruidige smaak kun je in plaats daarvan Tropical Mango gebruiken. Kies één van beide; zo blijft de kruiding mooi in balans.
- Gebruik de oven voor beheerst doorgaren. Wanneer het recept eerst een korst vraagt, schroei het vlees vooraf kort aan; bepaal het eindpunt op kern en niet uitsluitend op oventijd.
- Tip van Jan: Kleur in de pan en laat een dikke filet gecontroleerd in de oven doorgaren.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een kleverige Aziatische lak die pas aan het einde wordt toegevoegd zodat hij niet verbrandt.

Kippenbout
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- 4–6 stuks Kippenbout
- 800 g aardappelen
- 2 rode uien
- 4 tenen knoflook
- 2 el olijfolie
- 1 tl paprikapoeder
- 1 citroen
Bereiding
- 01Stap 1
Verwarm de oven voor op 200 °C.
- 02Stap 2
Meng aardappelen, ui en knoflook met de helft van de olie en rooster 15 minuten voor.
- 03Stap 3
Meng de kip met olie, paprikapoeder, knoflookpoeder, peper en een kleine hoeveelheid zout.
- 04Stap 4
Leg de kip tussen de aardappelen en rooster tot het vlees bij het dikste deel 75 °C bereikt; meet naast het bot, niet erop.
- 05Stap 5
Keer kleinere delen halverwege voor gelijkmatige kleur.
- 06Stap 6
Laat 5 minuten rusten en serveer met een kneep citroen.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng het vlees vlak voor de bereiding op smaak met zout en zwarte peper. Voor een vollere, kruidige smaak kun je in plaats daarvan Tropical Mango gebruiken. Kies één van beide; zo blijft de kruiding mooi in balans.
- Gebruik de oven voor beheerst doorgaren. Wanneer het recept eerst een korst vraagt, schroei het vlees vooraf kort aan; bepaal het eindpunt op kern en niet uitsluitend op oventijd.
- Tip van Jan: Kippendij blijft sappig bij iets langere garing en is daardoor sterk voor grill, stoof en oven.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Rustige oventemperatuur geeft bot-in-kip tijd om volledig te garen zonder de buitenkant te verbranden.
Ingrediënten
- 4–6 stuks Kippenbout
- 2 el mosterd
- 1 el honing
- 1 el appelazijn
- 1 el olie
- 1 tl gerookt paprikapoeder
- zwarte peper
Bereiding
- 01Stap 1
Maak de barbecue gereed voor indirecte hitte rond 180 °C met daarnaast een directe zone.
- 02Stap 2
Meng de kip met olie, paprikapoeder, knoflookpoeder, peper en een kleine hoeveelheid zout.
- 03Stap 3
Gaar de kip eerst indirect met gesloten deksel.
- 04Stap 4
Meng mosterd, honing en appelazijn tot glaze en bestrijk de kip pas in de laatste minuten.
- 05Stap 5
Grill kort boven directe hitte voor glans en kleur en controleer 75 °C in het dikste deel naast het bot.
- 06Stap 6
Laat 5 minuten rusten en serveer.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng het vlees vlak voor de bereiding op smaak met zout en zwarte peper. Voor een vollere, kruidige smaak kun je in plaats daarvan Tropical Mango gebruiken. Kies één van beide; zo blijft de kruiding mooi in balans.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Gebruik directe hitte voor een mooie korst. Dikke stukken kun je daarna indirect verder laten garen; dunne steaks of kleine delen blijven vooral boven directe hitte. Controleer de gaarheid in het dikste deel.
- Tip van Jan: Zodra de veilige kern is bereikt, van de hitte af. Extra minuten maken borstfilet vooral droger.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Eerst indirect garen, daarna kort lakken boven directe hitte voor kleur zonder verbrande suikers.
Ingrediënten
- 4–6 stuks Kippenbout
- 3 el sojasaus
- 1 el honing
- 1 el limoensap
- 2 cm gember
- 1 teen knoflook
- 2 bosuien
- 1 tl sesam
Bereiding
- 01Stap 1
Verwarm de oven voor op 200 °C.
- 02Stap 2
Meng de kip met olie, paprikapoeder, knoflookpoeder, peper en een kleine hoeveelheid zout.
- 03Stap 3
Rooster de kip op een met bakpapier beklede plaat tot hij bijna gaar is.
- 04Stap 4
Meng sojasaus, honing, limoen, geraspte gember en knoflook.
- 05Stap 5
Bestrijk de kip met de lak en rooster nog kort tot glanzend en volledig gaar; controleer 75 °C bij het dikste deel.
- 06Stap 6
Bestrooi met bosui en sesam en serveer direct.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng het vlees vlak voor de bereiding op smaak met zout en zwarte peper. Voor een vollere, kruidige smaak kun je in plaats daarvan Tropical Mango gebruiken. Kies één van beide; zo blijft de kruiding mooi in balans.
- Gebruik de oven voor beheerst doorgaren. Wanneer het recept eerst een korst vraagt, schroei het vlees vooraf kort aan; bepaal het eindpunt op kern en niet uitsluitend op oventijd.
- Tip van Jan: Kleur in de pan en laat een dikke filet gecontroleerd in de oven doorgaren.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een kleverige Aziatische lak die pas aan het einde wordt toegevoegd zodat hij niet verbrandt.

Kippendijen
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- 600–700 g Kippendijen 500 gr.
- 700 g krieltjes
- 1 citroen
- 2 takjes tijm
- 1 teen knoflook
- 25 g boter
- 1 el neutrale olie
- peper en zout
Bereiding
- 01Stap 1
Rooster of kook de krieltjes tot ze gaar en goudbruin zijn.
- 02Stap 2
Kruid vlak voor het bakken met peper en een kleine hoeveelheid zout.
- 03Stap 3
Verhit olie in een ruime pan op middelhoog-hoog vuur en bak de kip rondom goudbruin.
- 04Stap 4
Zet het vuur iets lager en gaar verder tot het dikste deel 75 °C bereikt; gebruik een kernthermometer zonder bot te raken.
- 05Stap 5
Neem de kip uit de pan en laat 3–5 minuten rusten. Voeg boter, tijm, knoflook en een kneep citroen toe aan de pan.
- 06Stap 6
Wentel de krieltjes kort door de panjus en serveer direct met de kip.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng het vlees vlak voor de bereiding op smaak met zout en zwarte peper. Voor een vollere, kruidige smaak kun je in plaats daarvan Tropical Mango gebruiken. Kies één van beide; zo blijft de kruiding mooi in balans.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Verhit de pan eerst goed en gebruik waar nodig slechts een dun laagje hittebestendig bakvet. Geef het vlees ruimte en bouw een duidelijke korst op zonder voortdurend te schuiven; verlaag daarna de hitte wanneer het stuk nog moet doorgaren.
- Voeg boter en aromaten uit het recept pas na de eerste korstfase toe en lepel het schuimende bakvet kort over het vlees; zo blijven de aromaten frisser en verbranden ze minder snel.
- Tip van Jan: Gebruik een kernthermometer en meet in het dikste deel. Vermijd contact met bot.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een eenvoudige panbereiding waarin de kip sappig blijft en de jus uit de pan wordt benut.
Ingrediënten
- 600–700 g Kippendijen 500 gr.
- 2 rode paprika’s
- 2 rode uien
- 600 g aardappeltjes
- 2 el olijfolie
- 1 citroen
- 1 tl paprikapoeder
- peper en zout
Bereiding
- 01Stap 1
Verwarm de oven voor op 200 °C.
- 02Stap 2
Snijd paprika, ui en aardappeltjes en meng met olie, paprikapoeder, peper en zout. Rooster 15 minuten voor.
- 03Stap 3
Kruid vlak voor het bakken met peper en een kleine hoeveelheid zout.
- 04Stap 4
Leg de kip tussen de groenten en rooster verder tot het dikste deel 75 °C bereikt.
- 05Stap 5
Laat de kip 3–5 minuten rusten terwijl de groenten nog kort doorroosteren indien nodig.
- 06Stap 6
Werk af met citroensap en serveer rechtstreeks van de plaat.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng het vlees vlak voor de bereiding op smaak met zout en zwarte peper. Voor een vollere, kruidige smaak kun je in plaats daarvan Tropical Mango gebruiken. Kies één van beide; zo blijft de kruiding mooi in balans.
- Gebruik de oven voor beheerst doorgaren. Wanneer het recept eerst een korst vraagt, schroei het vlees vooraf kort aan; bepaal het eindpunt op kern en niet uitsluitend op oventijd.
- Tip van Jan: Zodra de veilige kern is bereikt, van de hitte af. Extra minuten maken borstfilet vooral droger.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Alles op één plaat: geroosterde groente en sappige kip met een frisse citroenafwerking.
Ingrediënten
- 600–700 g Kippendijen 500 gr.
- 1 courgette
- 2 paprika’s
- 200 g Griekse yoghurt
- 1 citroen
- 1 bosje peterselie
- 1 el olijfolie
- peper en zout
Bereiding
- 01Stap 1
Maak de barbecue gereed met een directe en een indirecte zone.
- 02Stap 2
Meng yoghurt met citroenrasp, peterselie en zwarte peper.
- 03Stap 3
Kruid vlak voor het bakken met peper en een kleine hoeveelheid zout.
- 04Stap 4
Grill de kip kort boven directe hitte voor kleur en verplaats daarna naar indirecte hitte. Gaar tot 75 °C in het dikste deel.
- 05Stap 5
Grill intussen courgette en paprika beetgaar.
- 06Stap 6
Laat de kip 3–5 minuten rusten en serveer met de gegrilde groente en kruidenyoghurt.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng het vlees vlak voor de bereiding op smaak met zout en zwarte peper. Voor een vollere, kruidige smaak kun je in plaats daarvan Tropical Mango gebruiken. Kies één van beide; zo blijft de kruiding mooi in balans.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Gebruik directe hitte voor een mooie korst. Dikke stukken kun je daarna indirect verder laten garen; dunne steaks of kleine delen blijven vooral boven directe hitte. Controleer de gaarheid in het dikste deel.
- Tip van Jan: Zodra de veilige kern is bereikt, van de hitte af. Extra minuten maken borstfilet vooral droger.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Direct kleuren en daarna rustig doorgaren voorkomt uitdrogen en geeft een duidelijke grillsmaak.

Kippendijen gemarineerd
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- 600–700 g Kippendijen gemarineerd
- 700 g krieltjes
- 1 citroen
- 2 takjes tijm
- 1 teen knoflook
- 25 g boter
- 1 el neutrale olie
- peper en zout
Bereiding
- 01Stap 1
Rooster of kook de krieltjes tot ze gaar en goudbruin zijn.
- 02Stap 2
Voeg geen extra marinade toe; het product is al gekruid.
- 03Stap 3
Verhit olie in een ruime pan op middelhoog-hoog vuur en bak de kip rondom goudbruin.
- 04Stap 4
Zet het vuur iets lager en gaar verder tot het dikste deel 75 °C bereikt; gebruik een kernthermometer zonder bot te raken.
- 05Stap 5
Neem de kip uit de pan en laat 3–5 minuten rusten. Voeg boter, tijm, knoflook en een kneep citroen toe aan de pan.
- 06Stap 6
Wentel de krieltjes kort door de panjus en serveer direct met de kip.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Laat de aanwezige marinade of kruiding op het product zitten en volg die smaak als uitgangspunt. Dep een gemarineerd product niet droog alsof het naturel vlees is.
- Dit product is al gekruid of gemarineerd. Voeg geen tweede rub, marinade of automatische extra zoutlaag toe; zo blijft de bedoelde smaak in balans.
- Verhit de pan eerst goed en gebruik waar nodig slechts een dun laagje hittebestendig bakvet. Geef het vlees ruimte en bouw een duidelijke korst op zonder voortdurend te schuiven; verlaag daarna de hitte wanneer het stuk nog moet doorgaren.
- Voeg boter en aromaten uit het recept pas na de eerste korstfase toe en lepel het schuimende bakvet kort over het vlees; zo blijven de aromaten frisser en verbranden ze minder snel.
- Tip van Jan: Gebruik een kernthermometer en meet in het dikste deel. Vermijd contact met bot.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een eenvoudige panbereiding waarin de kip sappig blijft en de jus uit de pan wordt benut.
Ingrediënten
- 600–700 g Kippendijen gemarineerd
- 2 rode paprika’s
- 2 rode uien
- 600 g aardappeltjes
- 2 el olijfolie
- 1 citroen
- 1 tl paprikapoeder
- peper en zout
Bereiding
- 01Stap 1
Verwarm de oven voor op 200 °C.
- 02Stap 2
Snijd paprika, ui en aardappeltjes en meng met olie, paprikapoeder, peper en zout. Rooster 15 minuten voor.
- 03Stap 3
Voeg geen extra marinade toe; het product is al gekruid.
- 04Stap 4
Leg de kip tussen de groenten en rooster verder tot het dikste deel 75 °C bereikt.
- 05Stap 5
Laat de kip 3–5 minuten rusten terwijl de groenten nog kort doorroosteren indien nodig.
- 06Stap 6
Werk af met citroensap en serveer rechtstreeks van de plaat.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Laat de aanwezige marinade of kruiding op het product zitten en volg die smaak als uitgangspunt. Dep een gemarineerd product niet droog alsof het naturel vlees is.
- Dit product is al gekruid of gemarineerd. Voeg geen tweede rub, marinade of automatische extra zoutlaag toe; zo blijft de bedoelde smaak in balans.
- Gebruik de oven voor beheerst doorgaren. Wanneer het recept eerst een korst vraagt, schroei het vlees vooraf kort aan; bepaal het eindpunt op kern en niet uitsluitend op oventijd.
- Tip van Jan: Zodra de veilige kern is bereikt, van de hitte af. Extra minuten maken borstfilet vooral droger.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Alles op één plaat: geroosterde groente en sappige kip met een frisse citroenafwerking.
Ingrediënten
- 600–700 g Kippendijen gemarineerd
- 1 courgette
- 2 paprika’s
- 200 g Griekse yoghurt
- 1 citroen
- 1 bosje peterselie
- 1 el olijfolie
- peper en zout
Bereiding
- 01Stap 1
Maak de barbecue gereed met een directe en een indirecte zone.
- 02Stap 2
Meng yoghurt met citroenrasp, peterselie en zwarte peper.
- 03Stap 3
Voeg geen extra marinade toe; het product is al gekruid.
- 04Stap 4
Grill de kip kort boven directe hitte voor kleur en verplaats daarna naar indirecte hitte. Gaar tot 75 °C in het dikste deel.
- 05Stap 5
Grill intussen courgette en paprika beetgaar.
- 06Stap 6
Laat de kip 3–5 minuten rusten en serveer met de gegrilde groente en kruidenyoghurt.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Laat de aanwezige marinade of kruiding op het product zitten en volg die smaak als uitgangspunt. Dep een gemarineerd product niet droog alsof het naturel vlees is.
- Dit product is al gekruid of gemarineerd. Voeg geen tweede rub, marinade of automatische extra zoutlaag toe; zo blijft de bedoelde smaak in balans.
- Gebruik directe hitte voor een mooie korst. Dikke stukken kun je daarna indirect verder laten garen; dunne steaks of kleine delen blijven vooral boven directe hitte. Controleer de gaarheid in het dikste deel.
- Tip van Jan: Zodra de veilige kern is bereikt, van de hitte af. Extra minuten maken borstfilet vooral droger.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Direct kleuren en daarna rustig doorgaren voorkomt uitdrogen en geeft een duidelijke grillsmaak.

Kippendijensaté spies 10 st. vers
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- 8 Kippendijensaté spies 10 st. vers
- 300 g rijst
- 1 komkommer
- 1 rode ui
- 200 ml pindasaus
- 1 limoen
Bereiding
- 01Stap 1
Kook de rijst en maak een frisse komkommersalade.
- 02Stap 2
Maak de barbecue gereed voor middelhoge directe hitte met een rustige zone ernaast.
- 03Stap 3
Grill de spiesen rondom voor kleur en verplaats zo nodig naar de rustige zone.
- 04Stap 4
Gaar kip volledig; controleer in het dikste stuk vlees 75 °C zonder de spies zelf te raken.
- 05Stap 5
Laat 2–3 minuten rusten en serveer met rijst, salade en saus.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Laat de aanwezige marinade of kruiding op het product zitten en volg die smaak als uitgangspunt. Dep een gemarineerd product niet droog alsof het naturel vlees is.
- Dit is daadwerkelijk een gespiesd product: houd de stukken compact op de spies en keer de spies tijdens het garen zodat alle zijden gelijkmatig hitte krijgen.
- Dit product heeft al een eigen kruiding of smaakopbouw. Voeg daarom niet automatisch extra rub, marinade of kruidenmix toe.
- Gaar saté boven directe, beheersbare hitte en keer regelmatig. Laat een zoete marinade niet verbranden en controleer het dikste stukje vlees voordat je serveert.
- Tip van Jan: Kippendij blijft sappig bij iets langere garing en is daardoor sterk voor grill, stoof en oven.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Rauwe kipspiesen worden volledig gegaard; daarna pas saus toevoegen.
Ingrediënten
- 8 Kippendijensaté spies 10 st. vers
- 2 paprika’s
- 2 rode uien
- 600 g aardappeltjes
- 2 el olie
- 1 citroen
Bereiding
- 01Stap 1
Verwarm de oven voor op 210 °C.
- 02Stap 2
Rooster aardappeltjes, paprika en ui 15 minuten voor.
- 03Stap 3
Leg de spiesen op of naast de groente en bestrijk licht met olie.
- 04Stap 4
Rooster tot de kip volledig gaar is; controleer het dikste stukje op 75 °C.
- 05Stap 5
Laat 2–3 minuten rusten en werk af met citroen.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Laat de aanwezige marinade of kruiding op het product zitten en volg die smaak als uitgangspunt. Dep een gemarineerd product niet droog alsof het naturel vlees is.
- Dit is daadwerkelijk een gespiesd product: houd de stukken compact op de spies en keer de spies tijdens het garen zodat alle zijden gelijkmatig hitte krijgen.
- Dit product heeft al een eigen kruiding of smaakopbouw. Voeg daarom niet automatisch extra rub, marinade of kruidenmix toe.
- Gaar saté gelijkmatig in de oven en controleer het dikste vleesdeel; vertrouw niet uitsluitend op een vaste oventijd.
- Tip van Jan: Kleur in de pan en laat een dikke filet gecontroleerd in de oven doorgaren.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Ovenbereiding is praktisch voor meerdere spiesen tegelijk en geeft gelijkmatige garing.
Ingrediënten
- 8 Kippendijensaté spies 10 st. vers
- 250 g noedels
- 2 stronken paksoi
- 3 bosuien
- 1 limoen
- 2 el sojasaus
- 1 tl sesamolie
- 1 el sesam
Bereiding
- 01Stap 1
Kook de noedels en laat uitlekken.
- 02Stap 2
Roerbak paksoi en bosui kort.
- 03Stap 3
Bak of grill de spiesen rondom en gaar de kip volledig tot 75 °C in het dikste stukje.
- 04Stap 4
Meng limoen, sojasaus en sesamolie en schep door de noedels.
- 05Stap 5
Serveer de spiesen op de noedels en bestrooi met sesam.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Laat de aanwezige marinade of kruiding op het product zitten en volg die smaak als uitgangspunt. Dep een gemarineerd product niet droog alsof het naturel vlees is.
- Dit is daadwerkelijk een gespiesd product: houd de stukken compact op de spies en keer de spies tijdens het garen zodat alle zijden gelijkmatig hitte krijgen.
- Dit product heeft al een eigen kruiding of smaakopbouw. Voeg daarom niet automatisch extra rub, marinade of kruidenmix toe.
- Gaar saté boven directe, beheersbare hitte en keer regelmatig. Laat een zoete marinade niet verbranden en controleer het dikste stukje vlees voordat je serveert.
- Tip van Jan: Gebruik een kernthermometer en meet in het dikste deel. Vermijd contact met bot.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een pan- of grillpanroute waarbij de kip volledig gaart vóór hij bij de noedels gaat.

Kippenlever
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- 500 g kippenlever
- 2 grote uien
- 1 friszure appel
- 30 g boter
- 1 el olie
- 1 el bloem
- peper en zout
Bereiding
- 01Stap 1
Bak de uien rustig in boter tot goudbruin en zoet.
- 02Stap 2
Voeg appelpartjes toe en bak kort mee; houd warm.
- 03Stap 3
Bestuif de lever zeer licht met bloem en schud overtollige bloem af.
- 04Stap 4
Verhit een tweede pan stevig en bak de lever aan beide zijden; gaar door tot 75 °C in het dikste deel en voorkom daarna onnodig doorbakken.
- 05Stap 5
Breng pas na het bakken op smaak.
- 06Stap 6
Serveer direct met ui en appel.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Lever vraagt korte, precieze bereiding en een zoet-hartige tegenhanger.
Ingrediënten
- 500 g kippenlever
- 8 sneetjes zuurdesem
- 2 sjalotten
- 30 g boter
- 1 el balsamico
- 1 bosje peterselie
- peper en zout
Bereiding
- 01Stap 1
Rooster het brood krokant.
- 02Stap 2
Bak sjalot zacht in een deel van de boter.
- 03Stap 3
Bak de lever kort en krachtig in een hete pan en neem uit de pan.
- 04Stap 4
Blus met balsamico en een eetlepel water en laat kort stroperig worden.
- 05Stap 5
Leg de lever op toast en verdeel sjalot erover.
- 06Stap 6
Lepel de panjus eromheen en werk af met peterselie.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Compact bistrorecept met duidelijke toepassing.
Ingrediënten
- 600 g kippenlever
- 800 g kruimige aardappelen
- 150 ml melk
- 40 g boter
- 2 sjalotten
- 200 ml bouillon
- 1 el grove mosterd
Bereiding
- 01Stap 1
Kook de aardappelen gaar en maak puree met warme melk en de helft van de boter.
- 02Stap 2
Fruit sjalot, voeg bouillon toe en kook tot ongeveer de helft in; roer mosterd erdoor.
- 03Stap 3
Bak de lever kort in een hete pan met de rest van de boter tot mooi gekleurd en nog sappig.
- 04Stap 4
Laat hooguit heel kort staan; lever verliest snel sappigheid.
- 05Stap 5
Proef de jus en corrigeer op smaak.
- 06Stap 6
Serveer de lever op de puree met mosterdjus.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Klassieke complete bordopbouw.

Kippenvleugels naturel
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- 900 g Kippenvleugels naturel
- 800 g aardappelen
- 2 rode uien
- 4 tenen knoflook
- 2 el olijfolie
- 1 tl paprikapoeder
- 1 citroen
Bereiding
- 01Stap 1
Verwarm de oven voor op 200 °C.
- 02Stap 2
Meng aardappelen, ui en knoflook met de helft van de olie en rooster 15 minuten voor.
- 03Stap 3
Meng de kip met olie, paprikapoeder, knoflookpoeder, peper en een kleine hoeveelheid zout.
- 04Stap 4
Leg de kip tussen de aardappelen en rooster tot het vlees bij het dikste deel 75 °C bereikt; meet naast het bot, niet erop.
- 05Stap 5
Keer kleinere delen halverwege voor gelijkmatige kleur.
- 06Stap 6
Laat 5 minuten rusten en serveer met een kneep citroen.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng het vlees vlak voor de bereiding op smaak met zout en zwarte peper. Voor een vollere, kruidige smaak kun je in plaats daarvan Tropical Mango gebruiken. Kies één van beide; zo blijft de kruiding mooi in balans.
- Gebruik de oven voor beheerst doorgaren. Wanneer het recept eerst een korst vraagt, schroei het vlees vooraf kort aan; bepaal het eindpunt op kern en niet uitsluitend op oventijd.
- Tip van Jan: Kippendij blijft sappig bij iets langere garing en is daardoor sterk voor grill, stoof en oven.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Rustige oventemperatuur geeft bot-in-kip tijd om volledig te garen zonder de buitenkant te verbranden.
Ingrediënten
- 900 g Kippenvleugels naturel
- 2 el mosterd
- 1 el honing
- 1 el appelazijn
- 1 el olie
- 1 tl gerookt paprikapoeder
- zwarte peper
Bereiding
- 01Stap 1
Maak de barbecue gereed voor indirecte hitte rond 180 °C met daarnaast een directe zone.
- 02Stap 2
Meng de kip met olie, paprikapoeder, knoflookpoeder, peper en een kleine hoeveelheid zout.
- 03Stap 3
Gaar de kip eerst indirect met gesloten deksel.
- 04Stap 4
Meng mosterd, honing en appelazijn tot glaze en bestrijk de kip pas in de laatste minuten.
- 05Stap 5
Grill kort boven directe hitte voor glans en kleur en controleer 75 °C in het dikste deel naast het bot.
- 06Stap 6
Laat 5 minuten rusten en serveer.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng het vlees vlak voor de bereiding op smaak met zout en zwarte peper. Voor een vollere, kruidige smaak kun je in plaats daarvan Tropical Mango gebruiken. Kies één van beide; zo blijft de kruiding mooi in balans.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Gebruik directe hitte voor een mooie korst. Dikke stukken kun je daarna indirect verder laten garen; dunne steaks of kleine delen blijven vooral boven directe hitte. Controleer de gaarheid in het dikste deel.
- Tip van Jan: Zodra de veilige kern is bereikt, van de hitte af. Extra minuten maken borstfilet vooral droger.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Eerst indirect garen, daarna kort lakken boven directe hitte voor kleur zonder verbrande suikers.
Ingrediënten
- 900 g Kippenvleugels naturel
- 3 el sojasaus
- 1 el honing
- 1 el limoensap
- 2 cm gember
- 1 teen knoflook
- 2 bosuien
- 1 tl sesam
Bereiding
- 01Stap 1
Verwarm de oven voor op 200 °C.
- 02Stap 2
Meng de kip met olie, paprikapoeder, knoflookpoeder, peper en een kleine hoeveelheid zout.
- 03Stap 3
Rooster de kip op een met bakpapier beklede plaat tot hij bijna gaar is.
- 04Stap 4
Meng sojasaus, honing, limoen, geraspte gember en knoflook.
- 05Stap 5
Bestrijk de kip met de lak en rooster nog kort tot glanzend en volledig gaar; controleer 75 °C bij het dikste deel.
- 06Stap 6
Bestrooi met bosui en sesam en serveer direct.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng het vlees vlak voor de bereiding op smaak met zout en zwarte peper. Voor een vollere, kruidige smaak kun je in plaats daarvan Tropical Mango gebruiken. Kies één van beide; zo blijft de kruiding mooi in balans.
- Gebruik de oven voor beheerst doorgaren. Wanneer het recept eerst een korst vraagt, schroei het vlees vooraf kort aan; bepaal het eindpunt op kern en niet uitsluitend op oventijd.
- Tip van Jan: Kleur in de pan en laat een dikke filet gecontroleerd in de oven doorgaren.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een kleverige Aziatische lak die pas aan het einde wordt toegevoegd zodat hij niet verbrandt.

Kipsaté dijenvlees spies per 2 vers
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- 8 Kipsaté dijenvlees spies per 2 vers
- 300 g rijst
- 1 komkommer
- 1 rode ui
- 200 ml pindasaus
- 1 limoen
Bereiding
- 01Stap 1
Kook de rijst en maak een frisse komkommersalade.
- 02Stap 2
Maak de barbecue gereed voor middelhoge directe hitte met een rustige zone ernaast.
- 03Stap 3
Grill de spiesen rondom voor kleur en verplaats zo nodig naar de rustige zone.
- 04Stap 4
Gaar kip volledig; controleer in het dikste stuk vlees 75 °C zonder de spies zelf te raken.
- 05Stap 5
Laat 2–3 minuten rusten en serveer met rijst, salade en saus.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Laat de aanwezige marinade of kruiding op het product zitten en volg die smaak als uitgangspunt. Dep een gemarineerd product niet droog alsof het naturel vlees is.
- Dit is daadwerkelijk een gespiesd product: houd de stukken compact op de spies en keer de spies tijdens het garen zodat alle zijden gelijkmatig hitte krijgen.
- Dit product heeft al een eigen kruiding of smaakopbouw. Voeg daarom niet automatisch extra rub, marinade of kruidenmix toe.
- Gaar saté boven directe, beheersbare hitte en keer regelmatig. Laat een zoete marinade niet verbranden en controleer het dikste stukje vlees voordat je serveert.
- Tip van Jan: Kippendij blijft sappig bij iets langere garing en is daardoor sterk voor grill, stoof en oven.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Rauwe kipspiesen worden volledig gegaard; daarna pas saus toevoegen.
Ingrediënten
- 8 Kipsaté dijenvlees spies per 2 vers
- 2 paprika’s
- 2 rode uien
- 600 g aardappeltjes
- 2 el olie
- 1 citroen
Bereiding
- 01Stap 1
Verwarm de oven voor op 210 °C.
- 02Stap 2
Rooster aardappeltjes, paprika en ui 15 minuten voor.
- 03Stap 3
Leg de spiesen op of naast de groente en bestrijk licht met olie.
- 04Stap 4
Rooster tot de kip volledig gaar is; controleer het dikste stukje op 75 °C.
- 05Stap 5
Laat 2–3 minuten rusten en werk af met citroen.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Laat de aanwezige marinade of kruiding op het product zitten en volg die smaak als uitgangspunt. Dep een gemarineerd product niet droog alsof het naturel vlees is.
- Dit is daadwerkelijk een gespiesd product: houd de stukken compact op de spies en keer de spies tijdens het garen zodat alle zijden gelijkmatig hitte krijgen.
- Dit product heeft al een eigen kruiding of smaakopbouw. Voeg daarom niet automatisch extra rub, marinade of kruidenmix toe.
- Gaar saté gelijkmatig in de oven en controleer het dikste vleesdeel; vertrouw niet uitsluitend op een vaste oventijd.
- Tip van Jan: Kleur in de pan en laat een dikke filet gecontroleerd in de oven doorgaren.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Ovenbereiding is praktisch voor meerdere spiesen tegelijk en geeft gelijkmatige garing.
Ingrediënten
- 8 Kipsaté dijenvlees spies per 2 vers
- 250 g noedels
- 2 stronken paksoi
- 3 bosuien
- 1 limoen
- 2 el sojasaus
- 1 tl sesamolie
- 1 el sesam
Bereiding
- 01Stap 1
Kook de noedels en laat uitlekken.
- 02Stap 2
Roerbak paksoi en bosui kort.
- 03Stap 3
Bak of grill de spiesen rondom en gaar de kip volledig tot 75 °C in het dikste stukje.
- 04Stap 4
Meng limoen, sojasaus en sesamolie en schep door de noedels.
- 05Stap 5
Serveer de spiesen op de noedels en bestrooi met sesam.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Laat de aanwezige marinade of kruiding op het product zitten en volg die smaak als uitgangspunt. Dep een gemarineerd product niet droog alsof het naturel vlees is.
- Dit is daadwerkelijk een gespiesd product: houd de stukken compact op de spies en keer de spies tijdens het garen zodat alle zijden gelijkmatig hitte krijgen.
- Dit product heeft al een eigen kruiding of smaakopbouw. Voeg daarom niet automatisch extra rub, marinade of kruidenmix toe.
- Bak saté met voldoende ruimte zodat de stukken kleuren in plaats van stomen. Keer regelmatig en controleer het dikste stukje vlees voordat je serveert.
- Tip van Jan: Kleur in de pan en laat een dikke filet gecontroleerd in de oven doorgaren.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een pan- of grillpanroute waarbij de kip volledig gaart vóór hij bij de noedels gaat.

Kipsaté spies 2 x 100 g. vers
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- 8 Kipsaté spies 2 x 100 g. vers
- 300 g rijst
- 1 komkommer
- 1 rode ui
- 200 ml pindasaus
- 1 limoen
Bereiding
- 01Stap 1
Kook de rijst en maak een frisse komkommersalade.
- 02Stap 2
Maak de barbecue gereed voor middelhoge directe hitte met een rustige zone ernaast.
- 03Stap 3
Grill de spiesen rondom voor kleur en verplaats zo nodig naar de rustige zone.
- 04Stap 4
Gaar kip volledig; controleer in het dikste stuk vlees 75 °C zonder de spies zelf te raken.
- 05Stap 5
Laat 2–3 minuten rusten en serveer met rijst, salade en saus.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Laat de aanwezige marinade of kruiding op het product zitten en volg die smaak als uitgangspunt. Dep een gemarineerd product niet droog alsof het naturel vlees is.
- Dit is daadwerkelijk een gespiesd product: houd de stukken compact op de spies en keer de spies tijdens het garen zodat alle zijden gelijkmatig hitte krijgen.
- Dit product heeft al een eigen kruiding of smaakopbouw. Voeg daarom niet automatisch extra rub, marinade of kruidenmix toe.
- Gaar saté boven directe, beheersbare hitte en keer regelmatig. Laat een zoete marinade niet verbranden en controleer het dikste stukje vlees voordat je serveert.
- Tip van Jan: Kippendij blijft sappig bij iets langere garing en is daardoor sterk voor grill, stoof en oven.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Rauwe kipspiesen worden volledig gegaard; daarna pas saus toevoegen.
Ingrediënten
- 8 Kipsaté spies 2 x 100 g. vers
- 2 paprika’s
- 2 rode uien
- 600 g aardappeltjes
- 2 el olie
- 1 citroen
Bereiding
- 01Stap 1
Verwarm de oven voor op 210 °C.
- 02Stap 2
Rooster aardappeltjes, paprika en ui 15 minuten voor.
- 03Stap 3
Leg de spiesen op of naast de groente en bestrijk licht met olie.
- 04Stap 4
Rooster tot de kip volledig gaar is; controleer het dikste stukje op 75 °C.
- 05Stap 5
Laat 2–3 minuten rusten en werk af met citroen.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Laat de aanwezige marinade of kruiding op het product zitten en volg die smaak als uitgangspunt. Dep een gemarineerd product niet droog alsof het naturel vlees is.
- Dit is daadwerkelijk een gespiesd product: houd de stukken compact op de spies en keer de spies tijdens het garen zodat alle zijden gelijkmatig hitte krijgen.
- Dit product heeft al een eigen kruiding of smaakopbouw. Voeg daarom niet automatisch extra rub, marinade of kruidenmix toe.
- Gaar saté gelijkmatig in de oven en controleer het dikste vleesdeel; vertrouw niet uitsluitend op een vaste oventijd.
- Tip van Jan: Kleur in de pan en laat een dikke filet gecontroleerd in de oven doorgaren.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Ovenbereiding is praktisch voor meerdere spiesen tegelijk en geeft gelijkmatige garing.
Ingrediënten
- 8 Kipsaté spies 2 x 100 g. vers
- 250 g noedels
- 2 stronken paksoi
- 3 bosuien
- 1 limoen
- 2 el sojasaus
- 1 tl sesamolie
- 1 el sesam
Bereiding
- 01Stap 1
Kook de noedels en laat uitlekken.
- 02Stap 2
Roerbak paksoi en bosui kort.
- 03Stap 3
Bak of grill de spiesen rondom en gaar de kip volledig tot 75 °C in het dikste stukje.
- 04Stap 4
Meng limoen, sojasaus en sesamolie en schep door de noedels.
- 05Stap 5
Serveer de spiesen op de noedels en bestrooi met sesam.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Laat de aanwezige marinade of kruiding op het product zitten en volg die smaak als uitgangspunt. Dep een gemarineerd product niet droog alsof het naturel vlees is.
- Dit is daadwerkelijk een gespiesd product: houd de stukken compact op de spies en keer de spies tijdens het garen zodat alle zijden gelijkmatig hitte krijgen.
- Dit product heeft al een eigen kruiding of smaakopbouw. Voeg daarom niet automatisch extra rub, marinade of kruidenmix toe.
- Bak saté met voldoende ruimte zodat de stukken kleuren in plaats van stomen. Keer regelmatig en controleer het dikste stukje vlees voordat je serveert.
- Tip van Jan: Kleur in de pan en laat een dikke filet gecontroleerd in de oven doorgaren.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een pan- of grillpanroute waarbij de kip volledig gaart vóór hij bij de noedels gaat.

Kipschnitzel van de filet 5 st.
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- 4 Kipschnitzel van de filet
- 150 g Griekse yoghurt
- 2 el mayonaise
- 1 el kappertjes
- 1 citroen
- 2 el peterselie
Bereiding
- 01Stap 1
Verwarm de frituur tot 180 °C.
- 02Stap 2
Frituur de bevroren kipschnitzels circa 5½–6 minuten, in porties zodat de olietemperatuur stabiel blijft.
- 03Stap 3
Laat kort uitlekken; de kipschnitzel is voorgegaard en hoeft alleen goed heet en krokant te worden.
- 04Stap 4
Meng yoghurt, mayonaise, kappertjes, citroen en peterselie tot dip.
- 05Stap 5
Serveer direct zodat de paneerlaag krokant blijft.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Dit product is al bereid. Verwarm het kort en heet genoeg om de buitenkant weer krokant te maken; extra marinade of kruiden zijn niet nodig.
- Dit product heeft al een eigen kruiding of smaakopbouw. Voeg daarom niet automatisch extra rub, marinade of kruidenmix toe.
- Frituur het gepaneerde of crispy product kort in voldoende heet vet en werk zo nodig in porties, zodat de buitenkant krokant blijft.
- Tip van Jan: Saus een krokante huid pas vlak voor serveren of serveer saus ernaast.
- Volg voor het opwarmen de temperatuur- en bereidingsinformatie die bij het product staat.
Volg voor opwarmen, bewaren en serveren de aanwijzingen bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
De schnitzel is al voorgegaard: frituren is hier voor doorwarmen en een krokante korst.
Ingrediënten
- 4 Kipschnitzel van de filet
- 300 g witte kool
- 1 wortel
- 2 el yoghurt
- 1 el mosterd
- 1 el appelazijn
- 1 appel
Bereiding
- 01Stap 1
Verwarm de oven voor op 220 °C.
- 02Stap 2
Leg de bevroren kipschnitzels los op een bakplaat en bak circa 25 minuten op 220 °C; keer halverwege voor een gelijkmatige korst.
- 03Stap 3
Snijd kool, wortel en appel fijn.
- 04Stap 4
Meng yoghurt, mosterd en appelazijn en schep door de koolsalade.
- 05Stap 5
Serveer de hete, krokante schnitzels direct met de frisse salade.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Dit product is al bereid. Verwarm het kort en heet genoeg om de buitenkant weer krokant te maken; extra marinade of kruiden zijn niet nodig.
- Dit product heeft al een eigen kruiding of smaakopbouw. Voeg daarom niet automatisch extra rub, marinade of kruidenmix toe.
- Verwarm het gepaneerde of crispy product volgens de aangegeven bereidingswijze en houd de korst zo droog mogelijk voor het beste krokante resultaat.
- Tip van Jan: Kleur in de pan en laat een dikke filet gecontroleerd in de oven doorgaren.
- Volg voor het opwarmen de temperatuur- en bereidingsinformatie die bij het product staat.
Volg voor opwarmen, bewaren en serveren de aanwijzingen bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een makkelijke ovenroute voor de reeds voorgegaarde, gepaneerde kipschnitzel.
Ingrediënten
- 4 Kipschnitzel van de filet
- 300 ml tomatensaus
- 125 g mozzarella
- 40 g Parmezaan
- 1 bosje basilicum
- 300 g spaghetti
Bereiding
- 01Stap 1
Bak de kipschnitzels eerst volgens de ovenbereiding tot de korst krokant is.
- 02Stap 2
Kook intussen de spaghetti beetgaar en verwarm de tomatensaus.
- 03Stap 3
Lepel pas in de laatste 5–7 minuten een dunne laag saus op de schnitzels en verdeel mozzarella en Parmezaan erover.
- 04Stap 4
Gratineer kort tot de kaas smelt; laat de korst niet onnodig zacht worden.
- 05Stap 5
Serveer met spaghetti, resterende tomatensaus en basilicum.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Dit product is al bereid. Verwarm het kort en heet genoeg om de buitenkant weer krokant te maken; extra marinade of kruiden zijn niet nodig.
- Dit product heeft al een eigen kruiding of smaakopbouw. Voeg daarom niet automatisch extra rub, marinade of kruidenmix toe.
- Verwarm het gepaneerde of crispy product volgens de aangegeven bereidingswijze en houd de korst zo droog mogelijk voor het beste krokante resultaat.
- Tip van Jan: Kleur in de pan en laat een dikke filet gecontroleerd in de oven doorgaren.
- Volg voor het opwarmen de temperatuur- en bereidingsinformatie die bij het product staat.
Volg voor opwarmen, bewaren en serveren de aanwijzingen bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een receptvariant waarbij de voorgegaarde schnitzel eerst krokant wordt en pas daarna kort wordt gegratineerd.

Kipshoarma
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- 500 g kipshoarma
- 4 grote pitabroodjes
- 150 g ijsbergsla
- 1/2 komkommer
- 2 tomaten
- 1 kleine rode ui
- 150 ml knoflooksaus
- sambal naar smaak
Bereiding
- 01Stap 1
Verwarm de pitabroodjes volgens de verpakking.
- 02Stap 2
Snijd komkommer, tomaat en rode ui en meng met de sla.
- 03Stap 3
Verhit een ruime koekenpan op middelhoog-hoog vuur; het product is al gekruid en hoeft niet opnieuw gemarineerd te worden.
- 04Stap 4
Bak de kipshoarma in 6–10 minuten gaar en licht krokant; werk bij een volle verpakking liever in twee porties.
- 05Stap 5
Bak de kipshoarma volledig gaar; controleer 75 °C in het dikste stukje.
- 06Stap 6
Vul de warme pita's met salade en vlees en maak af met knoflooksaus en eventueel sambal.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng naturel vlees vlak voor de bereiding gelijkmatig op smaak met zout. Volg een langere zout- of dry-brinefase alleen wanneer het recept dat bewust voorschrijft.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Verhit de pan eerst goed en gebruik waar nodig slechts een dun laagje hittebestendig bakvet. Geef het vlees ruimte en bouw een duidelijke korst op zonder voortdurend te schuiven; verlaag daarna de hitte wanneer het stuk nog moet doorgaren.
- Tip van Jan: Kleur in de pan en laat een dikke filet gecontroleerd in de oven doorgaren.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
De klassieker: heet gekruid vlees, warm brood, frisse groente en romige saus.
Ingrediënten
- 500 g kipshoarma
- 700 g friet
- 150 g ijsbergsla
- 1/2 komkommer
- 2 tomaten
- 1 kleine rode ui
- 150 ml knoflooksaus
- sambal naar smaak
Bereiding
- 01Stap 1
Bak de friet krokant in oven, frituur of airfryer volgens de verpakking.
- 02Stap 2
Maak een frisse salade van sla, komkommer, tomaat en rode ui.
- 03Stap 3
Verhit een grote koekenpan of bakplaat stevig en bak het vlees in een dunne laag; voeg geen extra kruidenmarinade toe.
- 04Stap 4
Bak de kipshoarma volledig gaar; controleer 75 °C in het dikste stukje.
- 05Stap 5
Verdeel friet, salade en heet vlees over de borden zodat de friet krokant blijft.
- 06Stap 6
Serveer knoflooksaus en sambal apart zodat iedereen zelf kan doseren.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng naturel vlees vlak voor de bereiding gelijkmatig op smaak met zout. Volg een langere zout- of dry-brinefase alleen wanneer het recept dat bewust voorschrijft.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Verhit de pan eerst goed en gebruik waar nodig slechts een dun laagje hittebestendig bakvet. Geef het vlees ruimte en bouw een duidelijke korst op zonder voortdurend te schuiven; verlaag daarna de hitte wanneer het stuk nog moet doorgaren.
- Tip van Jan: Kleur in de pan en laat een dikke filet gecontroleerd in de oven doorgaren.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een complete shoarmaschotel met duidelijke componenten en goede textuur.
Ingrediënten
- 500 g kipshoarma
- 700 g friet
- 150 g geraspte jonge kaas
- 150 g ijsbergsla
- 1/2 komkommer
- 2 tomaten
- 150 ml knoflooksaus
- sambal naar smaak
Bereiding
- 01Stap 1
Bak de friet krokant.
- 02Stap 2
Bak het vlees in een hete pan in een dunne laag tot gaar en goed gekleurd.
- 03Stap 3
Bak de kipshoarma volledig gaar; controleer 75 °C in het dikste stukje.
- 04Stap 4
Verdeel friet over een ovenschaal, schep het vlees erop en bestrooi met kaas.
- 05Stap 5
Gratineer 4–6 minuten onder een hete grill tot de kaas smelt.
- 06Stap 6
Voeg pas daarna sla, komkommer en tomaat toe en serveer met knoflooksaus en sambal.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng naturel vlees vlak voor de bereiding gelijkmatig op smaak met zout. Volg een langere zout- of dry-brinefase alleen wanneer het recept dat bewust voorschrijft.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Verhit de pan eerst goed en gebruik waar nodig slechts een dun laagje hittebestendig bakvet. Geef het vlees ruimte en bouw een duidelijke korst op zonder voortdurend te schuiven; verlaag daarna de hitte wanneer het stuk nog moet doorgaren.
- Tip van Jan: Kleur in de pan en laat een dikke filet gecontroleerd in de oven doorgaren.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Krokante friet en koude salade blijven gescheiden tot het laatste moment.

Kipsnackballetjes 20x 20 g.
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- ca. 500 g Kipsnackballetjes 20x
- 100 ml BBQ-saus
- 1 el honing
- 1 el appelazijn
- 2 bosuien
- 1 el sesam
Bereiding
- 01Stap 1
Verwarm de Kipsnackballetjes 20x rustig op laag tot middelhoog vuur tot het product door en door heet is; de balletjes zijn al gaar en hoeven alleen op temperatuur te komen.
- 02Stap 2
Meng BBQ-saus, honing en appelazijn.
- 03Stap 3
Schep de warme balletjes door de saus en laat 3–4 minuten zacht glanzen in pan of oven.
- 04Stap 4
Snijd bosui fijn.
- 05Stap 5
Doe de balletjes in een warme schaal.
- 06Stap 6
Werk af met bosui en sesam en serveer met prikkers.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Dit product is al gegaard. Verwarm het gelijkmatig door en voeg geen extra marinade of kruiden toe tenzij het recept dat uitdrukkelijk vraagt.
- Warm in de oven gelijkmatig door en voorkom onnodig uitdrogen. Haal het product uit de oven zodra het goed is opgewarmd.
- Tip van Jan: Kippendij blijft sappig bij iets langere garing en is daardoor sterk voor grill, stoof en oven.
- Volg voor het opwarmen de temperatuur- en bereidingsinformatie die bij het product staat.
Volg voor opwarmen, bewaren en serveren de aanwijzingen bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een echte borreltoepassing met korte lakfase en sappige kern.
Ingrediënten
- ca. 500 g Kipsnackballetjes 20x
- 500 ml tomatensaus
- 1 kleine ui
- 1 teen knoflook
- 40 g Parmezaan
- 1 bosje basilicum
- 1 el olijfolie
Bereiding
- 01Stap 1
Fruit ui en knoflook zacht in olijfolie.
- 02Stap 2
Voeg tomatensaus toe en laat 10 minuten rustig inkoken.
- 03Stap 3
Leg de Kipsnackballetjes 20x in de saus en verwarm rustig door zonder hard te koken.
- 04Stap 4
Draai de balletjes eenmaal zodat ze gelijkmatig warm worden.
- 05Stap 5
Rasp Parmezaan erover.
- 06Stap 6
Werk af met basilicum en serveer met brood of pasta.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Dit product is al gegaard. Verwarm het gelijkmatig door en voeg geen extra marinade of kruiden toe tenzij het recept dat uitdrukkelijk vraagt.
- Warm in de pan rustig en gelijkmatig door; gebruik alleen extra bakvet als het recept of product dat nodig heeft.
- Tip van Jan: Kleur in de pan en laat een dikke filet gecontroleerd in de oven doorgaren.
- Volg voor het opwarmen de temperatuur- en bereidingsinformatie die bij het product staat.
Volg voor opwarmen, bewaren en serveren de aanwijzingen bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Italiaanse borrel- of pastatoepassing zonder uitdrogen.
Ingrediënten
- ca. 500 g Kipsnackballetjes 20x
- 12 mini-broodjes
- 200 g koolsla
- 2 el mayonaise
- 1 el grove mosterd
- 1 tl honing
- 6 augurken
Bereiding
- 01Stap 1
Verwarm de Kipsnackballetjes 20x op laag tot middelhoog vuur tot het product door en door heet is.
- 02Stap 2
Meng mayonaise, mosterd en honing.
- 03Stap 3
Snijd de broodjes open en rooster kort.
- 04Stap 4
Snijd augurk dun.
- 05Stap 5
Leg koolsla en een warm balletje op elk broodje.
- 06Stap 6
Maak af met mosterdsaus en augurk en serveer direct.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Dit product is al gegaard. Verwarm het gelijkmatig door en voeg geen extra marinade of kruiden toe tenzij het recept dat uitdrukkelijk vraagt.
- Warm in de oven gelijkmatig door en voorkom onnodig uitdrogen. Haal het product uit de oven zodra het goed is opgewarmd.
- Tip van Jan: Kippendij blijft sappig bij iets langere garing en is daardoor sterk voor grill, stoof en oven.
- Volg voor het opwarmen de temperatuur- en bereidingsinformatie die bij het product staat.
Volg voor opwarmen, bewaren en serveren de aanwijzingen bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Handzaam partyfood met frisse koolsla en pittige saus.

Kipspiesjes gegrild 10x 50 g.
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- 8 Kipspiesjes gegrild
- 300 g rijst
- 1 komkommer
- 1 rode ui
- 200 ml kruidenyoghurt
- 1 limoen
Bereiding
- 01Stap 1
Kook de rijst en maak komkommersalade.
- 02Stap 2
Maak de barbecue gereed voor middelhoge hitte.
- 03Stap 3
Verwarm de spiesen kort rondom en draai regelmatig. Stop zodra ze door en door warm en licht gekleurd zijn; opnieuw garen is niet nodig.
- 04Stap 4
Verwarm de saus apart.
- 05Stap 5
Serveer direct met rijst en salade.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
De spies is al gegaard: alleen kort doorwarmen en opnieuw kleuren.
Ingrediënten
- 8 Kipspiesjes gegrild
- 4 flatbreads
- 2 paprika’s
- 1 rode ui
- 150 g yoghurt
- 1 citroen
Bereiding
- 01Stap 1
Verwarm de oven voor op 190 °C.
- 02Stap 2
Rooster paprika en ui 10 minuten.
- 03Stap 3
Leg de spiesen erbij en verwarm kort tot door en door warm; voorkom uitdrogen.
- 04Stap 4
Verwarm de flatbreads de laatste minuten mee.
- 05Stap 5
Serveer met yoghurt en citroen.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Dit product is al gegaard. Verwarm het gelijkmatig door en voeg geen extra marinade of kruiden toe tenzij het recept dat uitdrukkelijk vraagt.
- Voeg niet automatisch extra zout, rub of marinade toe. De smaak die al in het product zit is het uitgangspunt.
- Warm in de oven gelijkmatig door en voorkom onnodig uitdrogen. Haal het product uit de oven zodra het goed is opgewarmd.
- Tip van Jan: Kippendij blijft sappig bij iets langere garing en is daardoor sterk voor grill, stoof en oven.
- Volg voor het opwarmen de temperatuur- en bereidingsinformatie die bij het product staat.
Volg voor opwarmen, bewaren en serveren de aanwijzingen bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een eenvoudige regeneratieroute voor reeds gegaarde spiesen.
Ingrediënten
- 8 Kipspiesjes gegrild
- 250 g noedels
- 2 stronken paksoi
- 2 bosuien
- 2 el sojasaus
- 1 limoen
- 1 tl sesamolie
Bereiding
- 01Stap 1
Kook de noedels.
- 02Stap 2
Roerbak paksoi en bosui.
- 03Stap 3
Verwarm de spiesen rustig in een grillpan of koekenpan tot door en door warm; opnieuw garen is niet nodig.
- 04Stap 4
Meng sojasaus, limoen en sesamolie door de noedels.
- 05Stap 5
Serveer direct met de warme spiesen.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Dit product is al gegaard. Verwarm het gelijkmatig door en voeg geen extra marinade of kruiden toe tenzij het recept dat uitdrukkelijk vraagt.
- Voeg niet automatisch extra zout, rub of marinade toe. De smaak die al in het product zit is het uitgangspunt.
- Warm in de pan rustig en gelijkmatig door; gebruik alleen extra bakvet als het recept of product dat nodig heeft.
- Tip van Jan: Kleur in de pan en laat een dikke filet gecontroleerd in de oven doorgaren.
- Volg voor het opwarmen de temperatuur- en bereidingsinformatie die bij het product staat.
Volg voor opwarmen, bewaren en serveren de aanwijzingen bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Kort opwarmen in grillpan of koekenpan, daarna direct combineren met de noedels.

Kipspiesjes gegrild 15x 12 g.
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- 8 Kipspiesjes gegrild
- 300 g rijst
- 1 komkommer
- 1 rode ui
- 200 ml kruidenyoghurt
- 1 limoen
Bereiding
- 01Stap 1
Kook de rijst en maak komkommersalade.
- 02Stap 2
Maak de barbecue gereed voor middelhoge hitte.
- 03Stap 3
Verwarm de spiesen kort rondom en draai regelmatig. Stop zodra ze door en door warm en licht gekleurd zijn; opnieuw garen is niet nodig.
- 04Stap 4
Verwarm de saus apart.
- 05Stap 5
Serveer direct met rijst en salade.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
De spies is al gegaard: alleen kort doorwarmen en opnieuw kleuren.
Ingrediënten
- 8 Kipspiesjes gegrild
- 4 flatbreads
- 2 paprika’s
- 1 rode ui
- 150 g yoghurt
- 1 citroen
Bereiding
- 01Stap 1
Verwarm de oven voor op 190 °C.
- 02Stap 2
Rooster paprika en ui 10 minuten.
- 03Stap 3
Leg de spiesen erbij en verwarm kort tot door en door warm; voorkom uitdrogen.
- 04Stap 4
Verwarm de flatbreads de laatste minuten mee.
- 05Stap 5
Serveer met yoghurt en citroen.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Dit product is al gegaard. Verwarm het gelijkmatig door en voeg geen extra marinade of kruiden toe tenzij het recept dat uitdrukkelijk vraagt.
- Voeg niet automatisch extra zout, rub of marinade toe. De smaak die al in het product zit is het uitgangspunt.
- Warm in de oven gelijkmatig door en voorkom onnodig uitdrogen. Haal het product uit de oven zodra het goed is opgewarmd.
- Tip van Jan: Kippendij blijft sappig bij iets langere garing en is daardoor sterk voor grill, stoof en oven.
- Volg voor het opwarmen de temperatuur- en bereidingsinformatie die bij het product staat.
Volg voor opwarmen, bewaren en serveren de aanwijzingen bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een eenvoudige regeneratieroute voor reeds gegaarde spiesen.
Ingrediënten
- 8 Kipspiesjes gegrild
- 250 g noedels
- 2 stronken paksoi
- 2 bosuien
- 2 el sojasaus
- 1 limoen
- 1 tl sesamolie
Bereiding
- 01Stap 1
Kook de noedels.
- 02Stap 2
Roerbak paksoi en bosui.
- 03Stap 3
Verwarm de spiesen rustig in een grillpan of koekenpan tot door en door warm; opnieuw garen is niet nodig.
- 04Stap 4
Meng sojasaus, limoen en sesamolie door de noedels.
- 05Stap 5
Serveer direct met de warme spiesen.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Dit product is al gegaard. Verwarm het gelijkmatig door en voeg geen extra marinade of kruiden toe tenzij het recept dat uitdrukkelijk vraagt.
- Voeg niet automatisch extra zout, rub of marinade toe. De smaak die al in het product zit is het uitgangspunt.
- Warm in de pan rustig en gelijkmatig door; gebruik alleen extra bakvet als het recept of product dat nodig heeft.
- Tip van Jan: Kleur in de pan en laat een dikke filet gecontroleerd in de oven doorgaren.
- Volg voor het opwarmen de temperatuur- en bereidingsinformatie die bij het product staat.
Volg voor opwarmen, bewaren en serveren de aanwijzingen bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Kort opwarmen in grillpan of koekenpan, daarna direct combineren met de noedels.

Maiskip heel
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- 1 Maiskip heel
- 2 uien
- 1 bol knoflook
- 1 citroen
- 2 el olie
- 250 ml kippenbouillon
- 2 takjes tijm
- peper en zout
Bereiding
- 01Stap 1
Verwarm de oven voor op 190 °C.
- 02Stap 2
Wrijf de buitenkant licht in met olie, peper en zout en leg ui, citroen en knoflook eromheen.
- 03Stap 3
Braad tot het dikste deel van de dij 75 °C bereikt en controleer ook het dikste deel van de borst; raak met de sonde geen bot.
- 04Stap 4
Neem uit de oven en laat 10–15 minuten rusten.
- 05Stap 5
Giet overtollig vet uit de schaal, voeg bouillon toe en kook de aanbaksels kort los.
- 06Stap 6
Snijd aan tafel en serveer met de braadjus.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng het vlees vlak voor de bereiding op smaak met zout en zwarte peper. Voor een vollere, kruidige smaak kun je in plaats daarvan Tropical Mango gebruiken. Kies één van beide; zo blijft de kruiding mooi in balans.
- Gebruik de oven voor beheerst doorgaren. Wanneer het recept eerst een korst vraagt, schroei het vlees vooraf kort aan; bepaal het eindpunt op kern en niet uitsluitend op oventijd.
- Tip van Jan: Kleur in de pan en laat een dikke filet gecontroleerd in de oven doorgaren.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een betrouwbare hele-vogelbereiding met kernmeting in dij én borst.
Ingrediënten
- 1 Maiskip heel
- 1 el olie
- 2 tl gerookt paprikapoeder
- 1 tl knoflookpoeder
- 1 citroen
- peper en zout
Bereiding
- 01Stap 1
Maak de barbecue gereed voor indirecte hitte rond 180 °C.
- 02Stap 2
Wrijf de vogel in met olie, paprika, knoflookpoeder, peper en zout.
- 03Stap 3
Plaats indirect en sluit het deksel.
- 04Stap 4
Gaar tot 75 °C in het dikste deel van de dij en controleer ook de borst.
- 05Stap 5
Laat 10–15 minuten rusten.
- 06Stap 6
Werk af met citroen en snijd aan tafel.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng het vlees vlak voor de bereiding op smaak met zout en zwarte peper. Voor een vollere, kruidige smaak kun je in plaats daarvan Tropical Mango gebruiken. Kies één van beide; zo blijft de kruiding mooi in balans.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Gebruik directe hitte voor een mooie korst. Dikke stukken kun je daarna indirect verder laten garen; dunne steaks of kleine delen blijven vooral boven directe hitte. Controleer de gaarheid in het dikste deel.
- Tip van Jan: Zodra de veilige kern is bereikt, van de hitte af. Extra minuten maken borstfilet vooral droger.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Indirect garen geeft een gelijkmatige garing; pas op het einde eventueel kort kleuren.
Ingrediënten
- 1 Maiskip heel
- 800 g aardappelen
- 2 venkelknollen
- 2 rode uien
- 100 g groene olijven
- 2 el olijfolie
- 1 citroen
Bereiding
- 01Stap 1
Verwarm de oven voor op 190 °C.
- 02Stap 2
Snijd aardappelen, venkel en ui grof en meng met olie.
- 03Stap 3
Leg de vogel erop en braad tot 75 °C in het dikste deel van de dij; controleer ook de borst.
- 04Stap 4
Voeg de olijven de laatste 15 minuten toe.
- 05Stap 5
Laat de vogel 10–15 minuten rusten.
- 06Stap 6
Serveer met de geroosterde groenten en citroen.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng naturel vlees op smaak met zout en zwarte peper, óf gebruik Tropical Mango als smaakvol alternatief. Kies één van beide en voorkom dubbele kruiding.
- Gebruik de oven voor beheerst doorgaren. Wanneer het recept eerst een korst vraagt, schroei het vlees vooraf kort aan; bepaal het eindpunt op kern en niet uitsluitend op oventijd.
- Tip van Jan: Kleur in de pan en laat een dikke filet gecontroleerd in de oven doorgaren.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een complete braadslede waarbij de vogel boven de groenten gaart.

Parelhoen panklaar heel
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- 1 Parelhoen panklaar heel
- 2 uien
- 1 bol knoflook
- 1 citroen
- 2 el olie
- 250 ml kippenbouillon
- 2 takjes tijm
- peper en zout
Bereiding
- 01Stap 1
Verwarm de oven voor op 190 °C.
- 02Stap 2
Wrijf de buitenkant licht in met olie, peper en zout en leg ui, citroen en knoflook eromheen.
- 03Stap 3
Braad tot het dikste deel van de dij 75 °C bereikt en controleer ook het dikste deel van de borst; raak met de sonde geen bot.
- 04Stap 4
Neem uit de oven en laat 10–15 minuten rusten.
- 05Stap 5
Giet overtollig vet uit de schaal, voeg bouillon toe en kook de aanbaksels kort los.
- 06Stap 6
Snijd aan tafel en serveer met de braadjus.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng het vlees vlak voor de bereiding op smaak met zout en zwarte peper. Voor een vollere, kruidige smaak kun je in plaats daarvan Tropical Mango gebruiken. Kies één van beide; zo blijft de kruiding mooi in balans.
- Gebruik de oven voor beheerst doorgaren. Wanneer het recept eerst een korst vraagt, schroei het vlees vooraf kort aan; bepaal het eindpunt op kern en niet uitsluitend op oventijd.
- Tip van Jan: Kleur in de pan en laat een dikke filet gecontroleerd in de oven doorgaren.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een betrouwbare hele-vogelbereiding met kernmeting in dij én borst.
Ingrediënten
- 1 Parelhoen panklaar heel
- 1 el olie
- 2 tl gerookt paprikapoeder
- 1 tl knoflookpoeder
- 1 citroen
- peper en zout
Bereiding
- 01Stap 1
Maak de barbecue gereed voor indirecte hitte rond 180 °C.
- 02Stap 2
Wrijf de vogel in met olie, paprika, knoflookpoeder, peper en zout.
- 03Stap 3
Plaats indirect en sluit het deksel.
- 04Stap 4
Gaar tot 75 °C in het dikste deel van de dij en controleer ook de borst.
- 05Stap 5
Laat 10–15 minuten rusten.
- 06Stap 6
Werk af met citroen en snijd aan tafel.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng het vlees vlak voor de bereiding op smaak met zout en zwarte peper. Voor een vollere, kruidige smaak kun je in plaats daarvan Tropical Mango gebruiken. Kies één van beide; zo blijft de kruiding mooi in balans.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Gebruik directe hitte voor een mooie korst. Dikke stukken kun je daarna indirect verder laten garen; dunne steaks of kleine delen blijven vooral boven directe hitte. Controleer de gaarheid in het dikste deel.
- Tip van Jan: Zodra de veilige kern is bereikt, van de hitte af. Extra minuten maken borstfilet vooral droger.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Indirect garen geeft een gelijkmatige garing; pas op het einde eventueel kort kleuren.
Ingrediënten
- 1 Parelhoen panklaar heel
- 800 g aardappelen
- 2 venkelknollen
- 2 rode uien
- 100 g groene olijven
- 2 el olijfolie
- 1 citroen
Bereiding
- 01Stap 1
Verwarm de oven voor op 190 °C.
- 02Stap 2
Snijd aardappelen, venkel en ui grof en meng met olie.
- 03Stap 3
Leg de vogel erop en braad tot 75 °C in het dikste deel van de dij; controleer ook de borst.
- 04Stap 4
Voeg de olijven de laatste 15 minuten toe.
- 05Stap 5
Laat de vogel 10–15 minuten rusten.
- 06Stap 6
Serveer met de geroosterde groenten en citroen.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng naturel vlees op smaak met zout en zwarte peper, óf gebruik Tropical Mango als smaakvol alternatief. Kies één van beide en voorkom dubbele kruiding.
- Gebruik de oven voor beheerst doorgaren. Wanneer het recept eerst een korst vraagt, schroei het vlees vooraf kort aan; bepaal het eindpunt op kern en niet uitsluitend op oventijd.
- Tip van Jan: Kleur in de pan en laat een dikke filet gecontroleerd in de oven doorgaren.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een complete braadslede waarbij de vogel boven de groenten gaart.

Parelhoenfilet supreme per 2
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- 600–700 g Parelhoenfilet supreme per 2
- 700 g krieltjes
- 1 citroen
- 2 takjes tijm
- 1 teen knoflook
- 25 g boter
- 1 el neutrale olie
- peper en zout
Bereiding
- 01Stap 1
Rooster of kook de krieltjes tot ze gaar en goudbruin zijn.
- 02Stap 2
Kruid vlak voor het bakken met peper en een kleine hoeveelheid zout.
- 03Stap 3
Verhit olie in een ruime pan op middelhoog-hoog vuur en bak de kip rondom goudbruin.
- 04Stap 4
Zet het vuur iets lager en gaar verder tot het dikste deel 75 °C bereikt; gebruik een kernthermometer zonder bot te raken.
- 05Stap 5
Neem de kip uit de pan en laat 3–5 minuten rusten. Voeg boter, tijm, knoflook en een kneep citroen toe aan de pan.
- 06Stap 6
Wentel de krieltjes kort door de panjus en serveer direct met de kip.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng het vlees vlak voor de bereiding op smaak met zout en zwarte peper. Voor een vollere, kruidige smaak kun je in plaats daarvan Tropical Mango gebruiken. Kies één van beide; zo blijft de kruiding mooi in balans.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Verhit de pan eerst goed en gebruik waar nodig slechts een dun laagje hittebestendig bakvet. Geef het vlees ruimte en bouw een duidelijke korst op zonder voortdurend te schuiven; verlaag daarna de hitte wanneer het stuk nog moet doorgaren.
- Voeg boter en aromaten uit het recept pas na de eerste korstfase toe en lepel het schuimende bakvet kort over het vlees; zo blijven de aromaten frisser en verbranden ze minder snel.
- Tip van Jan: Gebruik een kernthermometer en meet in het dikste deel. Vermijd contact met bot.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een eenvoudige panbereiding waarin de kip sappig blijft en de jus uit de pan wordt benut.
Ingrediënten
- 600–700 g Parelhoenfilet supreme per 2
- 2 rode paprika’s
- 2 rode uien
- 600 g aardappeltjes
- 2 el olijfolie
- 1 citroen
- 1 tl paprikapoeder
- peper en zout
Bereiding
- 01Stap 1
Verwarm de oven voor op 200 °C.
- 02Stap 2
Snijd paprika, ui en aardappeltjes en meng met olie, paprikapoeder, peper en zout. Rooster 15 minuten voor.
- 03Stap 3
Kruid vlak voor het bakken met peper en een kleine hoeveelheid zout.
- 04Stap 4
Leg de kip tussen de groenten en rooster verder tot het dikste deel 75 °C bereikt.
- 05Stap 5
Laat de kip 3–5 minuten rusten terwijl de groenten nog kort doorroosteren indien nodig.
- 06Stap 6
Werk af met citroensap en serveer rechtstreeks van de plaat.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng het vlees vlak voor de bereiding op smaak met zout en zwarte peper. Voor een vollere, kruidige smaak kun je in plaats daarvan Tropical Mango gebruiken. Kies één van beide; zo blijft de kruiding mooi in balans.
- Gebruik de oven voor beheerst doorgaren. Wanneer het recept eerst een korst vraagt, schroei het vlees vooraf kort aan; bepaal het eindpunt op kern en niet uitsluitend op oventijd.
- Tip van Jan: Zodra de veilige kern is bereikt, van de hitte af. Extra minuten maken borstfilet vooral droger.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Alles op één plaat: geroosterde groente en sappige kip met een frisse citroenafwerking.
Ingrediënten
- 600–700 g Parelhoenfilet supreme per 2
- 1 courgette
- 2 paprika’s
- 200 g Griekse yoghurt
- 1 citroen
- 1 bosje peterselie
- 1 el olijfolie
- peper en zout
Bereiding
- 01Stap 1
Maak de barbecue gereed met een directe en een indirecte zone.
- 02Stap 2
Meng yoghurt met citroenrasp, peterselie en zwarte peper.
- 03Stap 3
Kruid vlak voor het bakken met peper en een kleine hoeveelheid zout.
- 04Stap 4
Grill de kip kort boven directe hitte voor kleur en verplaats daarna naar indirecte hitte. Gaar tot 75 °C in het dikste deel.
- 05Stap 5
Grill intussen courgette en paprika beetgaar.
- 06Stap 6
Laat de kip 3–5 minuten rusten en serveer met de gegrilde groente en kruidenyoghurt.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng het vlees vlak voor de bereiding op smaak met zout en zwarte peper. Voor een vollere, kruidige smaak kun je in plaats daarvan Tropical Mango gebruiken. Kies één van beide; zo blijft de kruiding mooi in balans.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Gebruik directe hitte voor een mooie korst. Dikke stukken kun je daarna indirect verder laten garen; dunne steaks of kleine delen blijven vooral boven directe hitte. Controleer de gaarheid in het dikste deel.
- Tip van Jan: Zodra de veilige kern is bereikt, van de hitte af. Extra minuten maken borstfilet vooral droger.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Direct kleuren en daarna rustig doorgaren voorkomt uitdrogen en geeft een duidelijke grillsmaak.

Poussin per 2 stuks
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- 1 poussin
- 2 el olie
- 1 bol knoflook
- 2 uien
- 250 ml kippenbouillon
- 30 g boter
- 1 citroen
- peper en zout
Bereiding
- 01Stap 1
Verwarm de oven voor op 190 °C. Dep alleen de buitenkant van de poussin droog als u een krokante huid wilt; dit is hier functioneel.
- 02Stap 2
Wrijf de buitenkant in met olie, peper en zout en leg ui en gehalveerde knoflook eromheen.
- 03Stap 3
Braad de poussin tot het dikste deel van de dij minimaal 75 °C bereikt.
- 04Stap 4
Neem uit de oven en laat 15 minuten rusten voordat u aansnijdt.
- 05Stap 5
Giet overtollig vet uit de braadslede, voeg bouillon toe en roer de aanbaksels los; kook 5 minuten in.
- 06Stap 6
Snijd de vogel aan tafel en serveer met braadjus.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Breng het vlees vlak voor de bereiding op smaak met zout en zwarte peper. Voor een vollere, kruidige smaak kun je in plaats daarvan Tropical Mango gebruiken. Kies één van beide; zo blijft de kruiding mooi in balans.
- Gebruik de oven voor beheerst doorgaren. Wanneer het recept eerst een korst vraagt, schroei het vlees vooraf kort aan; bepaal het eindpunt op kern en niet uitsluitend op oventijd.
- Tip van Jan: Dep overtollig oppervlaktevocht weg voordat u kip bakt of grilt; dat helpt bruinen.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Klassieke braadtechniek met kernmeting in de dij en rust voor sappig vlees.
Ingrediënten
- 1 poussin
- 1 el olie
- 2 tl gerookt paprikapoeder
- 1 tl knoflookpoeder
- 1 tl uienpoeder
- 1 tl bruine suiker
- 1/2 tl zwarte peper
- zout
Bereiding
- 01Stap 1
Maak de barbecue gereed voor indirecte hitte van circa 180 °C.
- 02Stap 2
Meng de droge kruiden en wrijf de vogel licht in met olie en daarna met de rub.
- 03Stap 3
Plaats de poussin stabiel op het indirecte deel en sluit het deksel.
- 04Stap 4
Gaar rustig en draai de vogel alleen als de barbecue duidelijk ongelijk verwarmt.
- 05Stap 5
Controleer in het dikste deel van de dij minimaal 75 °C en laat daarna 15 minuten rusten.
- 06Stap 6
Snijd aan en serveer met een frisse koolsalade.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Gebruik de marinade, rub of kruidenlaag uit het recept als primaire smaakmaker. Leg daar niet automatisch nog een tweede kruidenmix overheen.
- Gebruik directe hitte voor een mooie korst. Dikke stukken kun je daarna indirect verder laten garen; dunne steaks of kleine delen blijven vooral boven directe hitte. Controleer de gaarheid in het dikste deel.
- Tip van Jan: Zodra de veilige kern is bereikt, van de hitte af. Extra minuten maken borstfilet vooral droger.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Indirecte barbecue geeft gebraden gevogelte met een droge, rokerige korst zonder te verbranden.
Ingrediënten
- 1 poussin
- 800 g vastkokende aardappelen
- 2 venkelknollen
- 2 rode uien
- 100 g groene olijven
- 2 el olijfolie
- 1 citroen
- peper en zout
Bereiding
- 01Stap 1
Snijd aardappelen en venkel grof en verdeel met ui over een braadslede. Meng met olie, peper en zout.
- 02Stap 2
Leg de poussin op de groenten en zet in een oven van 190 °C.
- 03Stap 3
Schep de groenten halverwege om zonder de vogel onnodig te verplaatsen.
- 04Stap 4
Voeg de olijven de laatste 15 minuten toe.
- 05Stap 5
Gaar tot het dikste deel van de dij van de poussin minimaal 75 °C is en laat daarna 15 minuten rusten.
- 06Stap 6
Serveer met de geroosterde groenten en een klein kneepje citroen over de venkel.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng het vlees vlak voor de bereiding op smaak met zout en zwarte peper. Voor een vollere, kruidige smaak kun je in plaats daarvan Tropical Mango gebruiken. Kies één van beide; zo blijft de kruiding mooi in balans.
- Gebruik de oven voor beheerst doorgaren. Wanneer het recept eerst een korst vraagt, schroei het vlees vooraf kort aan; bepaal het eindpunt op kern en niet uitsluitend op oventijd.
- Tip van Jan: Kippendij blijft sappig bij iets langere garing en is daardoor sterk voor grill, stoof en oven.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een complete traybake waarin het braadvocht de aardappelen en venkel smaak geeft.

Pulled Chicken 1 kg
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- 600 g Pulled Chicken
- 700 g aardappeltjes
- 150 g gemengde sla
- 1 komkommer
- 1 el mosterd
- 2 el olijfolie
Bereiding
- 01Stap 1
Verwarm de oven voor op laag tot middelhoog vuur tot het product door en door heet is of op 190 °C als daar geen afwijkend advies staat.
- 02Stap 2
Rooster de aardappeltjes goudbruin.
- 03Stap 3
Leg de Pulled Chicken de laatste fase erbij en verwarm tot door en door warm; voorkom onnodig lang doorbakken.
- 04Stap 4
Meng sla en komkommer met een eenvoudige mosterddressing.
- 05Stap 5
Serveer zodra de kip heet en eventueel krokant is.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Dit product is al gegaard. Verwarm het gelijkmatig door en voeg geen extra marinade of kruiden toe tenzij het recept dat uitdrukkelijk vraagt.
- Voeg niet automatisch extra zout, rub of marinade toe. De smaak die al in het product zit is het uitgangspunt.
- Warm in de oven gelijkmatig door en voorkom onnodig uitdrogen. Haal het product uit de oven zodra het goed is opgewarmd.
- Tip van Jan: Kippendij blijft sappig bij iets langere garing en is daardoor sterk voor grill, stoof en oven.
- Volg voor het opwarmen de temperatuur- en bereidingsinformatie die bij het product staat.
Volg voor opwarmen, bewaren en serveren de aanwijzingen bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Het product is al gegaard: de oven is hier voor doorwarmen en krokant maken, niet voor opnieuw garen.
Ingrediënten
- 500 g Pulled Chicken
- 4 flatbreads
- 2 paprika’s
- 1 rode ui
- 150 g yoghurt
- 1 teen knoflook
- 1 citroen
Bereiding
- 01Stap 1
Rooster paprika en ui in een hete pan.
- 02Stap 2
Meng yoghurt met knoflook en citroen.
- 03Stap 3
Verwarm de Pulled Chicken rustig door in dezelfde pan; het product is al gegaard en hoeft niet opnieuw gaar gemaakt te worden.
- 04Stap 4
Verwarm de flatbreads kort.
- 05Stap 5
Vul met groente en kip en maak af met knoflookyoghurt.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Dit product is al gegaard. Verwarm het gelijkmatig door en voeg geen extra marinade of kruiden toe tenzij het recept dat uitdrukkelijk vraagt.
- Voeg niet automatisch extra zout, rub of marinade toe. De smaak die al in het product zit is het uitgangspunt.
- Warm in de pan rustig en gelijkmatig door; gebruik alleen extra bakvet als het recept of product dat nodig heeft.
- Tip van Jan: Kleur in de pan en laat een dikke filet gecontroleerd in de oven doorgaren.
- Volg voor het opwarmen de temperatuur- en bereidingsinformatie die bij het product staat.
Volg voor opwarmen, bewaren en serveren de aanwijzingen bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Kort doorwarmen en direct serveren houdt reeds gegaarde kip sappig.
Ingrediënten
- 500 g Pulled Chicken
- 300 g rijst
- 2 stronken paksoi
- 2 bosuien
- 2 el sojasaus
- 1 limoen
- 1 tl sesamolie
- 1 tl sesam
Bereiding
- 01Stap 1
Kook de rijst.
- 02Stap 2
Roerbak paksoi en bosui kort op hoog vuur.
- 03Stap 3
Voeg de Pulled Chicken toe en verwarm alleen tot door en door warm; voorkom uitdrogen.
- 04Stap 4
Breng op smaak met sojasaus, limoen en sesamolie.
- 05Stap 5
Serveer op rijst en bestrooi met sesam.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Dit product is al gegaard. Verwarm het gelijkmatig door en voeg geen extra marinade of kruiden toe tenzij het recept dat uitdrukkelijk vraagt.
- Voeg niet automatisch extra zout, rub of marinade toe. De smaak die al in het product zit is het uitgangspunt.
- Warm in de pan rustig en gelijkmatig door; gebruik alleen extra bakvet als het recept of product dat nodig heeft.
- Tip van Jan: Kleur in de pan en laat een dikke filet gecontroleerd in de oven doorgaren.
- Volg voor het opwarmen de temperatuur- en bereidingsinformatie die bij het product staat.
Volg voor opwarmen, bewaren en serveren de aanwijzingen bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een snelle bowl voor reeds gegaarde kip: alleen goed doorwarmen en op smaak brengen.

Yakitori spiesjes 50x 30 g.
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- 8 Yakitori spiesjes
- 300 g rijst
- 1 komkommer
- 1 rode ui
- 200 ml kruidenyoghurt
- 1 limoen
Bereiding
- 01Stap 1
Kook de rijst en maak komkommersalade.
- 02Stap 2
Maak de barbecue gereed voor middelhoge hitte.
- 03Stap 3
Verwarm de spiesen kort rondom en draai regelmatig. Stop zodra ze door en door warm en licht gekleurd zijn; opnieuw garen is niet nodig.
- 04Stap 4
Verwarm de saus apart.
- 05Stap 5
Serveer direct met rijst en salade.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
De spies is al gegaard: alleen kort doorwarmen en opnieuw kleuren.
Ingrediënten
- 8 Yakitori spiesjes
- 4 flatbreads
- 2 paprika’s
- 1 rode ui
- 150 g yoghurt
- 1 citroen
Bereiding
- 01Stap 1
Verwarm de oven voor op 190 °C.
- 02Stap 2
Rooster paprika en ui 10 minuten.
- 03Stap 3
Leg de spiesen erbij en verwarm kort tot door en door warm; voorkom uitdrogen.
- 04Stap 4
Verwarm de flatbreads de laatste minuten mee.
- 05Stap 5
Serveer met yoghurt en citroen.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Dit product is al gegaard. Verwarm het gelijkmatig door en voeg geen extra marinade of kruiden toe tenzij het recept dat uitdrukkelijk vraagt.
- Voeg niet automatisch extra zout, rub of marinade toe. De smaak die al in het product zit is het uitgangspunt.
- Warm in de oven gelijkmatig door en voorkom onnodig uitdrogen. Haal het product uit de oven zodra het goed is opgewarmd.
- Tip van Jan: Kippendij blijft sappig bij iets langere garing en is daardoor sterk voor grill, stoof en oven.
- Volg voor het opwarmen de temperatuur- en bereidingsinformatie die bij het product staat.
Volg voor opwarmen, bewaren en serveren de aanwijzingen bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een eenvoudige regeneratieroute voor reeds gegaarde spiesen.
Ingrediënten
- 8 Yakitori spiesjes
- 250 g noedels
- 2 stronken paksoi
- 2 bosuien
- 2 el sojasaus
- 1 limoen
- 1 tl sesamolie
Bereiding
- 01Stap 1
Kook de noedels.
- 02Stap 2
Roerbak paksoi en bosui.
- 03Stap 3
Verwarm de spiesen rustig in een grillpan of koekenpan tot door en door warm; opnieuw garen is niet nodig.
- 04Stap 4
Meng sojasaus, limoen en sesamolie door de noedels.
- 05Stap 5
Serveer direct met de warme spiesen.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Dit product is al gegaard. Verwarm het gelijkmatig door en voeg geen extra marinade of kruiden toe tenzij het recept dat uitdrukkelijk vraagt.
- Voeg niet automatisch extra zout, rub of marinade toe. De smaak die al in het product zit is het uitgangspunt.
- Warm in de pan rustig en gelijkmatig door; gebruik alleen extra bakvet als het recept of product dat nodig heeft.
- Tip van Jan: Kleur in de pan en laat een dikke filet gecontroleerd in de oven doorgaren.
- Volg voor het opwarmen de temperatuur- en bereidingsinformatie die bij het product staat.
Volg voor opwarmen, bewaren en serveren de aanwijzingen bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Kort opwarmen in grillpan of koekenpan, daarna direct combineren met de noedels.
Lam

Lamsbout met been
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- ca. 1,2 kg lamsbout
- 600 g wortels
- 4 sjalotten
- 250 ml bouillon
- 100 ml rode wijn
- 2 el olie
- 30 g boter
- peper en zout
Bereiding
- 01Stap 1
Verwarm de oven voor op 180 °C en rooster de wortels met een beetje olie.
- 02Stap 2
Bak de lamsbout rondom aan in een braadpan; leg daarna in een ovenschaal.
- 03Stap 3
Gaar in de oven tot 54–56 °C voor medium-rare of 58–60 °C voor medium; gebruik tijd alleen als richtlijn.
- 04Stap 4
Laat het vlees 15 minuten rusten voordat u snijdt.
- 05Stap 5
Fruit sjalotten in de braadpan, blus met wijn en bouillon en kook tot jusdikte in.
- 06Stap 6
Monteer met boter en serveer met de geroosterde wortel.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Gebruik het zout uit het recept doelgericht op het vlees en verdeel het gelijkmatig. Voeg geen extra zout toe buiten de receptuur zonder eerst de totale kruiding te beoordelen.
- Gebruik de oven voor beheerst doorgaren. Wanneer het recept eerst een korst vraagt, schroei het vlees vooraf kort aan; bepaal het eindpunt op kern en niet uitsluitend op oventijd.
- Tip van Jan: Laat een rack of bout rusten voordat u tussen de botten snijdt.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een klassieke braadbereiding met kerntemperatuur als leidende controle.
Ingrediënten
- ca. 1,2 kg lamsbout
- 1 bos peterselie
- 2 el kappertjes
- 1 teen knoflook
- 1 el Dijonmosterd
- 2 el wittewijnazijn
- 70 ml olijfolie
Bereiding
- 01Stap 1
Maak de barbecue gereed met een indirecte zone rond 160–180 °C.
- 02Stap 2
Hak peterselie, kappertjes en knoflook en meng met mosterd, azijn en olijfolie.
- 03Stap 3
Gaar de lamsbout indirect met gesloten deksel tot 54–56 °C voor medium-rare of 58–60 °C voor medium bijna is bereikt.
- 04Stap 4
Geef het vlees daarna kort kleur boven directe hitte.
- 05Stap 5
Laat 15 minuten rusten.
- 06Stap 6
Laat 5–8 minuten rusten en snijd pas daarna aan; serveer als hele portie of in gelijkmatige plakken.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng naturel vlees vlak voor de bereiding gelijkmatig op smaak met zout. Volg een langere zout- of dry-brinefase alleen wanneer het recept dat bewust voorschrijft.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Gebruik directe hitte voor een mooie korst. Dikke stukken kun je daarna indirect verder laten garen; dunne steaks of kleine delen blijven vooral boven directe hitte. Controleer de gaarheid in het dikste deel.
- Tip van Jan: Een korte krachtige korst en daarna gecontroleerde garing geeft veel grip op het eindresultaat.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Barbecuebereiding met gecontroleerde indirecte hitte en een frisse saus aan tafel.
Ingrediënten
- ca. 1,2 kg lamsbout
- 1 knolselderij
- 500 g aardappelen
- 250 g paddenstoelen
- 250 ml bouillon
- 100 ml room
- 30 g boter
- peper en zout
Bereiding
- 01Stap 1
Kook knolselderij en aardappel samen gaar en pureer met room en een deel van de boter.
- 02Stap 2
Bak de paddenstoelen op hoog vuur bruin en houd apart.
- 03Stap 3
Gaar de lamsbout in oven of braadpan tot 54–56 °C voor medium-rare of 58–60 °C voor medium en laat daarna rusten.
- 04Stap 4
Deglaceer de braadpan met bouillon en kook in tot een krachtige jus.
- 05Stap 5
Snijd het vlees pas na rust en controleer de snijrichting.
- 06Stap 6
Serveer met puree, paddenstoelen en jus.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Gebruik het zout uit het recept doelgericht op het vlees en verdeel het gelijkmatig. Voeg geen extra zout toe buiten de receptuur zonder eerst de totale kruiding te beoordelen.
- Gebruik de oven voor beheerst doorgaren. Wanneer het recept eerst een korst vraagt, schroei het vlees vooraf kort aan; bepaal het eindpunt op kern en niet uitsluitend op oventijd.
- Tip van Jan: Een korte krachtige korst en daarna gecontroleerde garing geeft veel grip op het eindresultaat.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een stevig restaurantbord met aardse smaken en correcte rusttijd.

Lamsbout zonder been
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- ca. 1,2 kg lamsbout
- 600 g wortels
- 4 sjalotten
- 250 ml bouillon
- 100 ml rode wijn
- 2 el olie
- 30 g boter
- peper en zout
Bereiding
- 01Stap 1
Verwarm de oven voor op 180 °C en rooster de wortels met een beetje olie.
- 02Stap 2
Bak de lamsbout rondom aan in een braadpan; leg daarna in een ovenschaal.
- 03Stap 3
Gaar in de oven tot 54–56 °C voor medium-rare of 58–60 °C voor medium; gebruik tijd alleen als richtlijn.
- 04Stap 4
Laat het vlees 15 minuten rusten voordat u snijdt.
- 05Stap 5
Fruit sjalotten in de braadpan, blus met wijn en bouillon en kook tot jusdikte in.
- 06Stap 6
Monteer met boter en serveer met de geroosterde wortel.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Gebruik het zout uit het recept doelgericht op het vlees en verdeel het gelijkmatig. Voeg geen extra zout toe buiten de receptuur zonder eerst de totale kruiding te beoordelen.
- Gebruik de oven voor beheerst doorgaren. Wanneer het recept eerst een korst vraagt, schroei het vlees vooraf kort aan; bepaal het eindpunt op kern en niet uitsluitend op oventijd.
- Tip van Jan: Laat een rack of bout rusten voordat u tussen de botten snijdt.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een klassieke braadbereiding met kerntemperatuur als leidende controle.
Ingrediënten
- ca. 1,2 kg lamsbout
- 1 bos peterselie
- 2 el kappertjes
- 1 teen knoflook
- 1 el Dijonmosterd
- 2 el wittewijnazijn
- 70 ml olijfolie
Bereiding
- 01Stap 1
Maak de barbecue gereed met een indirecte zone rond 160–180 °C.
- 02Stap 2
Hak peterselie, kappertjes en knoflook en meng met mosterd, azijn en olijfolie.
- 03Stap 3
Gaar de lamsbout indirect met gesloten deksel tot 54–56 °C voor medium-rare of 58–60 °C voor medium bijna is bereikt.
- 04Stap 4
Geef het vlees daarna kort kleur boven directe hitte.
- 05Stap 5
Laat 15 minuten rusten.
- 06Stap 6
Laat 5–8 minuten rusten en snijd pas daarna aan; serveer als hele portie of in gelijkmatige plakken.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng naturel vlees vlak voor de bereiding gelijkmatig op smaak met zout. Volg een langere zout- of dry-brinefase alleen wanneer het recept dat bewust voorschrijft.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Gebruik directe hitte voor een mooie korst. Dikke stukken kun je daarna indirect verder laten garen; dunne steaks of kleine delen blijven vooral boven directe hitte. Controleer de gaarheid in het dikste deel.
- Tip van Jan: Een korte krachtige korst en daarna gecontroleerde garing geeft veel grip op het eindresultaat.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Barbecuebereiding met gecontroleerde indirecte hitte en een frisse saus aan tafel.
Ingrediënten
- ca. 1,2 kg lamsbout
- 1 knolselderij
- 500 g aardappelen
- 250 g paddenstoelen
- 250 ml bouillon
- 100 ml room
- 30 g boter
- peper en zout
Bereiding
- 01Stap 1
Kook knolselderij en aardappel samen gaar en pureer met room en een deel van de boter.
- 02Stap 2
Bak de paddenstoelen op hoog vuur bruin en houd apart.
- 03Stap 3
Gaar de lamsbout in oven of braadpan tot 54–56 °C voor medium-rare of 58–60 °C voor medium en laat daarna rusten.
- 04Stap 4
Deglaceer de braadpan met bouillon en kook in tot een krachtige jus.
- 05Stap 5
Snijd het vlees pas na rust en controleer de snijrichting.
- 06Stap 6
Serveer met puree, paddenstoelen en jus.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Gebruik het zout uit het recept doelgericht op het vlees en verdeel het gelijkmatig. Voeg geen extra zout toe buiten de receptuur zonder eerst de totale kruiding te beoordelen.
- Gebruik de oven voor beheerst doorgaren. Wanneer het recept eerst een korst vraagt, schroei het vlees vooraf kort aan; bepaal het eindpunt op kern en niet uitsluitend op oventijd.
- Tip van Jan: Een korte krachtige korst en daarna gecontroleerde garing geeft veel grip op het eindresultaat.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een stevig restaurantbord met aardse smaken en correcte rusttijd.

Lamsrack Nieuw Zeeland
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- ca. 1,2 kg lamsrack
- 600 g wortels
- 4 sjalotten
- 250 ml bouillon
- 100 ml rode wijn
- 2 el olie
- 30 g boter
- peper en zout
Bereiding
- 01Stap 1
Verwarm de oven voor op 180 °C en rooster de wortels met een beetje olie.
- 02Stap 2
Bak de lamsrack rondom aan in een braadpan; leg daarna in een ovenschaal.
- 03Stap 3
Gaar in de oven tot 54–56 °C voor medium-rare of 58–60 °C voor medium; gebruik tijd alleen als richtlijn.
- 04Stap 4
Laat het vlees 15 minuten rusten voordat u snijdt.
- 05Stap 5
Fruit sjalotten in de braadpan, blus met wijn en bouillon en kook tot jusdikte in.
- 06Stap 6
Monteer met boter en serveer met de geroosterde wortel.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Gebruik het zout uit het recept doelgericht op het vlees en verdeel het gelijkmatig. Voeg geen extra zout toe buiten de receptuur zonder eerst de totale kruiding te beoordelen.
- Gebruik de oven voor beheerst doorgaren. Wanneer het recept eerst een korst vraagt, schroei het vlees vooraf kort aan; bepaal het eindpunt op kern en niet uitsluitend op oventijd.
- Tip van Jan: Laat een rack of bout rusten voordat u tussen de botten snijdt.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Kerntemperatuur & eindcontrole
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een klassieke braadbereiding met kerntemperatuur als leidende controle.
Ingrediënten
- ca. 1,2 kg lamsrack
- 1 bos peterselie
- 2 el kappertjes
- 1 teen knoflook
- 1 el Dijonmosterd
- 2 el wittewijnazijn
- 70 ml olijfolie
Bereiding
- 01Stap 1
Maak de barbecue gereed met een indirecte zone rond 160–180 °C.
- 02Stap 2
Hak peterselie, kappertjes en knoflook en meng met mosterd, azijn en olijfolie.
- 03Stap 3
Gaar de lamsrack indirect met gesloten deksel tot 54–56 °C voor medium-rare of 58–60 °C voor medium bijna is bereikt.
- 04Stap 4
Geef het vlees daarna kort kleur boven directe hitte.
- 05Stap 5
Laat 15 minuten rusten.
- 06Stap 6
Laat 5–8 minuten rusten en snijd pas daarna aan; serveer als hele portie of in gelijkmatige plakken.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng naturel vlees vlak voor de bereiding gelijkmatig op smaak met zout. Volg een langere zout- of dry-brinefase alleen wanneer het recept dat bewust voorschrijft.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Gebruik directe hitte voor een mooie korst. Dikke stukken kun je daarna indirect verder laten garen; dunne steaks of kleine delen blijven vooral boven directe hitte. Controleer de gaarheid in het dikste deel.
- Tip van Jan: Een korte krachtige korst en daarna gecontroleerde garing geeft veel grip op het eindresultaat.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Kerntemperatuur & eindcontrole
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Barbecuebereiding met gecontroleerde indirecte hitte en een frisse saus aan tafel.
Ingrediënten
- ca. 1,2 kg lamsrack
- 1 knolselderij
- 500 g aardappelen
- 250 g paddenstoelen
- 250 ml bouillon
- 100 ml room
- 30 g boter
- peper en zout
Bereiding
- 01Stap 1
Kook knolselderij en aardappel samen gaar en pureer met room en een deel van de boter.
- 02Stap 2
Bak de paddenstoelen op hoog vuur bruin en houd apart.
- 03Stap 3
Gaar de lamsrack in oven of braadpan tot 54–56 °C voor medium-rare of 58–60 °C voor medium en laat daarna rusten.
- 04Stap 4
Deglaceer de braadpan met bouillon en kook in tot een krachtige jus.
- 05Stap 5
Snijd het vlees pas na rust en controleer de snijrichting.
- 06Stap 6
Serveer met puree, paddenstoelen en jus.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Gebruik het zout uit het recept doelgericht op het vlees en verdeel het gelijkmatig. Voeg geen extra zout toe buiten de receptuur zonder eerst de totale kruiding te beoordelen.
- Gebruik de oven voor beheerst doorgaren. Wanneer het recept eerst een korst vraagt, schroei het vlees vooraf kort aan; bepaal het eindpunt op kern en niet uitsluitend op oventijd.
- Tip van Jan: Een korte krachtige korst en daarna gecontroleerde garing geeft veel grip op het eindresultaat.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Kerntemperatuur & eindcontrole
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een stevig restaurantbord met aardse smaken en correcte rusttijd.

Lamsschenkel Nieuw Zeeland
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- ca. 1 kg Lamsschenkel Nieuw Zeeland
- 150 g spekblokjes
- 2 wortels
- 2 uien
- 250 g champignons
- 500 ml rode wijn
- 400 ml bouillon
- 1 el tomatenpuree
- 2 laurierblaadjes
Bereiding
- 01Stap 1
Bak de spekblokjes uit en schep ze uit de pan.
- 02Stap 2
Bak de Lamsschenkel Nieuw Zeeland in porties rondom donkerbruin en neem uit de pan.
- 03Stap 3
Bak ui en wortel, voeg tomatenpuree toe en bak 1 minuut mee.
- 04Stap 4
Blus met rode wijn en bouillon, voeg laurier toe en doe het vlees terug. Laat circa 3 uur zeer zacht stoven.
- 05Stap 5
Bak de champignons apart bruin en voeg ze met het spek pas in het laatste halfuur toe.
- 06Stap 6
Het gerecht is klaar wanneer het vlees zonder weerstand uit elkaar valt en de saus glanst.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng naturel vlees vlak voor de bereiding gelijkmatig op smaak met zout. Volg een langere zout- of dry-brinefase alleen wanneer het recept dat bewust voorschrijft.
- Braad de vleesstukken waar het recept dat toelaat in porties aan voor kleur en smaak. Laat ze daarna rustig stoven: zacht pruttelen, niet hard doorkoken, en gebruik malsheid als eindcontrole in plaats van alleen een vaste tijd.
- Tip van Jan: Bij lamsrack meet u in het dikste vleesdeel zonder bot te raken.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een Franse klassieker met gelaagde smaak en paddenstoelen die hun bite behouden.
Ingrediënten
- ca. 1 kg Lamsschenkel Nieuw Zeeland
- 2 uien
- 3 tenen knoflook
- 20 g gember
- 2 tl gemalen koriander
- 1 tl komijn
- 3 el ketjap manis
- 400 ml kokosmelk
- 1 stengel citroengras
Bereiding
- 01Stap 1
Bak de ui rustig goudbruin in een beetje olie.
- 02Stap 2
Voeg knoflook, gember, koriander en komijn toe en bak kort tot het geurt.
- 03Stap 3
Voeg de Lamsschenkel Nieuw Zeeland toe en bak rondom aan; werk in porties als de pan te vol wordt.
- 04Stap 4
Roer ketjap erdoor, voeg kokosmelk en gekneusd citroengras toe en breng tegen de kook aan.
- 05Stap 5
Laat 2,5–3 uur heel zacht stoven zonder hard te koken.
- 06Stap 6
Neem het deksel het laatste halfuur weg zodat de saus geconcentreerd en romig wordt; verwijder citroengras voor serveren.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng naturel vlees vlak voor de bereiding gelijkmatig op smaak met zout. Volg een langere zout- of dry-brinefase alleen wanneer het recept dat bewust voorschrijft.
- Braad de vleesstukken waar het recept dat toelaat in porties aan voor kleur en smaak. Laat ze daarna rustig stoven: zacht pruttelen, niet hard doorkoken, en gebruik malsheid als eindcontrole in plaats van alleen een vaste tijd.
- Tip van Jan: Rozemarijn, knoflook, citroen en komijn passen sterk bij lam; gebruik ze als ondersteuning, niet als masker.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een warme specerijenrichting die echt verschilt van Europese stoofgerechten.
Ingrediënten
- ca. 1 kg Lamsschenkel Nieuw Zeeland
- 2 uien
- 2 wortels
- 400 g tomatenblokjes
- 120 g groene olijven
- 1 sinaasappel
- 300 ml bouillon
- 1 tl venkelzaad
- 2 el olijfolie
Bereiding
- 01Stap 1
Bak de Lamsschenkel Nieuw Zeeland in een braadpan rondom bruin en neem uit de pan.
- 02Stap 2
Bak ui en wortel 5 minuten zacht, voeg venkelzaad toe en laat kort geuren.
- 03Stap 3
Voeg tomaat, bouillon, een brede reep sinaasappelschil en het vlees toe.
- 04Stap 4
Dek af en gaar 2,5–3 uur in een oven van 150 °C tot het vlees zeer mals is.
- 05Stap 5
Voeg olijven de laatste 20 minuten toe en verwijder de sinaasappelschil.
- 06Stap 6
Laat de saus zonder deksel zo nodig iets inkoken en serveer met polenta of aardappelpuree.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng naturel vlees vlak voor de bereiding gelijkmatig op smaak met zout. Volg een langere zout- of dry-brinefase alleen wanneer het recept dat bewust voorschrijft.
- Braad de vleesstukken waar het recept dat toelaat in porties aan voor kleur en smaak. Laat ze daarna rustig stoven: zacht pruttelen, niet hard doorkoken, en gebruik malsheid als eindcontrole in plaats van alleen een vaste tijd.
- Tip van Jan: Bij lamsrack meet u in het dikste vleesdeel zonder bot te raken.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Mediterrane stoof met frisse citrus en zilte olijf als tegenhanger voor rijk vlees.

Saratoga lamsrack
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- ca. 1,2 kg lamsrack
- 600 g wortels
- 4 sjalotten
- 250 ml bouillon
- 100 ml rode wijn
- 2 el olie
- 30 g boter
- peper en zout
Bereiding
- 01Stap 1
Verwarm de oven voor op 180 °C en rooster de wortels met een beetje olie.
- 02Stap 2
Bak de lamsrack rondom aan in een braadpan; leg daarna in een ovenschaal.
- 03Stap 3
Gaar in de oven tot 54–56 °C voor medium-rare of 58–60 °C voor medium; gebruik tijd alleen als richtlijn.
- 04Stap 4
Laat het vlees 15 minuten rusten voordat u snijdt.
- 05Stap 5
Fruit sjalotten in de braadpan, blus met wijn en bouillon en kook tot jusdikte in.
- 06Stap 6
Monteer met boter en serveer met de geroosterde wortel.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Gebruik het zout uit het recept doelgericht op het vlees en verdeel het gelijkmatig. Voeg geen extra zout toe buiten de receptuur zonder eerst de totale kruiding te beoordelen.
- Gebruik de oven voor beheerst doorgaren. Wanneer het recept eerst een korst vraagt, schroei het vlees vooraf kort aan; bepaal het eindpunt op kern en niet uitsluitend op oventijd.
- Tip van Jan: Laat een rack of bout rusten voordat u tussen de botten snijdt.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Kerntemperatuur & eindcontrole
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een klassieke braadbereiding met kerntemperatuur als leidende controle.
Ingrediënten
- ca. 1,2 kg lamsrack
- 1 bos peterselie
- 2 el kappertjes
- 1 teen knoflook
- 1 el Dijonmosterd
- 2 el wittewijnazijn
- 70 ml olijfolie
Bereiding
- 01Stap 1
Maak de barbecue gereed met een indirecte zone rond 160–180 °C.
- 02Stap 2
Hak peterselie, kappertjes en knoflook en meng met mosterd, azijn en olijfolie.
- 03Stap 3
Gaar de lamsrack indirect met gesloten deksel tot 54–56 °C voor medium-rare of 58–60 °C voor medium bijna is bereikt.
- 04Stap 4
Geef het vlees daarna kort kleur boven directe hitte.
- 05Stap 5
Laat 15 minuten rusten.
- 06Stap 6
Laat 5–8 minuten rusten en snijd pas daarna aan; serveer als hele portie of in gelijkmatige plakken.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng naturel vlees vlak voor de bereiding gelijkmatig op smaak met zout. Volg een langere zout- of dry-brinefase alleen wanneer het recept dat bewust voorschrijft.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Gebruik directe hitte voor een mooie korst. Dikke stukken kun je daarna indirect verder laten garen; dunne steaks of kleine delen blijven vooral boven directe hitte. Controleer de gaarheid in het dikste deel.
- Tip van Jan: Een korte krachtige korst en daarna gecontroleerde garing geeft veel grip op het eindresultaat.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Kerntemperatuur & eindcontrole
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Barbecuebereiding met gecontroleerde indirecte hitte en een frisse saus aan tafel.
Ingrediënten
- ca. 1,2 kg lamsrack
- 1 knolselderij
- 500 g aardappelen
- 250 g paddenstoelen
- 250 ml bouillon
- 100 ml room
- 30 g boter
- peper en zout
Bereiding
- 01Stap 1
Kook knolselderij en aardappel samen gaar en pureer met room en een deel van de boter.
- 02Stap 2
Bak de paddenstoelen op hoog vuur bruin en houd apart.
- 03Stap 3
Gaar de lamsrack in oven of braadpan tot 54–56 °C voor medium-rare of 58–60 °C voor medium en laat daarna rusten.
- 04Stap 4
Deglaceer de braadpan met bouillon en kook in tot een krachtige jus.
- 05Stap 5
Snijd het vlees pas na rust en controleer de snijrichting.
- 06Stap 6
Serveer met puree, paddenstoelen en jus.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Gebruik het zout uit het recept doelgericht op het vlees en verdeel het gelijkmatig. Voeg geen extra zout toe buiten de receptuur zonder eerst de totale kruiding te beoordelen.
- Gebruik de oven voor beheerst doorgaren. Wanneer het recept eerst een korst vraagt, schroei het vlees vooraf kort aan; bepaal het eindpunt op kern en niet uitsluitend op oventijd.
- Tip van Jan: Een korte krachtige korst en daarna gecontroleerde garing geeft veel grip op het eindresultaat.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Kerntemperatuur & eindcontrole
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een stevig restaurantbord met aardse smaken en correcte rusttijd.
Rund

BAVETTE LIMOUSIN
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- ca. 700 g bavette
- 250 g kastanjechampignons
- 1 sjalot
- 1 el groene peperkorrels
- 150 ml kookroom
- 150 ml fond
- 1 el olie
- 20 g boter
Bereiding
- 01Stap 1
Snijd de champignons in kwarten en bak ze op hoog vuur in een droge pan tot ze kleur krijgen; voeg pas daarna een klein klontje boter toe en houd warm.
- 02Stap 2
Bak de bavette in een zeer hete pan rondom bruin en gaar tot 54–56 °C voor medium-rare of 58–60 °C voor medium.
- 03Stap 3
Laat de bavette rusten terwijl u de saus maakt.
- 04Stap 4
Fruit sjalot en groene peperkorrels kort in dezelfde pan, voeg fond toe en kook tot ongeveer de helft in.
- 05Stap 5
Voeg room toe en laat rustig binden; proef voordat u extra zout toevoegt.
- 06Stap 6
Snijd de bavette en serveer met de paddenstoelen en een kleine lepel pepersaus.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng het vlees vlak voor de bereiding op smaak met zout en zwarte peper. Voor een vollere, kruidige smaak kun je in plaats daarvan Jans Biefstuk Kruidenmix gebruiken. Kies één van beide; zo blijft de kruiding mooi in balans.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Verhit de pan eerst goed en gebruik waar nodig slechts een dun laagje hittebestendig bakvet. Geef het vlees ruimte en bouw een duidelijke korst op zonder voortdurend te schuiven; verlaag daarna de hitte wanneer het stuk nog moet doorgaren.
- Voeg boter en aromaten uit het recept pas na de eerste korstfase toe en lepel het schuimende bakvet kort over het vlees; zo blijven de aromaten frisser en verbranden ze minder snel.
- Tip van Jan: Leg een lang stuk zo in pan of op grill dat zoveel mogelijk oppervlak contact maakt voor egale bruining.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Kerntemperatuur & eindcontrole
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een restaurantklassieker met romige saus en geroosterde paddenstoelen.
Ingrediënten
- ca. 700 g bavette
- 2 stronken paksoi
- 2 lente-uien
- 2 el sojasaus
- 1 el rijstazijn
- 1 tl sesamolie
- 1 tl honing
- 1 el neutrale olie
- 1 tl geroosterde sesam
Bereiding
- 01Stap 1
Snijd de bavette alleen als het deelstuk dat toelaat in dunne plakken dwars op de draad; laat dikke steaks juist heel en snijd pas na het garen.
- 02Stap 2
Meng sojasaus, rijstazijn, sesamolie en honing tot een snelle jus.
- 03Stap 3
Bak de bavette zeer heet en kort zodat het vlees kleurt zonder uit te drogen; gaar verder tot 54–56 °C voor medium-rare of 58–60 °C voor medium.
- 04Stap 4
Roerbak paksoi en lente-ui 2–3 minuten zodat ze fris en knapperig blijven.
- 05Stap 5
Voeg de sojajus kort toe en laat slechts enkele seconden bruisen.
- 06Stap 6
Serveer de bavette met paksoi en bestrooi met sesam.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng naturel vlees op smaak met zout en zwarte peper, óf gebruik Jans Biefstuk Kruidenmix als smaakvol alternatief. Kies één van beide en voorkom dubbele kruiding.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Verhit de pan eerst goed en gebruik waar nodig slechts een dun laagje hittebestendig bakvet. Geef het vlees ruimte en bouw een duidelijke korst op zonder voortdurend te schuiven; verlaag daarna de hitte wanneer het stuk nog moet doorgaren.
- Tip van Jan: Snijd grove rundspieren in dunne plakken haaks op de vezel. Dat maakt een merkbaar verschil in malsheid.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Kerntemperatuur & eindcontrole
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een moderne, lichtere bereiding met veel umami en korte garing.
Ingrediënten
- ca. 700 g bavette
- 300 g cherrytomaten
- 1 bos peterselie
- 2 el kappertjes
- 1 el Dijonmosterd
- 2 el wittewijnazijn
- 70 ml olijfolie
- 1 teen knoflook
Bereiding
- 01Stap 1
Rooster de tomaten 15 minuten op 200 °C tot ze openbarsten.
- 02Stap 2
Hak peterselie, kappertjes en knoflook en meng met mosterd, azijn en olijfolie tot salsa verde.
- 03Stap 3
Grill de bavette op hoge hitte voor duidelijke grillstrepen en kleur.
- 04Stap 4
Gaar verder tot 54–56 °C voor medium-rare of 58–60 °C voor medium. Laat 5–8 minuten rusten.
- 05Stap 5
Snijd het vlees pas na de rust in dunne plakken dwars op de duidelijk zichtbare spiervezels.
- 06Stap 6
Serveer met geroosterde tomaat en salsa verde aan tafel.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng naturel vlees op smaak met zout en zwarte peper, óf gebruik Jans Biefstuk Kruidenmix als smaakvol alternatief. Kies één van beide en voorkom dubbele kruiding.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Gebruik directe hitte voor een mooie korst. Dikke stukken kun je daarna indirect verder laten garen; dunne steaks of kleine delen blijven vooral boven directe hitte. Controleer de gaarheid in het dikste deel.
- Tip van Jan: Snijd grove rundspieren in dunne plakken haaks op de vezel. Dat maakt een merkbaar verschil in malsheid.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Kerntemperatuur & eindcontrole
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Fris en hartig; de salsa wordt na het garen toegevoegd en blijft daardoor levendig.

Bavettespies gemarineerd 2 st. vers
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- 8 bavette
- 200 ml pindasaus
- 1 komkommer
- 2 el rijstazijn
- 1 tl suiker
- 2 bosuien
- 30 g gebakken uitjes
- 300 g rijst
Bereiding
- 01Stap 1
Kook de rijst en houd warm.
- 02Stap 2
Snijd de komkommer dun en meng met rijstazijn en suiker; laat 15 minuten staan.
- 03Stap 3
Maak de barbecue gereed voor middelhoge directe hitte.
- 04Stap 4
Grill de bavette rondom tot goed gekleurd en 54–56 °C voor medium-rare of 58–60 °C voor medium. Gaar tot 54–56 °C voor medium-rare of 58–60 °C voor medium en voorkom uitdrogen.
- 05Stap 5
Verwarm de pindasaus rustig zonder hard te koken.
- 06Stap 6
Serveer de spiesen met rijst, komkommer, pindasaus, bosui en gebakken uitjes.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Laat de aanwezige marinade of kruiding op het product zitten en volg die smaak als uitgangspunt. Dep een gemarineerd product niet droog alsof het naturel vlees is.
- Dit product is al gekruid of gemarineerd. Voeg geen tweede rub, marinade of automatische extra zoutlaag toe; zo blijft de bedoelde smaak in balans.
- Gebruik directe hitte voor een mooie korst. Dikke stukken kun je daarna indirect verder laten garen; dunne steaks of kleine delen blijven vooral boven directe hitte. Controleer de gaarheid in het dikste deel.
- Tip van Jan: Een perfect gebakken steak koelt snel af. Een voorverwarmd bord houdt het resultaat langer op temperatuur.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een complete saté-achtige maaltijd waarin de spies echt de hoofdrol houdt.
Ingrediënten
- 8 bavette
- 4 flatbreads
- 2 rode paprika's
- 1 rode ui
- 150 g Griekse yoghurt
- 1 teen knoflook
- 1 el citroensap
- 1 bosje peterselie
Bereiding
- 01Stap 1
Rooster paprika en ui op grill of in een hete pan tot ze zacht en donker aan de rand zijn.
- 02Stap 2
Meng yoghurt met knoflook, citroensap en peterselie.
- 03Stap 3
Grill de bavette gelijkmatig en draai geregeld. Gaar tot 54–56 °C voor medium-rare of 58–60 °C voor medium en voorkom uitdrogen.
- 04Stap 4
Verwarm de flatbreads kort op de grill.
- 05Stap 5
Snijd de geroosterde groente in repen.
- 06Stap 6
Serveer de spiesen met flatbread, groente en knoflookyoghurt.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Laat de aanwezige marinade of kruiding op het product zitten en volg die smaak als uitgangspunt. Dep een gemarineerd product niet droog alsof het naturel vlees is.
- Dit product is al gekruid of gemarineerd. Voeg geen tweede rub, marinade of automatische extra zoutlaag toe; zo blijft de bedoelde smaak in balans.
- Gebruik directe hitte voor een mooie korst. Dikke stukken kun je daarna indirect verder laten garen; dunne steaks of kleine delen blijven vooral boven directe hitte. Controleer de gaarheid in het dikste deel.
- Tip van Jan: Een steak hoeft niet per se maar één keer te worden gedraaid. Regelmatig draaien kan een gelijkmatigere garing geven.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een frisse, mediterrane spiesmaaltijd met warm brood.
Ingrediënten
- 8 bavette
- 250 g noedels
- 2 stronken paksoi
- 3 bosuien
- 1 limoen
- 2 el sojasaus
- 1 tl sesamolie
- 1 el sesam
Bereiding
- 01Stap 1
Kook de noedels en spoel kort af.
- 02Stap 2
Roerbak paksoi en bosui op hoog vuur zodat ze knapperig blijven.
- 03Stap 3
Grill of bak de bavette tot mooi gekleurd en 54–56 °C voor medium-rare of 58–60 °C voor medium. Gaar tot 54–56 °C voor medium-rare of 58–60 °C voor medium en voorkom uitdrogen.
- 04Stap 4
Meng limoensap, sojasaus en sesamolie tot dressing.
- 05Stap 5
Schep noedels en paksoi door de dressing.
- 06Stap 6
Serveer de spiesen erop en bestrooi met sesam.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Laat de aanwezige marinade of kruiding op het product zitten en volg die smaak als uitgangspunt. Dep een gemarineerd product niet droog alsof het naturel vlees is.
- Dit product is al gekruid of gemarineerd. Voeg geen tweede rub, marinade of automatische extra zoutlaag toe; zo blijft de bedoelde smaak in balans.
- Gebruik directe hitte voor een mooie korst. Dikke stukken kun je daarna indirect verder laten garen; dunne steaks of kleine delen blijven vooral boven directe hitte. Controleer de gaarheid in het dikste deel.
- Tip van Jan: Geef de pan tijd om voor te verwarmen voordat het vlees erin gaat. Zo voorkomt u grijs stoven in eigen vocht.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een lichte Aziatische toepassing met frisse dressing en korte groentegaring.

BBQ Biefstuk – 2 stuks
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- ca. 700 g biefstuk
- 1 bos platte peterselie
- 2 tenen knoflook
- 1 kleine rode peper
- 2 el rodewijnazijn
- 80 ml olijfolie
- 1 tl gedroogde oregano
- zout
Bereiding
- 01Stap 1
Hak peterselie, knoflook en rode peper fijn en meng met azijn, olijfolie, oregano en zout. Laat de chimichurri minimaal 15 minuten staan.
- 02Stap 2
Maak de barbecue gereed met een hete directe zone en een rustigere indirecte zone.
- 03Stap 3
Grill de biefstuk boven directe hitte rondom stevig aan voor een donkere korst zonder te verbranden.
- 04Stap 4
Verplaats de biefstuk zo nodig naar indirecte hitte en gaar tot 54–56 °C voor medium-rare of 58–60 °C voor medium.
- 05Stap 5
Laat 8–10 minuten rusten, losjes afgedekt.
- 06Stap 6
Laat 5–8 minuten rusten en snijd pas daarna aan; serveer als hele portie of in gelijkmatige plakken.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng het vlees vlak voor de bereiding op smaak met zout en zwarte peper. Voor een vollere, kruidige smaak kun je in plaats daarvan Jans Biefstuk Kruidenmix gebruiken. Kies één van beide; zo blijft de kruiding mooi in balans.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Gebruik directe hitte voor een mooie korst. Dikke stukken kun je daarna indirect verder laten garen; dunne steaks of kleine delen blijven vooral boven directe hitte. Controleer de gaarheid in het dikste deel.
- Tip van Jan: Dunne staartstukken zijn eerder klaar dan dikke middendelen; haal ze zo nodig eerder uit de pan.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Fris, kruidig en uitgesproken zonder de biefstuk onder een zware saus te verstoppen.
Ingrediënten
- ca. 700 g biefstuk
- 250 g kastanjechampignons
- 1 sjalot
- 1 el groene peperkorrels
- 150 ml kookroom
- 150 ml fond
- 1 el olie
- 20 g boter
Bereiding
- 01Stap 1
Snijd de champignons in kwarten en bak ze op hoog vuur in een droge pan tot ze kleur krijgen; voeg pas daarna een klein klontje boter toe en houd warm.
- 02Stap 2
Bak de biefstuk in een zeer hete pan rondom bruin en gaar tot 54–56 °C voor medium-rare of 58–60 °C voor medium.
- 03Stap 3
Laat de biefstuk rusten terwijl u de saus maakt.
- 04Stap 4
Fruit sjalot en groene peperkorrels kort in dezelfde pan, voeg fond toe en kook tot ongeveer de helft in.
- 05Stap 5
Voeg room toe en laat rustig binden; proef voordat u extra zout toevoegt.
- 06Stap 6
Snijd de biefstuk en serveer met de paddenstoelen en een kleine lepel pepersaus.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng het vlees vlak voor de bereiding op smaak met zout en zwarte peper. Voor een vollere, kruidige smaak kun je in plaats daarvan Jans Biefstuk Kruidenmix gebruiken. Kies één van beide; zo blijft de kruiding mooi in balans.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Verhit de pan eerst goed en gebruik waar nodig slechts een dun laagje hittebestendig bakvet. Geef het vlees ruimte en bouw een duidelijke korst op zonder voortdurend te schuiven; verlaag daarna de hitte wanneer het stuk nog moet doorgaren.
- Voeg boter en aromaten uit het recept pas na de eerste korstfase toe en lepel het schuimende bakvet kort over het vlees; zo blijven de aromaten frisser en verbranden ze minder snel.
- Tip van Jan: Laat vis in de pan eerst een korst vormen voordat u probeert te keren.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een restaurantklassieker met romige saus en geroosterde paddenstoelen.
Ingrediënten
- ca. 700 g biefstuk
- 2 stronken paksoi
- 2 lente-uien
- 2 el sojasaus
- 1 el rijstazijn
- 1 tl sesamolie
- 1 tl honing
- 1 el neutrale olie
- 1 tl geroosterde sesam
Bereiding
- 01Stap 1
Snijd de biefstuk alleen als het deelstuk dat toelaat in dunne plakken dwars op de draad; laat dikke steaks juist heel en snijd pas na het garen.
- 02Stap 2
Meng sojasaus, rijstazijn, sesamolie en honing tot een snelle jus.
- 03Stap 3
Bak de biefstuk zeer heet en kort zodat het vlees kleurt zonder uit te drogen; gaar verder tot 54–56 °C voor medium-rare of 58–60 °C voor medium.
- 04Stap 4
Roerbak paksoi en lente-ui 2–3 minuten zodat ze fris en knapperig blijven.
- 05Stap 5
Voeg de sojajus kort toe en laat slechts enkele seconden bruisen.
- 06Stap 6
Serveer de biefstuk met paksoi en bestrooi met sesam.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng naturel vlees op smaak met zout en zwarte peper, óf gebruik Jans Biefstuk Kruidenmix als smaakvol alternatief. Kies één van beide en voorkom dubbele kruiding.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Verhit de pan eerst goed en gebruik waar nodig slechts een dun laagje hittebestendig bakvet. Geef het vlees ruimte en bouw een duidelijke korst op zonder voortdurend te schuiven; verlaag daarna de hitte wanneer het stuk nog moet doorgaren.
- Tip van Jan: Dunne staartstukken zijn eerder klaar dan dikke middendelen; haal ze zo nodig eerder uit de pan.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een moderne, lichtere bereiding met veel umami en korte garing.

BEEF HAMMER LIMOUSIN
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- ca. 1 kg beef hammer
- 2 uien
- 3 tenen knoflook
- 20 g gember
- 2 tl gemalen koriander
- 1 tl komijn
- 3 el ketjap manis
- 400 ml kokosmelk
- 1 stengel citroengras
Bereiding
- 01Stap 1
Bak de ui rustig goudbruin in een beetje olie.
- 02Stap 2
Voeg knoflook, gember, koriander en komijn toe en bak kort tot het geurt.
- 03Stap 3
Voeg de beef hammer toe en bak rondom aan; werk in porties als de pan te vol wordt.
- 04Stap 4
Roer ketjap erdoor, voeg kokosmelk en gekneusd citroengras toe en breng tegen de kook aan.
- 05Stap 5
Laat 2,5–3 uur heel zacht stoven zonder hard te koken.
- 06Stap 6
Neem het deksel het laatste halfuur weg zodat de saus geconcentreerd en romig wordt; verwijder citroengras voor serveren.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng naturel vlees vlak voor de bereiding gelijkmatig op smaak met zout. Volg een langere zout- of dry-brinefase alleen wanneer het recept dat bewust voorschrijft.
- Braad de vleesstukken waar het recept dat toelaat in porties aan voor kleur en smaak. Laat ze daarna rustig stoven: zacht pruttelen, niet hard doorkoken, en gebruik malsheid als eindcontrole in plaats van alleen een vaste tijd.
- Tip van Jan: Meet in het dikste deel en niet tegen bot, vetlaag of pan. Zo stuurt u op garing in plaats van op minuten.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een warme specerijenrichting die echt verschilt van Europese stoofgerechten.
Ingrediënten
- ca. 1 kg beef hammer
- 2 uien
- 2 wortels
- 400 g tomatenblokjes
- 120 g groene olijven
- 1 sinaasappel
- 300 ml bouillon
- 1 tl venkelzaad
- 2 el olijfolie
Bereiding
- 01Stap 1
Bak de beef hammer in een braadpan rondom bruin en neem uit de pan.
- 02Stap 2
Bak ui en wortel 5 minuten zacht, voeg venkelzaad toe en laat kort geuren.
- 03Stap 3
Voeg tomaat, bouillon, een brede reep sinaasappelschil en het vlees toe.
- 04Stap 4
Dek af en gaar 2,5–3 uur in een oven van 150 °C tot het vlees zeer mals is.
- 05Stap 5
Voeg olijven de laatste 20 minuten toe en verwijder de sinaasappelschil.
- 06Stap 6
Laat de saus zonder deksel zo nodig iets inkoken en serveer met polenta of aardappelpuree.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng naturel vlees vlak voor de bereiding gelijkmatig op smaak met zout. Volg een langere zout- of dry-brinefase alleen wanneer het recept dat bewust voorschrijft.
- Braad de vleesstukken waar het recept dat toelaat in porties aan voor kleur en smaak. Laat ze daarna rustig stoven: zacht pruttelen, niet hard doorkoken, en gebruik malsheid als eindcontrole in plaats van alleen een vaste tijd.
- Tip van Jan: Kies eerst de juiste techniek voor het product en pas daarna kruiden en saus aan. Een goed stuk vlees heeft meestal minder nodig dan u denkt.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Mediterrane stoof met frisse citrus en zilte olijf als tegenhanger voor rijk vlees.
Ingrediënten
- ca. 1 kg beef hammer
- 3 uien
- 330 ml donker bier
- 400 ml bouillon
- 2 el bloem
- 1 el mosterd
- 2 laurierblaadjes
- 30 g boter
Bereiding
- 01Stap 1
Snijd de beef hammer in gelijkmatige stukken als dat nog niet is gebeurd. Is het oppervlak zichtbaar nat, dep alleen dat vocht weg zodat het vlees kan bruinen.
- 02Stap 2
Bak het vlees in porties stevig bruin in boter; leg elke portie apart.
- 03Stap 3
Bak de ui rustig goudbruin, bestuif met bloem en laat 1 minuut meegaren.
- 04Stap 4
Blus met bier en bouillon en roer alle aanbaksels los. Voeg mosterd en laurier toe.
- 05Stap 5
Doe het vlees terug en laat 2,5–3 uur zeer zacht stoven tot het lepelmals is; laat de saus het laatste halfuur zo nodig zonder deksel inkoken.
- 06Stap 6
Proef pas op het einde op zout en serveer met aardappelpuree of friet.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Gebruik het zout uit het recept doelgericht op het vlees en verdeel het gelijkmatig. Voeg geen extra zout toe buiten de receptuur zonder eerst de totale kruiding te beoordelen.
- Braad de vleesstukken waar het recept dat toelaat in porties aan voor kleur en smaak. Laat ze daarna rustig stoven: zacht pruttelen, niet hard doorkoken, en gebruik malsheid als eindcontrole in plaats van alleen een vaste tijd.
- Tip van Jan: Snijd vlees zo laat mogelijk. Zo blijft het warmer en verliest het minder vocht.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Diepe, klassieke stoofsmaak door bruinen, reduceren en langzame garing.

Biefstuklapjes gemarineerd vers
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- 500 g biefstuk
- 250 g eiernoedels
- 300 g broccoli
- 20 g verse gember
- 2 tenen knoflook
- 2 el sojasaus
- 1 el rijstazijn
- 1 tl sesamolie
- 1 el neutrale olie
Bereiding
- 01Stap 1
Het product is al gekruid of gemarineerd; voeg geen extra rub of marinade toe.
- 02Stap 2
Kook de noedels kort en spoel ze af; blancheer de broccoli 2 minuten en laat goed uitlekken.
- 03Stap 3
Bak het vlees op hoog vuur in porties en houd apart.
- 04Stap 4
Roerbak gember en knoflook 20 seconden, voeg broccoli toe en laat licht kleuren.
- 05Stap 5
Voeg noedels, sojasaus, rijstazijn en sesamolie toe en schep op hoog vuur om.
- 06Stap 6
Voeg het vlees pas op het einde terug zodat het sappig blijft en serveer meteen.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Laat de aanwezige marinade of kruiding op het product zitten en volg die smaak als uitgangspunt. Dep een gemarineerd product niet droog alsof het naturel vlees is.
- Dit product is al gekruid of gemarineerd. Voeg geen tweede rub, marinade of automatische extra zoutlaag toe; zo blijft de bedoelde smaak in balans.
- Verhit de pan eerst goed en gebruik waar nodig slechts een dun laagje hittebestendig bakvet. Geef het vlees ruimte en bouw een duidelijke korst op zonder voortdurend te schuiven; verlaag daarna de hitte wanneer het stuk nog moet doorgaren.
- Voeg boter en aromaten uit het recept pas na de eerste korstfase toe en lepel het schuimende bakvet kort over het vlees; zo blijven de aromaten frisser en verbranden ze minder snel.
- Tip van Jan: Vis koelt een pan snel af. Bak porties met ruimte ertussen voor kleur in plaats van stoom.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een complete doordeweekse wokmaaltijd met heldere smaken en korte garing.
Ingrediënten
- 500 g biefstuk
- 4 flatbreads
- 2 rode paprika's
- 150 g Griekse yoghurt
- 1 kleine komkommer
- 1 teen knoflook
- 1 el citroensap
- 1 el olie
- verse munt
Bereiding
- 01Stap 1
Rooster de paprika's onder de grill of in een hete pan tot ze zacht en donker aan de rand zijn; snijd in repen.
- 02Stap 2
Het product is al gekruid of gemarineerd; voeg geen extra rub of marinade toe.
- 03Stap 3
Meng yoghurt met geraspte komkommer, knoflook, citroensap en munt.
- 04Stap 4
Bak het vlees in een ruime, hete pan in kleine porties zodat het kleurt in plaats van kookt.
- 05Stap 5
Verwarm de flatbreads kort in een droge pan.
- 06Stap 6
Beleg met paprika, vlees en yoghurtsaus en serveer direct.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Laat de aanwezige marinade of kruiding op het product zitten en volg die smaak als uitgangspunt. Dep een gemarineerd product niet droog alsof het naturel vlees is.
- Dit product is al gekruid of gemarineerd. Voeg geen tweede rub, marinade of automatische extra zoutlaag toe; zo blijft de bedoelde smaak in balans.
- Verhit de pan eerst goed en gebruik waar nodig slechts een dun laagje hittebestendig bakvet. Geef het vlees ruimte en bouw een duidelijke korst op zonder voortdurend te schuiven; verlaag daarna de hitte wanneer het stuk nog moet doorgaren.
- Voeg boter en aromaten uit het recept pas na de eerste korstfase toe en lepel het schuimende bakvet kort over het vlees; zo blijven de aromaten frisser en verbranden ze minder snel.
- Tip van Jan: Vis koelt een pan snel af. Bak porties met ruimte ertussen voor kleur in plaats van stoom.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een broodmaaltijd met contrast tussen heet vlees, geroosterde groente en frisse saus.
Ingrediënten
- 500 g biefstuk
- 300 g gekookte en afgekoelde rijst
- 2 eieren
- 2 stronken paksoi
- 3 bosuien
- 2 el sojasaus
- 1 tl sambal
- 1 el neutrale olie
- 1 tl sesamolie
Bereiding
- 01Stap 1
Het product is al gekruid of gemarineerd; voeg geen extra rub of marinade toe.
- 02Stap 2
Klop de eieren los en bak ze in de wok tot grove stukjes; schep uit de wok.
- 03Stap 3
Bak het vlees zeer heet in porties en houd apart.
- 04Stap 4
Roerbak paksoi en bosui kort, voeg de koude rijst toe en bak tot de korrels los en heet zijn.
- 05Stap 5
Voeg soja, sambal en sesamolie toe en schep ei en vlees terug.
- 06Stap 6
Bak nog 1 minuut op hoog vuur en serveer.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Laat de aanwezige marinade of kruiding op het product zitten en volg die smaak als uitgangspunt. Dep een gemarineerd product niet droog alsof het naturel vlees is.
- Dit product is al gekruid of gemarineerd. Voeg geen tweede rub, marinade of automatische extra zoutlaag toe; zo blijft de bedoelde smaak in balans.
- Verhit de pan eerst goed en gebruik waar nodig slechts een dun laagje hittebestendig bakvet. Geef het vlees ruimte en bouw een duidelijke korst op zonder voortdurend te schuiven; verlaag daarna de hitte wanneer het stuk nog moet doorgaren.
- Tip van Jan: Vis koelt een pan snel af. Bak porties met ruimte ertussen voor kleur in plaats van stoom.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Gebakken rijst werkt juist goed met kleine vleesdelen en benut hoge wokhitte.

Biefstukspies 5 stuks vers
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- 8 biefstuk
- 200 ml pindasaus
- 1 komkommer
- 2 el rijstazijn
- 1 tl suiker
- 2 bosuien
- 30 g gebakken uitjes
- 300 g rijst
Bereiding
- 01Stap 1
Kook de rijst en houd warm.
- 02Stap 2
Snijd de komkommer dun en meng met rijstazijn en suiker; laat 15 minuten staan.
- 03Stap 3
Maak de barbecue gereed voor middelhoge directe hitte.
- 04Stap 4
Grill de biefstuk rondom tot goed gekleurd en 54–56 °C voor medium-rare of 58–60 °C voor medium. Gaar tot 54–56 °C voor medium-rare of 58–60 °C voor medium en voorkom uitdrogen.
- 05Stap 5
Verwarm de pindasaus rustig zonder hard te koken.
- 06Stap 6
Serveer de spiesen met rijst, komkommer, pindasaus, bosui en gebakken uitjes.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng naturel vlees op smaak met zout en zwarte peper, óf gebruik Jans Biefstuk Kruidenmix als smaakvol alternatief. Kies één van beide en voorkom dubbele kruiding.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Gebruik directe hitte voor een mooie korst. Dikke stukken kun je daarna indirect verder laten garen; dunne steaks of kleine delen blijven vooral boven directe hitte. Controleer de gaarheid in het dikste deel.
- Tip van Jan: Een perfect gebakken steak koelt snel af. Een voorverwarmd bord houdt het resultaat langer op temperatuur.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een complete saté-achtige maaltijd waarin de spies echt de hoofdrol houdt.
Ingrediënten
- 8 biefstuk
- 4 flatbreads
- 2 rode paprika's
- 1 rode ui
- 150 g Griekse yoghurt
- 1 teen knoflook
- 1 el citroensap
- 1 bosje peterselie
Bereiding
- 01Stap 1
Rooster paprika en ui op grill of in een hete pan tot ze zacht en donker aan de rand zijn.
- 02Stap 2
Meng yoghurt met knoflook, citroensap en peterselie.
- 03Stap 3
Grill de biefstuk gelijkmatig en draai geregeld. Gaar tot 54–56 °C voor medium-rare of 58–60 °C voor medium en voorkom uitdrogen.
- 04Stap 4
Verwarm de flatbreads kort op de grill.
- 05Stap 5
Snijd de geroosterde groente in repen.
- 06Stap 6
Serveer de spiesen met flatbread, groente en knoflookyoghurt.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng naturel vlees op smaak met zout en zwarte peper, óf gebruik Jans Biefstuk Kruidenmix als smaakvol alternatief. Kies één van beide en voorkom dubbele kruiding.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Gebruik directe hitte voor een mooie korst. Dikke stukken kun je daarna indirect verder laten garen; dunne steaks of kleine delen blijven vooral boven directe hitte. Controleer de gaarheid in het dikste deel.
- Tip van Jan: Een steak hoeft niet per se maar één keer te worden gedraaid. Regelmatig draaien kan een gelijkmatigere garing geven.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een frisse, mediterrane spiesmaaltijd met warm brood.
Ingrediënten
- 8 biefstuk
- 250 g noedels
- 2 stronken paksoi
- 3 bosuien
- 1 limoen
- 2 el sojasaus
- 1 tl sesamolie
- 1 el sesam
Bereiding
- 01Stap 1
Kook de noedels en spoel kort af.
- 02Stap 2
Roerbak paksoi en bosui op hoog vuur zodat ze knapperig blijven.
- 03Stap 3
Grill of bak de biefstuk tot mooi gekleurd en 54–56 °C voor medium-rare of 58–60 °C voor medium. Gaar tot 54–56 °C voor medium-rare of 58–60 °C voor medium en voorkom uitdrogen.
- 04Stap 4
Meng limoensap, sojasaus en sesamolie tot dressing.
- 05Stap 5
Schep noedels en paksoi door de dressing.
- 06Stap 6
Serveer de spiesen erop en bestrooi met sesam.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng naturel vlees op smaak met zout en zwarte peper, óf gebruik Jans Biefstuk Kruidenmix als smaakvol alternatief. Kies één van beide en voorkom dubbele kruiding.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Gebruik directe hitte voor een mooie korst. Dikke stukken kun je daarna indirect verder laten garen; dunne steaks of kleine delen blijven vooral boven directe hitte. Controleer de gaarheid in het dikste deel.
- Tip van Jan: Geef de pan tijd om voor te verwarmen voordat het vlees erin gaat. Zo voorkomt u grijs stoven in eigen vocht.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een lichte Aziatische toepassing met frisse dressing en korte groentegaring.

Biefstukspies per 10 vers
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- 8 biefstuk
- 200 ml pindasaus
- 1 komkommer
- 2 el rijstazijn
- 1 tl suiker
- 2 bosuien
- 30 g gebakken uitjes
- 300 g rijst
Bereiding
- 01Stap 1
Kook de rijst en houd warm.
- 02Stap 2
Snijd de komkommer dun en meng met rijstazijn en suiker; laat 15 minuten staan.
- 03Stap 3
Maak de barbecue gereed voor middelhoge directe hitte.
- 04Stap 4
Grill de biefstuk rondom tot goed gekleurd en 54–56 °C voor medium-rare of 58–60 °C voor medium. Gaar tot 54–56 °C voor medium-rare of 58–60 °C voor medium en voorkom uitdrogen.
- 05Stap 5
Verwarm de pindasaus rustig zonder hard te koken.
- 06Stap 6
Serveer de spiesen met rijst, komkommer, pindasaus, bosui en gebakken uitjes.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Laat de aanwezige marinade of kruiding op het product zitten en volg die smaak als uitgangspunt. Dep een gemarineerd product niet droog alsof het naturel vlees is.
- Dit is daadwerkelijk een gespiesd product: houd de stukken compact op de spies en keer de spies tijdens het garen zodat alle zijden gelijkmatig hitte krijgen.
- Dit product heeft al een eigen kruiding of smaakopbouw. Voeg daarom niet automatisch extra rub, marinade of kruidenmix toe.
- Gaar saté boven directe, beheersbare hitte en keer regelmatig. Laat een zoete marinade niet verbranden en controleer het dikste stukje vlees voordat je serveert.
- Tip van Jan: Haal vis tijdig van de hitte; restwarmte kan de kern nog enkele graden laten stijgen.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een complete saté-achtige maaltijd waarin de spies echt de hoofdrol houdt.
Ingrediënten
- 8 biefstuk
- 4 flatbreads
- 2 rode paprika's
- 1 rode ui
- 150 g Griekse yoghurt
- 1 teen knoflook
- 1 el citroensap
- 1 bosje peterselie
Bereiding
- 01Stap 1
Rooster paprika en ui op grill of in een hete pan tot ze zacht en donker aan de rand zijn.
- 02Stap 2
Meng yoghurt met knoflook, citroensap en peterselie.
- 03Stap 3
Grill de biefstuk gelijkmatig en draai geregeld. Gaar tot 54–56 °C voor medium-rare of 58–60 °C voor medium en voorkom uitdrogen.
- 04Stap 4
Verwarm de flatbreads kort op de grill.
- 05Stap 5
Snijd de geroosterde groente in repen.
- 06Stap 6
Serveer de spiesen met flatbread, groente en knoflookyoghurt.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Laat de aanwezige marinade of kruiding op het product zitten en volg die smaak als uitgangspunt. Dep een gemarineerd product niet droog alsof het naturel vlees is.
- Dit is daadwerkelijk een gespiesd product: houd de stukken compact op de spies en keer de spies tijdens het garen zodat alle zijden gelijkmatig hitte krijgen.
- Dit product heeft al een eigen kruiding of smaakopbouw. Voeg daarom niet automatisch extra rub, marinade of kruidenmix toe.
- Gaar saté boven directe, beheersbare hitte en keer regelmatig. Laat een zoete marinade niet verbranden en controleer het dikste stukje vlees voordat je serveert.
- Tip van Jan: Dunne staartstukken zijn eerder klaar dan dikke middendelen; haal ze zo nodig eerder uit de pan.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een frisse, mediterrane spiesmaaltijd met warm brood.
Ingrediënten
- 8 biefstuk
- 250 g noedels
- 2 stronken paksoi
- 3 bosuien
- 1 limoen
- 2 el sojasaus
- 1 tl sesamolie
- 1 el sesam
Bereiding
- 01Stap 1
Kook de noedels en spoel kort af.
- 02Stap 2
Roerbak paksoi en bosui op hoog vuur zodat ze knapperig blijven.
- 03Stap 3
Grill of bak de biefstuk tot mooi gekleurd en 54–56 °C voor medium-rare of 58–60 °C voor medium. Gaar tot 54–56 °C voor medium-rare of 58–60 °C voor medium en voorkom uitdrogen.
- 04Stap 4
Meng limoensap, sojasaus en sesamolie tot dressing.
- 05Stap 5
Schep noedels en paksoi door de dressing.
- 06Stap 6
Serveer de spiesen erop en bestrooi met sesam.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Laat de aanwezige marinade of kruiding op het product zitten en volg die smaak als uitgangspunt. Dep een gemarineerd product niet droog alsof het naturel vlees is.
- Dit is daadwerkelijk een gespiesd product: houd de stukken compact op de spies en keer de spies tijdens het garen zodat alle zijden gelijkmatig hitte krijgen.
- Dit product heeft al een eigen kruiding of smaakopbouw. Voeg daarom niet automatisch extra rub, marinade of kruidenmix toe.
- Gaar saté boven directe, beheersbare hitte en keer regelmatig. Laat een zoete marinade niet verbranden en controleer het dikste stukje vlees voordat je serveert.
- Tip van Jan: Wilt u krokante huid behouden, schep saus op het bord en leg de vis erop.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een lichte Aziatische toepassing met frisse dressing en korte groentegaring.

Biefstukspies per 2 vers
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- 8 biefstuk
- 200 ml pindasaus
- 1 komkommer
- 2 el rijstazijn
- 1 tl suiker
- 2 bosuien
- 30 g gebakken uitjes
- 300 g rijst
Bereiding
- 01Stap 1
Kook de rijst en houd warm.
- 02Stap 2
Snijd de komkommer dun en meng met rijstazijn en suiker; laat 15 minuten staan.
- 03Stap 3
Maak de barbecue gereed voor middelhoge directe hitte.
- 04Stap 4
Grill de biefstuk rondom tot goed gekleurd en 54–56 °C voor medium-rare of 58–60 °C voor medium. Gaar tot 54–56 °C voor medium-rare of 58–60 °C voor medium en voorkom uitdrogen.
- 05Stap 5
Verwarm de pindasaus rustig zonder hard te koken.
- 06Stap 6
Serveer de spiesen met rijst, komkommer, pindasaus, bosui en gebakken uitjes.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng naturel vlees op smaak met zout en zwarte peper, óf gebruik Jans Biefstuk Kruidenmix als smaakvol alternatief. Kies één van beide en voorkom dubbele kruiding.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Gebruik directe hitte voor een mooie korst. Dikke stukken kun je daarna indirect verder laten garen; dunne steaks of kleine delen blijven vooral boven directe hitte. Controleer de gaarheid in het dikste deel.
- Tip van Jan: Haal vis tijdig van de hitte; restwarmte kan de kern nog enkele graden laten stijgen.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een complete saté-achtige maaltijd waarin de spies echt de hoofdrol houdt.
Ingrediënten
- 8 biefstuk
- 4 flatbreads
- 2 rode paprika's
- 1 rode ui
- 150 g Griekse yoghurt
- 1 teen knoflook
- 1 el citroensap
- 1 bosje peterselie
Bereiding
- 01Stap 1
Rooster paprika en ui op grill of in een hete pan tot ze zacht en donker aan de rand zijn.
- 02Stap 2
Meng yoghurt met knoflook, citroensap en peterselie.
- 03Stap 3
Grill de biefstuk gelijkmatig en draai geregeld. Gaar tot 54–56 °C voor medium-rare of 58–60 °C voor medium en voorkom uitdrogen.
- 04Stap 4
Verwarm de flatbreads kort op de grill.
- 05Stap 5
Snijd de geroosterde groente in repen.
- 06Stap 6
Serveer de spiesen met flatbread, groente en knoflookyoghurt.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng naturel vlees op smaak met zout en zwarte peper, óf gebruik Jans Biefstuk Kruidenmix als smaakvol alternatief. Kies één van beide en voorkom dubbele kruiding.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Gebruik directe hitte voor een mooie korst. Dikke stukken kun je daarna indirect verder laten garen; dunne steaks of kleine delen blijven vooral boven directe hitte. Controleer de gaarheid in het dikste deel.
- Tip van Jan: Dunne staartstukken zijn eerder klaar dan dikke middendelen; haal ze zo nodig eerder uit de pan.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een frisse, mediterrane spiesmaaltijd met warm brood.
Ingrediënten
- 8 biefstuk
- 250 g noedels
- 2 stronken paksoi
- 3 bosuien
- 1 limoen
- 2 el sojasaus
- 1 tl sesamolie
- 1 el sesam
Bereiding
- 01Stap 1
Kook de noedels en spoel kort af.
- 02Stap 2
Roerbak paksoi en bosui op hoog vuur zodat ze knapperig blijven.
- 03Stap 3
Grill of bak de biefstuk tot mooi gekleurd en 54–56 °C voor medium-rare of 58–60 °C voor medium. Gaar tot 54–56 °C voor medium-rare of 58–60 °C voor medium en voorkom uitdrogen.
- 04Stap 4
Meng limoensap, sojasaus en sesamolie tot dressing.
- 05Stap 5
Schep noedels en paksoi door de dressing.
- 06Stap 6
Serveer de spiesen erop en bestrooi met sesam.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng naturel vlees op smaak met zout en zwarte peper, óf gebruik Jans Biefstuk Kruidenmix als smaakvol alternatief. Kies één van beide en voorkom dubbele kruiding.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Gebruik directe hitte voor een mooie korst. Dikke stukken kun je daarna indirect verder laten garen; dunne steaks of kleine delen blijven vooral boven directe hitte. Controleer de gaarheid in het dikste deel.
- Tip van Jan: Wilt u krokante huid behouden, schep saus op het bord en leg de vis erop.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een lichte Aziatische toepassing met frisse dressing en korte groentegaring.

Brisket Angus whole packer
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- ca. 1 kg brisket
- 2 uien
- 2 wortels
- 400 g tomatenblokjes
- 120 g groene olijven
- 1 sinaasappel
- 300 ml bouillon
- 1 tl venkelzaad
- 2 el olijfolie
Bereiding
- 01Stap 1
Bak de brisket in een braadpan rondom bruin en neem uit de pan.
- 02Stap 2
Bak ui en wortel 5 minuten zacht, voeg venkelzaad toe en laat kort geuren.
- 03Stap 3
Voeg tomaat, bouillon, een brede reep sinaasappelschil en het vlees toe.
- 04Stap 4
Dek af en gaar 2,5–3 uur in een oven van 150 °C tot het vlees zeer mals is.
- 05Stap 5
Voeg olijven de laatste 20 minuten toe en verwijder de sinaasappelschil.
- 06Stap 6
Laat de saus zonder deksel zo nodig iets inkoken en serveer met polenta of aardappelpuree.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng naturel vlees vlak voor de bereiding gelijkmatig op smaak met zout. Volg een langere zout- of dry-brinefase alleen wanneer het recept dat bewust voorschrijft.
- Braad de vleesstukken waar het recept dat toelaat in porties aan voor kleur en smaak. Laat ze daarna rustig stoven: zacht pruttelen, niet hard doorkoken, en gebruik malsheid als eindcontrole in plaats van alleen een vaste tijd.
- Tip van Jan: Kies eerst de juiste techniek voor het product en pas daarna kruiden en saus aan. Een goed stuk vlees heeft meestal minder nodig dan u denkt.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Mediterrane stoof met frisse citrus en zilte olijf als tegenhanger voor rijk vlees.
Ingrediënten
- ca. 1 kg brisket
- 3 uien
- 330 ml donker bier
- 400 ml bouillon
- 2 el bloem
- 1 el mosterd
- 2 laurierblaadjes
- 30 g boter
Bereiding
- 01Stap 1
Snijd de brisket in gelijkmatige stukken als dat nog niet is gebeurd. Is het oppervlak zichtbaar nat, dep alleen dat vocht weg zodat het vlees kan bruinen.
- 02Stap 2
Bak het vlees in porties stevig bruin in boter; leg elke portie apart.
- 03Stap 3
Bak de ui rustig goudbruin, bestuif met bloem en laat 1 minuut meegaren.
- 04Stap 4
Blus met bier en bouillon en roer alle aanbaksels los. Voeg mosterd en laurier toe.
- 05Stap 5
Doe het vlees terug en laat 2,5–3 uur zeer zacht stoven tot het lepelmals is; laat de saus het laatste halfuur zo nodig zonder deksel inkoken.
- 06Stap 6
Proef pas op het einde op zout en serveer met aardappelpuree of friet.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Gebruik het zout uit het recept doelgericht op het vlees en verdeel het gelijkmatig. Voeg geen extra zout toe buiten de receptuur zonder eerst de totale kruiding te beoordelen.
- Braad de vleesstukken waar het recept dat toelaat in porties aan voor kleur en smaak. Laat ze daarna rustig stoven: zacht pruttelen, niet hard doorkoken, en gebruik malsheid als eindcontrole in plaats van alleen een vaste tijd.
- Tip van Jan: Snijd vlees zo laat mogelijk. Zo blijft het warmer en verliest het minder vocht.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Diepe, klassieke stoofsmaak door bruinen, reduceren en langzame garing.
Ingrediënten
- ca. 1 kg brisket
- 150 g spekblokjes
- 2 wortels
- 2 uien
- 250 g champignons
- 500 ml rode wijn
- 400 ml bouillon
- 1 el tomatenpuree
- 2 laurierblaadjes
Bereiding
- 01Stap 1
Bak de spekblokjes uit en schep ze uit de pan.
- 02Stap 2
Bak de brisket in porties rondom donkerbruin en neem uit de pan.
- 03Stap 3
Bak ui en wortel, voeg tomatenpuree toe en bak 1 minuut mee.
- 04Stap 4
Blus met rode wijn en bouillon, voeg laurier toe en doe het vlees terug. Laat circa 3 uur zeer zacht stoven.
- 05Stap 5
Bak de champignons apart bruin en voeg ze met het spek pas in het laatste halfuur toe.
- 06Stap 6
Het gerecht is klaar wanneer het vlees zonder weerstand uit elkaar valt en de saus glanst.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng naturel vlees vlak voor de bereiding gelijkmatig op smaak met zout. Volg een langere zout- of dry-brinefase alleen wanneer het recept dat bewust voorschrijft.
- Braad de vleesstukken waar het recept dat toelaat in porties aan voor kleur en smaak. Laat ze daarna rustig stoven: zacht pruttelen, niet hard doorkoken, en gebruik malsheid als eindcontrole in plaats van alleen een vaste tijd.
- Tip van Jan: Snijd vlees zo laat mogelijk. Zo blijft het warmer en verliest het minder vocht.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een Franse klassieker met gelaagde smaak en paddenstoelen die hun bite behouden.

Chateaubriand vers
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- ca. 700 g chateaubriand
- 250 g kastanjechampignons
- 1 sjalot
- 1 el groene peperkorrels
- 150 ml kookroom
- 150 ml fond
- 1 el olie
- 20 g boter
Bereiding
- 01Stap 1
Snijd de champignons in kwarten en bak ze op hoog vuur in een droge pan tot ze kleur krijgen; voeg pas daarna een klein klontje boter toe en houd warm.
- 02Stap 2
Bak de chateaubriand in een zeer hete pan rondom bruin en gaar tot 54–56 °C voor medium-rare of 58–60 °C voor medium.
- 03Stap 3
Laat de chateaubriand rusten terwijl u de saus maakt.
- 04Stap 4
Fruit sjalot en groene peperkorrels kort in dezelfde pan, voeg fond toe en kook tot ongeveer de helft in.
- 05Stap 5
Voeg room toe en laat rustig binden; proef voordat u extra zout toevoegt.
- 06Stap 6
Snijd de chateaubriand en serveer met de paddenstoelen en een kleine lepel pepersaus.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng het vlees vlak voor de bereiding op smaak met zout en zwarte peper. Voor een vollere, kruidige smaak kun je in plaats daarvan Jans Biefstuk Kruidenmix gebruiken. Kies één van beide; zo blijft de kruiding mooi in balans.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Verhit de pan eerst goed en gebruik waar nodig slechts een dun laagje hittebestendig bakvet. Geef het vlees ruimte en bouw een duidelijke korst op zonder voortdurend te schuiven; verlaag daarna de hitte wanneer het stuk nog moet doorgaren.
- Voeg boter en aromaten uit het recept pas na de eerste korstfase toe en lepel het schuimende bakvet kort over het vlees; zo blijven de aromaten frisser en verbranden ze minder snel.
- Tip van Jan: Een droge buitenkant en voldoende hete pan of grill geven sneller een mooie korst; suikerhoudende marinades pas later op hoge hitte.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Kerntemperatuur & eindcontrole
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een restaurantklassieker met romige saus en geroosterde paddenstoelen.
Ingrediënten
- ca. 700 g chateaubriand
- 2 stronken paksoi
- 2 lente-uien
- 2 el sojasaus
- 1 el rijstazijn
- 1 tl sesamolie
- 1 tl honing
- 1 el neutrale olie
- 1 tl geroosterde sesam
Bereiding
- 01Stap 1
Snijd de chateaubriand alleen als het deelstuk dat toelaat in dunne plakken dwars op de draad; laat dikke steaks juist heel en snijd pas na het garen.
- 02Stap 2
Meng sojasaus, rijstazijn, sesamolie en honing tot een snelle jus.
- 03Stap 3
Bak de chateaubriand zeer heet en kort zodat het vlees kleurt zonder uit te drogen; gaar verder tot 54–56 °C voor medium-rare of 58–60 °C voor medium.
- 04Stap 4
Roerbak paksoi en lente-ui 2–3 minuten zodat ze fris en knapperig blijven.
- 05Stap 5
Voeg de sojajus kort toe en laat slechts enkele seconden bruisen.
- 06Stap 6
Serveer de chateaubriand met paksoi en bestrooi met sesam.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng naturel vlees op smaak met zout en zwarte peper, óf gebruik Jans Biefstuk Kruidenmix als smaakvol alternatief. Kies één van beide en voorkom dubbele kruiding.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Verhit de pan eerst goed en gebruik waar nodig slechts een dun laagje hittebestendig bakvet. Geef het vlees ruimte en bouw een duidelijke korst op zonder voortdurend te schuiven; verlaag daarna de hitte wanneer het stuk nog moet doorgaren.
- Tip van Jan: Een droge buitenkant en voldoende hete pan of grill geven sneller een mooie korst; suikerhoudende marinades pas later op hoge hitte.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Kerntemperatuur & eindcontrole
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een moderne, lichtere bereiding met veel umami en korte garing.
Ingrediënten
- ca. 700 g chateaubriand
- 300 g cherrytomaten
- 1 bos peterselie
- 2 el kappertjes
- 1 el Dijonmosterd
- 2 el wittewijnazijn
- 70 ml olijfolie
- 1 teen knoflook
Bereiding
- 01Stap 1
Rooster de tomaten 15 minuten op 200 °C tot ze openbarsten.
- 02Stap 2
Hak peterselie, kappertjes en knoflook en meng met mosterd, azijn en olijfolie tot salsa verde.
- 03Stap 3
Grill de chateaubriand op hoge hitte voor duidelijke grillstrepen en kleur.
- 04Stap 4
Gaar verder tot 54–56 °C voor medium-rare of 58–60 °C voor medium. Laat 5–8 minuten rusten.
- 05Stap 5
Laat 5–8 minuten rusten en snijd pas daarna aan; serveer als hele portie of in gelijkmatige plakken.
- 06Stap 6
Serveer met geroosterde tomaat en salsa verde aan tafel.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng naturel vlees op smaak met zout en zwarte peper, óf gebruik Jans Biefstuk Kruidenmix als smaakvol alternatief. Kies één van beide en voorkom dubbele kruiding.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Gebruik directe hitte voor een mooie korst. Dikke stukken kun je daarna indirect verder laten garen; dunne steaks of kleine delen blijven vooral boven directe hitte. Controleer de gaarheid in het dikste deel.
- Tip van Jan: Een droge buitenkant en voldoende hete pan of grill geven sneller een mooie korst; suikerhoudende marinades pas later op hoge hitte.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Kerntemperatuur & eindcontrole
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Fris en hartig; de salsa wordt na het garen toegevoegd en blijft daardoor levendig.

Cote de boeuf - Rib roast
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- ca. 1,2 kg côte de boeuf
- 600 g wortels
- 4 sjalotten
- 250 ml bouillon
- 100 ml rode wijn
- 2 el olie
- 30 g boter
- peper en zout
Bereiding
- 01Stap 1
Verwarm de oven voor op 180 °C en rooster de wortels met een beetje olie.
- 02Stap 2
Bak de côte de boeuf rondom aan in een braadpan; leg daarna in een ovenschaal.
- 03Stap 3
Gaar in de oven tot 54–56 °C voor medium-rare of 58–60 °C voor medium; gebruik tijd alleen als richtlijn.
- 04Stap 4
Laat het vlees 15 minuten rusten voordat u snijdt.
- 05Stap 5
Fruit sjalotten in de braadpan, blus met wijn en bouillon en kook tot jusdikte in.
- 06Stap 6
Monteer met boter en serveer met de geroosterde wortel.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Gebruik het zout uit het recept doelgericht op het vlees en verdeel het gelijkmatig. Voeg geen extra zout toe buiten de receptuur zonder eerst de totale kruiding te beoordelen.
- Gebruik de oven voor beheerst doorgaren. Wanneer het recept eerst een korst vraagt, schroei het vlees vooraf kort aan; bepaal het eindpunt op kern en niet uitsluitend op oventijd.
- Tip van Jan: Kleur het vlees direct en gaar een dik bone-in stuk daarna rustiger indirect verder.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een klassieke braadbereiding met kerntemperatuur als leidende controle.
Ingrediënten
- ca. 1,2 kg côte de boeuf
- 1 bos peterselie
- 2 el kappertjes
- 1 teen knoflook
- 1 el Dijonmosterd
- 2 el wittewijnazijn
- 70 ml olijfolie
Bereiding
- 01Stap 1
Maak de barbecue gereed met een indirecte zone rond 160–180 °C.
- 02Stap 2
Hak peterselie, kappertjes en knoflook en meng met mosterd, azijn en olijfolie.
- 03Stap 3
Gaar de côte de boeuf indirect met gesloten deksel tot 54–56 °C voor medium-rare of 58–60 °C voor medium bijna is bereikt.
- 04Stap 4
Geef het vlees daarna kort kleur boven directe hitte.
- 05Stap 5
Laat 15 minuten rusten.
- 06Stap 6
Laat 10–15 minuten rusten en snijd daarna in gelijkmatige plakken.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng naturel vlees vlak voor de bereiding gelijkmatig op smaak met zout. Volg een langere zout- of dry-brinefase alleen wanneer het recept dat bewust voorschrijft.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Gebruik directe hitte voor een mooie korst. Dikke stukken kun je daarna indirect verder laten garen; dunne steaks of kleine delen blijven vooral boven directe hitte. Controleer de gaarheid in het dikste deel.
- Tip van Jan: Kleur het vlees direct en gaar een dik bone-in stuk daarna rustiger indirect verder.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Barbecuebereiding met gecontroleerde indirecte hitte en een frisse saus aan tafel.
Ingrediënten
- ca. 1,2 kg côte de boeuf
- 1 knolselderij
- 500 g aardappelen
- 250 g paddenstoelen
- 250 ml bouillon
- 100 ml room
- 30 g boter
- peper en zout
Bereiding
- 01Stap 1
Kook knolselderij en aardappel samen gaar en pureer met room en een deel van de boter.
- 02Stap 2
Bak de paddenstoelen op hoog vuur bruin en houd apart.
- 03Stap 3
Gaar de côte de boeuf in oven of braadpan tot 54–56 °C voor medium-rare of 58–60 °C voor medium en laat daarna rusten.
- 04Stap 4
Deglaceer de braadpan met bouillon en kook in tot een krachtige jus.
- 05Stap 5
Snijd het vlees pas na rust en controleer de snijrichting.
- 06Stap 6
Serveer met puree, paddenstoelen en jus.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Gebruik het zout uit het recept doelgericht op het vlees en verdeel het gelijkmatig. Voeg geen extra zout toe buiten de receptuur zonder eerst de totale kruiding te beoordelen.
- Gebruik de oven voor beheerst doorgaren. Wanneer het recept eerst een korst vraagt, schroei het vlees vooraf kort aan; bepaal het eindpunt op kern en niet uitsluitend op oventijd.
- Tip van Jan: Snijd het vlees na rusten langs het bot los en trancheer daarna dwars op de vezel.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een stevig restaurantbord met aardse smaken en correcte rusttijd.

Côte de boeuf-Rib Roast XXL
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- ca. 1,2 kg côte de boeuf
- 600 g wortels
- 4 sjalotten
- 250 ml bouillon
- 100 ml rode wijn
- 2 el olie
- 30 g boter
- peper en zout
Bereiding
- 01Stap 1
Verwarm de oven voor op 180 °C en rooster de wortels met een beetje olie.
- 02Stap 2
Bak de côte de boeuf rondom aan in een braadpan; leg daarna in een ovenschaal.
- 03Stap 3
Gaar in de oven tot 54–56 °C voor medium-rare of 58–60 °C voor medium; gebruik tijd alleen als richtlijn.
- 04Stap 4
Laat het vlees 15 minuten rusten voordat u snijdt.
- 05Stap 5
Fruit sjalotten in de braadpan, blus met wijn en bouillon en kook tot jusdikte in.
- 06Stap 6
Monteer met boter en serveer met de geroosterde wortel.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Gebruik het zout uit het recept doelgericht op het vlees en verdeel het gelijkmatig. Voeg geen extra zout toe buiten de receptuur zonder eerst de totale kruiding te beoordelen.
- Gebruik de oven voor beheerst doorgaren. Wanneer het recept eerst een korst vraagt, schroei het vlees vooraf kort aan; bepaal het eindpunt op kern en niet uitsluitend op oventijd.
- Tip van Jan: Kleur het vlees direct en gaar een dik bone-in stuk daarna rustiger indirect verder.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Kerntemperatuur & eindcontrole
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een klassieke braadbereiding met kerntemperatuur als leidende controle.
Ingrediënten
- ca. 1,2 kg côte de boeuf
- 1 bos peterselie
- 2 el kappertjes
- 1 teen knoflook
- 1 el Dijonmosterd
- 2 el wittewijnazijn
- 70 ml olijfolie
Bereiding
- 01Stap 1
Maak de barbecue gereed met een indirecte zone rond 160–180 °C.
- 02Stap 2
Hak peterselie, kappertjes en knoflook en meng met mosterd, azijn en olijfolie.
- 03Stap 3
Gaar de côte de boeuf indirect met gesloten deksel tot 54–56 °C voor medium-rare of 58–60 °C voor medium bijna is bereikt.
- 04Stap 4
Geef het vlees daarna kort kleur boven directe hitte.
- 05Stap 5
Laat 15 minuten rusten.
- 06Stap 6
Laat 10–15 minuten rusten en snijd daarna in gelijkmatige plakken.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng naturel vlees vlak voor de bereiding gelijkmatig op smaak met zout. Volg een langere zout- of dry-brinefase alleen wanneer het recept dat bewust voorschrijft.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Gebruik directe hitte voor een mooie korst. Dikke stukken kun je daarna indirect verder laten garen; dunne steaks of kleine delen blijven vooral boven directe hitte. Controleer de gaarheid in het dikste deel.
- Tip van Jan: Kleur het vlees direct en gaar een dik bone-in stuk daarna rustiger indirect verder.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Kerntemperatuur & eindcontrole
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Barbecuebereiding met gecontroleerde indirecte hitte en een frisse saus aan tafel.
Ingrediënten
- ca. 1,2 kg côte de boeuf
- 1 knolselderij
- 500 g aardappelen
- 250 g paddenstoelen
- 250 ml bouillon
- 100 ml room
- 30 g boter
- peper en zout
Bereiding
- 01Stap 1
Kook knolselderij en aardappel samen gaar en pureer met room en een deel van de boter.
- 02Stap 2
Bak de paddenstoelen op hoog vuur bruin en houd apart.
- 03Stap 3
Gaar de côte de boeuf in oven of braadpan tot 54–56 °C voor medium-rare of 58–60 °C voor medium en laat daarna rusten.
- 04Stap 4
Deglaceer de braadpan met bouillon en kook in tot een krachtige jus.
- 05Stap 5
Snijd het vlees pas na rust en controleer de snijrichting.
- 06Stap 6
Serveer met puree, paddenstoelen en jus.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Gebruik het zout uit het recept doelgericht op het vlees en verdeel het gelijkmatig. Voeg geen extra zout toe buiten de receptuur zonder eerst de totale kruiding te beoordelen.
- Gebruik de oven voor beheerst doorgaren. Wanneer het recept eerst een korst vraagt, schroei het vlees vooraf kort aan; bepaal het eindpunt op kern en niet uitsluitend op oventijd.
- Tip van Jan: Snijd het vlees na rusten langs het bot los en trancheer daarna dwars op de vezel.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Kerntemperatuur & eindcontrole
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een stevig restaurantbord met aardse smaken en correcte rusttijd.

ENTRECOTE HOLSTEIN DRY AGED
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- ENTRECOTE HOLSTEIN DRY AGED 500-550 g.
- 2 sjalotten
- 30 g roomboter
- 1 el neutrale olie
- 2 takjes tijm
- zout
- zwarte peper
Bereiding
- 01Stap 1
Dep alleen zichtbaar oppervlaktevocht van de entrecote weg en kruid vlak voor het bakken beheerst met zout en peper.
- 02Stap 2
Verhit een zware pan zeer heet, voeg olie toe en leg het vlees in de pan.
- 03Stap 3
Bak voor een krachtige korst en keer pas wanneer het vlees goed loslaat.
- 04Stap 4
Voeg boter, sjalot en tijm toe en lepel de schuimende boter kort over het vlees.
- 05Stap 5
Meet de kerntemperatuur in het dikste deel van het vlees.
- 06Stap 6
Laat het vlees passend rusten voordat u het aansnijdt; ribeye snijdt u na de rust overdwars in plakken.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng het vlees vlak voor de bereiding op smaak met zout en zwarte peper. Voor een vollere, kruidige smaak kun je in plaats daarvan Jans Biefstuk Kruidenmix gebruiken. Kies één van beide; zo blijft de kruiding mooi in balans.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Verhit de pan eerst goed en gebruik waar nodig slechts een dun laagje hittebestendig bakvet. Geef het vlees ruimte en bouw een duidelijke korst op zonder voortdurend te schuiven; verlaag daarna de hitte wanneer het stuk nog moet doorgaren.
- Voeg boter en aromaten uit het recept pas na de eerste korstfase toe en lepel het schuimende bakvet kort over het vlees; zo blijven de aromaten frisser en verbranden ze minder snel.
- Tip van Jan: Gebruik boter, knoflook of kruiden pas in de laatste fase als de pan iets rustiger is; zo verbranden de melkbestanddelen minder snel.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Sjalotboter ondersteunt de nootachtige rijpingssmaak zonder zware marinade.
Ingrediënten
- ENTRECOTE HOLSTEIN DRY AGED 500-550 g.
- 1 bos peterselie
- 1 el kappertjes
- 1 teen knoflook
- 1 tl mosterd
- 1 el rodewijnazijn
- 3 el olijfolie
- zout
- zwarte peper
Bereiding
- 01Stap 1
Hak peterselie, kappertjes en knoflook en meng met mosterd, azijn en olijfolie tot salsa verde.
- 02Stap 2
Maak de barbecue gereed met een hete directe zone en bij dikke steaks ook een rustigere indirecte zone.
- 03Stap 3
Kruid de entrecote beheerst; gebruik bij een dikke steak eerst de indirecte zone en grill daarna kort boven directe hitte.
- 04Stap 4
Meet de kerntemperatuur in het dikste deel van het vlees.
- 05Stap 5
Laat het vlees rusten zodat de sappen zich verdelen.
- 06Stap 6
Snijd pas na de rust en serveer de salsa verde ernaast.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng het vlees vlak voor de bereiding op smaak met zout en zwarte peper. Voor een vollere, kruidige smaak kun je in plaats daarvan Jans Biefstuk Kruidenmix gebruiken. Kies één van beide; zo blijft de kruiding mooi in balans.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Gebruik directe hitte voor een mooie korst. Dikke stukken kun je daarna indirect verder laten garen; dunne steaks of kleine delen blijven vooral boven directe hitte. Controleer de gaarheid in het dikste deel.
- Tip van Jan: Bij dikke steaks werkt eerst kleuren en daarna rustiger doorgaren vaak beter dan de hele bereiding op maximale hitte.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
De frisse salsa geeft contrast zonder de dry-aged smaak te maskeren.
Ingrediënten
- ENTRECOTE HOLSTEIN DRY AGED 500-550 g.
- 250 g champignons
- 1 sjalot
- 150 ml runderfond
- 75 ml room
- 1 el groene peperkorrels
- 25 g roomboter
- zout
Bereiding
- 01Stap 1
Bak de champignons eerst op hoog vuur bruin en houd ze warm.
- 02Stap 2
Bak de entrecote in een zeer hete pan tot een diepe korst ontstaat.
- 03Stap 3
Meet de kerntemperatuur in het dikste deel van het vlees.
- 04Stap 4
Laat het vlees rusten op een warme plek.
- 05Stap 5
Fruit de sjalot kort in dezelfde pan, voeg fond, room en groene peper toe en kook tot sausdikte.
- 06Stap 6
Monteer met boter en serveer de saus naast het vlees, zodat de dry-aged smaak herkenbaar blijft.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng het vlees vlak voor de bereiding op smaak met zout en zwarte peper. Voor een vollere, kruidige smaak kun je in plaats daarvan Jans Biefstuk Kruidenmix gebruiken. Kies één van beide; zo blijft de kruiding mooi in balans.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Verhit de pan eerst goed en gebruik waar nodig slechts een dun laagje hittebestendig bakvet. Geef het vlees ruimte en bouw een duidelijke korst op zonder voortdurend te schuiven; verlaag daarna de hitte wanneer het stuk nog moet doorgaren.
- Tip van Jan: Geef de pan tijd om voor te verwarmen voordat het vlees erin gaat. Zo voorkomt u grijs stoven in eigen vocht.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Groene peper en paddenstoel sluiten aan bij de krachtige rundsmaak.

Entrecote Limousin
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- ca. 700 g entrecote
- 700 g krieltjes
- 2 sjalotten
- 150 ml rode wijn
- 200 ml runder- of kalfsfond
- 30 g koude boter
- 1 el neutrale olie
- zout en zwarte peper
Bereiding
- 01Stap 1
Laat de entrecote 20–30 minuten temperen. Is het oppervlak zichtbaar vochtig, dep dan alleen dat vocht weg; verder is geen voorbehandeling nodig.
- 02Stap 2
Rooster de krieltjes in een oven van 210 °C in 30–35 minuten goudbruin en gaar.
- 03Stap 3
Verhit een zware koekenpan zeer heet, voeg olie toe en bak de entrecote rondom krachtig aan. Gaar verder tot 54–56 °C voor medium-rare of 58–60 °C voor medium.
- 04Stap 4
Neem de entrecote uit de pan en laat 8–10 minuten rusten. Fruit intussen de sjalot in dezelfde pan.
- 05Stap 5
Blus met rode wijn, laat tot ongeveer de helft inkoken, voeg fond toe en reduceer tot sausdikte. Klop van het vuur af de koude boter erdoor.
- 06Stap 6
Snijd de entrecote dwars op de draad waar dat voor dit deelstuk relevant is en serveer met de jus en krieltjes.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng het vlees vlak voor de bereiding op smaak met zout en zwarte peper. Voor een vollere, kruidige smaak kun je in plaats daarvan Jans Biefstuk Kruidenmix gebruiken. Kies één van beide; zo blijft de kruiding mooi in balans.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Verhit de pan eerst goed en gebruik waar nodig slechts een dun laagje hittebestendig bakvet. Geef het vlees ruimte en bouw een duidelijke korst op zonder voortdurend te schuiven; verlaag daarna de hitte wanneer het stuk nog moet doorgaren.
- Voeg boter en aromaten uit het recept pas na de eerste korstfase toe en lepel het schuimende bakvet kort over het vlees; zo blijven de aromaten frisser en verbranden ze minder snel.
- Tip van Jan: Gebruik boter, knoflook of kruiden pas in de laatste fase als de pan iets rustiger is; zo verbranden de melkbestanddelen minder snel.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een klassieke bistrobereiding waarin de smaak van entrecote centraal blijft.
Ingrediënten
- ca. 700 g entrecote
- 1 bos platte peterselie
- 2 tenen knoflook
- 1 kleine rode peper
- 2 el rodewijnazijn
- 80 ml olijfolie
- 1 tl gedroogde oregano
- zout
Bereiding
- 01Stap 1
Hak peterselie, knoflook en rode peper fijn en meng met azijn, olijfolie, oregano en zout. Laat de chimichurri minimaal 15 minuten staan.
- 02Stap 2
Maak de barbecue gereed met een hete directe zone en een rustigere indirecte zone.
- 03Stap 3
Grill de entrecote boven directe hitte rondom stevig aan voor een donkere korst zonder te verbranden.
- 04Stap 4
Verplaats de entrecote zo nodig naar indirecte hitte en gaar tot 54–56 °C voor medium-rare of 58–60 °C voor medium.
- 05Stap 5
Laat 8–10 minuten rusten, losjes afgedekt.
- 06Stap 6
Laat 5–8 minuten rusten en snijd pas daarna aan; serveer als hele portie of in gelijkmatige plakken.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng het vlees vlak voor de bereiding op smaak met zout en zwarte peper. Voor een vollere, kruidige smaak kun je in plaats daarvan Jans Biefstuk Kruidenmix gebruiken. Kies één van beide; zo blijft de kruiding mooi in balans.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Gebruik directe hitte voor een mooie korst. Dikke stukken kun je daarna indirect verder laten garen; dunne steaks of kleine delen blijven vooral boven directe hitte. Controleer de gaarheid in het dikste deel.
- Tip van Jan: Laat een steak kort rusten zonder hem strak in folie te verpakken; anders wordt de korst zacht.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Fris, kruidig en uitgesproken zonder de entrecote onder een zware saus te verstoppen.
Ingrediënten
- ca. 700 g entrecote
- 250 g kastanjechampignons
- 1 sjalot
- 1 el groene peperkorrels
- 150 ml kookroom
- 150 ml fond
- 1 el olie
- 20 g boter
Bereiding
- 01Stap 1
Snijd de champignons in kwarten en bak ze op hoog vuur in een droge pan tot ze kleur krijgen; voeg pas daarna een klein klontje boter toe en houd warm.
- 02Stap 2
Bak de entrecote in een zeer hete pan rondom bruin en gaar tot 54–56 °C voor medium-rare of 58–60 °C voor medium.
- 03Stap 3
Laat de entrecote rusten terwijl u de saus maakt.
- 04Stap 4
Fruit sjalot en groene peperkorrels kort in dezelfde pan, voeg fond toe en kook tot ongeveer de helft in.
- 05Stap 5
Voeg room toe en laat rustig binden; proef voordat u extra zout toevoegt.
- 06Stap 6
Snijd de entrecote en serveer met de paddenstoelen en een kleine lepel pepersaus.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng het vlees vlak voor de bereiding op smaak met zout en zwarte peper. Voor een vollere, kruidige smaak kun je in plaats daarvan Jans Biefstuk Kruidenmix gebruiken. Kies één van beide; zo blijft de kruiding mooi in balans.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Verhit de pan eerst goed en gebruik waar nodig slechts een dun laagje hittebestendig bakvet. Geef het vlees ruimte en bouw een duidelijke korst op zonder voortdurend te schuiven; verlaag daarna de hitte wanneer het stuk nog moet doorgaren.
- Voeg boter en aromaten uit het recept pas na de eerste korstfase toe en lepel het schuimende bakvet kort over het vlees; zo blijven de aromaten frisser en verbranden ze minder snel.
- Tip van Jan: Gebruik boter, knoflook of kruiden pas in de laatste fase als de pan iets rustiger is; zo verbranden de melkbestanddelen minder snel.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een restaurantklassieker met romige saus en geroosterde paddenstoelen.

Entrecote vers
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- ca. 700 g entrecote
- 2 stronken paksoi
- 2 lente-uien
- 2 el sojasaus
- 1 el rijstazijn
- 1 tl sesamolie
- 1 tl honing
- 1 el neutrale olie
- 1 tl geroosterde sesam
Bereiding
- 01Stap 1
Snijd de entrecote alleen als het deelstuk dat toelaat in dunne plakken dwars op de draad; laat dikke steaks juist heel en snijd pas na het garen.
- 02Stap 2
Meng sojasaus, rijstazijn, sesamolie en honing tot een snelle jus.
- 03Stap 3
Bak de entrecote zeer heet en kort zodat het vlees kleurt zonder uit te drogen; gaar verder tot 54–56 °C voor medium-rare of 58–60 °C voor medium.
- 04Stap 4
Roerbak paksoi en lente-ui 2–3 minuten zodat ze fris en knapperig blijven.
- 05Stap 5
Voeg de sojajus kort toe en laat slechts enkele seconden bruisen.
- 06Stap 6
Serveer de entrecote met paksoi en bestrooi met sesam.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng naturel vlees op smaak met zout en zwarte peper, óf gebruik Jans Biefstuk Kruidenmix als smaakvol alternatief. Kies één van beide en voorkom dubbele kruiding.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Verhit de pan eerst goed en gebruik waar nodig slechts een dun laagje hittebestendig bakvet. Geef het vlees ruimte en bouw een duidelijke korst op zonder voortdurend te schuiven; verlaag daarna de hitte wanneer het stuk nog moet doorgaren.
- Tip van Jan: Ook bij malse steaks verbetert dwars op de draad snijden de beet, vooral bij grovere structuren.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een moderne, lichtere bereiding met veel umami en korte garing.
Ingrediënten
- ca. 700 g entrecote
- 300 g cherrytomaten
- 1 bos peterselie
- 2 el kappertjes
- 1 el Dijonmosterd
- 2 el wittewijnazijn
- 70 ml olijfolie
- 1 teen knoflook
Bereiding
- 01Stap 1
Rooster de tomaten 15 minuten op 200 °C tot ze openbarsten.
- 02Stap 2
Hak peterselie, kappertjes en knoflook en meng met mosterd, azijn en olijfolie tot salsa verde.
- 03Stap 3
Grill de entrecote op hoge hitte voor duidelijke grillstrepen en kleur.
- 04Stap 4
Gaar verder tot 54–56 °C voor medium-rare of 58–60 °C voor medium. Laat 5–8 minuten rusten.
- 05Stap 5
Laat 5–8 minuten rusten en snijd pas daarna aan; serveer als hele portie of in gelijkmatige plakken.
- 06Stap 6
Serveer met geroosterde tomaat en salsa verde aan tafel.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng naturel vlees op smaak met zout en zwarte peper, óf gebruik Jans Biefstuk Kruidenmix als smaakvol alternatief. Kies één van beide en voorkom dubbele kruiding.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Gebruik directe hitte voor een mooie korst. Dikke stukken kun je daarna indirect verder laten garen; dunne steaks of kleine delen blijven vooral boven directe hitte. Controleer de gaarheid in het dikste deel.
- Tip van Jan: Bij dikke steaks werkt eerst kleuren en daarna rustiger doorgaren vaak beter dan de hele bereiding op maximale hitte.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Fris en hartig; de salsa wordt na het garen toegevoegd en blijft daardoor levendig.
Ingrediënten
- ca. 700 g entrecote
- 700 g krieltjes
- 2 sjalotten
- 150 ml rode wijn
- 200 ml runder- of kalfsfond
- 30 g koude boter
- 1 el neutrale olie
- zout en zwarte peper
Bereiding
- 01Stap 1
Laat de entrecote 20–30 minuten temperen. Is het oppervlak zichtbaar vochtig, dep dan alleen dat vocht weg; verder is geen voorbehandeling nodig.
- 02Stap 2
Rooster de krieltjes in een oven van 210 °C in 30–35 minuten goudbruin en gaar.
- 03Stap 3
Verhit een zware koekenpan zeer heet, voeg olie toe en bak de entrecote rondom krachtig aan. Gaar verder tot 54–56 °C voor medium-rare of 58–60 °C voor medium.
- 04Stap 4
Neem de entrecote uit de pan en laat 8–10 minuten rusten. Fruit intussen de sjalot in dezelfde pan.
- 05Stap 5
Blus met rode wijn, laat tot ongeveer de helft inkoken, voeg fond toe en reduceer tot sausdikte. Klop van het vuur af de koude boter erdoor.
- 06Stap 6
Snijd de entrecote dwars op de draad waar dat voor dit deelstuk relevant is en serveer met de jus en krieltjes.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng het vlees vlak voor de bereiding op smaak met zout en zwarte peper. Voor een vollere, kruidige smaak kun je in plaats daarvan Jans Biefstuk Kruidenmix gebruiken. Kies één van beide; zo blijft de kruiding mooi in balans.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Verhit de pan eerst goed en gebruik waar nodig slechts een dun laagje hittebestendig bakvet. Geef het vlees ruimte en bouw een duidelijke korst op zonder voortdurend te schuiven; verlaag daarna de hitte wanneer het stuk nog moet doorgaren.
- Voeg boter en aromaten uit het recept pas na de eerste korstfase toe en lepel het schuimende bakvet kort over het vlees; zo blijven de aromaten frisser en verbranden ze minder snel.
- Tip van Jan: Gebruik boter, knoflook of kruiden pas in de laatste fase als de pan iets rustiger is; zo verbranden de melkbestanddelen minder snel.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een klassieke bistrobereiding waarin de smaak van entrecote centraal blijft.

Entrecote Vers Heel
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- ca. 700 g entrecote
- 2 stronken paksoi
- 2 lente-uien
- 2 el sojasaus
- 1 el rijstazijn
- 1 tl sesamolie
- 1 tl honing
- 1 el neutrale olie
- 1 tl geroosterde sesam
Bereiding
- 01Stap 1
Snijd de entrecote alleen als het deelstuk dat toelaat in dunne plakken dwars op de draad; laat dikke steaks juist heel en snijd pas na het garen.
- 02Stap 2
Meng sojasaus, rijstazijn, sesamolie en honing tot een snelle jus.
- 03Stap 3
Bak de entrecote zeer heet en kort zodat het vlees kleurt zonder uit te drogen; gaar verder tot 54–56 °C voor medium-rare of 58–60 °C voor medium.
- 04Stap 4
Roerbak paksoi en lente-ui 2–3 minuten zodat ze fris en knapperig blijven.
- 05Stap 5
Voeg de sojajus kort toe en laat slechts enkele seconden bruisen.
- 06Stap 6
Serveer de entrecote met paksoi en bestrooi met sesam.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng naturel vlees op smaak met zout en zwarte peper, óf gebruik Jans Biefstuk Kruidenmix als smaakvol alternatief. Kies één van beide en voorkom dubbele kruiding.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Verhit de pan eerst goed en gebruik waar nodig slechts een dun laagje hittebestendig bakvet. Geef het vlees ruimte en bouw een duidelijke korst op zonder voortdurend te schuiven; verlaag daarna de hitte wanneer het stuk nog moet doorgaren.
- Tip van Jan: Ook bij malse steaks verbetert dwars op de draad snijden de beet, vooral bij grovere structuren.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een moderne, lichtere bereiding met veel umami en korte garing.
Ingrediënten
- ca. 700 g entrecote
- 300 g cherrytomaten
- 1 bos peterselie
- 2 el kappertjes
- 1 el Dijonmosterd
- 2 el wittewijnazijn
- 70 ml olijfolie
- 1 teen knoflook
Bereiding
- 01Stap 1
Rooster de tomaten 15 minuten op 200 °C tot ze openbarsten.
- 02Stap 2
Hak peterselie, kappertjes en knoflook en meng met mosterd, azijn en olijfolie tot salsa verde.
- 03Stap 3
Grill de entrecote op hoge hitte voor duidelijke grillstrepen en kleur.
- 04Stap 4
Gaar verder tot 54–56 °C voor medium-rare of 58–60 °C voor medium. Laat 10–15 minuten rusten.
- 05Stap 5
Laat het vlees rusten en snijd het daarna in gelijkmatige plakken.
- 06Stap 6
Serveer met geroosterde tomaat en salsa verde aan tafel.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng naturel vlees op smaak met zout en zwarte peper, óf gebruik Jans Biefstuk Kruidenmix als smaakvol alternatief. Kies één van beide en voorkom dubbele kruiding.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Gebruik directe hitte voor een mooie korst. Dikke stukken kun je daarna indirect verder laten garen; dunne steaks of kleine delen blijven vooral boven directe hitte. Controleer de gaarheid in het dikste deel.
- Tip van Jan: Bij dikke steaks werkt eerst kleuren en daarna rustiger doorgaren vaak beter dan de hele bereiding op maximale hitte.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Fris en hartig; de salsa wordt na het garen toegevoegd en blijft daardoor levendig.
Ingrediënten
- ca. 700 g entrecote
- 700 g krieltjes
- 2 sjalotten
- 150 ml rode wijn
- 200 ml runder- of kalfsfond
- 30 g koude boter
- 1 el neutrale olie
- zout en zwarte peper
Bereiding
- 01Stap 1
Laat de entrecote 20–30 minuten temperen. Is het oppervlak zichtbaar vochtig, dep dan alleen dat vocht weg; verder is geen voorbehandeling nodig.
- 02Stap 2
Rooster de krieltjes in een oven van 210 °C in 30–35 minuten goudbruin en gaar.
- 03Stap 3
Verhit een zware koekenpan zeer heet, voeg olie toe en bak de entrecote rondom krachtig aan. Gaar verder tot 54–56 °C voor medium-rare of 58–60 °C voor medium.
- 04Stap 4
Neem de entrecote uit de pan en laat 8–10 minuten rusten. Fruit intussen de sjalot in dezelfde pan.
- 05Stap 5
Blus met rode wijn, laat tot ongeveer de helft inkoken, voeg fond toe en reduceer tot sausdikte. Klop van het vuur af de koude boter erdoor.
- 06Stap 6
Snijd de entrecote dwars op de draad waar dat voor dit deelstuk relevant is en serveer met de jus en krieltjes.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng het vlees vlak voor de bereiding op smaak met zout en zwarte peper. Voor een vollere, kruidige smaak kun je in plaats daarvan Jans Biefstuk Kruidenmix gebruiken. Kies één van beide; zo blijft de kruiding mooi in balans.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Verhit de pan eerst goed en gebruik waar nodig slechts een dun laagje hittebestendig bakvet. Geef het vlees ruimte en bouw een duidelijke korst op zonder voortdurend te schuiven; verlaag daarna de hitte wanneer het stuk nog moet doorgaren.
- Voeg boter en aromaten uit het recept pas na de eerste korstfase toe en lepel het schuimende bakvet kort over het vlees; zo blijven de aromaten frisser en verbranden ze minder snel.
- Tip van Jan: Gebruik boter, knoflook of kruiden pas in de laatste fase als de pan iets rustiger is; zo verbranden de melkbestanddelen minder snel.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een klassieke bistrobereiding waarin de smaak van entrecote centraal blijft.

Entrecôte Vers – Dutch Prime 1KG
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- ca. 700 g entrecote
- 2 stronken paksoi
- 2 lente-uien
- 2 el sojasaus
- 1 el rijstazijn
- 1 tl sesamolie
- 1 tl honing
- 1 el neutrale olie
- 1 tl geroosterde sesam
Bereiding
- 01Stap 1
Snijd de entrecote alleen als het deelstuk dat toelaat in dunne plakken dwars op de draad; laat dikke steaks juist heel en snijd pas na het garen.
- 02Stap 2
Meng sojasaus, rijstazijn, sesamolie en honing tot een snelle jus.
- 03Stap 3
Bak de entrecote zeer heet en kort zodat het vlees kleurt zonder uit te drogen; gaar verder tot 54–56 °C voor medium-rare of 58–60 °C voor medium.
- 04Stap 4
Roerbak paksoi en lente-ui 2–3 minuten zodat ze fris en knapperig blijven.
- 05Stap 5
Voeg de sojajus kort toe en laat slechts enkele seconden bruisen.
- 06Stap 6
Serveer de entrecote met paksoi en bestrooi met sesam.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng naturel vlees op smaak met zout en zwarte peper, óf gebruik Jans Biefstuk Kruidenmix als smaakvol alternatief. Kies één van beide en voorkom dubbele kruiding.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Verhit de pan eerst goed en gebruik waar nodig slechts een dun laagje hittebestendig bakvet. Geef het vlees ruimte en bouw een duidelijke korst op zonder voortdurend te schuiven; verlaag daarna de hitte wanneer het stuk nog moet doorgaren.
- Tip van Jan: Ook bij malse steaks verbetert dwars op de draad snijden de beet, vooral bij grovere structuren.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een moderne, lichtere bereiding met veel umami en korte garing.
Ingrediënten
- ca. 700 g entrecote
- 300 g cherrytomaten
- 1 bos peterselie
- 2 el kappertjes
- 1 el Dijonmosterd
- 2 el wittewijnazijn
- 70 ml olijfolie
- 1 teen knoflook
Bereiding
- 01Stap 1
Rooster de tomaten 15 minuten op 200 °C tot ze openbarsten.
- 02Stap 2
Hak peterselie, kappertjes en knoflook en meng met mosterd, azijn en olijfolie tot salsa verde.
- 03Stap 3
Grill de entrecote op hoge hitte voor duidelijke grillstrepen en kleur.
- 04Stap 4
Gaar verder tot 54–56 °C voor medium-rare of 58–60 °C voor medium. Laat 5–8 minuten rusten.
- 05Stap 5
Laat 5–8 minuten rusten en snijd pas daarna aan; serveer als hele portie of in gelijkmatige plakken.
- 06Stap 6
Serveer met geroosterde tomaat en salsa verde aan tafel.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng naturel vlees op smaak met zout en zwarte peper, óf gebruik Jans Biefstuk Kruidenmix als smaakvol alternatief. Kies één van beide en voorkom dubbele kruiding.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Gebruik directe hitte voor een mooie korst. Dikke stukken kun je daarna indirect verder laten garen; dunne steaks of kleine delen blijven vooral boven directe hitte. Controleer de gaarheid in het dikste deel.
- Tip van Jan: Bij dikke steaks werkt eerst kleuren en daarna rustiger doorgaren vaak beter dan de hele bereiding op maximale hitte.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Fris en hartig; de salsa wordt na het garen toegevoegd en blijft daardoor levendig.
Ingrediënten
- ca. 700 g entrecote
- 700 g krieltjes
- 2 sjalotten
- 150 ml rode wijn
- 200 ml runder- of kalfsfond
- 30 g koude boter
- 1 el neutrale olie
- zout en zwarte peper
Bereiding
- 01Stap 1
Laat de entrecote 20–30 minuten temperen. Is het oppervlak zichtbaar vochtig, dep dan alleen dat vocht weg; verder is geen voorbehandeling nodig.
- 02Stap 2
Rooster de krieltjes in een oven van 210 °C in 30–35 minuten goudbruin en gaar.
- 03Stap 3
Verhit een zware koekenpan zeer heet, voeg olie toe en bak de entrecote rondom krachtig aan. Gaar verder tot 54–56 °C voor medium-rare of 58–60 °C voor medium.
- 04Stap 4
Neem de entrecote uit de pan en laat 8–10 minuten rusten. Fruit intussen de sjalot in dezelfde pan.
- 05Stap 5
Blus met rode wijn, laat tot ongeveer de helft inkoken, voeg fond toe en reduceer tot sausdikte. Klop van het vuur af de koude boter erdoor.
- 06Stap 6
Snijd de entrecote dwars op de draad waar dat voor dit deelstuk relevant is en serveer met de jus en krieltjes.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng het vlees vlak voor de bereiding op smaak met zout en zwarte peper. Voor een vollere, kruidige smaak kun je in plaats daarvan Jans Biefstuk Kruidenmix gebruiken. Kies één van beide; zo blijft de kruiding mooi in balans.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Verhit de pan eerst goed en gebruik waar nodig slechts een dun laagje hittebestendig bakvet. Geef het vlees ruimte en bouw een duidelijke korst op zonder voortdurend te schuiven; verlaag daarna de hitte wanneer het stuk nog moet doorgaren.
- Voeg boter en aromaten uit het recept pas na de eerste korstfase toe en lepel het schuimende bakvet kort over het vlees; zo blijven de aromaten frisser en verbranden ze minder snel.
- Tip van Jan: Gebruik boter, knoflook of kruiden pas in de laatste fase als de pan iets rustiger is; zo verbranden de melkbestanddelen minder snel.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een klassieke bistrobereiding waarin de smaak van entrecote centraal blijft.

Filet Americain
2 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- 300 g filet americain
- 8 sneetjes zuurdesem
- 80 g cornichons
- 1 kleine rode ui
- 1 bosje bieslook
- 1 tl Dijonmosterd
Bereiding
- 01Stap 1
Rooster het zuurdesembrood krokant en laat 1 minuut afkoelen.
- 02Stap 2
Snijd cornichons en rode ui zeer fijn.
- 03Stap 3
Roer de filet americain kort los; voeg geen extra rauw ei toe.
- 04Stap 4
Bestrijk de toast dun met Dijonmosterd.
- 05Stap 5
Verdeel de filet americain royaal over de toast.
- 06Stap 6
Werk af met cornichon, rode ui en bieslook en serveer direct gekoeld.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Dit product is al klaar om koud te serveren. Verwarm of bak het alleen wanneer de bereidingswijze bij dit product dat uitdrukkelijk aangeeft.
- Tip van Jan: Houd de ossenworst gekoeld en beleg brood of toast pas op het laatste moment.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
15 min
Ingrediënten
- 300 g filet americain
- 4 zachte broodjes
- 4 hardgekookte eieren
- 4 augurken
- 1 kleine rode ui
- 50 g ijsbergsla
- 1 el mayonaise
Bereiding
- 01Stap 1
Kook de eieren hard, koel terug en snijd in plakjes.
- 02Stap 2
Snijd augurk en rode ui dun.
- 03Stap 3
Snijd de broodjes open en leg er wat ijsbergsla op.
- 04Stap 4
Verdeel de filet americain over de broodjes.
- 05Stap 5
Leg ei, augurk en rode ui erop.
- 06Stap 6
Voeg hooguit een klein beetje mayonaise toe en serveer direct.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Dit product is al klaar om koud te serveren. Verwarm of bak het alleen wanneer de bereidingswijze bij dit product dat uitdrukkelijk aangeeft.
- Tip van Jan: Fijne ui, kappertjes, augurk en zwarte peper passen beter dan een zware warme saus.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Bekend lunchbroodje met frisse en romige garnituren.

Filet Mignon vers
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- ca. 700 g filet mignon
- 1 bos platte peterselie
- 2 tenen knoflook
- 1 kleine rode peper
- 2 el rodewijnazijn
- 80 ml olijfolie
- 1 tl gedroogde oregano
- zout
Bereiding
- 01Stap 1
Hak peterselie, knoflook en rode peper fijn en meng met azijn, olijfolie, oregano en zout. Laat de chimichurri minimaal 15 minuten staan.
- 02Stap 2
Maak de barbecue gereed met een hete directe zone en een rustigere indirecte zone.
- 03Stap 3
Grill de filet mignon boven directe hitte rondom stevig aan voor een donkere korst zonder te verbranden.
- 04Stap 4
Verplaats de filet mignon zo nodig naar indirecte hitte en gaar tot 54–56 °C voor medium-rare of 58–60 °C voor medium.
- 05Stap 5
Laat 8–10 minuten rusten, losjes afgedekt.
- 06Stap 6
Laat het vlees rusten en snijd het daarna in gelijkmatige plakken.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng het vlees vlak voor de bereiding op smaak met zout en zwarte peper. Voor een vollere, kruidige smaak kun je in plaats daarvan Jans Biefstuk Kruidenmix gebruiken. Kies één van beide; zo blijft de kruiding mooi in balans.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Gebruik directe hitte voor een mooie korst. Dikke stukken kun je daarna indirect verder laten garen; dunne steaks of kleine delen blijven vooral boven directe hitte. Controleer de gaarheid in het dikste deel.
- Tip van Jan: Laat een steak kort rusten zonder hem strak in folie te verpakken; anders wordt de korst zacht.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Kerntemperatuur & eindcontrole
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Fris, kruidig en uitgesproken zonder de filet mignon onder een zware saus te verstoppen.
Ingrediënten
- ca. 700 g filet mignon
- 250 g kastanjechampignons
- 1 sjalot
- 1 el groene peperkorrels
- 150 ml kookroom
- 150 ml fond
- 1 el olie
- 20 g boter
Bereiding
- 01Stap 1
Snijd de champignons in kwarten en bak ze op hoog vuur in een droge pan tot ze kleur krijgen; voeg pas daarna een klein klontje boter toe en houd warm.
- 02Stap 2
Bak de filet mignon in een zeer hete pan rondom bruin en gaar tot 54–56 °C voor medium-rare of 58–60 °C voor medium.
- 03Stap 3
Laat de filet mignon rusten terwijl u de saus maakt.
- 04Stap 4
Fruit sjalot en groene peperkorrels kort in dezelfde pan, voeg fond toe en kook tot ongeveer de helft in.
- 05Stap 5
Voeg room toe en laat rustig binden; proef voordat u extra zout toevoegt.
- 06Stap 6
Snijd de filet mignon en serveer met de paddenstoelen en een kleine lepel pepersaus.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng het vlees vlak voor de bereiding op smaak met zout en zwarte peper. Voor een vollere, kruidige smaak kun je in plaats daarvan Jans Biefstuk Kruidenmix gebruiken. Kies één van beide; zo blijft de kruiding mooi in balans.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Verhit de pan eerst goed en gebruik waar nodig slechts een dun laagje hittebestendig bakvet. Geef het vlees ruimte en bouw een duidelijke korst op zonder voortdurend te schuiven; verlaag daarna de hitte wanneer het stuk nog moet doorgaren.
- Voeg boter en aromaten uit het recept pas na de eerste korstfase toe en lepel het schuimende bakvet kort over het vlees; zo blijven de aromaten frisser en verbranden ze minder snel.
- Tip van Jan: Gebruik boter, knoflook of kruiden pas in de laatste fase als de pan iets rustiger is; zo verbranden de melkbestanddelen minder snel.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Kerntemperatuur & eindcontrole
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een restaurantklassieker met romige saus en geroosterde paddenstoelen.
Ingrediënten
- ca. 700 g filet mignon
- 2 stronken paksoi
- 2 lente-uien
- 2 el sojasaus
- 1 el rijstazijn
- 1 tl sesamolie
- 1 tl honing
- 1 el neutrale olie
- 1 tl geroosterde sesam
Bereiding
- 01Stap 1
Snijd de filet mignon alleen als het deelstuk dat toelaat in dunne plakken dwars op de draad; laat dikke steaks juist heel en snijd pas na het garen.
- 02Stap 2
Meng sojasaus, rijstazijn, sesamolie en honing tot een snelle jus.
- 03Stap 3
Bak de filet mignon zeer heet en kort zodat het vlees kleurt zonder uit te drogen; gaar verder tot 54–56 °C voor medium-rare of 58–60 °C voor medium.
- 04Stap 4
Roerbak paksoi en lente-ui 2–3 minuten zodat ze fris en knapperig blijven.
- 05Stap 5
Voeg de sojajus kort toe en laat slechts enkele seconden bruisen.
- 06Stap 6
Serveer de filet mignon met paksoi en bestrooi met sesam.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng naturel vlees op smaak met zout en zwarte peper, óf gebruik Jans Biefstuk Kruidenmix als smaakvol alternatief. Kies één van beide en voorkom dubbele kruiding.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Verhit de pan eerst goed en gebruik waar nodig slechts een dun laagje hittebestendig bakvet. Geef het vlees ruimte en bouw een duidelijke korst op zonder voortdurend te schuiven; verlaag daarna de hitte wanneer het stuk nog moet doorgaren.
- Tip van Jan: Ook bij malse steaks verbetert dwars op de draad snijden de beet, vooral bij grovere structuren.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Kerntemperatuur & eindcontrole
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een moderne, lichtere bereiding met veel umami en korte garing.

Hamburger Black Angus
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- 4 Hamburger Black Angus burgers
- 4 briochebroodjes
- 4 plakken cheddar
- 2 middelgrote uien – in halve ringen
- 2 el mayonaise
- 1 el ketchup
- 1 tl mosterd
- 4 augurken – in plakjes
- 4 blaadjes kropsla
- 1 el neutrale olie
- 20 g roomboter
Bereiding
- 01Stap 1
Snijd de uien in halve ringen. Verwarm een koekenpan op middelhoog vuur met de roomboter en bak de ui 8–10 minuten rustig goudbruin en zacht; schep regelmatig om en houd daarna warm.
- 02Stap 2
Meng mayonaise, ketchup en mosterd tot burgersaus. Snijd de augurken en leg sla, cheddar en broodjes klaar voordat de hamburgers de pan in gaan.
- 03Stap 3
Verhit een zware koekenpan op middelhoge tot hoge hitte en voeg de neutrale olie toe. Leg de Black Angus hamburgers in één laag in de pan en druk ze tijdens het bakken niet plat.
- 04Stap 4
Bak de eerste zijde circa 3–4 minuten tot een duidelijke bruine korst ontstaat. Keer de hamburgers één keer en bak de tweede zijde circa 3–4 minuten; verlaag de hitte als de buitenkant te snel kleurt.
- 05Stap 5
Meet met een schone kernthermometer vanaf de zijkant in het thermische midden van de dikste hamburger. Gaar rauw gemalen rundvlees volledig door tot minimaal 75 °C; kleur alleen is geen betrouwbare veiligheidscontrole.
- 06Stap 6
Leg in de laatste minuut een plak cheddar op iedere hamburger en laat de kaas smelten. Rooster de snijkanten van de briochebroodjes kort in een droge pan of op de bakplaat.
- 07Stap 7
Laat de hamburgers 2–3 minuten rusten. Bestrijk de broodjes met burgersaus en bouw ze op met sla, Black Angus hamburger, gekaramelliseerde ui en augurk. Serveer direct.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Bouw eerst een mooie korst op en druk een burger tijdens het bakken of grillen niet plat; zo blijft meer sap in het vlees. Controleer de gaarheid in het dikste deel.
- Tip van Jan: Beweeg een burger niet meteen. Geef de eerste zijde tijd om goed te bruinen.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Friet, coleslaw of een frisse salade
Ingrediënten
- 4 Hamburger Black Angus burgers
- 4 stevige burgerbroodjes
- 150 g coleslaw
- 4 el BBQ-saus
- 4 plakken cheddar
- 4 augurken – in lange plakjes
- 1 rode ui – in dunne ringen
- 1 tl neutrale olie – voor het rooster of de burgers
Bereiding
- 01Stap 1
Maak de barbecue gereed met een hete directe zone en een rustigere indirecte zone. Reinig het rooster en vet het zeer licht in zodat de hamburgers niet vastplakken.
- 02Stap 2
Snijd augurk en rode ui en zet coleslaw, BBQ-saus, cheddar en broodjes binnen handbereik. Zo kan de burger direct na het grillen worden opgebouwd.
- 03Stap 3
Leg de Black Angus hamburgers boven directe middelhoge tot hoge hitte. Grill zonder ze plat te drukken tot de onderzijde stevig gekorst is en vanzelf goed loslaat.
- 04Stap 4
Keer de hamburgers één keer en grill de tweede zijde. Verplaats ze naar de rustigere zone als de buitenkant voldoende kleur heeft maar de kern nog niet op temperatuur is.
- 05Stap 5
Meet met een schone kernthermometer vanaf de zijkant in het thermische midden. Gaar de rauwe hamburgers volledig door tot minimaal 75 °C.
- 06Stap 6
Leg in de laatste minuut cheddar op de hamburgers en sluit kort het deksel zodat de kaas smelt. Rooster de snijkanten van de broodjes 30–60 seconden op de barbecue.
- 07Stap 7
Laat de hamburgers 2–3 minuten rusten. Verdeel coleslaw over de broodjes, leg de burger erop en werk af met BBQ-saus, augurk en rode ui. Serveer meteen.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Bouw eerst een mooie korst op en druk een burger tijdens het bakken of grillen niet plat; zo blijft meer sap in het vlees. Controleer de gaarheid in het dikste deel.
- Tip van Jan: Beweeg een burger niet meteen. Geef de eerste zijde tijd om goed te bruinen.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Gegrilde mais, coleslaw of aardappelpartjes
Ingrediënten
- 4 Hamburger Black Angus burgers
- 4 stevige burgerbroodjes
- 250 g kastanjechampignons – in plakken
- 1 sjalot – fijngesneden
- 2 el truffelmayonaise
- 40 g Parmezaanse kaas
- 50 g rucola
- 1 el neutrale olie
- 20 g roomboter
- zwarte peper
Bereiding
- 01Stap 1
Snijd de kastanjechampignons in plakken en de sjalot fijn. Schaaf de Parmezaan en zet rucola, truffelmayonaise en broodjes klaar.
- 02Stap 2
Verhit een ruime koekenpan op hoge hitte met de helft van de olie. Bak de champignons in één laag stevig bruin en voeg de sjalot pas toe wanneer het vrijgekomen vocht vrijwel is verdampt; bak nog 1–2 minuten.
- 03Stap 3
Schep de paddenstoelen uit de pan. Voeg de resterende olie en roomboter toe en bak de Black Angus hamburgers op middelhoge tot hoge hitte zonder ze plat te drukken.
- 04Stap 4
Bak de eerste zijde circa 3–4 minuten, keer één keer en bak de tweede zijde circa 3–4 minuten. Pas de hitte aan wanneer de korst sneller kleurt dan de kern gaart.
- 05Stap 5
Meet met een schone kernthermometer vanaf de zijkant in het thermische midden van de dikste hamburger en gaar volledig door tot minimaal 75 °C.
- 06Stap 6
Laat de hamburgers 2–3 minuten rusten en rooster ondertussen de broodjes aan de snijkant. Bestrijk de onderkant met truffelmayonaise.
- 07Stap 7
Bouw de broodjes op met rucola, Black Angus hamburger en de warme paddenstoelen. Schaaf de Parmezaan erover, maal er zwarte peper over en serveer direct.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Bouw eerst een mooie korst op en druk een burger tijdens het bakken of grillen niet plat; zo blijft meer sap in het vlees. Controleer de gaarheid in het dikste deel.
- Tip van Jan: Beweeg een burger niet meteen. Geef de eerste zijde tijd om goed te bruinen.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Krokante aardappeltjes of een groene salade

Houthakkerssteak per 2 stuks
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- ca. 700 g Houthakkerssteak per
- 700 g krieltjes
- 2 sjalotten
- 150 ml rode wijn
- 200 ml runder- of kalfsfond
- 30 g koude boter
- 1 el neutrale olie
- zout en zwarte peper
Bereiding
- 01Stap 1
Laat de Houthakkerssteak per 20–30 minuten temperen. Is het oppervlak zichtbaar vochtig, dep dan alleen dat vocht weg; verder is geen voorbehandeling nodig.
- 02Stap 2
Rooster de krieltjes in een oven van 210 °C in 30–35 minuten goudbruin en gaar.
- 03Stap 3
Verhit een zware koekenpan zeer heet, voeg olie toe en bak de Houthakkerssteak per rondom krachtig aan. Gaar verder tot 54–56 °C voor medium-rare of 58–60 °C voor medium.
- 04Stap 4
Neem de Houthakkerssteak per uit de pan en laat 8–10 minuten rusten. Fruit intussen de sjalot in dezelfde pan.
- 05Stap 5
Blus met rode wijn, laat tot ongeveer de helft inkoken, voeg fond toe en reduceer tot sausdikte. Klop van het vuur af de koude boter erdoor.
- 06Stap 6
Snijd de Houthakkerssteak per dwars op de draad waar dat voor dit deelstuk relevant is en serveer met de jus en krieltjes.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng het vlees vlak voor de bereiding op smaak met zout en zwarte peper. Voor een vollere, kruidige smaak kun je in plaats daarvan Jans Biefstuk Kruidenmix gebruiken. Kies één van beide; zo blijft de kruiding mooi in balans.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Verhit de pan eerst goed en gebruik waar nodig slechts een dun laagje hittebestendig bakvet. Geef het vlees ruimte en bouw een duidelijke korst op zonder voortdurend te schuiven; verlaag daarna de hitte wanneer het stuk nog moet doorgaren.
- Voeg boter en aromaten uit het recept pas na de eerste korstfase toe en lepel het schuimende bakvet kort over het vlees; zo blijven de aromaten frisser en verbranden ze minder snel.
- Tip van Jan: Pas rusttijd aan het product aan. Een heel stuk profiteert; krokant gepaneerd vlees serveert u juist direct.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een klassieke bistrobereiding waarin de smaak van Houthakkerssteak per centraal blijft.
Ingrediënten
- ca. 700 g Houthakkerssteak per
- 1 bos platte peterselie
- 2 tenen knoflook
- 1 kleine rode peper
- 2 el rodewijnazijn
- 80 ml olijfolie
- 1 tl gedroogde oregano
- zout
Bereiding
- 01Stap 1
Hak peterselie, knoflook en rode peper fijn en meng met azijn, olijfolie, oregano en zout. Laat de chimichurri minimaal 15 minuten staan.
- 02Stap 2
Maak de barbecue gereed met een hete directe zone en een rustigere indirecte zone.
- 03Stap 3
Grill de Houthakkerssteak per boven directe hitte rondom stevig aan voor een donkere korst zonder te verbranden.
- 04Stap 4
Verplaats de Houthakkerssteak per zo nodig naar indirecte hitte en gaar tot 54–56 °C voor medium-rare of 58–60 °C voor medium.
- 05Stap 5
Laat 8–10 minuten rusten, losjes afgedekt.
- 06Stap 6
Laat 5–8 minuten rusten en snijd pas daarna aan; serveer als hele portie of in gelijkmatige plakken.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng het vlees vlak voor de bereiding op smaak met zout en zwarte peper. Voor een vollere, kruidige smaak kun je in plaats daarvan Jans Biefstuk Kruidenmix gebruiken. Kies één van beide; zo blijft de kruiding mooi in balans.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Gebruik directe hitte voor een mooie korst. Dikke stukken kun je daarna indirect verder laten garen; dunne steaks of kleine delen blijven vooral boven directe hitte. Controleer de gaarheid in het dikste deel.
- Tip van Jan: Een dikke karbonade wordt mooier als de korst eerst ontstaat en de kern daarna rustiger gaart.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Fris, kruidig en uitgesproken zonder de Houthakkerssteak per onder een zware saus te verstoppen.
Ingrediënten
- ca. 700 g Houthakkerssteak per
- 250 g kastanjechampignons
- 1 sjalot
- 1 el groene peperkorrels
- 150 ml kookroom
- 150 ml fond
- 1 el olie
- 20 g boter
Bereiding
- 01Stap 1
Snijd de champignons in kwarten en bak ze op hoog vuur in een droge pan tot ze kleur krijgen; voeg pas daarna een klein klontje boter toe en houd warm.
- 02Stap 2
Bak de Houthakkerssteak per in een zeer hete pan rondom bruin en gaar tot 54–56 °C voor medium-rare of 58–60 °C voor medium.
- 03Stap 3
Laat de Houthakkerssteak per rusten terwijl u de saus maakt.
- 04Stap 4
Fruit sjalot en groene peperkorrels kort in dezelfde pan, voeg fond toe en kook tot ongeveer de helft in.
- 05Stap 5
Voeg room toe en laat rustig binden; proef voordat u extra zout toevoegt.
- 06Stap 6
Snijd de Houthakkerssteak per en serveer met de paddenstoelen en een kleine lepel pepersaus.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng het vlees vlak voor de bereiding op smaak met zout en zwarte peper. Voor een vollere, kruidige smaak kun je in plaats daarvan Jans Biefstuk Kruidenmix gebruiken. Kies één van beide; zo blijft de kruiding mooi in balans.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Verhit de pan eerst goed en gebruik waar nodig slechts een dun laagje hittebestendig bakvet. Geef het vlees ruimte en bouw een duidelijke korst op zonder voortdurend te schuiven; verlaag daarna de hitte wanneer het stuk nog moet doorgaren.
- Voeg boter en aromaten uit het recept pas na de eerste korstfase toe en lepel het schuimende bakvet kort over het vlees; zo blijven de aromaten frisser en verbranden ze minder snel.
- Tip van Jan: Kleur varkenshaas rondom en laat een dik stuk daarna rustiger doorgaren.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een restaurantklassieker met romige saus en geroosterde paddenstoelen.

Ierse Kogelbiefstuk (2 × 125 g)
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- ca. 700 g biefstuk
- 2 stronken paksoi
- 2 lente-uien
- 2 el sojasaus
- 1 el rijstazijn
- 1 tl sesamolie
- 1 tl honing
- 1 el neutrale olie
- 1 tl geroosterde sesam
Bereiding
- 01Stap 1
Snijd de biefstuk alleen als het deelstuk dat toelaat in dunne plakken dwars op de draad; laat dikke steaks juist heel en snijd pas na het garen.
- 02Stap 2
Meng sojasaus, rijstazijn, sesamolie en honing tot een snelle jus.
- 03Stap 3
Bak de biefstuk zeer heet en kort zodat het vlees kleurt zonder uit te drogen; gaar verder tot 54–56 °C voor medium-rare of 58–60 °C voor medium.
- 04Stap 4
Roerbak paksoi en lente-ui 2–3 minuten zodat ze fris en knapperig blijven.
- 05Stap 5
Voeg de sojajus kort toe en laat slechts enkele seconden bruisen.
- 06Stap 6
Serveer de biefstuk met paksoi en bestrooi met sesam.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng naturel vlees op smaak met zout en zwarte peper, óf gebruik Jans Biefstuk Kruidenmix als smaakvol alternatief. Kies één van beide en voorkom dubbele kruiding.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Verhit de pan eerst goed en gebruik waar nodig slechts een dun laagje hittebestendig bakvet. Geef het vlees ruimte en bouw een duidelijke korst op zonder voortdurend te schuiven; verlaag daarna de hitte wanneer het stuk nog moet doorgaren.
- Tip van Jan: Dunne staartstukken zijn eerder klaar dan dikke middendelen; haal ze zo nodig eerder uit de pan.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een moderne, lichtere bereiding met veel umami en korte garing.
Ingrediënten
- ca. 700 g biefstuk
- 300 g cherrytomaten
- 1 bos peterselie
- 2 el kappertjes
- 1 el Dijonmosterd
- 2 el wittewijnazijn
- 70 ml olijfolie
- 1 teen knoflook
Bereiding
- 01Stap 1
Rooster de tomaten 15 minuten op 200 °C tot ze openbarsten.
- 02Stap 2
Hak peterselie, kappertjes en knoflook en meng met mosterd, azijn en olijfolie tot salsa verde.
- 03Stap 3
Grill de biefstuk op hoge hitte voor duidelijke grillstrepen en kleur.
- 04Stap 4
Gaar verder tot 54–56 °C voor medium-rare of 58–60 °C voor medium. Laat 5–8 minuten rusten.
- 05Stap 5
Laat 5–8 minuten rusten en snijd pas daarna aan; serveer als hele portie of in gelijkmatige plakken.
- 06Stap 6
Serveer met geroosterde tomaat en salsa verde aan tafel.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng naturel vlees op smaak met zout en zwarte peper, óf gebruik Jans Biefstuk Kruidenmix als smaakvol alternatief. Kies één van beide en voorkom dubbele kruiding.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Gebruik directe hitte voor een mooie korst. Dikke stukken kun je daarna indirect verder laten garen; dunne steaks of kleine delen blijven vooral boven directe hitte. Controleer de gaarheid in het dikste deel.
- Tip van Jan: Vis koelt een pan snel af. Bak porties met ruimte ertussen voor kleur in plaats van stoom.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Fris en hartig; de salsa wordt na het garen toegevoegd en blijft daardoor levendig.
Ingrediënten
- ca. 700 g biefstuk
- 700 g krieltjes
- 2 sjalotten
- 150 ml rode wijn
- 200 ml runder- of kalfsfond
- 30 g koude boter
- 1 el neutrale olie
- zout en zwarte peper
Bereiding
- 01Stap 1
Laat de biefstuk 20–30 minuten temperen. Is het oppervlak zichtbaar vochtig, dep dan alleen dat vocht weg; verder is geen voorbehandeling nodig.
- 02Stap 2
Rooster de krieltjes in een oven van 210 °C in 30–35 minuten goudbruin en gaar.
- 03Stap 3
Verhit een zware koekenpan zeer heet, voeg olie toe en bak de biefstuk rondom krachtig aan. Gaar verder tot 54–56 °C voor medium-rare of 58–60 °C voor medium.
- 04Stap 4
Neem de biefstuk uit de pan en laat 8–10 minuten rusten. Fruit intussen de sjalot in dezelfde pan.
- 05Stap 5
Blus met rode wijn, laat tot ongeveer de helft inkoken, voeg fond toe en reduceer tot sausdikte. Klop van het vuur af de koude boter erdoor.
- 06Stap 6
Snijd de biefstuk dwars op de draad waar dat voor dit deelstuk relevant is en serveer met de jus en krieltjes.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng het vlees vlak voor de bereiding op smaak met zout en zwarte peper. Voor een vollere, kruidige smaak kun je in plaats daarvan Jans Biefstuk Kruidenmix gebruiken. Kies één van beide; zo blijft de kruiding mooi in balans.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Verhit de pan eerst goed en gebruik waar nodig slechts een dun laagje hittebestendig bakvet. Geef het vlees ruimte en bouw een duidelijke korst op zonder voortdurend te schuiven; verlaag daarna de hitte wanneer het stuk nog moet doorgaren.
- Voeg boter en aromaten uit het recept pas na de eerste korstfase toe en lepel het schuimende bakvet kort over het vlees; zo blijven de aromaten frisser en verbranden ze minder snel.
- Tip van Jan: Dunne staartstukken zijn eerder klaar dan dikke middendelen; haal ze zo nodig eerder uit de pan.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een klassieke bistrobereiding waarin de smaak van biefstuk centraal blijft.

Ierse Kogelbiefstuk Heel (± 1 kg)
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- ca. 700 g biefstuk
- 300 g cherrytomaten
- 1 bos peterselie
- 2 el kappertjes
- 1 el Dijonmosterd
- 2 el wittewijnazijn
- 70 ml olijfolie
- 1 teen knoflook
Bereiding
- 01Stap 1
Rooster de tomaten 15 minuten op 200 °C tot ze openbarsten.
- 02Stap 2
Hak peterselie, kappertjes en knoflook en meng met mosterd, azijn en olijfolie tot salsa verde.
- 03Stap 3
Grill de biefstuk op hoge hitte voor duidelijke grillstrepen en kleur.
- 04Stap 4
Gaar verder tot 54–56 °C voor medium-rare of 58–60 °C voor medium. Laat 10–15 minuten rusten.
- 05Stap 5
Laat het vlees rusten en snijd het daarna in gelijkmatige plakken.
- 06Stap 6
Serveer met geroosterde tomaat en salsa verde aan tafel.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng naturel vlees op smaak met zout en zwarte peper, óf gebruik Jans Biefstuk Kruidenmix als smaakvol alternatief. Kies één van beide en voorkom dubbele kruiding.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Gebruik directe hitte voor een mooie korst. Dikke stukken kun je daarna indirect verder laten garen; dunne steaks of kleine delen blijven vooral boven directe hitte. Controleer de gaarheid in het dikste deel.
- Tip van Jan: Haal vis tijdig van de hitte; restwarmte kan de kern nog enkele graden laten stijgen.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Fris en hartig; de salsa wordt na het garen toegevoegd en blijft daardoor levendig.
Ingrediënten
- ca. 700 g biefstuk
- 700 g krieltjes
- 2 sjalotten
- 150 ml rode wijn
- 200 ml runder- of kalfsfond
- 30 g koude boter
- 1 el neutrale olie
- zout en zwarte peper
Bereiding
- 01Stap 1
Laat de biefstuk 20–30 minuten temperen. Is het oppervlak zichtbaar vochtig, dep dan alleen dat vocht weg; verder is geen voorbehandeling nodig.
- 02Stap 2
Rooster de krieltjes in een oven van 210 °C in 30–35 minuten goudbruin en gaar.
- 03Stap 3
Verhit een zware koekenpan zeer heet, voeg olie toe en bak de biefstuk rondom krachtig aan. Gaar verder tot 54–56 °C voor medium-rare of 58–60 °C voor medium.
- 04Stap 4
Neem de biefstuk uit de pan en laat 8–10 minuten rusten. Fruit intussen de sjalot in dezelfde pan.
- 05Stap 5
Blus met rode wijn, laat tot ongeveer de helft inkoken, voeg fond toe en reduceer tot sausdikte. Klop van het vuur af de koude boter erdoor.
- 06Stap 6
Snijd de biefstuk dwars op de draad waar dat voor dit deelstuk relevant is en serveer met de jus en krieltjes.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng het vlees vlak voor de bereiding op smaak met zout en zwarte peper. Voor een vollere, kruidige smaak kun je in plaats daarvan Jans Biefstuk Kruidenmix gebruiken. Kies één van beide; zo blijft de kruiding mooi in balans.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Verhit de pan eerst goed en gebruik waar nodig slechts een dun laagje hittebestendig bakvet. Geef het vlees ruimte en bouw een duidelijke korst op zonder voortdurend te schuiven; verlaag daarna de hitte wanneer het stuk nog moet doorgaren.
- Voeg boter en aromaten uit het recept pas na de eerste korstfase toe en lepel het schuimende bakvet kort over het vlees; zo blijven de aromaten frisser en verbranden ze minder snel.
- Tip van Jan: Dunne staartstukken zijn eerder klaar dan dikke middendelen; haal ze zo nodig eerder uit de pan.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een klassieke bistrobereiding waarin de smaak van biefstuk centraal blijft.
Ingrediënten
- ca. 700 g biefstuk
- 1 bos platte peterselie
- 2 tenen knoflook
- 1 kleine rode peper
- 2 el rodewijnazijn
- 80 ml olijfolie
- 1 tl gedroogde oregano
- zout
Bereiding
- 01Stap 1
Hak peterselie, knoflook en rode peper fijn en meng met azijn, olijfolie, oregano en zout. Laat de chimichurri minimaal 15 minuten staan.
- 02Stap 2
Maak de barbecue gereed met een hete directe zone en een rustigere indirecte zone.
- 03Stap 3
Grill de biefstuk boven directe hitte rondom stevig aan voor een donkere korst zonder te verbranden.
- 04Stap 4
Verplaats de biefstuk zo nodig naar indirecte hitte en gaar tot 54–56 °C voor medium-rare of 58–60 °C voor medium.
- 05Stap 5
Laat 8–10 minuten rusten, losjes afgedekt.
- 06Stap 6
Laat het vlees rusten en snijd het daarna in gelijkmatige plakken.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng het vlees vlak voor de bereiding op smaak met zout en zwarte peper. Voor een vollere, kruidige smaak kun je in plaats daarvan Jans Biefstuk Kruidenmix gebruiken. Kies één van beide; zo blijft de kruiding mooi in balans.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Gebruik directe hitte voor een mooie korst. Dikke stukken kun je daarna indirect verder laten garen; dunne steaks of kleine delen blijven vooral boven directe hitte. Controleer de gaarheid in het dikste deel.
- Tip van Jan: Dunne staartstukken zijn eerder klaar dan dikke middendelen; haal ze zo nodig eerder uit de pan.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Fris, kruidig en uitgesproken zonder de biefstuk onder een zware saus te verstoppen.

Jodenhaas geportioneerd
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- ca. 700 g jodenhaas
- 2 stronken paksoi
- 2 lente-uien
- 2 el sojasaus
- 1 el rijstazijn
- 1 tl sesamolie
- 1 tl honing
- 1 el neutrale olie
- 1 tl geroosterde sesam
Bereiding
- 01Stap 1
Snijd de jodenhaas alleen als het deelstuk dat toelaat in dunne plakken dwars op de draad; laat dikke steaks juist heel en snijd pas na het garen.
- 02Stap 2
Meng sojasaus, rijstazijn, sesamolie en honing tot een snelle jus.
- 03Stap 3
Bak de jodenhaas zeer heet en kort zodat het vlees kleurt zonder uit te drogen; gaar verder tot 54–56 °C voor medium-rare of 58–60 °C voor medium.
- 04Stap 4
Roerbak paksoi en lente-ui 2–3 minuten zodat ze fris en knapperig blijven.
- 05Stap 5
Voeg de sojajus kort toe en laat slechts enkele seconden bruisen.
- 06Stap 6
Serveer de jodenhaas met paksoi en bestrooi met sesam.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng naturel vlees op smaak met zout en zwarte peper, óf gebruik Jans Biefstuk Kruidenmix als smaakvol alternatief. Kies één van beide en voorkom dubbele kruiding.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Verhit de pan eerst goed en gebruik waar nodig slechts een dun laagje hittebestendig bakvet. Geef het vlees ruimte en bouw een duidelijke korst op zonder voortdurend te schuiven; verlaag daarna de hitte wanneer het stuk nog moet doorgaren.
- Tip van Jan: Ook bij malse steaks verbetert dwars op de draad snijden de beet, vooral bij grovere structuren.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een moderne, lichtere bereiding met veel umami en korte garing.
Ingrediënten
- ca. 700 g jodenhaas
- 300 g cherrytomaten
- 1 bos peterselie
- 2 el kappertjes
- 1 el Dijonmosterd
- 2 el wittewijnazijn
- 70 ml olijfolie
- 1 teen knoflook
Bereiding
- 01Stap 1
Rooster de tomaten 15 minuten op 200 °C tot ze openbarsten.
- 02Stap 2
Hak peterselie, kappertjes en knoflook en meng met mosterd, azijn en olijfolie tot salsa verde.
- 03Stap 3
Grill de jodenhaas op hoge hitte voor duidelijke grillstrepen en kleur.
- 04Stap 4
Gaar verder tot 54–56 °C voor medium-rare of 58–60 °C voor medium. Laat 5–8 minuten rusten.
- 05Stap 5
Laat 5–8 minuten rusten en snijd pas daarna aan; serveer als hele portie of in gelijkmatige plakken.
- 06Stap 6
Serveer met geroosterde tomaat en salsa verde aan tafel.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng naturel vlees op smaak met zout en zwarte peper, óf gebruik Jans Biefstuk Kruidenmix als smaakvol alternatief. Kies één van beide en voorkom dubbele kruiding.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Gebruik directe hitte voor een mooie korst. Dikke stukken kun je daarna indirect verder laten garen; dunne steaks of kleine delen blijven vooral boven directe hitte. Controleer de gaarheid in het dikste deel.
- Tip van Jan: Bij dikke steaks werkt eerst kleuren en daarna rustiger doorgaren vaak beter dan de hele bereiding op maximale hitte.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Fris en hartig; de salsa wordt na het garen toegevoegd en blijft daardoor levendig.
Ingrediënten
- ca. 700 g jodenhaas
- 700 g krieltjes
- 2 sjalotten
- 150 ml rode wijn
- 200 ml runder- of kalfsfond
- 30 g koude boter
- 1 el neutrale olie
- zout en zwarte peper
Bereiding
- 01Stap 1
Laat de jodenhaas 20–30 minuten temperen. Is het oppervlak zichtbaar vochtig, dep dan alleen dat vocht weg; verder is geen voorbehandeling nodig.
- 02Stap 2
Rooster de krieltjes in een oven van 210 °C in 30–35 minuten goudbruin en gaar.
- 03Stap 3
Verhit een zware koekenpan zeer heet, voeg olie toe en bak de jodenhaas rondom krachtig aan. Gaar verder tot 54–56 °C voor medium-rare of 58–60 °C voor medium.
- 04Stap 4
Neem de jodenhaas uit de pan en laat 8–10 minuten rusten. Fruit intussen de sjalot in dezelfde pan.
- 05Stap 5
Blus met rode wijn, laat tot ongeveer de helft inkoken, voeg fond toe en reduceer tot sausdikte. Klop van het vuur af de koude boter erdoor.
- 06Stap 6
Snijd de jodenhaas dwars op de draad waar dat voor dit deelstuk relevant is en serveer met de jus en krieltjes.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng het vlees vlak voor de bereiding op smaak met zout en zwarte peper. Voor een vollere, kruidige smaak kun je in plaats daarvan Jans Biefstuk Kruidenmix gebruiken. Kies één van beide; zo blijft de kruiding mooi in balans.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Verhit de pan eerst goed en gebruik waar nodig slechts een dun laagje hittebestendig bakvet. Geef het vlees ruimte en bouw een duidelijke korst op zonder voortdurend te schuiven; verlaag daarna de hitte wanneer het stuk nog moet doorgaren.
- Voeg boter en aromaten uit het recept pas na de eerste korstfase toe en lepel het schuimende bakvet kort over het vlees; zo blijven de aromaten frisser en verbranden ze minder snel.
- Tip van Jan: Gebruik boter, knoflook of kruiden pas in de laatste fase als de pan iets rustiger is; zo verbranden de melkbestanddelen minder snel.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een klassieke bistrobereiding waarin de smaak van jodenhaas centraal blijft.

Jodenhaas Iers vers
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- ca. 700 g jodenhaas
- 1 bos platte peterselie
- 2 tenen knoflook
- 1 kleine rode peper
- 2 el rodewijnazijn
- 80 ml olijfolie
- 1 tl gedroogde oregano
- zout
Bereiding
- 01Stap 1
Hak peterselie, knoflook en rode peper fijn en meng met azijn, olijfolie, oregano en zout. Laat de chimichurri minimaal 15 minuten staan.
- 02Stap 2
Maak de barbecue gereed met een hete directe zone en een rustigere indirecte zone.
- 03Stap 3
Grill de jodenhaas boven directe hitte rondom stevig aan voor een donkere korst zonder te verbranden.
- 04Stap 4
Verplaats de jodenhaas zo nodig naar indirecte hitte en gaar tot 54–56 °C voor medium-rare of 58–60 °C voor medium.
- 05Stap 5
Laat 8–10 minuten rusten, losjes afgedekt.
- 06Stap 6
Laat 5–8 minuten rusten en snijd pas daarna aan; serveer als hele portie of in gelijkmatige plakken.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng het vlees vlak voor de bereiding op smaak met zout en zwarte peper. Voor een vollere, kruidige smaak kun je in plaats daarvan Jans Biefstuk Kruidenmix gebruiken. Kies één van beide; zo blijft de kruiding mooi in balans.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Gebruik directe hitte voor een mooie korst. Dikke stukken kun je daarna indirect verder laten garen; dunne steaks of kleine delen blijven vooral boven directe hitte. Controleer de gaarheid in het dikste deel.
- Tip van Jan: Dunne staartstukken zijn eerder klaar dan dikke middendelen; haal ze zo nodig eerder uit de pan.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Fris, kruidig en uitgesproken zonder de jodenhaas onder een zware saus te verstoppen.
Ingrediënten
- ca. 700 g jodenhaas
- 250 g kastanjechampignons
- 1 sjalot
- 1 el groene peperkorrels
- 150 ml kookroom
- 150 ml fond
- 1 el olie
- 20 g boter
Bereiding
- 01Stap 1
Snijd de champignons in kwarten en bak ze op hoog vuur in een droge pan tot ze kleur krijgen; voeg pas daarna een klein klontje boter toe en houd warm.
- 02Stap 2
Bak de jodenhaas in een zeer hete pan rondom bruin en gaar tot 54–56 °C voor medium-rare of 58–60 °C voor medium.
- 03Stap 3
Laat de jodenhaas rusten terwijl u de saus maakt.
- 04Stap 4
Fruit sjalot en groene peperkorrels kort in dezelfde pan, voeg fond toe en kook tot ongeveer de helft in.
- 05Stap 5
Voeg room toe en laat rustig binden; proef voordat u extra zout toevoegt.
- 06Stap 6
Snijd de jodenhaas en serveer met de paddenstoelen en een kleine lepel pepersaus.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng het vlees vlak voor de bereiding op smaak met zout en zwarte peper. Voor een vollere, kruidige smaak kun je in plaats daarvan Jans Biefstuk Kruidenmix gebruiken. Kies één van beide; zo blijft de kruiding mooi in balans.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Verhit de pan eerst goed en gebruik waar nodig slechts een dun laagje hittebestendig bakvet. Geef het vlees ruimte en bouw een duidelijke korst op zonder voortdurend te schuiven; verlaag daarna de hitte wanneer het stuk nog moet doorgaren.
- Voeg boter en aromaten uit het recept pas na de eerste korstfase toe en lepel het schuimende bakvet kort over het vlees; zo blijven de aromaten frisser en verbranden ze minder snel.
- Tip van Jan: Laat vis in de pan eerst een korst vormen voordat u probeert te keren.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een restaurantklassieker met romige saus en geroosterde paddenstoelen.
Ingrediënten
- ca. 700 g jodenhaas
- 2 stronken paksoi
- 2 lente-uien
- 2 el sojasaus
- 1 el rijstazijn
- 1 tl sesamolie
- 1 tl honing
- 1 el neutrale olie
- 1 tl geroosterde sesam
Bereiding
- 01Stap 1
Snijd de jodenhaas alleen als het deelstuk dat toelaat in dunne plakken dwars op de draad; laat dikke steaks juist heel en snijd pas na het garen.
- 02Stap 2
Meng sojasaus, rijstazijn, sesamolie en honing tot een snelle jus.
- 03Stap 3
Bak de jodenhaas zeer heet en kort zodat het vlees kleurt zonder uit te drogen; gaar verder tot 54–56 °C voor medium-rare of 58–60 °C voor medium.
- 04Stap 4
Roerbak paksoi en lente-ui 2–3 minuten zodat ze fris en knapperig blijven.
- 05Stap 5
Voeg de sojajus kort toe en laat slechts enkele seconden bruisen.
- 06Stap 6
Serveer de jodenhaas met paksoi en bestrooi met sesam.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng naturel vlees op smaak met zout en zwarte peper, óf gebruik Jans Biefstuk Kruidenmix als smaakvol alternatief. Kies één van beide en voorkom dubbele kruiding.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Verhit de pan eerst goed en gebruik waar nodig slechts een dun laagje hittebestendig bakvet. Geef het vlees ruimte en bouw een duidelijke korst op zonder voortdurend te schuiven; verlaag daarna de hitte wanneer het stuk nog moet doorgaren.
- Tip van Jan: Dunne staartstukken zijn eerder klaar dan dikke middendelen; haal ze zo nodig eerder uit de pan.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een moderne, lichtere bereiding met veel umami en korte garing.

Klapstuk
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- ca. 1 kg Klapstuk
- 2 uien
- 3 tenen knoflook
- 20 g gember
- 2 tl gemalen koriander
- 1 tl komijn
- 3 el ketjap manis
- 400 ml kokosmelk
- 1 stengel citroengras
Bereiding
- 01Stap 1
Bak de ui rustig goudbruin in een beetje olie.
- 02Stap 2
Voeg knoflook, gember, koriander en komijn toe en bak kort tot het geurt.
- 03Stap 3
Voeg de Klapstuk toe en bak rondom aan; werk in porties als de pan te vol wordt.
- 04Stap 4
Roer ketjap erdoor, voeg kokosmelk en gekneusd citroengras toe en breng tegen de kook aan.
- 05Stap 5
Laat 2,5–3 uur heel zacht stoven zonder hard te koken.
- 06Stap 6
Neem het deksel het laatste halfuur weg zodat de saus geconcentreerd en romig wordt; verwijder citroengras voor serveren.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Snijd stoofvlees alleen kleiner als het recept dat nodig heeft en houd de stukken zoveel mogelijk gelijk van formaat, zodat ze gelijkmatig garen.
- Braad de vleesstukken waar het recept dat toelaat in porties aan voor kleur en smaak. Laat ze daarna rustig stoven: zacht pruttelen, niet hard doorkoken, en gebruik malsheid als eindcontrole in plaats van alleen een vaste tijd.
- Tip van Jan: Meet in het dikste deel en niet tegen bot, vetlaag of pan. Zo stuurt u op garing in plaats van op minuten.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een warme specerijenrichting die echt verschilt van Europese stoofgerechten.
Ingrediënten
- ca. 1 kg Klapstuk
- 2 uien
- 2 wortels
- 400 g tomatenblokjes
- 120 g groene olijven
- 1 sinaasappel
- 300 ml bouillon
- 1 tl venkelzaad
- 2 el olijfolie
Bereiding
- 01Stap 1
Bak de Klapstuk in een braadpan rondom bruin en neem uit de pan.
- 02Stap 2
Bak ui en wortel 5 minuten zacht, voeg venkelzaad toe en laat kort geuren.
- 03Stap 3
Voeg tomaat, bouillon, een brede reep sinaasappelschil en het vlees toe.
- 04Stap 4
Dek af en gaar 2,5–3 uur in een oven van 150 °C tot het vlees zeer mals is.
- 05Stap 5
Voeg olijven de laatste 20 minuten toe en verwijder de sinaasappelschil.
- 06Stap 6
Laat de saus zonder deksel zo nodig iets inkoken en serveer met polenta of aardappelpuree.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Snijd stoofvlees alleen kleiner als het recept dat nodig heeft en houd de stukken zoveel mogelijk gelijk van formaat, zodat ze gelijkmatig garen.
- Braad de vleesstukken waar het recept dat toelaat in porties aan voor kleur en smaak. Laat ze daarna rustig stoven: zacht pruttelen, niet hard doorkoken, en gebruik malsheid als eindcontrole in plaats van alleen een vaste tijd.
- Tip van Jan: Kies eerst de juiste techniek voor het product en pas daarna kruiden en saus aan. Een goed stuk vlees heeft meestal minder nodig dan u denkt.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Mediterrane stoof met frisse citrus en zilte olijf als tegenhanger voor rijk vlees.
Ingrediënten
- ca. 1 kg Klapstuk
- 3 uien
- 330 ml donker bier
- 400 ml bouillon
- 2 el bloem
- 1 el mosterd
- 2 laurierblaadjes
- 30 g boter
Bereiding
- 01Stap 1
Snijd de Klapstuk in gelijkmatige stukken als dat nog niet is gebeurd. Is het oppervlak zichtbaar nat, dep alleen dat vocht weg zodat het vlees kan bruinen.
- 02Stap 2
Bak het vlees in porties stevig bruin in boter; leg elke portie apart.
- 03Stap 3
Bak de ui rustig goudbruin, bestuif met bloem en laat 1 minuut meegaren.
- 04Stap 4
Blus met bier en bouillon en roer alle aanbaksels los. Voeg mosterd en laurier toe.
- 05Stap 5
Doe het vlees terug en laat 2,5–3 uur zeer zacht stoven tot het lepelmals is; laat de saus het laatste halfuur zo nodig zonder deksel inkoken.
- 06Stap 6
Proef pas op het einde op zout en serveer met aardappelpuree of friet.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Snijd stoofvlees alleen kleiner als het recept dat nodig heeft en houd de stukken zoveel mogelijk gelijk van formaat, zodat ze gelijkmatig garen.
- Braad de vleesstukken waar het recept dat toelaat in porties aan voor kleur en smaak. Laat ze daarna rustig stoven: zacht pruttelen, niet hard doorkoken, en gebruik malsheid als eindcontrole in plaats van alleen een vaste tijd.
- Tip van Jan: Snijd vlees zo laat mogelijk. Zo blijft het warmer en verliest het minder vocht.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Diepe, klassieke stoofsmaak door bruinen, reduceren en langzame garing.

Kogelbiefstuk Iers vers
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- ca. 700 g biefstuk
- 300 g cherrytomaten
- 1 bos peterselie
- 2 el kappertjes
- 1 el Dijonmosterd
- 2 el wittewijnazijn
- 70 ml olijfolie
- 1 teen knoflook
Bereiding
- 01Stap 1
Rooster de tomaten 15 minuten op 200 °C tot ze openbarsten.
- 02Stap 2
Hak peterselie, kappertjes en knoflook en meng met mosterd, azijn en olijfolie tot salsa verde.
- 03Stap 3
Grill de biefstuk op hoge hitte voor duidelijke grillstrepen en kleur.
- 04Stap 4
Gaar verder tot 54–56 °C voor medium-rare of 58–60 °C voor medium. Laat 5–8 minuten rusten.
- 05Stap 5
Laat 5–8 minuten rusten en snijd pas daarna aan; serveer als hele portie of in gelijkmatige plakken.
- 06Stap 6
Serveer met geroosterde tomaat en salsa verde aan tafel.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng naturel vlees op smaak met zout en zwarte peper, óf gebruik Jans Biefstuk Kruidenmix als smaakvol alternatief. Kies één van beide en voorkom dubbele kruiding.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Gebruik directe hitte voor een mooie korst. Dikke stukken kun je daarna indirect verder laten garen; dunne steaks of kleine delen blijven vooral boven directe hitte. Controleer de gaarheid in het dikste deel.
- Tip van Jan: Vis koelt een pan snel af. Bak porties met ruimte ertussen voor kleur in plaats van stoom.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Fris en hartig; de salsa wordt na het garen toegevoegd en blijft daardoor levendig.
Ingrediënten
- ca. 700 g biefstuk
- 700 g krieltjes
- 2 sjalotten
- 150 ml rode wijn
- 200 ml runder- of kalfsfond
- 30 g koude boter
- 1 el neutrale olie
- zout en zwarte peper
Bereiding
- 01Stap 1
Laat de biefstuk 20–30 minuten temperen. Is het oppervlak zichtbaar vochtig, dep dan alleen dat vocht weg; verder is geen voorbehandeling nodig.
- 02Stap 2
Rooster de krieltjes in een oven van 210 °C in 30–35 minuten goudbruin en gaar.
- 03Stap 3
Verhit een zware koekenpan zeer heet, voeg olie toe en bak de biefstuk rondom krachtig aan. Gaar verder tot 54–56 °C voor medium-rare of 58–60 °C voor medium.
- 04Stap 4
Neem de biefstuk uit de pan en laat 8–10 minuten rusten. Fruit intussen de sjalot in dezelfde pan.
- 05Stap 5
Blus met rode wijn, laat tot ongeveer de helft inkoken, voeg fond toe en reduceer tot sausdikte. Klop van het vuur af de koude boter erdoor.
- 06Stap 6
Snijd de biefstuk dwars op de draad waar dat voor dit deelstuk relevant is en serveer met de jus en krieltjes.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng het vlees vlak voor de bereiding op smaak met zout en zwarte peper. Voor een vollere, kruidige smaak kun je in plaats daarvan Jans Biefstuk Kruidenmix gebruiken. Kies één van beide; zo blijft de kruiding mooi in balans.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Verhit de pan eerst goed en gebruik waar nodig slechts een dun laagje hittebestendig bakvet. Geef het vlees ruimte en bouw een duidelijke korst op zonder voortdurend te schuiven; verlaag daarna de hitte wanneer het stuk nog moet doorgaren.
- Voeg boter en aromaten uit het recept pas na de eerste korstfase toe en lepel het schuimende bakvet kort over het vlees; zo blijven de aromaten frisser en verbranden ze minder snel.
- Tip van Jan: Dunne staartstukken zijn eerder klaar dan dikke middendelen; haal ze zo nodig eerder uit de pan.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een klassieke bistrobereiding waarin de smaak van biefstuk centraal blijft.
Ingrediënten
- ca. 700 g biefstuk
- 1 bos platte peterselie
- 2 tenen knoflook
- 1 kleine rode peper
- 2 el rodewijnazijn
- 80 ml olijfolie
- 1 tl gedroogde oregano
- zout
Bereiding
- 01Stap 1
Hak peterselie, knoflook en rode peper fijn en meng met azijn, olijfolie, oregano en zout. Laat de chimichurri minimaal 15 minuten staan.
- 02Stap 2
Maak de barbecue gereed met een hete directe zone en een rustigere indirecte zone.
- 03Stap 3
Grill de biefstuk boven directe hitte rondom stevig aan voor een donkere korst zonder te verbranden.
- 04Stap 4
Verplaats de biefstuk zo nodig naar indirecte hitte en gaar tot 54–56 °C voor medium-rare of 58–60 °C voor medium.
- 05Stap 5
Laat 8–10 minuten rusten, losjes afgedekt.
- 06Stap 6
Laat 5–8 minuten rusten en snijd pas daarna aan; serveer als hele portie of in gelijkmatige plakken.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng het vlees vlak voor de bereiding op smaak met zout en zwarte peper. Voor een vollere, kruidige smaak kun je in plaats daarvan Jans Biefstuk Kruidenmix gebruiken. Kies één van beide; zo blijft de kruiding mooi in balans.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Gebruik directe hitte voor een mooie korst. Dikke stukken kun je daarna indirect verder laten garen; dunne steaks of kleine delen blijven vooral boven directe hitte. Controleer de gaarheid in het dikste deel.
- Tip van Jan: Dunne staartstukken zijn eerder klaar dan dikke middendelen; haal ze zo nodig eerder uit de pan.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Fris, kruidig en uitgesproken zonder de biefstuk onder een zware saus te verstoppen.

LONGHAAS HOLSTEIN
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- ca. 700 g longhaas
- 2 stronken paksoi
- 2 lente-uien
- 2 el sojasaus
- 1 el rijstazijn
- 1 tl sesamolie
- 1 tl honing
- 1 el neutrale olie
- 1 tl geroosterde sesam
Bereiding
- 01Stap 1
Snijd de longhaas alleen als het deelstuk dat toelaat in dunne plakken dwars op de draad; laat dikke steaks juist heel en snijd pas na het garen.
- 02Stap 2
Meng sojasaus, rijstazijn, sesamolie en honing tot een snelle jus.
- 03Stap 3
Bak de longhaas zeer heet en kort zodat het vlees kleurt zonder uit te drogen; gaar verder tot 54–56 °C voor medium-rare of 58–60 °C voor medium.
- 04Stap 4
Roerbak paksoi en lente-ui 2–3 minuten zodat ze fris en knapperig blijven.
- 05Stap 5
Voeg de sojajus kort toe en laat slechts enkele seconden bruisen.
- 06Stap 6
Serveer de longhaas met paksoi en bestrooi met sesam.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng naturel vlees op smaak met zout en zwarte peper, óf gebruik Jans Biefstuk Kruidenmix als smaakvol alternatief. Kies één van beide en voorkom dubbele kruiding.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Verhit de pan eerst goed en gebruik waar nodig slechts een dun laagje hittebestendig bakvet. Geef het vlees ruimte en bouw een duidelijke korst op zonder voortdurend te schuiven; verlaag daarna de hitte wanneer het stuk nog moet doorgaren.
- Tip van Jan: Snijd grove rundspieren in dunne plakken haaks op de vezel. Dat maakt een merkbaar verschil in malsheid.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een moderne, lichtere bereiding met veel umami en korte garing.
Ingrediënten
- ca. 700 g longhaas
- 300 g cherrytomaten
- 1 bos peterselie
- 2 el kappertjes
- 1 el Dijonmosterd
- 2 el wittewijnazijn
- 70 ml olijfolie
- 1 teen knoflook
Bereiding
- 01Stap 1
Rooster de tomaten 15 minuten op 200 °C tot ze openbarsten.
- 02Stap 2
Hak peterselie, kappertjes en knoflook en meng met mosterd, azijn en olijfolie tot salsa verde.
- 03Stap 3
Grill de longhaas op hoge hitte voor duidelijke grillstrepen en kleur.
- 04Stap 4
Gaar verder tot 54–56 °C voor medium-rare of 58–60 °C voor medium. Laat 5–8 minuten rusten.
- 05Stap 5
Snijd het vlees pas na de rust in dunne plakken dwars op de duidelijk zichtbare spiervezels.
- 06Stap 6
Serveer met geroosterde tomaat en salsa verde aan tafel.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng naturel vlees op smaak met zout en zwarte peper, óf gebruik Jans Biefstuk Kruidenmix als smaakvol alternatief. Kies één van beide en voorkom dubbele kruiding.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Gebruik directe hitte voor een mooie korst. Dikke stukken kun je daarna indirect verder laten garen; dunne steaks of kleine delen blijven vooral boven directe hitte. Controleer de gaarheid in het dikste deel.
- Tip van Jan: Snijd grove rundspieren in dunne plakken haaks op de vezel. Dat maakt een merkbaar verschil in malsheid.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Fris en hartig; de salsa wordt na het garen toegevoegd en blijft daardoor levendig.
Ingrediënten
- ca. 700 g longhaas
- 700 g krieltjes
- 2 sjalotten
- 150 ml rode wijn
- 200 ml runder- of kalfsfond
- 30 g koude boter
- 1 el neutrale olie
- zout en zwarte peper
Bereiding
- 01Stap 1
Laat de longhaas 20–30 minuten temperen. Is het oppervlak zichtbaar vochtig, dep dan alleen dat vocht weg; verder is geen voorbehandeling nodig.
- 02Stap 2
Rooster de krieltjes in een oven van 210 °C in 30–35 minuten goudbruin en gaar.
- 03Stap 3
Verhit een zware koekenpan zeer heet, voeg olie toe en bak de longhaas rondom krachtig aan. Gaar verder tot 54–56 °C voor medium-rare of 58–60 °C voor medium.
- 04Stap 4
Neem de longhaas uit de pan en laat 8–10 minuten rusten. Fruit intussen de sjalot in dezelfde pan.
- 05Stap 5
Blus met rode wijn, laat tot ongeveer de helft inkoken, voeg fond toe en reduceer tot sausdikte. Klop van het vuur af de koude boter erdoor.
- 06Stap 6
Snijd de longhaas dwars op de draad waar dat voor dit deelstuk relevant is en serveer met de jus en krieltjes.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng het vlees vlak voor de bereiding op smaak met zout en zwarte peper. Voor een vollere, kruidige smaak kun je in plaats daarvan Jans Biefstuk Kruidenmix gebruiken. Kies één van beide; zo blijft de kruiding mooi in balans.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Verhit de pan eerst goed en gebruik waar nodig slechts een dun laagje hittebestendig bakvet. Geef het vlees ruimte en bouw een duidelijke korst op zonder voortdurend te schuiven; verlaag daarna de hitte wanneer het stuk nog moet doorgaren.
- Voeg boter en aromaten uit het recept pas na de eerste korstfase toe en lepel het schuimende bakvet kort over het vlees; zo blijven de aromaten frisser en verbranden ze minder snel.
- Tip van Jan: Leg een lang stuk zo in pan of op grill dat zoveel mogelijk oppervlak contact maakt voor egale bruining.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een klassieke bistrobereiding waarin de smaak van longhaas centraal blijft.

Mergpijpjes
2 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- 8 Mergpijpjes
- 8 sneetjes zuurdesem
- 1 bos peterselie
- 1 sjalot
- 1 el kappertjes
- 1 el rodewijnazijn
- zwarte peper
- grof zout
Bereiding
- 01Stap 1
Verwarm de oven voor op 220 °C.
- 02Stap 2
Leg de mergpijpjes rechtop of met snijvlak omhoog in een ovenschaal.
- 03Stap 3
Rooster 15–20 minuten tot het merg zacht en glanzend is maar niet volledig is weggesmolten.
- 04Stap 4
Hak peterselie, sjalot en kappertjes en meng met azijn.
- 05Stap 5
Rooster het zuurdesembrood.
- 06Stap 6
Schep merg op toast, bestrooi met grof zout en zwarte peper en serveer met de frisse peterseliesalade.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Gebruik het zout uit het recept doelgericht op het vlees en verdeel het gelijkmatig. Voeg geen extra zout toe buiten de receptuur zonder eerst de totale kruiding te beoordelen.
- Gebruik de oven voor beheerst doorgaren. Wanneer het recept eerst een korst vraagt, schroei het vlees vooraf kort aan; bepaal het eindpunt op kern en niet uitsluitend op oventijd.
- Tip van Jan: Meet in het dikste deel en niet tegen bot, vetlaag of pan. Zo stuurt u op garing in plaats van op minuten.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Klassieke mergbereiding met zuur en kruiden als noodzakelijke tegenhanger.
Ingrediënten
- 8 Mergpijpjes
- 2 sjalotten
- 250 ml rode wijn
- 500 ml runderfond
- 1 tl Dijonmosterd
- 1 takje rozemarijn
Bereiding
- 01Stap 1
Rooster de mergpijpjes 20 minuten op 220 °C en vang het vrijgekomen vet op.
- 02Stap 2
Fruit sjalot in een theelepel mergvet.
- 03Stap 3
Blus met rode wijn en kook tot ongeveer een derde in.
- 04Stap 4
Voeg fond toe en laat tot sausdikte reduceren.
- 05Stap 5
Roer mosterd erdoor en laat één takje rozemarijn slechts kort meetrekken; verwijder voor serveren.
- 06Stap 6
Schep een klein beetje geroosterd merg door de jus voor extra body.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng naturel vlees vlak voor de bereiding gelijkmatig op smaak met zout. Volg een langere zout- of dry-brinefase alleen wanneer het recept dat bewust voorschrijft.
- Gebruik de oven voor beheerst doorgaren. Wanneer het recept eerst een korst vraagt, schroei het vlees vooraf kort aan; bepaal het eindpunt op kern en niet uitsluitend op oventijd.
- Tip van Jan: Meet in het dikste deel en niet tegen bot, vetlaag of pan. Zo stuurt u op garing in plaats van op minuten.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Rozemarijn is hier beperkt en bewust gebruikt in een krachtige rundjus.

Oerhammetje
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- ca. 1 kg Oerhammetje
- 2 uien
- 2 wortels
- 400 g tomatenblokjes
- 120 g groene olijven
- 1 sinaasappel
- 300 ml bouillon
- 1 tl venkelzaad
- 2 el olijfolie
Bereiding
- 01Stap 1
Bak de Oerhammetje in een braadpan rondom bruin en neem uit de pan.
- 02Stap 2
Bak ui en wortel 5 minuten zacht, voeg venkelzaad toe en laat kort geuren.
- 03Stap 3
Voeg tomaat, bouillon, een brede reep sinaasappelschil en het vlees toe.
- 04Stap 4
Dek af en gaar 2,5–3 uur in een oven van 150 °C tot het vlees zeer mals is.
- 05Stap 5
Voeg olijven de laatste 20 minuten toe en verwijder de sinaasappelschil.
- 06Stap 6
Laat de saus zonder deksel zo nodig iets inkoken en serveer met polenta of aardappelpuree.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Snijd stoofvlees alleen kleiner als het recept dat nodig heeft en houd de stukken zoveel mogelijk gelijk van formaat, zodat ze gelijkmatig garen.
- Braad de vleesstukken waar het recept dat toelaat in porties aan voor kleur en smaak. Laat ze daarna rustig stoven: zacht pruttelen, niet hard doorkoken, en gebruik malsheid als eindcontrole in plaats van alleen een vaste tijd.
- Tip van Jan: Mosterd, appel, salie en zachte zuren passen goed bij varkensvlees zonder de vleessmaak te verstoppen.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Mediterrane stoof met frisse citrus en zilte olijf als tegenhanger voor rijk vlees.
Ingrediënten
- ca. 1 kg Oerhammetje
- 3 uien
- 330 ml donker bier
- 400 ml bouillon
- 2 el bloem
- 1 el mosterd
- 2 laurierblaadjes
- 30 g boter
Bereiding
- 01Stap 1
Snijd de Oerhammetje in gelijkmatige stukken als dat nog niet is gebeurd. Is het oppervlak zichtbaar nat, dep alleen dat vocht weg zodat het vlees kan bruinen.
- 02Stap 2
Bak het vlees in porties stevig bruin in boter; leg elke portie apart.
- 03Stap 3
Bak de ui rustig goudbruin, bestuif met bloem en laat 1 minuut meegaren.
- 04Stap 4
Blus met bier en bouillon en roer alle aanbaksels los. Voeg mosterd en laurier toe.
- 05Stap 5
Doe het vlees terug en laat 2,5–3 uur zeer zacht stoven tot het lepelmals is; laat de saus het laatste halfuur zo nodig zonder deksel inkoken.
- 06Stap 6
Proef pas op het einde op zout en serveer met aardappelpuree of friet.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Snijd stoofvlees alleen kleiner als het recept dat nodig heeft en houd de stukken zoveel mogelijk gelijk van formaat, zodat ze gelijkmatig garen.
- Braad de vleesstukken waar het recept dat toelaat in porties aan voor kleur en smaak. Laat ze daarna rustig stoven: zacht pruttelen, niet hard doorkoken, en gebruik malsheid als eindcontrole in plaats van alleen een vaste tijd.
- Tip van Jan: Mosterd, appel, salie en zachte zuren passen goed bij varkensvlees zonder de vleessmaak te verstoppen.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Diepe, klassieke stoofsmaak door bruinen, reduceren en langzame garing.
Ingrediënten
- ca. 1 kg Oerhammetje
- 150 g spekblokjes
- 2 wortels
- 2 uien
- 250 g champignons
- 500 ml rode wijn
- 400 ml bouillon
- 1 el tomatenpuree
- 2 laurierblaadjes
Bereiding
- 01Stap 1
Bak de spekblokjes uit en schep ze uit de pan.
- 02Stap 2
Bak de Oerhammetje in porties rondom donkerbruin en neem uit de pan.
- 03Stap 3
Bak ui en wortel, voeg tomatenpuree toe en bak 1 minuut mee.
- 04Stap 4
Blus met rode wijn en bouillon, voeg laurier toe en doe het vlees terug. Laat circa 3 uur zeer zacht stoven.
- 05Stap 5
Bak de champignons apart bruin en voeg ze met het spek pas in het laatste halfuur toe.
- 06Stap 6
Het gerecht is klaar wanneer het vlees zonder weerstand uit elkaar valt en de saus glanst.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Snijd stoofvlees alleen kleiner als het recept dat nodig heeft en houd de stukken zoveel mogelijk gelijk van formaat, zodat ze gelijkmatig garen.
- Braad de vleesstukken waar het recept dat toelaat in porties aan voor kleur en smaak. Laat ze daarna rustig stoven: zacht pruttelen, niet hard doorkoken, en gebruik malsheid als eindcontrole in plaats van alleen een vaste tijd.
- Tip van Jan: Mosterd, appel, salie en zachte zuren passen goed bij varkensvlees zonder de vleessmaak te verstoppen.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een Franse klassieker met gelaagde smaak en paddenstoelen die hun bite behouden.

Onderrib / Rundernek vers
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- ca. 1 kg rundernek
- 2 uien
- 3 tenen knoflook
- 20 g gember
- 2 tl gemalen koriander
- 1 tl komijn
- 3 el ketjap manis
- 400 ml kokosmelk
- 1 stengel citroengras
Bereiding
- 01Stap 1
Bak de ui rustig goudbruin in een beetje olie.
- 02Stap 2
Voeg knoflook, gember, koriander en komijn toe en bak kort tot het geurt.
- 03Stap 3
Voeg de rundernek toe en bak rondom aan; werk in porties als de pan te vol wordt.
- 04Stap 4
Roer ketjap erdoor, voeg kokosmelk en gekneusd citroengras toe en breng tegen de kook aan.
- 05Stap 5
Laat 2,5–3 uur heel zacht stoven zonder hard te koken.
- 06Stap 6
Neem het deksel het laatste halfuur weg zodat de saus geconcentreerd en romig wordt; verwijder citroengras voor serveren.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Snijd stoofvlees alleen kleiner als het recept dat nodig heeft en houd de stukken zoveel mogelijk gelijk van formaat, zodat ze gelijkmatig garen.
- Braad de vleesstukken waar het recept dat toelaat in porties aan voor kleur en smaak. Laat ze daarna rustig stoven: zacht pruttelen, niet hard doorkoken, en gebruik malsheid als eindcontrole in plaats van alleen een vaste tijd.
- Tip van Jan: Meet in het dikste deel en niet tegen bot, vetlaag of pan. Zo stuurt u op garing in plaats van op minuten.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een warme specerijenrichting die echt verschilt van Europese stoofgerechten.
Ingrediënten
- ca. 1 kg rundernek
- 2 uien
- 2 wortels
- 400 g tomatenblokjes
- 120 g groene olijven
- 1 sinaasappel
- 300 ml bouillon
- 1 tl venkelzaad
- 2 el olijfolie
Bereiding
- 01Stap 1
Bak de rundernek in een braadpan rondom bruin en neem uit de pan.
- 02Stap 2
Bak ui en wortel 5 minuten zacht, voeg venkelzaad toe en laat kort geuren.
- 03Stap 3
Voeg tomaat, bouillon, een brede reep sinaasappelschil en het vlees toe.
- 04Stap 4
Dek af en gaar 2,5–3 uur in een oven van 150 °C tot het vlees zeer mals is.
- 05Stap 5
Voeg olijven de laatste 20 minuten toe en verwijder de sinaasappelschil.
- 06Stap 6
Laat de saus zonder deksel zo nodig iets inkoken en serveer met polenta of aardappelpuree.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Snijd stoofvlees alleen kleiner als het recept dat nodig heeft en houd de stukken zoveel mogelijk gelijk van formaat, zodat ze gelijkmatig garen.
- Braad de vleesstukken waar het recept dat toelaat in porties aan voor kleur en smaak. Laat ze daarna rustig stoven: zacht pruttelen, niet hard doorkoken, en gebruik malsheid als eindcontrole in plaats van alleen een vaste tijd.
- Tip van Jan: Kies eerst de juiste techniek voor het product en pas daarna kruiden en saus aan. Een goed stuk vlees heeft meestal minder nodig dan u denkt.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Mediterrane stoof met frisse citrus en zilte olijf als tegenhanger voor rijk vlees.
Ingrediënten
- ca. 1 kg rundernek
- 3 uien
- 330 ml donker bier
- 400 ml bouillon
- 2 el bloem
- 1 el mosterd
- 2 laurierblaadjes
- 30 g boter
Bereiding
- 01Stap 1
Snijd de rundernek in gelijkmatige stukken als dat nog niet is gebeurd. Is het oppervlak zichtbaar nat, dep alleen dat vocht weg zodat het vlees kan bruinen.
- 02Stap 2
Bak het vlees in porties stevig bruin in boter; leg elke portie apart.
- 03Stap 3
Bak de ui rustig goudbruin, bestuif met bloem en laat 1 minuut meegaren.
- 04Stap 4
Blus met bier en bouillon en roer alle aanbaksels los. Voeg mosterd en laurier toe.
- 05Stap 5
Doe het vlees terug en laat 2,5–3 uur zeer zacht stoven tot het lepelmals is; laat de saus het laatste halfuur zo nodig zonder deksel inkoken.
- 06Stap 6
Proef pas op het einde op zout en serveer met aardappelpuree of friet.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Snijd stoofvlees alleen kleiner als het recept dat nodig heeft en houd de stukken zoveel mogelijk gelijk van formaat, zodat ze gelijkmatig garen.
- Braad de vleesstukken waar het recept dat toelaat in porties aan voor kleur en smaak. Laat ze daarna rustig stoven: zacht pruttelen, niet hard doorkoken, en gebruik malsheid als eindcontrole in plaats van alleen een vaste tijd.
- Tip van Jan: Snijd vlees zo laat mogelijk. Zo blijft het warmer en verliest het minder vocht.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Diepe, klassieke stoofsmaak door bruinen, reduceren en langzame garing.

Ossenhaas Iers Vers
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- ca. 700 g ossenhaas
- 250 g kastanjechampignons
- 1 sjalot
- 1 el groene peperkorrels
- 150 ml kookroom
- 150 ml fond
- 1 el olie
- 20 g boter
Bereiding
- 01Stap 1
Snijd de champignons in kwarten en bak ze op hoog vuur in een droge pan tot ze kleur krijgen; voeg pas daarna een klein klontje boter toe en houd warm.
- 02Stap 2
Bak de ossenhaas in een zeer hete pan rondom bruin en gaar tot 54–56 °C voor medium-rare of 58–60 °C voor medium.
- 03Stap 3
Laat de ossenhaas rusten terwijl u de saus maakt.
- 04Stap 4
Fruit sjalot en groene peperkorrels kort in dezelfde pan, voeg fond toe en kook tot ongeveer de helft in.
- 05Stap 5
Voeg room toe en laat rustig binden; proef voordat u extra zout toevoegt.
- 06Stap 6
Snijd de ossenhaas en serveer met de paddenstoelen en een kleine lepel pepersaus.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng het vlees vlak voor de bereiding op smaak met zout en zwarte peper. Voor een vollere, kruidige smaak kun je in plaats daarvan Jans Biefstuk Kruidenmix gebruiken. Kies één van beide; zo blijft de kruiding mooi in balans.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Verhit de pan eerst goed en gebruik waar nodig slechts een dun laagje hittebestendig bakvet. Geef het vlees ruimte en bouw een duidelijke korst op zonder voortdurend te schuiven; verlaag daarna de hitte wanneer het stuk nog moet doorgaren.
- Voeg boter en aromaten uit het recept pas na de eerste korstfase toe en lepel het schuimende bakvet kort over het vlees; zo blijven de aromaten frisser en verbranden ze minder snel.
- Tip van Jan: Laat vis in de pan eerst een korst vormen voordat u probeert te keren.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Kerntemperatuur & eindcontrole
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een restaurantklassieker met romige saus en geroosterde paddenstoelen.
Ingrediënten
- ca. 700 g ossenhaas
- 2 stronken paksoi
- 2 lente-uien
- 2 el sojasaus
- 1 el rijstazijn
- 1 tl sesamolie
- 1 tl honing
- 1 el neutrale olie
- 1 tl geroosterde sesam
Bereiding
- 01Stap 1
Snijd de ossenhaas alleen als het deelstuk dat toelaat in dunne plakken dwars op de draad; laat dikke steaks juist heel en snijd pas na het garen.
- 02Stap 2
Meng sojasaus, rijstazijn, sesamolie en honing tot een snelle jus.
- 03Stap 3
Bak de ossenhaas zeer heet en kort zodat het vlees kleurt zonder uit te drogen; gaar verder tot 54–56 °C voor medium-rare of 58–60 °C voor medium.
- 04Stap 4
Roerbak paksoi en lente-ui 2–3 minuten zodat ze fris en knapperig blijven.
- 05Stap 5
Voeg de sojajus kort toe en laat slechts enkele seconden bruisen.
- 06Stap 6
Serveer de ossenhaas met paksoi en bestrooi met sesam.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng naturel vlees op smaak met zout en zwarte peper, óf gebruik Jans Biefstuk Kruidenmix als smaakvol alternatief. Kies één van beide en voorkom dubbele kruiding.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Verhit de pan eerst goed en gebruik waar nodig slechts een dun laagje hittebestendig bakvet. Geef het vlees ruimte en bouw een duidelijke korst op zonder voortdurend te schuiven; verlaag daarna de hitte wanneer het stuk nog moet doorgaren.
- Tip van Jan: Dunne staartstukken zijn eerder klaar dan dikke middendelen; haal ze zo nodig eerder uit de pan.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Kerntemperatuur & eindcontrole
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een moderne, lichtere bereiding met veel umami en korte garing.
Ingrediënten
- ca. 700 g ossenhaas
- 300 g cherrytomaten
- 1 bos peterselie
- 2 el kappertjes
- 1 el Dijonmosterd
- 2 el wittewijnazijn
- 70 ml olijfolie
- 1 teen knoflook
Bereiding
- 01Stap 1
Rooster de tomaten 15 minuten op 200 °C tot ze openbarsten.
- 02Stap 2
Hak peterselie, kappertjes en knoflook en meng met mosterd, azijn en olijfolie tot salsa verde.
- 03Stap 3
Grill de ossenhaas op hoge hitte voor duidelijke grillstrepen en kleur.
- 04Stap 4
Gaar verder tot 54–56 °C voor medium-rare of 58–60 °C voor medium. Laat 5–8 minuten rusten.
- 05Stap 5
Laat 5–8 minuten rusten en snijd pas daarna aan; serveer als hele portie of in gelijkmatige plakken.
- 06Stap 6
Serveer met geroosterde tomaat en salsa verde aan tafel.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng naturel vlees op smaak met zout en zwarte peper, óf gebruik Jans Biefstuk Kruidenmix als smaakvol alternatief. Kies één van beide en voorkom dubbele kruiding.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Gebruik directe hitte voor een mooie korst. Dikke stukken kun je daarna indirect verder laten garen; dunne steaks of kleine delen blijven vooral boven directe hitte. Controleer de gaarheid in het dikste deel.
- Tip van Jan: Vis koelt een pan snel af. Bak porties met ruimte ertussen voor kleur in plaats van stoom.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Kerntemperatuur & eindcontrole
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Fris en hartig; de salsa wordt na het garen toegevoegd en blijft daardoor levendig.

Ossenhaas Vers
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- ca. 700 g ossenhaas
- 250 g kastanjechampignons
- 1 sjalot
- 1 el groene peperkorrels
- 150 ml kookroom
- 150 ml fond
- 1 el olie
- 20 g boter
Bereiding
- 01Stap 1
Snijd de champignons in kwarten en bak ze op hoog vuur in een droge pan tot ze kleur krijgen; voeg pas daarna een klein klontje boter toe en houd warm.
- 02Stap 2
Bak de ossenhaas in een zeer hete pan rondom bruin en gaar tot 54–56 °C voor medium-rare of 58–60 °C voor medium.
- 03Stap 3
Laat de ossenhaas rusten terwijl u de saus maakt.
- 04Stap 4
Fruit sjalot en groene peperkorrels kort in dezelfde pan, voeg fond toe en kook tot ongeveer de helft in.
- 05Stap 5
Voeg room toe en laat rustig binden; proef voordat u extra zout toevoegt.
- 06Stap 6
Snijd de ossenhaas en serveer met de paddenstoelen en een kleine lepel pepersaus.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng het vlees vlak voor de bereiding op smaak met zout en zwarte peper. Voor een vollere, kruidige smaak kun je in plaats daarvan Jans Biefstuk Kruidenmix gebruiken. Kies één van beide; zo blijft de kruiding mooi in balans.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Verhit de pan eerst goed en gebruik waar nodig slechts een dun laagje hittebestendig bakvet. Geef het vlees ruimte en bouw een duidelijke korst op zonder voortdurend te schuiven; verlaag daarna de hitte wanneer het stuk nog moet doorgaren.
- Voeg boter en aromaten uit het recept pas na de eerste korstfase toe en lepel het schuimende bakvet kort over het vlees; zo blijven de aromaten frisser en verbranden ze minder snel.
- Tip van Jan: Laat vis in de pan eerst een korst vormen voordat u probeert te keren.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Kerntemperatuur & eindcontrole
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een restaurantklassieker met romige saus en geroosterde paddenstoelen.
Ingrediënten
- ca. 700 g ossenhaas
- 2 stronken paksoi
- 2 lente-uien
- 2 el sojasaus
- 1 el rijstazijn
- 1 tl sesamolie
- 1 tl honing
- 1 el neutrale olie
- 1 tl geroosterde sesam
Bereiding
- 01Stap 1
Snijd de ossenhaas alleen als het deelstuk dat toelaat in dunne plakken dwars op de draad; laat dikke steaks juist heel en snijd pas na het garen.
- 02Stap 2
Meng sojasaus, rijstazijn, sesamolie en honing tot een snelle jus.
- 03Stap 3
Bak de ossenhaas zeer heet en kort zodat het vlees kleurt zonder uit te drogen; gaar verder tot 54–56 °C voor medium-rare of 58–60 °C voor medium.
- 04Stap 4
Roerbak paksoi en lente-ui 2–3 minuten zodat ze fris en knapperig blijven.
- 05Stap 5
Voeg de sojajus kort toe en laat slechts enkele seconden bruisen.
- 06Stap 6
Serveer de ossenhaas met paksoi en bestrooi met sesam.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng naturel vlees op smaak met zout en zwarte peper, óf gebruik Jans Biefstuk Kruidenmix als smaakvol alternatief. Kies één van beide en voorkom dubbele kruiding.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Verhit de pan eerst goed en gebruik waar nodig slechts een dun laagje hittebestendig bakvet. Geef het vlees ruimte en bouw een duidelijke korst op zonder voortdurend te schuiven; verlaag daarna de hitte wanneer het stuk nog moet doorgaren.
- Tip van Jan: Dunne staartstukken zijn eerder klaar dan dikke middendelen; haal ze zo nodig eerder uit de pan.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Kerntemperatuur & eindcontrole
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een moderne, lichtere bereiding met veel umami en korte garing.
Ingrediënten
- ca. 700 g ossenhaas
- 300 g cherrytomaten
- 1 bos peterselie
- 2 el kappertjes
- 1 el Dijonmosterd
- 2 el wittewijnazijn
- 70 ml olijfolie
- 1 teen knoflook
Bereiding
- 01Stap 1
Rooster de tomaten 15 minuten op 200 °C tot ze openbarsten.
- 02Stap 2
Hak peterselie, kappertjes en knoflook en meng met mosterd, azijn en olijfolie tot salsa verde.
- 03Stap 3
Grill de ossenhaas op hoge hitte voor duidelijke grillstrepen en kleur.
- 04Stap 4
Gaar verder tot 54–56 °C voor medium-rare of 58–60 °C voor medium. Laat 5–8 minuten rusten.
- 05Stap 5
Laat 5–8 minuten rusten en snijd pas daarna aan; serveer als hele portie of in gelijkmatige plakken.
- 06Stap 6
Serveer met geroosterde tomaat en salsa verde aan tafel.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng naturel vlees op smaak met zout en zwarte peper, óf gebruik Jans Biefstuk Kruidenmix als smaakvol alternatief. Kies één van beide en voorkom dubbele kruiding.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Gebruik directe hitte voor een mooie korst. Dikke stukken kun je daarna indirect verder laten garen; dunne steaks of kleine delen blijven vooral boven directe hitte. Controleer de gaarheid in het dikste deel.
- Tip van Jan: Vis koelt een pan snel af. Bak porties met ruimte ertussen voor kleur in plaats van stoom.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Kerntemperatuur & eindcontrole
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Fris en hartig; de salsa wordt na het garen toegevoegd en blijft daardoor levendig.

Ossenhaaspuntjes
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- 500 g ossenhaas
- 2 paprika's
- 4 bosuien
- 1 rode ui
- 2 el sojasaus
- 1 el oestersaus
- 1 tl bruine suiker
- 1 tl grove zwarte peper
- 1 el neutrale olie
- 300 g rijst
Bereiding
- 01Stap 1
Kruid pas vlak voor het bakken, zodat het vlees niet onnodig vocht verliest.
- 02Stap 2
Kook de rijst volgens de verpakking en houd warm.
- 03Stap 3
Verhit een wok tot zeer heet en bak het vlees in twee korte porties; schep uit de wok zodra het goed kleurt.
- 04Stap 4
Roerbak paprika en rode ui 3 minuten, voeg bosui toe en zet het vuur hoog.
- 05Stap 5
Meng soja, oestersaus, suiker en peper, voeg toe en laat kort bruisen. Schep het vlees terug en warm hooguit 1 minuut mee.
- 06Stap 6
Serveer direct met de rijst.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng naturel vlees op smaak met zout en zwarte peper, óf gebruik Jans Biefstuk Kruidenmix als smaakvol alternatief. Kies één van beide en voorkom dubbele kruiding.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Verhit de pan eerst goed en gebruik waar nodig slechts een dun laagje hittebestendig bakvet. Geef het vlees ruimte en bouw een duidelijke korst op zonder voortdurend te schuiven; verlaag daarna de hitte wanneer het stuk nog moet doorgaren.
- Tip van Jan: Geef de pan tijd om voor te verwarmen voordat het vlees erin gaat. Zo voorkomt u grijs stoven in eigen vocht.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een snelle wokbereiding met echte hitte en bite, geen stoofpot in een volle pan.
Ingrediënten
- 500 g ossenhaas
- 250 g eiernoedels
- 300 g broccoli
- 20 g verse gember
- 2 tenen knoflook
- 2 el sojasaus
- 1 el rijstazijn
- 1 tl sesamolie
- 1 el neutrale olie
Bereiding
- 01Stap 1
Kruid pas vlak voor het bakken, zodat het vlees niet onnodig vocht verliest.
- 02Stap 2
Kook de noedels kort en spoel ze af; blancheer de broccoli 2 minuten en laat goed uitlekken.
- 03Stap 3
Bak het vlees op hoog vuur in porties en houd apart.
- 04Stap 4
Roerbak gember en knoflook 20 seconden, voeg broccoli toe en laat licht kleuren.
- 05Stap 5
Voeg noedels, sojasaus, rijstazijn en sesamolie toe en schep op hoog vuur om.
- 06Stap 6
Voeg het vlees pas op het einde terug zodat het sappig blijft en serveer meteen.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng naturel vlees op smaak met zout en zwarte peper, óf gebruik Jans Biefstuk Kruidenmix als smaakvol alternatief. Kies één van beide en voorkom dubbele kruiding.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Verhit de pan eerst goed en gebruik waar nodig slechts een dun laagje hittebestendig bakvet. Geef het vlees ruimte en bouw een duidelijke korst op zonder voortdurend te schuiven; verlaag daarna de hitte wanneer het stuk nog moet doorgaren.
- Voeg boter en aromaten uit het recept pas na de eerste korstfase toe en lepel het schuimende bakvet kort over het vlees; zo blijven de aromaten frisser en verbranden ze minder snel.
- Tip van Jan: Gebruik boter, knoflook of kruiden pas in de laatste fase als de pan iets rustiger is; zo verbranden de melkbestanddelen minder snel.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een complete doordeweekse wokmaaltijd met heldere smaken en korte garing.
Ingrediënten
- 500 g ossenhaas
- 4 flatbreads
- 2 rode paprika's
- 150 g Griekse yoghurt
- 1 kleine komkommer
- 1 teen knoflook
- 1 el citroensap
- 1 el olie
- verse munt
Bereiding
- 01Stap 1
Rooster de paprika's onder de grill of in een hete pan tot ze zacht en donker aan de rand zijn; snijd in repen.
- 02Stap 2
Kruid pas vlak voor het bakken, zodat het vlees niet onnodig vocht verliest.
- 03Stap 3
Meng yoghurt met geraspte komkommer, knoflook, citroensap en munt.
- 04Stap 4
Bak het vlees in een ruime, hete pan in kleine porties zodat het kleurt in plaats van kookt.
- 05Stap 5
Verwarm de flatbreads kort in een droge pan.
- 06Stap 6
Beleg met paprika, vlees en yoghurtsaus en serveer direct.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng naturel vlees op smaak met zout en zwarte peper, óf gebruik Jans Biefstuk Kruidenmix als smaakvol alternatief. Kies één van beide en voorkom dubbele kruiding.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Verhit de pan eerst goed en gebruik waar nodig slechts een dun laagje hittebestendig bakvet. Geef het vlees ruimte en bouw een duidelijke korst op zonder voortdurend te schuiven; verlaag daarna de hitte wanneer het stuk nog moet doorgaren.
- Voeg boter en aromaten uit het recept pas na de eerste korstfase toe en lepel het schuimende bakvet kort over het vlees; zo blijven de aromaten frisser en verbranden ze minder snel.
- Tip van Jan: Geef de pan tijd om voor te verwarmen voordat het vlees erin gaat. Zo voorkomt u grijs stoven in eigen vocht.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een broodmaaltijd met contrast tussen heet vlees, geroosterde groente en frisse saus.

Ossenhaasspies per 2 stuks vers
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- 8 ossenhaas
- 200 ml pindasaus
- 1 komkommer
- 2 el rijstazijn
- 1 tl suiker
- 2 bosuien
- 30 g gebakken uitjes
- 300 g rijst
Bereiding
- 01Stap 1
Kook de rijst en houd warm.
- 02Stap 2
Snijd de komkommer dun en meng met rijstazijn en suiker; laat 15 minuten staan.
- 03Stap 3
Maak de barbecue gereed voor middelhoge directe hitte.
- 04Stap 4
Grill de ossenhaas rondom tot goed gekleurd en 54–56 °C voor medium-rare of 58–60 °C voor medium. Gaar tot 54–56 °C voor medium-rare of 58–60 °C voor medium en voorkom uitdrogen.
- 05Stap 5
Verwarm de pindasaus rustig zonder hard te koken.
- 06Stap 6
Serveer de spiesen met rijst, komkommer, pindasaus, bosui en gebakken uitjes.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng naturel vlees op smaak met zout en zwarte peper, óf gebruik Jans Biefstuk Kruidenmix als smaakvol alternatief. Kies één van beide en voorkom dubbele kruiding.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Gebruik directe hitte voor een mooie korst. Dikke stukken kun je daarna indirect verder laten garen; dunne steaks of kleine delen blijven vooral boven directe hitte. Controleer de gaarheid in het dikste deel.
- Tip van Jan: Een perfect gebakken steak koelt snel af. Een voorverwarmd bord houdt het resultaat langer op temperatuur.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een complete saté-achtige maaltijd waarin de spies echt de hoofdrol houdt.
Ingrediënten
- 8 ossenhaas
- 4 flatbreads
- 2 rode paprika's
- 1 rode ui
- 150 g Griekse yoghurt
- 1 teen knoflook
- 1 el citroensap
- 1 bosje peterselie
Bereiding
- 01Stap 1
Rooster paprika en ui op grill of in een hete pan tot ze zacht en donker aan de rand zijn.
- 02Stap 2
Meng yoghurt met knoflook, citroensap en peterselie.
- 03Stap 3
Grill de ossenhaas gelijkmatig en draai geregeld. Gaar tot 54–56 °C voor medium-rare of 58–60 °C voor medium en voorkom uitdrogen.
- 04Stap 4
Verwarm de flatbreads kort op de grill.
- 05Stap 5
Snijd de geroosterde groente in repen.
- 06Stap 6
Serveer de spiesen met flatbread, groente en knoflookyoghurt.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng naturel vlees op smaak met zout en zwarte peper, óf gebruik Jans Biefstuk Kruidenmix als smaakvol alternatief. Kies één van beide en voorkom dubbele kruiding.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Gebruik directe hitte voor een mooie korst. Dikke stukken kun je daarna indirect verder laten garen; dunne steaks of kleine delen blijven vooral boven directe hitte. Controleer de gaarheid in het dikste deel.
- Tip van Jan: Een steak hoeft niet per se maar één keer te worden gedraaid. Regelmatig draaien kan een gelijkmatigere garing geven.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een frisse, mediterrane spiesmaaltijd met warm brood.
Ingrediënten
- 8 ossenhaas
- 250 g noedels
- 2 stronken paksoi
- 3 bosuien
- 1 limoen
- 2 el sojasaus
- 1 tl sesamolie
- 1 el sesam
Bereiding
- 01Stap 1
Kook de noedels en spoel kort af.
- 02Stap 2
Roerbak paksoi en bosui op hoog vuur zodat ze knapperig blijven.
- 03Stap 3
Grill of bak de ossenhaas tot mooi gekleurd en 54–56 °C voor medium-rare of 58–60 °C voor medium. Gaar tot 54–56 °C voor medium-rare of 58–60 °C voor medium en voorkom uitdrogen.
- 04Stap 4
Meng limoensap, sojasaus en sesamolie tot dressing.
- 05Stap 5
Schep noedels en paksoi door de dressing.
- 06Stap 6
Serveer de spiesen erop en bestrooi met sesam.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng naturel vlees op smaak met zout en zwarte peper, óf gebruik Jans Biefstuk Kruidenmix als smaakvol alternatief. Kies één van beide en voorkom dubbele kruiding.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Gebruik directe hitte voor een mooie korst. Dikke stukken kun je daarna indirect verder laten garen; dunne steaks of kleine delen blijven vooral boven directe hitte. Controleer de gaarheid in het dikste deel.
- Tip van Jan: Geef de pan tijd om voor te verwarmen voordat het vlees erin gaat. Zo voorkomt u grijs stoven in eigen vocht.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een lichte Aziatische toepassing met frisse dressing en korte groentegaring.

Ossenhaasspies per 8 stuks vers
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- 8 ossenhaas
- 200 ml pindasaus
- 1 komkommer
- 2 el rijstazijn
- 1 tl suiker
- 2 bosuien
- 30 g gebakken uitjes
- 300 g rijst
Bereiding
- 01Stap 1
Kook de rijst en houd warm.
- 02Stap 2
Snijd de komkommer dun en meng met rijstazijn en suiker; laat 15 minuten staan.
- 03Stap 3
Maak de barbecue gereed voor middelhoge directe hitte.
- 04Stap 4
Grill de ossenhaas rondom tot goed gekleurd en 54–56 °C voor medium-rare of 58–60 °C voor medium. Gaar tot 54–56 °C voor medium-rare of 58–60 °C voor medium en voorkom uitdrogen.
- 05Stap 5
Verwarm de pindasaus rustig zonder hard te koken.
- 06Stap 6
Serveer de spiesen met rijst, komkommer, pindasaus, bosui en gebakken uitjes.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng naturel vlees op smaak met zout en zwarte peper, óf gebruik Jans Biefstuk Kruidenmix als smaakvol alternatief. Kies één van beide en voorkom dubbele kruiding.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Gebruik directe hitte voor een mooie korst. Dikke stukken kun je daarna indirect verder laten garen; dunne steaks of kleine delen blijven vooral boven directe hitte. Controleer de gaarheid in het dikste deel.
- Tip van Jan: Een droge buitenkant en voldoende hete pan of grill geven sneller een mooie korst; suikerhoudende marinades pas later op hoge hitte.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een complete saté-achtige maaltijd waarin de spies echt de hoofdrol houdt.
Ingrediënten
- 8 ossenhaas
- 4 flatbreads
- 2 rode paprika's
- 1 rode ui
- 150 g Griekse yoghurt
- 1 teen knoflook
- 1 el citroensap
- 1 bosje peterselie
Bereiding
- 01Stap 1
Rooster paprika en ui op grill of in een hete pan tot ze zacht en donker aan de rand zijn.
- 02Stap 2
Meng yoghurt met knoflook, citroensap en peterselie.
- 03Stap 3
Grill de ossenhaas gelijkmatig en draai geregeld. Gaar tot 54–56 °C voor medium-rare of 58–60 °C voor medium en voorkom uitdrogen.
- 04Stap 4
Verwarm de flatbreads kort op de grill.
- 05Stap 5
Snijd de geroosterde groente in repen.
- 06Stap 6
Serveer de spiesen met flatbread, groente en knoflookyoghurt.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng naturel vlees op smaak met zout en zwarte peper, óf gebruik Jans Biefstuk Kruidenmix als smaakvol alternatief. Kies één van beide en voorkom dubbele kruiding.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Gebruik directe hitte voor een mooie korst. Dikke stukken kun je daarna indirect verder laten garen; dunne steaks of kleine delen blijven vooral boven directe hitte. Controleer de gaarheid in het dikste deel.
- Tip van Jan: Snijd vlees zo laat mogelijk. Zo blijft het warmer en verliest het minder vocht.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een frisse, mediterrane spiesmaaltijd met warm brood.
Ingrediënten
- 8 ossenhaas
- 250 g noedels
- 2 stronken paksoi
- 3 bosuien
- 1 limoen
- 2 el sojasaus
- 1 tl sesamolie
- 1 el sesam
Bereiding
- 01Stap 1
Kook de noedels en spoel kort af.
- 02Stap 2
Roerbak paksoi en bosui op hoog vuur zodat ze knapperig blijven.
- 03Stap 3
Grill of bak de ossenhaas tot mooi gekleurd en 54–56 °C voor medium-rare of 58–60 °C voor medium. Gaar tot 54–56 °C voor medium-rare of 58–60 °C voor medium en voorkom uitdrogen.
- 04Stap 4
Meng limoensap, sojasaus en sesamolie tot dressing.
- 05Stap 5
Schep noedels en paksoi door de dressing.
- 06Stap 6
Serveer de spiesen erop en bestrooi met sesam.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng naturel vlees op smaak met zout en zwarte peper, óf gebruik Jans Biefstuk Kruidenmix als smaakvol alternatief. Kies één van beide en voorkom dubbele kruiding.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Gebruik directe hitte voor een mooie korst. Dikke stukken kun je daarna indirect verder laten garen; dunne steaks of kleine delen blijven vooral boven directe hitte. Controleer de gaarheid in het dikste deel.
- Tip van Jan: Een droge buitenkant en voldoende hete pan of grill geven sneller een mooie korst; suikerhoudende marinades pas later op hoge hitte.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een lichte Aziatische toepassing met frisse dressing en korte groentegaring.

Ossenstaart Limousin
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- ca. 1 kg ossenstaart
- 150 g spekblokjes
- 2 wortels
- 2 uien
- 250 g champignons
- 500 ml rode wijn
- 400 ml bouillon
- 1 el tomatenpuree
- 2 laurierblaadjes
Bereiding
- 01Stap 1
Bak de spekblokjes uit en schep ze uit de pan.
- 02Stap 2
Bak de ossenstaart in porties rondom donkerbruin en neem uit de pan.
- 03Stap 3
Bak ui en wortel, voeg tomatenpuree toe en bak 1 minuut mee.
- 04Stap 4
Blus met rode wijn en bouillon, voeg laurier toe en doe het vlees terug. Laat circa 3 uur zeer zacht stoven.
- 05Stap 5
Bak de champignons apart bruin en voeg ze met het spek pas in het laatste halfuur toe.
- 06Stap 6
Het gerecht is klaar wanneer het vlees zonder weerstand uit elkaar valt en de saus glanst.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Snijd stoofvlees alleen kleiner als het recept dat nodig heeft en houd de stukken zoveel mogelijk gelijk van formaat, zodat ze gelijkmatig garen.
- Braad de vleesstukken waar het recept dat toelaat in porties aan voor kleur en smaak. Laat ze daarna rustig stoven: zacht pruttelen, niet hard doorkoken, en gebruik malsheid als eindcontrole in plaats van alleen een vaste tijd.
- Tip van Jan: Snijd vlees zo laat mogelijk. Zo blijft het warmer en verliest het minder vocht.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een Franse klassieker met gelaagde smaak en paddenstoelen die hun bite behouden.
Ingrediënten
- ca. 1 kg ossenstaart
- 2 uien
- 3 tenen knoflook
- 20 g gember
- 2 tl gemalen koriander
- 1 tl komijn
- 3 el ketjap manis
- 400 ml kokosmelk
- 1 stengel citroengras
Bereiding
- 01Stap 1
Bak de ui rustig goudbruin in een beetje olie.
- 02Stap 2
Voeg knoflook, gember, koriander en komijn toe en bak kort tot het geurt.
- 03Stap 3
Voeg de ossenstaart toe en bak rondom aan; werk in porties als de pan te vol wordt.
- 04Stap 4
Roer ketjap erdoor, voeg kokosmelk en gekneusd citroengras toe en breng tegen de kook aan.
- 05Stap 5
Laat 2,5–3 uur heel zacht stoven zonder hard te koken.
- 06Stap 6
Neem het deksel het laatste halfuur weg zodat de saus geconcentreerd en romig wordt; verwijder citroengras voor serveren.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Snijd stoofvlees alleen kleiner als het recept dat nodig heeft en houd de stukken zoveel mogelijk gelijk van formaat, zodat ze gelijkmatig garen.
- Braad de vleesstukken waar het recept dat toelaat in porties aan voor kleur en smaak. Laat ze daarna rustig stoven: zacht pruttelen, niet hard doorkoken, en gebruik malsheid als eindcontrole in plaats van alleen een vaste tijd.
- Tip van Jan: Meet in het dikste deel en niet tegen bot, vetlaag of pan. Zo stuurt u op garing in plaats van op minuten.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een warme specerijenrichting die echt verschilt van Europese stoofgerechten.
Ingrediënten
- ca. 1 kg ossenstaart
- 2 uien
- 2 wortels
- 400 g tomatenblokjes
- 120 g groene olijven
- 1 sinaasappel
- 300 ml bouillon
- 1 tl venkelzaad
- 2 el olijfolie
Bereiding
- 01Stap 1
Bak de ossenstaart in een braadpan rondom bruin en neem uit de pan.
- 02Stap 2
Bak ui en wortel 5 minuten zacht, voeg venkelzaad toe en laat kort geuren.
- 03Stap 3
Voeg tomaat, bouillon, een brede reep sinaasappelschil en het vlees toe.
- 04Stap 4
Dek af en gaar 2,5–3 uur in een oven van 150 °C tot het vlees zeer mals is.
- 05Stap 5
Voeg olijven de laatste 20 minuten toe en verwijder de sinaasappelschil.
- 06Stap 6
Laat de saus zonder deksel zo nodig iets inkoken en serveer met polenta of aardappelpuree.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Snijd stoofvlees alleen kleiner als het recept dat nodig heeft en houd de stukken zoveel mogelijk gelijk van formaat, zodat ze gelijkmatig garen.
- Braad de vleesstukken waar het recept dat toelaat in porties aan voor kleur en smaak. Laat ze daarna rustig stoven: zacht pruttelen, niet hard doorkoken, en gebruik malsheid als eindcontrole in plaats van alleen een vaste tijd.
- Tip van Jan: Kies eerst de juiste techniek voor het product en pas daarna kruiden en saus aan. Een goed stuk vlees heeft meestal minder nodig dan u denkt.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Mediterrane stoof met frisse citrus en zilte olijf als tegenhanger voor rijk vlees.

Ossenworst
2 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- 300 g ossenworst
- 8 sneetjes rogge- of zuurdesembrood
- 1 el grove mosterd
- 80 g cornichons
- 1 kleine rode ui
- 1 bos bieslook
Bereiding
- 01Stap 1
Rooster het brood licht en laat afkoelen.
- 02Stap 2
Snijd cornichons en rode ui fijn.
- 03Stap 3
Snijd of verdeel de ossenworst dun en houd gekoeld tot serveren.
- 04Stap 4
Bestrijk het brood dun met mosterd.
- 05Stap 5
Leg de ossenworst erop en werk af met zuur en ui.
- 06Stap 6
Serveer direct; het product wordt koud gegeten en niet gebakken.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Dit product is al klaar om koud te serveren. Verwarm of bak het alleen wanneer de bereidingswijze bij dit product dat uitdrukkelijk aangeeft.
- Dit product heeft al een eigen kruiding of smaakopbouw. Voeg daarom niet automatisch extra rub, marinade of kruidenmix toe.
- Tip van Jan: Houd de ossenworst gekoeld en beleg brood of toast pas op het laatste moment.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Klassieke koude toepassing zonder de rauwe worst te verhitten.
Ingrediënten
- 300 g ossenworst
- 600 g vastkokende aardappelen
- 80 g augurk
- 2 el yoghurt
- 1 el mayonaise
- 1 tl mosterd
- 1 bos dille
Bereiding
- 01Stap 1
Kook de aardappelen gaar, laat uitdampen en snijd in plakken.
- 02Stap 2
Meng yoghurt, mayonaise, mosterd en dille.
- 03Stap 3
Schep aardappel en fijngehakte augurk door de dressing en laat afkoelen.
- 04Stap 4
Snijd de ossenworst vlak voor serveren.
- 05Stap 5
Verdeel aardappelsalade over borden en leg de ossenworst erop.
- 06Stap 6
Werk af met extra dille en zwarte peper.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Dit product is al klaar om koud te serveren. Verwarm of bak het alleen wanneer de bereidingswijze bij dit product dat uitdrukkelijk aangeeft.
- Dit product heeft al een eigen kruiding of smaakopbouw. Voeg daarom niet automatisch extra rub, marinade of kruidenmix toe.
- Tip van Jan: Fijn gesnipperde ui en versgemalen zwarte peper zijn vaak al genoeg. Voeg voor extra pit enkele flinterdunne ringetjes verse jalapeño toe.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Frisse koude maaltijd die past bij de productstatus.

RIBEYE HEEL HOLSTEIN DRY AGED
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- RIBEYE HEEL HOLSTEIN DRY AGED 600-650 g.
- 2 sjalotten
- 2 takjes tijm
- 30 g roomboter
- 1 el neutrale olie
- zout
- zwarte peper
Bereiding
- 01Stap 1
Haal de ribeye uit de verpakking en laat het hele stuk intact voor de reverse-searbereiding.
- 02Stap 2
Verwarm de oven voor op 120–130 °C en kruid het vlees beheerst met zout en peper.
- 03Stap 3
Gaar rustig in de oven tot 48–50 °C in het dikste vleesdeel; raak bij bot-in stukken het bot niet met de thermometer.
- 04Stap 4
Haal het vlees uit de oven, laat 5 minuten staan en verhit ondertussen een zware pan zeer heet met de olie.
- 05Stap 5
Kleur het vlees rondom krachtig en voeg op het einde boter, sjalot en tijm toe; lepel de boter kort over het vlees.
- 06Stap 6
Laat na het afschroeien 10–15 minuten rusten en snijd daarna in gelijkmatige plakken.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng het vlees vlak voor de bereiding op smaak met zout en zwarte peper. Voor een vollere, kruidige smaak kun je in plaats daarvan Jans Biefstuk Kruidenmix gebruiken. Kies één van beide; zo blijft de kruiding mooi in balans.
- Gebruik de oven voor beheerst doorgaren. Wanneer het recept eerst een korst vraagt, schroei het vlees vooraf kort aan; bepaal het eindpunt op kern en niet uitsluitend op oventijd.
- Tip van Jan: Geef de pan tijd om voor te verwarmen voordat het vlees erin gaat. Zo voorkomt u grijs stoven in eigen vocht.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Kerntemperatuur & eindcontrole
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Sjalot en tijm ondersteunen de geconcentreerde dry-aged rundsmaak zonder die te overheersen.
Ingrediënten
- RIBEYE HEEL HOLSTEIN DRY AGED 600-650 g.
- 1 bos platte peterselie
- 1 teen knoflook
- 1 el rodewijnazijn
- 3 el olijfolie
- 1 tl oregano
- zout
- zwarte peper
Bereiding
- 01Stap 1
Maak de barbecue gereed met een indirecte zone van ongeveer 120–140 °C voor de ribeye.
- 02Stap 2
Meng peterselie, knoflook, azijn, olijfolie en oregano tot een grove chimichurri en zet apart.
- 03Stap 3
Kruid het vlees beheerst en leg het op de indirecte zone; meet in het dikste vleesdeel en niet tegen het bot.
- 04Stap 4
Gaar rustig tot vlak onder de gewenste eindgaring en maak ondertussen een zeer hete directe zone.
- 05Stap 5
Grill het vlees kort en krachtig af voor een donkere korst zonder het door te garen.
- 06Stap 6
Laat passend rusten, snijd in porties en geef de chimichurri ernaast in plaats van over het hele vlees.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng het vlees vlak voor de bereiding op smaak met zout en zwarte peper. Voor een vollere, kruidige smaak kun je in plaats daarvan Jans Biefstuk Kruidenmix gebruiken. Kies één van beide; zo blijft de kruiding mooi in balans.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Gebruik directe hitte voor een mooie korst. Dikke stukken kun je daarna indirect verder laten garen; dunne steaks of kleine delen blijven vooral boven directe hitte. Controleer de gaarheid in het dikste deel.
- Tip van Jan: Laat een steak kort rusten zonder hem strak in folie te verpakken; anders wordt de korst zacht.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Kerntemperatuur & eindcontrole
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Frisse chimichurri contrasteert met de nootachtige, geconcentreerde dry-aged smaak.
Ingrediënten
- RIBEYE HEEL HOLSTEIN DRY AGED 600-650 g.
- 300 g gemengde paddenstoelen
- 2 sjalotten
- 150 ml rode wijn
- 250 ml runderfond
- 30 g roomboter
- 1 el olie
- zout
- zwarte peper
Bereiding
- 01Stap 1
Verwarm de oven voor op 130 °C en kruid de ribeye licht met zout en peper.
- 02Stap 2
Gaar het vlees rustig in de oven en controleer de kerntemperatuur in het dikste deel.
- 03Stap 3
Bak ondertussen de paddenstoelen hard aan en houd ze warm.
- 04Stap 4
Fruit sjalot in een steelpan, blus met rode wijn en kook tot ongeveer de helft in; voeg de fond toe en reduceer tot een krachtige jus.
- 05Stap 5
Kleur het vlees na het rustige garen kort rondom in een zeer hete pan met olie en een klein deel van de boter.
- 06Stap 6
Laat het vlees rusten, monteer de jus met de resterende boter en serveer met de paddenstoelen.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng het vlees vlak voor de bereiding op smaak met zout en zwarte peper. Voor een vollere, kruidige smaak kun je in plaats daarvan Jans Biefstuk Kruidenmix gebruiken. Kies één van beide; zo blijft de kruiding mooi in balans.
- Gebruik de oven voor beheerst doorgaren. Wanneer het recept eerst een korst vraagt, schroei het vlees vooraf kort aan; bepaal het eindpunt op kern en niet uitsluitend op oventijd.
- Tip van Jan: Geef de pan tijd om voor te verwarmen voordat het vlees erin gaat. Zo voorkomt u grijs stoven in eigen vocht.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Kerntemperatuur & eindcontrole
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
De aardse paddenstoelen en geconcentreerde jus passen bij de diepe rijpingssmaak.

Ribeye Hereford heel
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- ca. 700 g ribeye
- 2 stronken paksoi
- 2 lente-uien
- 2 el sojasaus
- 1 el rijstazijn
- 1 tl sesamolie
- 1 tl honing
- 1 el neutrale olie
- 1 tl geroosterde sesam
Bereiding
- 01Stap 1
Snijd de ribeye alleen als het deelstuk dat toelaat in dunne plakken overdwars; laat dikke steaks juist heel en snijd pas na het garen.
- 02Stap 2
Meng sojasaus, rijstazijn, sesamolie en honing tot een snelle jus.
- 03Stap 3
Bak de ribeye zeer heet en kort zodat het vlees kleurt zonder uit te drogen; gaar verder tot 54–56 °C voor medium-rare of 58–60 °C voor medium.
- 04Stap 4
Roerbak paksoi en lente-ui 2–3 minuten zodat ze fris en knapperig blijven.
- 05Stap 5
Voeg de sojajus kort toe en laat slechts enkele seconden bruisen.
- 06Stap 6
Serveer de ribeye met paksoi en bestrooi met sesam.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng naturel vlees op smaak met zout en zwarte peper, óf gebruik Jans Biefstuk Kruidenmix als smaakvol alternatief. Kies één van beide en voorkom dubbele kruiding.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Verhit de pan eerst goed en gebruik waar nodig slechts een dun laagje hittebestendig bakvet. Geef het vlees ruimte en bouw een duidelijke korst op zonder voortdurend te schuiven; verlaag daarna de hitte wanneer het stuk nog moet doorgaren.
- Tip van Jan: Geef de pan tijd om voor te verwarmen voordat het vlees erin gaat. Zo voorkomt u grijs stoven in eigen vocht.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Kerntemperatuur & eindcontrole
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een moderne, lichtere bereiding met veel umami en korte garing.
Ingrediënten
- ca. 700 g ribeye
- 300 g cherrytomaten
- 1 bos peterselie
- 2 el kappertjes
- 1 el Dijonmosterd
- 2 el wittewijnazijn
- 70 ml olijfolie
- 1 teen knoflook
Bereiding
- 01Stap 1
Rooster de tomaten 15 minuten op 200 °C tot ze openbarsten.
- 02Stap 2
Hak peterselie, kappertjes en knoflook en meng met mosterd, azijn en olijfolie tot salsa verde.
- 03Stap 3
Grill de ribeye op hoge hitte voor duidelijke grillstrepen en kleur.
- 04Stap 4
Gaar verder tot 54–56 °C voor medium-rare of 58–60 °C voor medium. Laat 10–15 minuten rusten.
- 05Stap 5
Laat de ribeye tijdens het garen heel en snijd hem pas na de rust overdwars in mooie plakken.
- 06Stap 6
Serveer met geroosterde tomaat en salsa verde aan tafel.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng naturel vlees op smaak met zout en zwarte peper, óf gebruik Jans Biefstuk Kruidenmix als smaakvol alternatief. Kies één van beide en voorkom dubbele kruiding.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Gebruik directe hitte voor een mooie korst. Dikke stukken kun je daarna indirect verder laten garen; dunne steaks of kleine delen blijven vooral boven directe hitte. Controleer de gaarheid in het dikste deel.
- Tip van Jan: Bij dikke steaks werkt eerst kleuren en daarna rustiger doorgaren vaak beter dan de hele bereiding op maximale hitte.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Kerntemperatuur & eindcontrole
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Fris en hartig; de salsa wordt na het garen toegevoegd en blijft daardoor levendig.
Ingrediënten
- ca. 700 g ribeye
- 700 g krieltjes
- 2 sjalotten
- 150 ml rode wijn
- 200 ml runder- of kalfsfond
- 30 g koude boter
- 1 el neutrale olie
- zout en zwarte peper
Bereiding
- 01Stap 1
Laat de ribeye 20–30 minuten temperen. Is het oppervlak zichtbaar vochtig, dep dan alleen dat vocht weg; verder is geen voorbehandeling nodig.
- 02Stap 2
Rooster de krieltjes in een oven van 210 °C in 30–35 minuten goudbruin en gaar.
- 03Stap 3
Verhit een zware koekenpan zeer heet, voeg olie toe en bak de ribeye rondom krachtig aan. Gaar verder tot 54–56 °C voor medium-rare of 58–60 °C voor medium.
- 04Stap 4
Neem de ribeye uit de pan en laat 8–10 minuten rusten. Fruit intussen de sjalot in dezelfde pan.
- 05Stap 5
Blus met rode wijn, laat tot ongeveer de helft inkoken, voeg fond toe en reduceer tot sausdikte. Klop van het vuur af de koude boter erdoor.
- 06Stap 6
Snijd de ribeye overdwars waar dat voor dit deelstuk relevant is en serveer met de jus en krieltjes.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng het vlees vlak voor de bereiding op smaak met zout en zwarte peper. Voor een vollere, kruidige smaak kun je in plaats daarvan Jans Biefstuk Kruidenmix gebruiken. Kies één van beide; zo blijft de kruiding mooi in balans.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Verhit de pan eerst goed en gebruik waar nodig slechts een dun laagje hittebestendig bakvet. Geef het vlees ruimte en bouw een duidelijke korst op zonder voortdurend te schuiven; verlaag daarna de hitte wanneer het stuk nog moet doorgaren.
- Voeg boter en aromaten uit het recept pas na de eerste korstfase toe en lepel het schuimende bakvet kort over het vlees; zo blijven de aromaten frisser en verbranden ze minder snel.
- Tip van Jan: Gebruik boter, knoflook of kruiden pas in de laatste fase als de pan iets rustiger is; zo verbranden de melkbestanddelen minder snel.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Kerntemperatuur & eindcontrole
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een klassieke bistrobereiding waarin de smaak van ribeye centraal blijft.

Ribeye Hereford steak
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- ca. 700 g ribeye
- 300 g cherrytomaten
- 1 bos peterselie
- 2 el kappertjes
- 1 el Dijonmosterd
- 2 el wittewijnazijn
- 70 ml olijfolie
- 1 teen knoflook
Bereiding
- 01Stap 1
Rooster de tomaten 15 minuten op 200 °C tot ze openbarsten.
- 02Stap 2
Hak peterselie, kappertjes en knoflook en meng met mosterd, azijn en olijfolie tot salsa verde.
- 03Stap 3
Grill de ribeye op hoge hitte voor duidelijke grillstrepen en kleur.
- 04Stap 4
Gaar verder tot 54–56 °C voor medium-rare of 58–60 °C voor medium. Laat 5–8 minuten rusten.
- 05Stap 5
Laat de ribeye tijdens het garen heel en snijd hem pas na de rust overdwars in mooie plakken.
- 06Stap 6
Serveer met geroosterde tomaat en salsa verde aan tafel.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng naturel vlees op smaak met zout en zwarte peper, óf gebruik Jans Biefstuk Kruidenmix als smaakvol alternatief. Kies één van beide en voorkom dubbele kruiding.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Gebruik directe hitte voor een mooie korst. Dikke stukken kun je daarna indirect verder laten garen; dunne steaks of kleine delen blijven vooral boven directe hitte. Controleer de gaarheid in het dikste deel.
- Tip van Jan: Bij dikke steaks werkt eerst kleuren en daarna rustiger doorgaren vaak beter dan de hele bereiding op maximale hitte.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Kerntemperatuur & eindcontrole
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Fris en hartig; de salsa wordt na het garen toegevoegd en blijft daardoor levendig.
Ingrediënten
- ca. 700 g ribeye
- 700 g krieltjes
- 2 sjalotten
- 150 ml rode wijn
- 200 ml runder- of kalfsfond
- 30 g koude boter
- 1 el neutrale olie
- zout en zwarte peper
Bereiding
- 01Stap 1
Laat de ribeye 20–30 minuten temperen. Is het oppervlak zichtbaar vochtig, dep dan alleen dat vocht weg; verder is geen voorbehandeling nodig.
- 02Stap 2
Rooster de krieltjes in een oven van 210 °C in 30–35 minuten goudbruin en gaar.
- 03Stap 3
Verhit een zware koekenpan zeer heet, voeg olie toe en bak de ribeye rondom krachtig aan. Gaar verder tot 54–56 °C voor medium-rare of 58–60 °C voor medium.
- 04Stap 4
Neem de ribeye uit de pan en laat 8–10 minuten rusten. Fruit intussen de sjalot in dezelfde pan.
- 05Stap 5
Blus met rode wijn, laat tot ongeveer de helft inkoken, voeg fond toe en reduceer tot sausdikte. Klop van het vuur af de koude boter erdoor.
- 06Stap 6
Snijd de ribeye overdwars waar dat voor dit deelstuk relevant is en serveer met de jus en krieltjes.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng het vlees vlak voor de bereiding op smaak met zout en zwarte peper. Voor een vollere, kruidige smaak kun je in plaats daarvan Jans Biefstuk Kruidenmix gebruiken. Kies één van beide; zo blijft de kruiding mooi in balans.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Verhit de pan eerst goed en gebruik waar nodig slechts een dun laagje hittebestendig bakvet. Geef het vlees ruimte en bouw een duidelijke korst op zonder voortdurend te schuiven; verlaag daarna de hitte wanneer het stuk nog moet doorgaren.
- Voeg boter en aromaten uit het recept pas na de eerste korstfase toe en lepel het schuimende bakvet kort over het vlees; zo blijven de aromaten frisser en verbranden ze minder snel.
- Tip van Jan: Gebruik boter, knoflook of kruiden pas in de laatste fase als de pan iets rustiger is; zo verbranden de melkbestanddelen minder snel.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Kerntemperatuur & eindcontrole
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een klassieke bistrobereiding waarin de smaak van ribeye centraal blijft.
Ingrediënten
- ca. 700 g ribeye
- 1 bos platte peterselie
- 2 tenen knoflook
- 1 kleine rode peper
- 2 el rodewijnazijn
- 80 ml olijfolie
- 1 tl gedroogde oregano
- zout
Bereiding
- 01Stap 1
Hak peterselie, knoflook en rode peper fijn en meng met azijn, olijfolie, oregano en zout. Laat de chimichurri minimaal 15 minuten staan.
- 02Stap 2
Maak de barbecue gereed met een hete directe zone en een rustigere indirecte zone.
- 03Stap 3
Grill de ribeye boven directe hitte rondom stevig aan voor een donkere korst zonder te verbranden.
- 04Stap 4
Verplaats de ribeye zo nodig naar indirecte hitte en gaar tot 54–56 °C voor medium-rare of 58–60 °C voor medium.
- 05Stap 5
Laat 8–10 minuten rusten, losjes afgedekt.
- 06Stap 6
Laat de ribeye tijdens het garen heel en snijd hem pas na de rust overdwars in mooie plakken.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng het vlees vlak voor de bereiding op smaak met zout en zwarte peper. Voor een vollere, kruidige smaak kun je in plaats daarvan Jans Biefstuk Kruidenmix gebruiken. Kies één van beide; zo blijft de kruiding mooi in balans.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Gebruik directe hitte voor een mooie korst. Dikke stukken kun je daarna indirect verder laten garen; dunne steaks of kleine delen blijven vooral boven directe hitte. Controleer de gaarheid in het dikste deel.
- Tip van Jan: Laat een steak kort rusten zonder hem strak in folie te verpakken; anders wordt de korst zacht.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Kerntemperatuur & eindcontrole
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Fris, kruidig en uitgesproken zonder de ribeye onder een zware saus te verstoppen.

RIBEYE HOLSTEIN DRY AGED
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- RIBEYE HOLSTEIN DRY AGED 200-250 g.
- 2 sjalotten
- 30 g roomboter
- 1 el neutrale olie
- 2 takjes tijm
- zout
- zwarte peper
Bereiding
- 01Stap 1
Dep alleen zichtbaar oppervlaktevocht van de ribeye weg en kruid vlak voor het bakken beheerst met zout en peper.
- 02Stap 2
Verhit een zware pan zeer heet, voeg olie toe en leg het vlees in de pan.
- 03Stap 3
Bak voor een krachtige korst en keer pas wanneer het vlees goed loslaat.
- 04Stap 4
Voeg boter, sjalot en tijm toe en lepel de schuimende boter kort over het vlees.
- 05Stap 5
Meet de kerntemperatuur in het dikste deel van het vlees.
- 06Stap 6
Laat het vlees passend rusten voordat u het aansnijdt; ribeye snijdt u na de rust overdwars in plakken.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng het vlees vlak voor de bereiding op smaak met zout en zwarte peper. Voor een vollere, kruidige smaak kun je in plaats daarvan Jans Biefstuk Kruidenmix gebruiken. Kies één van beide; zo blijft de kruiding mooi in balans.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Verhit de pan eerst goed en gebruik waar nodig slechts een dun laagje hittebestendig bakvet. Geef het vlees ruimte en bouw een duidelijke korst op zonder voortdurend te schuiven; verlaag daarna de hitte wanneer het stuk nog moet doorgaren.
- Voeg boter en aromaten uit het recept pas na de eerste korstfase toe en lepel het schuimende bakvet kort over het vlees; zo blijven de aromaten frisser en verbranden ze minder snel.
- Tip van Jan: Gebruik boter, knoflook of kruiden pas in de laatste fase als de pan iets rustiger is; zo verbranden de melkbestanddelen minder snel.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Kerntemperatuur & eindcontrole
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Sjalotboter ondersteunt de nootachtige rijpingssmaak zonder zware marinade.
Ingrediënten
- RIBEYE HOLSTEIN DRY AGED 200-250 g.
- 1 bos peterselie
- 1 el kappertjes
- 1 teen knoflook
- 1 tl mosterd
- 1 el rodewijnazijn
- 3 el olijfolie
- zout
- zwarte peper
Bereiding
- 01Stap 1
Hak peterselie, kappertjes en knoflook en meng met mosterd, azijn en olijfolie tot salsa verde.
- 02Stap 2
Maak de barbecue gereed met een hete directe zone en bij dikke steaks ook een rustigere indirecte zone.
- 03Stap 3
Kruid de ribeye beheerst; gebruik bij een dikke steak eerst de indirecte zone en grill daarna kort boven directe hitte.
- 04Stap 4
Meet de kerntemperatuur in het dikste deel van het vlees.
- 05Stap 5
Laat het vlees rusten zodat de sappen zich verdelen.
- 06Stap 6
Snijd pas na de rust en serveer de salsa verde ernaast.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng het vlees vlak voor de bereiding op smaak met zout en zwarte peper. Voor een vollere, kruidige smaak kun je in plaats daarvan Jans Biefstuk Kruidenmix gebruiken. Kies één van beide; zo blijft de kruiding mooi in balans.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Gebruik directe hitte voor een mooie korst. Dikke stukken kun je daarna indirect verder laten garen; dunne steaks of kleine delen blijven vooral boven directe hitte. Controleer de gaarheid in het dikste deel.
- Tip van Jan: Bij dikke steaks werkt eerst kleuren en daarna rustiger doorgaren vaak beter dan de hele bereiding op maximale hitte.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Kerntemperatuur & eindcontrole
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
De frisse salsa geeft contrast zonder de dry-aged smaak te maskeren.
Ingrediënten
- RIBEYE HOLSTEIN DRY AGED 200-250 g.
- 250 g champignons
- 1 sjalot
- 150 ml runderfond
- 75 ml room
- 1 el groene peperkorrels
- 25 g roomboter
- zout
Bereiding
- 01Stap 1
Bak de champignons eerst op hoog vuur bruin en houd ze warm.
- 02Stap 2
Bak de ribeye in een zeer hete pan tot een diepe korst ontstaat.
- 03Stap 3
Meet de kerntemperatuur in het dikste deel van het vlees.
- 04Stap 4
Laat het vlees rusten op een warme plek.
- 05Stap 5
Fruit de sjalot kort in dezelfde pan, voeg fond, room en groene peper toe en kook tot sausdikte.
- 06Stap 6
Monteer met boter en serveer de saus naast het vlees, zodat de dry-aged smaak herkenbaar blijft.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng het vlees vlak voor de bereiding op smaak met zout en zwarte peper. Voor een vollere, kruidige smaak kun je in plaats daarvan Jans Biefstuk Kruidenmix gebruiken. Kies één van beide; zo blijft de kruiding mooi in balans.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Verhit de pan eerst goed en gebruik waar nodig slechts een dun laagje hittebestendig bakvet. Geef het vlees ruimte en bouw een duidelijke korst op zonder voortdurend te schuiven; verlaag daarna de hitte wanneer het stuk nog moet doorgaren.
- Tip van Jan: Geef de pan tijd om voor te verwarmen voordat het vlees erin gaat. Zo voorkomt u grijs stoven in eigen vocht.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Kerntemperatuur & eindcontrole
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Groene peper en paddenstoel sluiten aan bij de krachtige rundsmaak.

Riblap Angus
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- ca. 1 kg riblap
- 2 uien
- 2 wortels
- 400 g tomatenblokjes
- 120 g groene olijven
- 1 sinaasappel
- 300 ml bouillon
- 1 tl venkelzaad
- 2 el olijfolie
Bereiding
- 01Stap 1
Bak de riblap in een braadpan rondom bruin en neem uit de pan.
- 02Stap 2
Bak ui en wortel 5 minuten zacht, voeg venkelzaad toe en laat kort geuren.
- 03Stap 3
Voeg tomaat, bouillon, een brede reep sinaasappelschil en het vlees toe.
- 04Stap 4
Dek af en gaar 2,5–3 uur in een oven van 150 °C tot het vlees zeer mals is.
- 05Stap 5
Voeg olijven de laatste 20 minuten toe en verwijder de sinaasappelschil.
- 06Stap 6
Laat de saus zonder deksel zo nodig iets inkoken en serveer met polenta of aardappelpuree.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Snijd stoofvlees alleen kleiner als het recept dat nodig heeft en houd de stukken zoveel mogelijk gelijk van formaat, zodat ze gelijkmatig garen.
- Braad de vleesstukken waar het recept dat toelaat in porties aan voor kleur en smaak. Laat ze daarna rustig stoven: zacht pruttelen, niet hard doorkoken, en gebruik malsheid als eindcontrole in plaats van alleen een vaste tijd.
- Tip van Jan: Kies eerst de juiste techniek voor het product en pas daarna kruiden en saus aan. Een goed stuk vlees heeft meestal minder nodig dan u denkt.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Mediterrane stoof met frisse citrus en zilte olijf als tegenhanger voor rijk vlees.
Ingrediënten
- ca. 1 kg riblap
- 3 uien
- 330 ml donker bier
- 400 ml bouillon
- 2 el bloem
- 1 el mosterd
- 2 laurierblaadjes
- 30 g boter
Bereiding
- 01Stap 1
Snijd de riblap in gelijkmatige stukken als dat nog niet is gebeurd. Is het oppervlak zichtbaar nat, dep alleen dat vocht weg zodat het vlees kan bruinen.
- 02Stap 2
Bak het vlees in porties stevig bruin in boter; leg elke portie apart.
- 03Stap 3
Bak de ui rustig goudbruin, bestuif met bloem en laat 1 minuut meegaren.
- 04Stap 4
Blus met bier en bouillon en roer alle aanbaksels los. Voeg mosterd en laurier toe.
- 05Stap 5
Doe het vlees terug en laat 2,5–3 uur zeer zacht stoven tot het lepelmals is; laat de saus het laatste halfuur zo nodig zonder deksel inkoken.
- 06Stap 6
Proef pas op het einde op zout en serveer met aardappelpuree of friet.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Snijd stoofvlees alleen kleiner als het recept dat nodig heeft en houd de stukken zoveel mogelijk gelijk van formaat, zodat ze gelijkmatig garen.
- Braad de vleesstukken waar het recept dat toelaat in porties aan voor kleur en smaak. Laat ze daarna rustig stoven: zacht pruttelen, niet hard doorkoken, en gebruik malsheid als eindcontrole in plaats van alleen een vaste tijd.
- Tip van Jan: Snijd vlees zo laat mogelijk. Zo blijft het warmer en verliest het minder vocht.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Diepe, klassieke stoofsmaak door bruinen, reduceren en langzame garing.
Ingrediënten
- ca. 1 kg riblap
- 150 g spekblokjes
- 2 wortels
- 2 uien
- 250 g champignons
- 500 ml rode wijn
- 400 ml bouillon
- 1 el tomatenpuree
- 2 laurierblaadjes
Bereiding
- 01Stap 1
Bak de spekblokjes uit en schep ze uit de pan.
- 02Stap 2
Bak de riblap in porties rondom donkerbruin en neem uit de pan.
- 03Stap 3
Bak ui en wortel, voeg tomatenpuree toe en bak 1 minuut mee.
- 04Stap 4
Blus met rode wijn en bouillon, voeg laurier toe en doe het vlees terug. Laat circa 3 uur zeer zacht stoven.
- 05Stap 5
Bak de champignons apart bruin en voeg ze met het spek pas in het laatste halfuur toe.
- 06Stap 6
Het gerecht is klaar wanneer het vlees zonder weerstand uit elkaar valt en de saus glanst.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Snijd stoofvlees alleen kleiner als het recept dat nodig heeft en houd de stukken zoveel mogelijk gelijk van formaat, zodat ze gelijkmatig garen.
- Braad de vleesstukken waar het recept dat toelaat in porties aan voor kleur en smaak. Laat ze daarna rustig stoven: zacht pruttelen, niet hard doorkoken, en gebruik malsheid als eindcontrole in plaats van alleen een vaste tijd.
- Tip van Jan: Snijd vlees zo laat mogelijk. Zo blijft het warmer en verliest het minder vocht.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een Franse klassieker met gelaagde smaak en paddenstoelen die hun bite behouden.

Rosbief rundermuis
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- ca. 1,2 kg rosbief
- 600 g wortels
- 4 sjalotten
- 250 ml bouillon
- 100 ml rode wijn
- 2 el olie
- 30 g boter
- peper en zout
Bereiding
- 01Stap 1
Verwarm de oven voor op 180 °C en rooster de wortels met een beetje olie.
- 02Stap 2
Bak de rosbief rondom aan in een braadpan; leg daarna in een ovenschaal.
- 03Stap 3
Gaar in de oven tot 54–56 °C voor medium-rare of 58–60 °C voor medium; gebruik tijd alleen als richtlijn.
- 04Stap 4
Laat het vlees 15 minuten rusten voordat u snijdt.
- 05Stap 5
Fruit sjalotten in de braadpan, blus met wijn en bouillon en kook tot jusdikte in.
- 06Stap 6
Monteer met boter en serveer met de geroosterde wortel.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Gebruik het zout uit het recept doelgericht op het vlees en verdeel het gelijkmatig. Voeg geen extra zout toe buiten de receptuur zonder eerst de totale kruiding te beoordelen.
- Gebruik de oven voor beheerst doorgaren. Wanneer het recept eerst een korst vraagt, schroei het vlees vooraf kort aan; bepaal het eindpunt op kern en niet uitsluitend op oventijd.
- Tip van Jan: Kies eerst de juiste techniek voor het product en pas daarna kruiden en saus aan. Een goed stuk vlees heeft meestal minder nodig dan u denkt.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een klassieke braadbereiding met kerntemperatuur als leidende controle.
Ingrediënten
- ca. 1,2 kg rosbief
- 1 bos peterselie
- 2 el kappertjes
- 1 teen knoflook
- 1 el Dijonmosterd
- 2 el wittewijnazijn
- 70 ml olijfolie
Bereiding
- 01Stap 1
Maak de barbecue gereed met een indirecte zone rond 160–180 °C.
- 02Stap 2
Hak peterselie, kappertjes en knoflook en meng met mosterd, azijn en olijfolie.
- 03Stap 3
Gaar de rosbief indirect met gesloten deksel tot 54–56 °C voor medium-rare of 58–60 °C voor medium bijna is bereikt.
- 04Stap 4
Geef het vlees daarna kort kleur boven directe hitte.
- 05Stap 5
Laat 15 minuten rusten.
- 06Stap 6
Laat 10–15 minuten rusten en snijd daarna in gelijkmatige plakken.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng naturel vlees vlak voor de bereiding gelijkmatig op smaak met zout. Volg een langere zout- of dry-brinefase alleen wanneer het recept dat bewust voorschrijft.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Gebruik directe hitte voor een mooie korst. Dikke stukken kun je daarna indirect verder laten garen; dunne steaks of kleine delen blijven vooral boven directe hitte. Controleer de gaarheid in het dikste deel.
- Tip van Jan: Een directe en indirecte zone geeft controle: kleuren waar het heet is, rustig doorgaren waar het minder heet is.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Barbecuebereiding met gecontroleerde indirecte hitte en een frisse saus aan tafel.
Ingrediënten
- ca. 1,2 kg rosbief
- 1 knolselderij
- 500 g aardappelen
- 250 g paddenstoelen
- 250 ml bouillon
- 100 ml room
- 30 g boter
- peper en zout
Bereiding
- 01Stap 1
Kook knolselderij en aardappel samen gaar en pureer met room en een deel van de boter.
- 02Stap 2
Bak de paddenstoelen op hoog vuur bruin en houd apart.
- 03Stap 3
Gaar de rosbief in oven of braadpan tot 54–56 °C voor medium-rare of 58–60 °C voor medium en laat daarna rusten.
- 04Stap 4
Deglaceer de braadpan met bouillon en kook in tot een krachtige jus.
- 05Stap 5
Snijd het vlees pas na rust en controleer de snijrichting.
- 06Stap 6
Serveer met puree, paddenstoelen en jus.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Gebruik het zout uit het recept doelgericht op het vlees en verdeel het gelijkmatig. Voeg geen extra zout toe buiten de receptuur zonder eerst de totale kruiding te beoordelen.
- Gebruik de oven voor beheerst doorgaren. Wanneer het recept eerst een korst vraagt, schroei het vlees vooraf kort aan; bepaal het eindpunt op kern en niet uitsluitend op oventijd.
- Tip van Jan: Snijd vlees zo laat mogelijk. Zo blijft het warmer en verliest het minder vocht.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een stevig restaurantbord met aardse smaken en correcte rusttijd.

Runderbotten
2 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- 1,5 kg Runderbotten
- 2 uien
- 2 wortels
- 2 stengels bleekselderij
- 1 el tomatenpuree
- 3 liter koud water
- 2 laurierblaadjes
- 10 peperkorrels
Bereiding
- 01Stap 1
Rooster botten en grof gesneden groente 45 minuten op 220 °C tot diepbruin.
- 02Stap 2
Voeg tomatenpuree de laatste 10 minuten toe en laat mee roosteren.
- 03Stap 3
Doe alles in een grote pan, voeg koud water, laurier en peper toe en breng langzaam tegen de kook aan.
- 04Stap 4
Schep schuim en vet aan de oppervlakte af en laat 5–8 uur zeer zacht trekken; niet hard koken.
- 05Stap 5
Zeef zonder te drukken en koel snel terug.
- 06Stap 6
Ontvet na afkoelen en gebruik als bouillon of basis voor jus.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng naturel vlees vlak voor de bereiding gelijkmatig op smaak met zout. Volg een langere zout- of dry-brinefase alleen wanneer het recept dat bewust voorschrijft.
- Gebruik de oven voor beheerst doorgaren. Wanneer het recept eerst een korst vraagt, schroei het vlees vooraf kort aan; bepaal het eindpunt op kern en niet uitsluitend op oventijd.
- Tip van Jan: Meet in het dikste deel en niet tegen bot, vetlaag of pan. Zo stuurt u op garing in plaats van op minuten.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een echte basisbouillon met diepe braadsmaak.
Ingrediënten
- 1,5 kg Runderbotten
- 2 uien
- 2 wortels
- 1 stengel bleekselderij
- 1 el tomatenpuree
- 500 ml rode wijn
- 2,5 liter water
- 2 laurierblaadjes
Bereiding
- 01Stap 1
Rooster botten en groente donkerbruin op 220 °C.
- 02Stap 2
Bak tomatenpuree de laatste 10 minuten mee.
- 03Stap 3
Blus de braadslede met rode wijn en schraap alle aanbaksels los.
- 04Stap 4
Doe botten, groente, wijn en water in een pan en laat 6 uur zeer zacht trekken.
- 05Stap 5
Zeef en kook de vloeistof daarna rustig in tot een krachtige, licht stroperige jusbasis.
- 06Stap 6
Koel snel terug en bewaar gekoeld of vries in porties in.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng naturel vlees vlak voor de bereiding gelijkmatig op smaak met zout. Volg een langere zout- of dry-brinefase alleen wanneer het recept dat bewust voorschrijft.
- Gebruik de oven voor beheerst doorgaren. Wanneer het recept eerst een korst vraagt, schroei het vlees vooraf kort aan; bepaal het eindpunt op kern en niet uitsluitend op oventijd.
- Tip van Jan: Kies eerst de juiste techniek voor het product en pas daarna kruiden en saus aan. Een goed stuk vlees heeft meestal minder nodig dan u denkt.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Professionele jusbasis voor sauzen en stoofgerechten.

Rundergehakt
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- 500 g rundergehakt
- 1 ei
- 40 g paneermeel
- 1 kleine ui – zeer fijn gesnipperd
- 1 tl mosterd
- 1 tl Worcestersaus
- 25 g roomboter
- 300 ml runderbouillon
- 1 tl fijn zout
- ½ tl zwarte peper
Bereiding
- 01Stap 1
Snipper de ui zeer fijn. Meng het rundergehakt kort met ei, paneermeel, ui, mosterd, Worcestersaus, zout en zwarte peper; kneed alleen tot alles gelijkmatig verdeeld is.
- 02Stap 2
Verdeel het mengsel in vier gelijke porties en vorm met vochtige handen stevige gehaktballen. Laat ze 10 minuten koel opstijven terwijl u een braadpan op middelhoog vuur verwarmt.
- 03Stap 3
Smelt de roomboter en braad de gehaktballen rondom rustig bruin. Draai ze pas wanneer een zijde goed gekleurd is, zodat de korst intact blijft.
- 04Stap 4
Voeg de runderbouillon toe, zet het vuur laag en leg het deksel schuin op de pan. Laat de gehaktballen 20–25 minuten zacht garen en keer ze halverwege.
- 05Stap 5
Meet met een schone kernthermometer in het thermische midden van de grootste gehaktbal. Gaar gemalen rundvlees volledig door tot minimaal 75 °C.
- 06Stap 6
Haal de gehaktballen uit de pan. Laat de jus zonder deksel 2–5 minuten inkoken tot de gewenste binding, proef en breng zo nodig verder op smaak.
- 07Stap 7
Leg de gehaktballen terug in de hete jus en serveer direct met voldoende jus.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Bouw eerst een mooie korst op en druk een burger tijdens het bakken of grillen niet plat; zo blijft meer sap in het vlees. Controleer de gaarheid in het dikste deel.
- Tip van Jan: Gelijke porties garen gelijkmatiger en maken timing veel voorspelbaarder.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Aardappelpuree, gekookte aardappelen en seizoensgroenten
Ingrediënten
- 500 g rundergehakt
- 8 kleine tortilla’s
- 1 rode paprika – in repen
- 1 middelgrote ui – in halve ringen
- 1 tl gemalen komijn
- 1 tl gerookt paprikapoeder
- 2 tomaten – in blokjes
- 1 limoen
- 10 g verse koriander
- 100 g zure room
- 1 el neutrale olie
- ½ tl fijn zout
Bereiding
- 01Stap 1
Snijd paprika en ui. Meng de tomatenblokjes met het sap van een halve limoen, de helft van de fijngehakte koriander en een klein snufje zout; zet de salsa koel weg.
- 02Stap 2
Verhit een brede koekenpan op hoge hitte met de neutrale olie. Bak paprika en ui 5–7 minuten tot ze duidelijke kleur krijgen maar nog structuur hebben; schep ze uit de pan.
- 03Stap 3
Doe het rundergehakt in de hete pan en verdeel het grof. Laat het eerst stevig bruinen voordat u het verder rul maakt, zodat het vlees bakt in plaats van kookt.
- 04Stap 4
Voeg komijn en gerookt paprikapoeder toe en bak 1 minuut mee. Bak door tot het rundergehakt volledig gaar is en er geen rauwe delen meer zichtbaar zijn; bij een meetbare compacte portie geldt minimaal 75 °C.
- 05Stap 5
Doe paprika en ui terug in de pan en schep alles 1–2 minuten om. Proef en voeg alleen zo nodig nog wat zout toe.
- 06Stap 6
Verwarm de tortilla’s kort in een droge pan of volgens de verpakking en houd ze warm in een schone doek.
- 07Stap 7
Vul de tortilla’s met het hete rundergehaktmengsel. Werk af met limoensalsa, zure room en de resterende koriander en serveer direct.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Bouw eerst een mooie korst op en druk een burger tijdens het bakken of grillen niet plat; zo blijft meer sap in het vlees. Controleer de gaarheid in het dikste deel.
- Tip van Jan: Laat gehaktballen eerst kleur krijgen voordat ze verder garen in jus of saus.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Extra limoen, avocado of ingelegde rode ui
Ingrediënten
- 500 g rundergehakt
- 1 middelgrote ui – fijn gesneden
- 1 wortel – fijn gesneden
- 1 stengel bleekselderij – fijn gesneden
- 2 tenen knoflook – fijngehakt
- 150 ml droge rode wijn
- 800 g tomaten uit blik
- 2 el olijfolie
- 1 tl gedroogde oregano
- 300 g pasta
- 40 g Parmezaanse kaas
Bereiding
- 01Stap 1
Snijd ui, wortel en bleekselderij fijn. Verwarm een brede braadpan op middelhoog vuur met de olijfolie en fruit de groenten 6–8 minuten tot ze zacht beginnen te worden.
- 02Stap 2
Zet het vuur hoger, voeg het rundergehakt toe en bak het in een brede laag stevig rul en bruin. Laat het vlees tussendoor contact met de pan houden voor een diepere braadsmaak.
- 03Stap 3
Voeg de knoflook en oregano toe en bak 30–60 seconden mee. Blus af met de rode wijn en laat 3–5 minuten krachtig inkoken tot de scherpe alcohollucht verdwenen is.
- 04Stap 4
Voeg de tomaten toe, breng de saus aan de kook en zet daarna laag. Laat 35–45 minuten zonder deksel zacht pruttelen; roer geregeld en laat de saus zichtbaar indikken.
- 05Stap 5
Controleer dat het rundergehakt overal volledig gaar is. Proef de saus pas aan het einde en breng zo nodig op smaak; voeg een scheut water toe als de saus tijdens het pruttelen te ver indikt.
- 06Stap 6
Kook de pasta in ruim water beetgaar volgens de verpakking. Bewaar een kleine kop kookwater en giet de pasta af.
- 07Stap 7
Meng de pasta met een deel van de gehaktsaus en een scheut kookwater. Verdeel over warme borden, lepel de resterende saus erop en werk af met Parmezaanse kaas.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Bouw eerst een mooie korst op en druk een burger tijdens het bakken of grillen niet plat; zo blijft meer sap in het vlees. Controleer de gaarheid in het dikste deel.
- Tip van Jan: Te lang kneden maakt gehakt compact. Meng alleen tot kruiden en toevoegingen verdeeld zijn.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Groene salade en extra Parmezaanse kaas

Rundergehakt grasgevoerd 90/10
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- 500 g rundergehakt
- 4 grote paprika's
- 150 g rijst
- 1 ui
- 2 tenen knoflook
- 400 g tomatenblokjes
- 100 g feta
- 1 tl oregano
- 1 el olijfolie
Bereiding
- 01Stap 1
Kook de rijst 5 minuten korter dan op de verpakking staat.
- 02Stap 2
Halveer de paprika's en leg ze in een ovenschaal.
- 03Stap 3
Bak ui en gehakt rul, voeg knoflook, tomaat en oregano toe en laat 10 minuten inkoken.
- 04Stap 4
Meng de rijst door het gehaktmengsel en vul de paprika's. Verkruimel feta erover.
- 05Stap 5
Bak 25–30 minuten op 190 °C tot de paprika zacht is en de vulling door en door heet.
- 06Stap 6
Gaar het gehakt volledig; bij gehakt is een rosé steakgaring niet de bedoeling.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Bouw eerst een mooie korst op en druk een burger tijdens het bakken of grillen niet plat; zo blijft meer sap in het vlees. Controleer de gaarheid in het dikste deel.
- Tip van Jan: Gehakt heeft door het malen een ander voedselveiligheidsprofiel dan een intacte steak. Volg de productspecifieke veilige kerntemperatuur.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een complete ovenschotel met groente, graan en sappige gehaktvulling.
Ingrediënten
- 500 g rundergehakt
- 1 ei
- 40 g paneermeel
- 1 kleine ui
- 1 tl mosterd
- 1 tl Worcestersaus
- 25 g boter
- 300 ml bouillon
- peper en zout
Bereiding
- 01Stap 1
Snipper de ui zeer fijn. Meng het gehakt kort met ei, paneermeel, ui, mosterd en Worcestersaus; kneed niet langer dan nodig.
- 02Stap 2
Vorm vier gelijke ballen en laat ze 10 minuten in de koelkast opstijven.
- 03Stap 3
Bak de ballen rondom bruin in boter op middelhoog vuur.
- 04Stap 4
Voeg bouillon toe, zet het vuur laag en laat 20–25 minuten zacht garen; keer halverwege.
- 05Stap 5
Neem de ballen uit de pan en kook de jus zo nodig enkele minuten in.
- 06Stap 6
Gaar het gehakt volledig; bij gehakt is een rosé steakgaring niet de bedoeling.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Bouw eerst een mooie korst op en druk een burger tijdens het bakken of grillen niet plat; zo blijft meer sap in het vlees. Controleer de gaarheid in het dikste deel.
- Tip van Jan: Gelijke porties garen gelijkmatiger en maken timing veel voorspelbaarder.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Klassieke gehaktballen met zachte garing en geconcentreerde jus.
Ingrediënten
- 500 g rundergehakt
- 8 kleine tortilla's
- 1 rode paprika
- 1 gele paprika
- 1 ui
- 1 tl gemalen komijn
- 1 tl gerookt paprikapoeder
- 2 tomaten
- 1 limoen
- 100 g zure room
Bereiding
- 01Stap 1
Rooster paprika en ui in een droge, hete pan tot ze duidelijke kleur krijgen.
- 02Stap 2
Bak het gehakt rul op hoog vuur en laat vrijkomend vocht eerst verdampen voordat u komijn en paprikapoeder toevoegt.
- 03Stap 3
Meng tomaat met limoensap en een snuf zout tot snelle salsa.
- 04Stap 4
Verwarm de tortilla's kort in een droge pan.
- 05Stap 5
Vul met gehakt, geroosterde groente, salsa en zure room.
- 06Stap 6
Gaar het gehakt volledig; bij gehakt is een rosé steakgaring niet de bedoeling.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Bouw eerst een mooie korst op en druk een burger tijdens het bakken of grillen niet plat; zo blijft meer sap in het vlees. Controleer de gaarheid in het dikste deel.
- Tip van Jan: Laat gehaktballen eerst kleur krijgen voordat ze verder garen in jus of saus.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een totaal andere toepassing dan gehaktbal: fris, kruidig en aan tafel op te bouwen.

Runderlenderollade Vers
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- ca. 1,2 kg rollade
- 600 g wortels
- 4 sjalotten
- 250 ml bouillon
- 100 ml rode wijn
- 2 el olie
- 30 g boter
- peper en zout
Bereiding
- 01Stap 1
Verwarm de oven voor op 180 °C en rooster de wortels met een beetje olie.
- 02Stap 2
Bak de rollade rondom aan in een braadpan; leg daarna in een ovenschaal.
- 03Stap 3
Gaar in de oven tot 54–56 °C voor medium-rare of 58–60 °C voor medium; gebruik tijd alleen als richtlijn.
- 04Stap 4
Laat het vlees 15 minuten rusten voordat u snijdt.
- 05Stap 5
Fruit sjalotten in de braadpan, blus met wijn en bouillon en kook tot jusdikte in.
- 06Stap 6
Monteer met boter en serveer met de geroosterde wortel.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Gebruik het zout uit het recept doelgericht op het vlees en verdeel het gelijkmatig. Voeg geen extra zout toe buiten de receptuur zonder eerst de totale kruiding te beoordelen.
- Gebruik de oven voor beheerst doorgaren. Wanneer het recept eerst een korst vraagt, schroei het vlees vooraf kort aan; bepaal het eindpunt op kern en niet uitsluitend op oventijd.
- Tip van Jan: Kies eerst de juiste techniek voor het product en pas daarna kruiden en saus aan. Een goed stuk vlees heeft meestal minder nodig dan u denkt.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een klassieke braadbereiding met kerntemperatuur als leidende controle.
Ingrediënten
- ca. 1,2 kg rollade
- 1 bos peterselie
- 2 el kappertjes
- 1 teen knoflook
- 1 el Dijonmosterd
- 2 el wittewijnazijn
- 70 ml olijfolie
Bereiding
- 01Stap 1
Maak de barbecue gereed met een indirecte zone rond 160–180 °C.
- 02Stap 2
Hak peterselie, kappertjes en knoflook en meng met mosterd, azijn en olijfolie.
- 03Stap 3
Gaar de rollade indirect met gesloten deksel tot 54–56 °C voor medium-rare of 58–60 °C voor medium bijna is bereikt.
- 04Stap 4
Geef het vlees daarna kort kleur boven directe hitte.
- 05Stap 5
Laat 15 minuten rusten.
- 06Stap 6
Laat het vlees rusten en snijd het daarna in gelijkmatige plakken.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng naturel vlees vlak voor de bereiding gelijkmatig op smaak met zout. Volg een langere zout- of dry-brinefase alleen wanneer het recept dat bewust voorschrijft.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Gebruik directe hitte voor een mooie korst. Dikke stukken kun je daarna indirect verder laten garen; dunne steaks of kleine delen blijven vooral boven directe hitte. Controleer de gaarheid in het dikste deel.
- Tip van Jan: Een directe en indirecte zone geeft controle: kleuren waar het heet is, rustig doorgaren waar het minder heet is.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Barbecuebereiding met gecontroleerde indirecte hitte en een frisse saus aan tafel.
Ingrediënten
- ca. 1,2 kg rollade
- 1 knolselderij
- 500 g aardappelen
- 250 g paddenstoelen
- 250 ml bouillon
- 100 ml room
- 30 g boter
- peper en zout
Bereiding
- 01Stap 1
Kook knolselderij en aardappel samen gaar en pureer met room en een deel van de boter.
- 02Stap 2
Bak de paddenstoelen op hoog vuur bruin en houd apart.
- 03Stap 3
Gaar de rollade in oven of braadpan tot 54–56 °C voor medium-rare of 58–60 °C voor medium en laat daarna rusten.
- 04Stap 4
Deglaceer de braadpan met bouillon en kook in tot een krachtige jus.
- 05Stap 5
Snijd het vlees pas na rust en controleer de snijrichting.
- 06Stap 6
Serveer met puree, paddenstoelen en jus.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Gebruik het zout uit het recept doelgericht op het vlees en verdeel het gelijkmatig. Voeg geen extra zout toe buiten de receptuur zonder eerst de totale kruiding te beoordelen.
- Gebruik de oven voor beheerst doorgaren. Wanneer het recept eerst een korst vraagt, schroei het vlees vooraf kort aan; bepaal het eindpunt op kern en niet uitsluitend op oventijd.
- Tip van Jan: Snijd vlees zo laat mogelijk. Zo blijft het warmer en verliest het minder vocht.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een stevig restaurantbord met aardse smaken en correcte rusttijd.

Runderlever 200 gram
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- 500 g runderlever
- 2 grote uien
- 1 friszure appel
- 30 g boter
- 1 el olie
- 1 el bloem
- peper en zout
Bereiding
- 01Stap 1
Bak de uien rustig in boter tot goudbruin en zoet.
- 02Stap 2
Voeg appelpartjes toe en bak kort mee; houd warm.
- 03Stap 3
Bestuif de lever zeer licht met bloem en schud overtollige bloem af.
- 04Stap 4
Verhit een tweede pan stevig en bak de lever aan beide zijden; gaar door tot 70 °C in het dikste deel en voorkom daarna onnodig doorbakken.
- 05Stap 5
Breng pas na het bakken op smaak.
- 06Stap 6
Serveer direct met ui en appel.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Gebruik het zout uit het recept doelgericht op het vlees en verdeel het gelijkmatig. Voeg geen extra zout toe buiten de receptuur zonder eerst de totale kruiding te beoordelen.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Verhit de pan eerst goed en gebruik waar nodig slechts een dun laagje hittebestendig bakvet. Geef het vlees ruimte en bouw een duidelijke korst op zonder voortdurend te schuiven; verlaag daarna de hitte wanneer het stuk nog moet doorgaren.
- Voeg boter en aromaten uit het recept pas na de eerste korstfase toe en lepel het schuimende bakvet kort over het vlees; zo blijven de aromaten frisser en verbranden ze minder snel.
- Tip van Jan: Laat vis in de pan eerst een korst vormen voordat u probeert te keren.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Lever vraagt korte, precieze bereiding en een zoet-hartige tegenhanger.
Ingrediënten
- 500 g runderlever
- 8 sneetjes zuurdesem
- 2 sjalotten
- 30 g boter
- 1 el balsamico
- 1 bosje peterselie
- peper en zout
Bereiding
- 01Stap 1
Rooster het brood krokant.
- 02Stap 2
Bak sjalot zacht in een deel van de boter.
- 03Stap 3
Bak de lever kort en krachtig in een hete pan en neem uit de pan.
- 04Stap 4
Blus met balsamico en een eetlepel water en laat kort stroperig worden.
- 05Stap 5
Leg de lever op toast en verdeel sjalot erover.
- 06Stap 6
Lepel de panjus eromheen en werk af met peterselie.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Gebruik het zout uit het recept doelgericht op het vlees en verdeel het gelijkmatig. Voeg geen extra zout toe buiten de receptuur zonder eerst de totale kruiding te beoordelen.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Verhit de pan eerst goed en gebruik waar nodig slechts een dun laagje hittebestendig bakvet. Geef het vlees ruimte en bouw een duidelijke korst op zonder voortdurend te schuiven; verlaag daarna de hitte wanneer het stuk nog moet doorgaren.
- Voeg boter en aromaten uit het recept pas na de eerste korstfase toe en lepel het schuimende bakvet kort over het vlees; zo blijven de aromaten frisser en verbranden ze minder snel.
- Tip van Jan: Laat vis in de pan eerst een korst vormen voordat u probeert te keren.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Compact bistrorecept met duidelijke toepassing.
Ingrediënten
- 600 g runderlever
- 800 g kruimige aardappelen
- 150 ml melk
- 40 g boter
- 2 sjalotten
- 200 ml bouillon
- 1 el grove mosterd
Bereiding
- 01Stap 1
Kook de aardappelen gaar en maak puree met warme melk en de helft van de boter.
- 02Stap 2
Fruit sjalot, voeg bouillon toe en kook tot ongeveer de helft in; roer mosterd erdoor.
- 03Stap 3
Bak de lever kort in een hete pan met de rest van de boter tot mooi gekleurd en nog sappig.
- 04Stap 4
Laat hooguit heel kort staan; lever verliest snel sappigheid.
- 05Stap 5
Proef de jus en corrigeer op smaak.
- 06Stap 6
Serveer de lever op de puree met mosterdjus.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng naturel vlees vlak voor de bereiding gelijkmatig op smaak met zout. Volg een langere zout- of dry-brinefase alleen wanneer het recept dat bewust voorschrijft.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Verhit de pan eerst goed en gebruik waar nodig slechts een dun laagje hittebestendig bakvet. Geef het vlees ruimte en bouw een duidelijke korst op zonder voortdurend te schuiven; verlaag daarna de hitte wanneer het stuk nog moet doorgaren.
- Voeg boter en aromaten uit het recept pas na de eerste korstfase toe en lepel het schuimende bakvet kort over het vlees; zo blijven de aromaten frisser en verbranden ze minder snel.
- Tip van Jan: Laat vis in de pan eerst een korst vormen voordat u probeert te keren.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Klassieke complete bordopbouw.

Rundernek Angus
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- ca. 1 kg rundernek
- 3 uien
- 330 ml donker bier
- 400 ml bouillon
- 2 el bloem
- 1 el mosterd
- 2 laurierblaadjes
- 30 g boter
Bereiding
- 01Stap 1
Snijd de rundernek in gelijkmatige stukken als dat nog niet is gebeurd. Is het oppervlak zichtbaar nat, dep alleen dat vocht weg zodat het vlees kan bruinen.
- 02Stap 2
Bak het vlees in porties stevig bruin in boter; leg elke portie apart.
- 03Stap 3
Bak de ui rustig goudbruin, bestuif met bloem en laat 1 minuut meegaren.
- 04Stap 4
Blus met bier en bouillon en roer alle aanbaksels los. Voeg mosterd en laurier toe.
- 05Stap 5
Doe het vlees terug en laat 2,5–3 uur zeer zacht stoven tot het lepelmals is; laat de saus het laatste halfuur zo nodig zonder deksel inkoken.
- 06Stap 6
Proef pas op het einde op zout en serveer met aardappelpuree of friet.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Snijd stoofvlees alleen kleiner als het recept dat nodig heeft en houd de stukken zoveel mogelijk gelijk van formaat, zodat ze gelijkmatig garen.
- Braad de vleesstukken waar het recept dat toelaat in porties aan voor kleur en smaak. Laat ze daarna rustig stoven: zacht pruttelen, niet hard doorkoken, en gebruik malsheid als eindcontrole in plaats van alleen een vaste tijd.
- Tip van Jan: Snijd vlees zo laat mogelijk. Zo blijft het warmer en verliest het minder vocht.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Diepe, klassieke stoofsmaak door bruinen, reduceren en langzame garing.
Ingrediënten
- ca. 1 kg rundernek
- 150 g spekblokjes
- 2 wortels
- 2 uien
- 250 g champignons
- 500 ml rode wijn
- 400 ml bouillon
- 1 el tomatenpuree
- 2 laurierblaadjes
Bereiding
- 01Stap 1
Bak de spekblokjes uit en schep ze uit de pan.
- 02Stap 2
Bak de rundernek in porties rondom donkerbruin en neem uit de pan.
- 03Stap 3
Bak ui en wortel, voeg tomatenpuree toe en bak 1 minuut mee.
- 04Stap 4
Blus met rode wijn en bouillon, voeg laurier toe en doe het vlees terug. Laat circa 3 uur zeer zacht stoven.
- 05Stap 5
Bak de champignons apart bruin en voeg ze met het spek pas in het laatste halfuur toe.
- 06Stap 6
Het gerecht is klaar wanneer het vlees zonder weerstand uit elkaar valt en de saus glanst.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Snijd stoofvlees alleen kleiner als het recept dat nodig heeft en houd de stukken zoveel mogelijk gelijk van formaat, zodat ze gelijkmatig garen.
- Braad de vleesstukken waar het recept dat toelaat in porties aan voor kleur en smaak. Laat ze daarna rustig stoven: zacht pruttelen, niet hard doorkoken, en gebruik malsheid als eindcontrole in plaats van alleen een vaste tijd.
- Tip van Jan: Snijd vlees zo laat mogelijk. Zo blijft het warmer en verliest het minder vocht.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een Franse klassieker met gelaagde smaak en paddenstoelen die hun bite behouden.
Ingrediënten
- ca. 1 kg rundernek
- 2 uien
- 3 tenen knoflook
- 20 g gember
- 2 tl gemalen koriander
- 1 tl komijn
- 3 el ketjap manis
- 400 ml kokosmelk
- 1 stengel citroengras
Bereiding
- 01Stap 1
Bak de ui rustig goudbruin in een beetje olie.
- 02Stap 2
Voeg knoflook, gember, koriander en komijn toe en bak kort tot het geurt.
- 03Stap 3
Voeg de rundernek toe en bak rondom aan; werk in porties als de pan te vol wordt.
- 04Stap 4
Roer ketjap erdoor, voeg kokosmelk en gekneusd citroengras toe en breng tegen de kook aan.
- 05Stap 5
Laat 2,5–3 uur heel zacht stoven zonder hard te koken.
- 06Stap 6
Neem het deksel het laatste halfuur weg zodat de saus geconcentreerd en romig wordt; verwijder citroengras voor serveren.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Snijd stoofvlees alleen kleiner als het recept dat nodig heeft en houd de stukken zoveel mogelijk gelijk van formaat, zodat ze gelijkmatig garen.
- Braad de vleesstukken waar het recept dat toelaat in porties aan voor kleur en smaak. Laat ze daarna rustig stoven: zacht pruttelen, niet hard doorkoken, en gebruik malsheid als eindcontrole in plaats van alleen een vaste tijd.
- Tip van Jan: Meet in het dikste deel en niet tegen bot, vetlaag of pan. Zo stuurt u op garing in plaats van op minuten.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een warme specerijenrichting die echt verschilt van Europese stoofgerechten.

Rundersaucijs per 2 stuks
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- ca. 600 g saucijs
- 800 g kruimige aardappelen
- 2 grote uien
- 150 ml melk
- 30 g boter
- 1 el grove mosterd
- 250 ml bouillon
- 1 el olie
Bereiding
- 01Stap 1
Bak de saucijs op middelhoog vuur rustig rondom bruin; draai regelmatig zodat de darm niet barst.
- 02Stap 2
Kook de aardappelen gaar en maak puree met melk, boter en mosterd.
- 03Stap 3
Bak de uien in dezelfde pan rustig goudbruin.
- 04Stap 4
Voeg bouillon toe en laat 5–8 minuten inkoken tot een lichte jus.
- 05Stap 5
Gaar de worst volledig tot volledig gaar in het thermische midden.
- 06Stap 6
Serveer met mosterdpuree en uienjus.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Dit product heeft al een eigen kruiding of smaakopbouw. Voeg daarom niet automatisch extra rub, marinade of kruidenmix toe.
- Gaar worst op beheerste hitte en keer regelmatig. Prik de darm niet onnodig door; daarmee verlies je sap en vet. Controleer voor het serveren of de worst goed gaar en door en door warm is.
- Tip van Jan: Meet in het dikste deel en niet tegen bot, vetlaag of pan. Zo stuurt u op garing in plaats van op minuten.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Rustige panwarmte houdt verse worst sappig en voorkomt verbrande buitenkant.
Ingrediënten
- ca. 600 g saucijs
- 2 rode paprika's
- 2 rode uien
- 2 el olijfolie
- 1 el balsamico
- 1 tl honing
- 1 bosje peterselie
Bereiding
- 01Stap 1
Maak de barbecue gereed voor middelhoge directe hitte.
- 02Stap 2
Snijd paprika en ui grof, meng met olie en grill tot ze zacht en donker aan de randen zijn.
- 03Stap 3
Grill de saucijs rustig en keer regelmatig; te hoge hitte verbrandt de buitenkant voordat de kern gaar is.
- 04Stap 4
Meng balsamico en honing en schep door de warme groente.
- 05Stap 5
Controleer de worst op volledige garing tot volledig gaar in het thermische midden.
- 06Stap 6
Serveer met de gegrilde groente en peterselie.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Dit product heeft al een eigen kruiding of smaakopbouw. Voeg daarom niet automatisch extra rub, marinade of kruidenmix toe.
- Gaar worst op beheerste hitte en keer regelmatig. Prik de darm niet onnodig door; daarmee verlies je sap en vet. Controleer voor het serveren of de worst goed gaar en door en door warm is.
- Tip van Jan: Een droge buitenkant en voldoende hete pan of grill geven sneller een mooie korst; suikerhoudende marinades pas later op hoge hitte.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een barbecuegerecht waarin de worst gecontroleerd gaart en de groente voor friszoete tegenhanger zorgt.
Ingrediënten
- ca. 600 g saucijs
- 2 blikken witte bonen
- 400 g tomatenblokjes
- 1 ui
- 2 tenen knoflook
- 60 g panko
- 30 g Parmezaan
- 1 el olijfolie
Bereiding
- 01Stap 1
Bak de saucijs rondom bruin maar nog niet volledig gaar; neem uit de pan.
- 02Stap 2
Fruit ui en knoflook, voeg tomaat en uitgelekte bonen toe en laat 10 minuten pruttelen.
- 03Stap 3
Leg de worst terug in de saus en gaar 10–15 minuten zacht door.
- 04Stap 4
Meng panko met Parmezaan en een beetje olie en strooi over de pan of ovenschaal.
- 05Stap 5
Gratineer 5 minuten onder een hete grill tot de kruim goudbruin is.
- 06Stap 6
Controleer de worst op volledige garing en serveer.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Dit product heeft al een eigen kruiding of smaakopbouw. Voeg daarom niet automatisch extra rub, marinade of kruidenmix toe.
- Gaar worst op beheerste hitte en keer regelmatig. Prik de darm niet onnodig door; daarmee verlies je sap en vet. Controleer voor het serveren of de worst goed gaar en door en door warm is.
- Tip van Jan: Meet in het dikste deel en niet tegen bot, vetlaag of pan. Zo stuurt u op garing in plaats van op minuten.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een rustieke éénpansmaaltijd met romige bonen en krokante bovenlaag.

Runderschenkel
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- ca. 1 kg runderschenkel
- 3 uien
- 330 ml donker bier
- 400 ml bouillon
- 2 el bloem
- 1 el mosterd
- 2 laurierblaadjes
- 30 g boter
Bereiding
- 01Stap 1
Snijd de runderschenkel in gelijkmatige stukken als dat nog niet is gebeurd. Is het oppervlak zichtbaar nat, dep alleen dat vocht weg zodat het vlees kan bruinen.
- 02Stap 2
Bak het vlees in porties stevig bruin in boter; leg elke portie apart.
- 03Stap 3
Bak de ui rustig goudbruin, bestuif met bloem en laat 1 minuut meegaren.
- 04Stap 4
Blus met bier en bouillon en roer alle aanbaksels los. Voeg mosterd en laurier toe.
- 05Stap 5
Doe het vlees terug en laat 2,5–3 uur zeer zacht stoven tot het lepelmals is; laat de saus het laatste halfuur zo nodig zonder deksel inkoken.
- 06Stap 6
Proef pas op het einde op zout en serveer met aardappelpuree of friet.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Gebruik het zout uit het recept doelgericht op het vlees en verdeel het gelijkmatig. Voeg geen extra zout toe buiten de receptuur zonder eerst de totale kruiding te beoordelen.
- Braad de vleesstukken waar het recept dat toelaat in porties aan voor kleur en smaak. Laat ze daarna rustig stoven: zacht pruttelen, niet hard doorkoken, en gebruik malsheid als eindcontrole in plaats van alleen een vaste tijd.
- Tip van Jan: Snijd vlees zo laat mogelijk. Zo blijft het warmer en verliest het minder vocht.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Diepe, klassieke stoofsmaak door bruinen, reduceren en langzame garing.
Ingrediënten
- ca. 1 kg runderschenkel
- 150 g spekblokjes
- 2 wortels
- 2 uien
- 250 g champignons
- 500 ml rode wijn
- 400 ml bouillon
- 1 el tomatenpuree
- 2 laurierblaadjes
Bereiding
- 01Stap 1
Bak de spekblokjes uit en schep ze uit de pan.
- 02Stap 2
Bak de runderschenkel in porties rondom donkerbruin en neem uit de pan.
- 03Stap 3
Bak ui en wortel, voeg tomatenpuree toe en bak 1 minuut mee.
- 04Stap 4
Blus met rode wijn en bouillon, voeg laurier toe en doe het vlees terug. Laat circa 3 uur zeer zacht stoven.
- 05Stap 5
Bak de champignons apart bruin en voeg ze met het spek pas in het laatste halfuur toe.
- 06Stap 6
Het gerecht is klaar wanneer het vlees zonder weerstand uit elkaar valt en de saus glanst.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng naturel vlees vlak voor de bereiding gelijkmatig op smaak met zout. Volg een langere zout- of dry-brinefase alleen wanneer het recept dat bewust voorschrijft.
- Braad de vleesstukken waar het recept dat toelaat in porties aan voor kleur en smaak. Laat ze daarna rustig stoven: zacht pruttelen, niet hard doorkoken, en gebruik malsheid als eindcontrole in plaats van alleen een vaste tijd.
- Tip van Jan: Snijd vlees zo laat mogelijk. Zo blijft het warmer en verliest het minder vocht.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een Franse klassieker met gelaagde smaak en paddenstoelen die hun bite behouden.
Ingrediënten
- ca. 1 kg runderschenkel
- 2 uien
- 3 tenen knoflook
- 20 g gember
- 2 tl gemalen koriander
- 1 tl komijn
- 3 el ketjap manis
- 400 ml kokosmelk
- 1 stengel citroengras
Bereiding
- 01Stap 1
Bak de ui rustig goudbruin in een beetje olie.
- 02Stap 2
Voeg knoflook, gember, koriander en komijn toe en bak kort tot het geurt.
- 03Stap 3
Voeg de runderschenkel toe en bak rondom aan; werk in porties als de pan te vol wordt.
- 04Stap 4
Roer ketjap erdoor, voeg kokosmelk en gekneusd citroengras toe en breng tegen de kook aan.
- 05Stap 5
Laat 2,5–3 uur heel zacht stoven zonder hard te koken.
- 06Stap 6
Neem het deksel het laatste halfuur weg zodat de saus geconcentreerd en romig wordt; verwijder citroengras voor serveren.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng naturel vlees vlak voor de bereiding gelijkmatig op smaak met zout. Volg een langere zout- of dry-brinefase alleen wanneer het recept dat bewust voorschrijft.
- Braad de vleesstukken waar het recept dat toelaat in porties aan voor kleur en smaak. Laat ze daarna rustig stoven: zacht pruttelen, niet hard doorkoken, en gebruik malsheid als eindcontrole in plaats van alleen een vaste tijd.
- Tip van Jan: Meet in het dikste deel en niet tegen bot, vetlaag of pan. Zo stuurt u op garing in plaats van op minuten.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een warme specerijenrichting die echt verschilt van Europese stoofgerechten.

Rundersnippers
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- 500 g rundersnippers
- 250 g eiernoedels
- 300 g broccoli
- 20 g verse gember
- 2 tenen knoflook
- 2 el sojasaus
- 1 el rijstazijn
- 1 tl sesamolie
- 1 el neutrale olie
Bereiding
- 01Stap 1
Kruid pas vlak voor het bakken, zodat het vlees niet onnodig vocht verliest.
- 02Stap 2
Kook de noedels kort en spoel ze af; blancheer de broccoli 2 minuten en laat goed uitlekken.
- 03Stap 3
Bak het vlees op hoog vuur in porties en houd apart.
- 04Stap 4
Roerbak gember en knoflook 20 seconden, voeg broccoli toe en laat licht kleuren.
- 05Stap 5
Voeg noedels, sojasaus, rijstazijn en sesamolie toe en schep op hoog vuur om.
- 06Stap 6
Voeg het vlees pas op het einde terug zodat het sappig blijft en serveer meteen.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng naturel vlees vlak voor de bereiding gelijkmatig op smaak met zout. Volg een langere zout- of dry-brinefase alleen wanneer het recept dat bewust voorschrijft.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Verhit de pan eerst goed en gebruik waar nodig slechts een dun laagje hittebestendig bakvet. Geef het vlees ruimte en bouw een duidelijke korst op zonder voortdurend te schuiven; verlaag daarna de hitte wanneer het stuk nog moet doorgaren.
- Voeg boter en aromaten uit het recept pas na de eerste korstfase toe en lepel het schuimende bakvet kort over het vlees; zo blijven de aromaten frisser en verbranden ze minder snel.
- Tip van Jan: Druk een burger tijdens het bakken niet uit met de spatel; daarmee verliest hij vocht.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een complete doordeweekse wokmaaltijd met heldere smaken en korte garing.
Ingrediënten
- 500 g rundersnippers
- 4 flatbreads
- 2 rode paprika's
- 150 g Griekse yoghurt
- 1 kleine komkommer
- 1 teen knoflook
- 1 el citroensap
- 1 el olie
- verse munt
Bereiding
- 01Stap 1
Rooster de paprika's onder de grill of in een hete pan tot ze zacht en donker aan de rand zijn; snijd in repen.
- 02Stap 2
Kruid pas vlak voor het bakken, zodat het vlees niet onnodig vocht verliest.
- 03Stap 3
Meng yoghurt met geraspte komkommer, knoflook, citroensap en munt.
- 04Stap 4
Bak het vlees in een ruime, hete pan in kleine porties zodat het kleurt in plaats van kookt.
- 05Stap 5
Verwarm de flatbreads kort in een droge pan.
- 06Stap 6
Beleg met paprika, vlees en yoghurtsaus en serveer direct.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng naturel vlees vlak voor de bereiding gelijkmatig op smaak met zout. Volg een langere zout- of dry-brinefase alleen wanneer het recept dat bewust voorschrijft.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Verhit de pan eerst goed en gebruik waar nodig slechts een dun laagje hittebestendig bakvet. Geef het vlees ruimte en bouw een duidelijke korst op zonder voortdurend te schuiven; verlaag daarna de hitte wanneer het stuk nog moet doorgaren.
- Voeg boter en aromaten uit het recept pas na de eerste korstfase toe en lepel het schuimende bakvet kort over het vlees; zo blijven de aromaten frisser en verbranden ze minder snel.
- Tip van Jan: Druk een burger tijdens het bakken niet uit met de spatel; daarmee verliest hij vocht.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een broodmaaltijd met contrast tussen heet vlees, geroosterde groente en frisse saus.
Ingrediënten
- 500 g rundersnippers
- 300 g gekookte en afgekoelde rijst
- 2 eieren
- 2 stronken paksoi
- 3 bosuien
- 2 el sojasaus
- 1 tl sambal
- 1 el neutrale olie
- 1 tl sesamolie
Bereiding
- 01Stap 1
Kruid pas vlak voor het bakken, zodat het vlees niet onnodig vocht verliest.
- 02Stap 2
Klop de eieren los en bak ze in de wok tot grove stukjes; schep uit de wok.
- 03Stap 3
Bak het vlees zeer heet in porties en houd apart.
- 04Stap 4
Roerbak paksoi en bosui kort, voeg de koude rijst toe en bak tot de korrels los en heet zijn.
- 05Stap 5
Voeg soja, sambal en sesamolie toe en schep ei en vlees terug.
- 06Stap 6
Bak nog 1 minuut op hoog vuur en serveer.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng naturel vlees vlak voor de bereiding gelijkmatig op smaak met zout. Volg een langere zout- of dry-brinefase alleen wanneer het recept dat bewust voorschrijft.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Verhit de pan eerst goed en gebruik waar nodig slechts een dun laagje hittebestendig bakvet. Geef het vlees ruimte en bouw een duidelijke korst op zonder voortdurend te schuiven; verlaag daarna de hitte wanneer het stuk nog moet doorgaren.
- Tip van Jan: Druk een burger tijdens het bakken niet uit met de spatel; daarmee verliest hij vocht.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Gebakken rijst werkt juist goed met kleine vleesdelen en benut hoge wokhitte.

Runderstoofvlees Angus gegaard
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- 600 g runderstoofvlees
- 800 g krieltjes
- 200 g gemengde sla
- 1 komkommer
- 2 el olijfolie
- 1 el mosterd
- 1 el wittewijnazijn
Bereiding
- 01Stap 1
Rooster de krieltjes 30–35 minuten op 210 °C tot krokant.
- 02Stap 2
Verwarm de runderstoofvlees op laag tot middelhoog vuur tot het product door en door heet is; het product is al bereid en hoeft alleen op temperatuur te komen.
- 03Stap 3
Meng mosterd, azijn en olijfolie tot dressing.
- 04Stap 4
Snijd komkommer en meng met de sla.
- 05Stap 5
Laat het warme vlees 2–3 minuten staan en portioneer daarna.
- 06Stap 6
Serveer met aardappeltjes en frisse salade.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Dit product is al gegaard. Verwarm het gelijkmatig door en voeg geen extra marinade of kruiden toe tenzij het recept dat uitdrukkelijk vraagt.
- Warm in de oven gelijkmatig door en voorkom onnodig uitdrogen. Haal het product uit de oven zodra het goed is opgewarmd.
- Tip van Jan: Snijd vlees zo laat mogelijk. Zo blijft het warmer en verliest het minder vocht.
Volg voor opwarmen, bewaren en serveren de aanwijzingen bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Eenvoudige bordmaaltijd waarin de juiste opwarmtechniek belangrijker is dan extra kruiden.
Ingrediënten
- 600 g runderstoofvlees
- 4 flatbreads
- 1 courgette
- 2 paprika's
- 150 g Griekse yoghurt
- 1 teen knoflook
- 1 el citroensap
- peterselie
Bereiding
- 01Stap 1
Rooster courgette en paprika op hoge hitte tot ze kleur hebben.
- 02Stap 2
Meng yoghurt met knoflook, citroensap en peterselie.
- 03Stap 3
Verwarm de runderstoofvlees op laag tot middelhoog vuur tot het product door en door heet is en voorkom onnodige uitdroging.
- 04Stap 4
Verwarm de flatbreads kort.
- 05Stap 5
Verdeel groente en warm vlees over het brood.
- 06Stap 6
Lepel yoghurtsaus erover en serveer direct.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Dit product is al gegaard. Verwarm het gelijkmatig door en voeg geen extra marinade of kruiden toe tenzij het recept dat uitdrukkelijk vraagt.
- Warm in de oven gelijkmatig door en voorkom onnodig uitdrogen. Haal het product uit de oven zodra het goed is opgewarmd.
- Tip van Jan: Kies eerst de juiste techniek voor het product en pas daarna kruiden en saus aan. Een goed stuk vlees heeft meestal minder nodig dan u denkt.
Volg voor opwarmen, bewaren en serveren de aanwijzingen bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Moderne broodmaaltijd met veel groente en frisse saus.
Ingrediënten
- 600 g runderstoofvlees
- 300 g rijst
- 1 komkommer
- 2 wortels
- 200 g edamame
- 2 el sojasaus
- 1 el rijstazijn
- 1 tl sesamolie
Bereiding
- 01Stap 1
Kook de rijst en houd warm.
- 02Stap 2
Snijd komkommer en wortel in dunne reepjes en blancheer de edamame.
- 03Stap 3
Verwarm de runderstoofvlees rustig op laag tot middelhoog vuur tot het product door en door heet is.
- 04Stap 4
Meng sojasaus, rijstazijn en sesamolie tot dressing.
- 05Stap 5
Verdeel rijst en groente over kommen en leg het warme vlees erop.
- 06Stap 6
Druppel de dressing erover en serveer.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Dit product is al gegaard. Verwarm het gelijkmatig door en voeg geen extra marinade of kruiden toe tenzij het recept dat uitdrukkelijk vraagt.
- Warm in de pan rustig en gelijkmatig door; gebruik alleen extra bakvet als het recept of product dat nodig heeft.
- Tip van Jan: Snijd vlees zo laat mogelijk. Zo blijft het warmer en verliest het minder vocht.
Volg voor opwarmen, bewaren en serveren de aanwijzingen bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een lichte bowltoepassing met textuurcontrast en beheerste saus.

Short ribs Iers m/b
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- ca. 1,5 kg short ribs
- 2 el grof gemalen zwarte peper
- 1 el zout
- 1 el fijngemalen koffie
- 1 tl knoflookpoeder
- 200 ml runderbouillon
- rookhout naar keuze
Bereiding
- 01Stap 1
Maak smoker of barbecue gereed voor 120–130 °C indirecte hitte.
- 02Stap 2
Meng peper, zout, koffie en knoflookpoeder en verdeel gelijkmatig over het vlees.
- 03Stap 3
Rook de short ribs tot een donkere bark ontstaat; houd de temperatuur stabiel en open de barbecue zo weinig mogelijk.
- 04Stap 4
Wanneer de bark vast zit, kunt u het vlees losjes in butcher paper wikkelen met een scheut bouillon.
- 05Stap 5
Gaar verder tot het bindweefsel volledig zacht is en een prikker vrijwel zonder weerstand in het vlees gaat.
- 06Stap 6
Laat minimaal 30 minuten rusten voordat u tussen of langs de botten snijdt.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Werk bij rauwe ribs hoofdzakelijk met indirecte, beheerste BBQ-hitte en gebruik directe hitte alleen kort voor kleur of aflakken wanneer het recept dat vraagt; voorkom dat suikerrijke glaze verbrandt.
- Tip van Jan: Snijd vlees zo laat mogelijk. Zo blijft het warmer en verliest het minder vocht.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Diepe rundsmaak, rook en peper zonder zoete saus.
Ingrediënten
- ca. 1,5 kg short ribs
- 3 el gochujang
- 3 el sojasaus
- 2 el bruine suiker
- 1 el rijstazijn
- 20 g gember
- 2 tenen knoflook
- 2 bosuien
- 1 el sesam
Bereiding
- 01Stap 1
Gaar de ribs eerst langzaam en indirect op 130 °C tot ze duidelijk mals beginnen te worden.
- 02Stap 2
Meng gochujang, soja, suiker, azijn, geraspte gember en knoflook tot een gladde lak.
- 03Stap 3
Bestrijk de ribs pas wanneer ze bijna mals zijn; suikers verbranden bij te vroege lak.
- 04Stap 4
Laat de lak 15–20 minuten karamelliseren op iets hogere hitte.
- 05Stap 5
Laat 15 minuten rusten.
- 06Stap 6
Werk af met lente-ui en sesam en serveer met rijst en ingelegde groente.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Werk bij rauwe ribs hoofdzakelijk met indirecte, beheerste BBQ-hitte en gebruik directe hitte alleen kort voor kleur of aflakken wanneer het recept dat vraagt; voorkom dat suikerrijke glaze verbrandt.
- Tip van Jan: Een droge buitenkant en voldoende hete pan of grill geven sneller een mooie korst; suikerhoudende marinades pas later op hoge hitte.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Pittig-zoete lak met veel umami, maar pas op het einde aangebracht.
Ingrediënten
- ca. 1,5 kg short ribs
- 500 ml rode wijn
- 500 ml runderbouillon
- 2 wortels
- 2 uien
- 200 g zilveruitjes
- 2 el tomatenpuree
- 2 laurierblaadjes
Bereiding
- 01Stap 1
Bak de short ribs rondom diepbruin in een zware braadpan.
- 02Stap 2
Bak ui en wortel, voeg tomatenpuree toe en laat een minuut karamelliseren.
- 03Stap 3
Blus met rode wijn en kook tot ongeveer de helft in; voeg bouillon en laurier toe.
- 04Stap 4
Gaar afgedekt 3–4 uur in een oven van 150 °C tot het vlees boterzacht is.
- 05Stap 5
Voeg de zilveruitjes in het laatste halfuur toe.
- 06Stap 6
Neem het vlees uit de saus, ontvet zo nodig en kook de saus tot een glanzende jus.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Gaar ribs rustig in de oven en beoordeel zowel malsheid als gaarheid; een vaste tijd alleen is onvoldoende.
- Tip van Jan: Kies eerst de juiste techniek voor het product en pas daarna kruiden en saus aan. Een goed stuk vlees heeft meestal minder nodig dan u denkt.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een klassieke braise die short ribs verandert in zacht, rijk stoofvlees.

Short ribs Iers z/b
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- ca. 1,5 kg short ribs
- 2 el grof gemalen zwarte peper
- 1 el zout
- 1 el fijngemalen koffie
- 1 tl knoflookpoeder
- 200 ml runderbouillon
- rookhout naar keuze
Bereiding
- 01Stap 1
Maak smoker of barbecue gereed voor 120–130 °C indirecte hitte.
- 02Stap 2
Meng peper, zout, koffie en knoflookpoeder en verdeel gelijkmatig over het vlees.
- 03Stap 3
Rook de short ribs tot een donkere bark ontstaat; houd de temperatuur stabiel en open de barbecue zo weinig mogelijk.
- 04Stap 4
Wanneer de bark vast zit, kunt u het vlees losjes in butcher paper wikkelen met een scheut bouillon.
- 05Stap 5
Gaar verder tot het bindweefsel volledig zacht is en een prikker vrijwel zonder weerstand in het vlees gaat.
- 06Stap 6
Laat minimaal 30 minuten rusten voordat u tussen of langs de botten snijdt.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Werk bij rauwe ribs hoofdzakelijk met indirecte, beheerste BBQ-hitte en gebruik directe hitte alleen kort voor kleur of aflakken wanneer het recept dat vraagt; voorkom dat suikerrijke glaze verbrandt.
- Tip van Jan: Snijd vlees zo laat mogelijk. Zo blijft het warmer en verliest het minder vocht.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Diepe rundsmaak, rook en peper zonder zoete saus.
Ingrediënten
- ca. 1,5 kg short ribs
- 3 el gochujang
- 3 el sojasaus
- 2 el bruine suiker
- 1 el rijstazijn
- 20 g gember
- 2 tenen knoflook
- 2 bosuien
- 1 el sesam
Bereiding
- 01Stap 1
Gaar de ribs eerst langzaam en indirect op 130 °C tot ze duidelijk mals beginnen te worden.
- 02Stap 2
Meng gochujang, soja, suiker, azijn, geraspte gember en knoflook tot een gladde lak.
- 03Stap 3
Bestrijk de ribs pas wanneer ze bijna mals zijn; suikers verbranden bij te vroege lak.
- 04Stap 4
Laat de lak 15–20 minuten karamelliseren op iets hogere hitte.
- 05Stap 5
Laat 15 minuten rusten.
- 06Stap 6
Werk af met lente-ui en sesam en serveer met rijst en ingelegde groente.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Werk bij rauwe ribs hoofdzakelijk met indirecte, beheerste BBQ-hitte en gebruik directe hitte alleen kort voor kleur of aflakken wanneer het recept dat vraagt; voorkom dat suikerrijke glaze verbrandt.
- Tip van Jan: Een droge buitenkant en voldoende hete pan of grill geven sneller een mooie korst; suikerhoudende marinades pas later op hoge hitte.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Pittig-zoete lak met veel umami, maar pas op het einde aangebracht.
Ingrediënten
- ca. 1,5 kg short ribs
- 500 ml rode wijn
- 500 ml runderbouillon
- 2 wortels
- 2 uien
- 200 g zilveruitjes
- 2 el tomatenpuree
- 2 laurierblaadjes
Bereiding
- 01Stap 1
Bak de short ribs rondom diepbruin in een zware braadpan.
- 02Stap 2
Bak ui en wortel, voeg tomatenpuree toe en laat een minuut karamelliseren.
- 03Stap 3
Blus met rode wijn en kook tot ongeveer de helft in; voeg bouillon en laurier toe.
- 04Stap 4
Gaar afgedekt 3–4 uur in een oven van 150 °C tot het vlees boterzacht is.
- 05Stap 5
Voeg de zilveruitjes in het laatste halfuur toe.
- 06Stap 6
Neem het vlees uit de saus, ontvet zo nodig en kook de saus tot een glanzende jus.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Gaar ribs rustig in de oven en beoordeel zowel malsheid als gaarheid; een vaste tijd alleen is onvoldoende.
- Tip van Jan: Kies eerst de juiste techniek voor het product en pas daarna kruiden en saus aan. Een goed stuk vlees heeft meestal minder nodig dan u denkt.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een klassieke braise die short ribs verandert in zacht, rijk stoofvlees.

Staartstuk-picanha
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- ca. 1,2 kg picanha
- 600 g wortels
- 4 sjalotten
- 250 ml bouillon
- 100 ml rode wijn
- 2 el olie
- 30 g boter
- peper en zout
Bereiding
- 01Stap 1
Dep de picanha droog. Laat de vetkap zitten en snijd die oppervlakkig kruislings in ruitjes in: alleen door het vet, niet in het vlees. Verwarm de oven voor op 180 °C en rooster de wortels met een beetje olie.
- 02Stap 2
Bak de picanha rondom aan in een braadpan; leg daarna in een ovenschaal.
- 03Stap 3
Gaar in de oven tot 54–56 °C voor medium-rare of 58–60 °C voor medium; gebruik tijd alleen als richtlijn.
- 04Stap 4
Laat het vlees 15 minuten rusten voordat u snijdt.
- 05Stap 5
Fruit sjalotten in de braadpan, blus met wijn en bouillon en kook tot jusdikte in.
- 06Stap 6
Monteer met boter en serveer met de geroosterde wortel.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Breng het vlees vlak voor de bereiding op smaak met zout en zwarte peper. Voor een vollere, kruidige smaak kun je in plaats daarvan Jans Biefstuk Kruidenmix gebruiken. Kies één van beide; zo blijft de kruiding mooi in balans.
- Gebruik de oven voor beheerst doorgaren. Wanneer het recept eerst een korst vraagt, schroei het vlees vooraf kort aan; bepaal het eindpunt op kern en niet uitsluitend op oventijd.
- Tip van Jan: Snijd een ruitpatroon oppervlakkig in de vetkap zonder in het vlees te komen. Zo kan het vet beter uitbakken.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Kerntemperatuur & eindcontrole
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een klassieke braadbereiding met kerntemperatuur als leidende controle.
Ingrediënten
- ca. 1,2 kg picanha
- 1 bos peterselie
- 2 el kappertjes
- 1 teen knoflook
- 1 el Dijonmosterd
- 2 el wittewijnazijn
- 70 ml olijfolie
Bereiding
- 01Stap 1
Dep de picanha droog. Laat de vetkap zitten en snijd die oppervlakkig kruislings in ruitjes in: alleen door het vet, niet in het vlees. Maak de barbecue gereed met een indirecte zone rond 160–180 °C.
- 02Stap 2
Hak peterselie, kappertjes en knoflook en meng met mosterd, azijn en olijfolie.
- 03Stap 3
Gaar de picanha indirect met gesloten deksel tot 54–56 °C voor medium-rare of 58–60 °C voor medium bijna is bereikt.
- 04Stap 4
Geef het vlees daarna kort kleur boven directe hitte.
- 05Stap 5
Laat 15 minuten rusten.
- 06Stap 6
Controleer de vezelrichting vóór het snijden; snijd de uiteindelijke hap na de rust dwars op de draad.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Breng naturel vlees op smaak met zout en zwarte peper, óf gebruik Jans Biefstuk Kruidenmix als smaakvol alternatief. Kies één van beide en voorkom dubbele kruiding.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Gebruik directe hitte voor een mooie korst. Dikke stukken kun je daarna indirect verder laten garen; dunne steaks of kleine delen blijven vooral boven directe hitte. Controleer de gaarheid in het dikste deel.
- Tip van Jan: Op de barbecue kan druipend vet vlammen geven. Verplaats het vlees dan tijdelijk naar indirecte hitte.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Kerntemperatuur & eindcontrole
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Barbecuebereiding met gecontroleerde indirecte hitte en een frisse saus aan tafel.
Ingrediënten
- ca. 1,2 kg picanha
- 1 knolselderij
- 500 g aardappelen
- 250 g paddenstoelen
- 250 ml bouillon
- 100 ml room
- 30 g boter
- peper en zout
Bereiding
- 01Stap 1
Dep de picanha droog. Laat de vetkap zitten en snijd die oppervlakkig kruislings in ruitjes in: alleen door het vet, niet in het vlees. Kook knolselderij en aardappel samen gaar en pureer met room en een deel van de boter.
- 02Stap 2
Bak de paddenstoelen op hoog vuur bruin en houd apart.
- 03Stap 3
Gaar de picanha in oven of braadpan tot 54–56 °C voor medium-rare of 58–60 °C voor medium en laat daarna rusten.
- 04Stap 4
Deglaceer de braadpan met bouillon en kook in tot een krachtige jus.
- 05Stap 5
Snijd het vlees pas na rust en controleer de snijrichting.
- 06Stap 6
Serveer met puree, paddenstoelen en jus.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Breng het vlees vlak voor de bereiding op smaak met zout en zwarte peper. Voor een vollere, kruidige smaak kun je in plaats daarvan Jans Biefstuk Kruidenmix gebruiken. Kies één van beide; zo blijft de kruiding mooi in balans.
- Gebruik de oven voor beheerst doorgaren. Wanneer het recept eerst een korst vraagt, schroei het vlees vooraf kort aan; bepaal het eindpunt op kern en niet uitsluitend op oventijd.
- Tip van Jan: Snijd een ruitpatroon oppervlakkig in de vetkap zonder in het vlees te komen. Zo kan het vet beter uitbakken.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Kerntemperatuur & eindcontrole
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een stevig restaurantbord met aardse smaken en correcte rusttijd.

Sukadelappen Iers
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- ca. 1 kg sukade
- 2 uien
- 2 wortels
- 400 g tomatenblokjes
- 120 g groene olijven
- 1 sinaasappel
- 300 ml bouillon
- 1 tl venkelzaad
- 2 el olijfolie
Bereiding
- 01Stap 1
Bak de sukade in een braadpan rondom bruin en neem uit de pan.
- 02Stap 2
Bak ui en wortel 5 minuten zacht, voeg venkelzaad toe en laat kort geuren.
- 03Stap 3
Voeg tomaat, bouillon, een brede reep sinaasappelschil en het vlees toe.
- 04Stap 4
Dek af en gaar 2,5–3 uur in een oven van 150 °C tot het vlees zeer mals is.
- 05Stap 5
Voeg olijven de laatste 20 minuten toe en verwijder de sinaasappelschil.
- 06Stap 6
Laat de saus zonder deksel zo nodig iets inkoken en serveer met polenta of aardappelpuree.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Snijd stoofvlees alleen kleiner als het recept dat nodig heeft en houd de stukken zoveel mogelijk gelijk van formaat, zodat ze gelijkmatig garen.
- Braad de vleesstukken waar het recept dat toelaat in porties aan voor kleur en smaak. Laat ze daarna rustig stoven: zacht pruttelen, niet hard doorkoken, en gebruik malsheid als eindcontrole in plaats van alleen een vaste tijd.
- Tip van Jan: Kies eerst de juiste techniek voor het product en pas daarna kruiden en saus aan. Een goed stuk vlees heeft meestal minder nodig dan u denkt.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Mediterrane stoof met frisse citrus en zilte olijf als tegenhanger voor rijk vlees.
Ingrediënten
- ca. 1 kg sukade
- 3 uien
- 330 ml donker bier
- 400 ml bouillon
- 2 el bloem
- 1 el mosterd
- 2 laurierblaadjes
- 30 g boter
Bereiding
- 01Stap 1
Snijd de sukade in gelijkmatige stukken als dat nog niet is gebeurd. Is het oppervlak zichtbaar nat, dep alleen dat vocht weg zodat het vlees kan bruinen.
- 02Stap 2
Bak het vlees in porties stevig bruin in boter; leg elke portie apart.
- 03Stap 3
Bak de ui rustig goudbruin, bestuif met bloem en laat 1 minuut meegaren.
- 04Stap 4
Blus met bier en bouillon en roer alle aanbaksels los. Voeg mosterd en laurier toe.
- 05Stap 5
Doe het vlees terug en laat 2,5–3 uur zeer zacht stoven tot het lepelmals is; laat de saus het laatste halfuur zo nodig zonder deksel inkoken.
- 06Stap 6
Proef pas op het einde op zout en serveer met aardappelpuree of friet.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Snijd stoofvlees alleen kleiner als het recept dat nodig heeft en houd de stukken zoveel mogelijk gelijk van formaat, zodat ze gelijkmatig garen.
- Braad de vleesstukken waar het recept dat toelaat in porties aan voor kleur en smaak. Laat ze daarna rustig stoven: zacht pruttelen, niet hard doorkoken, en gebruik malsheid als eindcontrole in plaats van alleen een vaste tijd.
- Tip van Jan: Snijd vlees zo laat mogelijk. Zo blijft het warmer en verliest het minder vocht.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Diepe, klassieke stoofsmaak door bruinen, reduceren en langzame garing.
Ingrediënten
- ca. 1 kg sukade
- 150 g spekblokjes
- 2 wortels
- 2 uien
- 250 g champignons
- 500 ml rode wijn
- 400 ml bouillon
- 1 el tomatenpuree
- 2 laurierblaadjes
Bereiding
- 01Stap 1
Bak de spekblokjes uit en schep ze uit de pan.
- 02Stap 2
Bak de sukade in porties rondom donkerbruin en neem uit de pan.
- 03Stap 3
Bak ui en wortel, voeg tomatenpuree toe en bak 1 minuut mee.
- 04Stap 4
Blus met rode wijn en bouillon, voeg laurier toe en doe het vlees terug. Laat circa 3 uur zeer zacht stoven.
- 05Stap 5
Bak de champignons apart bruin en voeg ze met het spek pas in het laatste halfuur toe.
- 06Stap 6
Het gerecht is klaar wanneer het vlees zonder weerstand uit elkaar valt en de saus glanst.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Snijd stoofvlees alleen kleiner als het recept dat nodig heeft en houd de stukken zoveel mogelijk gelijk van formaat, zodat ze gelijkmatig garen.
- Braad de vleesstukken waar het recept dat toelaat in porties aan voor kleur en smaak. Laat ze daarna rustig stoven: zacht pruttelen, niet hard doorkoken, en gebruik malsheid als eindcontrole in plaats van alleen een vaste tijd.
- Tip van Jan: Snijd vlees zo laat mogelijk. Zo blijft het warmer en verliest het minder vocht.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een Franse klassieker met gelaagde smaak en paddenstoelen die hun bite behouden.

Sukadelappen Limousin grain fed
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- ca. 1 kg sukade
- 2 uien
- 2 wortels
- 400 g tomatenblokjes
- 120 g groene olijven
- 1 sinaasappel
- 300 ml bouillon
- 1 tl venkelzaad
- 2 el olijfolie
Bereiding
- 01Stap 1
Bak de sukade in een braadpan rondom bruin en neem uit de pan.
- 02Stap 2
Bak ui en wortel 5 minuten zacht, voeg venkelzaad toe en laat kort geuren.
- 03Stap 3
Voeg tomaat, bouillon, een brede reep sinaasappelschil en het vlees toe.
- 04Stap 4
Dek af en gaar 2,5–3 uur in een oven van 150 °C tot het vlees zeer mals is.
- 05Stap 5
Voeg olijven de laatste 20 minuten toe en verwijder de sinaasappelschil.
- 06Stap 6
Laat de saus zonder deksel zo nodig iets inkoken en serveer met polenta of aardappelpuree.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Snijd stoofvlees alleen kleiner als het recept dat nodig heeft en houd de stukken zoveel mogelijk gelijk van formaat, zodat ze gelijkmatig garen.
- Braad de vleesstukken waar het recept dat toelaat in porties aan voor kleur en smaak. Laat ze daarna rustig stoven: zacht pruttelen, niet hard doorkoken, en gebruik malsheid als eindcontrole in plaats van alleen een vaste tijd.
- Tip van Jan: Kies eerst de juiste techniek voor het product en pas daarna kruiden en saus aan. Een goed stuk vlees heeft meestal minder nodig dan u denkt.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Mediterrane stoof met frisse citrus en zilte olijf als tegenhanger voor rijk vlees.
Ingrediënten
- ca. 1 kg sukade
- 3 uien
- 330 ml donker bier
- 400 ml bouillon
- 2 el bloem
- 1 el mosterd
- 2 laurierblaadjes
- 30 g boter
Bereiding
- 01Stap 1
Snijd de sukade in gelijkmatige stukken als dat nog niet is gebeurd. Is het oppervlak zichtbaar nat, dep alleen dat vocht weg zodat het vlees kan bruinen.
- 02Stap 2
Bak het vlees in porties stevig bruin in boter; leg elke portie apart.
- 03Stap 3
Bak de ui rustig goudbruin, bestuif met bloem en laat 1 minuut meegaren.
- 04Stap 4
Blus met bier en bouillon en roer alle aanbaksels los. Voeg mosterd en laurier toe.
- 05Stap 5
Doe het vlees terug en laat 2,5–3 uur zeer zacht stoven tot het lepelmals is; laat de saus het laatste halfuur zo nodig zonder deksel inkoken.
- 06Stap 6
Proef pas op het einde op zout en serveer met aardappelpuree of friet.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Snijd stoofvlees alleen kleiner als het recept dat nodig heeft en houd de stukken zoveel mogelijk gelijk van formaat, zodat ze gelijkmatig garen.
- Braad de vleesstukken waar het recept dat toelaat in porties aan voor kleur en smaak. Laat ze daarna rustig stoven: zacht pruttelen, niet hard doorkoken, en gebruik malsheid als eindcontrole in plaats van alleen een vaste tijd.
- Tip van Jan: Snijd vlees zo laat mogelijk. Zo blijft het warmer en verliest het minder vocht.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Diepe, klassieke stoofsmaak door bruinen, reduceren en langzame garing.
Ingrediënten
- ca. 1 kg sukade
- 150 g spekblokjes
- 2 wortels
- 2 uien
- 250 g champignons
- 500 ml rode wijn
- 400 ml bouillon
- 1 el tomatenpuree
- 2 laurierblaadjes
Bereiding
- 01Stap 1
Bak de spekblokjes uit en schep ze uit de pan.
- 02Stap 2
Bak de sukade in porties rondom donkerbruin en neem uit de pan.
- 03Stap 3
Bak ui en wortel, voeg tomatenpuree toe en bak 1 minuut mee.
- 04Stap 4
Blus met rode wijn en bouillon, voeg laurier toe en doe het vlees terug. Laat circa 3 uur zeer zacht stoven.
- 05Stap 5
Bak de champignons apart bruin en voeg ze met het spek pas in het laatste halfuur toe.
- 06Stap 6
Het gerecht is klaar wanneer het vlees zonder weerstand uit elkaar valt en de saus glanst.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Snijd stoofvlees alleen kleiner als het recept dat nodig heeft en houd de stukken zoveel mogelijk gelijk van formaat, zodat ze gelijkmatig garen.
- Braad de vleesstukken waar het recept dat toelaat in porties aan voor kleur en smaak. Laat ze daarna rustig stoven: zacht pruttelen, niet hard doorkoken, en gebruik malsheid als eindcontrole in plaats van alleen een vaste tijd.
- Tip van Jan: Snijd vlees zo laat mogelijk. Zo blijft het warmer en verliest het minder vocht.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een Franse klassieker met gelaagde smaak en paddenstoelen die hun bite behouden.

T-bone
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- ca. 700 g T-bone steak
- 2 stronken paksoi
- 2 lente-uien
- 2 el sojasaus
- 1 el rijstazijn
- 1 tl sesamolie
- 1 tl honing
- 1 el neutrale olie
- 1 tl geroosterde sesam
Bereiding
- 01Stap 1
Snijd de T-bone steak alleen als het deelstuk dat toelaat in dunne plakken dwars op de draad; laat dikke steaks juist heel en snijd pas na het garen.
- 02Stap 2
Meng sojasaus, rijstazijn, sesamolie en honing tot een snelle jus.
- 03Stap 3
Bak de T-bone steak zeer heet en kort zodat het vlees kleurt zonder uit te drogen; gaar verder tot 54–56 °C voor medium-rare of 58–60 °C voor medium.
- 04Stap 4
Roerbak paksoi en lente-ui 2–3 minuten zodat ze fris en knapperig blijven.
- 05Stap 5
Voeg de sojajus kort toe en laat slechts enkele seconden bruisen.
- 06Stap 6
Serveer de T-bone steak met paksoi en bestrooi met sesam.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng naturel vlees op smaak met zout en zwarte peper, óf gebruik Jans Biefstuk Kruidenmix als smaakvol alternatief. Kies één van beide en voorkom dubbele kruiding.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Verhit de pan eerst goed en gebruik waar nodig slechts een dun laagje hittebestendig bakvet. Geef het vlees ruimte en bouw een duidelijke korst op zonder voortdurend te schuiven; verlaag daarna de hitte wanneer het stuk nog moet doorgaren.
- Tip van Jan: Snijd het vlees na rusten langs het bot los en trancheer daarna dwars op de vezel.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een moderne, lichtere bereiding met veel umami en korte garing.
Ingrediënten
- ca. 700 g T-bone steak
- 300 g cherrytomaten
- 1 bos peterselie
- 2 el kappertjes
- 1 el Dijonmosterd
- 2 el wittewijnazijn
- 70 ml olijfolie
- 1 teen knoflook
Bereiding
- 01Stap 1
Rooster de tomaten 15 minuten op 200 °C tot ze openbarsten.
- 02Stap 2
Hak peterselie, kappertjes en knoflook en meng met mosterd, azijn en olijfolie tot salsa verde.
- 03Stap 3
Grill de T-bone steak op hoge hitte voor duidelijke grillstrepen en kleur.
- 04Stap 4
Gaar verder tot 54–56 °C voor medium-rare of 58–60 °C voor medium. Laat 5–8 minuten rusten.
- 05Stap 5
Laat 5–8 minuten rusten en snijd pas daarna aan; serveer als hele portie of in gelijkmatige plakken.
- 06Stap 6
Serveer met geroosterde tomaat en salsa verde aan tafel.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng naturel vlees op smaak met zout en zwarte peper, óf gebruik Jans Biefstuk Kruidenmix als smaakvol alternatief. Kies één van beide en voorkom dubbele kruiding.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Gebruik directe hitte voor een mooie korst. Dikke stukken kun je daarna indirect verder laten garen; dunne steaks of kleine delen blijven vooral boven directe hitte. Controleer de gaarheid in het dikste deel.
- Tip van Jan: Kleur het vlees direct en gaar een dik bone-in stuk daarna rustiger indirect verder.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Fris en hartig; de salsa wordt na het garen toegevoegd en blijft daardoor levendig.
Ingrediënten
- ca. 700 g T-bone steak
- 700 g krieltjes
- 2 sjalotten
- 150 ml rode wijn
- 200 ml runder- of kalfsfond
- 30 g koude boter
- 1 el neutrale olie
- zout en zwarte peper
Bereiding
- 01Stap 1
Laat de T-bone steak 20–30 minuten temperen. Is het oppervlak zichtbaar vochtig, dep dan alleen dat vocht weg; verder is geen voorbehandeling nodig.
- 02Stap 2
Rooster de krieltjes in een oven van 210 °C in 30–35 minuten goudbruin en gaar.
- 03Stap 3
Verhit een zware koekenpan zeer heet, voeg olie toe en bak de T-bone steak rondom krachtig aan. Gaar verder tot 54–56 °C voor medium-rare of 58–60 °C voor medium.
- 04Stap 4
Neem de T-bone steak uit de pan en laat 8–10 minuten rusten. Fruit intussen de sjalot in dezelfde pan.
- 05Stap 5
Blus met rode wijn, laat tot ongeveer de helft inkoken, voeg fond toe en reduceer tot sausdikte. Klop van het vuur af de koude boter erdoor.
- 06Stap 6
Snijd de T-bone steak dwars op de draad waar dat voor dit deelstuk relevant is en serveer met de jus en krieltjes.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng het vlees vlak voor de bereiding op smaak met zout en zwarte peper. Voor een vollere, kruidige smaak kun je in plaats daarvan Jans Biefstuk Kruidenmix gebruiken. Kies één van beide; zo blijft de kruiding mooi in balans.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Verhit de pan eerst goed en gebruik waar nodig slechts een dun laagje hittebestendig bakvet. Geef het vlees ruimte en bouw een duidelijke korst op zonder voortdurend te schuiven; verlaag daarna de hitte wanneer het stuk nog moet doorgaren.
- Voeg boter en aromaten uit het recept pas na de eerste korstfase toe en lepel het schuimende bakvet kort over het vlees; zo blijven de aromaten frisser en verbranden ze minder snel.
- Tip van Jan: Laat een bone-in steak rusten op een rooster of warm bord en dek hooguit losjes af.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een klassieke bistrobereiding waarin de smaak van T-bone steak centraal blijft.

Tomahawk steak
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- ca. 700 g tomahawk
- 300 g cherrytomaten
- 1 bos peterselie
- 2 el kappertjes
- 1 el Dijonmosterd
- 2 el wittewijnazijn
- 70 ml olijfolie
- 1 teen knoflook
Bereiding
- 01Stap 1
Rooster de tomaten 15 minuten op 200 °C tot ze openbarsten.
- 02Stap 2
Hak peterselie, kappertjes en knoflook en meng met mosterd, azijn en olijfolie tot salsa verde.
- 03Stap 3
Grill de tomahawk op hoge hitte voor duidelijke grillstrepen en kleur.
- 04Stap 4
Gaar verder tot 54–56 °C voor medium-rare of 58–60 °C voor medium. Laat 5–8 minuten rusten.
- 05Stap 5
Laat 5–8 minuten rusten en snijd pas daarna aan; serveer als hele portie of in gelijkmatige plakken.
- 06Stap 6
Serveer met geroosterde tomaat en salsa verde aan tafel.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng naturel vlees op smaak met zout en zwarte peper, óf gebruik Jans Biefstuk Kruidenmix als smaakvol alternatief. Kies één van beide en voorkom dubbele kruiding.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Gebruik directe hitte voor een mooie korst. Dikke stukken kun je daarna indirect verder laten garen; dunne steaks of kleine delen blijven vooral boven directe hitte. Controleer de gaarheid in het dikste deel.
- Tip van Jan: Kleur het vlees direct en gaar een dik bone-in stuk daarna rustiger indirect verder.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Kerntemperatuur & eindcontrole
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Fris en hartig; de salsa wordt na het garen toegevoegd en blijft daardoor levendig.
Ingrediënten
- ca. 700 g tomahawk
- 700 g krieltjes
- 2 sjalotten
- 150 ml rode wijn
- 200 ml runder- of kalfsfond
- 30 g koude boter
- 1 el neutrale olie
- zout en zwarte peper
Bereiding
- 01Stap 1
Laat de tomahawk 20–30 minuten temperen. Is het oppervlak zichtbaar vochtig, dep dan alleen dat vocht weg; verder is geen voorbehandeling nodig.
- 02Stap 2
Rooster de krieltjes in een oven van 210 °C in 30–35 minuten goudbruin en gaar.
- 03Stap 3
Verhit een zware koekenpan zeer heet, voeg olie toe en bak de tomahawk rondom krachtig aan. Gaar verder tot 54–56 °C voor medium-rare of 58–60 °C voor medium.
- 04Stap 4
Neem de tomahawk uit de pan en laat 8–10 minuten rusten. Fruit intussen de sjalot in dezelfde pan.
- 05Stap 5
Blus met rode wijn, laat tot ongeveer de helft inkoken, voeg fond toe en reduceer tot sausdikte. Klop van het vuur af de koude boter erdoor.
- 06Stap 6
Snijd de tomahawk dwars op de draad waar dat voor dit deelstuk relevant is en serveer met de jus en krieltjes.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng het vlees vlak voor de bereiding op smaak met zout en zwarte peper. Voor een vollere, kruidige smaak kun je in plaats daarvan Jans Biefstuk Kruidenmix gebruiken. Kies één van beide; zo blijft de kruiding mooi in balans.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Verhit de pan eerst goed en gebruik waar nodig slechts een dun laagje hittebestendig bakvet. Geef het vlees ruimte en bouw een duidelijke korst op zonder voortdurend te schuiven; verlaag daarna de hitte wanneer het stuk nog moet doorgaren.
- Voeg boter en aromaten uit het recept pas na de eerste korstfase toe en lepel het schuimende bakvet kort over het vlees; zo blijven de aromaten frisser en verbranden ze minder snel.
- Tip van Jan: Laat een bone-in steak rusten op een rooster of warm bord en dek hooguit losjes af.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Kerntemperatuur & eindcontrole
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een klassieke bistrobereiding waarin de smaak van tomahawk centraal blijft.
Ingrediënten
- ca. 700 g tomahawk
- 1 bos platte peterselie
- 2 tenen knoflook
- 1 kleine rode peper
- 2 el rodewijnazijn
- 80 ml olijfolie
- 1 tl gedroogde oregano
- zout
Bereiding
- 01Stap 1
Hak peterselie, knoflook en rode peper fijn en meng met azijn, olijfolie, oregano en zout. Laat de chimichurri minimaal 15 minuten staan.
- 02Stap 2
Maak de barbecue gereed met een hete directe zone en een rustigere indirecte zone.
- 03Stap 3
Grill de tomahawk boven directe hitte rondom stevig aan voor een donkere korst zonder te verbranden.
- 04Stap 4
Verplaats de tomahawk zo nodig naar indirecte hitte en gaar tot 54–56 °C voor medium-rare of 58–60 °C voor medium.
- 05Stap 5
Laat 8–10 minuten rusten, losjes afgedekt.
- 06Stap 6
Laat 5–8 minuten rusten en snijd pas daarna aan; serveer als hele portie of in gelijkmatige plakken.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng het vlees vlak voor de bereiding op smaak met zout en zwarte peper. Voor een vollere, kruidige smaak kun je in plaats daarvan Jans Biefstuk Kruidenmix gebruiken. Kies één van beide; zo blijft de kruiding mooi in balans.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Gebruik directe hitte voor een mooie korst. Dikke stukken kun je daarna indirect verder laten garen; dunne steaks of kleine delen blijven vooral boven directe hitte. Controleer de gaarheid in het dikste deel.
- Tip van Jan: Laat een bone-in steak rusten op een rooster of warm bord en dek hooguit losjes af.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Kerntemperatuur & eindcontrole
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Fris, kruidig en uitgesproken zonder de tomahawk onder een zware saus te verstoppen.

Tournedos Iers Vers
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- ca. 700 g tournedos
- 300 g cherrytomaten
- 1 bos peterselie
- 2 el kappertjes
- 1 el Dijonmosterd
- 2 el wittewijnazijn
- 70 ml olijfolie
- 1 teen knoflook
Bereiding
- 01Stap 1
Rooster de tomaten 15 minuten op 200 °C tot ze openbarsten.
- 02Stap 2
Hak peterselie, kappertjes en knoflook en meng met mosterd, azijn en olijfolie tot salsa verde.
- 03Stap 3
Grill de tournedos op hoge hitte voor duidelijke grillstrepen en kleur.
- 04Stap 4
Gaar verder tot 54–56 °C voor medium-rare of 58–60 °C voor medium. Laat 5–8 minuten rusten.
- 05Stap 5
Laat 5–8 minuten rusten en snijd pas daarna aan; serveer als hele portie of in gelijkmatige plakken.
- 06Stap 6
Serveer met geroosterde tomaat en salsa verde aan tafel.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng naturel vlees op smaak met zout en zwarte peper, óf gebruik Jans Biefstuk Kruidenmix als smaakvol alternatief. Kies één van beide en voorkom dubbele kruiding.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Gebruik directe hitte voor een mooie korst. Dikke stukken kun je daarna indirect verder laten garen; dunne steaks of kleine delen blijven vooral boven directe hitte. Controleer de gaarheid in het dikste deel.
- Tip van Jan: Vis koelt een pan snel af. Bak porties met ruimte ertussen voor kleur in plaats van stoom.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Kerntemperatuur & eindcontrole
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Fris en hartig; de salsa wordt na het garen toegevoegd en blijft daardoor levendig.
Ingrediënten
- ca. 700 g tournedos
- 700 g krieltjes
- 2 sjalotten
- 150 ml rode wijn
- 200 ml runder- of kalfsfond
- 30 g koude boter
- 1 el neutrale olie
- zout en zwarte peper
Bereiding
- 01Stap 1
Laat de tournedos 20–30 minuten temperen. Is het oppervlak zichtbaar vochtig, dep dan alleen dat vocht weg; verder is geen voorbehandeling nodig.
- 02Stap 2
Rooster de krieltjes in een oven van 210 °C in 30–35 minuten goudbruin en gaar.
- 03Stap 3
Verhit een zware koekenpan zeer heet, voeg olie toe en bak de tournedos rondom krachtig aan. Gaar verder tot 54–56 °C voor medium-rare of 58–60 °C voor medium.
- 04Stap 4
Neem de tournedos uit de pan en laat 8–10 minuten rusten. Fruit intussen de sjalot in dezelfde pan.
- 05Stap 5
Blus met rode wijn, laat tot ongeveer de helft inkoken, voeg fond toe en reduceer tot sausdikte. Klop van het vuur af de koude boter erdoor.
- 06Stap 6
Snijd de tournedos dwars op de draad waar dat voor dit deelstuk relevant is en serveer met de jus en krieltjes.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng het vlees vlak voor de bereiding op smaak met zout en zwarte peper. Voor een vollere, kruidige smaak kun je in plaats daarvan Jans Biefstuk Kruidenmix gebruiken. Kies één van beide; zo blijft de kruiding mooi in balans.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Verhit de pan eerst goed en gebruik waar nodig slechts een dun laagje hittebestendig bakvet. Geef het vlees ruimte en bouw een duidelijke korst op zonder voortdurend te schuiven; verlaag daarna de hitte wanneer het stuk nog moet doorgaren.
- Voeg boter en aromaten uit het recept pas na de eerste korstfase toe en lepel het schuimende bakvet kort over het vlees; zo blijven de aromaten frisser en verbranden ze minder snel.
- Tip van Jan: Dunne staartstukken zijn eerder klaar dan dikke middendelen; haal ze zo nodig eerder uit de pan.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Kerntemperatuur & eindcontrole
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een klassieke bistrobereiding waarin de smaak van tournedos centraal blijft.
Ingrediënten
- ca. 700 g tournedos
- 1 bos platte peterselie
- 2 tenen knoflook
- 1 kleine rode peper
- 2 el rodewijnazijn
- 80 ml olijfolie
- 1 tl gedroogde oregano
- zout
Bereiding
- 01Stap 1
Hak peterselie, knoflook en rode peper fijn en meng met azijn, olijfolie, oregano en zout. Laat de chimichurri minimaal 15 minuten staan.
- 02Stap 2
Maak de barbecue gereed met een hete directe zone en een rustigere indirecte zone.
- 03Stap 3
Grill de tournedos boven directe hitte rondom stevig aan voor een donkere korst zonder te verbranden.
- 04Stap 4
Verplaats de tournedos zo nodig naar indirecte hitte en gaar tot 54–56 °C voor medium-rare of 58–60 °C voor medium.
- 05Stap 5
Laat 8–10 minuten rusten, losjes afgedekt.
- 06Stap 6
Laat 5–8 minuten rusten en snijd pas daarna aan; serveer als hele portie of in gelijkmatige plakken.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng het vlees vlak voor de bereiding op smaak met zout en zwarte peper. Voor een vollere, kruidige smaak kun je in plaats daarvan Jans Biefstuk Kruidenmix gebruiken. Kies één van beide; zo blijft de kruiding mooi in balans.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Gebruik directe hitte voor een mooie korst. Dikke stukken kun je daarna indirect verder laten garen; dunne steaks of kleine delen blijven vooral boven directe hitte. Controleer de gaarheid in het dikste deel.
- Tip van Jan: Dunne staartstukken zijn eerder klaar dan dikke middendelen; haal ze zo nodig eerder uit de pan.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Kerntemperatuur & eindcontrole
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Fris, kruidig en uitgesproken zonder de tournedos onder een zware saus te verstoppen.

Tournedos vers
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- ca. 700 g tournedos
- 2 stronken paksoi
- 2 lente-uien
- 2 el sojasaus
- 1 el rijstazijn
- 1 tl sesamolie
- 1 tl honing
- 1 el neutrale olie
- 1 tl geroosterde sesam
Bereiding
- 01Stap 1
Snijd de tournedos alleen als het deelstuk dat toelaat in dunne plakken dwars op de draad; laat dikke steaks juist heel en snijd pas na het garen.
- 02Stap 2
Meng sojasaus, rijstazijn, sesamolie en honing tot een snelle jus.
- 03Stap 3
Bak de tournedos zeer heet en kort zodat het vlees kleurt zonder uit te drogen; gaar verder tot 54–56 °C voor medium-rare of 58–60 °C voor medium.
- 04Stap 4
Roerbak paksoi en lente-ui 2–3 minuten zodat ze fris en knapperig blijven.
- 05Stap 5
Voeg de sojajus kort toe en laat slechts enkele seconden bruisen.
- 06Stap 6
Serveer de tournedos met paksoi en bestrooi met sesam.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng naturel vlees op smaak met zout en zwarte peper, óf gebruik Jans Biefstuk Kruidenmix als smaakvol alternatief. Kies één van beide en voorkom dubbele kruiding.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Verhit de pan eerst goed en gebruik waar nodig slechts een dun laagje hittebestendig bakvet. Geef het vlees ruimte en bouw een duidelijke korst op zonder voortdurend te schuiven; verlaag daarna de hitte wanneer het stuk nog moet doorgaren.
- Tip van Jan: Dunne staartstukken zijn eerder klaar dan dikke middendelen; haal ze zo nodig eerder uit de pan.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Kerntemperatuur & eindcontrole
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een moderne, lichtere bereiding met veel umami en korte garing.
Ingrediënten
- ca. 700 g tournedos
- 300 g cherrytomaten
- 1 bos peterselie
- 2 el kappertjes
- 1 el Dijonmosterd
- 2 el wittewijnazijn
- 70 ml olijfolie
- 1 teen knoflook
Bereiding
- 01Stap 1
Rooster de tomaten 15 minuten op 200 °C tot ze openbarsten.
- 02Stap 2
Hak peterselie, kappertjes en knoflook en meng met mosterd, azijn en olijfolie tot salsa verde.
- 03Stap 3
Grill de tournedos op hoge hitte voor duidelijke grillstrepen en kleur.
- 04Stap 4
Gaar verder tot 54–56 °C voor medium-rare of 58–60 °C voor medium. Laat 5–8 minuten rusten.
- 05Stap 5
Laat 5–8 minuten rusten en snijd pas daarna aan; serveer als hele portie of in gelijkmatige plakken.
- 06Stap 6
Serveer met geroosterde tomaat en salsa verde aan tafel.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng naturel vlees op smaak met zout en zwarte peper, óf gebruik Jans Biefstuk Kruidenmix als smaakvol alternatief. Kies één van beide en voorkom dubbele kruiding.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Gebruik directe hitte voor een mooie korst. Dikke stukken kun je daarna indirect verder laten garen; dunne steaks of kleine delen blijven vooral boven directe hitte. Controleer de gaarheid in het dikste deel.
- Tip van Jan: Vis koelt een pan snel af. Bak porties met ruimte ertussen voor kleur in plaats van stoom.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Kerntemperatuur & eindcontrole
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Fris en hartig; de salsa wordt na het garen toegevoegd en blijft daardoor levendig.
Ingrediënten
- ca. 700 g tournedos
- 700 g krieltjes
- 2 sjalotten
- 150 ml rode wijn
- 200 ml runder- of kalfsfond
- 30 g koude boter
- 1 el neutrale olie
- zout en zwarte peper
Bereiding
- 01Stap 1
Laat de tournedos 20–30 minuten temperen. Is het oppervlak zichtbaar vochtig, dep dan alleen dat vocht weg; verder is geen voorbehandeling nodig.
- 02Stap 2
Rooster de krieltjes in een oven van 210 °C in 30–35 minuten goudbruin en gaar.
- 03Stap 3
Verhit een zware koekenpan zeer heet, voeg olie toe en bak de tournedos rondom krachtig aan. Gaar verder tot 54–56 °C voor medium-rare of 58–60 °C voor medium.
- 04Stap 4
Neem de tournedos uit de pan en laat 8–10 minuten rusten. Fruit intussen de sjalot in dezelfde pan.
- 05Stap 5
Blus met rode wijn, laat tot ongeveer de helft inkoken, voeg fond toe en reduceer tot sausdikte. Klop van het vuur af de koude boter erdoor.
- 06Stap 6
Snijd de tournedos dwars op de draad waar dat voor dit deelstuk relevant is en serveer met de jus en krieltjes.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng het vlees vlak voor de bereiding op smaak met zout en zwarte peper. Voor een vollere, kruidige smaak kun je in plaats daarvan Jans Biefstuk Kruidenmix gebruiken. Kies één van beide; zo blijft de kruiding mooi in balans.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Verhit de pan eerst goed en gebruik waar nodig slechts een dun laagje hittebestendig bakvet. Geef het vlees ruimte en bouw een duidelijke korst op zonder voortdurend te schuiven; verlaag daarna de hitte wanneer het stuk nog moet doorgaren.
- Voeg boter en aromaten uit het recept pas na de eerste korstfase toe en lepel het schuimende bakvet kort over het vlees; zo blijven de aromaten frisser en verbranden ze minder snel.
- Tip van Jan: Dunne staartstukken zijn eerder klaar dan dikke middendelen; haal ze zo nodig eerder uit de pan.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Kerntemperatuur & eindcontrole
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een klassieke bistrobereiding waarin de smaak van tournedos centraal blijft.
Varken

Achterham Tunnelham gesneden
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- 150 g achterham
- 1 ciabatta
- 250 g cherrytomaten
- 1 bol burrata
- 2 el olijfolie
- 1 el balsamico
- basilicum
- zwarte peper
Bereiding
- 01Stap 1
Rooster de tomaten 15 minuten op 200 °C met een beetje olijfolie.
- 02Stap 2
Snijd de ciabatta in plakken en rooster goudbruin.
- 03Stap 3
Verdeel burrata over de warme crostini.
- 04Stap 4
Leg de achterham losjes erop zodat de structuur zichtbaar blijft.
- 05Stap 5
Schep geroosterde tomaat erop en druppel balsamico erover.
- 06Stap 6
Werk af met basilicum en zwarte peper en serveer direct.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Dit product is al klaar om koud te serveren. Verwarm of bak het alleen wanneer de bereidingswijze bij dit product dat uitdrukkelijk aangeeft.
- Tip van Jan: Snijd vlees zo laat mogelijk. Zo blijft het warmer en verliest het minder vocht.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een borrelhap waarin charcuterie niet wordt weggegaard maar als kwaliteitsproduct wordt geserveerd.
Ingrediënten
- 150 g achterham
- 1 venkelknol
- 2 sinaasappels
- 60 g rucola
- 40 g Parmezaan
- 2 el olijfolie
- 1 el wittewijnazijn
- zwarte peper
Bereiding
- 01Stap 1
Schaaf de venkel zeer dun en leg 10 minuten in ijswater voor extra knapperigheid.
- 02Stap 2
Snijd de schil van de sinaasappels en snijd de partjes tussen de vliezen uit.
- 03Stap 3
Meng olijfolie en azijn tot een eenvoudige dressing.
- 04Stap 4
Laat de venkel goed uitlekken en meng met rucola en sinaasappel.
- 05Stap 5
Verdeel de achterham losjes over de salade.
- 06Stap 6
Schaaf Parmezaan erover en werk af met zwarte peper.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Dit product is al klaar om koud te serveren. Verwarm of bak het alleen wanneer de bereidingswijze bij dit product dat uitdrukkelijk aangeeft.
- Tip van Jan: Meet in het dikste deel en niet tegen bot, vetlaag of pan. Zo stuurt u op garing in plaats van op minuten.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Frisse, bittere en zilte smaken maken een lichte lunch of voorgerecht.
Ingrediënten
- 150 g achterham
- 2 pizzabodems
- 200 g mozzarella
- 100 g crème fraîche
- 40 g Parmezaan
- 60 g rucola
- 1 el olijfolie
Bereiding
- 01Stap 1
Verwarm de oven zo heet mogelijk, bij voorkeur 240–250 °C.
- 02Stap 2
Bestrijk de pizzabodems dun met crème fraîche en verdeel mozzarella en Parmezaan erover.
- 03Stap 3
Bak de pizza's tot de bodem krokant en de kaas gesmolten is.
- 04Stap 4
Leg de achterham pas na het bakken op de hete pizza zodat de delicate structuur behouden blijft.
- 05Stap 5
Voeg rucola toe en druppel olijfolie erover.
- 06Stap 6
Snijd direct en serveer.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Dit product is al klaar om koud te serveren. Verwarm of bak het alleen wanneer de bereidingswijze bij dit product dat uitdrukkelijk aangeeft.
- Tip van Jan: Snijd vlees zo laat mogelijk. Zo blijft het warmer en verliest het minder vocht.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
De charcuterie gaat pas na de oven op de pizza en blijft daardoor zacht en aromatisch.

Barbecue procureurlappen 10 st.
De keuze-eigenschappen voor dit product worden nog gecontroleerd.

Barbecue speklappen 10 st.
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- ca. 700 g speklappen
- 2 stronken paksoi
- 2 lente-uien
- 2 el sojasaus
- 1 el rijstazijn
- 1 tl sesamolie
- 1 tl honing
- 1 el neutrale olie
- 1 tl geroosterde sesam
Bereiding
- 01Stap 1
Snijd de speklappen alleen als het deelstuk dat toelaat in dunne plakken dwars op de draad; laat dikke steaks juist heel en snijd pas na het garen.
- 02Stap 2
Meng sojasaus, rijstazijn, sesamolie en honing tot een snelle jus.
- 03Stap 3
Bak de speklappen zeer heet en kort zodat het vlees kleurt zonder uit te drogen; gaar verder tot 63–65 °C in het dikste deel; laat daarna minimaal 3 minuten rusten.
- 04Stap 4
Roerbak paksoi en lente-ui 2–3 minuten zodat ze fris en knapperig blijven.
- 05Stap 5
Voeg de sojajus kort toe en laat slechts enkele seconden bruisen.
- 06Stap 6
Serveer de speklappen met paksoi en bestrooi met sesam.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng naturel vlees vlak voor de bereiding gelijkmatig op smaak met zout. Volg een langere zout- of dry-brinefase alleen wanneer het recept dat bewust voorschrijft.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Verhit de pan eerst goed en gebruik waar nodig slechts een dun laagje hittebestendig bakvet. Geef het vlees ruimte en bouw een duidelijke korst op zonder voortdurend te schuiven; verlaag daarna de hitte wanneer het stuk nog moet doorgaren.
- Tip van Jan: Pas rusttijd aan het product aan. Een heel stuk profiteert; krokant gepaneerd vlees serveert u juist direct.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een moderne, lichtere bereiding met veel umami en korte garing.
Ingrediënten
- ca. 700 g speklappen
- 300 g cherrytomaten
- 1 bos peterselie
- 2 el kappertjes
- 1 el Dijonmosterd
- 2 el wittewijnazijn
- 70 ml olijfolie
- 1 teen knoflook
Bereiding
- 01Stap 1
Rooster de tomaten 15 minuten op 200 °C tot ze openbarsten.
- 02Stap 2
Hak peterselie, kappertjes en knoflook en meng met mosterd, azijn en olijfolie tot salsa verde.
- 03Stap 3
Grill de speklappen op hoge hitte voor duidelijke grillstrepen en kleur.
- 04Stap 4
Gaar verder tot 63–65 °C in het dikste deel; laat daarna minimaal 3 minuten rusten. Laat 5–8 minuten rusten.
- 05Stap 5
Laat 5–8 minuten rusten en snijd pas daarna aan; serveer als hele portie of in gelijkmatige plakken.
- 06Stap 6
Serveer met geroosterde tomaat en salsa verde aan tafel.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng naturel vlees vlak voor de bereiding gelijkmatig op smaak met zout. Volg een langere zout- of dry-brinefase alleen wanneer het recept dat bewust voorschrijft.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Gebruik directe hitte voor een mooie korst. Dikke stukken kun je daarna indirect verder laten garen; dunne steaks of kleine delen blijven vooral boven directe hitte. Controleer de gaarheid in het dikste deel.
- Tip van Jan: Kleur varkenshaas rondom en laat een dik stuk daarna rustiger doorgaren.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Fris en hartig; de salsa wordt na het garen toegevoegd en blijft daardoor levendig.
Ingrediënten
- ca. 700 g speklappen
- 700 g krieltjes
- 2 sjalotten
- 150 ml rode wijn
- 200 ml runder- of kalfsfond
- 30 g koude boter
- 1 el neutrale olie
- zout en zwarte peper
Bereiding
- 01Stap 1
Laat de speklappen 20–30 minuten temperen. Is het oppervlak zichtbaar vochtig, dep dan alleen dat vocht weg; verder is geen voorbehandeling nodig.
- 02Stap 2
Rooster de krieltjes in een oven van 210 °C in 30–35 minuten goudbruin en gaar.
- 03Stap 3
Verhit een zware koekenpan zeer heet, voeg olie toe en bak de speklappen rondom krachtig aan. Gaar verder tot 63–65 °C in het dikste deel; laat daarna minimaal 3 minuten rusten.
- 04Stap 4
Neem de speklappen uit de pan en laat 8–10 minuten rusten. Fruit intussen de sjalot in dezelfde pan.
- 05Stap 5
Blus met rode wijn, laat tot ongeveer de helft inkoken, voeg fond toe en reduceer tot sausdikte. Klop van het vuur af de koude boter erdoor.
- 06Stap 6
Snijd de speklappen dwars op de draad waar dat voor dit deelstuk relevant is en serveer met de jus en krieltjes.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Gebruik het zout uit het recept doelgericht op het vlees en verdeel het gelijkmatig. Voeg geen extra zout toe buiten de receptuur zonder eerst de totale kruiding te beoordelen.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Verhit de pan eerst goed en gebruik waar nodig slechts een dun laagje hittebestendig bakvet. Geef het vlees ruimte en bouw een duidelijke korst op zonder voortdurend te schuiven; verlaag daarna de hitte wanneer het stuk nog moet doorgaren.
- Voeg boter en aromaten uit het recept pas na de eerste korstfase toe en lepel het schuimende bakvet kort over het vlees; zo blijven de aromaten frisser en verbranden ze minder snel.
- Tip van Jan: Pas rusttijd aan het product aan. Een heel stuk profiteert; krokant gepaneerd vlees serveert u juist direct.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een klassieke bistrobereiding waarin de smaak van speklappen centraal blijft.

BBQ braadworst
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- ca. 600 g braadworst
- 800 g kruimige aardappelen
- 2 grote uien
- 150 ml melk
- 30 g boter
- 1 el grove mosterd
- 250 ml bouillon
- 1 el olie
Bereiding
- 01Stap 1
Verwarm de reeds voorgegaarde braadworst op middelhoog vuur rustig rondom en laat hem mooi kleuren; draai regelmatig.
- 02Stap 2
Kook de aardappelen gaar en maak puree met melk, boter en mosterd.
- 03Stap 3
Bak de uien in dezelfde pan rustig goudbruin.
- 04Stap 4
Voeg bouillon toe en laat 5–8 minuten inkoken tot een lichte jus.
- 05Stap 5
De braadworst is voorgegaard; verwarm hem tot hij door en door heet is.
- 06Stap 6
Serveer met mosterdpuree en uienjus.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Dit product is al gegaard. Verwarm het gelijkmatig door en voeg geen extra marinade of kruiden toe tenzij het recept dat uitdrukkelijk vraagt.
- Dit product heeft al een eigen kruiding of smaakopbouw. Voeg daarom niet automatisch extra rub, marinade of kruidenmix toe.
- Warm in de pan rustig en gelijkmatig door; gebruik alleen extra bakvet als het recept of product dat nodig heeft.
- Tip van Jan: Rookworst of reeds gegaarde worst hoeft niet opnieuw als rauwe worst te worden behandeld; volg het etiket en warm rustig door.
- Volg voor het opwarmen de temperatuur- en bereidingsinformatie die bij het product staat.
Volg voor opwarmen, bewaren en serveren de aanwijzingen bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Rustige panwarmte houdt verse worst sappig en voorkomt verbrande buitenkant.
Ingrediënten
- ca. 600 g braadworst
- 2 rode paprika's
- 2 rode uien
- 2 el olijfolie
- 1 el balsamico
- 1 tl honing
- 1 bosje peterselie
Bereiding
- 01Stap 1
Maak de barbecue gereed voor middelhoge directe hitte.
- 02Stap 2
Snijd paprika en ui grof, meng met olie en grill tot ze zacht en donker aan de randen zijn.
- 03Stap 3
Grill de reeds voorgegaarde braadworst rustig en keer regelmatig, zodat hij rondom kleurt zonder uit te drogen.
- 04Stap 4
Meng balsamico en honing en schep door de warme groente.
- 05Stap 5
Controleer dat de braadworst door en door heet is en serveer direct.
- 06Stap 6
Serveer met de gegrilde groente en peterselie.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Dit product is al gegaard. Verwarm het gelijkmatig door en voeg geen extra marinade of kruiden toe tenzij het recept dat uitdrukkelijk vraagt.
- Dit product heeft al een eigen kruiding of smaakopbouw. Voeg daarom niet automatisch extra rub, marinade of kruidenmix toe.
- Tip van Jan: Begin beheerst en kleur later krachtiger als de worst dik is.
- Volg voor het opwarmen de temperatuur- en bereidingsinformatie die bij het product staat.
Volg voor opwarmen, bewaren en serveren de aanwijzingen bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een barbecuegerecht waarin de worst gecontroleerd gaart en de groente voor friszoete tegenhanger zorgt.
Ingrediënten
- ca. 600 g braadworst
- 2 blikken witte bonen
- 400 g tomatenblokjes
- 1 ui
- 2 tenen knoflook
- 60 g panko
- 30 g Parmezaan
- 1 el olijfolie
Bereiding
- 01Stap 1
Bak de reeds voorgegaarde braadworst kort rondom bruin en neem uit de pan.
- 02Stap 2
Fruit ui en knoflook, voeg tomaat en uitgelekte bonen toe en laat 10 minuten pruttelen.
- 03Stap 3
Leg de braadworst terug in de saus en verwarm nog 5–8 minuten zacht door.
- 04Stap 4
Meng panko met Parmezaan en een beetje olie en strooi over de pan of ovenschaal.
- 05Stap 5
Gratineer 5 minuten onder een hete grill tot de kruim goudbruin is.
- 06Stap 6
Controleer dat de braadworst door en door heet is en serveer direct.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Dit product is al gegaard. Verwarm het gelijkmatig door en voeg geen extra marinade of kruiden toe tenzij het recept dat uitdrukkelijk vraagt.
- Dit product heeft al een eigen kruiding of smaakopbouw. Voeg daarom niet automatisch extra rub, marinade of kruidenmix toe.
- Warm in de pan rustig en gelijkmatig door; gebruik alleen extra bakvet als het recept of product dat nodig heeft.
- Tip van Jan: Rookworst of reeds gegaarde worst hoeft niet opnieuw als rauwe worst te worden behandeld; volg het etiket en warm rustig door.
- Volg voor het opwarmen de temperatuur- en bereidingsinformatie die bij het product staat.
Volg voor opwarmen, bewaren en serveren de aanwijzingen bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een rustieke éénpansmaaltijd met romige bonen en krokante bovenlaag.

Beenham rauw gepekeld
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- ca. 1,2 kg Beenham rauw gepekeld
- 600 g wortels
- 4 sjalotten
- 250 ml bouillon
- 100 ml rode wijn
- 2 el olie
- 30 g boter
- peper en zout
Bereiding
- 01Stap 1
Verwarm de oven voor op 180 °C en rooster de wortels met een beetje olie.
- 02Stap 2
Bak de Beenham rauw gepekeld rondom aan in een braadpan; leg daarna in een ovenschaal.
- 03Stap 3
Gaar in de oven tot 63–65 °C in het dikste deel; laat daarna minimaal 3 minuten rusten; gebruik tijd alleen als richtlijn.
- 04Stap 4
Laat het vlees 15 minuten rusten voordat u snijdt.
- 05Stap 5
Fruit sjalotten in de braadpan, blus met wijn en bouillon en kook tot jusdikte in.
- 06Stap 6
Monteer met boter en serveer met de geroosterde wortel.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Laat de aanwezige marinade of kruiding op het product zitten en volg die smaak als uitgangspunt. Dep een gemarineerd product niet droog alsof het naturel vlees is.
- Dit product is al gekruid of gemarineerd. Voeg geen tweede rub, marinade of automatische extra zoutlaag toe; zo blijft de bedoelde smaak in balans.
- Gebruik de oven voor beheerst doorgaren. Wanneer het recept eerst een korst vraagt, schroei het vlees vooraf kort aan; bepaal het eindpunt op kern en niet uitsluitend op oventijd.
- Tip van Jan: Blus de pan na het vlees voor een snelle jus en laat het vlees ondertussen rusten.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een klassieke braadbereiding met kerntemperatuur als leidende controle.
Ingrediënten
- ca. 1,2 kg Beenham rauw gepekeld
- 1 bos peterselie
- 2 el kappertjes
- 1 teen knoflook
- 1 el Dijonmosterd
- 2 el wittewijnazijn
- 70 ml olijfolie
Bereiding
- 01Stap 1
Maak de barbecue gereed met een indirecte zone rond 160–180 °C.
- 02Stap 2
Hak peterselie, kappertjes en knoflook en meng met mosterd, azijn en olijfolie.
- 03Stap 3
Gaar de Beenham rauw gepekeld indirect met gesloten deksel tot 63–65 °C in het dikste deel; laat daarna minimaal 3 minuten rusten bijna is bereikt.
- 04Stap 4
Geef het vlees daarna kort kleur boven directe hitte.
- 05Stap 5
Laat 15 minuten rusten.
- 06Stap 6
Laat 10–15 minuten rusten en snijd daarna in gelijkmatige plakken.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Laat de aanwezige marinade of kruiding op het product zitten en volg die smaak als uitgangspunt. Dep een gemarineerd product niet droog alsof het naturel vlees is.
- Dit product is al gekruid of gemarineerd. Voeg geen tweede rub, marinade of automatische extra zoutlaag toe; zo blijft de bedoelde smaak in balans.
- Gebruik directe hitte voor een mooie korst. Dikke stukken kun je daarna indirect verder laten garen; dunne steaks of kleine delen blijven vooral boven directe hitte. Controleer de gaarheid in het dikste deel.
- Tip van Jan: Stuur op de juiste kerntemperatuur en haal het vlees op tijd van de hittebron. Overgaren maakt malse delen snel droog.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Barbecuebereiding met gecontroleerde indirecte hitte en een frisse saus aan tafel.
Ingrediënten
- ca. 1,2 kg Beenham rauw gepekeld
- 1 knolselderij
- 500 g aardappelen
- 250 g paddenstoelen
- 250 ml bouillon
- 100 ml room
- 30 g boter
- peper en zout
Bereiding
- 01Stap 1
Kook knolselderij en aardappel samen gaar en pureer met room en een deel van de boter.
- 02Stap 2
Bak de paddenstoelen op hoog vuur bruin en houd apart.
- 03Stap 3
Gaar de Beenham rauw gepekeld in oven of braadpan tot 63–65 °C in het dikste deel; laat daarna minimaal 3 minuten rusten en laat daarna rusten.
- 04Stap 4
Deglaceer de braadpan met bouillon en kook in tot een krachtige jus.
- 05Stap 5
Snijd het vlees pas na rust en controleer de snijrichting.
- 06Stap 6
Serveer met puree, paddenstoelen en jus.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Laat de aanwezige marinade of kruiding op het product zitten en volg die smaak als uitgangspunt. Dep een gemarineerd product niet droog alsof het naturel vlees is.
- Dit product is al gekruid of gemarineerd. Voeg geen tweede rub, marinade of automatische extra zoutlaag toe; zo blijft de bedoelde smaak in balans.
- Gebruik de oven voor beheerst doorgaren. Wanneer het recept eerst een korst vraagt, schroei het vlees vooraf kort aan; bepaal het eindpunt op kern en niet uitsluitend op oventijd.
- Tip van Jan: Kleur varkenshaas rondom en laat een dik stuk daarna rustiger doorgaren.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een stevig restaurantbord met aardse smaken en correcte rusttijd.

Boeren Beenham vers
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- 250 g Boeren Beenham
- 400 g gekookte biet
- 100 g veldsla
- 1 appel
- 2 el crème fraîche
- 1 tl mierikswortel
- 1 el appelazijn
- 30 g walnoten
Bereiding
- 01Stap 1
Snijd de biet in parten en rooster 15 minuten op 200 °C voor extra concentratie.
- 02Stap 2
Meng crème fraîche met mierikswortel en appelazijn.
- 03Stap 3
Snijd appel dun en rooster de walnoten kort.
- 04Stap 4
Snijd de Boeren Beenham in plakken; serveer koud of verwarm de plakken kort in de pan voor een warme salade.
- 05Stap 5
Verdeel veldsla, biet en appel over borden en leg het vlees erop.
- 06Stap 6
Lepel dressing eromheen en strooi walnoten erover.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Dit product is al bereid en kan koud worden geserveerd of kort worden afgewerkt. Verwarm het alleen zo lang als nodig is voor de gekozen bereiding.
- Voeg niet automatisch extra zout, rub of marinade toe. De smaak die al in het product zit is het uitgangspunt.
- Tip van Jan: Snijd vlees zo laat mogelijk. Zo blijft het warmer en verliest het minder vocht.
- Gebruik de temperatuur- en bereidingsinformatie bij het product als laatste controle voor het serveren.
Volg voor opwarmen, bewaren en serveren de aanwijzingen bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Gerookt vlees krijgt een frisse, aardse salade in plaats van een rauwe vleesbereiding.
Ingrediënten
- 250 g Boeren Beenham
- 8 sneetjes zuurdesembrood
- 100 g crème fraîche
- 1 el Dijonmosterd
- 80 g cornichons
- 1 kleine rode ui
- 1 bosje bieslook
Bereiding
- 01Stap 1
Rooster het zuurdesembrood krokant.
- 02Stap 2
Meng crème fraîche met Dijonmosterd en fijngeknipte bieslook.
- 03Stap 3
Snijd cornichons en rode ui zeer fijn.
- 04Stap 4
Snijd de Boeren Beenham dun of verdeel in mooie plakjes, afhankelijk van de vorm.
- 05Stap 5
Bestrijk de toast met mosterdcrème en beleg met het gerookte vlees.
- 06Stap 6
Werk af met cornichon en rode ui en serveer direct.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Dit product is al bereid en kan koud worden geserveerd of kort worden afgewerkt. Verwarm het alleen zo lang als nodig is voor de gekozen bereiding.
- Voeg niet automatisch extra zout, rub of marinade toe. De smaak die al in het product zit is het uitgangspunt.
- Tip van Jan: Snijd vlees zo laat mogelijk. Zo blijft het warmer en verliest het minder vocht.
- Gebruik de temperatuur- en bereidingsinformatie bij het product als laatste controle voor het serveren.
Volg voor opwarmen, bewaren en serveren de aanwijzingen bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een bistroachtige lunch die het gerookte product koud laat schitteren.
Ingrediënten
- 200 g Boeren Beenham
- 2 flammkuchenbodems
- 150 g crème fraîche
- 1 rode ui
- 1 appel
- 80 g geraspte Gruyère
- bieslook
Bereiding
- 01Stap 1
Verwarm de oven voor op 230 °C.
- 02Stap 2
Bestrijk de bodems dun met crème fraîche en verdeel rode ui en appel erover.
- 03Stap 3
Bestrooi licht met Gruyère en bak 8–10 minuten krokant.
- 04Stap 4
Leg de Boeren Beenham pas in de laatste 2 minuten of na het bakken erop, afhankelijk van hoe delicaat het gerookte product is.
- 05Stap 5
Snijd in punten.
- 06Stap 6
Werk af met bieslook en serveer direct.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Dit product is al bereid en kan koud worden geserveerd of kort worden afgewerkt. Verwarm het alleen zo lang als nodig is voor de gekozen bereiding.
- Voeg niet automatisch extra zout, rub of marinade toe. De smaak die al in het product zit is het uitgangspunt.
- Warm of werk het reeds bereide product kort in de oven af; voorkom langdurig doorgaren en uitdrogen.
- Tip van Jan: Bij steaks en braadstukken helpt kort rusten om warmte en sappen te verdelen. Bij krokante of koude producten is rusten vaak juist niet nodig.
- Gebruik de temperatuur- en bereidingsinformatie bij het product als laatste controle voor het serveren.
Volg voor opwarmen, bewaren en serveren de aanwijzingen bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Knapperig, romig en fris; gerookt vlees wordt niet onnodig doorgegaard.

Buikspek gerookt vers
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- 250 g buikspek
- 400 g gekookte biet
- 100 g veldsla
- 1 appel
- 2 el crème fraîche
- 1 tl mierikswortel
- 1 el appelazijn
- 30 g walnoten
Bereiding
- 01Stap 1
Snijd de biet in parten en rooster 15 minuten op 200 °C voor extra concentratie.
- 02Stap 2
Meng crème fraîche met mierikswortel en appelazijn.
- 03Stap 3
Snijd appel dun en rooster de walnoten kort.
- 04Stap 4
Snijd de buikspek in plakken; serveer koud of verwarm de plakken kort in de pan voor een warme salade.
- 05Stap 5
Verdeel veldsla, biet en appel over borden en leg het vlees erop.
- 06Stap 6
Lepel dressing eromheen en strooi walnoten erover.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Dit product is al bereid en kan koud worden geserveerd of kort worden afgewerkt. Verwarm het alleen zo lang als nodig is voor de gekozen bereiding.
- Voeg niet automatisch extra zout, rub of marinade toe. De smaak die al in het product zit is het uitgangspunt.
- Tip van Jan: Kerf het zwoerd oppervlakkig in zonder diep in het vlees te snijden.
- Gebruik de temperatuur- en bereidingsinformatie bij het product als laatste controle voor het serveren.
Volg voor opwarmen, bewaren en serveren de aanwijzingen bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Gerookt vlees krijgt een frisse, aardse salade in plaats van een rauwe vleesbereiding.
Ingrediënten
- 250 g buikspek
- 8 sneetjes zuurdesembrood
- 100 g crème fraîche
- 1 el Dijonmosterd
- 80 g cornichons
- 1 kleine rode ui
- 1 bosje bieslook
Bereiding
- 01Stap 1
Rooster het zuurdesembrood krokant.
- 02Stap 2
Meng crème fraîche met Dijonmosterd en fijngeknipte bieslook.
- 03Stap 3
Snijd cornichons en rode ui zeer fijn.
- 04Stap 4
Snijd de buikspek dun of verdeel in mooie plakjes, afhankelijk van de vorm.
- 05Stap 5
Bestrijk de toast met mosterdcrème en beleg met het gerookte vlees.
- 06Stap 6
Werk af met cornichon en rode ui en serveer direct.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Dit product is al bereid en kan koud worden geserveerd of kort worden afgewerkt. Verwarm het alleen zo lang als nodig is voor de gekozen bereiding.
- Voeg niet automatisch extra zout, rub of marinade toe. De smaak die al in het product zit is het uitgangspunt.
- Tip van Jan: Kerf het zwoerd oppervlakkig in zonder diep in het vlees te snijden.
- Gebruik de temperatuur- en bereidingsinformatie bij het product als laatste controle voor het serveren.
Volg voor opwarmen, bewaren en serveren de aanwijzingen bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een bistroachtige lunch die het gerookte product koud laat schitteren.
Ingrediënten
- 200 g buikspek
- 2 flammkuchenbodems
- 150 g crème fraîche
- 1 rode ui
- 1 appel
- 80 g geraspte Gruyère
- bieslook
Bereiding
- 01Stap 1
Verwarm de oven voor op 230 °C.
- 02Stap 2
Bestrijk de bodems dun met crème fraîche en verdeel rode ui en appel erover.
- 03Stap 3
Bestrooi licht met Gruyère en bak 8–10 minuten krokant.
- 04Stap 4
Leg de buikspek pas in de laatste 2 minuten of na het bakken erop, afhankelijk van hoe delicaat het gerookte product is.
- 05Stap 5
Snijd in punten.
- 06Stap 6
Werk af met bieslook en serveer direct.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Dit product is al bereid en kan koud worden geserveerd of kort worden afgewerkt. Verwarm het alleen zo lang als nodig is voor de gekozen bereiding.
- Voeg niet automatisch extra zout, rub of marinade toe. De smaak die al in het product zit is het uitgangspunt.
- Warm of werk het reeds bereide product kort in de oven af; voorkom langdurig doorgaren en uitdrogen.
- Tip van Jan: Voor krokant zwoerd is een droge bovenkant essentieel. Houd saus en vocht tijdens het garen weg van het zwoerd.
- Gebruik de temperatuur- en bereidingsinformatie bij het product als laatste controle voor het serveren.
Volg voor opwarmen, bewaren en serveren de aanwijzingen bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Knapperig, romig en fris; gerookt vlees wordt niet onnodig doorgegaard.

Buikspek met zwoerd
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- ca. 1 kg buikspek
- 150 g spekblokjes
- 2 wortels
- 2 uien
- 250 g champignons
- 500 ml rode wijn
- 400 ml bouillon
- 1 el tomatenpuree
- 2 laurierblaadjes
Bereiding
- 01Stap 1
Bak de spekblokjes uit en schep ze uit de pan.
- 02Stap 2
Bak de buikspek in porties rondom donkerbruin en neem uit de pan.
- 03Stap 3
Bak ui en wortel, voeg tomatenpuree toe en bak 1 minuut mee.
- 04Stap 4
Blus met rode wijn en bouillon, voeg laurier toe en doe het vlees terug. Laat circa 3 uur zeer zacht stoven.
- 05Stap 5
Bak de champignons apart bruin en voeg ze met het spek pas in het laatste halfuur toe.
- 06Stap 6
Het gerecht is klaar wanneer het vlees zonder weerstand uit elkaar valt en de saus glanst.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng naturel vlees vlak voor de bereiding gelijkmatig op smaak met zout. Volg een langere zout- of dry-brinefase alleen wanneer het recept dat bewust voorschrijft.
- Braad de vleesstukken waar het recept dat toelaat in porties aan voor kleur en smaak. Laat ze daarna rustig stoven: zacht pruttelen, niet hard doorkoken, en gebruik malsheid als eindcontrole in plaats van alleen een vaste tijd.
- Tip van Jan: Kerf het zwoerd oppervlakkig in zonder diep in het vlees te snijden.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een Franse klassieker met gelaagde smaak en paddenstoelen die hun bite behouden.
Ingrediënten
- ca. 1 kg buikspek
- 2 uien
- 3 tenen knoflook
- 20 g gember
- 2 tl gemalen koriander
- 1 tl komijn
- 3 el ketjap manis
- 400 ml kokosmelk
- 1 stengel citroengras
Bereiding
- 01Stap 1
Bak de ui rustig goudbruin in een beetje olie.
- 02Stap 2
Voeg knoflook, gember, koriander en komijn toe en bak kort tot het geurt.
- 03Stap 3
Voeg de buikspek toe en bak rondom aan; werk in porties als de pan te vol wordt.
- 04Stap 4
Roer ketjap erdoor, voeg kokosmelk en gekneusd citroengras toe en breng tegen de kook aan.
- 05Stap 5
Laat 2,5–3 uur heel zacht stoven zonder hard te koken.
- 06Stap 6
Neem het deksel het laatste halfuur weg zodat de saus geconcentreerd en romig wordt; verwijder citroengras voor serveren.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng naturel vlees vlak voor de bereiding gelijkmatig op smaak met zout. Volg een langere zout- of dry-brinefase alleen wanneer het recept dat bewust voorschrijft.
- Braad de vleesstukken waar het recept dat toelaat in porties aan voor kleur en smaak. Laat ze daarna rustig stoven: zacht pruttelen, niet hard doorkoken, en gebruik malsheid als eindcontrole in plaats van alleen een vaste tijd.
- Tip van Jan: Kerf het zwoerd oppervlakkig in zonder diep in het vlees te snijden.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een warme specerijenrichting die echt verschilt van Europese stoofgerechten.
Ingrediënten
- ca. 1 kg buikspek
- 2 uien
- 2 wortels
- 400 g tomatenblokjes
- 120 g groene olijven
- 1 sinaasappel
- 300 ml bouillon
- 1 tl venkelzaad
- 2 el olijfolie
Bereiding
- 01Stap 1
Bak de buikspek in een braadpan rondom bruin en neem uit de pan.
- 02Stap 2
Bak ui en wortel 5 minuten zacht, voeg venkelzaad toe en laat kort geuren.
- 03Stap 3
Voeg tomaat, bouillon, een brede reep sinaasappelschil en het vlees toe.
- 04Stap 4
Dek af en gaar 2,5–3 uur in een oven van 150 °C tot het vlees zeer mals is.
- 05Stap 5
Voeg olijven de laatste 20 minuten toe en verwijder de sinaasappelschil.
- 06Stap 6
Laat de saus zonder deksel zo nodig iets inkoken en serveer met polenta of aardappelpuree.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng naturel vlees vlak voor de bereiding gelijkmatig op smaak met zout. Volg een langere zout- of dry-brinefase alleen wanneer het recept dat bewust voorschrijft.
- Gebruik de oven voor beheerst doorgaren. Wanneer het recept eerst een korst vraagt, schroei het vlees vooraf kort aan; bepaal het eindpunt op kern en niet uitsluitend op oventijd.
- Tip van Jan: Voor krokant zwoerd is een droge bovenkant essentieel. Houd saus en vocht tijdens het garen weg van het zwoerd.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Mediterrane stoof met frisse citrus en zilte olijf als tegenhanger voor rijk vlees.

Buikspek zonder zwoerd
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- ca. 1 kg buikspek
- 2 uien
- 2 wortels
- 400 g tomatenblokjes
- 120 g groene olijven
- 1 sinaasappel
- 300 ml bouillon
- 1 tl venkelzaad
- 2 el olijfolie
Bereiding
- 01Stap 1
Bak de buikspek in een braadpan rondom bruin en neem uit de pan.
- 02Stap 2
Bak ui en wortel 5 minuten zacht, voeg venkelzaad toe en laat kort geuren.
- 03Stap 3
Voeg tomaat, bouillon, een brede reep sinaasappelschil en het vlees toe.
- 04Stap 4
Dek af en gaar 2,5–3 uur in een oven van 150 °C tot het vlees zeer mals is.
- 05Stap 5
Voeg olijven de laatste 20 minuten toe en verwijder de sinaasappelschil.
- 06Stap 6
Laat de saus zonder deksel zo nodig iets inkoken en serveer met polenta of aardappelpuree.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng naturel vlees vlak voor de bereiding gelijkmatig op smaak met zout. Volg een langere zout- of dry-brinefase alleen wanneer het recept dat bewust voorschrijft.
- Gebruik de oven voor beheerst doorgaren. Wanneer het recept eerst een korst vraagt, schroei het vlees vooraf kort aan; bepaal het eindpunt op kern en niet uitsluitend op oventijd.
- Tip van Jan: Voor krokant zwoerd is een droge bovenkant essentieel. Houd saus en vocht tijdens het garen weg van het zwoerd.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Mediterrane stoof met frisse citrus en zilte olijf als tegenhanger voor rijk vlees.
Ingrediënten
- ca. 1 kg buikspek
- 3 uien
- 330 ml donker bier
- 400 ml bouillon
- 2 el bloem
- 1 el mosterd
- 2 laurierblaadjes
- 30 g boter
Bereiding
- 01Stap 1
Snijd de buikspek in gelijkmatige stukken als dat nog niet is gebeurd. Is het oppervlak zichtbaar nat, dep alleen dat vocht weg zodat het vlees kan bruinen.
- 02Stap 2
Bak het vlees in porties stevig bruin in boter; leg elke portie apart.
- 03Stap 3
Bak de ui rustig goudbruin, bestuif met bloem en laat 1 minuut meegaren.
- 04Stap 4
Blus met bier en bouillon en roer alle aanbaksels los. Voeg mosterd en laurier toe.
- 05Stap 5
Doe het vlees terug en laat 2,5–3 uur zeer zacht stoven tot het lepelmals is; laat de saus het laatste halfuur zo nodig zonder deksel inkoken.
- 06Stap 6
Proef pas op het einde op zout en serveer met aardappelpuree of friet.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Gebruik het zout uit het recept doelgericht op het vlees en verdeel het gelijkmatig. Voeg geen extra zout toe buiten de receptuur zonder eerst de totale kruiding te beoordelen.
- Braad de vleesstukken waar het recept dat toelaat in porties aan voor kleur en smaak. Laat ze daarna rustig stoven: zacht pruttelen, niet hard doorkoken, en gebruik malsheid als eindcontrole in plaats van alleen een vaste tijd.
- Tip van Jan: Kerf het zwoerd oppervlakkig in zonder diep in het vlees te snijden.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Diepe, klassieke stoofsmaak door bruinen, reduceren en langzame garing.
Ingrediënten
- ca. 1 kg buikspek
- 150 g spekblokjes
- 2 wortels
- 2 uien
- 250 g champignons
- 500 ml rode wijn
- 400 ml bouillon
- 1 el tomatenpuree
- 2 laurierblaadjes
Bereiding
- 01Stap 1
Bak de spekblokjes uit en schep ze uit de pan.
- 02Stap 2
Bak de buikspek in porties rondom donkerbruin en neem uit de pan.
- 03Stap 3
Bak ui en wortel, voeg tomatenpuree toe en bak 1 minuut mee.
- 04Stap 4
Blus met rode wijn en bouillon, voeg laurier toe en doe het vlees terug. Laat circa 3 uur zeer zacht stoven.
- 05Stap 5
Bak de champignons apart bruin en voeg ze met het spek pas in het laatste halfuur toe.
- 06Stap 6
Het gerecht is klaar wanneer het vlees zonder weerstand uit elkaar valt en de saus glanst.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng naturel vlees vlak voor de bereiding gelijkmatig op smaak met zout. Volg een langere zout- of dry-brinefase alleen wanneer het recept dat bewust voorschrijft.
- Braad de vleesstukken waar het recept dat toelaat in porties aan voor kleur en smaak. Laat ze daarna rustig stoven: zacht pruttelen, niet hard doorkoken, en gebruik malsheid als eindcontrole in plaats van alleen een vaste tijd.
- Tip van Jan: Kerf het zwoerd oppervlakkig in zonder diep in het vlees te snijden.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een Franse klassieker met gelaagde smaak en paddenstoelen die hun bite behouden.

Chorizo Vela gesneden
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- 150 g chorizo
- 1 ciabatta
- 250 g cherrytomaten
- 1 bol burrata
- 2 el olijfolie
- 1 el balsamico
- basilicum
- zwarte peper
Bereiding
- 01Stap 1
Rooster de tomaten 15 minuten op 200 °C met een beetje olijfolie.
- 02Stap 2
Snijd de ciabatta in plakken en rooster goudbruin.
- 03Stap 3
Verdeel burrata over de warme crostini.
- 04Stap 4
Leg de chorizo losjes erop zodat de structuur zichtbaar blijft.
- 05Stap 5
Schep geroosterde tomaat erop en druppel balsamico erover.
- 06Stap 6
Werk af met basilicum en zwarte peper en serveer direct.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Dit product is al klaar om koud te serveren. Verwarm of bak het alleen wanneer de bereidingswijze bij dit product dat uitdrukkelijk aangeeft.
- Dit product heeft al een eigen kruiding of smaakopbouw. Voeg daarom niet automatisch extra rub, marinade of kruidenmix toe.
- Tip van Jan: Charcuterie droogt snel uit zodra ze is aangesneden. Snijd alleen wat u direct nodig heeft.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een borrelhap waarin charcuterie niet wordt weggegaard maar als kwaliteitsproduct wordt geserveerd.
Ingrediënten
- 150 g chorizo
- 1 venkelknol
- 2 sinaasappels
- 60 g rucola
- 40 g Parmezaan
- 2 el olijfolie
- 1 el wittewijnazijn
- zwarte peper
Bereiding
- 01Stap 1
Schaaf de venkel zeer dun en leg 10 minuten in ijswater voor extra knapperigheid.
- 02Stap 2
Snijd de schil van de sinaasappels en snijd de partjes tussen de vliezen uit.
- 03Stap 3
Meng olijfolie en azijn tot een eenvoudige dressing.
- 04Stap 4
Laat de venkel goed uitlekken en meng met rucola en sinaasappel.
- 05Stap 5
Verdeel de chorizo losjes over de salade.
- 06Stap 6
Schaaf Parmezaan erover en werk af met zwarte peper.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Dit product is al klaar om koud te serveren. Verwarm of bak het alleen wanneer de bereidingswijze bij dit product dat uitdrukkelijk aangeeft.
- Dit product heeft al een eigen kruiding of smaakopbouw. Voeg daarom niet automatisch extra rub, marinade of kruidenmix toe.
- Tip van Jan: Charcuterie droogt snel uit zodra ze is aangesneden. Snijd alleen wat u direct nodig heeft.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Frisse, bittere en zilte smaken maken een lichte lunch of voorgerecht.
Ingrediënten
- 150 g chorizo
- 2 pizzabodems
- 200 g mozzarella
- 100 g crème fraîche
- 40 g Parmezaan
- 60 g rucola
- 1 el olijfolie
Bereiding
- 01Stap 1
Verwarm de oven zo heet mogelijk, bij voorkeur 240–250 °C.
- 02Stap 2
Bestrijk de pizzabodems dun met crème fraîche en verdeel mozzarella en Parmezaan erover.
- 03Stap 3
Bak de pizza's tot de bodem krokant en de kaas gesmolten is.
- 04Stap 4
Leg de chorizo pas na het bakken op de hete pizza zodat de delicate structuur behouden blijft.
- 05Stap 5
Voeg rucola toe en druppel olijfolie erover.
- 06Stap 6
Snijd direct en serveer.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Dit product is al klaar om koud te serveren. Verwarm of bak het alleen wanneer de bereidingswijze bij dit product dat uitdrukkelijk aangeeft.
- Dit product heeft al een eigen kruiding of smaakopbouw. Voeg daarom niet automatisch extra rub, marinade of kruidenmix toe.
- Tip van Jan: Charcuterie droogt snel uit zodra ze is aangesneden. Snijd alleen wat u direct nodig heeft.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
De charcuterie gaat pas na de oven op de pizza en blijft daardoor zacht en aromatisch.

Cordon blue varken
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- 4 stuks cordon bleu
- 2 el olie
- 25 g boter
- 1 citroen
- 2 el kappertjes
- 100 ml bouillon
- 2 el peterselie
Bereiding
- 01Stap 1
Bak de cordon bleu op middelhoog vuur goudbruin; gebruik bij een reeds bereid product alleen genoeg tijd om het volledig door te warmen.
- 02Stap 2
Neem uit de pan en houd warm.
- 03Stap 3
Voeg boter, kappertjes en bouillon toe en laat 2–3 minuten inkoken.
- 04Stap 4
Rasp een klein beetje citroenschil boven de saus en voeg naar smaak een scheutje sap toe.
- 05Stap 5
Leg de schnitzels kort terug in de pan zonder de korst zompig te laten worden.
- 06Stap 6
Werk af met peterselie en serveer met aardappeltjes of salade.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Houd de paneer- of crispylaag droog en intact. Voeg geen natte marinade toe en behandel dit product niet als een BBQ-steak.
- Dit product heeft al een eigen kruiding of smaakopbouw. Voeg daarom niet automatisch extra rub, marinade of kruidenmix toe.
- Bak het gepaneerde/crispy product met voldoende ruimte en keer beheerst zodat de korst heel en krokant blijft.
- Tip van Jan: Pas rusttijd aan het product aan. Een heel stuk profiteert; krokant gepaneerd vlees serveert u juist direct.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Citroen hoort hier bij een klassieke kappertjesjus en is geen generieke vleesmarinade.
Ingrediënten
- 4 stuks cordon bleu
- 1 tl olie
- 200 g gemengde sla
- 1 appel
- 1/2 komkommer
- 2 el yoghurt
- 1 el mosterd
- 1 el honing
Bereiding
- 01Stap 1
Verwarm de airfryer voor op 180 °C.
- 02Stap 2
Bestrijk de cordon bleu heel licht met olie en leg zonder overlap in het mandje.
- 03Stap 3
Bak tot de korst goudbruin en het product volledig gaar of doorgewarmd is; keer halverwege indien nodig.
- 04Stap 4
Meng yoghurt, mosterd en honing tot dressing.
- 05Stap 5
Meng sla met appel en komkommer en schep een deel van de dressing erdoor.
- 06Stap 6
Serveer de krokante schnitzel direct met de salade.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Houd de paneer- of crispylaag droog en intact. Voeg geen natte marinade toe en behandel dit product niet als een BBQ-steak.
- Dit product heeft al een eigen kruiding of smaakopbouw. Voeg daarom niet automatisch extra rub, marinade of kruidenmix toe.
- Leg het gepaneerde/crispy product in één laag in de airfryer en laat lucht rondom circuleren; keer alleen wanneer dat voor gelijkmatige bruining nodig is.
- Tip van Jan: Mosterd, appel, salie en zachte zuren passen goed bij varkensvlees zonder de vleessmaak te verstoppen.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Airfryer wordt alleen gebruikt omdat een gepaneerde korst hier werkelijk baat bij heeft.
Ingrediënten
- 4 stuks cordon bleu
- 400 ml tomatensaus
- 125 g mozzarella
- 40 g Parmezaan
- 1 bosje basilicum
- 1 el olie
- 300 g spaghetti
Bereiding
- 01Stap 1
Bak de cordon bleu kort goudbruin in een koekenpan; bij een rauw product hoeft de kern nog niet volledig gaar te zijn.
- 02Stap 2
Leg in een ovenschaal en lepel een dunne laag tomatensaus over elk stuk.
- 03Stap 3
Verdeel mozzarella en Parmezaan erover.
- 04Stap 4
Bak 12–15 minuten op 200 °C tot het rauwe product volledig gaar is of het reeds bereide product door en door heet is.
- 05Stap 5
Kook intussen de spaghetti beetgaar en meng met de resterende tomatensaus.
- 06Stap 6
Werk de schnitzels af met basilicum en serveer op of naast de spaghetti.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Houd de paneer- of crispylaag droog en intact. Voeg geen natte marinade toe en behandel dit product niet als een BBQ-steak.
- Dit product heeft al een eigen kruiding of smaakopbouw. Voeg daarom niet automatisch extra rub, marinade of kruidenmix toe.
- Bak het gepaneerde/crispy product met voldoende ruimte en keer beheerst zodat de korst heel en krokant blijft.
- Tip van Jan: Stuur op de juiste kerntemperatuur en haal het vlees op tijd van de hittebron. Overgaren maakt malse delen snel droog.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Volwaardig Italiaans geïnspireerd ovengerecht, duidelijk anders dan pan of airfryer.

Duitse braadworst
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- ca. 600 g braadworst
- 800 g kruimige aardappelen
- 2 grote uien
- 150 ml melk
- 30 g boter
- 1 el grove mosterd
- 250 ml bouillon
- 1 el olie
Bereiding
- 01Stap 1
Bak de braadworst op middelhoog vuur rustig rondom bruin; draai regelmatig zodat de darm niet barst.
- 02Stap 2
Kook de aardappelen gaar en maak puree met melk, boter en mosterd.
- 03Stap 3
Bak de uien in dezelfde pan rustig goudbruin.
- 04Stap 4
Voeg bouillon toe en laat 5–8 minuten inkoken tot een lichte jus.
- 05Stap 5
Gaar de worst volledig tot volledig gaar in het thermische midden.
- 06Stap 6
Serveer met mosterdpuree en uienjus.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Dit product heeft al een eigen kruiding of smaakopbouw. Voeg daarom niet automatisch extra rub, marinade of kruidenmix toe.
- Gaar worst op beheerste hitte en keer regelmatig. Prik de darm niet onnodig door; daarmee verlies je sap en vet. Controleer voor het serveren of de worst goed gaar en door en door warm is.
- Tip van Jan: Begin beheerst en kleur later krachtiger als de worst dik is.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Rustige panwarmte houdt verse worst sappig en voorkomt verbrande buitenkant.
Ingrediënten
- ca. 600 g braadworst
- 2 rode paprika's
- 2 rode uien
- 2 el olijfolie
- 1 el balsamico
- 1 tl honing
- 1 bosje peterselie
Bereiding
- 01Stap 1
Maak de barbecue gereed voor middelhoge directe hitte.
- 02Stap 2
Snijd paprika en ui grof, meng met olie en grill tot ze zacht en donker aan de randen zijn.
- 03Stap 3
Grill de braadworst rustig en keer regelmatig; te hoge hitte verbrandt de buitenkant voordat de kern gaar is.
- 04Stap 4
Meng balsamico en honing en schep door de warme groente.
- 05Stap 5
Controleer de worst op volledige garing tot volledig gaar in het thermische midden.
- 06Stap 6
Serveer met de gegrilde groente en peterselie.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Dit product heeft al een eigen kruiding of smaakopbouw. Voeg daarom niet automatisch extra rub, marinade of kruidenmix toe.
- Gaar worst op beheerste hitte en keer regelmatig. Prik de darm niet onnodig door; daarmee verlies je sap en vet. Controleer voor het serveren of de worst goed gaar en door en door warm is.
- Tip van Jan: Begin beheerst en kleur later krachtiger als de worst dik is.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een barbecuegerecht waarin de worst gecontroleerd gaart en de groente voor friszoete tegenhanger zorgt.
Ingrediënten
- ca. 600 g braadworst
- 2 blikken witte bonen
- 400 g tomatenblokjes
- 1 ui
- 2 tenen knoflook
- 60 g panko
- 30 g Parmezaan
- 1 el olijfolie
Bereiding
- 01Stap 1
Bak de braadworst rondom bruin maar nog niet volledig gaar; neem uit de pan.
- 02Stap 2
Fruit ui en knoflook, voeg tomaat en uitgelekte bonen toe en laat 10 minuten pruttelen.
- 03Stap 3
Leg de worst terug in de saus en gaar 10–15 minuten zacht door.
- 04Stap 4
Meng panko met Parmezaan en een beetje olie en strooi over de pan of ovenschaal.
- 05Stap 5
Gratineer 5 minuten onder een hete grill tot de kruim goudbruin is.
- 06Stap 6
Controleer de worst op volledige garing en serveer.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Dit product heeft al een eigen kruiding of smaakopbouw. Voeg daarom niet automatisch extra rub, marinade of kruidenmix toe.
- Gaar worst op beheerste hitte en keer regelmatig. Prik de darm niet onnodig door; daarmee verlies je sap en vet. Controleer voor het serveren of de worst goed gaar en door en door warm is.
- Tip van Jan: Bij een dikke worst is kleur van buiten niet genoeg om garing te beoordelen.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een rustieke éénpansmaaltijd met romige bonen en krokante bovenlaag.

Duroc Boston Butt Half – Heyde Hoeve
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- ca. 1 kg procureur
- 3 uien
- 330 ml donker bier
- 400 ml bouillon
- 2 el bloem
- 1 el mosterd
- 2 laurierblaadjes
- 30 g boter
Bereiding
- 01Stap 1
Snijd de procureur in gelijkmatige stukken als dat nog niet is gebeurd. Is het oppervlak zichtbaar nat, dep alleen dat vocht weg zodat het vlees kan bruinen.
- 02Stap 2
Bak het vlees in porties stevig bruin in boter; leg elke portie apart.
- 03Stap 3
Bak de ui rustig goudbruin, bestuif met bloem en laat 1 minuut meegaren.
- 04Stap 4
Blus met bier en bouillon en roer alle aanbaksels los. Voeg mosterd en laurier toe.
- 05Stap 5
Doe het vlees terug en laat 2,5–3 uur zeer zacht stoven tot het lepelmals is; laat de saus het laatste halfuur zo nodig zonder deksel inkoken.
- 06Stap 6
Proef pas op het einde op zout en serveer met aardappelpuree of friet.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Gebruik het zout uit het recept doelgericht op het vlees en verdeel het gelijkmatig. Voeg geen extra zout toe buiten de receptuur zonder eerst de totale kruiding te beoordelen.
- Braad de vleesstukken waar het recept dat toelaat in porties aan voor kleur en smaak. Laat ze daarna rustig stoven: zacht pruttelen, niet hard doorkoken, en gebruik malsheid als eindcontrole in plaats van alleen een vaste tijd.
- Tip van Jan: Mosterd, appel, salie en zachte zuren passen goed bij varkensvlees zonder de vleessmaak te verstoppen.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Diepe, klassieke stoofsmaak door bruinen, reduceren en langzame garing.
Ingrediënten
- ca. 1 kg procureur
- 150 g spekblokjes
- 2 wortels
- 2 uien
- 250 g champignons
- 500 ml rode wijn
- 400 ml bouillon
- 1 el tomatenpuree
- 2 laurierblaadjes
Bereiding
- 01Stap 1
Bak de spekblokjes uit en schep ze uit de pan.
- 02Stap 2
Bak de procureur in porties rondom donkerbruin en neem uit de pan.
- 03Stap 3
Bak ui en wortel, voeg tomatenpuree toe en bak 1 minuut mee.
- 04Stap 4
Blus met rode wijn en bouillon, voeg laurier toe en doe het vlees terug. Laat circa 3 uur zeer zacht stoven.
- 05Stap 5
Bak de champignons apart bruin en voeg ze met het spek pas in het laatste halfuur toe.
- 06Stap 6
Het gerecht is klaar wanneer het vlees zonder weerstand uit elkaar valt en de saus glanst.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng naturel vlees vlak voor de bereiding gelijkmatig op smaak met zout. Volg een langere zout- of dry-brinefase alleen wanneer het recept dat bewust voorschrijft.
- Braad de vleesstukken waar het recept dat toelaat in porties aan voor kleur en smaak. Laat ze daarna rustig stoven: zacht pruttelen, niet hard doorkoken, en gebruik malsheid als eindcontrole in plaats van alleen een vaste tijd.
- Tip van Jan: Mosterd, appel, salie en zachte zuren passen goed bij varkensvlees zonder de vleessmaak te verstoppen.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een Franse klassieker met gelaagde smaak en paddenstoelen die hun bite behouden.
Ingrediënten
- ca. 1 kg procureur
- 2 uien
- 3 tenen knoflook
- 20 g gember
- 2 tl gemalen koriander
- 1 tl komijn
- 3 el ketjap manis
- 400 ml kokosmelk
- 1 stengel citroengras
Bereiding
- 01Stap 1
Bak de ui rustig goudbruin in een beetje olie.
- 02Stap 2
Voeg knoflook, gember, koriander en komijn toe en bak kort tot het geurt.
- 03Stap 3
Voeg de procureur toe en bak rondom aan; werk in porties als de pan te vol wordt.
- 04Stap 4
Roer ketjap erdoor, voeg kokosmelk en gekneusd citroengras toe en breng tegen de kook aan.
- 05Stap 5
Laat 2,5–3 uur heel zacht stoven zonder hard te koken.
- 06Stap 6
Neem het deksel het laatste halfuur weg zodat de saus geconcentreerd en romig wordt; verwijder citroengras voor serveren.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng naturel vlees vlak voor de bereiding gelijkmatig op smaak met zout. Volg een langere zout- of dry-brinefase alleen wanneer het recept dat bewust voorschrijft.
- Braad de vleesstukken waar het recept dat toelaat in porties aan voor kleur en smaak. Laat ze daarna rustig stoven: zacht pruttelen, niet hard doorkoken, en gebruik malsheid als eindcontrole in plaats van alleen een vaste tijd.
- Tip van Jan: Glazuren met honing of suiker pas later aanbrengen zodat ze karamelliseren in plaats van verbranden.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een warme specerijenrichting die echt verschilt van Europese stoofgerechten.

Duroc Buikspek Met Zwoerd – Heyde Hoeve
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- ca. 1 kg buikspek
- 3 uien
- 330 ml donker bier
- 400 ml bouillon
- 2 el bloem
- 1 el mosterd
- 2 laurierblaadjes
- 30 g boter
Bereiding
- 01Stap 1
Snijd de buikspek in gelijkmatige stukken als dat nog niet is gebeurd. Is het oppervlak zichtbaar nat, dep alleen dat vocht weg zodat het vlees kan bruinen.
- 02Stap 2
Bak het vlees in porties stevig bruin in boter; leg elke portie apart.
- 03Stap 3
Bak de ui rustig goudbruin, bestuif met bloem en laat 1 minuut meegaren.
- 04Stap 4
Blus met bier en bouillon en roer alle aanbaksels los. Voeg mosterd en laurier toe.
- 05Stap 5
Doe het vlees terug en laat 2,5–3 uur zeer zacht stoven tot het lepelmals is; laat de saus het laatste halfuur zo nodig zonder deksel inkoken.
- 06Stap 6
Proef pas op het einde op zout en serveer met aardappelpuree of friet.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Gebruik het zout uit het recept doelgericht op het vlees en verdeel het gelijkmatig. Voeg geen extra zout toe buiten de receptuur zonder eerst de totale kruiding te beoordelen.
- Braad de vleesstukken waar het recept dat toelaat in porties aan voor kleur en smaak. Laat ze daarna rustig stoven: zacht pruttelen, niet hard doorkoken, en gebruik malsheid als eindcontrole in plaats van alleen een vaste tijd.
- Tip van Jan: Kerf het zwoerd oppervlakkig in zonder diep in het vlees te snijden.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Diepe, klassieke stoofsmaak door bruinen, reduceren en langzame garing.
Ingrediënten
- ca. 1 kg buikspek
- 150 g spekblokjes
- 2 wortels
- 2 uien
- 250 g champignons
- 500 ml rode wijn
- 400 ml bouillon
- 1 el tomatenpuree
- 2 laurierblaadjes
Bereiding
- 01Stap 1
Bak de spekblokjes uit en schep ze uit de pan.
- 02Stap 2
Bak de buikspek in porties rondom donkerbruin en neem uit de pan.
- 03Stap 3
Bak ui en wortel, voeg tomatenpuree toe en bak 1 minuut mee.
- 04Stap 4
Blus met rode wijn en bouillon, voeg laurier toe en doe het vlees terug. Laat circa 3 uur zeer zacht stoven.
- 05Stap 5
Bak de champignons apart bruin en voeg ze met het spek pas in het laatste halfuur toe.
- 06Stap 6
Het gerecht is klaar wanneer het vlees zonder weerstand uit elkaar valt en de saus glanst.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng naturel vlees vlak voor de bereiding gelijkmatig op smaak met zout. Volg een langere zout- of dry-brinefase alleen wanneer het recept dat bewust voorschrijft.
- Braad de vleesstukken waar het recept dat toelaat in porties aan voor kleur en smaak. Laat ze daarna rustig stoven: zacht pruttelen, niet hard doorkoken, en gebruik malsheid als eindcontrole in plaats van alleen een vaste tijd.
- Tip van Jan: Kerf het zwoerd oppervlakkig in zonder diep in het vlees te snijden.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een Franse klassieker met gelaagde smaak en paddenstoelen die hun bite behouden.
Ingrediënten
- ca. 1 kg buikspek
- 2 uien
- 3 tenen knoflook
- 20 g gember
- 2 tl gemalen koriander
- 1 tl komijn
- 3 el ketjap manis
- 400 ml kokosmelk
- 1 stengel citroengras
Bereiding
- 01Stap 1
Bak de ui rustig goudbruin in een beetje olie.
- 02Stap 2
Voeg knoflook, gember, koriander en komijn toe en bak kort tot het geurt.
- 03Stap 3
Voeg de buikspek toe en bak rondom aan; werk in porties als de pan te vol wordt.
- 04Stap 4
Roer ketjap erdoor, voeg kokosmelk en gekneusd citroengras toe en breng tegen de kook aan.
- 05Stap 5
Laat 2,5–3 uur heel zacht stoven zonder hard te koken.
- 06Stap 6
Neem het deksel het laatste halfuur weg zodat de saus geconcentreerd en romig wordt; verwijder citroengras voor serveren.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng naturel vlees vlak voor de bereiding gelijkmatig op smaak met zout. Volg een langere zout- of dry-brinefase alleen wanneer het recept dat bewust voorschrijft.
- Braad de vleesstukken waar het recept dat toelaat in porties aan voor kleur en smaak. Laat ze daarna rustig stoven: zacht pruttelen, niet hard doorkoken, en gebruik malsheid als eindcontrole in plaats van alleen een vaste tijd.
- Tip van Jan: Kerf het zwoerd oppervlakkig in zonder diep in het vlees te snijden.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een warme specerijenrichting die echt verschilt van Europese stoofgerechten.

Duroc Varkens Tomahawk
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- ca. 700 g tomahawk
- 300 g cherrytomaten
- 1 bos peterselie
- 2 el kappertjes
- 1 el Dijonmosterd
- 2 el wittewijnazijn
- 70 ml olijfolie
- 1 teen knoflook
Bereiding
- 01Stap 1
Rooster de tomaten 15 minuten op 200 °C tot ze openbarsten.
- 02Stap 2
Hak peterselie, kappertjes en knoflook en meng met mosterd, azijn en olijfolie tot salsa verde.
- 03Stap 3
Grill de tomahawk op hoge hitte voor duidelijke grillstrepen en kleur.
- 04Stap 4
Gaar verder tot 63–65 °C in het dikste deel; laat daarna minimaal 3 minuten rusten. Laat 5–8 minuten rusten.
- 05Stap 5
Laat 5–8 minuten rusten en snijd pas daarna aan; serveer als hele portie of in gelijkmatige plakken.
- 06Stap 6
Serveer met geroosterde tomaat en salsa verde aan tafel.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng naturel vlees op smaak met zout en zwarte peper, óf gebruik Jans Biefstuk Kruidenmix als smaakvol alternatief. Kies één van beide en voorkom dubbele kruiding.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Gebruik directe hitte voor een mooie korst. Dikke stukken kun je daarna indirect verder laten garen; dunne steaks of kleine delen blijven vooral boven directe hitte. Controleer de gaarheid in het dikste deel.
- Tip van Jan: Kleur het vlees direct en gaar een dik bone-in stuk daarna rustiger indirect verder.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Fris en hartig; de salsa wordt na het garen toegevoegd en blijft daardoor levendig.
Ingrediënten
- ca. 700 g tomahawk
- 700 g krieltjes
- 2 sjalotten
- 150 ml rode wijn
- 200 ml runder- of kalfsfond
- 30 g koude boter
- 1 el neutrale olie
- zout en zwarte peper
Bereiding
- 01Stap 1
Laat de tomahawk 20–30 minuten temperen. Is het oppervlak zichtbaar vochtig, dep dan alleen dat vocht weg; verder is geen voorbehandeling nodig.
- 02Stap 2
Rooster de krieltjes in een oven van 210 °C in 30–35 minuten goudbruin en gaar.
- 03Stap 3
Verhit een zware koekenpan zeer heet, voeg olie toe en bak de tomahawk rondom krachtig aan. Gaar verder tot 63–65 °C in het dikste deel; laat daarna minimaal 3 minuten rusten.
- 04Stap 4
Neem de tomahawk uit de pan en laat 8–10 minuten rusten. Fruit intussen de sjalot in dezelfde pan.
- 05Stap 5
Blus met rode wijn, laat tot ongeveer de helft inkoken, voeg fond toe en reduceer tot sausdikte. Klop van het vuur af de koude boter erdoor.
- 06Stap 6
Snijd de tomahawk dwars op de draad waar dat voor dit deelstuk relevant is en serveer met de jus en krieltjes.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng het vlees vlak voor de bereiding op smaak met zout en zwarte peper. Voor een vollere, kruidige smaak kun je in plaats daarvan Jans Biefstuk Kruidenmix gebruiken. Kies één van beide; zo blijft de kruiding mooi in balans.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Verhit de pan eerst goed en gebruik waar nodig slechts een dun laagje hittebestendig bakvet. Geef het vlees ruimte en bouw een duidelijke korst op zonder voortdurend te schuiven; verlaag daarna de hitte wanneer het stuk nog moet doorgaren.
- Voeg boter en aromaten uit het recept pas na de eerste korstfase toe en lepel het schuimende bakvet kort over het vlees; zo blijven de aromaten frisser en verbranden ze minder snel.
- Tip van Jan: Snijd het vlees na rusten langs het bot los en trancheer daarna dwars op de vezel.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een klassieke bistrobereiding waarin de smaak van tomahawk centraal blijft.
Ingrediënten
- ca. 700 g tomahawk
- 1 bos platte peterselie
- 2 tenen knoflook
- 1 kleine rode peper
- 2 el rodewijnazijn
- 80 ml olijfolie
- 1 tl gedroogde oregano
- zout
Bereiding
- 01Stap 1
Hak peterselie, knoflook en rode peper fijn en meng met azijn, olijfolie, oregano en zout. Laat de chimichurri minimaal 15 minuten staan.
- 02Stap 2
Maak de barbecue gereed met een hete directe zone en een rustigere indirecte zone.
- 03Stap 3
Grill de tomahawk boven directe hitte rondom stevig aan voor een donkere korst zonder te verbranden.
- 04Stap 4
Verplaats de tomahawk zo nodig naar indirecte hitte en gaar tot 63–65 °C in het dikste deel; laat daarna minimaal 3 minuten rusten.
- 05Stap 5
Laat 8–10 minuten rusten, losjes afgedekt.
- 06Stap 6
Laat 5–8 minuten rusten en snijd pas daarna aan; serveer als hele portie of in gelijkmatige plakken.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng het vlees vlak voor de bereiding op smaak met zout en zwarte peper. Voor een vollere, kruidige smaak kun je in plaats daarvan Jans Biefstuk Kruidenmix gebruiken. Kies één van beide; zo blijft de kruiding mooi in balans.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Gebruik directe hitte voor een mooie korst. Dikke stukken kun je daarna indirect verder laten garen; dunne steaks of kleine delen blijven vooral boven directe hitte. Controleer de gaarheid in het dikste deel.
- Tip van Jan: Laat een bone-in steak rusten op een rooster of warm bord en dek hooguit losjes af.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Fris, kruidig en uitgesproken zonder de tomahawk onder een zware saus te verstoppen.

Duroc Varkensprocureur – Heyde Hoeve
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- ca. 1 kg procureur
- 3 uien
- 330 ml donker bier
- 400 ml bouillon
- 2 el bloem
- 1 el mosterd
- 2 laurierblaadjes
- 30 g boter
Bereiding
- 01Stap 1
Snijd de procureur in gelijkmatige stukken als dat nog niet is gebeurd. Is het oppervlak zichtbaar nat, dep alleen dat vocht weg zodat het vlees kan bruinen.
- 02Stap 2
Bak het vlees in porties stevig bruin in boter; leg elke portie apart.
- 03Stap 3
Bak de ui rustig goudbruin, bestuif met bloem en laat 1 minuut meegaren.
- 04Stap 4
Blus met bier en bouillon en roer alle aanbaksels los. Voeg mosterd en laurier toe.
- 05Stap 5
Doe het vlees terug en laat 2,5–3 uur zeer zacht stoven tot het lepelmals is; laat de saus het laatste halfuur zo nodig zonder deksel inkoken.
- 06Stap 6
Proef pas op het einde op zout en serveer met aardappelpuree of friet.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Gebruik het zout uit het recept doelgericht op het vlees en verdeel het gelijkmatig. Voeg geen extra zout toe buiten de receptuur zonder eerst de totale kruiding te beoordelen.
- Braad de vleesstukken waar het recept dat toelaat in porties aan voor kleur en smaak. Laat ze daarna rustig stoven: zacht pruttelen, niet hard doorkoken, en gebruik malsheid als eindcontrole in plaats van alleen een vaste tijd.
- Tip van Jan: Mosterd, appel, salie en zachte zuren passen goed bij varkensvlees zonder de vleessmaak te verstoppen.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Diepe, klassieke stoofsmaak door bruinen, reduceren en langzame garing.
Ingrediënten
- ca. 1 kg procureur
- 150 g spekblokjes
- 2 wortels
- 2 uien
- 250 g champignons
- 500 ml rode wijn
- 400 ml bouillon
- 1 el tomatenpuree
- 2 laurierblaadjes
Bereiding
- 01Stap 1
Bak de spekblokjes uit en schep ze uit de pan.
- 02Stap 2
Bak de procureur in porties rondom donkerbruin en neem uit de pan.
- 03Stap 3
Bak ui en wortel, voeg tomatenpuree toe en bak 1 minuut mee.
- 04Stap 4
Blus met rode wijn en bouillon, voeg laurier toe en doe het vlees terug. Laat circa 3 uur zeer zacht stoven.
- 05Stap 5
Bak de champignons apart bruin en voeg ze met het spek pas in het laatste halfuur toe.
- 06Stap 6
Het gerecht is klaar wanneer het vlees zonder weerstand uit elkaar valt en de saus glanst.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng naturel vlees vlak voor de bereiding gelijkmatig op smaak met zout. Volg een langere zout- of dry-brinefase alleen wanneer het recept dat bewust voorschrijft.
- Braad de vleesstukken waar het recept dat toelaat in porties aan voor kleur en smaak. Laat ze daarna rustig stoven: zacht pruttelen, niet hard doorkoken, en gebruik malsheid als eindcontrole in plaats van alleen een vaste tijd.
- Tip van Jan: Mosterd, appel, salie en zachte zuren passen goed bij varkensvlees zonder de vleessmaak te verstoppen.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een Franse klassieker met gelaagde smaak en paddenstoelen die hun bite behouden.
Ingrediënten
- ca. 1 kg procureur
- 2 uien
- 3 tenen knoflook
- 20 g gember
- 2 tl gemalen koriander
- 1 tl komijn
- 3 el ketjap manis
- 400 ml kokosmelk
- 1 stengel citroengras
Bereiding
- 01Stap 1
Bak de ui rustig goudbruin in een beetje olie.
- 02Stap 2
Voeg knoflook, gember, koriander en komijn toe en bak kort tot het geurt.
- 03Stap 3
Voeg de procureur toe en bak rondom aan; werk in porties als de pan te vol wordt.
- 04Stap 4
Roer ketjap erdoor, voeg kokosmelk en gekneusd citroengras toe en breng tegen de kook aan.
- 05Stap 5
Laat 2,5–3 uur heel zacht stoven zonder hard te koken.
- 06Stap 6
Neem het deksel het laatste halfuur weg zodat de saus geconcentreerd en romig wordt; verwijder citroengras voor serveren.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng naturel vlees vlak voor de bereiding gelijkmatig op smaak met zout. Volg een langere zout- of dry-brinefase alleen wanneer het recept dat bewust voorschrijft.
- Braad de vleesstukken waar het recept dat toelaat in porties aan voor kleur en smaak. Laat ze daarna rustig stoven: zacht pruttelen, niet hard doorkoken, en gebruik malsheid als eindcontrole in plaats van alleen een vaste tijd.
- Tip van Jan: Glazuren met honing of suiker pas later aanbrengen zodat ze karamelliseren in plaats van verbranden.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een warme specerijenrichting die echt verschilt van Europese stoofgerechten.

Duroc Varkensribroast - Heyde Hoeve
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- ca. 1,2 kg Duroc Varkensribroast - Heyde Hoeve
- 600 g wortels
- 4 sjalotten
- 250 ml bouillon
- 100 ml rode wijn
- 2 el olie
- 30 g boter
- peper en zout
Bereiding
- 01Stap 1
Verwarm de oven voor op 180 °C en rooster de wortels met een beetje olie.
- 02Stap 2
Bak de Duroc Varkensribroast - Heyde Hoeve rondom aan in een braadpan; leg daarna in een ovenschaal.
- 03Stap 3
Gaar in de oven tot 63–65 °C in het dikste deel; laat daarna minimaal 3 minuten rusten; gebruik tijd alleen als richtlijn.
- 04Stap 4
Laat het vlees 15 minuten rusten voordat u snijdt.
- 05Stap 5
Fruit sjalotten in de braadpan, blus met wijn en bouillon en kook tot jusdikte in.
- 06Stap 6
Monteer met boter en serveer met de geroosterde wortel.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Gebruik het zout uit het recept doelgericht op het vlees en verdeel het gelijkmatig. Voeg geen extra zout toe buiten de receptuur zonder eerst de totale kruiding te beoordelen.
- Gebruik de oven voor beheerst doorgaren. Wanneer het recept eerst een korst vraagt, schroei het vlees vooraf kort aan; bepaal het eindpunt op kern en niet uitsluitend op oventijd.
- Tip van Jan: Blus de pan na het vlees voor een snelle jus en laat het vlees ondertussen rusten.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een klassieke braadbereiding met kerntemperatuur als leidende controle.
Ingrediënten
- ca. 1,2 kg Duroc Varkensribroast - Heyde Hoeve
- 1 bos peterselie
- 2 el kappertjes
- 1 teen knoflook
- 1 el Dijonmosterd
- 2 el wittewijnazijn
- 70 ml olijfolie
Bereiding
- 01Stap 1
Maak de barbecue gereed met een indirecte zone rond 160–180 °C.
- 02Stap 2
Hak peterselie, kappertjes en knoflook en meng met mosterd, azijn en olijfolie.
- 03Stap 3
Gaar de Duroc Varkensribroast - Heyde Hoeve indirect met gesloten deksel tot 63–65 °C in het dikste deel; laat daarna minimaal 3 minuten rusten bijna is bereikt.
- 04Stap 4
Geef het vlees daarna kort kleur boven directe hitte.
- 05Stap 5
Laat 15 minuten rusten.
- 06Stap 6
Laat 10–15 minuten rusten en snijd daarna in gelijkmatige plakken.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng naturel vlees vlak voor de bereiding gelijkmatig op smaak met zout. Volg een langere zout- of dry-brinefase alleen wanneer het recept dat bewust voorschrijft.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Gebruik directe hitte voor een mooie korst. Dikke stukken kun je daarna indirect verder laten garen; dunne steaks of kleine delen blijven vooral boven directe hitte. Controleer de gaarheid in het dikste deel.
- Tip van Jan: Stuur op de juiste kerntemperatuur en haal het vlees op tijd van de hittebron. Overgaren maakt malse delen snel droog.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Barbecuebereiding met gecontroleerde indirecte hitte en een frisse saus aan tafel.
Ingrediënten
- ca. 1,2 kg Duroc Varkensribroast - Heyde Hoeve
- 1 knolselderij
- 500 g aardappelen
- 250 g paddenstoelen
- 250 ml bouillon
- 100 ml room
- 30 g boter
- peper en zout
Bereiding
- 01Stap 1
Kook knolselderij en aardappel samen gaar en pureer met room en een deel van de boter.
- 02Stap 2
Bak de paddenstoelen op hoog vuur bruin en houd apart.
- 03Stap 3
Gaar de Duroc Varkensribroast - Heyde Hoeve in oven of braadpan tot 63–65 °C in het dikste deel; laat daarna minimaal 3 minuten rusten en laat daarna rusten.
- 04Stap 4
Deglaceer de braadpan met bouillon en kook in tot een krachtige jus.
- 05Stap 5
Snijd het vlees pas na rust en controleer de snijrichting.
- 06Stap 6
Serveer met puree, paddenstoelen en jus.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Gebruik het zout uit het recept doelgericht op het vlees en verdeel het gelijkmatig. Voeg geen extra zout toe buiten de receptuur zonder eerst de totale kruiding te beoordelen.
- Gebruik de oven voor beheerst doorgaren. Wanneer het recept eerst een korst vraagt, schroei het vlees vooraf kort aan; bepaal het eindpunt op kern en niet uitsluitend op oventijd.
- Tip van Jan: Kleur varkenshaas rondom en laat een dik stuk daarna rustiger doorgaren.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een stevig restaurantbord met aardse smaken en correcte rusttijd.

Grillhaxe / Oerhammetje gebraden
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- 250 g Grillhaxe / Oerhammetje gebraden
- 400 g gekookte biet
- 100 g veldsla
- 1 appel
- 2 el crème fraîche
- 1 tl mierikswortel
- 1 el appelazijn
- 30 g walnoten
Bereiding
- 01Stap 1
Snijd de biet in parten en rooster 15 minuten op 200 °C voor extra concentratie.
- 02Stap 2
Meng crème fraîche met mierikswortel en appelazijn.
- 03Stap 3
Snijd appel dun en rooster de walnoten kort.
- 04Stap 4
Verwarm de Grillhaxe / Oerhammetje gebraden rustig tot door en door heet, laat 2 minuten staan en snijd daarna in plakken voor de salade.
- 05Stap 5
Verdeel veldsla, biet en appel over borden en leg het vlees erop.
- 06Stap 6
Lepel dressing eromheen en strooi walnoten erover.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Dit product is al gegaard. Verwarm het gelijkmatig door en voeg geen extra marinade of kruiden toe tenzij het recept dat uitdrukkelijk vraagt.
- Voeg niet automatisch extra zout, rub of marinade toe. De smaak die al in het product zit is het uitgangspunt.
- Tip van Jan: Kleur varkenshaas rondom en laat een dik stuk daarna rustiger doorgaren.
- Volg voor het opwarmen de temperatuur- en bereidingsinformatie die bij het product staat.
Volg voor opwarmen, bewaren en serveren de aanwijzingen bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Gerookt vlees krijgt een frisse, aardse salade in plaats van een rauwe vleesbereiding.
Ingrediënten
- 250 g Grillhaxe / Oerhammetje gebraden
- 8 sneetjes zuurdesembrood
- 100 g crème fraîche
- 1 el Dijonmosterd
- 80 g cornichons
- 1 kleine rode ui
- 1 bosje bieslook
Bereiding
- 01Stap 1
Rooster het zuurdesembrood krokant.
- 02Stap 2
Meng crème fraîche met Dijonmosterd en fijngeknipte bieslook.
- 03Stap 3
Snijd cornichons en rode ui zeer fijn.
- 04Stap 4
Snijd de Grillhaxe / Oerhammetje gebraden dun of verdeel in mooie plakjes, afhankelijk van de vorm.
- 05Stap 5
Bestrijk de toast met mosterdcrème en beleg met het gerookte vlees.
- 06Stap 6
Werk af met cornichon en rode ui en serveer direct.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Dit product is al gegaard. Verwarm het gelijkmatig door en voeg geen extra marinade of kruiden toe tenzij het recept dat uitdrukkelijk vraagt.
- Voeg niet automatisch extra zout, rub of marinade toe. De smaak die al in het product zit is het uitgangspunt.
- Tip van Jan: Pas rusttijd aan het product aan. Een heel stuk profiteert; krokant gepaneerd vlees serveert u juist direct.
- Volg voor het opwarmen de temperatuur- en bereidingsinformatie die bij het product staat.
Volg voor opwarmen, bewaren en serveren de aanwijzingen bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een bistroachtige lunch die het gerookte product koud laat schitteren.
Ingrediënten
- 200 g Grillhaxe / Oerhammetje gebraden
- 2 flammkuchenbodems
- 150 g crème fraîche
- 1 rode ui
- 1 appel
- 80 g geraspte Gruyère
- bieslook
Bereiding
- 01Stap 1
Verwarm de oven voor op 230 °C.
- 02Stap 2
Bestrijk de bodems dun met crème fraîche en verdeel rode ui en appel erover.
- 03Stap 3
Bestrooi licht met Gruyère en bak 8–10 minuten krokant.
- 04Stap 4
Leg de Grillhaxe / Oerhammetje gebraden pas in de laatste 2 minuten of na het bakken erop, afhankelijk van hoe delicaat het gerookte product is.
- 05Stap 5
Snijd in punten.
- 06Stap 6
Werk af met bieslook en serveer direct.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Dit product is al gegaard. Verwarm het gelijkmatig door en voeg geen extra marinade of kruiden toe tenzij het recept dat uitdrukkelijk vraagt.
- Voeg niet automatisch extra zout, rub of marinade toe. De smaak die al in het product zit is het uitgangspunt.
- Warm in de oven gelijkmatig door en voorkom onnodig uitdrogen. Haal het product uit de oven zodra het goed is opgewarmd.
- Tip van Jan: Pas rusttijd aan het product aan. Een heel stuk profiteert; krokant gepaneerd vlees serveert u juist direct.
- Volg voor het opwarmen de temperatuur- en bereidingsinformatie die bij het product staat.
Volg voor opwarmen, bewaren en serveren de aanwijzingen bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Knapperig, romig en fris; gerookt vlees wordt niet onnodig doorgegaard.

Hips varkens bovenpoot
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- ca. 1 kg Hips varkens bovenpoot 800
- 2 uien
- 3 tenen knoflook
- 20 g gember
- 2 tl gemalen koriander
- 1 tl komijn
- 3 el ketjap manis
- 400 ml kokosmelk
- 1 stengel citroengras
Bereiding
- 01Stap 1
Bak de ui rustig goudbruin in een beetje olie.
- 02Stap 2
Voeg knoflook, gember, koriander en komijn toe en bak kort tot het geurt.
- 03Stap 3
Voeg de Hips varkens bovenpoot 800 toe en bak rondom aan; werk in porties als de pan te vol wordt.
- 04Stap 4
Roer ketjap erdoor, voeg kokosmelk en gekneusd citroengras toe en breng tegen de kook aan.
- 05Stap 5
Laat 2,5–3 uur heel zacht stoven zonder hard te koken.
- 06Stap 6
Neem het deksel het laatste halfuur weg zodat de saus geconcentreerd en romig wordt; verwijder citroengras voor serveren.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Snijd stoofvlees alleen kleiner als het recept dat nodig heeft en houd de stukken zoveel mogelijk gelijk van formaat, zodat ze gelijkmatig garen.
- Braad de vleesstukken waar het recept dat toelaat in porties aan voor kleur en smaak. Laat ze daarna rustig stoven: zacht pruttelen, niet hard doorkoken, en gebruik malsheid als eindcontrole in plaats van alleen een vaste tijd.
- Tip van Jan: Kleur varkenshaas rondom en laat een dik stuk daarna rustiger doorgaren.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een warme specerijenrichting die echt verschilt van Europese stoofgerechten.
Ingrediënten
- ca. 1 kg Hips varkens bovenpoot 800
- 2 uien
- 2 wortels
- 400 g tomatenblokjes
- 120 g groene olijven
- 1 sinaasappel
- 300 ml bouillon
- 1 tl venkelzaad
- 2 el olijfolie
Bereiding
- 01Stap 1
Bak de Hips varkens bovenpoot 800 in een braadpan rondom bruin en neem uit de pan.
- 02Stap 2
Bak ui en wortel 5 minuten zacht, voeg venkelzaad toe en laat kort geuren.
- 03Stap 3
Voeg tomaat, bouillon, een brede reep sinaasappelschil en het vlees toe.
- 04Stap 4
Dek af en gaar 2,5–3 uur in een oven van 150 °C tot het vlees zeer mals is.
- 05Stap 5
Voeg olijven de laatste 20 minuten toe en verwijder de sinaasappelschil.
- 06Stap 6
Laat de saus zonder deksel zo nodig iets inkoken en serveer met polenta of aardappelpuree.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Snijd stoofvlees alleen kleiner als het recept dat nodig heeft en houd de stukken zoveel mogelijk gelijk van formaat, zodat ze gelijkmatig garen.
- Braad de vleesstukken waar het recept dat toelaat in porties aan voor kleur en smaak. Laat ze daarna rustig stoven: zacht pruttelen, niet hard doorkoken, en gebruik malsheid als eindcontrole in plaats van alleen een vaste tijd.
- Tip van Jan: Mosterd, appel, salie en zachte zuren passen goed bij varkensvlees zonder de vleessmaak te verstoppen.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Mediterrane stoof met frisse citrus en zilte olijf als tegenhanger voor rijk vlees.
Ingrediënten
- ca. 1 kg Hips varkens bovenpoot 800
- 3 uien
- 330 ml donker bier
- 400 ml bouillon
- 2 el bloem
- 1 el mosterd
- 2 laurierblaadjes
- 30 g boter
Bereiding
- 01Stap 1
Snijd de Hips varkens bovenpoot 800 in gelijkmatige stukken als dat nog niet is gebeurd. Is het oppervlak zichtbaar nat, dep alleen dat vocht weg zodat het vlees kan bruinen.
- 02Stap 2
Bak het vlees in porties stevig bruin in boter; leg elke portie apart.
- 03Stap 3
Bak de ui rustig goudbruin, bestuif met bloem en laat 1 minuut meegaren.
- 04Stap 4
Blus met bier en bouillon en roer alle aanbaksels los. Voeg mosterd en laurier toe.
- 05Stap 5
Doe het vlees terug en laat 2,5–3 uur zeer zacht stoven tot het lepelmals is; laat de saus het laatste halfuur zo nodig zonder deksel inkoken.
- 06Stap 6
Proef pas op het einde op zout en serveer met aardappelpuree of friet.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Snijd stoofvlees alleen kleiner als het recept dat nodig heeft en houd de stukken zoveel mogelijk gelijk van formaat, zodat ze gelijkmatig garen.
- Braad de vleesstukken waar het recept dat toelaat in porties aan voor kleur en smaak. Laat ze daarna rustig stoven: zacht pruttelen, niet hard doorkoken, en gebruik malsheid als eindcontrole in plaats van alleen een vaste tijd.
- Tip van Jan: Mosterd, appel, salie en zachte zuren passen goed bij varkensvlees zonder de vleessmaak te verstoppen.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Diepe, klassieke stoofsmaak door bruinen, reduceren en langzame garing.

Iberico buikspek zonder zwoerd
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- ca. 1 kg buikspek
- 150 g spekblokjes
- 2 wortels
- 2 uien
- 250 g champignons
- 500 ml rode wijn
- 400 ml bouillon
- 1 el tomatenpuree
- 2 laurierblaadjes
Bereiding
- 01Stap 1
Bak de spekblokjes uit en schep ze uit de pan.
- 02Stap 2
Bak de buikspek in porties rondom donkerbruin en neem uit de pan.
- 03Stap 3
Bak ui en wortel, voeg tomatenpuree toe en bak 1 minuut mee.
- 04Stap 4
Blus met rode wijn en bouillon, voeg laurier toe en doe het vlees terug. Laat circa 3 uur zeer zacht stoven.
- 05Stap 5
Bak de champignons apart bruin en voeg ze met het spek pas in het laatste halfuur toe.
- 06Stap 6
Het gerecht is klaar wanneer het vlees zonder weerstand uit elkaar valt en de saus glanst.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng naturel vlees vlak voor de bereiding gelijkmatig op smaak met zout. Volg een langere zout- of dry-brinefase alleen wanneer het recept dat bewust voorschrijft.
- Braad de vleesstukken waar het recept dat toelaat in porties aan voor kleur en smaak. Laat ze daarna rustig stoven: zacht pruttelen, niet hard doorkoken, en gebruik malsheid als eindcontrole in plaats van alleen een vaste tijd.
- Tip van Jan: Kerf het zwoerd oppervlakkig in zonder diep in het vlees te snijden.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een Franse klassieker met gelaagde smaak en paddenstoelen die hun bite behouden.
Ingrediënten
- ca. 1 kg buikspek
- 2 uien
- 3 tenen knoflook
- 20 g gember
- 2 tl gemalen koriander
- 1 tl komijn
- 3 el ketjap manis
- 400 ml kokosmelk
- 1 stengel citroengras
Bereiding
- 01Stap 1
Bak de ui rustig goudbruin in een beetje olie.
- 02Stap 2
Voeg knoflook, gember, koriander en komijn toe en bak kort tot het geurt.
- 03Stap 3
Voeg de buikspek toe en bak rondom aan; werk in porties als de pan te vol wordt.
- 04Stap 4
Roer ketjap erdoor, voeg kokosmelk en gekneusd citroengras toe en breng tegen de kook aan.
- 05Stap 5
Laat 2,5–3 uur heel zacht stoven zonder hard te koken.
- 06Stap 6
Neem het deksel het laatste halfuur weg zodat de saus geconcentreerd en romig wordt; verwijder citroengras voor serveren.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng naturel vlees vlak voor de bereiding gelijkmatig op smaak met zout. Volg een langere zout- of dry-brinefase alleen wanneer het recept dat bewust voorschrijft.
- Braad de vleesstukken waar het recept dat toelaat in porties aan voor kleur en smaak. Laat ze daarna rustig stoven: zacht pruttelen, niet hard doorkoken, en gebruik malsheid als eindcontrole in plaats van alleen een vaste tijd.
- Tip van Jan: Kerf het zwoerd oppervlakkig in zonder diep in het vlees te snijden.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een warme specerijenrichting die echt verschilt van Europese stoofgerechten.
Ingrediënten
- ca. 1 kg buikspek
- 2 uien
- 2 wortels
- 400 g tomatenblokjes
- 120 g groene olijven
- 1 sinaasappel
- 300 ml bouillon
- 1 tl venkelzaad
- 2 el olijfolie
Bereiding
- 01Stap 1
Bak de buikspek in een braadpan rondom bruin en neem uit de pan.
- 02Stap 2
Bak ui en wortel 5 minuten zacht, voeg venkelzaad toe en laat kort geuren.
- 03Stap 3
Voeg tomaat, bouillon, een brede reep sinaasappelschil en het vlees toe.
- 04Stap 4
Dek af en gaar 2,5–3 uur in een oven van 150 °C tot het vlees zeer mals is.
- 05Stap 5
Voeg olijven de laatste 20 minuten toe en verwijder de sinaasappelschil.
- 06Stap 6
Laat de saus zonder deksel zo nodig iets inkoken en serveer met polenta of aardappelpuree.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng naturel vlees vlak voor de bereiding gelijkmatig op smaak met zout. Volg een langere zout- of dry-brinefase alleen wanneer het recept dat bewust voorschrijft.
- Gebruik de oven voor beheerst doorgaren. Wanneer het recept eerst een korst vraagt, schroei het vlees vooraf kort aan; bepaal het eindpunt op kern en niet uitsluitend op oventijd.
- Tip van Jan: Voor krokant zwoerd is een droge bovenkant essentieel. Houd saus en vocht tijdens het garen weg van het zwoerd.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Mediterrane stoof met frisse citrus en zilte olijf als tegenhanger voor rijk vlees.

Iberico Longaniza worst
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- ca. 600 g worst
- 800 g kruimige aardappelen
- 2 grote uien
- 150 ml melk
- 30 g boter
- 1 el grove mosterd
- 250 ml bouillon
- 1 el olie
Bereiding
- 01Stap 1
Bak de worst op middelhoog vuur rustig rondom bruin; draai regelmatig zodat de darm niet barst.
- 02Stap 2
Kook de aardappelen gaar en maak puree met melk, boter en mosterd.
- 03Stap 3
Bak de uien in dezelfde pan rustig goudbruin.
- 04Stap 4
Voeg bouillon toe en laat 5–8 minuten inkoken tot een lichte jus.
- 05Stap 5
Gaar de worst volledig tot volledig gaar in het thermische midden.
- 06Stap 6
Serveer met mosterdpuree en uienjus.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Dit product heeft al een eigen kruiding of smaakopbouw. Voeg daarom niet automatisch extra rub, marinade of kruidenmix toe.
- Gaar worst op beheerste hitte en keer regelmatig. Prik de darm niet onnodig door; daarmee verlies je sap en vet. Controleer voor het serveren of de worst goed gaar en door en door warm is.
- Tip van Jan: Begin beheerst en kleur later krachtiger als de worst dik is.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Rustige panwarmte houdt verse worst sappig en voorkomt verbrande buitenkant.
Ingrediënten
- ca. 600 g worst
- 2 rode paprika's
- 2 rode uien
- 2 el olijfolie
- 1 el balsamico
- 1 tl honing
- 1 bosje peterselie
Bereiding
- 01Stap 1
Maak de barbecue gereed voor middelhoge directe hitte.
- 02Stap 2
Snijd paprika en ui grof, meng met olie en grill tot ze zacht en donker aan de randen zijn.
- 03Stap 3
Grill de worst rustig en keer regelmatig; te hoge hitte verbrandt de buitenkant voordat de kern gaar is.
- 04Stap 4
Meng balsamico en honing en schep door de warme groente.
- 05Stap 5
Controleer de worst op volledige garing tot volledig gaar in het thermische midden.
- 06Stap 6
Serveer met de gegrilde groente en peterselie.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Dit product heeft al een eigen kruiding of smaakopbouw. Voeg daarom niet automatisch extra rub, marinade of kruidenmix toe.
- Gaar worst op beheerste hitte en keer regelmatig. Prik de darm niet onnodig door; daarmee verlies je sap en vet. Controleer voor het serveren of de worst goed gaar en door en door warm is.
- Tip van Jan: Begin beheerst en kleur later krachtiger als de worst dik is.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een barbecuegerecht waarin de worst gecontroleerd gaart en de groente voor friszoete tegenhanger zorgt.
Ingrediënten
- ca. 600 g worst
- 2 blikken witte bonen
- 400 g tomatenblokjes
- 1 ui
- 2 tenen knoflook
- 60 g panko
- 30 g Parmezaan
- 1 el olijfolie
Bereiding
- 01Stap 1
Bak de worst rondom bruin maar nog niet volledig gaar; neem uit de pan.
- 02Stap 2
Fruit ui en knoflook, voeg tomaat en uitgelekte bonen toe en laat 10 minuten pruttelen.
- 03Stap 3
Leg de worst terug in de saus en gaar 10–15 minuten zacht door.
- 04Stap 4
Meng panko met Parmezaan en een beetje olie en strooi over de pan of ovenschaal.
- 05Stap 5
Gratineer 5 minuten onder een hete grill tot de kruim goudbruin is.
- 06Stap 6
Controleer de worst op volledige garing en serveer.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Dit product heeft al een eigen kruiding of smaakopbouw. Voeg daarom niet automatisch extra rub, marinade of kruidenmix toe.
- Gaar worst op beheerste hitte en keer regelmatig. Prik de darm niet onnodig door; daarmee verlies je sap en vet. Controleer voor het serveren of de worst goed gaar en door en door warm is.
- Tip van Jan: Bij een dikke worst is kleur van buiten niet genoeg om garing te beoordelen.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een rustieke éénpansmaaltijd met romige bonen en krokante bovenlaag.

Iberico procureur zonder presa
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- ca. 1 kg procureur
- 2 uien
- 2 wortels
- 400 g tomatenblokjes
- 120 g groene olijven
- 1 sinaasappel
- 300 ml bouillon
- 1 tl venkelzaad
- 2 el olijfolie
Bereiding
- 01Stap 1
Bak de procureur in een braadpan rondom bruin en neem uit de pan.
- 02Stap 2
Bak ui en wortel 5 minuten zacht, voeg venkelzaad toe en laat kort geuren.
- 03Stap 3
Voeg tomaat, bouillon, een brede reep sinaasappelschil en het vlees toe.
- 04Stap 4
Dek af en gaar 2,5–3 uur in een oven van 150 °C tot het vlees zeer mals is.
- 05Stap 5
Voeg olijven de laatste 20 minuten toe en verwijder de sinaasappelschil.
- 06Stap 6
Laat de saus zonder deksel zo nodig iets inkoken en serveer met polenta of aardappelpuree.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng naturel vlees vlak voor de bereiding gelijkmatig op smaak met zout. Volg een langere zout- of dry-brinefase alleen wanneer het recept dat bewust voorschrijft.
- Braad de vleesstukken waar het recept dat toelaat in porties aan voor kleur en smaak. Laat ze daarna rustig stoven: zacht pruttelen, niet hard doorkoken, en gebruik malsheid als eindcontrole in plaats van alleen een vaste tijd.
- Tip van Jan: Mosterd, appel, salie en zachte zuren passen goed bij varkensvlees zonder de vleessmaak te verstoppen.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Kerntemperatuur & eindcontrole
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Mediterrane stoof met frisse citrus en zilte olijf als tegenhanger voor rijk vlees.
Ingrediënten
- ca. 1 kg procureur
- 3 uien
- 330 ml donker bier
- 400 ml bouillon
- 2 el bloem
- 1 el mosterd
- 2 laurierblaadjes
- 30 g boter
Bereiding
- 01Stap 1
Snijd de procureur in gelijkmatige stukken als dat nog niet is gebeurd. Is het oppervlak zichtbaar nat, dep alleen dat vocht weg zodat het vlees kan bruinen.
- 02Stap 2
Bak het vlees in porties stevig bruin in boter; leg elke portie apart.
- 03Stap 3
Bak de ui rustig goudbruin, bestuif met bloem en laat 1 minuut meegaren.
- 04Stap 4
Blus met bier en bouillon en roer alle aanbaksels los. Voeg mosterd en laurier toe.
- 05Stap 5
Doe het vlees terug en laat 2,5–3 uur zeer zacht stoven tot het lepelmals is; laat de saus het laatste halfuur zo nodig zonder deksel inkoken.
- 06Stap 6
Proef pas op het einde op zout en serveer met aardappelpuree of friet.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Gebruik het zout uit het recept doelgericht op het vlees en verdeel het gelijkmatig. Voeg geen extra zout toe buiten de receptuur zonder eerst de totale kruiding te beoordelen.
- Braad de vleesstukken waar het recept dat toelaat in porties aan voor kleur en smaak. Laat ze daarna rustig stoven: zacht pruttelen, niet hard doorkoken, en gebruik malsheid als eindcontrole in plaats van alleen een vaste tijd.
- Tip van Jan: Mosterd, appel, salie en zachte zuren passen goed bij varkensvlees zonder de vleessmaak te verstoppen.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Kerntemperatuur & eindcontrole
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Diepe, klassieke stoofsmaak door bruinen, reduceren en langzame garing.
Ingrediënten
- ca. 1 kg procureur
- 150 g spekblokjes
- 2 wortels
- 2 uien
- 250 g champignons
- 500 ml rode wijn
- 400 ml bouillon
- 1 el tomatenpuree
- 2 laurierblaadjes
Bereiding
- 01Stap 1
Bak de spekblokjes uit en schep ze uit de pan.
- 02Stap 2
Bak de procureur in porties rondom donkerbruin en neem uit de pan.
- 03Stap 3
Bak ui en wortel, voeg tomatenpuree toe en bak 1 minuut mee.
- 04Stap 4
Blus met rode wijn en bouillon, voeg laurier toe en doe het vlees terug. Laat circa 3 uur zeer zacht stoven.
- 05Stap 5
Bak de champignons apart bruin en voeg ze met het spek pas in het laatste halfuur toe.
- 06Stap 6
Het gerecht is klaar wanneer het vlees zonder weerstand uit elkaar valt en de saus glanst.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng naturel vlees vlak voor de bereiding gelijkmatig op smaak met zout. Volg een langere zout- of dry-brinefase alleen wanneer het recept dat bewust voorschrijft.
- Braad de vleesstukken waar het recept dat toelaat in porties aan voor kleur en smaak. Laat ze daarna rustig stoven: zacht pruttelen, niet hard doorkoken, en gebruik malsheid als eindcontrole in plaats van alleen een vaste tijd.
- Tip van Jan: Mosterd, appel, salie en zachte zuren passen goed bij varkensvlees zonder de vleessmaak te verstoppen.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Kerntemperatuur & eindcontrole
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een Franse klassieker met gelaagde smaak en paddenstoelen die hun bite behouden.

Iberico ribfingers
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- ca. 1,5 kg rib fingers
- 2 el grof gemalen zwarte peper
- 1 el zout
- 1 el fijngemalen koffie
- 1 tl knoflookpoeder
- 200 ml runderbouillon
- rookhout naar keuze
Bereiding
- 01Stap 1
Maak smoker of barbecue gereed voor 120–130 °C indirecte hitte.
- 02Stap 2
Meng peper, zout, koffie en knoflookpoeder en verdeel gelijkmatig over het vlees.
- 03Stap 3
Rook de rib fingers tot een donkere bark ontstaat; houd de temperatuur stabiel en open de barbecue zo weinig mogelijk.
- 04Stap 4
Wanneer de bark vast zit, kunt u het vlees losjes in butcher paper wikkelen met een scheut bouillon.
- 05Stap 5
Gaar verder tot het bindweefsel volledig zacht is en een prikker vrijwel zonder weerstand in het vlees gaat.
- 06Stap 6
Laat minimaal 30 minuten rusten voordat u tussen of langs de botten snijdt.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Werk bij rauwe ribs hoofdzakelijk met indirecte, beheerste BBQ-hitte en gebruik directe hitte alleen kort voor kleur of aflakken wanneer het recept dat vraagt; voorkom dat suikerrijke glaze verbrandt.
- Tip van Jan: Stuur op de juiste kerntemperatuur en haal het vlees op tijd van de hittebron. Overgaren maakt malse delen snel droog.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Diepe rundsmaak, rook en peper zonder zoete saus.
Ingrediënten
- ca. 1,5 kg rib fingers
- 3 el gochujang
- 3 el sojasaus
- 2 el bruine suiker
- 1 el rijstazijn
- 20 g gember
- 2 tenen knoflook
- 2 bosuien
- 1 el sesam
Bereiding
- 01Stap 1
Gaar de ribs eerst langzaam en indirect op 130 °C tot ze duidelijk mals beginnen te worden.
- 02Stap 2
Meng gochujang, soja, suiker, azijn, geraspte gember en knoflook tot een gladde lak.
- 03Stap 3
Bestrijk de ribs pas wanneer ze bijna mals zijn; suikers verbranden bij te vroege lak.
- 04Stap 4
Laat de lak 15–20 minuten karamelliseren op iets hogere hitte.
- 05Stap 5
Laat 15 minuten rusten.
- 06Stap 6
Werk af met lente-ui en sesam en serveer met rijst en ingelegde groente.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Werk bij rauwe ribs hoofdzakelijk met indirecte, beheerste BBQ-hitte en gebruik directe hitte alleen kort voor kleur of aflakken wanneer het recept dat vraagt; voorkom dat suikerrijke glaze verbrandt.
- Tip van Jan: Glazuren met honing of suiker pas later aanbrengen zodat ze karamelliseren in plaats van verbranden.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Pittig-zoete lak met veel umami, maar pas op het einde aangebracht.
Ingrediënten
- ca. 1,5 kg rib fingers
- 500 ml rode wijn
- 500 ml runderbouillon
- 2 wortels
- 2 uien
- 200 g zilveruitjes
- 2 el tomatenpuree
- 2 laurierblaadjes
Bereiding
- 01Stap 1
Bak de rib fingers rondom diepbruin in een zware braadpan.
- 02Stap 2
Bak ui en wortel, voeg tomatenpuree toe en laat een minuut karamelliseren.
- 03Stap 3
Blus met rode wijn en kook tot ongeveer de helft in; voeg bouillon en laurier toe.
- 04Stap 4
Gaar afgedekt 3–4 uur in een oven van 150 °C tot het vlees boterzacht is.
- 05Stap 5
Voeg de zilveruitjes in het laatste halfuur toe.
- 06Stap 6
Neem het vlees uit de saus, ontvet zo nodig en kook de saus tot een glanzende jus.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Gaar ribs rustig in de oven en beoordeel zowel malsheid als gaarheid; een vaste tijd alleen is onvoldoende.
- Tip van Jan: Stuur op de juiste kerntemperatuur en haal het vlees op tijd van de hittebron. Overgaren maakt malse delen snel droog.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een klassieke braise die short ribs verandert in zacht, rijk stoofvlees.

Iberico Secreto
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- ca. 700 g Iberico Secreto
- 300 g cherrytomaten
- 1 bos peterselie
- 2 el kappertjes
- 1 el Dijonmosterd
- 2 el wittewijnazijn
- 70 ml olijfolie
- 1 teen knoflook
Bereiding
- 01Stap 1
Rooster de tomaten 15 minuten op 200 °C tot ze openbarsten.
- 02Stap 2
Hak peterselie, kappertjes en knoflook en meng met mosterd, azijn en olijfolie tot salsa verde.
- 03Stap 3
Grill de Iberico Secreto op hoge hitte voor duidelijke grillstrepen en kleur.
- 04Stap 4
Gaar verder tot 63–65 °C in het dikste deel; laat daarna minimaal 3 minuten rusten. Laat 5–8 minuten rusten.
- 05Stap 5
Laat 5–8 minuten rusten en snijd pas daarna aan; serveer als hele portie of in gelijkmatige plakken.
- 06Stap 6
Serveer met geroosterde tomaat en salsa verde aan tafel.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng naturel vlees op smaak met zout en zwarte peper, óf gebruik Jans Biefstuk Kruidenmix als smaakvol alternatief. Kies één van beide en voorkom dubbele kruiding.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Gebruik directe hitte voor een mooie korst. Dikke stukken kun je daarna indirect verder laten garen; dunne steaks of kleine delen blijven vooral boven directe hitte. Controleer de gaarheid in het dikste deel.
- Tip van Jan: Kleur varkenshaas rondom en laat een dik stuk daarna rustiger doorgaren.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Fris en hartig; de salsa wordt na het garen toegevoegd en blijft daardoor levendig.
Ingrediënten
- ca. 700 g Iberico Secreto
- 700 g krieltjes
- 2 sjalotten
- 150 ml rode wijn
- 200 ml runder- of kalfsfond
- 30 g koude boter
- 1 el neutrale olie
- zout en zwarte peper
Bereiding
- 01Stap 1
Laat de Iberico Secreto 20–30 minuten temperen. Is het oppervlak zichtbaar vochtig, dep dan alleen dat vocht weg; verder is geen voorbehandeling nodig.
- 02Stap 2
Rooster de krieltjes in een oven van 210 °C in 30–35 minuten goudbruin en gaar.
- 03Stap 3
Verhit een zware koekenpan zeer heet, voeg olie toe en bak de Iberico Secreto rondom krachtig aan. Gaar verder tot 63–65 °C in het dikste deel; laat daarna minimaal 3 minuten rusten.
- 04Stap 4
Neem de Iberico Secreto uit de pan en laat 8–10 minuten rusten. Fruit intussen de sjalot in dezelfde pan.
- 05Stap 5
Blus met rode wijn, laat tot ongeveer de helft inkoken, voeg fond toe en reduceer tot sausdikte. Klop van het vuur af de koude boter erdoor.
- 06Stap 6
Snijd de Iberico Secreto dwars op de draad waar dat voor dit deelstuk relevant is en serveer met de jus en krieltjes.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng het vlees vlak voor de bereiding op smaak met zout en zwarte peper. Voor een vollere, kruidige smaak kun je in plaats daarvan Jans Biefstuk Kruidenmix gebruiken. Kies één van beide; zo blijft de kruiding mooi in balans.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Verhit de pan eerst goed en gebruik waar nodig slechts een dun laagje hittebestendig bakvet. Geef het vlees ruimte en bouw een duidelijke korst op zonder voortdurend te schuiven; verlaag daarna de hitte wanneer het stuk nog moet doorgaren.
- Voeg boter en aromaten uit het recept pas na de eerste korstfase toe en lepel het schuimende bakvet kort over het vlees; zo blijven de aromaten frisser en verbranden ze minder snel.
- Tip van Jan: Pas rusttijd aan het product aan. Een heel stuk profiteert; krokant gepaneerd vlees serveert u juist direct.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een klassieke bistrobereiding waarin de smaak van Iberico Secreto centraal blijft.
Ingrediënten
- ca. 700 g Iberico Secreto
- 1 bos platte peterselie
- 2 tenen knoflook
- 1 kleine rode peper
- 2 el rodewijnazijn
- 80 ml olijfolie
- 1 tl gedroogde oregano
- zout
Bereiding
- 01Stap 1
Hak peterselie, knoflook en rode peper fijn en meng met azijn, olijfolie, oregano en zout. Laat de chimichurri minimaal 15 minuten staan.
- 02Stap 2
Maak de barbecue gereed met een hete directe zone en een rustigere indirecte zone.
- 03Stap 3
Grill de Iberico Secreto boven directe hitte rondom stevig aan voor een donkere korst zonder te verbranden.
- 04Stap 4
Verplaats de Iberico Secreto zo nodig naar indirecte hitte en gaar tot 63–65 °C in het dikste deel; laat daarna minimaal 3 minuten rusten.
- 05Stap 5
Laat 8–10 minuten rusten, losjes afgedekt.
- 06Stap 6
Laat 5–8 minuten rusten en snijd pas daarna aan; serveer als hele portie of in gelijkmatige plakken.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng het vlees vlak voor de bereiding op smaak met zout en zwarte peper. Voor een vollere, kruidige smaak kun je in plaats daarvan Jans Biefstuk Kruidenmix gebruiken. Kies één van beide; zo blijft de kruiding mooi in balans.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Gebruik directe hitte voor een mooie korst. Dikke stukken kun je daarna indirect verder laten garen; dunne steaks of kleine delen blijven vooral boven directe hitte. Controleer de gaarheid in het dikste deel.
- Tip van Jan: Een dikke karbonade wordt mooier als de korst eerst ontstaat en de kern daarna rustiger gaart.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Fris, kruidig en uitgesproken zonder de Iberico Secreto onder een zware saus te verstoppen.

Iberico spareribs
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- ca. 1 kg spareribs
- 2 el mosterd
- 3 el BBQ-rub
- 150 ml appelsap
- 150 ml BBQ-saus
- 1 el appelazijn
Bereiding
- 01Stap 1
Verwijder indien nodig het vlies aan de botzijde. Smeer dun in met mosterd en verdeel de rub gelijkmatig.
- 02Stap 2
Maak de barbecue gereed voor 120–130 °C indirecte hitte.
- 03Stap 3
Gaar de ribs langzaam met gesloten deksel en bevochtig het oppervlak pas na het eerste uur licht met appelsap.
- 04Stap 4
Controleer op malsheid: de botjes komen iets vrij en een prikker gaat gemakkelijk tussen de botten.
- 05Stap 5
Lak pas in de laatste 20–30 minuten dun met BBQ-saus gemengd met appelazijn.
- 06Stap 6
Laat 10 minuten rusten en snijd tussen de botten.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Werk bij rauwe ribs hoofdzakelijk met indirecte, beheerste BBQ-hitte en gebruik directe hitte alleen kort voor kleur of aflakken wanneer het recept dat vraagt; voorkom dat suikerrijke glaze verbrandt.
- Tip van Jan: Controleer de botzijde. Zit er nog een taai membraan, trek dat weg; niet elk ribstuk heeft het nog.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Kerntemperatuur & eindcontrole
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Echte ribbereiding met stabiele indirecte hitte en lak pas aan het einde.
Ingrediënten
- ca. 1 kg spareribs
- 3 el sojasaus
- 2 el honing
- 1 el rijstazijn
- 20 g gember
- 2 tenen knoflook
- 1 tl sesamolie
- 2 bosuien
Bereiding
- 01Stap 1
Meng soja, honing, rijstazijn, geraspte gember, knoflook en sesamolie.
- 02Stap 2
Bestrijk de ribs dun en leg ze afgedekt in een ovenschaal; houd een schoon deel van de marinade apart voor de afwerking.
- 03Stap 3
Gaar circa 2,5 uur op 150 °C tot ze mals zijn.
- 04Stap 4
Verhoog de oven naar 220 °C en bestrijk met de apart gehouden marinade.
- 05Stap 5
Laat 10–15 minuten karamelliseren zonder te verbranden.
- 06Stap 6
Werk af met bosui en serveer.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Gaar ribs rustig in de oven en beoordeel zowel malsheid als gaarheid; een vaste tijd alleen is onvoldoende.
- Tip van Jan: Laat ribs enkele minuten staan zodat lak en sappen zich zetten, maar serveer ze nog goed warm.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Kerntemperatuur & eindcontrole
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Volledig andere Aziatische smaakrichting met zachte ovenbereiding.
Ingrediënten
- ca. 1 kg spareribs
- 2 el bruine suiker
- 2 el grof gemalen zwarte peper
- 1 el zout
- 1 el paprikapoeder
- 200 ml appelsap
- appelhout
Bereiding
- 01Stap 1
Verwijder het vlies en meng suiker, peper, zout en paprika tot rub.
- 02Stap 2
Bestrooi de ribs gelijkmatig en laat 15 minuten staan terwijl de smoker stabiliseert.
- 03Stap 3
Rook op 110–120 °C met een milde hoeveelheid appelhout.
- 04Stap 4
Spray na het eerste uur af en toe licht met appelsap.
- 05Stap 5
Gaar tot een prikker vrijwel zonder weerstand tussen de botten glijdt.
- 06Stap 6
Laat 10 minuten rusten en snijd.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Tip van Jan: Donkere lak betekent niet automatisch dat ribs mals zijn. Controleer de buiging en weerstand tussen de botten.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Kerntemperatuur & eindcontrole
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Rook en peper bepalen het profiel; saus is niet nodig.

Iberico Varkensrack
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- ca. 1,2 kg Iberico Varkensrack
- 600 g wortels
- 4 sjalotten
- 250 ml bouillon
- 100 ml rode wijn
- 2 el olie
- 30 g boter
- peper en zout
Bereiding
- 01Stap 1
Verwarm de oven voor op 180 °C en rooster de wortels met een beetje olie.
- 02Stap 2
Bak de Iberico Varkensrack rondom aan in een braadpan; leg daarna in een ovenschaal.
- 03Stap 3
Gaar in de oven tot 63–65 °C in het dikste deel; laat daarna minimaal 3 minuten rusten; gebruik tijd alleen als richtlijn.
- 04Stap 4
Laat het vlees 15 minuten rusten voordat u snijdt.
- 05Stap 5
Fruit sjalotten in de braadpan, blus met wijn en bouillon en kook tot jusdikte in.
- 06Stap 6
Monteer met boter en serveer met de geroosterde wortel.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Gebruik het zout uit het recept doelgericht op het vlees en verdeel het gelijkmatig. Voeg geen extra zout toe buiten de receptuur zonder eerst de totale kruiding te beoordelen.
- Gebruik de oven voor beheerst doorgaren. Wanneer het recept eerst een korst vraagt, schroei het vlees vooraf kort aan; bepaal het eindpunt op kern en niet uitsluitend op oventijd.
- Tip van Jan: Laat ribs enkele minuten staan zodat lak en sappen zich zetten, maar serveer ze nog goed warm.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Kerntemperatuur & eindcontrole
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een klassieke braadbereiding met kerntemperatuur als leidende controle.
Ingrediënten
- ca. 1,2 kg Iberico Varkensrack
- 1 bos peterselie
- 2 el kappertjes
- 1 teen knoflook
- 1 el Dijonmosterd
- 2 el wittewijnazijn
- 70 ml olijfolie
Bereiding
- 01Stap 1
Maak de barbecue gereed met een indirecte zone rond 160–180 °C.
- 02Stap 2
Hak peterselie, kappertjes en knoflook en meng met mosterd, azijn en olijfolie.
- 03Stap 3
Gaar de Iberico Varkensrack indirect met gesloten deksel tot 63–65 °C in het dikste deel; laat daarna minimaal 3 minuten rusten bijna is bereikt.
- 04Stap 4
Geef het vlees daarna kort kleur boven directe hitte.
- 05Stap 5
Laat 15 minuten rusten.
- 06Stap 6
Laat 10–15 minuten rusten en snijd daarna in gelijkmatige plakken.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng naturel vlees vlak voor de bereiding gelijkmatig op smaak met zout. Volg een langere zout- of dry-brinefase alleen wanneer het recept dat bewust voorschrijft.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Gebruik directe hitte voor een mooie korst. Dikke stukken kun je daarna indirect verder laten garen; dunne steaks of kleine delen blijven vooral boven directe hitte. Controleer de gaarheid in het dikste deel.
- Tip van Jan: Gebruik op de barbecue vooral indirecte hitte voor het lange deel van de bereiding.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Kerntemperatuur & eindcontrole
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Barbecuebereiding met gecontroleerde indirecte hitte en een frisse saus aan tafel.
Ingrediënten
- ca. 1,2 kg Iberico Varkensrack
- 1 knolselderij
- 500 g aardappelen
- 250 g paddenstoelen
- 250 ml bouillon
- 100 ml room
- 30 g boter
- peper en zout
Bereiding
- 01Stap 1
Kook knolselderij en aardappel samen gaar en pureer met room en een deel van de boter.
- 02Stap 2
Bak de paddenstoelen op hoog vuur bruin en houd apart.
- 03Stap 3
Gaar de Iberico Varkensrack in oven of braadpan tot 63–65 °C in het dikste deel; laat daarna minimaal 3 minuten rusten en laat daarna rusten.
- 04Stap 4
Deglaceer de braadpan met bouillon en kook in tot een krachtige jus.
- 05Stap 5
Snijd het vlees pas na rust en controleer de snijrichting.
- 06Stap 6
Serveer met puree, paddenstoelen en jus.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Gebruik het zout uit het recept doelgericht op het vlees en verdeel het gelijkmatig. Voeg geen extra zout toe buiten de receptuur zonder eerst de totale kruiding te beoordelen.
- Gebruik de oven voor beheerst doorgaren. Wanneer het recept eerst een korst vraagt, schroei het vlees vooraf kort aan; bepaal het eindpunt op kern en niet uitsluitend op oventijd.
- Tip van Jan: Laat ribs enkele minuten staan zodat lak en sappen zich zetten, maar serveer ze nog goed warm.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Kerntemperatuur & eindcontrole
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een stevig restaurantbord met aardse smaken en correcte rusttijd.

Krakauer braadworst
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- ca. 600 g braadworst
- 800 g kruimige aardappelen
- 2 grote uien
- 150 ml melk
- 30 g boter
- 1 el grove mosterd
- 250 ml bouillon
- 1 el olie
Bereiding
- 01Stap 1
Bak de braadworst op middelhoog vuur rustig rondom bruin; draai regelmatig zodat de darm niet barst.
- 02Stap 2
Kook de aardappelen gaar en maak puree met melk, boter en mosterd.
- 03Stap 3
Bak de uien in dezelfde pan rustig goudbruin.
- 04Stap 4
Voeg bouillon toe en laat 5–8 minuten inkoken tot een lichte jus.
- 05Stap 5
Gaar de worst volledig tot volledig gaar in het thermische midden.
- 06Stap 6
Serveer met mosterdpuree en uienjus.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Dit product heeft al een eigen kruiding of smaakopbouw. Voeg daarom niet automatisch extra rub, marinade of kruidenmix toe.
- Gaar worst op beheerste hitte en keer regelmatig. Prik de darm niet onnodig door; daarmee verlies je sap en vet. Controleer voor het serveren of de worst goed gaar en door en door warm is.
- Tip van Jan: Begin beheerst en kleur later krachtiger als de worst dik is.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Rustige panwarmte houdt verse worst sappig en voorkomt verbrande buitenkant.
Ingrediënten
- ca. 600 g braadworst
- 2 rode paprika's
- 2 rode uien
- 2 el olijfolie
- 1 el balsamico
- 1 tl honing
- 1 bosje peterselie
Bereiding
- 01Stap 1
Maak de barbecue gereed voor middelhoge directe hitte.
- 02Stap 2
Snijd paprika en ui grof, meng met olie en grill tot ze zacht en donker aan de randen zijn.
- 03Stap 3
Grill de braadworst rustig en keer regelmatig; te hoge hitte verbrandt de buitenkant voordat de kern gaar is.
- 04Stap 4
Meng balsamico en honing en schep door de warme groente.
- 05Stap 5
Controleer de worst op volledige garing tot volledig gaar in het thermische midden.
- 06Stap 6
Serveer met de gegrilde groente en peterselie.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Dit product heeft al een eigen kruiding of smaakopbouw. Voeg daarom niet automatisch extra rub, marinade of kruidenmix toe.
- Gaar worst op beheerste hitte en keer regelmatig. Prik de darm niet onnodig door; daarmee verlies je sap en vet. Controleer voor het serveren of de worst goed gaar en door en door warm is.
- Tip van Jan: Begin beheerst en kleur later krachtiger als de worst dik is.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een barbecuegerecht waarin de worst gecontroleerd gaart en de groente voor friszoete tegenhanger zorgt.
Ingrediënten
- ca. 600 g braadworst
- 2 blikken witte bonen
- 400 g tomatenblokjes
- 1 ui
- 2 tenen knoflook
- 60 g panko
- 30 g Parmezaan
- 1 el olijfolie
Bereiding
- 01Stap 1
Bak de braadworst rondom bruin maar nog niet volledig gaar; neem uit de pan.
- 02Stap 2
Fruit ui en knoflook, voeg tomaat en uitgelekte bonen toe en laat 10 minuten pruttelen.
- 03Stap 3
Leg de worst terug in de saus en gaar 10–15 minuten zacht door.
- 04Stap 4
Meng panko met Parmezaan en een beetje olie en strooi over de pan of ovenschaal.
- 05Stap 5
Gratineer 5 minuten onder een hete grill tot de kruim goudbruin is.
- 06Stap 6
Controleer de worst op volledige garing en serveer.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Dit product heeft al een eigen kruiding of smaakopbouw. Voeg daarom niet automatisch extra rub, marinade of kruidenmix toe.
- Gaar worst op beheerste hitte en keer regelmatig. Prik de darm niet onnodig door; daarmee verlies je sap en vet. Controleer voor het serveren of de worst goed gaar en door en door warm is.
- Tip van Jan: Bij een dikke worst is kleur van buiten niet genoeg om garing te beoordelen.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een rustieke éénpansmaaltijd met romige bonen en krokante bovenlaag.

Livarano de Klassieker
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- 250 g Livarano de Klassieker
- 150 g oude kaas
- 100 g cornichons
- 1 kleine rode ui
- grove mosterd
- zuurdesembrood of toast
Bereiding
- 01Stap 1
Haal de Livarano de Klassieker kort voor serveren uit de koeling.
- 02Stap 2
Snijd de Livarano de Klassieker in dunne plakjes; verhit de worst niet.
- 03Stap 3
Snijd kaas en cornichons in hapklare stukken.
- 04Stap 4
Snijd de rode ui flinterdun.
- 05Stap 5
Schik alles op een plank en zet de mosterd apart.
- 06Stap 6
Serveer direct met brood of toast.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Dit product is al klaar om koud te serveren. Verwarm of bak het alleen wanneer de bereidingswijze bij dit product dat uitdrukkelijk aangeeft.
- Dit product heeft al een eigen kruiding of smaakopbouw. Voeg daarom niet automatisch extra rub, marinade of kruidenmix toe.
- Tip van Jan: Een scherp mes maakt schonere plakjes en helpt vooral bij grove vezels om echt dwars op de draad te snijden.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Zuur en pittige mosterd geven tegenwicht aan de kruidige, gedroogde worst.
Ingrediënten
- 200 g Livarano de Klassieker
- 8 sneetjes zuurdesembrood
- 2 el grove mosterd
- 4 augurken
- 1 hand rucola
- 1 kleine rode ui
Bereiding
- 01Stap 1
Rooster het brood licht en laat het afkoelen.
- 02Stap 2
Snijd de Livarano de Klassieker dun en houd gekoeld tot het beleggen.
- 03Stap 3
Snijd augurk en rode ui dun.
- 04Stap 4
Bestrijk het brood dun met mosterd.
- 05Stap 5
Verdeel rucola, worst, augurk en ui over het brood.
- 06Stap 6
Serveer meteen; de worst wordt niet verwarmd.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Dit product is al klaar om koud te serveren. Verwarm of bak het alleen wanneer de bereidingswijze bij dit product dat uitdrukkelijk aangeeft.
- Dit product heeft al een eigen kruiding of smaakopbouw. Voeg daarom niet automatisch extra rub, marinade of kruidenmix toe.
- Tip van Jan: Snijd vlees zo laat mogelijk. Zo blijft het warmer en verliest het minder vocht.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Mosterd en augurk sluiten aan bij de hartige, gerijpte smaak.
Ingrediënten
- 200 g Livarano de Klassieker
- 600 g vastkokende aardappelen
- 1 friszure appel
- 2 el yoghurt
- 1 el mayonaise
- 1 tl mosterd
- 1 bosje bieslook
Bereiding
- 01Stap 1
Kook de aardappelen gaar, laat uitdampen en volledig afkoelen.
- 02Stap 2
Meng yoghurt, mayonaise en mosterd tot dressing.
- 03Stap 3
Snijd appel en aardappel in hapklare stukken en meng met de dressing.
- 04Stap 4
Snijd de Livarano de Klassieker vlak voor serveren in dunne plakjes.
- 05Stap 5
Schep de worst door of over de koude aardappelsalade.
- 06Stap 6
Werk af met bieslook en zwarte peper en serveer direct.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Dit product is al klaar om koud te serveren. Verwarm of bak het alleen wanneer de bereidingswijze bij dit product dat uitdrukkelijk aangeeft.
- Dit product heeft al een eigen kruiding of smaakopbouw. Voeg daarom niet automatisch extra rub, marinade of kruidenmix toe.
- Tip van Jan: Bij steaks en braadstukken helpt kort rusten om warmte en sappen te verdelen. Bij krokante of koude producten is rusten vaak juist niet nodig.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Appel en mosterd houden de salade fris en laten de worst herkenbaar blijven.

Ontbijtspek gerookt en gesneden
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- 200 g ontbijtspek
- 320 g spaghetti
- 3 eidooiers
- 1 heel ei
- 80 g Pecorino
- 1 tl grof gemalen zwarte peper
- zout
Bereiding
- 01Stap 1
Snijd de ontbijtspek in kleine stukjes en bak rustig uit tot het vet helder is en de randjes krokant zijn.
- 02Stap 2
Kook de spaghetti beetgaar en bewaar 150 ml kookwater.
- 03Stap 3
Klop eidooiers, heel ei, Pecorino en zwarte peper los.
- 04Stap 4
Meng de hete uitgelekte pasta met het spek en neem de pan van het vuur.
- 05Stap 5
Roer het eimengsel erdoor en voeg beetje bij beetje kookwater toe tot een romige saus ontstaat; laat het ei niet stollen.
- 06Stap 6
Serveer direct met extra Pecorino.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Dit product is al bereid en kan koud worden geserveerd of kort worden afgewerkt. Verwarm het alleen zo lang als nodig is voor de gekozen bereiding.
- Voeg niet automatisch extra zout, rub of marinade toe. De smaak die al in het product zit is het uitgangspunt.
- Werk het reeds bereide product kort in de pan af voor warmte of kleur; houd de verhitting kort zodat structuur en sappigheid behouden blijven.
- Tip van Jan: Meet in het dikste deel en niet tegen bot, vetlaag of pan. Zo stuurt u op garing in plaats van op minuten.
- Gebruik de temperatuur- en bereidingsinformatie bij het product als laatste controle voor het serveren.
Volg voor opwarmen, bewaren en serveren de aanwijzingen bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een toepassing waarin het gerookte/zoute karakter van het product de saus draagt.
Ingrediënten
- 200 g ontbijtspek
- 700 g krieltjes
- 1 friszure appel
- 2 lente-uien
- 1 el grove mosterd
- 2 el yoghurt
- 1 el appelazijn
- 1 el olie
Bereiding
- 01Stap 1
Halveer de krieltjes en rooster 30 minuten op 210 °C tot krokant.
- 02Stap 2
Bak de ontbijtspek krokant en laat op keukenpapier uitlekken.
- 03Stap 3
Meng mosterd, yoghurt en appelazijn tot dressing.
- 04Stap 4
Snijd appel en lente-ui fijn.
- 05Stap 5
Schep warme krieltjes om met dressing, appel en lente-ui.
- 06Stap 6
Strooi het krokante spek er pas op het einde over zodat het knapperig blijft.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Dit product is al bereid en kan koud worden geserveerd of kort worden afgewerkt. Verwarm het alleen zo lang als nodig is voor de gekozen bereiding.
- Voeg niet automatisch extra zout, rub of marinade toe. De smaak die al in het product zit is het uitgangspunt.
- Warm of werk het reeds bereide product kort in de oven af; voorkom langdurig doorgaren en uitdrogen.
- Tip van Jan: Snijd vlees zo laat mogelijk. Zo blijft het warmer en verliest het minder vocht.
- Gebruik de temperatuur- en bereidingsinformatie bij het product als laatste controle voor het serveren.
Volg voor opwarmen, bewaren en serveren de aanwijzingen bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Warm-koude aardappelsalade met zuur en fris fruit als tegengewicht voor spek.
Ingrediënten
- 180 g ontbijtspek
- 4 flatbreads
- 2 uien
- 150 g crème fraîche
- 80 g geraspte kaas
- 1 appel
- 1 tl tijm
- 1 el olie
Bereiding
- 01Stap 1
Bak de uien langzaam goudbruin in een beetje olie.
- 02Stap 2
Leg de flatbreads op een bakplaat en bestrijk dun met crème fraîche.
- 03Stap 3
Verdeel ui en dunne plakjes ontbijtspek over de flatbreads.
- 04Stap 4
Voeg dunne appelpartjes en kaas toe.
- 05Stap 5
Bak 8–10 minuten op 220 °C tot de randen krokant zijn.
- 06Stap 6
Werk af met slechts een beetje tijm omdat dat hier bewust bij ui en appel past.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Dit product is al bereid en kan koud worden geserveerd of kort worden afgewerkt. Verwarm het alleen zo lang als nodig is voor de gekozen bereiding.
- Voeg niet automatisch extra zout, rub of marinade toe. De smaak die al in het product zit is het uitgangspunt.
- Warm of werk het reeds bereide product kort in de oven af; voorkom langdurig doorgaren en uitdrogen.
- Tip van Jan: Meet in het dikste deel en niet tegen bot, vetlaag of pan. Zo stuurt u op garing in plaats van op minuten.
- Gebruik de temperatuur- en bereidingsinformatie bij het product als laatste controle voor het serveren.
Volg voor opwarmen, bewaren en serveren de aanwijzingen bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Tijm is hier een bewuste smaakcombinatie in een flatbread, niet een standaard vleeskruid.

Procureurlapjes gourmet vers
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- ca. 1 kg procureur
- 150 g spekblokjes
- 2 wortels
- 2 uien
- 250 g champignons
- 500 ml rode wijn
- 400 ml bouillon
- 1 el tomatenpuree
- 2 laurierblaadjes
Bereiding
- 01Stap 1
Bak de spekblokjes uit en schep ze uit de pan.
- 02Stap 2
Bak de procureur in porties rondom donkerbruin en neem uit de pan.
- 03Stap 3
Bak ui en wortel, voeg tomatenpuree toe en bak 1 minuut mee.
- 04Stap 4
Blus met rode wijn en bouillon, voeg laurier toe en doe het vlees terug. Laat circa 3 uur zeer zacht stoven.
- 05Stap 5
Bak de champignons apart bruin en voeg ze met het spek pas in het laatste halfuur toe.
- 06Stap 6
Het gerecht is klaar wanneer het vlees zonder weerstand uit elkaar valt en de saus glanst.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng naturel vlees vlak voor de bereiding gelijkmatig op smaak met zout. Volg een langere zout- of dry-brinefase alleen wanneer het recept dat bewust voorschrijft.
- Braad de vleesstukken waar het recept dat toelaat in porties aan voor kleur en smaak. Laat ze daarna rustig stoven: zacht pruttelen, niet hard doorkoken, en gebruik malsheid als eindcontrole in plaats van alleen een vaste tijd.
- Tip van Jan: Mosterd, appel, salie en zachte zuren passen goed bij varkensvlees zonder de vleessmaak te verstoppen.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een Franse klassieker met gelaagde smaak en paddenstoelen die hun bite behouden.
Ingrediënten
- ca. 1 kg procureur
- 2 uien
- 3 tenen knoflook
- 20 g gember
- 2 tl gemalen koriander
- 1 tl komijn
- 3 el ketjap manis
- 400 ml kokosmelk
- 1 stengel citroengras
Bereiding
- 01Stap 1
Bak de ui rustig goudbruin in een beetje olie.
- 02Stap 2
Voeg knoflook, gember, koriander en komijn toe en bak kort tot het geurt.
- 03Stap 3
Voeg de procureur toe en bak rondom aan; werk in porties als de pan te vol wordt.
- 04Stap 4
Roer ketjap erdoor, voeg kokosmelk en gekneusd citroengras toe en breng tegen de kook aan.
- 05Stap 5
Laat 2,5–3 uur heel zacht stoven zonder hard te koken.
- 06Stap 6
Neem het deksel het laatste halfuur weg zodat de saus geconcentreerd en romig wordt; verwijder citroengras voor serveren.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng naturel vlees vlak voor de bereiding gelijkmatig op smaak met zout. Volg een langere zout- of dry-brinefase alleen wanneer het recept dat bewust voorschrijft.
- Braad de vleesstukken waar het recept dat toelaat in porties aan voor kleur en smaak. Laat ze daarna rustig stoven: zacht pruttelen, niet hard doorkoken, en gebruik malsheid als eindcontrole in plaats van alleen een vaste tijd.
- Tip van Jan: Glazuren met honing of suiker pas later aanbrengen zodat ze karamelliseren in plaats van verbranden.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een warme specerijenrichting die echt verschilt van Europese stoofgerechten.
Ingrediënten
- ca. 1 kg procureur
- 2 uien
- 2 wortels
- 400 g tomatenblokjes
- 120 g groene olijven
- 1 sinaasappel
- 300 ml bouillon
- 1 tl venkelzaad
- 2 el olijfolie
Bereiding
- 01Stap 1
Bak de procureur in een braadpan rondom bruin en neem uit de pan.
- 02Stap 2
Bak ui en wortel 5 minuten zacht, voeg venkelzaad toe en laat kort geuren.
- 03Stap 3
Voeg tomaat, bouillon, een brede reep sinaasappelschil en het vlees toe.
- 04Stap 4
Dek af en gaar 2,5–3 uur in een oven van 150 °C tot het vlees zeer mals is.
- 05Stap 5
Voeg olijven de laatste 20 minuten toe en verwijder de sinaasappelschil.
- 06Stap 6
Laat de saus zonder deksel zo nodig iets inkoken en serveer met polenta of aardappelpuree.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng naturel vlees vlak voor de bereiding gelijkmatig op smaak met zout. Volg een langere zout- of dry-brinefase alleen wanneer het recept dat bewust voorschrijft.
- Braad de vleesstukken waar het recept dat toelaat in porties aan voor kleur en smaak. Laat ze daarna rustig stoven: zacht pruttelen, niet hard doorkoken, en gebruik malsheid als eindcontrole in plaats van alleen een vaste tijd.
- Tip van Jan: Mosterd, appel, salie en zachte zuren passen goed bij varkensvlees zonder de vleessmaak te verstoppen.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Mediterrane stoof met frisse citrus en zilte olijf als tegenhanger voor rijk vlees.

Pulled Pork 1 kg
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- 600 g pulled pork
- 4 briochebroodjes
- 200 g coleslaw
- 120 ml BBQ-saus
- 4 augurken
- 1 rode ui
- 1 el appelazijn
Bereiding
- 01Stap 1
Verwarm de pulled pork rustig op laag tot middelhoog vuur tot het product door en door heet is; voorkom uitdrogen.
- 02Stap 2
Snijd rode ui dun en meng met appelazijn; laat 15 minuten staan.
- 03Stap 3
Rooster de broodjes aan de snijkant.
- 04Stap 4
Meng het warme vlees met net genoeg BBQ-saus om het sappig te maken.
- 05Stap 5
Beleg met coleslaw, vlees, ingelegde ui en augurk.
- 06Stap 6
Serveer meteen zodat brood en sla hun structuur behouden.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Dit product is al gegaard. Verwarm het gelijkmatig door en voeg geen extra marinade of kruiden toe tenzij het recept dat uitdrukkelijk vraagt.
- Voeg niet automatisch extra zout, rub of marinade toe. De smaak die al in het product zit is het uitgangspunt.
- Warm in de oven gelijkmatig door en voorkom onnodig uitdrogen. Haal het product uit de oven zodra het goed is opgewarmd.
- Tip van Jan: Pas rusttijd aan het product aan. Een heel stuk profiteert; krokant gepaneerd vlees serveert u juist direct.
- Volg voor het opwarmen de temperatuur- en bereidingsinformatie die bij het product staat.
Volg voor opwarmen, bewaren en serveren de aanwijzingen bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Klassieke pulled-meat sandwich met zuur, fris en sappig vlees.
Ingrediënten
- 600 g pulled pork
- 8 kleine tortilla's
- 1 blik maïs
- 2 tomaten
- 1 avocado
- 1 limoen
- 1 rode ui
- koriander
Bereiding
- 01Stap 1
Verwarm de pulled pork rustig en houd sappig.
- 02Stap 2
Rooster de maïs in een droge pan tot enkele korrels donker kleuren.
- 03Stap 3
Meng maïs met tomaat, rode ui, limoensap en koriander.
- 04Stap 4
Verwarm de tortilla's kort en snijd avocado in parten.
- 05Stap 5
Verdeel het warme vlees over de tortilla's.
- 06Stap 6
Schep salsa en avocado erop en serveer direct.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Dit product is al gegaard. Verwarm het gelijkmatig door en voeg geen extra marinade of kruiden toe tenzij het recept dat uitdrukkelijk vraagt.
- Voeg niet automatisch extra zout, rub of marinade toe. De smaak die al in het product zit is het uitgangspunt.
- Warm in de pan rustig en gelijkmatig door; gebruik alleen extra bakvet als het recept of product dat nodig heeft.
- Tip van Jan: Pas rusttijd aan het product aan. Een heel stuk profiteert; krokant gepaneerd vlees serveert u juist direct.
- Volg voor het opwarmen de temperatuur- en bereidingsinformatie die bij het product staat.
Volg voor opwarmen, bewaren en serveren de aanwijzingen bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Frisse taco-opbouw geeft een totaal andere toepassing dan het klassieke broodje.
Ingrediënten
- 600 g pulled pork
- 800 g zoete aardappel
- 150 g cheddar
- 1 rode paprika
- 1 rode ui
- 100 ml zure room
- 2 bosuien
Bereiding
- 01Stap 1
Rooster blokjes zoete aardappel 25 minuten op 210 °C.
- 02Stap 2
Bak paprika en ui kort zodat ze nog bite houden.
- 03Stap 3
Verwarm de pulled pork en verdeel over een ovenschaal met zoete aardappel en groente.
- 04Stap 4
Bestrooi met cheddar en gratineer 5–8 minuten.
- 05Stap 5
Werk af met bosui.
- 06Stap 6
Serveer met zure room aan tafel.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Dit product is al gegaard. Verwarm het gelijkmatig door en voeg geen extra marinade of kruiden toe tenzij het recept dat uitdrukkelijk vraagt.
- Voeg niet automatisch extra zout, rub of marinade toe. De smaak die al in het product zit is het uitgangspunt.
- Warm in de oven gelijkmatig door en voorkom onnodig uitdrogen. Haal het product uit de oven zodra het goed is opgewarmd.
- Tip van Jan: Glazuren met honing of suiker pas later aanbrengen zodat ze karamelliseren in plaats van verbranden.
- Volg voor het opwarmen de temperatuur- en bereidingsinformatie die bij het product staat.
Volg voor opwarmen, bewaren en serveren de aanwijzingen bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Comfortfood met zoete aardappel en kaas, zonder het bereide vlees opnieuw droog te bakken.

Rookworst ambachtelijk rond
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- ca. 600 g rookworst
- 1 kg kruimige aardappelen
- 3 preien
- 150 ml melk
- 30 g boter
- 1 el grove mosterd
- 200 ml bouillon
Bereiding
- 01Stap 1
Verwarm de rookworst rustig op laag tot middelhoog vuur tot het product door en door heet is; laat een reeds gare worst niet hard koken.
- 02Stap 2
Kook de aardappelen gaar en stoof de prei apart zacht in een klein klontje boter.
- 03Stap 3
Stamp aardappel en prei met warme melk en boter tot een grove stamppot.
- 04Stap 4
Kook de bouillon kort in en roer mosterd erdoor.
- 05Stap 5
Snijd de warme worst pas vlak voor serveren en leg op de stamppot.
- 06Stap 6
Lepel de mosterdjus erover en serveer direct.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Dit product is al gegaard. Verwarm het gelijkmatig door en voeg geen extra marinade of kruiden toe tenzij het recept dat uitdrukkelijk vraagt.
- Dit product heeft al een eigen kruiding of smaakopbouw. Voeg daarom niet automatisch extra rub, marinade of kruidenmix toe.
- Warm in de pan rustig en gelijkmatig door; gebruik alleen extra bakvet als het recept of product dat nodig heeft.
- Tip van Jan: Rookworst of reeds gegaarde worst hoeft niet opnieuw als rauwe worst te worden behandeld; volg het etiket en warm rustig door.
- Volg voor het opwarmen de temperatuur- en bereidingsinformatie die bij het product staat.
Volg voor opwarmen, bewaren en serveren de aanwijzingen bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een Nederlandse klassieker met de juiste behandeling van reeds gare worst.
Ingrediënten
- ca. 600 g rookworst
- 4 stevige broodjes
- 300 g zuurkool
- 1 appel
- 2 el mayonaise
- 1 el grove mosterd
- 1 tl honing
- 1 kleine rode ui
Bereiding
- 01Stap 1
Verwarm de rookworst rustig op laag tot middelhoog vuur tot het product door en door heet is.
- 02Stap 2
Verwarm de zuurkool op laag vuur en meng er op het einde dunne reepjes appel door.
- 03Stap 3
Meng mayonaise, mosterd en honing tot saus.
- 04Stap 4
Snijd de rode ui flinterdun en rooster de broodjes kort.
- 05Stap 5
Snijd de worst in stukken of plakken, afhankelijk van de vorm.
- 06Stap 6
Beleg de broodjes met zuurkool, worst, rode ui en saus.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Dit product is al gegaard. Verwarm het gelijkmatig door en voeg geen extra marinade of kruiden toe tenzij het recept dat uitdrukkelijk vraagt.
- Dit product heeft al een eigen kruiding of smaakopbouw. Voeg daarom niet automatisch extra rub, marinade of kruidenmix toe.
- Warm in de pan rustig en gelijkmatig door; gebruik alleen extra bakvet als het recept of product dat nodig heeft.
- Tip van Jan: Rookworst of reeds gegaarde worst hoeft niet opnieuw als rauwe worst te worden behandeld; volg het etiket en warm rustig door.
- Volg voor het opwarmen de temperatuur- en bereidingsinformatie die bij het product staat.
Volg voor opwarmen, bewaren en serveren de aanwijzingen bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Snelle lunchtoepassing met zuur, zoet en hartig in balans.
Ingrediënten
- ca. 600 g rookworst
- 800 g kruimige aardappelen
- 2 preien
- 150 ml melk
- 30 g boter
- 75 g geraspte kaas
- 1 tl mosterd
Bereiding
- 01Stap 1
Kook de aardappelen gaar en maak puree met warme melk, boter en mosterd.
- 02Stap 2
Bak de prei 5 minuten zacht zonder te kleuren.
- 03Stap 3
Snijd de rookworst in plakken en verdeel met de prei over een ovenschaal.
- 04Stap 4
Dek af met puree en bestrooi met kaas.
- 05Stap 5
Gratineer 20 minuten op 200 °C tot de bovenkant goudbruin is.
- 06Stap 6
Controleer dat de vulling overal goed heet is en serveer.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Comfortfood waarin reeds bereide worst als ingrediënt wordt gebruikt, niet opnieuw drooggebakken.

Rookworst fijn recht
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- ca. 600 g rookworst
- 1 kg kruimige aardappelen
- 3 preien
- 150 ml melk
- 30 g boter
- 1 el grove mosterd
- 200 ml bouillon
Bereiding
- 01Stap 1
Verwarm de rookworst rustig op laag tot middelhoog vuur tot het product door en door heet is; laat een reeds gare worst niet hard koken.
- 02Stap 2
Kook de aardappelen gaar en stoof de prei apart zacht in een klein klontje boter.
- 03Stap 3
Stamp aardappel en prei met warme melk en boter tot een grove stamppot.
- 04Stap 4
Kook de bouillon kort in en roer mosterd erdoor.
- 05Stap 5
Snijd de warme worst pas vlak voor serveren en leg op de stamppot.
- 06Stap 6
Lepel de mosterdjus erover en serveer direct.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Dit product is al gegaard. Verwarm het gelijkmatig door en voeg geen extra marinade of kruiden toe tenzij het recept dat uitdrukkelijk vraagt.
- Dit product heeft al een eigen kruiding of smaakopbouw. Voeg daarom niet automatisch extra rub, marinade of kruidenmix toe.
- Warm in de pan rustig en gelijkmatig door; gebruik alleen extra bakvet als het recept of product dat nodig heeft.
- Tip van Jan: Rookworst of reeds gegaarde worst hoeft niet opnieuw als rauwe worst te worden behandeld; volg het etiket en warm rustig door.
- Volg voor het opwarmen de temperatuur- en bereidingsinformatie die bij het product staat.
Volg voor opwarmen, bewaren en serveren de aanwijzingen bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een Nederlandse klassieker met de juiste behandeling van reeds gare worst.
Ingrediënten
- ca. 600 g rookworst
- 4 stevige broodjes
- 300 g zuurkool
- 1 appel
- 2 el mayonaise
- 1 el grove mosterd
- 1 tl honing
- 1 kleine rode ui
Bereiding
- 01Stap 1
Verwarm de rookworst rustig op laag tot middelhoog vuur tot het product door en door heet is.
- 02Stap 2
Verwarm de zuurkool op laag vuur en meng er op het einde dunne reepjes appel door.
- 03Stap 3
Meng mayonaise, mosterd en honing tot saus.
- 04Stap 4
Snijd de rode ui flinterdun en rooster de broodjes kort.
- 05Stap 5
Snijd de worst in stukken of plakken, afhankelijk van de vorm.
- 06Stap 6
Beleg de broodjes met zuurkool, worst, rode ui en saus.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Dit product is al gegaard. Verwarm het gelijkmatig door en voeg geen extra marinade of kruiden toe tenzij het recept dat uitdrukkelijk vraagt.
- Dit product heeft al een eigen kruiding of smaakopbouw. Voeg daarom niet automatisch extra rub, marinade of kruidenmix toe.
- Warm in de pan rustig en gelijkmatig door; gebruik alleen extra bakvet als het recept of product dat nodig heeft.
- Tip van Jan: Rookworst of reeds gegaarde worst hoeft niet opnieuw als rauwe worst te worden behandeld; volg het etiket en warm rustig door.
- Volg voor het opwarmen de temperatuur- en bereidingsinformatie die bij het product staat.
Volg voor opwarmen, bewaren en serveren de aanwijzingen bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Snelle lunchtoepassing met zuur, zoet en hartig in balans.
Ingrediënten
- ca. 600 g rookworst
- 800 g kruimige aardappelen
- 2 preien
- 150 ml melk
- 30 g boter
- 75 g geraspte kaas
- 1 tl mosterd
Bereiding
- 01Stap 1
Kook de aardappelen gaar en maak puree met warme melk, boter en mosterd.
- 02Stap 2
Bak de prei 5 minuten zacht zonder te kleuren.
- 03Stap 3
Snijd de rookworst in plakken en verdeel met de prei over een ovenschaal.
- 04Stap 4
Dek af met puree en bestrooi met kaas.
- 05Stap 5
Gratineer 20 minuten op 200 °C tot de bovenkant goudbruin is.
- 06Stap 6
Controleer dat de vulling overal goed heet is en serveer.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Comfortfood waarin reeds bereide worst als ingrediënt wordt gebruikt, niet opnieuw drooggebakken.

Salsiccia Toscaanse braadworst per 2 st.
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- ca. 600 g Salsiccia
- 800 g kruimige aardappelen
- 2 grote uien
- 150 ml melk
- 30 g boter
- 1 el grove mosterd
- 250 ml bouillon
- 1 el olie
Bereiding
- 01Stap 1
Bak de Salsiccia op middelhoog vuur rustig rondom bruin; draai regelmatig zodat de darm niet barst.
- 02Stap 2
Kook de aardappelen gaar en maak puree met melk, boter en mosterd.
- 03Stap 3
Bak de uien in dezelfde pan rustig goudbruin.
- 04Stap 4
Voeg bouillon toe en laat 5–8 minuten inkoken tot een lichte jus.
- 05Stap 5
Gaar Salsiccia volledig tot volledig gaar in het thermische midden.
- 06Stap 6
Serveer met mosterdpuree en uienjus.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Dit product heeft al een eigen kruiding of smaakopbouw. Voeg daarom niet automatisch extra rub, marinade of kruidenmix toe.
- Gaar worst op beheerste hitte en keer regelmatig. Prik de darm niet onnodig door; daarmee verlies je sap en vet. Controleer voor het serveren of de worst goed gaar en door en door warm is.
- Tip van Jan: Begin beheerst en kleur later krachtiger als de worst dik is.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Rustige panwarmte houdt Salsiccia sappig en voorkomt verbrande buitenkant.
Ingrediënten
- ca. 600 g Salsiccia
- 2 rode paprika's
- 2 rode uien
- 2 el olijfolie
- 1 el balsamico
- 1 tl honing
- 1 bosje peterselie
Bereiding
- 01Stap 1
Maak de barbecue gereed voor middelhoge directe hitte.
- 02Stap 2
Snijd paprika en ui grof, meng met olie en grill tot ze zacht en donker aan de randen zijn.
- 03Stap 3
Grill de Salsiccia rustig en keer regelmatig; te hoge hitte verbrandt de buitenkant voordat de kern gaar is.
- 04Stap 4
Meng balsamico en honing en schep door de warme groente.
- 05Stap 5
Controleer Salsiccia op volledige garing tot volledig gaar in het thermische midden.
- 06Stap 6
Serveer met de gegrilde groente en peterselie.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Dit product heeft al een eigen kruiding of smaakopbouw. Voeg daarom niet automatisch extra rub, marinade of kruidenmix toe.
- Gaar worst op beheerste hitte en keer regelmatig. Prik de darm niet onnodig door; daarmee verlies je sap en vet. Controleer voor het serveren of de worst goed gaar en door en door warm is.
- Tip van Jan: Begin beheerst en kleur later krachtiger als de worst dik is.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een barbecuegerecht waarin Salsiccia gecontroleerd gaart en de groente voor friszoete tegenhanger zorgt.
Ingrediënten
- ca. 600 g Salsiccia
- 2 blikken witte bonen
- 400 g tomatenblokjes
- 1 ui
- 2 tenen knoflook
- 60 g panko
- 30 g Parmezaan
- 1 el olijfolie
Bereiding
- 01Stap 1
Bak de Salsiccia rondom bruin maar nog niet volledig gaar; neem uit de pan.
- 02Stap 2
Fruit ui en knoflook, voeg tomaat en uitgelekte bonen toe en laat 10 minuten pruttelen.
- 03Stap 3
Leg Salsiccia terug in de saus en gaar 10–15 minuten zacht door.
- 04Stap 4
Meng panko met Parmezaan en een beetje olie en strooi over de pan of ovenschaal.
- 05Stap 5
Gratineer 5 minuten onder een hete grill tot de kruim goudbruin is.
- 06Stap 6
Controleer Salsiccia op volledige garing en serveer.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Dit product heeft al een eigen kruiding of smaakopbouw. Voeg daarom niet automatisch extra rub, marinade of kruidenmix toe.
- Gaar worst op beheerste hitte en keer regelmatig. Prik de darm niet onnodig door; daarmee verlies je sap en vet. Controleer voor het serveren of de worst goed gaar en door en door warm is.
- Tip van Jan: Bij een dikke worst is kleur van buiten niet genoeg om garing te beoordelen.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een rustieke éénpansmaaltijd met romige bonen en krokante bovenlaag.

Schnitzel krokant
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- 4 gepaneerde schnitzel
- neutrale olie en een klont boter
- 1 citroen
- peterselie
Bereiding
- 01Stap 1
Het product is al gepaneerd; extra paneren is niet nodig.
- 02Stap 2
Verhit een ruime laag olie met een klont boter op middelhoog vuur.
- 03Stap 3
Bak de schnitzels in porties goudbruin en volledig gaar; keer voorzichtig zodat de korst intact blijft.
- 04Stap 4
Laat kort uitlekken op keukenpapier.
- 05Stap 5
Serveer direct zodat de paneerlaag krokant blijft.
- 06Stap 6
Geef citroen en peterselie erbij.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Houd de paneer- of crispylaag droog en intact. Voeg geen natte marinade toe en behandel dit product niet als een BBQ-steak.
- Dit product heeft al een eigen kruiding of smaakopbouw. Voeg daarom niet automatisch extra rub, marinade of kruidenmix toe.
- Bak het gepaneerde/crispy product met voldoende ruimte en keer beheerst zodat de korst heel en krokant blijft.
- Tip van Jan: Een krokante schnitzel of katsu heeft voldoende hitte en ruimte nodig; stoom maakt de korst zacht.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Reeds gepaneerd: rechtstreeks bakken.
Ingrediënten
- 4 gepaneerde schnitzel
- een beetje olie
- 1 citroen
- salade naar keuze
Bereiding
- 01Stap 1
Verwarm de airfryer voor op 180 °C.
- 02Stap 2
Benevel de reeds gepaneerde schnitzels heel licht met olie; extra paneren is niet nodig.
- 03Stap 3
Leg ze zonder overlap in het mandje.
- 04Stap 4
Bak tot de korst goudbruin en het vlees volledig gaar is; keer indien nodig halverwege.
- 05Stap 5
Laat één minuut staan.
- 06Stap 6
Serveer direct met citroen en salade.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Houd de paneer- of crispylaag droog en intact. Voeg geen natte marinade toe en behandel dit product niet als een BBQ-steak.
- Dit product heeft al een eigen kruiding of smaakopbouw. Voeg daarom niet automatisch extra rub, marinade of kruidenmix toe.
- Leg het gepaneerde/crispy product in één laag in de airfryer en laat lucht rondom circuleren; keer alleen wanneer dat voor gelijkmatige bruining nodig is.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Airfryer houdt de bestaande paneerlaag krokant.
Ingrediënten
- 4 gepaneerde schnitzel
- 300 ml tomatensaus
- 150 g mozzarella
- 40 g Parmezaanse kaas
- basilicum
Bereiding
- 01Stap 1
Bak de reeds gepaneerde schnitzels eerst goudbruin en volledig gaar; extra paneren is niet nodig.
- 02Stap 2
Leg ze in een ovenschaal.
- 03Stap 3
Verdeel een dunne laag tomatensaus over de schnitzels.
- 04Stap 4
Beleg met mozzarella en Parmezaanse kaas.
- 05Stap 5
Gratineer kort onder een hete grill tot de kaas gesmolten is.
- 06Stap 6
Werk af met basilicum en serveer direct.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Houd de paneer- of crispylaag droog en intact. Voeg geen natte marinade toe en behandel dit product niet als een BBQ-steak.
- Dit product heeft al een eigen kruiding of smaakopbouw. Voeg daarom niet automatisch extra rub, marinade of kruidenmix toe.
- Bak het gepaneerde/crispy product met voldoende ruimte en keer beheerst zodat de korst heel en krokant blijft.
- Tip van Jan: Krokante paneerproducten zijn op hun best direct uit pan, oven of airfryer.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Gebruik de bestaande krokante korst als basis voor parmigiana.

Schnitzel van de filet gepaneerd
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- 4 gepaneerde schnitzel
- neutrale olie en een klont boter
- 1 citroen
- peterselie
Bereiding
- 01Stap 1
Het product is al gepaneerd; extra paneren is niet nodig.
- 02Stap 2
Verhit een ruime laag olie met een klont boter op middelhoog vuur.
- 03Stap 3
Bak de schnitzels in porties goudbruin en volledig gaar; keer voorzichtig zodat de korst intact blijft.
- 04Stap 4
Laat kort uitlekken op keukenpapier.
- 05Stap 5
Serveer direct zodat de paneerlaag krokant blijft.
- 06Stap 6
Geef citroen en peterselie erbij.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Houd de paneer- of crispylaag droog en intact. Voeg geen natte marinade toe en behandel dit product niet als een BBQ-steak.
- Dit product heeft al een eigen kruiding of smaakopbouw. Voeg daarom niet automatisch extra rub, marinade of kruidenmix toe.
- Bak het gepaneerde/crispy product met voldoende ruimte en keer beheerst zodat de korst heel en krokant blijft.
- Tip van Jan: Een krokante schnitzel of katsu heeft voldoende hitte en ruimte nodig; stoom maakt de korst zacht.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Reeds gepaneerd: rechtstreeks bakken.
Ingrediënten
- 4 gepaneerde schnitzel
- een beetje olie
- 1 citroen
- salade naar keuze
Bereiding
- 01Stap 1
Verwarm de airfryer voor op 180 °C.
- 02Stap 2
Benevel de reeds gepaneerde schnitzels heel licht met olie; extra paneren is niet nodig.
- 03Stap 3
Leg ze zonder overlap in het mandje.
- 04Stap 4
Bak tot de korst goudbruin en het vlees volledig gaar is; keer indien nodig halverwege.
- 05Stap 5
Laat één minuut staan.
- 06Stap 6
Serveer direct met citroen en salade.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Houd de paneer- of crispylaag droog en intact. Voeg geen natte marinade toe en behandel dit product niet als een BBQ-steak.
- Dit product heeft al een eigen kruiding of smaakopbouw. Voeg daarom niet automatisch extra rub, marinade of kruidenmix toe.
- Leg het gepaneerde/crispy product in één laag in de airfryer en laat lucht rondom circuleren; keer alleen wanneer dat voor gelijkmatige bruining nodig is.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Airfryer houdt de bestaande paneerlaag krokant.
Ingrediënten
- 4 gepaneerde schnitzel
- 300 ml tomatensaus
- 150 g mozzarella
- 40 g Parmezaanse kaas
- basilicum
Bereiding
- 01Stap 1
Bak de reeds gepaneerde schnitzels eerst goudbruin en volledig gaar; extra paneren is niet nodig.
- 02Stap 2
Leg ze in een ovenschaal.
- 03Stap 3
Verdeel een dunne laag tomatensaus over de schnitzels.
- 04Stap 4
Beleg met mozzarella en Parmezaanse kaas.
- 05Stap 5
Gratineer kort onder een hete grill tot de kaas gesmolten is.
- 06Stap 6
Werk af met basilicum en serveer direct.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Houd de paneer- of crispylaag droog en intact. Voeg geen natte marinade toe en behandel dit product niet als een BBQ-steak.
- Dit product heeft al een eigen kruiding of smaakopbouw. Voeg daarom niet automatisch extra rub, marinade of kruidenmix toe.
- Bak het gepaneerde/crispy product met voldoende ruimte en keer beheerst zodat de korst heel en krokant blijft.
- Tip van Jan: Krokante paneerproducten zijn op hun best direct uit pan, oven of airfryer.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Gebruik de bestaande krokante korst als basis voor parmigiana.

Serranoham blok 2kg.
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- 150 g serranoham
- 1 ciabatta
- 250 g cherrytomaten
- 1 bol burrata
- 2 el olijfolie
- 1 el balsamico
- basilicum
- zwarte peper
Bereiding
- 01Stap 1
Rooster de tomaten 15 minuten op 200 °C met een beetje olijfolie.
- 02Stap 2
Snijd de ciabatta in plakken en rooster goudbruin.
- 03Stap 3
Verdeel burrata over de warme crostini.
- 04Stap 4
Leg de serranoham losjes erop zodat de structuur zichtbaar blijft.
- 05Stap 5
Schep geroosterde tomaat erop en druppel balsamico erover.
- 06Stap 6
Werk af met basilicum en zwarte peper en serveer direct.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Dit product is al klaar om koud te serveren. Verwarm of bak het alleen wanneer de bereidingswijze bij dit product dat uitdrukkelijk aangeeft.
- Tip van Jan: Snijd vlees zo laat mogelijk. Zo blijft het warmer en verliest het minder vocht.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een borrelhap waarin charcuterie niet wordt weggegaard maar als kwaliteitsproduct wordt geserveerd.
Ingrediënten
- 150 g serranoham
- 1 venkelknol
- 2 sinaasappels
- 60 g rucola
- 40 g Parmezaan
- 2 el olijfolie
- 1 el wittewijnazijn
- zwarte peper
Bereiding
- 01Stap 1
Schaaf de venkel zeer dun en leg 10 minuten in ijswater voor extra knapperigheid.
- 02Stap 2
Snijd de schil van de sinaasappels en snijd de partjes tussen de vliezen uit.
- 03Stap 3
Meng olijfolie en azijn tot een eenvoudige dressing.
- 04Stap 4
Laat de venkel goed uitlekken en meng met rucola en sinaasappel.
- 05Stap 5
Verdeel de serranoham losjes over de salade.
- 06Stap 6
Schaaf Parmezaan erover en werk af met zwarte peper.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Dit product is al klaar om koud te serveren. Verwarm of bak het alleen wanneer de bereidingswijze bij dit product dat uitdrukkelijk aangeeft.
- Tip van Jan: Meet in het dikste deel en niet tegen bot, vetlaag of pan. Zo stuurt u op garing in plaats van op minuten.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Frisse, bittere en zilte smaken maken een lichte lunch of voorgerecht.
Ingrediënten
- 150 g serranoham
- 2 pizzabodems
- 200 g mozzarella
- 100 g crème fraîche
- 40 g Parmezaan
- 60 g rucola
- 1 el olijfolie
Bereiding
- 01Stap 1
Verwarm de oven zo heet mogelijk, bij voorkeur 240–250 °C.
- 02Stap 2
Bestrijk de pizzabodems dun met crème fraîche en verdeel mozzarella en Parmezaan erover.
- 03Stap 3
Bak de pizza's tot de bodem krokant en de kaas gesmolten is.
- 04Stap 4
Leg de serranoham pas na het bakken op de hete pizza zodat de delicate structuur behouden blijft.
- 05Stap 5
Voeg rucola toe en druppel olijfolie erover.
- 06Stap 6
Snijd direct en serveer.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Dit product is al klaar om koud te serveren. Verwarm of bak het alleen wanneer de bereidingswijze bij dit product dat uitdrukkelijk aangeeft.
- Tip van Jan: Snijd vlees zo laat mogelijk. Zo blijft het warmer en verliest het minder vocht.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
De charcuterie gaat pas na de oven op de pizza en blijft daardoor zacht en aromatisch.

Spareribs Rauw Dik Bevleesd
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- ca. 1 kg spareribs
- 2 el mosterd
- 3 el BBQ-rub
- 150 ml appelsap
- 150 ml BBQ-saus
- 1 el appelazijn
Bereiding
- 01Stap 1
Verwijder indien nodig het vlies aan de botzijde. Smeer dun in met mosterd en verdeel de rub gelijkmatig.
- 02Stap 2
Maak de barbecue gereed voor 120–130 °C indirecte hitte.
- 03Stap 3
Gaar de ribs langzaam met gesloten deksel en bevochtig het oppervlak pas na het eerste uur licht met appelsap.
- 04Stap 4
Controleer op malsheid: de botjes komen iets vrij en een prikker gaat gemakkelijk tussen de botten.
- 05Stap 5
Lak pas in de laatste 20–30 minuten dun met BBQ-saus gemengd met appelazijn.
- 06Stap 6
Laat 10 minuten rusten en snijd tussen de botten.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Werk bij rauwe ribs hoofdzakelijk met indirecte, beheerste BBQ-hitte en gebruik directe hitte alleen kort voor kleur of aflakken wanneer het recept dat vraagt; voorkom dat suikerrijke glaze verbrandt.
- Tip van Jan: Controleer de botzijde. Zit er nog een taai membraan, trek dat weg; niet elk ribstuk heeft het nog.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Kerntemperatuur & eindcontrole
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Echte ribbereiding met stabiele indirecte hitte en lak pas aan het einde.
Ingrediënten
- ca. 1 kg spareribs
- 3 el sojasaus
- 2 el honing
- 1 el rijstazijn
- 20 g gember
- 2 tenen knoflook
- 1 tl sesamolie
- 2 bosuien
Bereiding
- 01Stap 1
Meng soja, honing, rijstazijn, geraspte gember, knoflook en sesamolie.
- 02Stap 2
Bestrijk de ribs dun en leg ze afgedekt in een ovenschaal; houd een schoon deel van de marinade apart voor de afwerking.
- 03Stap 3
Gaar circa 2,5 uur op 150 °C tot ze mals zijn.
- 04Stap 4
Verhoog de oven naar 220 °C en bestrijk met de apart gehouden marinade.
- 05Stap 5
Laat 10–15 minuten karamelliseren zonder te verbranden.
- 06Stap 6
Werk af met bosui en serveer.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Gaar ribs rustig in de oven en beoordeel zowel malsheid als gaarheid; een vaste tijd alleen is onvoldoende.
- Tip van Jan: Laat ribs enkele minuten staan zodat lak en sappen zich zetten, maar serveer ze nog goed warm.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Kerntemperatuur & eindcontrole
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Volledig andere Aziatische smaakrichting met zachte ovenbereiding.
Ingrediënten
- ca. 1 kg spareribs
- 2 el bruine suiker
- 2 el grof gemalen zwarte peper
- 1 el zout
- 1 el paprikapoeder
- 200 ml appelsap
- appelhout
Bereiding
- 01Stap 1
Verwijder het vlies en meng suiker, peper, zout en paprika tot rub.
- 02Stap 2
Bestrooi de ribs gelijkmatig en laat 15 minuten staan terwijl de smoker stabiliseert.
- 03Stap 3
Rook op 110–120 °C met een milde hoeveelheid appelhout.
- 04Stap 4
Spray na het eerste uur af en toe licht met appelsap.
- 05Stap 5
Gaar tot een prikker vrijwel zonder weerstand tussen de botten glijdt.
- 06Stap 6
Laat 10 minuten rusten en snijd.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Tip van Jan: Donkere lak betekent niet automatisch dat ribs mals zijn. Controleer de buiging en weerstand tussen de botten.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Kerntemperatuur & eindcontrole
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Rook en peper bepalen het profiel; saus is niet nodig.

Spareribs rauw doos 10 kg.
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- ca. 1 kg spareribs
- 2 el mosterd
- 3 el BBQ-rub
- 150 ml appelsap
- 150 ml BBQ-saus
- 1 el appelazijn
Bereiding
- 01Stap 1
Verwijder indien nodig het vlies aan de botzijde. Smeer dun in met mosterd en verdeel de rub gelijkmatig.
- 02Stap 2
Maak de barbecue gereed voor 120–130 °C indirecte hitte.
- 03Stap 3
Gaar de ribs langzaam met gesloten deksel en bevochtig het oppervlak pas na het eerste uur licht met appelsap.
- 04Stap 4
Controleer op malsheid: de botjes komen iets vrij en een prikker gaat gemakkelijk tussen de botten.
- 05Stap 5
Lak pas in de laatste 20–30 minuten dun met BBQ-saus gemengd met appelazijn.
- 06Stap 6
Laat 10 minuten rusten en snijd tussen de botten.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Werk bij rauwe ribs hoofdzakelijk met indirecte, beheerste BBQ-hitte en gebruik directe hitte alleen kort voor kleur of aflakken wanneer het recept dat vraagt; voorkom dat suikerrijke glaze verbrandt.
- Tip van Jan: Controleer de botzijde. Zit er nog een taai membraan, trek dat weg; niet elk ribstuk heeft het nog.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Kerntemperatuur & eindcontrole
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Echte ribbereiding met stabiele indirecte hitte en lak pas aan het einde.
Ingrediënten
- ca. 1 kg spareribs
- 3 el sojasaus
- 2 el honing
- 1 el rijstazijn
- 20 g gember
- 2 tenen knoflook
- 1 tl sesamolie
- 2 bosuien
Bereiding
- 01Stap 1
Meng soja, honing, rijstazijn, geraspte gember, knoflook en sesamolie.
- 02Stap 2
Bestrijk de ribs dun en leg ze afgedekt in een ovenschaal; houd een schoon deel van de marinade apart voor de afwerking.
- 03Stap 3
Gaar circa 2,5 uur op 150 °C tot ze mals zijn.
- 04Stap 4
Verhoog de oven naar 220 °C en bestrijk met de apart gehouden marinade.
- 05Stap 5
Laat 10–15 minuten karamelliseren zonder te verbranden.
- 06Stap 6
Werk af met bosui en serveer.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Gaar ribs rustig in de oven en beoordeel zowel malsheid als gaarheid; een vaste tijd alleen is onvoldoende.
- Tip van Jan: Laat ribs enkele minuten staan zodat lak en sappen zich zetten, maar serveer ze nog goed warm.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Kerntemperatuur & eindcontrole
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Volledig andere Aziatische smaakrichting met zachte ovenbereiding.
Ingrediënten
- ca. 1 kg spareribs
- 2 el bruine suiker
- 2 el grof gemalen zwarte peper
- 1 el zout
- 1 el paprikapoeder
- 200 ml appelsap
- appelhout
Bereiding
- 01Stap 1
Verwijder het vlies en meng suiker, peper, zout en paprika tot rub.
- 02Stap 2
Bestrooi de ribs gelijkmatig en laat 15 minuten staan terwijl de smoker stabiliseert.
- 03Stap 3
Rook op 110–120 °C met een milde hoeveelheid appelhout.
- 04Stap 4
Spray na het eerste uur af en toe licht met appelsap.
- 05Stap 5
Gaar tot een prikker vrijwel zonder weerstand tussen de botten glijdt.
- 06Stap 6
Laat 10 minuten rusten en snijd.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Tip van Jan: Donkere lak betekent niet automatisch dat ribs mals zijn. Controleer de buiging en weerstand tussen de botten.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Kerntemperatuur & eindcontrole
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Rook en peper bepalen het profiel; saus is niet nodig.

Spareribs rauw per 2 vers
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- ca. 1 kg spareribs
- 2 el mosterd
- 3 el BBQ-rub
- 150 ml appelsap
- 150 ml BBQ-saus
- 1 el appelazijn
Bereiding
- 01Stap 1
Verwijder indien nodig het vlies aan de botzijde. Smeer dun in met mosterd en verdeel de rub gelijkmatig.
- 02Stap 2
Maak de barbecue gereed voor 120–130 °C indirecte hitte.
- 03Stap 3
Gaar de ribs langzaam met gesloten deksel en bevochtig het oppervlak pas na het eerste uur licht met appelsap.
- 04Stap 4
Controleer op malsheid: de botjes komen iets vrij en een prikker gaat gemakkelijk tussen de botten.
- 05Stap 5
Lak pas in de laatste 20–30 minuten dun met BBQ-saus gemengd met appelazijn.
- 06Stap 6
Laat 10 minuten rusten en snijd tussen de botten.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Werk bij rauwe ribs hoofdzakelijk met indirecte, beheerste BBQ-hitte en gebruik directe hitte alleen kort voor kleur of aflakken wanneer het recept dat vraagt; voorkom dat suikerrijke glaze verbrandt.
- Tip van Jan: Controleer de botzijde. Zit er nog een taai membraan, trek dat weg; niet elk ribstuk heeft het nog.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Kerntemperatuur & eindcontrole
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Echte ribbereiding met stabiele indirecte hitte en lak pas aan het einde.
Ingrediënten
- ca. 1 kg spareribs
- 3 el sojasaus
- 2 el honing
- 1 el rijstazijn
- 20 g gember
- 2 tenen knoflook
- 1 tl sesamolie
- 2 bosuien
Bereiding
- 01Stap 1
Meng soja, honing, rijstazijn, geraspte gember, knoflook en sesamolie.
- 02Stap 2
Bestrijk de ribs dun en leg ze afgedekt in een ovenschaal; houd een schoon deel van de marinade apart voor de afwerking.
- 03Stap 3
Gaar circa 2,5 uur op 150 °C tot ze mals zijn.
- 04Stap 4
Verhoog de oven naar 220 °C en bestrijk met de apart gehouden marinade.
- 05Stap 5
Laat 10–15 minuten karamelliseren zonder te verbranden.
- 06Stap 6
Werk af met bosui en serveer.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Gaar ribs rustig in de oven en beoordeel zowel malsheid als gaarheid; een vaste tijd alleen is onvoldoende.
- Tip van Jan: Laat ribs enkele minuten staan zodat lak en sappen zich zetten, maar serveer ze nog goed warm.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Kerntemperatuur & eindcontrole
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Volledig andere Aziatische smaakrichting met zachte ovenbereiding.
Ingrediënten
- ca. 1 kg spareribs
- 2 el bruine suiker
- 2 el grof gemalen zwarte peper
- 1 el zout
- 1 el paprikapoeder
- 200 ml appelsap
- appelhout
Bereiding
- 01Stap 1
Verwijder het vlies en meng suiker, peper, zout en paprika tot rub.
- 02Stap 2
Bestrooi de ribs gelijkmatig en laat 15 minuten staan terwijl de smoker stabiliseert.
- 03Stap 3
Rook op 110–120 °C met een milde hoeveelheid appelhout.
- 04Stap 4
Spray na het eerste uur af en toe licht met appelsap.
- 05Stap 5
Gaar tot een prikker vrijwel zonder weerstand tussen de botten glijdt.
- 06Stap 6
Laat 10 minuten rusten en snijd.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Tip van Jan: Donkere lak betekent niet automatisch dat ribs mals zijn. Controleer de buiging en weerstand tussen de botten.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Kerntemperatuur & eindcontrole
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Rook en peper bepalen het profiel; saus is niet nodig.

Spareribs sousvide gegaard
2 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- ca. 1 kg spareribs
- 120 ml BBQ-saus
- 1 el honing
- 1 el appelazijn
- 1 tl gerookt paprikapoeder
- 2 bosuien
- 1 el sesam
Bereiding
- 01Stap 1
Verwarm de reeds gegaarde spareribs 20 minuten afgedekt in een oven van 160 °C, zodat ze overal goed warm worden zonder uit te drogen.
- 02Stap 2
Meng BBQ-saus, honing, azijn en paprikapoeder.
- 03Stap 3
Bestrijk de warme ribs dun met de lak.
- 04Stap 4
Zet 8–10 minuten onder een hete grill of in een oven van 220 °C en lak nog eenmaal halverwege.
- 05Stap 5
Laat 5 minuten staan zodat de lak zich zet.
- 06Stap 6
Werk af met bosui en sesam en serveer.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Dit product is al gegaard. Verwarm het rustig door en voeg een lak of glaze pas toe op het moment dat het recept dat aangeeft.
- Warm in de oven gelijkmatig door en lak richting het einde wanneer het recept dat vraagt; voorkom uitdrogen.
- Tip van Jan: BBQ-saus met suiker pas laat lakken zodat hij glanst en karamelliseert zonder zwart te worden.
- Volg voor het opwarmen de temperatuur- en bereidingsinformatie die bij het product staat.
Volg voor opwarmen, bewaren en serveren de aanwijzingen bij het product.
Kerntemperatuur & eindcontrole
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Reeds gegaarde ribs krijgen alleen een korte hete afwerking; niet opnieuw urenlang garen.
Ingrediënten
- ca. 1 kg spareribs
- 3 el sojasaus
- 2 el honing
- 1 el rijstazijn
- 1 tl sesamolie
- 1 komkommer
- 2 bosuien
- 1 tl sesam
Bereiding
- 01Stap 1
Verwarm de reeds gegaarde spareribs 20 minuten afgedekt in een oven van 160 °C.
- 02Stap 2
Meng soja, honing, rijstazijn en sesamolie tot lak.
- 03Stap 3
Snijd komkommer dun en meng met een scheutje rijstazijn.
- 04Stap 4
Lak de ribs en grill 5–8 minuten tot de buitenkant glanst en karamelliseert.
- 05Stap 5
Snijd tussen de botten en werk af met bosui en sesam.
- 06Stap 6
Serveer met de frisse komkommersalade.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Dit product is al gegaard. Verwarm het rustig door en voeg een lak of glaze pas toe op het moment dat het recept dat aangeeft.
- Warm indirect of op beheerste BBQ-hitte door en lak pas richting het einde; zo krijgt de glaze kleur zonder te verbranden.
- Tip van Jan: BBQ-saus met suiker pas laat lakken zodat hij glanst en karamelliseert zonder zwart te worden.
- Volg voor het opwarmen de temperatuur- en bereidingsinformatie die bij het product staat.
Volg voor opwarmen, bewaren en serveren de aanwijzingen bij het product.
Kerntemperatuur & eindcontrole
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Snelle Aziatische afwerking met fris-zure salade.

Spekfakkels
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- 8 Spekfakkels
- 200 ml pindasaus
- 1 komkommer
- 2 el rijstazijn
- 1 tl suiker
- 2 bosuien
- 30 g gebakken uitjes
- 300 g rijst
Bereiding
- 01Stap 1
Kook de rijst en houd warm.
- 02Stap 2
Snijd de komkommer dun en meng met rijstazijn en suiker; laat 15 minuten staan.
- 03Stap 3
Maak de barbecue gereed voor middelhoge directe hitte.
- 04Stap 4
Grill de Spekfakkels rondom tot goed gekleurd en 63–65 °C in het dikste deel; laat daarna minimaal 3 minuten rusten. Gaar tot 63–65 °C in het dikste deel; laat daarna minimaal 3 minuten rusten en voorkom uitdrogen.
- 05Stap 5
Verwarm de pindasaus rustig zonder hard te koken.
- 06Stap 6
Serveer de spiesen met rijst, komkommer, pindasaus, bosui en gebakken uitjes.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng naturel vlees vlak voor de bereiding gelijkmatig op smaak met zout. Volg een langere zout- of dry-brinefase alleen wanneer het recept dat bewust voorschrijft.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Gebruik directe hitte voor een mooie korst. Dikke stukken kun je daarna indirect verder laten garen; dunne steaks of kleine delen blijven vooral boven directe hitte. Controleer de gaarheid in het dikste deel.
- Tip van Jan: Kleur varkenshaas rondom en laat een dik stuk daarna rustiger doorgaren.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een complete saté-achtige maaltijd waarin de spies echt de hoofdrol houdt.
Ingrediënten
- 8 Spekfakkels
- 4 flatbreads
- 2 rode paprika's
- 1 rode ui
- 150 g Griekse yoghurt
- 1 teen knoflook
- 1 el citroensap
- 1 bosje peterselie
Bereiding
- 01Stap 1
Rooster paprika en ui op grill of in een hete pan tot ze zacht en donker aan de rand zijn.
- 02Stap 2
Meng yoghurt met knoflook, citroensap en peterselie.
- 03Stap 3
Grill de Spekfakkels gelijkmatig en draai geregeld. Gaar tot 63–65 °C in het dikste deel; laat daarna minimaal 3 minuten rusten en voorkom uitdrogen.
- 04Stap 4
Verwarm de flatbreads kort op de grill.
- 05Stap 5
Snijd de geroosterde groente in repen.
- 06Stap 6
Serveer de spiesen met flatbread, groente en knoflookyoghurt.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng naturel vlees vlak voor de bereiding gelijkmatig op smaak met zout. Volg een langere zout- of dry-brinefase alleen wanneer het recept dat bewust voorschrijft.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Gebruik directe hitte voor een mooie korst. Dikke stukken kun je daarna indirect verder laten garen; dunne steaks of kleine delen blijven vooral boven directe hitte. Controleer de gaarheid in het dikste deel.
- Tip van Jan: Gelijke dikte betekent gelijke garing; dat voorkomt dat de helft al droog is.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een frisse, mediterrane spiesmaaltijd met warm brood.
Ingrediënten
- 8 Spekfakkels
- 250 g noedels
- 2 stronken paksoi
- 3 bosuien
- 1 limoen
- 2 el sojasaus
- 1 tl sesamolie
- 1 el sesam
Bereiding
- 01Stap 1
Kook de noedels en spoel kort af.
- 02Stap 2
Roerbak paksoi en bosui op hoog vuur zodat ze knapperig blijven.
- 03Stap 3
Grill of bak de Spekfakkels tot mooi gekleurd en 63–65 °C in het dikste deel; laat daarna minimaal 3 minuten rusten. Gaar tot 63–65 °C in het dikste deel; laat daarna minimaal 3 minuten rusten en voorkom uitdrogen.
- 04Stap 4
Meng limoensap, sojasaus en sesamolie tot dressing.
- 05Stap 5
Schep noedels en paksoi door de dressing.
- 06Stap 6
Serveer de spiesen erop en bestrooi met sesam.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng naturel vlees vlak voor de bereiding gelijkmatig op smaak met zout. Volg een langere zout- of dry-brinefase alleen wanneer het recept dat bewust voorschrijft.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Gebruik directe hitte voor een mooie korst. Dikke stukken kun je daarna indirect verder laten garen; dunne steaks of kleine delen blijven vooral boven directe hitte. Controleer de gaarheid in het dikste deel.
- Tip van Jan: Glazuren met honing of suiker pas later aanbrengen zodat ze karamelliseren in plaats van verbranden.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een lichte Aziatische toepassing met frisse dressing en korte groentegaring.

Speklappen gekruid
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- ca. 700 g speklappen
- 1 bos platte peterselie
- 2 tenen knoflook
- 1 kleine rode peper
- 2 el rodewijnazijn
- 80 ml olijfolie
- 1 tl gedroogde oregano
- zout
Bereiding
- 01Stap 1
Hak peterselie, knoflook en rode peper fijn en meng met azijn, olijfolie, oregano en zout. Laat de chimichurri minimaal 15 minuten staan.
- 02Stap 2
Maak de barbecue gereed met een hete directe zone en een rustigere indirecte zone.
- 03Stap 3
Grill de speklappen boven directe hitte rondom stevig aan voor een donkere korst zonder te verbranden.
- 04Stap 4
Verplaats de speklappen zo nodig naar indirecte hitte en gaar tot 63–65 °C in het dikste deel; laat daarna minimaal 3 minuten rusten.
- 05Stap 5
Laat 8–10 minuten rusten, losjes afgedekt.
- 06Stap 6
Laat 5–8 minuten rusten en snijd pas daarna aan; serveer als hele portie of in gelijkmatige plakken.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Laat de aanwezige marinade of kruiding op het product zitten en volg die smaak als uitgangspunt. Dep een gemarineerd product niet droog alsof het naturel vlees is.
- Dit product is al gekruid of gemarineerd. Voeg geen tweede rub, marinade of automatische extra zoutlaag toe; zo blijft de bedoelde smaak in balans.
- Gebruik directe hitte voor een mooie korst. Dikke stukken kun je daarna indirect verder laten garen; dunne steaks of kleine delen blijven vooral boven directe hitte. Controleer de gaarheid in het dikste deel.
- Tip van Jan: Een dikke karbonade wordt mooier als de korst eerst ontstaat en de kern daarna rustiger gaart.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Fris, kruidig en uitgesproken zonder de speklappen onder een zware saus te verstoppen.
Ingrediënten
- ca. 700 g speklappen
- 250 g kastanjechampignons
- 1 sjalot
- 1 el groene peperkorrels
- 150 ml kookroom
- 150 ml fond
- 1 el olie
- 20 g boter
Bereiding
- 01Stap 1
Snijd de champignons in kwarten en bak ze op hoog vuur in een droge pan tot ze kleur krijgen; voeg pas daarna een klein klontje boter toe en houd warm.
- 02Stap 2
Bak de speklappen in een zeer hete pan rondom bruin en gaar tot 63–65 °C in het dikste deel; laat daarna minimaal 3 minuten rusten.
- 03Stap 3
Laat de speklappen rusten terwijl u de saus maakt.
- 04Stap 4
Fruit sjalot en groene peperkorrels kort in dezelfde pan, voeg fond toe en kook tot ongeveer de helft in.
- 05Stap 5
Voeg room toe en laat rustig binden; proef voordat u extra zout toevoegt.
- 06Stap 6
Snijd de speklappen en serveer met de paddenstoelen en een kleine lepel pepersaus.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een restaurantklassieker met romige saus en geroosterde paddenstoelen.
Ingrediënten
- ca. 700 g speklappen
- 2 stronken paksoi
- 2 lente-uien
- 2 el sojasaus
- 1 el rijstazijn
- 1 tl sesamolie
- 1 tl honing
- 1 el neutrale olie
- 1 tl geroosterde sesam
Bereiding
- 01Stap 1
Snijd de speklappen alleen als het deelstuk dat toelaat in dunne plakken dwars op de draad; laat dikke steaks juist heel en snijd pas na het garen.
- 02Stap 2
Meng sojasaus, rijstazijn, sesamolie en honing tot een snelle jus.
- 03Stap 3
Bak de speklappen zeer heet en kort zodat het vlees kleurt zonder uit te drogen; gaar verder tot 63–65 °C in het dikste deel; laat daarna minimaal 3 minuten rusten.
- 04Stap 4
Roerbak paksoi en lente-ui 2–3 minuten zodat ze fris en knapperig blijven.
- 05Stap 5
Voeg de sojajus kort toe en laat slechts enkele seconden bruisen.
- 06Stap 6
Serveer de speklappen met paksoi en bestrooi met sesam.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Laat de aanwezige marinade of kruiding op het product zitten en volg die smaak als uitgangspunt. Dep een gemarineerd product niet droog alsof het naturel vlees is.
- Dit product is al gekruid of gemarineerd. Voeg geen tweede rub, marinade of automatische extra zoutlaag toe; zo blijft de bedoelde smaak in balans.
- Verhit de pan eerst goed en gebruik waar nodig slechts een dun laagje hittebestendig bakvet. Geef het vlees ruimte en bouw een duidelijke korst op zonder voortdurend te schuiven; verlaag daarna de hitte wanneer het stuk nog moet doorgaren.
- Tip van Jan: Pas rusttijd aan het product aan. Een heel stuk profiteert; krokant gepaneerd vlees serveert u juist direct.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een moderne, lichtere bereiding met veel umami en korte garing.

Speklappen gourmet
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- ca. 700 g speklappen
- 250 g kastanjechampignons
- 1 sjalot
- 1 el groene peperkorrels
- 150 ml kookroom
- 150 ml fond
- 1 el olie
- 20 g boter
Bereiding
- 01Stap 1
Snijd de champignons in kwarten en bak ze op hoog vuur in een droge pan tot ze kleur krijgen; voeg pas daarna een klein klontje boter toe en houd warm.
- 02Stap 2
Bak de speklappen in een zeer hete pan rondom bruin en gaar tot 63–65 °C in het dikste deel; laat daarna minimaal 3 minuten rusten.
- 03Stap 3
Laat de speklappen rusten terwijl u de saus maakt.
- 04Stap 4
Fruit sjalot en groene peperkorrels kort in dezelfde pan, voeg fond toe en kook tot ongeveer de helft in.
- 05Stap 5
Voeg room toe en laat rustig binden; proef voordat u extra zout toevoegt.
- 06Stap 6
Snijd de speklappen en serveer met de paddenstoelen en een kleine lepel pepersaus.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Gebruik het zout uit het recept doelgericht op het vlees en verdeel het gelijkmatig. Voeg geen extra zout toe buiten de receptuur zonder eerst de totale kruiding te beoordelen.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Verhit de pan eerst goed en gebruik waar nodig slechts een dun laagje hittebestendig bakvet. Geef het vlees ruimte en bouw een duidelijke korst op zonder voortdurend te schuiven; verlaag daarna de hitte wanneer het stuk nog moet doorgaren.
- Voeg boter en aromaten uit het recept pas na de eerste korstfase toe en lepel het schuimende bakvet kort over het vlees; zo blijven de aromaten frisser en verbranden ze minder snel.
- Tip van Jan: Kleur varkenshaas rondom en laat een dik stuk daarna rustiger doorgaren.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een restaurantklassieker met romige saus en geroosterde paddenstoelen.
Ingrediënten
- ca. 700 g speklappen
- 2 stronken paksoi
- 2 lente-uien
- 2 el sojasaus
- 1 el rijstazijn
- 1 tl sesamolie
- 1 tl honing
- 1 el neutrale olie
- 1 tl geroosterde sesam
Bereiding
- 01Stap 1
Snijd de speklappen alleen als het deelstuk dat toelaat in dunne plakken dwars op de draad; laat dikke steaks juist heel en snijd pas na het garen.
- 02Stap 2
Meng sojasaus, rijstazijn, sesamolie en honing tot een snelle jus.
- 03Stap 3
Bak de speklappen zeer heet en kort zodat het vlees kleurt zonder uit te drogen; gaar verder tot 63–65 °C in het dikste deel; laat daarna minimaal 3 minuten rusten.
- 04Stap 4
Roerbak paksoi en lente-ui 2–3 minuten zodat ze fris en knapperig blijven.
- 05Stap 5
Voeg de sojajus kort toe en laat slechts enkele seconden bruisen.
- 06Stap 6
Serveer de speklappen met paksoi en bestrooi met sesam.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng naturel vlees vlak voor de bereiding gelijkmatig op smaak met zout. Volg een langere zout- of dry-brinefase alleen wanneer het recept dat bewust voorschrijft.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Verhit de pan eerst goed en gebruik waar nodig slechts een dun laagje hittebestendig bakvet. Geef het vlees ruimte en bouw een duidelijke korst op zonder voortdurend te schuiven; verlaag daarna de hitte wanneer het stuk nog moet doorgaren.
- Tip van Jan: Pas rusttijd aan het product aan. Een heel stuk profiteert; krokant gepaneerd vlees serveert u juist direct.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een moderne, lichtere bereiding met veel umami en korte garing.
Ingrediënten
- ca. 700 g speklappen
- 300 g cherrytomaten
- 1 bos peterselie
- 2 el kappertjes
- 1 el Dijonmosterd
- 2 el wittewijnazijn
- 70 ml olijfolie
- 1 teen knoflook
Bereiding
- 01Stap 1
Rooster de tomaten 15 minuten op 200 °C tot ze openbarsten.
- 02Stap 2
Hak peterselie, kappertjes en knoflook en meng met mosterd, azijn en olijfolie tot salsa verde.
- 03Stap 3
Grill de speklappen op hoge hitte voor duidelijke grillstrepen en kleur.
- 04Stap 4
Gaar verder tot 63–65 °C in het dikste deel; laat daarna minimaal 3 minuten rusten. Laat 5–8 minuten rusten.
- 05Stap 5
Laat 5–8 minuten rusten en snijd pas daarna aan; serveer als hele portie of in gelijkmatige plakken.
- 06Stap 6
Serveer met geroosterde tomaat en salsa verde aan tafel.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng naturel vlees vlak voor de bereiding gelijkmatig op smaak met zout. Volg een langere zout- of dry-brinefase alleen wanneer het recept dat bewust voorschrijft.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Gebruik directe hitte voor een mooie korst. Dikke stukken kun je daarna indirect verder laten garen; dunne steaks of kleine delen blijven vooral boven directe hitte. Controleer de gaarheid in het dikste deel.
- Tip van Jan: Kleur varkenshaas rondom en laat een dik stuk daarna rustiger doorgaren.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Fris en hartig; de salsa wordt na het garen toegevoegd en blijft daardoor levendig.

Speklappen naturel
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- ca. 700 g speklappen
- 300 g cherrytomaten
- 1 bos peterselie
- 2 el kappertjes
- 1 el Dijonmosterd
- 2 el wittewijnazijn
- 70 ml olijfolie
- 1 teen knoflook
Bereiding
- 01Stap 1
Rooster de tomaten 15 minuten op 200 °C tot ze openbarsten.
- 02Stap 2
Hak peterselie, kappertjes en knoflook en meng met mosterd, azijn en olijfolie tot salsa verde.
- 03Stap 3
Grill de speklappen op hoge hitte voor duidelijke grillstrepen en kleur.
- 04Stap 4
Gaar verder tot 63–65 °C in het dikste deel; laat daarna minimaal 3 minuten rusten. Laat 5–8 minuten rusten.
- 05Stap 5
Laat 5–8 minuten rusten en snijd pas daarna aan; serveer als hele portie of in gelijkmatige plakken.
- 06Stap 6
Serveer met geroosterde tomaat en salsa verde aan tafel.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng naturel vlees vlak voor de bereiding gelijkmatig op smaak met zout. Volg een langere zout- of dry-brinefase alleen wanneer het recept dat bewust voorschrijft.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Gebruik directe hitte voor een mooie korst. Dikke stukken kun je daarna indirect verder laten garen; dunne steaks of kleine delen blijven vooral boven directe hitte. Controleer de gaarheid in het dikste deel.
- Tip van Jan: Kleur varkenshaas rondom en laat een dik stuk daarna rustiger doorgaren.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Fris en hartig; de salsa wordt na het garen toegevoegd en blijft daardoor levendig.
Ingrediënten
- ca. 700 g speklappen
- 700 g krieltjes
- 2 sjalotten
- 150 ml rode wijn
- 200 ml runder- of kalfsfond
- 30 g koude boter
- 1 el neutrale olie
- zout en zwarte peper
Bereiding
- 01Stap 1
Laat de speklappen 20–30 minuten temperen. Is het oppervlak zichtbaar vochtig, dep dan alleen dat vocht weg; verder is geen voorbehandeling nodig.
- 02Stap 2
Rooster de krieltjes in een oven van 210 °C in 30–35 minuten goudbruin en gaar.
- 03Stap 3
Verhit een zware koekenpan zeer heet, voeg olie toe en bak de speklappen rondom krachtig aan. Gaar verder tot 63–65 °C in het dikste deel; laat daarna minimaal 3 minuten rusten.
- 04Stap 4
Neem de speklappen uit de pan en laat 8–10 minuten rusten. Fruit intussen de sjalot in dezelfde pan.
- 05Stap 5
Blus met rode wijn, laat tot ongeveer de helft inkoken, voeg fond toe en reduceer tot sausdikte. Klop van het vuur af de koude boter erdoor.
- 06Stap 6
Snijd de speklappen dwars op de draad waar dat voor dit deelstuk relevant is en serveer met de jus en krieltjes.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Gebruik het zout uit het recept doelgericht op het vlees en verdeel het gelijkmatig. Voeg geen extra zout toe buiten de receptuur zonder eerst de totale kruiding te beoordelen.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Verhit de pan eerst goed en gebruik waar nodig slechts een dun laagje hittebestendig bakvet. Geef het vlees ruimte en bouw een duidelijke korst op zonder voortdurend te schuiven; verlaag daarna de hitte wanneer het stuk nog moet doorgaren.
- Voeg boter en aromaten uit het recept pas na de eerste korstfase toe en lepel het schuimende bakvet kort over het vlees; zo blijven de aromaten frisser en verbranden ze minder snel.
- Tip van Jan: Pas rusttijd aan het product aan. Een heel stuk profiteert; krokant gepaneerd vlees serveert u juist direct.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een klassieke bistrobereiding waarin de smaak van speklappen centraal blijft.
Ingrediënten
- ca. 700 g speklappen
- 1 bos platte peterselie
- 2 tenen knoflook
- 1 kleine rode peper
- 2 el rodewijnazijn
- 80 ml olijfolie
- 1 tl gedroogde oregano
- zout
Bereiding
- 01Stap 1
Hak peterselie, knoflook en rode peper fijn en meng met azijn, olijfolie, oregano en zout. Laat de chimichurri minimaal 15 minuten staan.
- 02Stap 2
Maak de barbecue gereed met een hete directe zone en een rustigere indirecte zone.
- 03Stap 3
Grill de speklappen boven directe hitte rondom stevig aan voor een donkere korst zonder te verbranden.
- 04Stap 4
Verplaats de speklappen zo nodig naar indirecte hitte en gaar tot 63–65 °C in het dikste deel; laat daarna minimaal 3 minuten rusten.
- 05Stap 5
Laat 8–10 minuten rusten, losjes afgedekt.
- 06Stap 6
Laat 5–8 minuten rusten en snijd pas daarna aan; serveer als hele portie of in gelijkmatige plakken.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Gebruik het zout uit het recept doelgericht op het vlees en verdeel het gelijkmatig. Voeg geen extra zout toe buiten de receptuur zonder eerst de totale kruiding te beoordelen.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Gebruik directe hitte voor een mooie korst. Dikke stukken kun je daarna indirect verder laten garen; dunne steaks of kleine delen blijven vooral boven directe hitte. Controleer de gaarheid in het dikste deel.
- Tip van Jan: Een dikke karbonade wordt mooier als de korst eerst ontstaat en de kern daarna rustiger gaart.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Fris, kruidig en uitgesproken zonder de speklappen onder een zware saus te verstoppen.

Spekblokjes vers
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- 500 g spekblokjes
- 300 g gekookte en afgekoelde rijst
- 2 eieren
- 2 stronken paksoi
- 3 bosuien
- 2 el sojasaus
- 1 tl sambal
- 1 el neutrale olie
- 1 tl sesamolie
Bereiding
- 01Stap 1
Kruid pas vlak voor het bakken, zodat het vlees niet onnodig vocht verliest.
- 02Stap 2
Klop de eieren los en bak ze in de wok tot grove stukjes; schep uit de wok.
- 03Stap 3
Bak het vlees zeer heet in porties en houd apart.
- 04Stap 4
Roerbak paksoi en bosui kort, voeg de koude rijst toe en bak tot de korrels los en heet zijn.
- 05Stap 5
Voeg soja, sambal en sesamolie toe en schep ei en vlees terug.
- 06Stap 6
Bak nog 1 minuut op hoog vuur en serveer.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Laat het eigen vet rustig uitbakken. Extra bakvet is meestal niet nodig; verhoog de hitte pas later wanneer je meer kleur wilt.
- Voeg niet automatisch extra zout, rub of marinade toe. De smaak die al in het product zit is het uitgangspunt.
- Begin met beheerste panhitte en laat het eigen vet geleidelijk uitrenderen. Verhoog pas later de hitte voor kleur; extra olie is meestal niet nodig.
- Tip van Jan: Snijd vlees zo laat mogelijk. Zo blijft het warmer en verliest het minder vocht.
- Gebruik de temperatuur- en bereidingsinformatie bij het product als laatste controle voor het serveren.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Gebakken rijst werkt juist goed met kleine vleesdelen en benut hoge wokhitte.
Ingrediënten
- 500 g spekblokjes
- 2 paprika's
- 4 bosuien
- 1 rode ui
- 2 el sojasaus
- 1 el oestersaus
- 1 tl bruine suiker
- 1 tl grove zwarte peper
- 1 el neutrale olie
- 300 g rijst
Bereiding
- 01Stap 1
Kruid pas vlak voor het bakken, zodat het vlees niet onnodig vocht verliest.
- 02Stap 2
Kook de rijst volgens de verpakking en houd warm.
- 03Stap 3
Verhit een wok tot zeer heet en bak het vlees in twee korte porties; schep uit de wok zodra het goed kleurt.
- 04Stap 4
Roerbak paprika en rode ui 3 minuten, voeg bosui toe en zet het vuur hoog.
- 05Stap 5
Meng soja, oestersaus, suiker en peper, voeg toe en laat kort bruisen. Schep het vlees terug en warm hooguit 1 minuut mee.
- 06Stap 6
Serveer direct met de rijst.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Laat het eigen vet rustig uitbakken. Extra bakvet is meestal niet nodig; verhoog de hitte pas later wanneer je meer kleur wilt.
- Voeg niet automatisch extra zout, rub of marinade toe. De smaak die al in het product zit is het uitgangspunt.
- Begin met beheerste panhitte en laat het eigen vet geleidelijk uitrenderen. Verhoog pas later de hitte voor kleur; extra olie is meestal niet nodig.
- Tip van Jan: Meet in het dikste deel en niet tegen bot, vetlaag of pan. Zo stuurt u op garing in plaats van op minuten.
- Gebruik de temperatuur- en bereidingsinformatie bij het product als laatste controle voor het serveren.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een snelle wokbereiding met echte hitte en bite, geen stoofpot in een volle pan.
Ingrediënten
- 500 g spekblokjes
- 250 g eiernoedels
- 300 g broccoli
- 20 g verse gember
- 2 tenen knoflook
- 2 el sojasaus
- 1 el rijstazijn
- 1 tl sesamolie
- 1 el neutrale olie
Bereiding
- 01Stap 1
Kruid pas vlak voor het bakken, zodat het vlees niet onnodig vocht verliest.
- 02Stap 2
Kook de noedels kort en spoel ze af; blancheer de broccoli 2 minuten en laat goed uitlekken.
- 03Stap 3
Bak het vlees op hoog vuur in porties en houd apart.
- 04Stap 4
Roerbak gember en knoflook 20 seconden, voeg broccoli toe en laat licht kleuren.
- 05Stap 5
Voeg noedels, sojasaus, rijstazijn en sesamolie toe en schep op hoog vuur om.
- 06Stap 6
Voeg het vlees pas op het einde terug zodat het sappig blijft en serveer meteen.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Laat het eigen vet rustig uitbakken. Extra bakvet is meestal niet nodig; verhoog de hitte pas later wanneer je meer kleur wilt.
- Voeg niet automatisch extra zout, rub of marinade toe. De smaak die al in het product zit is het uitgangspunt.
- Begin met beheerste panhitte en laat het eigen vet geleidelijk uitrenderen. Verhoog pas later de hitte voor kleur; extra olie is meestal niet nodig.
- Tip van Jan: Snijd vlees zo laat mogelijk. Zo blijft het warmer en verliest het minder vocht.
- Gebruik de temperatuur- en bereidingsinformatie bij het product als laatste controle voor het serveren.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een complete doordeweekse wokmaaltijd met heldere smaken en korte garing.

Sperzieboontjes in Spek (3 stuks)
2 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- 6 Sperzieboontjes in Spek ()
- 2 rode uien
- 1 el balsamico
- 1 el honing
- 1 el olie
- zwarte peper
Bereiding
- 01Stap 1
Verwarm de oven voor op 200 °C.
- 02Stap 2
Snijd de uien in parten en meng met balsamico, honing en olie.
- 03Stap 3
Rooster de uien 15 minuten.
- 04Stap 4
Leg de Sperzieboontjes in Spek () erbij en bak alleen zolang nodig om het spek te kleuren en de boontjes warm te maken.
- 05Stap 5
Draai eenmaal voorzichtig zodat de bundeltjes heel blijven.
- 06Stap 6
Serveer als bijgerecht bij een roast of feestelijk diner.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng naturel vlees vlak voor de bereiding gelijkmatig op smaak met zout. Volg een langere zout- of dry-brinefase alleen wanneer het recept dat bewust voorschrijft.
- Gebruik de oven voor beheerst doorgaren. Wanneer het recept eerst een korst vraagt, schroei het vlees vooraf kort aan; bepaal het eindpunt op kern en niet uitsluitend op oventijd.
- Tip van Jan: Snijd vlees zo laat mogelijk. Zo blijft het warmer en verliest het minder vocht.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een samengesteld bijgerecht krijgt korte afwerking, geen lange vleesbereiding.
Ingrediënten
- 6 Sperzieboontjes in Spek ()
- 1 el mosterd
- 1 el honing
- 1 tl appelazijn
- zwarte peper
- 1 tl olie
Bereiding
- 01Stap 1
Meng mosterd, honing en appelazijn.
- 02Stap 2
Verwarm de airfryer voor op 180 °C.
- 03Stap 3
Leg de Sperzieboontjes in Spek () zonder overlap in het mandje en bak tot het spek kleur krijgt en het geheel door en door heet is.
- 04Stap 4
Bestrijk pas de laatste 3 minuten dun met de mosterd-honingglans zodat die niet verbrandt.
- 05Stap 5
Controleer één bundeltje in het midden op warmte.
- 06Stap 6
Serveer direct.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Airfryer is hier logisch voor een krokante speklaag rond groente.

Streaky Bacon
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- 200 g streaky bacon
- 320 g spaghetti
- 3 eidooiers
- 1 heel ei
- 80 g Pecorino
- 1 tl grof gemalen zwarte peper
- zout
Bereiding
- 01Stap 1
Snijd de streaky bacon in kleine stukjes en bak rustig uit tot het vet helder is en de randjes krokant zijn.
- 02Stap 2
Kook de spaghetti beetgaar en bewaar 150 ml kookwater.
- 03Stap 3
Klop eidooiers, heel ei, Pecorino en zwarte peper los.
- 04Stap 4
Meng de hete uitgelekte pasta met het spek en neem de pan van het vuur.
- 05Stap 5
Roer het eimengsel erdoor en voeg beetje bij beetje kookwater toe tot een romige saus ontstaat; laat het ei niet stollen.
- 06Stap 6
Serveer direct met extra Pecorino.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Dit product is al bereid en kan koud worden geserveerd of kort worden afgewerkt. Verwarm het alleen zo lang als nodig is voor de gekozen bereiding.
- Voeg niet automatisch extra zout, rub of marinade toe. De smaak die al in het product zit is het uitgangspunt.
- Werk het reeds bereide product kort in de pan af voor warmte of kleur; houd de verhitting kort zodat structuur en sappigheid behouden blijven.
- Tip van Jan: Buikspek vraagt vaak twee doelen: eerst rustig mals garen, daarna het oppervlak krachtig krokant maken.
- Gebruik de temperatuur- en bereidingsinformatie bij het product als laatste controle voor het serveren.
Volg voor opwarmen, bewaren en serveren de aanwijzingen bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een toepassing waarin het gerookte/zoute karakter van het product de saus draagt.
Ingrediënten
- 200 g streaky bacon
- 700 g krieltjes
- 1 friszure appel
- 2 lente-uien
- 1 el grove mosterd
- 2 el yoghurt
- 1 el appelazijn
- 1 el olie
Bereiding
- 01Stap 1
Halveer de krieltjes en rooster 30 minuten op 210 °C tot krokant.
- 02Stap 2
Bak de streaky bacon krokant en laat op keukenpapier uitlekken.
- 03Stap 3
Meng mosterd, yoghurt en appelazijn tot dressing.
- 04Stap 4
Snijd appel en lente-ui fijn.
- 05Stap 5
Schep warme krieltjes om met dressing, appel en lente-ui.
- 06Stap 6
Strooi het krokante spek er pas op het einde over zodat het knapperig blijft.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Dit product is al bereid en kan koud worden geserveerd of kort worden afgewerkt. Verwarm het alleen zo lang als nodig is voor de gekozen bereiding.
- Voeg niet automatisch extra zout, rub of marinade toe. De smaak die al in het product zit is het uitgangspunt.
- Warm of werk het reeds bereide product kort in de oven af; voorkom langdurig doorgaren en uitdrogen.
- Tip van Jan: Voor krokant zwoerd is een droge bovenkant essentieel. Houd saus en vocht tijdens het garen weg van het zwoerd.
- Gebruik de temperatuur- en bereidingsinformatie bij het product als laatste controle voor het serveren.
Volg voor opwarmen, bewaren en serveren de aanwijzingen bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Warm-koude aardappelsalade met zuur en fris fruit als tegengewicht voor spek.
Ingrediënten
- 180 g streaky bacon
- 4 flatbreads
- 2 uien
- 150 g crème fraîche
- 80 g geraspte kaas
- 1 appel
- 1 tl tijm
- 1 el olie
Bereiding
- 01Stap 1
Bak de uien langzaam goudbruin in een beetje olie.
- 02Stap 2
Leg de flatbreads op een bakplaat en bestrijk dun met crème fraîche.
- 03Stap 3
Verdeel ui en dunne plakjes streaky bacon over de flatbreads.
- 04Stap 4
Voeg dunne appelpartjes en kaas toe.
- 05Stap 5
Bak 8–10 minuten op 220 °C tot de randen krokant zijn.
- 06Stap 6
Werk af met slechts een beetje tijm omdat dat hier bewust bij ui en appel past.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Dit product is al bereid en kan koud worden geserveerd of kort worden afgewerkt. Verwarm het alleen zo lang als nodig is voor de gekozen bereiding.
- Voeg niet automatisch extra zout, rub of marinade toe. De smaak die al in het product zit is het uitgangspunt.
- Warm of werk het reeds bereide product kort in de oven af; voorkom langdurig doorgaren en uitdrogen.
- Tip van Jan: Voor krokant zwoerd is een droge bovenkant essentieel. Houd saus en vocht tijdens het garen weg van het zwoerd.
- Gebruik de temperatuur- en bereidingsinformatie bij het product als laatste controle voor het serveren.
Volg voor opwarmen, bewaren en serveren de aanwijzingen bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Tijm is hier een bewuste smaakcombinatie in een flatbread, niet een standaard vleeskruid.

Tunnelham ambachtelijk
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- 150 g achterham
- 1 ciabatta
- 250 g cherrytomaten
- 1 bol burrata
- 2 el olijfolie
- 1 el balsamico
- basilicum
- zwarte peper
Bereiding
- 01Stap 1
Rooster de tomaten 15 minuten op 200 °C met een beetje olijfolie.
- 02Stap 2
Snijd de ciabatta in plakken en rooster goudbruin.
- 03Stap 3
Verdeel burrata over de warme crostini.
- 04Stap 4
Leg de achterham losjes erop zodat de structuur zichtbaar blijft.
- 05Stap 5
Schep geroosterde tomaat erop en druppel balsamico erover.
- 06Stap 6
Werk af met basilicum en zwarte peper en serveer direct.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Dit product is al klaar om koud te serveren. Verwarm of bak het alleen wanneer de bereidingswijze bij dit product dat uitdrukkelijk aangeeft.
- Tip van Jan: Snijd vlees zo laat mogelijk. Zo blijft het warmer en verliest het minder vocht.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een borrelhap waarin charcuterie niet wordt weggegaard maar als kwaliteitsproduct wordt geserveerd.
Ingrediënten
- 150 g achterham
- 1 venkelknol
- 2 sinaasappels
- 60 g rucola
- 40 g Parmezaan
- 2 el olijfolie
- 1 el wittewijnazijn
- zwarte peper
Bereiding
- 01Stap 1
Schaaf de venkel zeer dun en leg 10 minuten in ijswater voor extra knapperigheid.
- 02Stap 2
Snijd de schil van de sinaasappels en snijd de partjes tussen de vliezen uit.
- 03Stap 3
Meng olijfolie en azijn tot een eenvoudige dressing.
- 04Stap 4
Laat de venkel goed uitlekken en meng met rucola en sinaasappel.
- 05Stap 5
Verdeel de achterham losjes over de salade.
- 06Stap 6
Schaaf Parmezaan erover en werk af met zwarte peper.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Dit product is al klaar om koud te serveren. Verwarm of bak het alleen wanneer de bereidingswijze bij dit product dat uitdrukkelijk aangeeft.
- Tip van Jan: Meet in het dikste deel en niet tegen bot, vetlaag of pan. Zo stuurt u op garing in plaats van op minuten.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Frisse, bittere en zilte smaken maken een lichte lunch of voorgerecht.
Ingrediënten
- 150 g achterham
- 2 pizzabodems
- 200 g mozzarella
- 100 g crème fraîche
- 40 g Parmezaan
- 60 g rucola
- 1 el olijfolie
Bereiding
- 01Stap 1
Verwarm de oven zo heet mogelijk, bij voorkeur 240–250 °C.
- 02Stap 2
Bestrijk de pizzabodems dun met crème fraîche en verdeel mozzarella en Parmezaan erover.
- 03Stap 3
Bak de pizza's tot de bodem krokant en de kaas gesmolten is.
- 04Stap 4
Leg de achterham pas na het bakken op de hete pizza zodat de delicate structuur behouden blijft.
- 05Stap 5
Voeg rucola toe en druppel olijfolie erover.
- 06Stap 6
Snijd direct en serveer.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Dit product is al klaar om koud te serveren. Verwarm of bak het alleen wanneer de bereidingswijze bij dit product dat uitdrukkelijk aangeeft.
- Tip van Jan: Snijd vlees zo laat mogelijk. Zo blijft het warmer en verliest het minder vocht.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
De charcuterie gaat pas na de oven op de pizza en blijft daardoor zacht en aromatisch.

Varkens shaslick tray 9 stuks
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- 8 Varkens shaslick
- 200 ml pindasaus
- 1 komkommer
- 2 el rijstazijn
- 1 tl suiker
- 2 bosuien
- 30 g gebakken uitjes
- 300 g rijst
Bereiding
- 01Stap 1
Kook de rijst en houd warm.
- 02Stap 2
Snijd de komkommer dun en meng met rijstazijn en suiker; laat 15 minuten staan.
- 03Stap 3
Maak de barbecue gereed voor middelhoge directe hitte.
- 04Stap 4
Grill de Varkens shaslick rondom tot goed gekleurd en 63–65 °C in het dikste deel; laat daarna minimaal 3 minuten rusten. Gaar tot 63–65 °C in het dikste deel; laat daarna minimaal 3 minuten rusten en voorkom uitdrogen.
- 05Stap 5
Verwarm de pindasaus rustig zonder hard te koken.
- 06Stap 6
Serveer de spiesen met rijst, komkommer, pindasaus, bosui en gebakken uitjes.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng naturel vlees vlak voor de bereiding gelijkmatig op smaak met zout. Volg een langere zout- of dry-brinefase alleen wanneer het recept dat bewust voorschrijft.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Gebruik directe hitte voor een mooie korst. Dikke stukken kun je daarna indirect verder laten garen; dunne steaks of kleine delen blijven vooral boven directe hitte. Controleer de gaarheid in het dikste deel.
- Tip van Jan: Zodra de veilige kern is bereikt, van de hitte af. Extra minuten maken borstfilet vooral droger.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een complete saté-achtige maaltijd waarin de spies echt de hoofdrol houdt.
Ingrediënten
- 8 Varkens shaslick
- 4 flatbreads
- 2 rode paprika's
- 1 rode ui
- 150 g Griekse yoghurt
- 1 teen knoflook
- 1 el citroensap
- 1 bosje peterselie
Bereiding
- 01Stap 1
Rooster paprika en ui op grill of in een hete pan tot ze zacht en donker aan de rand zijn.
- 02Stap 2
Meng yoghurt met knoflook, citroensap en peterselie.
- 03Stap 3
Grill de Varkens shaslick gelijkmatig en draai geregeld. Gaar tot 63–65 °C in het dikste deel; laat daarna minimaal 3 minuten rusten en voorkom uitdrogen.
- 04Stap 4
Verwarm de flatbreads kort op de grill.
- 05Stap 5
Snijd de geroosterde groente in repen.
- 06Stap 6
Serveer de spiesen met flatbread, groente en knoflookyoghurt.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng naturel vlees vlak voor de bereiding gelijkmatig op smaak met zout. Volg een langere zout- of dry-brinefase alleen wanneer het recept dat bewust voorschrijft.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Gebruik directe hitte voor een mooie korst. Dikke stukken kun je daarna indirect verder laten garen; dunne steaks of kleine delen blijven vooral boven directe hitte. Controleer de gaarheid in het dikste deel.
- Tip van Jan: Trancheer kipfilet schuin en dwars op de vezel voor een zachtere beet.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een frisse, mediterrane spiesmaaltijd met warm brood.
Ingrediënten
- 8 Varkens shaslick
- 250 g noedels
- 2 stronken paksoi
- 3 bosuien
- 1 limoen
- 2 el sojasaus
- 1 tl sesamolie
- 1 el sesam
Bereiding
- 01Stap 1
Kook de noedels en spoel kort af.
- 02Stap 2
Roerbak paksoi en bosui op hoog vuur zodat ze knapperig blijven.
- 03Stap 3
Grill of bak de Varkens shaslick tot mooi gekleurd en 63–65 °C in het dikste deel; laat daarna minimaal 3 minuten rusten. Gaar tot 63–65 °C in het dikste deel; laat daarna minimaal 3 minuten rusten en voorkom uitdrogen.
- 04Stap 4
Meng limoensap, sojasaus en sesamolie tot dressing.
- 05Stap 5
Schep noedels en paksoi door de dressing.
- 06Stap 6
Serveer de spiesen erop en bestrooi met sesam.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng naturel vlees vlak voor de bereiding gelijkmatig op smaak met zout. Volg een langere zout- of dry-brinefase alleen wanneer het recept dat bewust voorschrijft.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Gebruik directe hitte voor een mooie korst. Dikke stukken kun je daarna indirect verder laten garen; dunne steaks of kleine delen blijven vooral boven directe hitte. Controleer de gaarheid in het dikste deel.
- Tip van Jan: Gebruik een kernthermometer en meet in het dikste deel. Vermijd contact met bot.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een lichte Aziatische toepassing met frisse dressing en korte groentegaring.

Varkensbovenbil
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- ca. 1,2 kg Varkensbovenbil
- 600 g wortels
- 4 sjalotten
- 250 ml bouillon
- 100 ml rode wijn
- 2 el olie
- 30 g boter
- peper en zout
Bereiding
- 01Stap 1
Verwarm de oven voor op 180 °C en rooster de wortels met een beetje olie.
- 02Stap 2
Bak de Varkensbovenbil rondom aan in een braadpan; leg daarna in een ovenschaal.
- 03Stap 3
Gaar in de oven tot 63–65 °C in het dikste deel; laat daarna minimaal 3 minuten rusten; gebruik tijd alleen als richtlijn.
- 04Stap 4
Laat het vlees 15 minuten rusten voordat u snijdt.
- 05Stap 5
Fruit sjalotten in de braadpan, blus met wijn en bouillon en kook tot jusdikte in.
- 06Stap 6
Monteer met boter en serveer met de geroosterde wortel.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Gebruik het zout uit het recept doelgericht op het vlees en verdeel het gelijkmatig. Voeg geen extra zout toe buiten de receptuur zonder eerst de totale kruiding te beoordelen.
- Gebruik de oven voor beheerst doorgaren. Wanneer het recept eerst een korst vraagt, schroei het vlees vooraf kort aan; bepaal het eindpunt op kern en niet uitsluitend op oventijd.
- Tip van Jan: Kies eerst de juiste techniek voor het product en pas daarna kruiden en saus aan. Een goed stuk vlees heeft meestal minder nodig dan u denkt.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een klassieke braadbereiding met kerntemperatuur als leidende controle.
Ingrediënten
- ca. 1,2 kg Varkensbovenbil
- 1 bos peterselie
- 2 el kappertjes
- 1 teen knoflook
- 1 el Dijonmosterd
- 2 el wittewijnazijn
- 70 ml olijfolie
Bereiding
- 01Stap 1
Maak de barbecue gereed met een indirecte zone rond 160–180 °C.
- 02Stap 2
Hak peterselie, kappertjes en knoflook en meng met mosterd, azijn en olijfolie.
- 03Stap 3
Gaar de Varkensbovenbil indirect met gesloten deksel tot 63–65 °C in het dikste deel; laat daarna minimaal 3 minuten rusten bijna is bereikt.
- 04Stap 4
Geef het vlees daarna kort kleur boven directe hitte.
- 05Stap 5
Laat 15 minuten rusten.
- 06Stap 6
Laat 10–15 minuten rusten en snijd daarna in gelijkmatige plakken.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng naturel vlees vlak voor de bereiding gelijkmatig op smaak met zout. Volg een langere zout- of dry-brinefase alleen wanneer het recept dat bewust voorschrijft.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Gebruik directe hitte voor een mooie korst. Dikke stukken kun je daarna indirect verder laten garen; dunne steaks of kleine delen blijven vooral boven directe hitte. Controleer de gaarheid in het dikste deel.
- Tip van Jan: Een directe en indirecte zone geeft controle: kleuren waar het heet is, rustig doorgaren waar het minder heet is.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Barbecuebereiding met gecontroleerde indirecte hitte en een frisse saus aan tafel.
Ingrediënten
- ca. 1,2 kg Varkensbovenbil
- 1 knolselderij
- 500 g aardappelen
- 250 g paddenstoelen
- 250 ml bouillon
- 100 ml room
- 30 g boter
- peper en zout
Bereiding
- 01Stap 1
Kook knolselderij en aardappel samen gaar en pureer met room en een deel van de boter.
- 02Stap 2
Bak de paddenstoelen op hoog vuur bruin en houd apart.
- 03Stap 3
Gaar de Varkensbovenbil in oven of braadpan tot 63–65 °C in het dikste deel; laat daarna minimaal 3 minuten rusten en laat daarna rusten.
- 04Stap 4
Deglaceer de braadpan met bouillon en kook in tot een krachtige jus.
- 05Stap 5
Snijd het vlees pas na rust en controleer de snijrichting.
- 06Stap 6
Serveer met puree, paddenstoelen en jus.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Gebruik het zout uit het recept doelgericht op het vlees en verdeel het gelijkmatig. Voeg geen extra zout toe buiten de receptuur zonder eerst de totale kruiding te beoordelen.
- Gebruik de oven voor beheerst doorgaren. Wanneer het recept eerst een korst vraagt, schroei het vlees vooraf kort aan; bepaal het eindpunt op kern en niet uitsluitend op oventijd.
- Tip van Jan: Snijd vlees zo laat mogelijk. Zo blijft het warmer en verliest het minder vocht.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een stevig restaurantbord met aardse smaken en correcte rusttijd.

Varkensfilet
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- ca. 1,2 kg Varkensfilet
- 600 g wortels
- 4 sjalotten
- 250 ml bouillon
- 100 ml rode wijn
- 2 el olie
- 30 g boter
- peper en zout
Bereiding
- 01Stap 1
Verwarm de oven voor op 180 °C en rooster de wortels met een beetje olie.
- 02Stap 2
Bak de Varkensfilet rondom aan in een braadpan; leg daarna in een ovenschaal.
- 03Stap 3
Gaar in de oven tot 63–65 °C in het dikste deel; laat daarna minimaal 3 minuten rusten; gebruik tijd alleen als richtlijn.
- 04Stap 4
Laat het vlees 15 minuten rusten voordat u snijdt.
- 05Stap 5
Fruit sjalotten in de braadpan, blus met wijn en bouillon en kook tot jusdikte in.
- 06Stap 6
Monteer met boter en serveer met de geroosterde wortel.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Gebruik het zout uit het recept doelgericht op het vlees en verdeel het gelijkmatig. Voeg geen extra zout toe buiten de receptuur zonder eerst de totale kruiding te beoordelen.
- Gebruik de oven voor beheerst doorgaren. Wanneer het recept eerst een korst vraagt, schroei het vlees vooraf kort aan; bepaal het eindpunt op kern en niet uitsluitend op oventijd.
- Tip van Jan: Kies eerst de juiste techniek voor het product en pas daarna kruiden en saus aan. Een goed stuk vlees heeft meestal minder nodig dan u denkt.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een klassieke braadbereiding met kerntemperatuur als leidende controle.
Ingrediënten
- ca. 1,2 kg Varkensfilet
- 1 bos peterselie
- 2 el kappertjes
- 1 teen knoflook
- 1 el Dijonmosterd
- 2 el wittewijnazijn
- 70 ml olijfolie
Bereiding
- 01Stap 1
Maak de barbecue gereed met een indirecte zone rond 160–180 °C.
- 02Stap 2
Hak peterselie, kappertjes en knoflook en meng met mosterd, azijn en olijfolie.
- 03Stap 3
Gaar de Varkensfilet indirect met gesloten deksel tot 63–65 °C in het dikste deel; laat daarna minimaal 3 minuten rusten bijna is bereikt.
- 04Stap 4
Geef het vlees daarna kort kleur boven directe hitte.
- 05Stap 5
Laat 15 minuten rusten.
- 06Stap 6
Laat het vlees rusten en snijd het daarna in gelijkmatige plakken.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng naturel vlees vlak voor de bereiding gelijkmatig op smaak met zout. Volg een langere zout- of dry-brinefase alleen wanneer het recept dat bewust voorschrijft.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Gebruik directe hitte voor een mooie korst. Dikke stukken kun je daarna indirect verder laten garen; dunne steaks of kleine delen blijven vooral boven directe hitte. Controleer de gaarheid in het dikste deel.
- Tip van Jan: Een directe en indirecte zone geeft controle: kleuren waar het heet is, rustig doorgaren waar het minder heet is.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Barbecuebereiding met gecontroleerde indirecte hitte en een frisse saus aan tafel.
Ingrediënten
- ca. 1,2 kg Varkensfilet
- 1 knolselderij
- 500 g aardappelen
- 250 g paddenstoelen
- 250 ml bouillon
- 100 ml room
- 30 g boter
- peper en zout
Bereiding
- 01Stap 1
Kook knolselderij en aardappel samen gaar en pureer met room en een deel van de boter.
- 02Stap 2
Bak de paddenstoelen op hoog vuur bruin en houd apart.
- 03Stap 3
Gaar de Varkensfilet in oven of braadpan tot 63–65 °C in het dikste deel; laat daarna minimaal 3 minuten rusten en laat daarna rusten.
- 04Stap 4
Deglaceer de braadpan met bouillon en kook in tot een krachtige jus.
- 05Stap 5
Snijd het vlees pas na rust en controleer de snijrichting.
- 06Stap 6
Serveer met puree, paddenstoelen en jus.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Gebruik het zout uit het recept doelgericht op het vlees en verdeel het gelijkmatig. Voeg geen extra zout toe buiten de receptuur zonder eerst de totale kruiding te beoordelen.
- Gebruik de oven voor beheerst doorgaren. Wanneer het recept eerst een korst vraagt, schroei het vlees vooraf kort aan; bepaal het eindpunt op kern en niet uitsluitend op oventijd.
- Tip van Jan: Snijd vlees zo laat mogelijk. Zo blijft het warmer en verliest het minder vocht.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een stevig restaurantbord met aardse smaken en correcte rusttijd.

Varkensfiletlap
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- ca. 700 g Varkensfiletlap
- 2 stronken paksoi
- 2 lente-uien
- 2 el sojasaus
- 1 el rijstazijn
- 1 tl sesamolie
- 1 tl honing
- 1 el neutrale olie
- 1 tl geroosterde sesam
Bereiding
- 01Stap 1
Snijd de Varkensfiletlap alleen als het deelstuk dat toelaat in dunne plakken dwars op de draad; laat dikke steaks juist heel en snijd pas na het garen.
- 02Stap 2
Meng sojasaus, rijstazijn, sesamolie en honing tot een snelle jus.
- 03Stap 3
Bak de Varkensfiletlap zeer heet en kort zodat het vlees kleurt zonder uit te drogen; gaar verder tot 63–65 °C in het dikste deel; laat daarna minimaal 3 minuten rusten.
- 04Stap 4
Roerbak paksoi en lente-ui 2–3 minuten zodat ze fris en knapperig blijven.
- 05Stap 5
Voeg de sojajus kort toe en laat slechts enkele seconden bruisen.
- 06Stap 6
Serveer de Varkensfiletlap met paksoi en bestrooi met sesam.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng naturel vlees op smaak met zout en zwarte peper, óf gebruik Jans Biefstuk Kruidenmix als smaakvol alternatief. Kies één van beide en voorkom dubbele kruiding.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Verhit de pan eerst goed en gebruik waar nodig slechts een dun laagje hittebestendig bakvet. Geef het vlees ruimte en bouw een duidelijke korst op zonder voortdurend te schuiven; verlaag daarna de hitte wanneer het stuk nog moet doorgaren.
- Tip van Jan: Pas rusttijd aan het product aan. Een heel stuk profiteert; krokant gepaneerd vlees serveert u juist direct.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een moderne, lichtere bereiding met veel umami en korte garing.
Ingrediënten
- ca. 700 g Varkensfiletlap
- 300 g cherrytomaten
- 1 bos peterselie
- 2 el kappertjes
- 1 el Dijonmosterd
- 2 el wittewijnazijn
- 70 ml olijfolie
- 1 teen knoflook
Bereiding
- 01Stap 1
Rooster de tomaten 15 minuten op 200 °C tot ze openbarsten.
- 02Stap 2
Hak peterselie, kappertjes en knoflook en meng met mosterd, azijn en olijfolie tot salsa verde.
- 03Stap 3
Grill de Varkensfiletlap op hoge hitte voor duidelijke grillstrepen en kleur.
- 04Stap 4
Gaar verder tot 63–65 °C in het dikste deel; laat daarna minimaal 3 minuten rusten. Laat 5–8 minuten rusten.
- 05Stap 5
Laat het vlees rusten en snijd het daarna in gelijkmatige plakken.
- 06Stap 6
Serveer met geroosterde tomaat en salsa verde aan tafel.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng naturel vlees op smaak met zout en zwarte peper, óf gebruik Jans Biefstuk Kruidenmix als smaakvol alternatief. Kies één van beide en voorkom dubbele kruiding.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Gebruik directe hitte voor een mooie korst. Dikke stukken kun je daarna indirect verder laten garen; dunne steaks of kleine delen blijven vooral boven directe hitte. Controleer de gaarheid in het dikste deel.
- Tip van Jan: Stuur op de juiste kerntemperatuur en haal het vlees op tijd van de hittebron. Overgaren maakt malse delen snel droog.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Fris en hartig; de salsa wordt na het garen toegevoegd en blijft daardoor levendig.
Ingrediënten
- ca. 700 g Varkensfiletlap
- 700 g krieltjes
- 2 sjalotten
- 150 ml rode wijn
- 200 ml runder- of kalfsfond
- 30 g koude boter
- 1 el neutrale olie
- zout en zwarte peper
Bereiding
- 01Stap 1
Laat de Varkensfiletlap 20–30 minuten temperen. Is het oppervlak zichtbaar vochtig, dep dan alleen dat vocht weg; verder is geen voorbehandeling nodig.
- 02Stap 2
Rooster de krieltjes in een oven van 210 °C in 30–35 minuten goudbruin en gaar.
- 03Stap 3
Verhit een zware koekenpan zeer heet, voeg olie toe en bak de Varkensfiletlap rondom krachtig aan. Gaar verder tot 63–65 °C in het dikste deel; laat daarna minimaal 3 minuten rusten.
- 04Stap 4
Neem de Varkensfiletlap uit de pan en laat 8–10 minuten rusten. Fruit intussen de sjalot in dezelfde pan.
- 05Stap 5
Blus met rode wijn, laat tot ongeveer de helft inkoken, voeg fond toe en reduceer tot sausdikte. Klop van het vuur af de koude boter erdoor.
- 06Stap 6
Snijd de Varkensfiletlap dwars op de draad waar dat voor dit deelstuk relevant is en serveer met de jus en krieltjes.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng het vlees vlak voor de bereiding op smaak met zout en zwarte peper. Voor een vollere, kruidige smaak kun je in plaats daarvan Jans Biefstuk Kruidenmix gebruiken. Kies één van beide; zo blijft de kruiding mooi in balans.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Verhit de pan eerst goed en gebruik waar nodig slechts een dun laagje hittebestendig bakvet. Geef het vlees ruimte en bouw een duidelijke korst op zonder voortdurend te schuiven; verlaag daarna de hitte wanneer het stuk nog moet doorgaren.
- Voeg boter en aromaten uit het recept pas na de eerste korstfase toe en lepel het schuimende bakvet kort over het vlees; zo blijven de aromaten frisser en verbranden ze minder snel.
- Tip van Jan: Pas rusttijd aan het product aan. Een heel stuk profiteert; krokant gepaneerd vlees serveert u juist direct.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een klassieke bistrobereiding waarin de smaak van Varkensfiletlap centraal blijft.

Varkensfiletrollade Vers
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- ca. 1,2 kg rollade
- 600 g wortels
- 4 sjalotten
- 250 ml bouillon
- 100 ml rode wijn
- 2 el olie
- 30 g boter
- peper en zout
Bereiding
- 01Stap 1
Verwarm de oven voor op 180 °C en rooster de wortels met een beetje olie.
- 02Stap 2
Bak de rollade rondom aan in een braadpan; leg daarna in een ovenschaal.
- 03Stap 3
Gaar in de oven tot 63–65 °C in het dikste deel; laat daarna minimaal 3 minuten rusten; gebruik tijd alleen als richtlijn.
- 04Stap 4
Laat het vlees 15 minuten rusten voordat u snijdt.
- 05Stap 5
Fruit sjalotten in de braadpan, blus met wijn en bouillon en kook tot jusdikte in.
- 06Stap 6
Monteer met boter en serveer met de geroosterde wortel.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Gebruik het zout uit het recept doelgericht op het vlees en verdeel het gelijkmatig. Voeg geen extra zout toe buiten de receptuur zonder eerst de totale kruiding te beoordelen.
- Gebruik de oven voor beheerst doorgaren. Wanneer het recept eerst een korst vraagt, schroei het vlees vooraf kort aan; bepaal het eindpunt op kern en niet uitsluitend op oventijd.
- Tip van Jan: Kies eerst de juiste techniek voor het product en pas daarna kruiden en saus aan. Een goed stuk vlees heeft meestal minder nodig dan u denkt.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een klassieke braadbereiding met kerntemperatuur als leidende controle.
Ingrediënten
- ca. 1,2 kg rollade
- 1 bos peterselie
- 2 el kappertjes
- 1 teen knoflook
- 1 el Dijonmosterd
- 2 el wittewijnazijn
- 70 ml olijfolie
Bereiding
- 01Stap 1
Maak de barbecue gereed met een indirecte zone rond 160–180 °C.
- 02Stap 2
Hak peterselie, kappertjes en knoflook en meng met mosterd, azijn en olijfolie.
- 03Stap 3
Gaar de rollade indirect met gesloten deksel tot 63–65 °C in het dikste deel; laat daarna minimaal 3 minuten rusten bijna is bereikt.
- 04Stap 4
Geef het vlees daarna kort kleur boven directe hitte.
- 05Stap 5
Laat 15 minuten rusten.
- 06Stap 6
Laat het vlees rusten en snijd het daarna in gelijkmatige plakken.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng naturel vlees vlak voor de bereiding gelijkmatig op smaak met zout. Volg een langere zout- of dry-brinefase alleen wanneer het recept dat bewust voorschrijft.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Gebruik directe hitte voor een mooie korst. Dikke stukken kun je daarna indirect verder laten garen; dunne steaks of kleine delen blijven vooral boven directe hitte. Controleer de gaarheid in het dikste deel.
- Tip van Jan: Een directe en indirecte zone geeft controle: kleuren waar het heet is, rustig doorgaren waar het minder heet is.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Barbecuebereiding met gecontroleerde indirecte hitte en een frisse saus aan tafel.
Ingrediënten
- ca. 1,2 kg rollade
- 1 knolselderij
- 500 g aardappelen
- 250 g paddenstoelen
- 250 ml bouillon
- 100 ml room
- 30 g boter
- peper en zout
Bereiding
- 01Stap 1
Kook knolselderij en aardappel samen gaar en pureer met room en een deel van de boter.
- 02Stap 2
Bak de paddenstoelen op hoog vuur bruin en houd apart.
- 03Stap 3
Gaar de rollade in oven of braadpan tot 63–65 °C in het dikste deel; laat daarna minimaal 3 minuten rusten en laat daarna rusten.
- 04Stap 4
Deglaceer de braadpan met bouillon en kook in tot een krachtige jus.
- 05Stap 5
Snijd het vlees pas na rust en controleer de snijrichting.
- 06Stap 6
Serveer met puree, paddenstoelen en jus.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Gebruik het zout uit het recept doelgericht op het vlees en verdeel het gelijkmatig. Voeg geen extra zout toe buiten de receptuur zonder eerst de totale kruiding te beoordelen.
- Gebruik de oven voor beheerst doorgaren. Wanneer het recept eerst een korst vraagt, schroei het vlees vooraf kort aan; bepaal het eindpunt op kern en niet uitsluitend op oventijd.
- Tip van Jan: Snijd vlees zo laat mogelijk. Zo blijft het warmer en verliest het minder vocht.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een stevig restaurantbord met aardse smaken en correcte rusttijd.

Varkensgehakt
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- 500 g varkensgehakt
- 8 kleine tortilla's
- 1 rode paprika
- 1 gele paprika
- 1 ui
- 1 tl gemalen komijn
- 1 tl gerookt paprikapoeder
- 2 tomaten
- 1 limoen
- 100 g zure room
Bereiding
- 01Stap 1
Rooster paprika en ui in een droge, hete pan tot ze duidelijke kleur krijgen.
- 02Stap 2
Bak het gehakt rul op hoog vuur en laat vrijkomend vocht eerst verdampen voordat u komijn en paprikapoeder toevoegt.
- 03Stap 3
Meng tomaat met limoensap en een snuf zout tot snelle salsa.
- 04Stap 4
Verwarm de tortilla's kort in een droge pan.
- 05Stap 5
Vul met gehakt, geroosterde groente, salsa en zure room.
- 06Stap 6
Gaar het gehakt volledig; bij gehakt is een rosé steakgaring niet de bedoeling.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Bouw eerst een mooie korst op en druk een burger tijdens het bakken of grillen niet plat; zo blijft meer sap in het vlees. Controleer de gaarheid in het dikste deel.
- Tip van Jan: Laat gehaktballen eerst kleur krijgen voordat ze verder garen in jus of saus.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een totaal andere toepassing dan gehaktbal: fris, kruidig en aan tafel op te bouwen.
Ingrediënten
- 500 g varkensgehakt
- 1 ui
- 1 wortel
- 1 stengel bleekselderij
- 2 tenen knoflook
- 150 ml rode wijn
- 800 g tomaten uit blik
- 2 el olijfolie
- 300 g pasta
Bereiding
- 01Stap 1
Snijd ui, wortel en bleekselderij zeer fijn en fruit 8–10 minuten zacht in olijfolie.
- 02Stap 2
Voeg het gehakt toe en bak op hoger vuur goed bruin; roer niet voortdurend zodat er echt braadkleur ontstaat.
- 03Stap 3
Voeg knoflook toe, blus met rode wijn en laat bijna volledig inkoken.
- 04Stap 4
Voeg tomaat toe en laat 35–45 minuten zacht pruttelen tot een rijke saus.
- 05Stap 5
Kook de pasta beetgaar en meng met voldoende saus zodat de pasta wordt omhuld.
- 06Stap 6
Gaar het gehakt volledig; bij gehakt is een rosé steakgaring niet de bedoeling.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Bouw eerst een mooie korst op en druk een burger tijdens het bakken of grillen niet plat; zo blijft meer sap in het vlees. Controleer de gaarheid in het dikste deel.
- Tip van Jan: Gehakt heeft door het malen een ander voedselveiligheidsprofiel dan een intacte steak. Volg de productspecifieke veilige kerntemperatuur.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een langzaam opgebouwde ragù waarin bruinen en inkoken voor diepte zorgen.
Ingrediënten
- 500 g varkensgehakt
- 4 grote paprika's
- 150 g rijst
- 1 ui
- 2 tenen knoflook
- 400 g tomatenblokjes
- 100 g feta
- 1 tl oregano
- 1 el olijfolie
Bereiding
- 01Stap 1
Kook de rijst 5 minuten korter dan op de verpakking staat.
- 02Stap 2
Halveer de paprika's en leg ze in een ovenschaal.
- 03Stap 3
Bak ui en gehakt rul, voeg knoflook, tomaat en oregano toe en laat 10 minuten inkoken.
- 04Stap 4
Meng de rijst door het gehaktmengsel en vul de paprika's. Verkruimel feta erover.
- 05Stap 5
Bak 25–30 minuten op 190 °C tot de paprika zacht is en de vulling door en door heet.
- 06Stap 6
Gaar het gehakt volledig; bij gehakt is een rosé steakgaring niet de bedoeling.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Bouw eerst een mooie korst op en druk een burger tijdens het bakken of grillen niet plat; zo blijft meer sap in het vlees. Controleer de gaarheid in het dikste deel.
- Tip van Jan: Gehakt heeft door het malen een ander voedselveiligheidsprofiel dan een intacte steak. Volg de productspecifieke veilige kerntemperatuur.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een complete ovenschotel met groente, graan en sappige gehaktvulling.

Varkenshaas medaillons bulk
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- ca. 700 g varkenshaas
- 2 stronken paksoi
- 2 lente-uien
- 2 el sojasaus
- 1 el rijstazijn
- 1 tl sesamolie
- 1 tl honing
- 1 el neutrale olie
- 1 tl geroosterde sesam
Bereiding
- 01Stap 1
Snijd de varkenshaas alleen als het deelstuk dat toelaat in dunne plakken dwars op de draad; laat dikke steaks juist heel en snijd pas na het garen.
- 02Stap 2
Meng sojasaus, rijstazijn, sesamolie en honing tot een snelle jus.
- 03Stap 3
Bak de varkenshaas zeer heet en kort zodat het vlees kleurt zonder uit te drogen; gaar verder tot 63–65 °C in het dikste deel; laat daarna minimaal 3 minuten rusten.
- 04Stap 4
Roerbak paksoi en lente-ui 2–3 minuten zodat ze fris en knapperig blijven.
- 05Stap 5
Voeg de sojajus kort toe en laat slechts enkele seconden bruisen.
- 06Stap 6
Serveer de varkenshaas met paksoi en bestrooi met sesam.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng naturel vlees op smaak met zout en zwarte peper, óf gebruik Jans Biefstuk Kruidenmix als smaakvol alternatief. Kies één van beide en voorkom dubbele kruiding.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Verhit de pan eerst goed en gebruik waar nodig slechts een dun laagje hittebestendig bakvet. Geef het vlees ruimte en bouw een duidelijke korst op zonder voortdurend te schuiven; verlaag daarna de hitte wanneer het stuk nog moet doorgaren.
- Tip van Jan: Dunne staartstukken zijn eerder klaar dan dikke middendelen; haal ze zo nodig eerder uit de pan.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Kerntemperatuur & eindcontrole
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een moderne, lichtere bereiding met veel umami en korte garing.
Ingrediënten
- ca. 700 g varkenshaas
- 300 g cherrytomaten
- 1 bos peterselie
- 2 el kappertjes
- 1 el Dijonmosterd
- 2 el wittewijnazijn
- 70 ml olijfolie
- 1 teen knoflook
Bereiding
- 01Stap 1
Rooster de tomaten 15 minuten op 200 °C tot ze openbarsten.
- 02Stap 2
Hak peterselie, kappertjes en knoflook en meng met mosterd, azijn en olijfolie tot salsa verde.
- 03Stap 3
Grill de varkenshaas op hoge hitte voor duidelijke grillstrepen en kleur.
- 04Stap 4
Gaar verder tot 63–65 °C in het dikste deel; laat daarna minimaal 3 minuten rusten. Laat 5–8 minuten rusten.
- 05Stap 5
Laat 5–8 minuten rusten en snijd pas daarna aan; serveer als hele portie of in gelijkmatige plakken.
- 06Stap 6
Serveer met geroosterde tomaat en salsa verde aan tafel.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng naturel vlees op smaak met zout en zwarte peper, óf gebruik Jans Biefstuk Kruidenmix als smaakvol alternatief. Kies één van beide en voorkom dubbele kruiding.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Gebruik directe hitte voor een mooie korst. Dikke stukken kun je daarna indirect verder laten garen; dunne steaks of kleine delen blijven vooral boven directe hitte. Controleer de gaarheid in het dikste deel.
- Tip van Jan: Vis koelt een pan snel af. Bak porties met ruimte ertussen voor kleur in plaats van stoom.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Kerntemperatuur & eindcontrole
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Fris en hartig; de salsa wordt na het garen toegevoegd en blijft daardoor levendig.
Ingrediënten
- ca. 700 g varkenshaas
- 700 g krieltjes
- 2 sjalotten
- 150 ml rode wijn
- 200 ml runder- of kalfsfond
- 30 g koude boter
- 1 el neutrale olie
- zout en zwarte peper
Bereiding
- 01Stap 1
Laat de varkenshaas 20–30 minuten temperen. Is het oppervlak zichtbaar vochtig, dep dan alleen dat vocht weg; verder is geen voorbehandeling nodig.
- 02Stap 2
Rooster de krieltjes in een oven van 210 °C in 30–35 minuten goudbruin en gaar.
- 03Stap 3
Verhit een zware koekenpan zeer heet, voeg olie toe en bak de varkenshaas rondom krachtig aan. Gaar verder tot 63–65 °C in het dikste deel; laat daarna minimaal 3 minuten rusten.
- 04Stap 4
Neem de varkenshaas uit de pan en laat 8–10 minuten rusten. Fruit intussen de sjalot in dezelfde pan.
- 05Stap 5
Blus met rode wijn, laat tot ongeveer de helft inkoken, voeg fond toe en reduceer tot sausdikte. Klop van het vuur af de koude boter erdoor.
- 06Stap 6
Snijd de varkenshaas dwars op de draad waar dat voor dit deelstuk relevant is en serveer met de jus en krieltjes.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng het vlees vlak voor de bereiding op smaak met zout en zwarte peper. Voor een vollere, kruidige smaak kun je in plaats daarvan Jans Biefstuk Kruidenmix gebruiken. Kies één van beide; zo blijft de kruiding mooi in balans.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Verhit de pan eerst goed en gebruik waar nodig slechts een dun laagje hittebestendig bakvet. Geef het vlees ruimte en bouw een duidelijke korst op zonder voortdurend te schuiven; verlaag daarna de hitte wanneer het stuk nog moet doorgaren.
- Voeg boter en aromaten uit het recept pas na de eerste korstfase toe en lepel het schuimende bakvet kort over het vlees; zo blijven de aromaten frisser en verbranden ze minder snel.
- Tip van Jan: Dunne staartstukken zijn eerder klaar dan dikke middendelen; haal ze zo nodig eerder uit de pan.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Kerntemperatuur & eindcontrole
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een klassieke bistrobereiding waarin de smaak van varkenshaas centraal blijft.

Varkenshaas saté spies tray 9 st.
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- 8 varkenshaas
- 200 ml pindasaus
- 1 komkommer
- 2 el rijstazijn
- 1 tl suiker
- 2 bosuien
- 30 g gebakken uitjes
- 300 g rijst
Bereiding
- 01Stap 1
Kook de rijst en houd warm.
- 02Stap 2
Snijd de komkommer dun en meng met rijstazijn en suiker; laat 15 minuten staan.
- 03Stap 3
Maak de barbecue gereed voor middelhoge directe hitte.
- 04Stap 4
Grill de varkenshaas rondom tot goed gekleurd en 63–65 °C in het dikste deel; laat daarna minimaal 3 minuten rusten. Gaar tot 63–65 °C in het dikste deel; laat daarna minimaal 3 minuten rusten en voorkom uitdrogen.
- 05Stap 5
Verwarm de pindasaus rustig zonder hard te koken.
- 06Stap 6
Serveer de spiesen met rijst, komkommer, pindasaus, bosui en gebakken uitjes.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Laat de aanwezige marinade of kruiding op het product zitten en volg die smaak als uitgangspunt. Dep een gemarineerd product niet droog alsof het naturel vlees is.
- Dit is daadwerkelijk een gespiesd product: houd de stukken compact op de spies en keer de spies tijdens het garen zodat alle zijden gelijkmatig hitte krijgen.
- Dit product heeft al een eigen kruiding of smaakopbouw. Voeg daarom niet automatisch extra rub, marinade of kruidenmix toe.
- Gaar saté boven directe, beheersbare hitte en keer regelmatig. Laat een zoete marinade niet verbranden en controleer het dikste stukje vlees voordat je serveert.
- Tip van Jan: Haal vis tijdig van de hitte; restwarmte kan de kern nog enkele graden laten stijgen.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Kerntemperatuur & eindcontrole
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een complete saté-achtige maaltijd waarin de spies echt de hoofdrol houdt.
Ingrediënten
- 8 varkenshaas
- 4 flatbreads
- 2 rode paprika's
- 1 rode ui
- 150 g Griekse yoghurt
- 1 teen knoflook
- 1 el citroensap
- 1 bosje peterselie
Bereiding
- 01Stap 1
Rooster paprika en ui op grill of in een hete pan tot ze zacht en donker aan de rand zijn.
- 02Stap 2
Meng yoghurt met knoflook, citroensap en peterselie.
- 03Stap 3
Grill de varkenshaas gelijkmatig en draai geregeld. Gaar tot 63–65 °C in het dikste deel; laat daarna minimaal 3 minuten rusten en voorkom uitdrogen.
- 04Stap 4
Verwarm de flatbreads kort op de grill.
- 05Stap 5
Snijd de geroosterde groente in repen.
- 06Stap 6
Serveer de spiesen met flatbread, groente en knoflookyoghurt.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Laat de aanwezige marinade of kruiding op het product zitten en volg die smaak als uitgangspunt. Dep een gemarineerd product niet droog alsof het naturel vlees is.
- Dit is daadwerkelijk een gespiesd product: houd de stukken compact op de spies en keer de spies tijdens het garen zodat alle zijden gelijkmatig hitte krijgen.
- Dit product heeft al een eigen kruiding of smaakopbouw. Voeg daarom niet automatisch extra rub, marinade of kruidenmix toe.
- Gaar saté boven directe, beheersbare hitte en keer regelmatig. Laat een zoete marinade niet verbranden en controleer het dikste stukje vlees voordat je serveert.
- Tip van Jan: Dunne staartstukken zijn eerder klaar dan dikke middendelen; haal ze zo nodig eerder uit de pan.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Kerntemperatuur & eindcontrole
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een frisse, mediterrane spiesmaaltijd met warm brood.
Ingrediënten
- 8 varkenshaas
- 250 g noedels
- 2 stronken paksoi
- 3 bosuien
- 1 limoen
- 2 el sojasaus
- 1 tl sesamolie
- 1 el sesam
Bereiding
- 01Stap 1
Kook de noedels en spoel kort af.
- 02Stap 2
Roerbak paksoi en bosui op hoog vuur zodat ze knapperig blijven.
- 03Stap 3
Grill of bak de varkenshaas tot mooi gekleurd en 63–65 °C in het dikste deel; laat daarna minimaal 3 minuten rusten. Gaar tot 63–65 °C in het dikste deel; laat daarna minimaal 3 minuten rusten en voorkom uitdrogen.
- 04Stap 4
Meng limoensap, sojasaus en sesamolie tot dressing.
- 05Stap 5
Schep noedels en paksoi door de dressing.
- 06Stap 6
Serveer de spiesen erop en bestrooi met sesam.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Laat de aanwezige marinade of kruiding op het product zitten en volg die smaak als uitgangspunt. Dep een gemarineerd product niet droog alsof het naturel vlees is.
- Dit is daadwerkelijk een gespiesd product: houd de stukken compact op de spies en keer de spies tijdens het garen zodat alle zijden gelijkmatig hitte krijgen.
- Dit product heeft al een eigen kruiding of smaakopbouw. Voeg daarom niet automatisch extra rub, marinade of kruidenmix toe.
- Gaar saté boven directe, beheersbare hitte en keer regelmatig. Laat een zoete marinade niet verbranden en controleer het dikste stukje vlees voordat je serveert.
- Tip van Jan: Wilt u krokante huid behouden, schep saus op het bord en leg de vis erop.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Kerntemperatuur & eindcontrole
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een lichte Aziatische toepassing met frisse dressing en korte groentegaring.

Varkenshaas Vers
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- ca. 700 g varkenshaas
- 700 g krieltjes
- 2 sjalotten
- 150 ml rode wijn
- 200 ml runder- of kalfsfond
- 30 g koude boter
- 1 el neutrale olie
- zout en zwarte peper
Bereiding
- 01Stap 1
Laat de varkenshaas 20–30 minuten temperen. Is het oppervlak zichtbaar vochtig, dep dan alleen dat vocht weg; verder is geen voorbehandeling nodig.
- 02Stap 2
Rooster de krieltjes in een oven van 210 °C in 30–35 minuten goudbruin en gaar.
- 03Stap 3
Verhit een zware koekenpan zeer heet, voeg olie toe en bak de varkenshaas rondom krachtig aan. Gaar verder tot 63–65 °C in het dikste deel; laat daarna minimaal 3 minuten rusten.
- 04Stap 4
Neem de varkenshaas uit de pan en laat 8–10 minuten rusten. Fruit intussen de sjalot in dezelfde pan.
- 05Stap 5
Blus met rode wijn, laat tot ongeveer de helft inkoken, voeg fond toe en reduceer tot sausdikte. Klop van het vuur af de koude boter erdoor.
- 06Stap 6
Snijd de varkenshaas dwars op de draad waar dat voor dit deelstuk relevant is en serveer met de jus en krieltjes.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng het vlees vlak voor de bereiding op smaak met zout en zwarte peper. Voor een vollere, kruidige smaak kun je in plaats daarvan Jans Biefstuk Kruidenmix gebruiken. Kies één van beide; zo blijft de kruiding mooi in balans.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Verhit de pan eerst goed en gebruik waar nodig slechts een dun laagje hittebestendig bakvet. Geef het vlees ruimte en bouw een duidelijke korst op zonder voortdurend te schuiven; verlaag daarna de hitte wanneer het stuk nog moet doorgaren.
- Voeg boter en aromaten uit het recept pas na de eerste korstfase toe en lepel het schuimende bakvet kort over het vlees; zo blijven de aromaten frisser en verbranden ze minder snel.
- Tip van Jan: Dunne staartstukken zijn eerder klaar dan dikke middendelen; haal ze zo nodig eerder uit de pan.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Kerntemperatuur & eindcontrole
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een klassieke bistrobereiding waarin de smaak van varkenshaas centraal blijft.
Ingrediënten
- ca. 700 g varkenshaas
- 1 bos platte peterselie
- 2 tenen knoflook
- 1 kleine rode peper
- 2 el rodewijnazijn
- 80 ml olijfolie
- 1 tl gedroogde oregano
- zout
Bereiding
- 01Stap 1
Hak peterselie, knoflook en rode peper fijn en meng met azijn, olijfolie, oregano en zout. Laat de chimichurri minimaal 15 minuten staan.
- 02Stap 2
Maak de barbecue gereed met een hete directe zone en een rustigere indirecte zone.
- 03Stap 3
Grill de varkenshaas boven directe hitte rondom stevig aan voor een donkere korst zonder te verbranden.
- 04Stap 4
Verplaats de varkenshaas zo nodig naar indirecte hitte en gaar tot 63–65 °C in het dikste deel; laat daarna minimaal 3 minuten rusten.
- 05Stap 5
Laat 8–10 minuten rusten, losjes afgedekt.
- 06Stap 6
Laat 5–8 minuten rusten en snijd pas daarna aan; serveer als hele portie of in gelijkmatige plakken.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng het vlees vlak voor de bereiding op smaak met zout en zwarte peper. Voor een vollere, kruidige smaak kun je in plaats daarvan Jans Biefstuk Kruidenmix gebruiken. Kies één van beide; zo blijft de kruiding mooi in balans.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Gebruik directe hitte voor een mooie korst. Dikke stukken kun je daarna indirect verder laten garen; dunne steaks of kleine delen blijven vooral boven directe hitte. Controleer de gaarheid in het dikste deel.
- Tip van Jan: Dunne staartstukken zijn eerder klaar dan dikke middendelen; haal ze zo nodig eerder uit de pan.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Kerntemperatuur & eindcontrole
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Fris, kruidig en uitgesproken zonder de varkenshaas onder een zware saus te verstoppen.
Ingrediënten
- ca. 700 g varkenshaas
- 250 g kastanjechampignons
- 1 sjalot
- 1 el groene peperkorrels
- 150 ml kookroom
- 150 ml fond
- 1 el olie
- 20 g boter
Bereiding
- 01Stap 1
Snijd de champignons in kwarten en bak ze op hoog vuur in een droge pan tot ze kleur krijgen; voeg pas daarna een klein klontje boter toe en houd warm.
- 02Stap 2
Bak de varkenshaas in een zeer hete pan rondom bruin en gaar tot 63–65 °C in het dikste deel; laat daarna minimaal 3 minuten rusten.
- 03Stap 3
Laat de varkenshaas rusten terwijl u de saus maakt.
- 04Stap 4
Fruit sjalot en groene peperkorrels kort in dezelfde pan, voeg fond toe en kook tot ongeveer de helft in.
- 05Stap 5
Voeg room toe en laat rustig binden; proef voordat u extra zout toevoegt.
- 06Stap 6
Snijd de varkenshaas en serveer met de paddenstoelen en een kleine lepel pepersaus.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng het vlees vlak voor de bereiding op smaak met zout en zwarte peper. Voor een vollere, kruidige smaak kun je in plaats daarvan Jans Biefstuk Kruidenmix gebruiken. Kies één van beide; zo blijft de kruiding mooi in balans.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Verhit de pan eerst goed en gebruik waar nodig slechts een dun laagje hittebestendig bakvet. Geef het vlees ruimte en bouw een duidelijke korst op zonder voortdurend te schuiven; verlaag daarna de hitte wanneer het stuk nog moet doorgaren.
- Voeg boter en aromaten uit het recept pas na de eerste korstfase toe en lepel het schuimende bakvet kort over het vlees; zo blijven de aromaten frisser en verbranden ze minder snel.
- Tip van Jan: Laat vis in de pan eerst een korst vormen voordat u probeert te keren.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Kerntemperatuur & eindcontrole
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een restaurantklassieker met romige saus en geroosterde paddenstoelen.

Varkenshaasmedaillons
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- ca. 700 g varkenshaas
- 1 bos platte peterselie
- 2 tenen knoflook
- 1 kleine rode peper
- 2 el rodewijnazijn
- 80 ml olijfolie
- 1 tl gedroogde oregano
- zout
Bereiding
- 01Stap 1
Hak peterselie, knoflook en rode peper fijn en meng met azijn, olijfolie, oregano en zout. Laat de chimichurri minimaal 15 minuten staan.
- 02Stap 2
Maak de barbecue gereed met een hete directe zone en een rustigere indirecte zone.
- 03Stap 3
Grill de varkenshaas boven directe hitte rondom stevig aan voor een donkere korst zonder te verbranden.
- 04Stap 4
Verplaats de varkenshaas zo nodig naar indirecte hitte en gaar tot 63–65 °C in het dikste deel; laat daarna minimaal 3 minuten rusten.
- 05Stap 5
Laat 8–10 minuten rusten, losjes afgedekt.
- 06Stap 6
Laat 5–8 minuten rusten en snijd pas daarna aan; serveer als hele portie of in gelijkmatige plakken.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng het vlees vlak voor de bereiding op smaak met zout en zwarte peper. Voor een vollere, kruidige smaak kun je in plaats daarvan Jans Biefstuk Kruidenmix gebruiken. Kies één van beide; zo blijft de kruiding mooi in balans.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Gebruik directe hitte voor een mooie korst. Dikke stukken kun je daarna indirect verder laten garen; dunne steaks of kleine delen blijven vooral boven directe hitte. Controleer de gaarheid in het dikste deel.
- Tip van Jan: Dunne staartstukken zijn eerder klaar dan dikke middendelen; haal ze zo nodig eerder uit de pan.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Fris, kruidig en uitgesproken zonder de varkenshaas onder een zware saus te verstoppen.
Ingrediënten
- ca. 700 g varkenshaas
- 250 g kastanjechampignons
- 1 sjalot
- 1 el groene peperkorrels
- 150 ml kookroom
- 150 ml fond
- 1 el olie
- 20 g boter
Bereiding
- 01Stap 1
Snijd de champignons in kwarten en bak ze op hoog vuur in een droge pan tot ze kleur krijgen; voeg pas daarna een klein klontje boter toe en houd warm.
- 02Stap 2
Bak de varkenshaas in een zeer hete pan rondom bruin en gaar tot 63–65 °C in het dikste deel; laat daarna minimaal 3 minuten rusten.
- 03Stap 3
Laat de varkenshaas rusten terwijl u de saus maakt.
- 04Stap 4
Fruit sjalot en groene peperkorrels kort in dezelfde pan, voeg fond toe en kook tot ongeveer de helft in.
- 05Stap 5
Voeg room toe en laat rustig binden; proef voordat u extra zout toevoegt.
- 06Stap 6
Snijd de varkenshaas en serveer met de paddenstoelen en een kleine lepel pepersaus.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng het vlees vlak voor de bereiding op smaak met zout en zwarte peper. Voor een vollere, kruidige smaak kun je in plaats daarvan Jans Biefstuk Kruidenmix gebruiken. Kies één van beide; zo blijft de kruiding mooi in balans.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Verhit de pan eerst goed en gebruik waar nodig slechts een dun laagje hittebestendig bakvet. Geef het vlees ruimte en bouw een duidelijke korst op zonder voortdurend te schuiven; verlaag daarna de hitte wanneer het stuk nog moet doorgaren.
- Voeg boter en aromaten uit het recept pas na de eerste korstfase toe en lepel het schuimende bakvet kort over het vlees; zo blijven de aromaten frisser en verbranden ze minder snel.
- Tip van Jan: Laat vis in de pan eerst een korst vormen voordat u probeert te keren.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een restaurantklassieker met romige saus en geroosterde paddenstoelen.
Ingrediënten
- ca. 700 g varkenshaas
- 2 stronken paksoi
- 2 lente-uien
- 2 el sojasaus
- 1 el rijstazijn
- 1 tl sesamolie
- 1 tl honing
- 1 el neutrale olie
- 1 tl geroosterde sesam
Bereiding
- 01Stap 1
Snijd de varkenshaas alleen als het deelstuk dat toelaat in dunne plakken dwars op de draad; laat dikke steaks juist heel en snijd pas na het garen.
- 02Stap 2
Meng sojasaus, rijstazijn, sesamolie en honing tot een snelle jus.
- 03Stap 3
Bak de varkenshaas zeer heet en kort zodat het vlees kleurt zonder uit te drogen; gaar verder tot 63–65 °C in het dikste deel; laat daarna minimaal 3 minuten rusten.
- 04Stap 4
Roerbak paksoi en lente-ui 2–3 minuten zodat ze fris en knapperig blijven.
- 05Stap 5
Voeg de sojajus kort toe en laat slechts enkele seconden bruisen.
- 06Stap 6
Serveer de varkenshaas met paksoi en bestrooi met sesam.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng naturel vlees op smaak met zout en zwarte peper, óf gebruik Jans Biefstuk Kruidenmix als smaakvol alternatief. Kies één van beide en voorkom dubbele kruiding.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Verhit de pan eerst goed en gebruik waar nodig slechts een dun laagje hittebestendig bakvet. Geef het vlees ruimte en bouw een duidelijke korst op zonder voortdurend te schuiven; verlaag daarna de hitte wanneer het stuk nog moet doorgaren.
- Tip van Jan: Dunne staartstukken zijn eerder klaar dan dikke middendelen; haal ze zo nodig eerder uit de pan.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een moderne, lichtere bereiding met veel umami en korte garing.

Varkenshaassaté blokjes
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- 500 g Varkenshaassaté blokjes
- 300 g rijst
- 1 komkommer
- 1 rode ui
- 200 ml pindasaus
- 2 bosuien
Bereiding
- 01Stap 1
Kook de rijst en houd warm.
- 02Stap 2
Snijd komkommer en rode ui dun en maak er een frisse salade van.
- 03Stap 3
Verhit een ruime koekenpan goed voor en bak de Varkenshaassaté blokjes in één laag rondom bruin. Werk zo nodig in twee porties.
- 04Stap 4
Zet het vuur iets lager zodra de blokjes kleur hebben en gaar tot 63–65 °C in een van de dikste stukjes. Laat daarna minimaal 3 minuten rusten.
- 05Stap 5
Warm de pindasaus apart en serveer de satéblokjes met rijst, komkommer, bosui en pindasaus.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Laat de aanwezige marinade of kruiding op het product zitten en volg die smaak als uitgangspunt. Dep een gemarineerd product niet droog alsof het naturel vlees is.
- Dit zijn losse satéstukjes. Bereid ze als losse vleesstukjes en gebruik alleen spies-instructies wanneer het product daadwerkelijk op een spies zit.
- Dit product heeft al een eigen kruiding of smaakopbouw. Voeg daarom niet automatisch extra rub, marinade of kruidenmix toe.
- Bak saté met voldoende ruimte zodat de stukken kleuren in plaats van stomen. Keer regelmatig en controleer het dikste stukje vlees voordat je serveert.
- Tip van Jan: Vis koelt een pan snel af. Bak porties met ruimte ertussen voor kleur in plaats van stoom.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Rijst, komkommer en pindasaus
Ingrediënten
- 500 g Varkenshaassaté blokjes
- 2 paprika’s
- 1 rode ui
- 200 g Griekse yoghurt
- 1 teen knoflook
- 4 flatbreads
Bereiding
- 01Stap 1
Maak de barbecue gereed voor middelhoge directe hitte en verwarm een grillmand of plancha voor.
- 02Stap 2
Rooster paprika en rode ui tot ze zacht zijn en meng yoghurt met fijn geraspte knoflook.
- 03Stap 3
Verdeel de Varkenshaassaté blokjes in één laag over de hete grillmand of plancha en grill kort voor kleur. Schep regelmatig om.
- 04Stap 4
Gaar de blokjes tot 63–65 °C in een dik stukje en laat daarna minimaal 3 minuten rusten.
- 05Stap 5
Verwarm de flatbreads kort en serveer de satéblokjes met geroosterde groente en knoflookyoghurt.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Laat de aanwezige marinade of kruiding op het product zitten en volg die smaak als uitgangspunt. Dep een gemarineerd product niet droog alsof het naturel vlees is.
- Dit zijn losse satéstukjes. Bereid ze als losse vleesstukjes en gebruik alleen spies-instructies wanneer het product daadwerkelijk op een spies zit.
- Dit product heeft al een eigen kruiding of smaakopbouw. Voeg daarom niet automatisch extra rub, marinade of kruidenmix toe.
- Gaar saté boven directe, beheersbare hitte en keer regelmatig. Laat een zoete marinade niet verbranden en controleer het dikste stukje vlees voordat je serveert.
- Tip van Jan: Haal vis tijdig van de hitte; restwarmte kan de kern nog enkele graden laten stijgen.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Flatbread, geroosterde paprika en knoflookyoghurt
Ingrediënten
- 500 g Varkenshaassaté blokjes
- 250 g noedels
- 2 stronken paksoi
- 3 bosuien
- 1 limoen
- 2 el sojasaus
- 1 tl sesamolie
Bereiding
- 01Stap 1
Kook de noedels volgens de verpakking en laat goed uitlekken.
- 02Stap 2
Snijd paksoi en bosui en meng limoensap, sojasaus en sesamolie tot dressing.
- 03Stap 3
Bak de Varkenshaassaté blokjes in een hete wok of ruime pan rondom bruin. Houd de blokjes los van elkaar zodat ze bakken in plaats van stomen.
- 04Stap 4
Gaar tot 63–65 °C in een dik stukje en laat minimaal 3 minuten rusten. Roerbak intussen de paksoi kort.
- 05Stap 5
Schep noedels en dressing door de groente en verdeel de satéblokjes erover. Werk af met bosui en serveer direct.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Laat de aanwezige marinade of kruiding op het product zitten en volg die smaak als uitgangspunt. Dep een gemarineerd product niet droog alsof het naturel vlees is.
- Dit zijn losse satéstukjes. Bereid ze als losse vleesstukjes en gebruik alleen spies-instructies wanneer het product daadwerkelijk op een spies zit.
- Dit product heeft al een eigen kruiding of smaakopbouw. Voeg daarom niet automatisch extra rub, marinade of kruidenmix toe.
- Bak saté met voldoende ruimte zodat de stukken kleuren in plaats van stomen. Keer regelmatig en controleer het dikste stukje vlees voordat je serveert.
- Tip van Jan: Vis koelt een pan snel af. Bak porties met ruimte ertussen voor kleur in plaats van stoom.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Noedels, paksoi en sesam-limoendressing

Varkenshaassaté spies 10 st. Vers
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- 8 varkenshaas
- 200 ml pindasaus
- 1 komkommer
- 2 el rijstazijn
- 1 tl suiker
- 2 bosuien
- 30 g gebakken uitjes
- 300 g rijst
Bereiding
- 01Stap 1
Kook de rijst en houd warm.
- 02Stap 2
Snijd de komkommer dun en meng met rijstazijn en suiker; laat 15 minuten staan.
- 03Stap 3
Maak de barbecue gereed voor middelhoge directe hitte.
- 04Stap 4
Grill de varkenshaas rondom tot goed gekleurd en 63–65 °C in het dikste deel; laat daarna minimaal 3 minuten rusten. Gaar tot 63–65 °C in het dikste deel; laat daarna minimaal 3 minuten rusten en voorkom uitdrogen.
- 05Stap 5
Verwarm de pindasaus rustig zonder hard te koken.
- 06Stap 6
Serveer de spiesen met rijst, komkommer, pindasaus, bosui en gebakken uitjes.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Laat de aanwezige marinade of kruiding op het product zitten en volg die smaak als uitgangspunt. Dep een gemarineerd product niet droog alsof het naturel vlees is.
- Dit is daadwerkelijk een gespiesd product: houd de stukken compact op de spies en keer de spies tijdens het garen zodat alle zijden gelijkmatig hitte krijgen.
- Dit product heeft al een eigen kruiding of smaakopbouw. Voeg daarom niet automatisch extra rub, marinade of kruidenmix toe.
- Gaar saté boven directe, beheersbare hitte en keer regelmatig. Laat een zoete marinade niet verbranden en controleer het dikste stukje vlees voordat je serveert.
- Tip van Jan: Haal vis tijdig van de hitte; restwarmte kan de kern nog enkele graden laten stijgen.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een complete saté-achtige maaltijd waarin de spies echt de hoofdrol houdt.
Ingrediënten
- 8 varkenshaas
- 4 flatbreads
- 2 rode paprika's
- 1 rode ui
- 150 g Griekse yoghurt
- 1 teen knoflook
- 1 el citroensap
- 1 bosje peterselie
Bereiding
- 01Stap 1
Rooster paprika en ui op grill of in een hete pan tot ze zacht en donker aan de rand zijn.
- 02Stap 2
Meng yoghurt met knoflook, citroensap en peterselie.
- 03Stap 3
Grill de varkenshaas gelijkmatig en draai geregeld. Gaar tot 63–65 °C in het dikste deel; laat daarna minimaal 3 minuten rusten en voorkom uitdrogen.
- 04Stap 4
Verwarm de flatbreads kort op de grill.
- 05Stap 5
Snijd de geroosterde groente in repen.
- 06Stap 6
Serveer de spiesen met flatbread, groente en knoflookyoghurt.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Laat de aanwezige marinade of kruiding op het product zitten en volg die smaak als uitgangspunt. Dep een gemarineerd product niet droog alsof het naturel vlees is.
- Dit is daadwerkelijk een gespiesd product: houd de stukken compact op de spies en keer de spies tijdens het garen zodat alle zijden gelijkmatig hitte krijgen.
- Dit product heeft al een eigen kruiding of smaakopbouw. Voeg daarom niet automatisch extra rub, marinade of kruidenmix toe.
- Gaar saté boven directe, beheersbare hitte en keer regelmatig. Laat een zoete marinade niet verbranden en controleer het dikste stukje vlees voordat je serveert.
- Tip van Jan: Dunne staartstukken zijn eerder klaar dan dikke middendelen; haal ze zo nodig eerder uit de pan.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een frisse, mediterrane spiesmaaltijd met warm brood.
Ingrediënten
- 8 varkenshaas
- 250 g noedels
- 2 stronken paksoi
- 3 bosuien
- 1 limoen
- 2 el sojasaus
- 1 tl sesamolie
- 1 el sesam
Bereiding
- 01Stap 1
Kook de noedels en spoel kort af.
- 02Stap 2
Roerbak paksoi en bosui op hoog vuur zodat ze knapperig blijven.
- 03Stap 3
Grill of bak de varkenshaas tot mooi gekleurd en 63–65 °C in het dikste deel; laat daarna minimaal 3 minuten rusten. Gaar tot 63–65 °C in het dikste deel; laat daarna minimaal 3 minuten rusten en voorkom uitdrogen.
- 04Stap 4
Meng limoensap, sojasaus en sesamolie tot dressing.
- 05Stap 5
Schep noedels en paksoi door de dressing.
- 06Stap 6
Serveer de spiesen erop en bestrooi met sesam.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Laat de aanwezige marinade of kruiding op het product zitten en volg die smaak als uitgangspunt. Dep een gemarineerd product niet droog alsof het naturel vlees is.
- Dit is daadwerkelijk een gespiesd product: houd de stukken compact op de spies en keer de spies tijdens het garen zodat alle zijden gelijkmatig hitte krijgen.
- Dit product heeft al een eigen kruiding of smaakopbouw. Voeg daarom niet automatisch extra rub, marinade of kruidenmix toe.
- Gaar saté boven directe, beheersbare hitte en keer regelmatig. Laat een zoete marinade niet verbranden en controleer het dikste stukje vlees voordat je serveert.
- Tip van Jan: Wilt u krokante huid behouden, schep saus op het bord en leg de vis erop.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een lichte Aziatische toepassing met frisse dressing en korte groentegaring.

Varkenshaassaté spies 2 st. vers
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- 8 varkenshaas
- 200 ml pindasaus
- 1 komkommer
- 2 el rijstazijn
- 1 tl suiker
- 2 bosuien
- 30 g gebakken uitjes
- 300 g rijst
Bereiding
- 01Stap 1
Kook de rijst en houd warm.
- 02Stap 2
Snijd de komkommer dun en meng met rijstazijn en suiker; laat 15 minuten staan.
- 03Stap 3
Maak de barbecue gereed voor middelhoge directe hitte.
- 04Stap 4
Grill de varkenshaas rondom tot goed gekleurd en 63–65 °C in het dikste deel; laat daarna minimaal 3 minuten rusten. Gaar tot 63–65 °C in het dikste deel; laat daarna minimaal 3 minuten rusten en voorkom uitdrogen.
- 05Stap 5
Verwarm de pindasaus rustig zonder hard te koken.
- 06Stap 6
Serveer de spiesen met rijst, komkommer, pindasaus, bosui en gebakken uitjes.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Laat de aanwezige marinade of kruiding op het product zitten en volg die smaak als uitgangspunt. Dep een gemarineerd product niet droog alsof het naturel vlees is.
- Dit is daadwerkelijk een gespiesd product: houd de stukken compact op de spies en keer de spies tijdens het garen zodat alle zijden gelijkmatig hitte krijgen.
- Dit product heeft al een eigen kruiding of smaakopbouw. Voeg daarom niet automatisch extra rub, marinade of kruidenmix toe.
- Gaar saté boven directe, beheersbare hitte en keer regelmatig. Laat een zoete marinade niet verbranden en controleer het dikste stukje vlees voordat je serveert.
- Tip van Jan: Haal vis tijdig van de hitte; restwarmte kan de kern nog enkele graden laten stijgen.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een complete saté-achtige maaltijd waarin de spies echt de hoofdrol houdt.
Ingrediënten
- 8 varkenshaas
- 4 flatbreads
- 2 rode paprika's
- 1 rode ui
- 150 g Griekse yoghurt
- 1 teen knoflook
- 1 el citroensap
- 1 bosje peterselie
Bereiding
- 01Stap 1
Rooster paprika en ui op grill of in een hete pan tot ze zacht en donker aan de rand zijn.
- 02Stap 2
Meng yoghurt met knoflook, citroensap en peterselie.
- 03Stap 3
Grill de varkenshaas gelijkmatig en draai geregeld. Gaar tot 63–65 °C in het dikste deel; laat daarna minimaal 3 minuten rusten en voorkom uitdrogen.
- 04Stap 4
Verwarm de flatbreads kort op de grill.
- 05Stap 5
Snijd de geroosterde groente in repen.
- 06Stap 6
Serveer de spiesen met flatbread, groente en knoflookyoghurt.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Laat de aanwezige marinade of kruiding op het product zitten en volg die smaak als uitgangspunt. Dep een gemarineerd product niet droog alsof het naturel vlees is.
- Dit is daadwerkelijk een gespiesd product: houd de stukken compact op de spies en keer de spies tijdens het garen zodat alle zijden gelijkmatig hitte krijgen.
- Dit product heeft al een eigen kruiding of smaakopbouw. Voeg daarom niet automatisch extra rub, marinade of kruidenmix toe.
- Gaar saté boven directe, beheersbare hitte en keer regelmatig. Laat een zoete marinade niet verbranden en controleer het dikste stukje vlees voordat je serveert.
- Tip van Jan: Dunne staartstukken zijn eerder klaar dan dikke middendelen; haal ze zo nodig eerder uit de pan.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een frisse, mediterrane spiesmaaltijd met warm brood.
Ingrediënten
- 8 varkenshaas
- 250 g noedels
- 2 stronken paksoi
- 3 bosuien
- 1 limoen
- 2 el sojasaus
- 1 tl sesamolie
- 1 el sesam
Bereiding
- 01Stap 1
Kook de noedels en spoel kort af.
- 02Stap 2
Roerbak paksoi en bosui op hoog vuur zodat ze knapperig blijven.
- 03Stap 3
Grill of bak de varkenshaas tot mooi gekleurd en 63–65 °C in het dikste deel; laat daarna minimaal 3 minuten rusten. Gaar tot 63–65 °C in het dikste deel; laat daarna minimaal 3 minuten rusten en voorkom uitdrogen.
- 04Stap 4
Meng limoensap, sojasaus en sesamolie tot dressing.
- 05Stap 5
Schep noedels en paksoi door de dressing.
- 06Stap 6
Serveer de spiesen erop en bestrooi met sesam.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Laat de aanwezige marinade of kruiding op het product zitten en volg die smaak als uitgangspunt. Dep een gemarineerd product niet droog alsof het naturel vlees is.
- Dit is daadwerkelijk een gespiesd product: houd de stukken compact op de spies en keer de spies tijdens het garen zodat alle zijden gelijkmatig hitte krijgen.
- Dit product heeft al een eigen kruiding of smaakopbouw. Voeg daarom niet automatisch extra rub, marinade of kruidenmix toe.
- Gaar saté boven directe, beheersbare hitte en keer regelmatig. Laat een zoete marinade niet verbranden en controleer het dikste stukje vlees voordat je serveert.
- Tip van Jan: Wilt u krokante huid behouden, schep saus op het bord en leg de vis erop.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een lichte Aziatische toepassing met frisse dressing en korte groentegaring.

Varkensnek rollade vers
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- ca. 1 kg procureur
- 2 uien
- 2 wortels
- 400 g tomatenblokjes
- 120 g groene olijven
- 1 sinaasappel
- 300 ml bouillon
- 1 tl venkelzaad
- 2 el olijfolie
Bereiding
- 01Stap 1
Bak de procureur in een braadpan rondom bruin en neem uit de pan.
- 02Stap 2
Bak ui en wortel 5 minuten zacht, voeg venkelzaad toe en laat kort geuren.
- 03Stap 3
Voeg tomaat, bouillon, een brede reep sinaasappelschil en het vlees toe.
- 04Stap 4
Dek af en gaar 2,5–3 uur in een oven van 150 °C tot het vlees zeer mals is.
- 05Stap 5
Voeg olijven de laatste 20 minuten toe en verwijder de sinaasappelschil.
- 06Stap 6
Laat de saus zonder deksel zo nodig iets inkoken en serveer met polenta of aardappelpuree.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng naturel vlees vlak voor de bereiding gelijkmatig op smaak met zout. Volg een langere zout- of dry-brinefase alleen wanneer het recept dat bewust voorschrijft.
- Braad de vleesstukken waar het recept dat toelaat in porties aan voor kleur en smaak. Laat ze daarna rustig stoven: zacht pruttelen, niet hard doorkoken, en gebruik malsheid als eindcontrole in plaats van alleen een vaste tijd.
- Tip van Jan: Kies eerst de juiste techniek voor het product en pas daarna kruiden en saus aan. Een goed stuk vlees heeft meestal minder nodig dan u denkt.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Kerntemperatuur & eindcontrole
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Mediterrane stoof met frisse citrus en zilte olijf als tegenhanger voor rijk vlees.
Ingrediënten
- ca. 1 kg procureur
- 3 uien
- 330 ml donker bier
- 400 ml bouillon
- 2 el bloem
- 1 el mosterd
- 2 laurierblaadjes
- 30 g boter
Bereiding
- 01Stap 1
Snijd de procureur in gelijkmatige stukken als dat nog niet is gebeurd. Is het oppervlak zichtbaar nat, dep alleen dat vocht weg zodat het vlees kan bruinen.
- 02Stap 2
Bak het vlees in porties stevig bruin in boter; leg elke portie apart.
- 03Stap 3
Bak de ui rustig goudbruin, bestuif met bloem en laat 1 minuut meegaren.
- 04Stap 4
Blus met bier en bouillon en roer alle aanbaksels los. Voeg mosterd en laurier toe.
- 05Stap 5
Doe het vlees terug en laat 2,5–3 uur zeer zacht stoven tot het lepelmals is; laat de saus het laatste halfuur zo nodig zonder deksel inkoken.
- 06Stap 6
Proef pas op het einde op zout en serveer met aardappelpuree of friet.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Gebruik het zout uit het recept doelgericht op het vlees en verdeel het gelijkmatig. Voeg geen extra zout toe buiten de receptuur zonder eerst de totale kruiding te beoordelen.
- Braad de vleesstukken waar het recept dat toelaat in porties aan voor kleur en smaak. Laat ze daarna rustig stoven: zacht pruttelen, niet hard doorkoken, en gebruik malsheid als eindcontrole in plaats van alleen een vaste tijd.
- Tip van Jan: Snijd vlees zo laat mogelijk. Zo blijft het warmer en verliest het minder vocht.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Kerntemperatuur & eindcontrole
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Diepe, klassieke stoofsmaak door bruinen, reduceren en langzame garing.
Ingrediënten
- ca. 1 kg procureur
- 150 g spekblokjes
- 2 wortels
- 2 uien
- 250 g champignons
- 500 ml rode wijn
- 400 ml bouillon
- 1 el tomatenpuree
- 2 laurierblaadjes
Bereiding
- 01Stap 1
Bak de spekblokjes uit en schep ze uit de pan.
- 02Stap 2
Bak de procureur in porties rondom donkerbruin en neem uit de pan.
- 03Stap 3
Bak ui en wortel, voeg tomatenpuree toe en bak 1 minuut mee.
- 04Stap 4
Blus met rode wijn en bouillon, voeg laurier toe en doe het vlees terug. Laat circa 3 uur zeer zacht stoven.
- 05Stap 5
Bak de champignons apart bruin en voeg ze met het spek pas in het laatste halfuur toe.
- 06Stap 6
Het gerecht is klaar wanneer het vlees zonder weerstand uit elkaar valt en de saus glanst.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng naturel vlees vlak voor de bereiding gelijkmatig op smaak met zout. Volg een langere zout- of dry-brinefase alleen wanneer het recept dat bewust voorschrijft.
- Braad de vleesstukken waar het recept dat toelaat in porties aan voor kleur en smaak. Laat ze daarna rustig stoven: zacht pruttelen, niet hard doorkoken, en gebruik malsheid als eindcontrole in plaats van alleen een vaste tijd.
- Tip van Jan: Snijd vlees zo laat mogelijk. Zo blijft het warmer en verliest het minder vocht.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Kerntemperatuur & eindcontrole
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een Franse klassieker met gelaagde smaak en paddenstoelen die hun bite behouden.

Varkensprocureurlapjes
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- ca. 1 kg procureur
- 2 uien
- 3 tenen knoflook
- 20 g gember
- 2 tl gemalen koriander
- 1 tl komijn
- 3 el ketjap manis
- 400 ml kokosmelk
- 1 stengel citroengras
Bereiding
- 01Stap 1
Bak de ui rustig goudbruin in een beetje olie.
- 02Stap 2
Voeg knoflook, gember, koriander en komijn toe en bak kort tot het geurt.
- 03Stap 3
Voeg de procureur toe en bak rondom aan; werk in porties als de pan te vol wordt.
- 04Stap 4
Roer ketjap erdoor, voeg kokosmelk en gekneusd citroengras toe en breng tegen de kook aan.
- 05Stap 5
Laat 2,5–3 uur heel zacht stoven zonder hard te koken.
- 06Stap 6
Neem het deksel het laatste halfuur weg zodat de saus geconcentreerd en romig wordt; verwijder citroengras voor serveren.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng naturel vlees vlak voor de bereiding gelijkmatig op smaak met zout. Volg een langere zout- of dry-brinefase alleen wanneer het recept dat bewust voorschrijft.
- Braad de vleesstukken waar het recept dat toelaat in porties aan voor kleur en smaak. Laat ze daarna rustig stoven: zacht pruttelen, niet hard doorkoken, en gebruik malsheid als eindcontrole in plaats van alleen een vaste tijd.
- Tip van Jan: Glazuren met honing of suiker pas later aanbrengen zodat ze karamelliseren in plaats van verbranden.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een warme specerijenrichting die echt verschilt van Europese stoofgerechten.
Ingrediënten
- ca. 1 kg procureur
- 2 uien
- 2 wortels
- 400 g tomatenblokjes
- 120 g groene olijven
- 1 sinaasappel
- 300 ml bouillon
- 1 tl venkelzaad
- 2 el olijfolie
Bereiding
- 01Stap 1
Bak de procureur in een braadpan rondom bruin en neem uit de pan.
- 02Stap 2
Bak ui en wortel 5 minuten zacht, voeg venkelzaad toe en laat kort geuren.
- 03Stap 3
Voeg tomaat, bouillon, een brede reep sinaasappelschil en het vlees toe.
- 04Stap 4
Dek af en gaar 2,5–3 uur in een oven van 150 °C tot het vlees zeer mals is.
- 05Stap 5
Voeg olijven de laatste 20 minuten toe en verwijder de sinaasappelschil.
- 06Stap 6
Laat de saus zonder deksel zo nodig iets inkoken en serveer met polenta of aardappelpuree.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng naturel vlees vlak voor de bereiding gelijkmatig op smaak met zout. Volg een langere zout- of dry-brinefase alleen wanneer het recept dat bewust voorschrijft.
- Braad de vleesstukken waar het recept dat toelaat in porties aan voor kleur en smaak. Laat ze daarna rustig stoven: zacht pruttelen, niet hard doorkoken, en gebruik malsheid als eindcontrole in plaats van alleen een vaste tijd.
- Tip van Jan: Mosterd, appel, salie en zachte zuren passen goed bij varkensvlees zonder de vleessmaak te verstoppen.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Mediterrane stoof met frisse citrus en zilte olijf als tegenhanger voor rijk vlees.
Ingrediënten
- ca. 1 kg procureur
- 3 uien
- 330 ml donker bier
- 400 ml bouillon
- 2 el bloem
- 1 el mosterd
- 2 laurierblaadjes
- 30 g boter
Bereiding
- 01Stap 1
Snijd de procureur in gelijkmatige stukken als dat nog niet is gebeurd. Is het oppervlak zichtbaar nat, dep alleen dat vocht weg zodat het vlees kan bruinen.
- 02Stap 2
Bak het vlees in porties stevig bruin in boter; leg elke portie apart.
- 03Stap 3
Bak de ui rustig goudbruin, bestuif met bloem en laat 1 minuut meegaren.
- 04Stap 4
Blus met bier en bouillon en roer alle aanbaksels los. Voeg mosterd en laurier toe.
- 05Stap 5
Doe het vlees terug en laat 2,5–3 uur zeer zacht stoven tot het lepelmals is; laat de saus het laatste halfuur zo nodig zonder deksel inkoken.
- 06Stap 6
Proef pas op het einde op zout en serveer met aardappelpuree of friet.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Gebruik het zout uit het recept doelgericht op het vlees en verdeel het gelijkmatig. Voeg geen extra zout toe buiten de receptuur zonder eerst de totale kruiding te beoordelen.
- Braad de vleesstukken waar het recept dat toelaat in porties aan voor kleur en smaak. Laat ze daarna rustig stoven: zacht pruttelen, niet hard doorkoken, en gebruik malsheid als eindcontrole in plaats van alleen een vaste tijd.
- Tip van Jan: Mosterd, appel, salie en zachte zuren passen goed bij varkensvlees zonder de vleessmaak te verstoppen.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Diepe, klassieke stoofsmaak door bruinen, reduceren en langzame garing.

Varkensreepjes
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- 500 g varkensreepjes
- 2 paprika's
- 4 bosuien
- 1 rode ui
- 2 el sojasaus
- 1 el oestersaus
- 1 tl bruine suiker
- 1 tl grove zwarte peper
- 1 el neutrale olie
- 300 g rijst
Bereiding
- 01Stap 1
Kruid pas vlak voor het bakken, zodat het vlees niet onnodig vocht verliest.
- 02Stap 2
Kook de rijst volgens de verpakking en houd warm.
- 03Stap 3
Verhit een wok tot zeer heet en bak het vlees in twee korte porties; schep uit de wok zodra het goed kleurt.
- 04Stap 4
Roerbak paprika en rode ui 3 minuten, voeg bosui toe en zet het vuur hoog.
- 05Stap 5
Meng soja, oestersaus, suiker en peper, voeg toe en laat kort bruisen. Schep het vlees terug en warm hooguit 1 minuut mee.
- 06Stap 6
Serveer direct met de rijst.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng naturel vlees vlak voor de bereiding gelijkmatig op smaak met zout. Volg een langere zout- of dry-brinefase alleen wanneer het recept dat bewust voorschrijft.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Verhit de pan eerst goed en gebruik waar nodig slechts een dun laagje hittebestendig bakvet. Geef het vlees ruimte en bouw een duidelijke korst op zonder voortdurend te schuiven; verlaag daarna de hitte wanneer het stuk nog moet doorgaren.
- Tip van Jan: Meet in het dikste deel en niet tegen bot, vetlaag of pan. Zo stuurt u op garing in plaats van op minuten.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een snelle wokbereiding met echte hitte en bite, geen stoofpot in een volle pan.
Ingrediënten
- 500 g varkensreepjes
- 250 g eiernoedels
- 300 g broccoli
- 20 g verse gember
- 2 tenen knoflook
- 2 el sojasaus
- 1 el rijstazijn
- 1 tl sesamolie
- 1 el neutrale olie
Bereiding
- 01Stap 1
Kruid pas vlak voor het bakken, zodat het vlees niet onnodig vocht verliest.
- 02Stap 2
Kook de noedels kort en spoel ze af; blancheer de broccoli 2 minuten en laat goed uitlekken.
- 03Stap 3
Bak het vlees op hoog vuur in porties en houd apart.
- 04Stap 4
Roerbak gember en knoflook 20 seconden, voeg broccoli toe en laat licht kleuren.
- 05Stap 5
Voeg noedels, sojasaus, rijstazijn en sesamolie toe en schep op hoog vuur om.
- 06Stap 6
Voeg het vlees pas op het einde terug zodat het sappig blijft en serveer meteen.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng naturel vlees vlak voor de bereiding gelijkmatig op smaak met zout. Volg een langere zout- of dry-brinefase alleen wanneer het recept dat bewust voorschrijft.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Verhit de pan eerst goed en gebruik waar nodig slechts een dun laagje hittebestendig bakvet. Geef het vlees ruimte en bouw een duidelijke korst op zonder voortdurend te schuiven; verlaag daarna de hitte wanneer het stuk nog moet doorgaren.
- Voeg boter en aromaten uit het recept pas na de eerste korstfase toe en lepel het schuimende bakvet kort over het vlees; zo blijven de aromaten frisser en verbranden ze minder snel.
- Tip van Jan: Snijd vlees zo laat mogelijk. Zo blijft het warmer en verliest het minder vocht.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een complete doordeweekse wokmaaltijd met heldere smaken en korte garing.
Ingrediënten
- 500 g varkensreepjes
- 4 flatbreads
- 2 rode paprika's
- 150 g Griekse yoghurt
- 1 kleine komkommer
- 1 teen knoflook
- 1 el citroensap
- 1 el olie
- verse munt
Bereiding
- 01Stap 1
Rooster de paprika's onder de grill of in een hete pan tot ze zacht en donker aan de rand zijn; snijd in repen.
- 02Stap 2
Kruid pas vlak voor het bakken, zodat het vlees niet onnodig vocht verliest.
- 03Stap 3
Meng yoghurt met geraspte komkommer, knoflook, citroensap en munt.
- 04Stap 4
Bak het vlees in een ruime, hete pan in kleine porties zodat het kleurt in plaats van kookt.
- 05Stap 5
Verwarm de flatbreads kort in een droge pan.
- 06Stap 6
Beleg met paprika, vlees en yoghurtsaus en serveer direct.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng naturel vlees vlak voor de bereiding gelijkmatig op smaak met zout. Volg een langere zout- of dry-brinefase alleen wanneer het recept dat bewust voorschrijft.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Verhit de pan eerst goed en gebruik waar nodig slechts een dun laagje hittebestendig bakvet. Geef het vlees ruimte en bouw een duidelijke korst op zonder voortdurend te schuiven; verlaag daarna de hitte wanneer het stuk nog moet doorgaren.
- Voeg boter en aromaten uit het recept pas na de eerste korstfase toe en lepel het schuimende bakvet kort over het vlees; zo blijven de aromaten frisser en verbranden ze minder snel.
- Tip van Jan: Een droge buitenkant en voldoende hete pan of grill geven sneller een mooie korst; suikerhoudende marinades pas later op hoge hitte.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een broodmaaltijd met contrast tussen heet vlees, geroosterde groente en frisse saus.

Varkenssnippers/mager met
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- 500 g Varkenssnippers/mager met
- 2 paprika's
- 4 bosuien
- 1 rode ui
- 2 el sojasaus
- 1 el oestersaus
- 1 tl bruine suiker
- 1 tl grove zwarte peper
- 1 el neutrale olie
- 300 g rijst
Bereiding
- 01Stap 1
Kruid pas vlak voor het bakken, zodat het vlees niet onnodig vocht verliest.
- 02Stap 2
Kook de rijst volgens de verpakking en houd warm.
- 03Stap 3
Verhit een wok tot zeer heet en bak het vlees in twee korte porties; schep uit de wok zodra het goed kleurt.
- 04Stap 4
Roerbak paprika en rode ui 3 minuten, voeg bosui toe en zet het vuur hoog.
- 05Stap 5
Meng soja, oestersaus, suiker en peper, voeg toe en laat kort bruisen. Schep het vlees terug en warm hooguit 1 minuut mee.
- 06Stap 6
Serveer direct met de rijst.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng naturel vlees vlak voor de bereiding gelijkmatig op smaak met zout. Volg een langere zout- of dry-brinefase alleen wanneer het recept dat bewust voorschrijft.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Verhit de pan eerst goed en gebruik waar nodig slechts een dun laagje hittebestendig bakvet. Geef het vlees ruimte en bouw een duidelijke korst op zonder voortdurend te schuiven; verlaag daarna de hitte wanneer het stuk nog moet doorgaren.
- Tip van Jan: Meet in het dikste deel en niet tegen bot, vetlaag of pan. Zo stuurt u op garing in plaats van op minuten.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een snelle wokbereiding met echte hitte en bite, geen stoofpot in een volle pan.
Ingrediënten
- 500 g Varkenssnippers/mager met
- 250 g eiernoedels
- 300 g broccoli
- 20 g verse gember
- 2 tenen knoflook
- 2 el sojasaus
- 1 el rijstazijn
- 1 tl sesamolie
- 1 el neutrale olie
Bereiding
- 01Stap 1
Kruid pas vlak voor het bakken, zodat het vlees niet onnodig vocht verliest.
- 02Stap 2
Kook de noedels kort en spoel ze af; blancheer de broccoli 2 minuten en laat goed uitlekken.
- 03Stap 3
Bak het vlees op hoog vuur in porties en houd apart.
- 04Stap 4
Roerbak gember en knoflook 20 seconden, voeg broccoli toe en laat licht kleuren.
- 05Stap 5
Voeg noedels, sojasaus, rijstazijn en sesamolie toe en schep op hoog vuur om.
- 06Stap 6
Voeg het vlees pas op het einde terug zodat het sappig blijft en serveer meteen.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng naturel vlees vlak voor de bereiding gelijkmatig op smaak met zout. Volg een langere zout- of dry-brinefase alleen wanneer het recept dat bewust voorschrijft.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Verhit de pan eerst goed en gebruik waar nodig slechts een dun laagje hittebestendig bakvet. Geef het vlees ruimte en bouw een duidelijke korst op zonder voortdurend te schuiven; verlaag daarna de hitte wanneer het stuk nog moet doorgaren.
- Voeg boter en aromaten uit het recept pas na de eerste korstfase toe en lepel het schuimende bakvet kort over het vlees; zo blijven de aromaten frisser en verbranden ze minder snel.
- Tip van Jan: Snijd vlees zo laat mogelijk. Zo blijft het warmer en verliest het minder vocht.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een complete doordeweekse wokmaaltijd met heldere smaken en korte garing.
Ingrediënten
- 500 g Varkenssnippers/mager met
- 4 flatbreads
- 2 rode paprika's
- 150 g Griekse yoghurt
- 1 kleine komkommer
- 1 teen knoflook
- 1 el citroensap
- 1 el olie
- verse munt
Bereiding
- 01Stap 1
Rooster de paprika's onder de grill of in een hete pan tot ze zacht en donker aan de rand zijn; snijd in repen.
- 02Stap 2
Kruid pas vlak voor het bakken, zodat het vlees niet onnodig vocht verliest.
- 03Stap 3
Meng yoghurt met geraspte komkommer, knoflook, citroensap en munt.
- 04Stap 4
Bak het vlees in een ruime, hete pan in kleine porties zodat het kleurt in plaats van kookt.
- 05Stap 5
Verwarm de flatbreads kort in een droge pan.
- 06Stap 6
Beleg met paprika, vlees en yoghurtsaus en serveer direct.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng naturel vlees vlak voor de bereiding gelijkmatig op smaak met zout. Volg een langere zout- of dry-brinefase alleen wanneer het recept dat bewust voorschrijft.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Verhit de pan eerst goed en gebruik waar nodig slechts een dun laagje hittebestendig bakvet. Geef het vlees ruimte en bouw een duidelijke korst op zonder voortdurend te schuiven; verlaag daarna de hitte wanneer het stuk nog moet doorgaren.
- Voeg boter en aromaten uit het recept pas na de eerste korstfase toe en lepel het schuimende bakvet kort over het vlees; zo blijven de aromaten frisser en verbranden ze minder snel.
- Tip van Jan: Een droge buitenkant en voldoende hete pan of grill geven sneller een mooie korst; suikerhoudende marinades pas later op hoge hitte.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een broodmaaltijd met contrast tussen heet vlees, geroosterde groente en frisse saus.

Varkenswang
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- ca. 1 kg Varkenswang
- 2 uien
- 3 tenen knoflook
- 20 g gember
- 2 tl gemalen koriander
- 1 tl komijn
- 3 el ketjap manis
- 400 ml kokosmelk
- 1 stengel citroengras
Bereiding
- 01Stap 1
Bak de ui rustig goudbruin in een beetje olie.
- 02Stap 2
Voeg knoflook, gember, koriander en komijn toe en bak kort tot het geurt.
- 03Stap 3
Voeg de Varkenswang toe en bak rondom aan; werk in porties als de pan te vol wordt.
- 04Stap 4
Roer ketjap erdoor, voeg kokosmelk en gekneusd citroengras toe en breng tegen de kook aan.
- 05Stap 5
Laat 2,5–3 uur heel zacht stoven zonder hard te koken.
- 06Stap 6
Neem het deksel het laatste halfuur weg zodat de saus geconcentreerd en romig wordt; verwijder citroengras voor serveren.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Snijd stoofvlees alleen kleiner als het recept dat nodig heeft en houd de stukken zoveel mogelijk gelijk van formaat, zodat ze gelijkmatig garen.
- Braad de vleesstukken waar het recept dat toelaat in porties aan voor kleur en smaak. Laat ze daarna rustig stoven: zacht pruttelen, niet hard doorkoken, en gebruik malsheid als eindcontrole in plaats van alleen een vaste tijd.
- Tip van Jan: Meet in het dikste deel en niet tegen bot, vetlaag of pan. Zo stuurt u op garing in plaats van op minuten.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een warme specerijenrichting die echt verschilt van Europese stoofgerechten.
Ingrediënten
- ca. 1 kg Varkenswang
- 2 uien
- 2 wortels
- 400 g tomatenblokjes
- 120 g groene olijven
- 1 sinaasappel
- 300 ml bouillon
- 1 tl venkelzaad
- 2 el olijfolie
Bereiding
- 01Stap 1
Bak de Varkenswang in een braadpan rondom bruin en neem uit de pan.
- 02Stap 2
Bak ui en wortel 5 minuten zacht, voeg venkelzaad toe en laat kort geuren.
- 03Stap 3
Voeg tomaat, bouillon, een brede reep sinaasappelschil en het vlees toe.
- 04Stap 4
Dek af en gaar 2,5–3 uur in een oven van 150 °C tot het vlees zeer mals is.
- 05Stap 5
Voeg olijven de laatste 20 minuten toe en verwijder de sinaasappelschil.
- 06Stap 6
Laat de saus zonder deksel zo nodig iets inkoken en serveer met polenta of aardappelpuree.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Snijd stoofvlees alleen kleiner als het recept dat nodig heeft en houd de stukken zoveel mogelijk gelijk van formaat, zodat ze gelijkmatig garen.
- Braad de vleesstukken waar het recept dat toelaat in porties aan voor kleur en smaak. Laat ze daarna rustig stoven: zacht pruttelen, niet hard doorkoken, en gebruik malsheid als eindcontrole in plaats van alleen een vaste tijd.
- Tip van Jan: Kies eerst de juiste techniek voor het product en pas daarna kruiden en saus aan. Een goed stuk vlees heeft meestal minder nodig dan u denkt.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Mediterrane stoof met frisse citrus en zilte olijf als tegenhanger voor rijk vlees.
Ingrediënten
- ca. 1 kg Varkenswang
- 3 uien
- 330 ml donker bier
- 400 ml bouillon
- 2 el bloem
- 1 el mosterd
- 2 laurierblaadjes
- 30 g boter
Bereiding
- 01Stap 1
Snijd de Varkenswang in gelijkmatige stukken als dat nog niet is gebeurd. Is het oppervlak zichtbaar nat, dep alleen dat vocht weg zodat het vlees kan bruinen.
- 02Stap 2
Bak het vlees in porties stevig bruin in boter; leg elke portie apart.
- 03Stap 3
Bak de ui rustig goudbruin, bestuif met bloem en laat 1 minuut meegaren.
- 04Stap 4
Blus met bier en bouillon en roer alle aanbaksels los. Voeg mosterd en laurier toe.
- 05Stap 5
Doe het vlees terug en laat 2,5–3 uur zeer zacht stoven tot het lepelmals is; laat de saus het laatste halfuur zo nodig zonder deksel inkoken.
- 06Stap 6
Proef pas op het einde op zout en serveer met aardappelpuree of friet.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Snijd stoofvlees alleen kleiner als het recept dat nodig heeft en houd de stukken zoveel mogelijk gelijk van formaat, zodat ze gelijkmatig garen.
- Braad de vleesstukken waar het recept dat toelaat in porties aan voor kleur en smaak. Laat ze daarna rustig stoven: zacht pruttelen, niet hard doorkoken, en gebruik malsheid als eindcontrole in plaats van alleen een vaste tijd.
- Tip van Jan: Snijd vlees zo laat mogelijk. Zo blijft het warmer en verliest het minder vocht.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Diepe, klassieke stoofsmaak door bruinen, reduceren en langzame garing.

Verse worst-Varkenssaucijs per 2 st.
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- ca. 600 g saucijs
- 800 g kruimige aardappelen
- 2 grote uien
- 150 ml melk
- 30 g boter
- 1 el grove mosterd
- 250 ml bouillon
- 1 el olie
Bereiding
- 01Stap 1
Bak de saucijs op middelhoog vuur rustig rondom bruin; draai regelmatig zodat de darm niet barst.
- 02Stap 2
Kook de aardappelen gaar en maak puree met melk, boter en mosterd.
- 03Stap 3
Bak de uien in dezelfde pan rustig goudbruin.
- 04Stap 4
Voeg bouillon toe en laat 5–8 minuten inkoken tot een lichte jus.
- 05Stap 5
Gaar de worst volledig tot volledig gaar in het thermische midden.
- 06Stap 6
Serveer met mosterdpuree en uienjus.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Dit product heeft al een eigen kruiding of smaakopbouw. Voeg daarom niet automatisch extra rub, marinade of kruidenmix toe.
- Gaar worst op beheerste hitte en keer regelmatig. Prik de darm niet onnodig door; daarmee verlies je sap en vet. Controleer voor het serveren of de worst goed gaar en door en door warm is.
- Tip van Jan: Begin beheerst en kleur later krachtiger als de worst dik is.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Rustige panwarmte houdt verse worst sappig en voorkomt verbrande buitenkant.
Ingrediënten
- ca. 600 g saucijs
- 2 rode paprika's
- 2 rode uien
- 2 el olijfolie
- 1 el balsamico
- 1 tl honing
- 1 bosje peterselie
Bereiding
- 01Stap 1
Maak de barbecue gereed voor middelhoge directe hitte.
- 02Stap 2
Snijd paprika en ui grof, meng met olie en grill tot ze zacht en donker aan de randen zijn.
- 03Stap 3
Grill de saucijs rustig en keer regelmatig; te hoge hitte verbrandt de buitenkant voordat de kern gaar is.
- 04Stap 4
Meng balsamico en honing en schep door de warme groente.
- 05Stap 5
Controleer de worst op volledige garing tot volledig gaar in het thermische midden.
- 06Stap 6
Serveer met de gegrilde groente en peterselie.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Dit product heeft al een eigen kruiding of smaakopbouw. Voeg daarom niet automatisch extra rub, marinade of kruidenmix toe.
- Gaar worst op beheerste hitte en keer regelmatig. Prik de darm niet onnodig door; daarmee verlies je sap en vet. Controleer voor het serveren of de worst goed gaar en door en door warm is.
- Tip van Jan: Na het garen kan een korte rust de sappen beter verdelen voordat u aansnijdt.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een barbecuegerecht waarin de worst gecontroleerd gaart en de groente voor friszoete tegenhanger zorgt.
Ingrediënten
- ca. 600 g saucijs
- 2 blikken witte bonen
- 400 g tomatenblokjes
- 1 ui
- 2 tenen knoflook
- 60 g panko
- 30 g Parmezaan
- 1 el olijfolie
Bereiding
- 01Stap 1
Bak de saucijs rondom bruin maar nog niet volledig gaar; neem uit de pan.
- 02Stap 2
Fruit ui en knoflook, voeg tomaat en uitgelekte bonen toe en laat 10 minuten pruttelen.
- 03Stap 3
Leg de worst terug in de saus en gaar 10–15 minuten zacht door.
- 04Stap 4
Meng panko met Parmezaan en een beetje olie en strooi over de pan of ovenschaal.
- 05Stap 5
Gratineer 5 minuten onder een hete grill tot de kruim goudbruin is.
- 06Stap 6
Controleer de worst op volledige garing en serveer.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Dit product heeft al een eigen kruiding of smaakopbouw. Voeg daarom niet automatisch extra rub, marinade of kruidenmix toe.
- Gaar worst op beheerste hitte en keer regelmatig. Prik de darm niet onnodig door; daarmee verlies je sap en vet. Controleer voor het serveren of de worst goed gaar en door en door warm is.
- Tip van Jan: Bij een dikke worst is kleur van buiten niet genoeg om garing te beoordelen.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een rustieke éénpansmaaltijd met romige bonen en krokante bovenlaag.

Zeeuws spek
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- 200 g Zeeuws spek
- 320 g spaghetti
- 3 eidooiers
- 1 heel ei
- 80 g Pecorino
- 1 tl grof gemalen zwarte peper
- zout
Bereiding
- 01Stap 1
Snijd de Zeeuws spek in kleine stukjes en bak rustig uit tot het vet helder is en de randjes krokant zijn.
- 02Stap 2
Kook de spaghetti beetgaar en bewaar 150 ml kookwater.
- 03Stap 3
Klop eidooiers, heel ei, Pecorino en zwarte peper los.
- 04Stap 4
Meng de hete uitgelekte pasta met het spek en neem de pan van het vuur.
- 05Stap 5
Roer het eimengsel erdoor en voeg beetje bij beetje kookwater toe tot een romige saus ontstaat; laat het ei niet stollen.
- 06Stap 6
Serveer direct met extra Pecorino.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Dit product is al bereid en kan koud worden geserveerd of kort worden afgewerkt. Verwarm het alleen zo lang als nodig is voor de gekozen bereiding.
- Voeg niet automatisch extra zout, rub of marinade toe. De smaak die al in het product zit is het uitgangspunt.
- Werk het reeds bereide product kort in de pan af voor warmte of kleur; houd de verhitting kort zodat structuur en sappigheid behouden blijven.
- Tip van Jan: Pas rusttijd aan het product aan. Een heel stuk profiteert; krokant gepaneerd vlees serveert u juist direct.
- Gebruik de temperatuur- en bereidingsinformatie bij het product als laatste controle voor het serveren.
Volg voor opwarmen, bewaren en serveren de aanwijzingen bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een toepassing waarin het gerookte/zoute karakter van het product de saus draagt.
Ingrediënten
- 200 g Zeeuws spek
- 700 g krieltjes
- 1 friszure appel
- 2 lente-uien
- 1 el grove mosterd
- 2 el yoghurt
- 1 el appelazijn
- 1 el olie
Bereiding
- 01Stap 1
Halveer de krieltjes en rooster 30 minuten op 210 °C tot krokant.
- 02Stap 2
Bak de Zeeuws spek krokant en laat op keukenpapier uitlekken.
- 03Stap 3
Meng mosterd, yoghurt en appelazijn tot dressing.
- 04Stap 4
Snijd appel en lente-ui fijn.
- 05Stap 5
Schep warme krieltjes om met dressing, appel en lente-ui.
- 06Stap 6
Strooi het krokante spek er pas op het einde over zodat het knapperig blijft.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Dit product is al bereid en kan koud worden geserveerd of kort worden afgewerkt. Verwarm het alleen zo lang als nodig is voor de gekozen bereiding.
- Voeg niet automatisch extra zout, rub of marinade toe. De smaak die al in het product zit is het uitgangspunt.
- Warm of werk het reeds bereide product kort in de oven af; voorkom langdurig doorgaren en uitdrogen.
- Tip van Jan: Mosterd, appel, salie en zachte zuren passen goed bij varkensvlees zonder de vleessmaak te verstoppen.
- Gebruik de temperatuur- en bereidingsinformatie bij het product als laatste controle voor het serveren.
Volg voor opwarmen, bewaren en serveren de aanwijzingen bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Warm-koude aardappelsalade met zuur en fris fruit als tegengewicht voor spek.
Ingrediënten
- 180 g Zeeuws spek
- 4 flatbreads
- 2 uien
- 150 g crème fraîche
- 80 g geraspte kaas
- 1 appel
- 1 tl tijm
- 1 el olie
Bereiding
- 01Stap 1
Bak de uien langzaam goudbruin in een beetje olie.
- 02Stap 2
Leg de flatbreads op een bakplaat en bestrijk dun met crème fraîche.
- 03Stap 3
Verdeel ui en dunne plakjes Zeeuws spek over de flatbreads.
- 04Stap 4
Voeg dunne appelpartjes en kaas toe.
- 05Stap 5
Bak 8–10 minuten op 220 °C tot de randen krokant zijn.
- 06Stap 6
Werk af met slechts een beetje tijm omdat dat hier bewust bij ui en appel past.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Dit product is al bereid en kan koud worden geserveerd of kort worden afgewerkt. Verwarm het alleen zo lang als nodig is voor de gekozen bereiding.
- Voeg niet automatisch extra zout, rub of marinade toe. De smaak die al in het product zit is het uitgangspunt.
- Warm of werk het reeds bereide product kort in de oven af; voorkom langdurig doorgaren en uitdrogen.
- Tip van Jan: Glazuren met honing of suiker pas later aanbrengen zodat ze karamelliseren in plaats van verbranden.
- Gebruik de temperatuur- en bereidingsinformatie bij het product als laatste controle voor het serveren.
Volg voor opwarmen, bewaren en serveren de aanwijzingen bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Tijm is hier een bewuste smaakcombinatie in een flatbread, niet een standaard vleeskruid.
Vis & zeevruchten

Gerookte Zalmfiletplakken
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- 150 g zalm
- 1 ciabatta
- 250 g cherrytomaten
- 1 bol burrata
- 2 el olijfolie
- 1 el balsamico
- basilicum
- zwarte peper
Bereiding
- 01Stap 1
Rooster de tomaten 15 minuten op 200 °C met een beetje olijfolie.
- 02Stap 2
Snijd de ciabatta in plakken en rooster goudbruin.
- 03Stap 3
Verdeel burrata over de warme crostini.
- 04Stap 4
Leg de zalm losjes erop zodat de structuur zichtbaar blijft.
- 05Stap 5
Schep geroosterde tomaat erop en druppel balsamico erover.
- 06Stap 6
Werk af met basilicum en zwarte peper en serveer direct.
Zo bereid je deze vis op z’n best
- Dit product is al klaar om koud te serveren. Verwarm of bak het alleen wanneer de bereidingswijze bij dit product dat uitdrukkelijk aangeeft.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een borrelhap waarin charcuterie niet wordt weggegaard maar als kwaliteitsproduct wordt geserveerd.
Ingrediënten
- 150 g zalm
- 1 venkelknol
- 2 sinaasappels
- 60 g rucola
- 40 g Parmezaan
- 2 el olijfolie
- 1 el wittewijnazijn
- zwarte peper
Bereiding
- 01Stap 1
Schaaf de venkel zeer dun en leg 10 minuten in ijswater voor extra knapperigheid.
- 02Stap 2
Snijd de schil van de sinaasappels en snijd de partjes tussen de vliezen uit.
- 03Stap 3
Meng olijfolie en azijn tot een eenvoudige dressing.
- 04Stap 4
Laat de venkel goed uitlekken en meng met rucola en sinaasappel.
- 05Stap 5
Verdeel de zalm losjes over de salade.
- 06Stap 6
Schaaf Parmezaan erover en werk af met zwarte peper.
Zo bereid je deze vis op z’n best
- Dit product is al klaar om koud te serveren. Verwarm of bak het alleen wanneer de bereidingswijze bij dit product dat uitdrukkelijk aangeeft.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Frisse, bittere en zilte smaken maken een lichte lunch of voorgerecht.
Ingrediënten
- 150 g zalm
- 2 pizzabodems
- 200 g mozzarella
- 100 g crème fraîche
- 40 g Parmezaan
- 60 g rucola
- 1 el olijfolie
Bereiding
- 01Stap 1
Verwarm de oven zo heet mogelijk, bij voorkeur 240–250 °C.
- 02Stap 2
Bestrijk de pizzabodems dun met crème fraîche en verdeel mozzarella en Parmezaan erover.
- 03Stap 3
Bak de pizza's tot de bodem krokant en de kaas gesmolten is.
- 04Stap 4
Leg de zalm pas na het bakken op de hete pizza zodat de delicate structuur behouden blijft.
- 05Stap 5
Voeg rucola toe en druppel olijfolie erover.
- 06Stap 6
Snijd direct en serveer.
Zo bereid je deze vis op z’n best
- Dit product is al klaar om koud te serveren. Verwarm of bak het alleen wanneer de bereidingswijze bij dit product dat uitdrukkelijk aangeeft.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
De charcuterie gaat pas na de oven op de pizza en blijft daardoor zacht en aromatisch.

Kabeljauwloins
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- 4 porties kabeljauw
- 300 g cherrytomaten
- 80 g zwarte olijven
- 2 el kappertjes
- 1 rode ui
- 2 el olijfolie
- 1 bosje peterselie
- peper en zout
Bereiding
- 01Stap 1
Verwarm de oven voor op 190 °C.
- 02Stap 2
Verdeel tomaat, olijf, kappertjes en rode ui over een ovenschaal en besprenkel met olie.
- 03Stap 3
Rooster de groente 10 minuten zodat de tomaten beginnen open te barsten.
- 04Stap 4
Leg de kabeljauw erop en gaar afhankelijk van de dikte tot de vis net uit elkaar vlokt en sappig blijft.
- 05Stap 5
Laat vis niet onnodig doorbakken; haal uit de oven zodra de lamellen gemakkelijk loslaten.
- 06Stap 6
Werk af met peterselie en serveer met brood of aardappeltjes.
Zo bereid je deze vis op z’n best
- Dep de vis vlak voor de bereiding voorzichtig droog als het oppervlak vochtig is. Zo gaart hij mooier en blijft de structuur beter intact.
- Gaar de vis rustig in de oven en haal hem eruit zodra hij net gaar is. Zo blijft hij sappig en behoudt hij zijn fijne structuur.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Mediterrane ovenbereiding met vis-specifieke, korte garing.
Ingrediënten
- 4 porties kabeljauw
- 2 preien
- 1 sjalot
- 100 ml droge witte wijn
- 1 el wittewijnazijn
- 150 g koude boter
- 1 el olie
- peper en zout
Bereiding
- 01Stap 1
Stoof de prei zacht in een klein klontje boter en houd warm.
- 02Stap 2
Kook sjalot, wijn en azijn in tot er slechts enkele eetlepels vocht over zijn.
- 03Stap 3
Klop op laag vuur blokje voor blokje koude boter door de reductie; de saus mag daarna niet meer koken.
- 04Stap 4
Bak de kabeljauw in een anti-aanbakpan met olie op middelhoog vuur tot de buitenkant licht kleurt en de binnenkant net gaar is.
- 05Stap 5
Laat de vis hooguit 1–2 minuten staan.
- 06Stap 6
Serveer op de prei met een kleine hoeveelheid beurre blanc.
Zo bereid je deze vis op z’n best
- Dep de vis vlak voor de bereiding voorzichtig droog als het oppervlak vochtig is. Zo gaart hij mooier en blijft de structuur beter intact.
- Bak de vis in een goed verhitte pan en laat hem zoveel mogelijk met rust, zodat hij mooi kleurt zonder uit elkaar te vallen. Keer voorzichtig en gaar kort verder.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Klassieke vistechniek met precieze saus- en garingcontrole.
Ingrediënten
- 4 porties kabeljauw
- 60 g panko
- 30 g Parmezaan
- 1 el peterselie
- 1 tl mosterd
- 1 el olijfolie
- 1 citroen
Bereiding
- 01Stap 1
Meng panko, Parmezaan, peterselie en olijfolie.
- 02Stap 2
Bestrijk de bovenzijde van de kabeljauw dun met mosterd en druk de panko erop.
- 03Stap 3
Verwarm de airfryer voor op 180 °C.
- 04Stap 4
Bak afhankelijk van dikte circa 8–12 minuten tot de korst goudbruin is en de vis net gaar.
- 05Stap 5
Controleer vroeg: vis droogt snel uit in circulerende hete lucht.
- 06Stap 6
Serveer direct met een partje citroen en een groene salade.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
De airfryer geeft hier echt een ander resultaat: een krokante bovenlaag zonder frituur.

Scholfilet wit zonder huid
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- 4 porties schol
- 300 g cherrytomaten
- 80 g zwarte olijven
- 2 el kappertjes
- 1 rode ui
- 2 el olijfolie
- 1 bosje peterselie
- peper en zout
Bereiding
- 01Stap 1
Verwarm de oven voor op 190 °C.
- 02Stap 2
Verdeel tomaat, olijf, kappertjes en rode ui over een ovenschaal en besprenkel met olie.
- 03Stap 3
Rooster de groente 10 minuten zodat de tomaten beginnen open te barsten.
- 04Stap 4
Leg de schol erop en gaar afhankelijk van de dikte tot de vis net uit elkaar vlokt en sappig blijft.
- 05Stap 5
Laat vis niet onnodig doorbakken; haal uit de oven zodra de lamellen gemakkelijk loslaten.
- 06Stap 6
Werk af met peterselie en serveer met brood of aardappeltjes.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Mediterrane ovenbereiding met vis-specifieke, korte garing.
Ingrediënten
- 4 porties schol
- 2 preien
- 1 sjalot
- 100 ml droge witte wijn
- 1 el wittewijnazijn
- 150 g koude boter
- 1 el olie
- peper en zout
Bereiding
- 01Stap 1
Stoof de prei zacht in een klein klontje boter en houd warm.
- 02Stap 2
Kook sjalot, wijn en azijn in tot er slechts enkele eetlepels vocht over zijn.
- 03Stap 3
Klop op laag vuur blokje voor blokje koude boter door de reductie; de saus mag daarna niet meer koken.
- 04Stap 4
Bak de schol in een anti-aanbakpan met olie op middelhoog vuur tot de buitenkant licht kleurt en de binnenkant net gaar is.
- 05Stap 5
Laat de vis hooguit 1–2 minuten staan.
- 06Stap 6
Serveer op de prei met een kleine hoeveelheid beurre blanc.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Klassieke vistechniek met precieze saus- en garingcontrole.
Ingrediënten
- 4 porties schol
- 60 g panko
- 30 g Parmezaan
- 1 el peterselie
- 1 tl mosterd
- 1 el olijfolie
- 1 citroen
Bereiding
- 01Stap 1
Meng panko, Parmezaan, peterselie en olijfolie.
- 02Stap 2
Bestrijk de bovenzijde van de schol dun met mosterd en druk de panko erop.
- 03Stap 3
Verwarm de airfryer voor op 180 °C.
- 04Stap 4
Bak afhankelijk van dikte circa 8–12 minuten tot de korst goudbruin is en de vis net gaar.
- 05Stap 5
Controleer vroeg: vis droogt snel uit in circulerende hete lucht.
- 06Stap 6
Serveer direct met een partje citroen en een groene salade.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
De airfryer geeft hier echt een ander resultaat: een krokante bovenlaag zonder frituur.

Sliptong schoon
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- 4 porties sliptong
- 300 g cherrytomaten
- 80 g zwarte olijven
- 2 el kappertjes
- 1 rode ui
- 2 el olijfolie
- 1 bosje peterselie
- peper en zout
Bereiding
- 01Stap 1
Verwarm de oven voor op 190 °C.
- 02Stap 2
Verdeel tomaat, olijf, kappertjes en rode ui over een ovenschaal en besprenkel met olie.
- 03Stap 3
Rooster de groente 10 minuten zodat de tomaten beginnen open te barsten.
- 04Stap 4
Leg de sliptong erop en gaar afhankelijk van de dikte tot de vis net uit elkaar vlokt en sappig blijft.
- 05Stap 5
Laat vis niet onnodig doorbakken; haal uit de oven zodra de lamellen gemakkelijk loslaten.
- 06Stap 6
Werk af met peterselie en serveer met brood of aardappeltjes.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Mediterrane ovenbereiding met vis-specifieke, korte garing.
Ingrediënten
- 4 porties sliptong
- 2 preien
- 1 sjalot
- 100 ml droge witte wijn
- 1 el wittewijnazijn
- 150 g koude boter
- 1 el olie
- peper en zout
Bereiding
- 01Stap 1
Stoof de prei zacht in een klein klontje boter en houd warm.
- 02Stap 2
Kook sjalot, wijn en azijn in tot er slechts enkele eetlepels vocht over zijn.
- 03Stap 3
Klop op laag vuur blokje voor blokje koude boter door de reductie; de saus mag daarna niet meer koken.
- 04Stap 4
Bak de sliptong in een anti-aanbakpan met olie op middelhoog vuur tot de buitenkant licht kleurt en de binnenkant net gaar is.
- 05Stap 5
Laat de vis hooguit 1–2 minuten staan.
- 06Stap 6
Serveer op de prei met een kleine hoeveelheid beurre blanc.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Klassieke vistechniek met precieze saus- en garingcontrole.
Ingrediënten
- 4 porties sliptong
- 60 g panko
- 30 g Parmezaan
- 1 el peterselie
- 1 tl mosterd
- 1 el olijfolie
- 1 citroen
Bereiding
- 01Stap 1
Meng panko, Parmezaan, peterselie en olijfolie.
- 02Stap 2
Bestrijk de bovenzijde van de sliptong dun met mosterd en druk de panko erop.
- 03Stap 3
Verwarm de airfryer voor op 180 °C.
- 04Stap 4
Bak afhankelijk van dikte circa 8–12 minuten tot de korst goudbruin is en de vis net gaar.
- 05Stap 5
Controleer vroeg: vis droogt snel uit in circulerende hete lucht.
- 06Stap 6
Serveer direct met een partje citroen en een groene salade.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
De airfryer geeft hier echt een ander resultaat: een krokante bovenlaag zonder frituur.

Zalmfilet met huid
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- 4 porties zalm
- 300 g cherrytomaten
- 80 g zwarte olijven
- 2 el kappertjes
- 1 rode ui
- 2 el olijfolie
- 1 bosje peterselie
- peper en zout
Bereiding
- 01Stap 1
Verwarm de oven voor op 190 °C.
- 02Stap 2
Verdeel tomaat, olijf, kappertjes en rode ui over een ovenschaal en besprenkel met olie.
- 03Stap 3
Rooster de groente 10 minuten zodat de tomaten beginnen open te barsten.
- 04Stap 4
Leg de zalm erop en gaar afhankelijk van de dikte tot de vis net uit elkaar vlokt en sappig blijft.
- 05Stap 5
Laat vis niet onnodig doorbakken; haal uit de oven zodra de lamellen gemakkelijk loslaten.
- 06Stap 6
Werk af met peterselie en serveer met brood of aardappeltjes.
Zo bereid je deze vis op z’n best
- Dep de vis vlak voor de bereiding voorzichtig droog, vooral aan de huidzijde. Een droge huid kleurt mooier en wordt makkelijker krokant.
- Gaar de vis rustig in de oven met de huidzijde naar beneden. Haal hem eruit zodra hij net gaar is, zodat hij sappig en zacht blijft.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Mediterrane ovenbereiding met vis-specifieke, korte garing.
Ingrediënten
- 4 porties zalm
- 2 preien
- 1 sjalot
- 100 ml droge witte wijn
- 1 el wittewijnazijn
- 150 g koude boter
- 1 el olie
- peper en zout
Bereiding
- 01Stap 1
Stoof de prei zacht in een klein klontje boter en houd warm.
- 02Stap 2
Kook sjalot, wijn en azijn in tot er slechts enkele eetlepels vocht over zijn.
- 03Stap 3
Klop op laag vuur blokje voor blokje koude boter door de reductie; de saus mag daarna niet meer koken.
- 04Stap 4
Bak de zalm in een anti-aanbakpan met olie op middelhoog vuur tot de buitenkant licht kleurt en de binnenkant net gaar is.
- 05Stap 5
Laat de vis hooguit 1–2 minuten staan.
- 06Stap 6
Serveer op de prei met een kleine hoeveelheid beurre blanc.
Zo bereid je deze vis op z’n best
- Dep de vis vlak voor de bereiding voorzichtig droog, vooral aan de huidzijde. Een droge huid kleurt mooier en wordt makkelijker krokant.
- Bak de vis eerst op de huidzijde in een goed verhitte pan en geef hem tijd om rustig kleur te krijgen. Keer pas wanneer de huid mooi stevig is en de vis gemakkelijk loslaat.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Klassieke vistechniek met precieze saus- en garingcontrole.
Ingrediënten
- 4 porties zalm
- 60 g panko
- 30 g Parmezaan
- 1 el peterselie
- 1 tl mosterd
- 1 el olijfolie
- 1 citroen
Bereiding
- 01Stap 1
Meng panko, Parmezaan, peterselie en olijfolie.
- 02Stap 2
Bestrijk de bovenzijde van de zalm dun met mosterd en druk de panko erop.
- 03Stap 3
Verwarm de airfryer voor op 180 °C.
- 04Stap 4
Bak afhankelijk van dikte circa 8–12 minuten tot de korst goudbruin is en de vis net gaar.
- 05Stap 5
Controleer vroeg: vis droogt snel uit in circulerende hete lucht.
- 06Stap 6
Serveer direct met een partje citroen en een groene salade.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
De airfryer geeft hier echt een ander resultaat: een krokante bovenlaag zonder frituur.
Wild

Hertenpoulet
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- 1 kg hertenpoulet
- 2 uien
- 2 wortels
- 300 g paddenstoelen
- 500 ml rode wijn
- 400 ml wildfond
- 8 jeneverbessen
- 2 laurierbladen
- 2 takjes tijm
- 2 el olie
- 30 g boter
Bereiding
- 01Stap 1
Dep alleen zichtbaar vocht van de hertenpoulet en bak het vlees in porties donkerbruin.
- 02Stap 2
Bak ui en wortel in dezelfde pan.
- 03Stap 3
Voeg jeneverbessen, laurier en tijm toe en blus met rode wijn.
- 04Stap 4
Voeg wildfond en het vlees toe en laat zacht stoven.
- 05Stap 5
Voeg de paddenstoelen in het laatste deel toe.
- 06Stap 6
Controleer niet alleen de tijd: het vlees is klaar wanneer de blokken zonder veel weerstand zacht zijn.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Snijd stoofvlees alleen kleiner als het recept dat nodig heeft en houd de stukken zoveel mogelijk gelijk van formaat, zodat ze gelijkmatig garen.
- Braad de vleesstukken waar het recept dat toelaat in porties aan voor kleur en smaak. Laat ze daarna rustig stoven: zacht pruttelen, niet hard doorkoken, en gebruik malsheid als eindcontrole in plaats van alleen een vaste tijd.
- Tip van Jan: Borst van fazant is mager. Gebruik gecontroleerde garing en een passende saus of boter voor sappigheid.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Klassieke stoofroute voor rauwe hertenpoulet.
Ingrediënten
- 1 kg hertenpoulet
- 2 uien
- 330 ml donker bier
- 400 ml wildfond
- 2 laurierbladen
- 5 jeneverbessen
- 2 plakken ontbijtkoek
- 2 el olie
- 30 g boter
- zout en peper
Bereiding
- 01Stap 1
Bak de hertenpoulet in porties stevig bruin.
- 02Stap 2
Fruit de uien in de braadpan.
- 03Stap 3
Blus met donker bier en voeg wildfond, laurier en jeneverbessen toe.
- 04Stap 4
Doe het vlees terug en laat zacht stoven tot het mals is.
- 05Stap 5
Verkruimel de ontbijtkoek in de saus en laat binden.
- 06Stap 6
Proef en serveer wanneer het vlees vorkmals is.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Snijd stoofvlees alleen kleiner als het recept dat nodig heeft en houd de stukken zoveel mogelijk gelijk van formaat, zodat ze gelijkmatig garen.
- Braad de vleesstukken waar het recept dat toelaat in porties aan voor kleur en smaak. Laat ze daarna rustig stoven: zacht pruttelen, niet hard doorkoken, en gebruik malsheid als eindcontrole in plaats van alleen een vaste tijd.
- Tip van Jan: Borst van fazant is mager. Gebruik gecontroleerde garing en een passende saus of boter voor sappigheid.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Donker bier en specerijen passen goed bij hertenstoof.
Ingrediënten
- 1 kg hertenpoulet
- 300 g knolselderij
- 150 g zilveruitjes
- 400 ml wildfond
- 200 ml rode wijn
- 2 takjes tijm
- 1 laurierblad
- 2 el olie
- 30 g boter
Bereiding
- 01Stap 1
Bak de hertenpoulet in porties rondom bruin.
- 02Stap 2
Bak knolselderij kort mee.
- 03Stap 3
Blus met rode wijn en voeg wildfond, tijm en laurier toe.
- 04Stap 4
Laat zacht stoven tot het vlees mals begint te worden.
- 05Stap 5
Voeg de zilveruitjes toe en stoof verder tot alles gaar is.
- 06Stap 6
Verwijder laurier en serveer met aardappelpuree.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Snijd stoofvlees alleen kleiner als het recept dat nodig heeft en houd de stukken zoveel mogelijk gelijk van formaat, zodat ze gelijkmatig garen.
- Braad de vleesstukken waar het recept dat toelaat in porties aan voor kleur en smaak. Laat ze daarna rustig stoven: zacht pruttelen, niet hard doorkoken, en gebruik malsheid als eindcontrole in plaats van alleen een vaste tijd.
- Tip van Jan: Een kort gebakken wildfilet of medaillon profiteert van korte rust; stoofstukken juist van lange zachte garing.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een zachte wildragout waarbij malsheid het eindpunt bepaalt.

Rib/Haaskarbonade per 2 stuks
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- ca. 700 g ribkarbonade
- 1 bos platte peterselie
- 2 tenen knoflook
- 1 kleine rode peper
- 2 el rodewijnazijn
- 80 ml olijfolie
- 1 tl gedroogde oregano
- zout
Bereiding
- 01Stap 1
Hak peterselie, knoflook en rode peper fijn en meng met azijn, olijfolie, oregano en zout. Laat de chimichurri minimaal 15 minuten staan.
- 02Stap 2
Maak de barbecue gereed met een hete directe zone en een rustigere indirecte zone.
- 03Stap 3
Grill de ribkarbonade boven directe hitte rondom stevig aan voor een donkere korst zonder te verbranden.
- 04Stap 4
Verplaats de ribkarbonade zo nodig naar indirecte hitte en gaar tot 63–65 °C in het dikste deel; laat daarna minimaal 3 minuten rusten.
- 05Stap 5
Laat 8–10 minuten rusten, losjes afgedekt.
- 06Stap 6
Laat 5–8 minuten rusten en snijd pas daarna aan; serveer als hele portie of in gelijkmatige plakken.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Gebruik het zout uit het recept doelgericht op het vlees en verdeel het gelijkmatig. Voeg geen extra zout toe buiten de receptuur zonder eerst de totale kruiding te beoordelen.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Gebruik directe hitte voor een mooie korst. Dikke stukken kun je daarna indirect verder laten garen; dunne steaks of kleine delen blijven vooral boven directe hitte. Controleer de gaarheid in het dikste deel.
- Tip van Jan: Een dikke karbonade wordt mooier als de korst eerst ontstaat en de kern daarna rustiger gaart.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Fris, kruidig en uitgesproken zonder de ribkarbonade onder een zware saus te verstoppen.
Ingrediënten
- ca. 700 g ribkarbonade
- 250 g kastanjechampignons
- 1 sjalot
- 1 el groene peperkorrels
- 150 ml kookroom
- 150 ml fond
- 1 el olie
- 20 g boter
Bereiding
- 01Stap 1
Snijd de champignons in kwarten en bak ze op hoog vuur in een droge pan tot ze kleur krijgen; voeg pas daarna een klein klontje boter toe en houd warm.
- 02Stap 2
Bak de ribkarbonade in een zeer hete pan rondom bruin en gaar tot 63–65 °C in het dikste deel; laat daarna minimaal 3 minuten rusten.
- 03Stap 3
Laat de ribkarbonade rusten terwijl u de saus maakt.
- 04Stap 4
Fruit sjalot en groene peperkorrels kort in dezelfde pan, voeg fond toe en kook tot ongeveer de helft in.
- 05Stap 5
Voeg room toe en laat rustig binden; proef voordat u extra zout toevoegt.
- 06Stap 6
Snijd de ribkarbonade en serveer met de paddenstoelen en een kleine lepel pepersaus.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Gebruik het zout uit het recept doelgericht op het vlees en verdeel het gelijkmatig. Voeg geen extra zout toe buiten de receptuur zonder eerst de totale kruiding te beoordelen.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Verhit de pan eerst goed en gebruik waar nodig slechts een dun laagje hittebestendig bakvet. Geef het vlees ruimte en bouw een duidelijke korst op zonder voortdurend te schuiven; verlaag daarna de hitte wanneer het stuk nog moet doorgaren.
- Voeg boter en aromaten uit het recept pas na de eerste korstfase toe en lepel het schuimende bakvet kort over het vlees; zo blijven de aromaten frisser en verbranden ze minder snel.
- Tip van Jan: Kleur varkenshaas rondom en laat een dik stuk daarna rustiger doorgaren.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een restaurantklassieker met romige saus en geroosterde paddenstoelen.
Ingrediënten
- ca. 700 g ribkarbonade
- 2 stronken paksoi
- 2 lente-uien
- 2 el sojasaus
- 1 el rijstazijn
- 1 tl sesamolie
- 1 tl honing
- 1 el neutrale olie
- 1 tl geroosterde sesam
Bereiding
- 01Stap 1
Snijd de ribkarbonade alleen als het deelstuk dat toelaat in dunne plakken dwars op de draad; laat dikke steaks juist heel en snijd pas na het garen.
- 02Stap 2
Meng sojasaus, rijstazijn, sesamolie en honing tot een snelle jus.
- 03Stap 3
Bak de ribkarbonade zeer heet en kort zodat het vlees kleurt zonder uit te drogen; gaar verder tot 63–65 °C in het dikste deel; laat daarna minimaal 3 minuten rusten.
- 04Stap 4
Roerbak paksoi en lente-ui 2–3 minuten zodat ze fris en knapperig blijven.
- 05Stap 5
Voeg de sojajus kort toe en laat slechts enkele seconden bruisen.
- 06Stap 6
Serveer de ribkarbonade met paksoi en bestrooi met sesam.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng naturel vlees vlak voor de bereiding gelijkmatig op smaak met zout. Volg een langere zout- of dry-brinefase alleen wanneer het recept dat bewust voorschrijft.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Verhit de pan eerst goed en gebruik waar nodig slechts een dun laagje hittebestendig bakvet. Geef het vlees ruimte en bouw een duidelijke korst op zonder voortdurend te schuiven; verlaag daarna de hitte wanneer het stuk nog moet doorgaren.
- Tip van Jan: Pas rusttijd aan het product aan. Een heel stuk profiteert; krokant gepaneerd vlees serveert u juist direct.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een moderne, lichtere bereiding met veel umami en korte garing.