Recepten & inspiratie
Kies je product en open het recept direct op deze pagina.
Alle recepten

Varkenshaas Vers
2 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- ca. 700 g varkenshaas
- 700 g krieltjes
- 2 sjalotten
- 150 ml rode wijn
- 200 ml runder- of kalfsfond
- 30 g koude boter
- 1 el neutrale olie
- zout en zwarte peper
Bereiding
- 01Stap 1
Laat de varkenshaas 20–30 minuten temperen. Is het oppervlak zichtbaar vochtig, dep dan alleen dat vocht weg; verder is geen voorbehandeling nodig.
- 02Stap 2
Rooster de krieltjes in een oven van 210 °C in 30–35 minuten goudbruin en gaar.
- 03Stap 3
Verhit een zware koekenpan zeer heet, voeg olie toe en bak de varkenshaas rondom krachtig aan. Gaar verder tot 63–65 °C in het dikste deel; laat daarna minimaal 3 minuten rusten.
- 04Stap 4
Neem de varkenshaas uit de pan en laat 8–10 minuten rusten. Fruit intussen de sjalot in dezelfde pan.
- 05Stap 5
Blus met rode wijn, laat tot ongeveer de helft inkoken, voeg fond toe en reduceer tot sausdikte. Klop van het vuur af de koude boter erdoor.
- 06Stap 6
Snijd de varkenshaas dwars op de draad waar dat voor dit deelstuk relevant is en serveer met de jus en krieltjes.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng het vlees vlak voor de bereiding op smaak met zout en zwarte peper. Voor een vollere, kruidige smaak kun je in plaats daarvan Jans Biefstuk Kruidenmix gebruiken. Kies één van beide; zo blijft de kruiding mooi in balans.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Verhit de pan eerst goed en gebruik waar nodig slechts een dun laagje hittebestendig bakvet. Geef het vlees ruimte en bouw een duidelijke korst op zonder voortdurend te schuiven; verlaag daarna de hitte wanneer het stuk nog moet doorgaren.
- Voeg boter en aromaten uit het recept pas na de eerste korstfase toe en lepel het schuimende bakvet kort over het vlees; zo blijven de aromaten frisser en verbranden ze minder snel.
- Tip van Jan: Dunne staartstukken zijn eerder klaar dan dikke middendelen; haal ze zo nodig eerder uit de pan.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Kerntemperatuur & eindcontrole
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een klassieke bistrobereiding waarin de smaak van varkenshaas centraal blijft.
Ingrediënten
- ca. 700 g varkenshaas
- 250 g kastanjechampignons
- 1 sjalot
- 1 el groene peperkorrels
- 150 ml kookroom
- 150 ml fond
- 1 el olie
- 20 g boter
Bereiding
- 01Stap 1
Snijd de champignons in kwarten en bak ze op hoog vuur in een droge pan tot ze kleur krijgen; voeg pas daarna een klein klontje boter toe en houd warm.
- 02Stap 2
Bak de varkenshaas in een zeer hete pan rondom bruin en gaar tot 63–65 °C in het dikste deel; laat daarna minimaal 3 minuten rusten.
- 03Stap 3
Laat de varkenshaas rusten terwijl u de saus maakt.
- 04Stap 4
Fruit sjalot en groene peperkorrels kort in dezelfde pan, voeg fond toe en kook tot ongeveer de helft in.
- 05Stap 5
Voeg room toe en laat rustig binden; proef voordat u extra zout toevoegt.
- 06Stap 6
Snijd de varkenshaas en serveer met de paddenstoelen en een kleine lepel pepersaus.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng het vlees vlak voor de bereiding op smaak met zout en zwarte peper. Voor een vollere, kruidige smaak kun je in plaats daarvan Jans Biefstuk Kruidenmix gebruiken. Kies één van beide; zo blijft de kruiding mooi in balans.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Verhit de pan eerst goed en gebruik waar nodig slechts een dun laagje hittebestendig bakvet. Geef het vlees ruimte en bouw een duidelijke korst op zonder voortdurend te schuiven; verlaag daarna de hitte wanneer het stuk nog moet doorgaren.
- Voeg boter en aromaten uit het recept pas na de eerste korstfase toe en lepel het schuimende bakvet kort over het vlees; zo blijven de aromaten frisser en verbranden ze minder snel.
- Tip van Jan: Laat vis in de pan eerst een korst vormen voordat u probeert te keren.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Kerntemperatuur & eindcontrole
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een restaurantklassieker met romige saus en geroosterde paddenstoelen.

Varkenshaasmedaillons
2 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- ca. 700 g varkenshaas
- 250 g kastanjechampignons
- 1 sjalot
- 1 el groene peperkorrels
- 150 ml kookroom
- 150 ml fond
- 1 el olie
- 20 g boter
Bereiding
- 01Stap 1
Snijd de champignons in kwarten en bak ze op hoog vuur in een droge pan tot ze kleur krijgen; voeg pas daarna een klein klontje boter toe en houd warm.
- 02Stap 2
Bak de varkenshaas in een zeer hete pan rondom bruin en gaar tot 63–65 °C in het dikste deel; laat daarna minimaal 3 minuten rusten.
- 03Stap 3
Laat de varkenshaas rusten terwijl u de saus maakt.
- 04Stap 4
Fruit sjalot en groene peperkorrels kort in dezelfde pan, voeg fond toe en kook tot ongeveer de helft in.
- 05Stap 5
Voeg room toe en laat rustig binden; proef voordat u extra zout toevoegt.
- 06Stap 6
Snijd de varkenshaas en serveer met de paddenstoelen en een kleine lepel pepersaus.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng het vlees vlak voor de bereiding op smaak met zout en zwarte peper. Voor een vollere, kruidige smaak kun je in plaats daarvan Jans Biefstuk Kruidenmix gebruiken. Kies één van beide; zo blijft de kruiding mooi in balans.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Verhit de pan eerst goed en gebruik waar nodig slechts een dun laagje hittebestendig bakvet. Geef het vlees ruimte en bouw een duidelijke korst op zonder voortdurend te schuiven; verlaag daarna de hitte wanneer het stuk nog moet doorgaren.
- Voeg boter en aromaten uit het recept pas na de eerste korstfase toe en lepel het schuimende bakvet kort over het vlees; zo blijven de aromaten frisser en verbranden ze minder snel.
- Tip van Jan: Laat vis in de pan eerst een korst vormen voordat u probeert te keren.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een restaurantklassieker met romige saus en geroosterde paddenstoelen.
Ingrediënten
- ca. 700 g varkenshaas
- 2 stronken paksoi
- 2 lente-uien
- 2 el sojasaus
- 1 el rijstazijn
- 1 tl sesamolie
- 1 tl honing
- 1 el neutrale olie
- 1 tl geroosterde sesam
Bereiding
- 01Stap 1
Snijd de varkenshaas alleen als het deelstuk dat toelaat in dunne plakken dwars op de draad; laat dikke steaks juist heel en snijd pas na het garen.
- 02Stap 2
Meng sojasaus, rijstazijn, sesamolie en honing tot een snelle jus.
- 03Stap 3
Bak de varkenshaas zeer heet en kort zodat het vlees kleurt zonder uit te drogen; gaar verder tot 63–65 °C in het dikste deel; laat daarna minimaal 3 minuten rusten.
- 04Stap 4
Roerbak paksoi en lente-ui 2–3 minuten zodat ze fris en knapperig blijven.
- 05Stap 5
Voeg de sojajus kort toe en laat slechts enkele seconden bruisen.
- 06Stap 6
Serveer de varkenshaas met paksoi en bestrooi met sesam.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng naturel vlees op smaak met zout en zwarte peper, óf gebruik Jans Biefstuk Kruidenmix als smaakvol alternatief. Kies één van beide en voorkom dubbele kruiding.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Verhit de pan eerst goed en gebruik waar nodig slechts een dun laagje hittebestendig bakvet. Geef het vlees ruimte en bouw een duidelijke korst op zonder voortdurend te schuiven; verlaag daarna de hitte wanneer het stuk nog moet doorgaren.
- Tip van Jan: Dunne staartstukken zijn eerder klaar dan dikke middendelen; haal ze zo nodig eerder uit de pan.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een moderne, lichtere bereiding met veel umami en korte garing.

Varkenshaassaté blokjes
2 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- 500 g Varkenshaassaté blokjes
- 300 g rijst
- 1 komkommer
- 1 rode ui
- 200 ml pindasaus
- 2 bosuien
Bereiding
- 01Stap 1
Kook de rijst en houd warm.
- 02Stap 2
Snijd komkommer en rode ui dun en maak er een frisse salade van.
- 03Stap 3
Verhit een ruime koekenpan goed voor en bak de Varkenshaassaté blokjes in één laag rondom bruin. Werk zo nodig in twee porties.
- 04Stap 4
Zet het vuur iets lager zodra de blokjes kleur hebben en gaar tot 63–65 °C in een van de dikste stukjes. Laat daarna minimaal 3 minuten rusten.
- 05Stap 5
Warm de pindasaus apart en serveer de satéblokjes met rijst, komkommer, bosui en pindasaus.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Laat de aanwezige marinade of kruiding op het product zitten en volg die smaak als uitgangspunt. Dep een gemarineerd product niet droog alsof het naturel vlees is.
- Dit zijn losse satéstukjes. Bereid ze als losse vleesstukjes en gebruik alleen spies-instructies wanneer het product daadwerkelijk op een spies zit.
- Dit product heeft al een eigen kruiding of smaakopbouw. Voeg daarom niet automatisch extra rub, marinade of kruidenmix toe.
- Bak saté met voldoende ruimte zodat de stukken kleuren in plaats van stomen. Keer regelmatig en controleer het dikste stukje vlees voordat je serveert.
- Tip van Jan: Vis koelt een pan snel af. Bak porties met ruimte ertussen voor kleur in plaats van stoom.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Rijst, komkommer en pindasaus
Ingrediënten
- 500 g Varkenshaassaté blokjes
- 250 g noedels
- 2 stronken paksoi
- 3 bosuien
- 1 limoen
- 2 el sojasaus
- 1 tl sesamolie
Bereiding
- 01Stap 1
Kook de noedels volgens de verpakking en laat goed uitlekken.
- 02Stap 2
Snijd paksoi en bosui en meng limoensap, sojasaus en sesamolie tot dressing.
- 03Stap 3
Bak de Varkenshaassaté blokjes in een hete wok of ruime pan rondom bruin. Houd de blokjes los van elkaar zodat ze bakken in plaats van stomen.
- 04Stap 4
Gaar tot 63–65 °C in een dik stukje en laat minimaal 3 minuten rusten. Roerbak intussen de paksoi kort.
- 05Stap 5
Schep noedels en dressing door de groente en verdeel de satéblokjes erover. Werk af met bosui en serveer direct.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Laat de aanwezige marinade of kruiding op het product zitten en volg die smaak als uitgangspunt. Dep een gemarineerd product niet droog alsof het naturel vlees is.
- Dit zijn losse satéstukjes. Bereid ze als losse vleesstukjes en gebruik alleen spies-instructies wanneer het product daadwerkelijk op een spies zit.
- Dit product heeft al een eigen kruiding of smaakopbouw. Voeg daarom niet automatisch extra rub, marinade of kruidenmix toe.
- Bak saté met voldoende ruimte zodat de stukken kleuren in plaats van stomen. Keer regelmatig en controleer het dikste stukje vlees voordat je serveert.
- Tip van Jan: Vis koelt een pan snel af. Bak porties met ruimte ertussen voor kleur in plaats van stoom.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Noedels, paksoi en sesam-limoendressing

Varkenshaassaté spies 10 st. Vers
2 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- 8 varkenshaas
- 200 ml pindasaus
- 1 komkommer
- 2 el rijstazijn
- 1 tl suiker
- 2 bosuien
- 30 g gebakken uitjes
- 300 g rijst
Bereiding
- 01Stap 1
Kook de rijst en houd warm.
- 02Stap 2
Snijd de komkommer dun en meng met rijstazijn en suiker; laat 15 minuten staan.
- 03Stap 3
Maak de barbecue gereed voor middelhoge directe hitte.
- 04Stap 4
Grill de varkenshaas rondom tot goed gekleurd en 63–65 °C in het dikste deel; laat daarna minimaal 3 minuten rusten. Gaar tot 63–65 °C in het dikste deel; laat daarna minimaal 3 minuten rusten en voorkom uitdrogen.
- 05Stap 5
Verwarm de pindasaus rustig zonder hard te koken.
- 06Stap 6
Serveer de spiesen met rijst, komkommer, pindasaus, bosui en gebakken uitjes.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Laat de aanwezige marinade of kruiding op het product zitten en volg die smaak als uitgangspunt. Dep een gemarineerd product niet droog alsof het naturel vlees is.
- Dit is daadwerkelijk een gespiesd product: houd de stukken compact op de spies en keer de spies tijdens het garen zodat alle zijden gelijkmatig hitte krijgen.
- Dit product heeft al een eigen kruiding of smaakopbouw. Voeg daarom niet automatisch extra rub, marinade of kruidenmix toe.
- Gaar saté boven directe, beheersbare hitte en keer regelmatig. Laat een zoete marinade niet verbranden en controleer het dikste stukje vlees voordat je serveert.
- Tip van Jan: Haal vis tijdig van de hitte; restwarmte kan de kern nog enkele graden laten stijgen.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een complete saté-achtige maaltijd waarin de spies echt de hoofdrol houdt.
Ingrediënten
- 8 varkenshaas
- 250 g noedels
- 2 stronken paksoi
- 3 bosuien
- 1 limoen
- 2 el sojasaus
- 1 tl sesamolie
- 1 el sesam
Bereiding
- 01Stap 1
Kook de noedels en spoel kort af.
- 02Stap 2
Roerbak paksoi en bosui op hoog vuur zodat ze knapperig blijven.
- 03Stap 3
Grill of bak de varkenshaas tot mooi gekleurd en 63–65 °C in het dikste deel; laat daarna minimaal 3 minuten rusten. Gaar tot 63–65 °C in het dikste deel; laat daarna minimaal 3 minuten rusten en voorkom uitdrogen.
- 04Stap 4
Meng limoensap, sojasaus en sesamolie tot dressing.
- 05Stap 5
Schep noedels en paksoi door de dressing.
- 06Stap 6
Serveer de spiesen erop en bestrooi met sesam.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Laat de aanwezige marinade of kruiding op het product zitten en volg die smaak als uitgangspunt. Dep een gemarineerd product niet droog alsof het naturel vlees is.
- Dit is daadwerkelijk een gespiesd product: houd de stukken compact op de spies en keer de spies tijdens het garen zodat alle zijden gelijkmatig hitte krijgen.
- Dit product heeft al een eigen kruiding of smaakopbouw. Voeg daarom niet automatisch extra rub, marinade of kruidenmix toe.
- Gaar saté boven directe, beheersbare hitte en keer regelmatig. Laat een zoete marinade niet verbranden en controleer het dikste stukje vlees voordat je serveert.
- Tip van Jan: Wilt u krokante huid behouden, schep saus op het bord en leg de vis erop.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een lichte Aziatische toepassing met frisse dressing en korte groentegaring.

Varkenshaassaté spies 2 st. vers
2 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- 8 varkenshaas
- 200 ml pindasaus
- 1 komkommer
- 2 el rijstazijn
- 1 tl suiker
- 2 bosuien
- 30 g gebakken uitjes
- 300 g rijst
Bereiding
- 01Stap 1
Kook de rijst en houd warm.
- 02Stap 2
Snijd de komkommer dun en meng met rijstazijn en suiker; laat 15 minuten staan.
- 03Stap 3
Maak de barbecue gereed voor middelhoge directe hitte.
- 04Stap 4
Grill de varkenshaas rondom tot goed gekleurd en 63–65 °C in het dikste deel; laat daarna minimaal 3 minuten rusten. Gaar tot 63–65 °C in het dikste deel; laat daarna minimaal 3 minuten rusten en voorkom uitdrogen.
- 05Stap 5
Verwarm de pindasaus rustig zonder hard te koken.
- 06Stap 6
Serveer de spiesen met rijst, komkommer, pindasaus, bosui en gebakken uitjes.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Laat de aanwezige marinade of kruiding op het product zitten en volg die smaak als uitgangspunt. Dep een gemarineerd product niet droog alsof het naturel vlees is.
- Dit is daadwerkelijk een gespiesd product: houd de stukken compact op de spies en keer de spies tijdens het garen zodat alle zijden gelijkmatig hitte krijgen.
- Dit product heeft al een eigen kruiding of smaakopbouw. Voeg daarom niet automatisch extra rub, marinade of kruidenmix toe.
- Gaar saté boven directe, beheersbare hitte en keer regelmatig. Laat een zoete marinade niet verbranden en controleer het dikste stukje vlees voordat je serveert.
- Tip van Jan: Haal vis tijdig van de hitte; restwarmte kan de kern nog enkele graden laten stijgen.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een complete saté-achtige maaltijd waarin de spies echt de hoofdrol houdt.
Ingrediënten
- 8 varkenshaas
- 250 g noedels
- 2 stronken paksoi
- 3 bosuien
- 1 limoen
- 2 el sojasaus
- 1 tl sesamolie
- 1 el sesam
Bereiding
- 01Stap 1
Kook de noedels en spoel kort af.
- 02Stap 2
Roerbak paksoi en bosui op hoog vuur zodat ze knapperig blijven.
- 03Stap 3
Grill of bak de varkenshaas tot mooi gekleurd en 63–65 °C in het dikste deel; laat daarna minimaal 3 minuten rusten. Gaar tot 63–65 °C in het dikste deel; laat daarna minimaal 3 minuten rusten en voorkom uitdrogen.
- 04Stap 4
Meng limoensap, sojasaus en sesamolie tot dressing.
- 05Stap 5
Schep noedels en paksoi door de dressing.
- 06Stap 6
Serveer de spiesen erop en bestrooi met sesam.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Laat de aanwezige marinade of kruiding op het product zitten en volg die smaak als uitgangspunt. Dep een gemarineerd product niet droog alsof het naturel vlees is.
- Dit is daadwerkelijk een gespiesd product: houd de stukken compact op de spies en keer de spies tijdens het garen zodat alle zijden gelijkmatig hitte krijgen.
- Dit product heeft al een eigen kruiding of smaakopbouw. Voeg daarom niet automatisch extra rub, marinade of kruidenmix toe.
- Gaar saté boven directe, beheersbare hitte en keer regelmatig. Laat een zoete marinade niet verbranden en controleer het dikste stukje vlees voordat je serveert.
- Tip van Jan: Wilt u krokante huid behouden, schep saus op het bord en leg de vis erop.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een lichte Aziatische toepassing met frisse dressing en korte groentegaring.

Varkensnek rollade vers
2 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- ca. 1 kg procureur
- 3 uien
- 330 ml donker bier
- 400 ml bouillon
- 2 el bloem
- 1 el mosterd
- 2 laurierblaadjes
- 30 g boter
Bereiding
- 01Stap 1
Snijd de procureur in gelijkmatige stukken als dat nog niet is gebeurd. Is het oppervlak zichtbaar nat, dep alleen dat vocht weg zodat het vlees kan bruinen.
- 02Stap 2
Bak het vlees in porties stevig bruin in boter; leg elke portie apart.
- 03Stap 3
Bak de ui rustig goudbruin, bestuif met bloem en laat 1 minuut meegaren.
- 04Stap 4
Blus met bier en bouillon en roer alle aanbaksels los. Voeg mosterd en laurier toe.
- 05Stap 5
Doe het vlees terug en laat 2,5–3 uur zeer zacht stoven tot het lepelmals is; laat de saus het laatste halfuur zo nodig zonder deksel inkoken.
- 06Stap 6
Proef pas op het einde op zout en serveer met aardappelpuree of friet.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Gebruik het zout uit het recept doelgericht op het vlees en verdeel het gelijkmatig. Voeg geen extra zout toe buiten de receptuur zonder eerst de totale kruiding te beoordelen.
- Braad de vleesstukken waar het recept dat toelaat in porties aan voor kleur en smaak. Laat ze daarna rustig stoven: zacht pruttelen, niet hard doorkoken, en gebruik malsheid als eindcontrole in plaats van alleen een vaste tijd.
- Tip van Jan: Snijd vlees zo laat mogelijk. Zo blijft het warmer en verliest het minder vocht.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Kerntemperatuur & eindcontrole
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Diepe, klassieke stoofsmaak door bruinen, reduceren en langzame garing.
Ingrediënten
- ca. 1 kg procureur
- 150 g spekblokjes
- 2 wortels
- 2 uien
- 250 g champignons
- 500 ml rode wijn
- 400 ml bouillon
- 1 el tomatenpuree
- 2 laurierblaadjes
Bereiding
- 01Stap 1
Bak de spekblokjes uit en schep ze uit de pan.
- 02Stap 2
Bak de procureur in porties rondom donkerbruin en neem uit de pan.
- 03Stap 3
Bak ui en wortel, voeg tomatenpuree toe en bak 1 minuut mee.
- 04Stap 4
Blus met rode wijn en bouillon, voeg laurier toe en doe het vlees terug. Laat circa 3 uur zeer zacht stoven.
- 05Stap 5
Bak de champignons apart bruin en voeg ze met het spek pas in het laatste halfuur toe.
- 06Stap 6
Het gerecht is klaar wanneer het vlees zonder weerstand uit elkaar valt en de saus glanst.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng naturel vlees vlak voor de bereiding gelijkmatig op smaak met zout. Volg een langere zout- of dry-brinefase alleen wanneer het recept dat bewust voorschrijft.
- Braad de vleesstukken waar het recept dat toelaat in porties aan voor kleur en smaak. Laat ze daarna rustig stoven: zacht pruttelen, niet hard doorkoken, en gebruik malsheid als eindcontrole in plaats van alleen een vaste tijd.
- Tip van Jan: Snijd vlees zo laat mogelijk. Zo blijft het warmer en verliest het minder vocht.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Kerntemperatuur & eindcontrole
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een Franse klassieker met gelaagde smaak en paddenstoelen die hun bite behouden.

Varkensprocureur
2 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- ca. 1 kg procureur
- 3 uien
- 330 ml donker bier
- 400 ml bouillon
- 2 el bloem
- 1 el mosterd
- 2 laurierblaadjes
- 30 g boter
Bereiding
- 01Stap 1
Snijd de procureur in gelijkmatige stukken als dat nog niet is gebeurd. Is het oppervlak zichtbaar nat, dep alleen dat vocht weg zodat het vlees kan bruinen.
- 02Stap 2
Bak het vlees in porties stevig bruin in boter; leg elke portie apart.
- 03Stap 3
Bak de ui rustig goudbruin, bestuif met bloem en laat 1 minuut meegaren.
- 04Stap 4
Blus met bier en bouillon en roer alle aanbaksels los. Voeg mosterd en laurier toe.
- 05Stap 5
Doe het vlees terug en laat 2,5–3 uur zeer zacht stoven tot het lepelmals is; laat de saus het laatste halfuur zo nodig zonder deksel inkoken.
- 06Stap 6
Proef pas op het einde op zout en serveer met aardappelpuree of friet.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Gebruik het zout uit het recept doelgericht op het vlees en verdeel het gelijkmatig. Voeg geen extra zout toe buiten de receptuur zonder eerst de totale kruiding te beoordelen.
- Braad de vleesstukken waar het recept dat toelaat in porties aan voor kleur en smaak. Laat ze daarna rustig stoven: zacht pruttelen, niet hard doorkoken, en gebruik malsheid als eindcontrole in plaats van alleen een vaste tijd.
- Tip van Jan: Mosterd, appel, salie en zachte zuren passen goed bij varkensvlees zonder de vleessmaak te verstoppen.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Diepe, klassieke stoofsmaak door bruinen, reduceren en langzame garing.
Ingrediënten
- ca. 1 kg procureur
- 150 g spekblokjes
- 2 wortels
- 2 uien
- 250 g champignons
- 500 ml rode wijn
- 400 ml bouillon
- 1 el tomatenpuree
- 2 laurierblaadjes
Bereiding
- 01Stap 1
Bak de spekblokjes uit en schep ze uit de pan.
- 02Stap 2
Bak de procureur in porties rondom donkerbruin en neem uit de pan.
- 03Stap 3
Bak ui en wortel, voeg tomatenpuree toe en bak 1 minuut mee.
- 04Stap 4
Blus met rode wijn en bouillon, voeg laurier toe en doe het vlees terug. Laat circa 3 uur zeer zacht stoven.
- 05Stap 5
Bak de champignons apart bruin en voeg ze met het spek pas in het laatste halfuur toe.
- 06Stap 6
Het gerecht is klaar wanneer het vlees zonder weerstand uit elkaar valt en de saus glanst.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng naturel vlees vlak voor de bereiding gelijkmatig op smaak met zout. Volg een langere zout- of dry-brinefase alleen wanneer het recept dat bewust voorschrijft.
- Braad de vleesstukken waar het recept dat toelaat in porties aan voor kleur en smaak. Laat ze daarna rustig stoven: zacht pruttelen, niet hard doorkoken, en gebruik malsheid als eindcontrole in plaats van alleen een vaste tijd.
- Tip van Jan: Mosterd, appel, salie en zachte zuren passen goed bij varkensvlees zonder de vleessmaak te verstoppen.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een Franse klassieker met gelaagde smaak en paddenstoelen die hun bite behouden.

Varkensprocureurlapjes
2 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- ca. 1 kg procureur
- 2 uien
- 3 tenen knoflook
- 20 g gember
- 2 tl gemalen koriander
- 1 tl komijn
- 3 el ketjap manis
- 400 ml kokosmelk
- 1 stengel citroengras
Bereiding
- 01Stap 1
Bak de ui rustig goudbruin in een beetje olie.
- 02Stap 2
Voeg knoflook, gember, koriander en komijn toe en bak kort tot het geurt.
- 03Stap 3
Voeg de procureur toe en bak rondom aan; werk in porties als de pan te vol wordt.
- 04Stap 4
Roer ketjap erdoor, voeg kokosmelk en gekneusd citroengras toe en breng tegen de kook aan.
- 05Stap 5
Laat 2,5–3 uur heel zacht stoven zonder hard te koken.
- 06Stap 6
Neem het deksel het laatste halfuur weg zodat de saus geconcentreerd en romig wordt; verwijder citroengras voor serveren.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng naturel vlees vlak voor de bereiding gelijkmatig op smaak met zout. Volg een langere zout- of dry-brinefase alleen wanneer het recept dat bewust voorschrijft.
- Braad de vleesstukken waar het recept dat toelaat in porties aan voor kleur en smaak. Laat ze daarna rustig stoven: zacht pruttelen, niet hard doorkoken, en gebruik malsheid als eindcontrole in plaats van alleen een vaste tijd.
- Tip van Jan: Glazuren met honing of suiker pas later aanbrengen zodat ze karamelliseren in plaats van verbranden.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een warme specerijenrichting die echt verschilt van Europese stoofgerechten.
Ingrediënten
- ca. 1 kg procureur
- 3 uien
- 330 ml donker bier
- 400 ml bouillon
- 2 el bloem
- 1 el mosterd
- 2 laurierblaadjes
- 30 g boter
Bereiding
- 01Stap 1
Snijd de procureur in gelijkmatige stukken als dat nog niet is gebeurd. Is het oppervlak zichtbaar nat, dep alleen dat vocht weg zodat het vlees kan bruinen.
- 02Stap 2
Bak het vlees in porties stevig bruin in boter; leg elke portie apart.
- 03Stap 3
Bak de ui rustig goudbruin, bestuif met bloem en laat 1 minuut meegaren.
- 04Stap 4
Blus met bier en bouillon en roer alle aanbaksels los. Voeg mosterd en laurier toe.
- 05Stap 5
Doe het vlees terug en laat 2,5–3 uur zeer zacht stoven tot het lepelmals is; laat de saus het laatste halfuur zo nodig zonder deksel inkoken.
- 06Stap 6
Proef pas op het einde op zout en serveer met aardappelpuree of friet.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Gebruik het zout uit het recept doelgericht op het vlees en verdeel het gelijkmatig. Voeg geen extra zout toe buiten de receptuur zonder eerst de totale kruiding te beoordelen.
- Braad de vleesstukken waar het recept dat toelaat in porties aan voor kleur en smaak. Laat ze daarna rustig stoven: zacht pruttelen, niet hard doorkoken, en gebruik malsheid als eindcontrole in plaats van alleen een vaste tijd.
- Tip van Jan: Mosterd, appel, salie en zachte zuren passen goed bij varkensvlees zonder de vleessmaak te verstoppen.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Diepe, klassieke stoofsmaak door bruinen, reduceren en langzame garing.

Varkensreepjes
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- 500 g varkensreepjes
- 2 paprika's
- 4 bosuien
- 1 rode ui
- 2 el sojasaus
- 1 el oestersaus
- 1 tl bruine suiker
- 1 tl grove zwarte peper
- 1 el neutrale olie
- 300 g rijst
Bereiding
- 01Stap 1
Kruid pas vlak voor het bakken, zodat het vlees niet onnodig vocht verliest.
- 02Stap 2
Kook de rijst volgens de verpakking en houd warm.
- 03Stap 3
Verhit een wok tot zeer heet en bak het vlees in twee korte porties; schep uit de wok zodra het goed kleurt.
- 04Stap 4
Roerbak paprika en rode ui 3 minuten, voeg bosui toe en zet het vuur hoog.
- 05Stap 5
Meng soja, oestersaus, suiker en peper, voeg toe en laat kort bruisen. Schep het vlees terug en warm hooguit 1 minuut mee.
- 06Stap 6
Serveer direct met de rijst.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng naturel vlees vlak voor de bereiding gelijkmatig op smaak met zout. Volg een langere zout- of dry-brinefase alleen wanneer het recept dat bewust voorschrijft.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Verhit de pan eerst goed en gebruik waar nodig slechts een dun laagje hittebestendig bakvet. Geef het vlees ruimte en bouw een duidelijke korst op zonder voortdurend te schuiven; verlaag daarna de hitte wanneer het stuk nog moet doorgaren.
- Tip van Jan: Meet in het dikste deel en niet tegen bot, vetlaag of pan. Zo stuurt u op garing in plaats van op minuten.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een snelle wokbereiding met echte hitte en bite, geen stoofpot in een volle pan.
Ingrediënten
- 500 g varkensreepjes
- 250 g eiernoedels
- 300 g broccoli
- 20 g verse gember
- 2 tenen knoflook
- 2 el sojasaus
- 1 el rijstazijn
- 1 tl sesamolie
- 1 el neutrale olie
Bereiding
- 01Stap 1
Kruid pas vlak voor het bakken, zodat het vlees niet onnodig vocht verliest.
- 02Stap 2
Kook de noedels kort en spoel ze af; blancheer de broccoli 2 minuten en laat goed uitlekken.
- 03Stap 3
Bak het vlees op hoog vuur in porties en houd apart.
- 04Stap 4
Roerbak gember en knoflook 20 seconden, voeg broccoli toe en laat licht kleuren.
- 05Stap 5
Voeg noedels, sojasaus, rijstazijn en sesamolie toe en schep op hoog vuur om.
- 06Stap 6
Voeg het vlees pas op het einde terug zodat het sappig blijft en serveer meteen.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng naturel vlees vlak voor de bereiding gelijkmatig op smaak met zout. Volg een langere zout- of dry-brinefase alleen wanneer het recept dat bewust voorschrijft.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Verhit de pan eerst goed en gebruik waar nodig slechts een dun laagje hittebestendig bakvet. Geef het vlees ruimte en bouw een duidelijke korst op zonder voortdurend te schuiven; verlaag daarna de hitte wanneer het stuk nog moet doorgaren.
- Voeg boter en aromaten uit het recept pas na de eerste korstfase toe en lepel het schuimende bakvet kort over het vlees; zo blijven de aromaten frisser en verbranden ze minder snel.
- Tip van Jan: Snijd vlees zo laat mogelijk. Zo blijft het warmer en verliest het minder vocht.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een complete doordeweekse wokmaaltijd met heldere smaken en korte garing.
Ingrediënten
- 500 g varkensreepjes
- 4 flatbreads
- 2 rode paprika's
- 150 g Griekse yoghurt
- 1 kleine komkommer
- 1 teen knoflook
- 1 el citroensap
- 1 el olie
- verse munt
Bereiding
- 01Stap 1
Rooster de paprika's onder de grill of in een hete pan tot ze zacht en donker aan de rand zijn; snijd in repen.
- 02Stap 2
Kruid pas vlak voor het bakken, zodat het vlees niet onnodig vocht verliest.
- 03Stap 3
Meng yoghurt met geraspte komkommer, knoflook, citroensap en munt.
- 04Stap 4
Bak het vlees in een ruime, hete pan in kleine porties zodat het kleurt in plaats van kookt.
- 05Stap 5
Verwarm de flatbreads kort in een droge pan.
- 06Stap 6
Beleg met paprika, vlees en yoghurtsaus en serveer direct.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng naturel vlees vlak voor de bereiding gelijkmatig op smaak met zout. Volg een langere zout- of dry-brinefase alleen wanneer het recept dat bewust voorschrijft.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Verhit de pan eerst goed en gebruik waar nodig slechts een dun laagje hittebestendig bakvet. Geef het vlees ruimte en bouw een duidelijke korst op zonder voortdurend te schuiven; verlaag daarna de hitte wanneer het stuk nog moet doorgaren.
- Voeg boter en aromaten uit het recept pas na de eerste korstfase toe en lepel het schuimende bakvet kort over het vlees; zo blijven de aromaten frisser en verbranden ze minder snel.
- Tip van Jan: Een droge buitenkant en voldoende hete pan of grill geven sneller een mooie korst; suikerhoudende marinades pas later op hoge hitte.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een broodmaaltijd met contrast tussen heet vlees, geroosterde groente en frisse saus.

Varkenssnippers/mager met
3 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- 500 g Varkenssnippers/mager met
- 2 paprika's
- 4 bosuien
- 1 rode ui
- 2 el sojasaus
- 1 el oestersaus
- 1 tl bruine suiker
- 1 tl grove zwarte peper
- 1 el neutrale olie
- 300 g rijst
Bereiding
- 01Stap 1
Kruid pas vlak voor het bakken, zodat het vlees niet onnodig vocht verliest.
- 02Stap 2
Kook de rijst volgens de verpakking en houd warm.
- 03Stap 3
Verhit een wok tot zeer heet en bak het vlees in twee korte porties; schep uit de wok zodra het goed kleurt.
- 04Stap 4
Roerbak paprika en rode ui 3 minuten, voeg bosui toe en zet het vuur hoog.
- 05Stap 5
Meng soja, oestersaus, suiker en peper, voeg toe en laat kort bruisen. Schep het vlees terug en warm hooguit 1 minuut mee.
- 06Stap 6
Serveer direct met de rijst.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng naturel vlees vlak voor de bereiding gelijkmatig op smaak met zout. Volg een langere zout- of dry-brinefase alleen wanneer het recept dat bewust voorschrijft.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Verhit de pan eerst goed en gebruik waar nodig slechts een dun laagje hittebestendig bakvet. Geef het vlees ruimte en bouw een duidelijke korst op zonder voortdurend te schuiven; verlaag daarna de hitte wanneer het stuk nog moet doorgaren.
- Tip van Jan: Meet in het dikste deel en niet tegen bot, vetlaag of pan. Zo stuurt u op garing in plaats van op minuten.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een snelle wokbereiding met echte hitte en bite, geen stoofpot in een volle pan.
Ingrediënten
- 500 g Varkenssnippers/mager met
- 250 g eiernoedels
- 300 g broccoli
- 20 g verse gember
- 2 tenen knoflook
- 2 el sojasaus
- 1 el rijstazijn
- 1 tl sesamolie
- 1 el neutrale olie
Bereiding
- 01Stap 1
Kruid pas vlak voor het bakken, zodat het vlees niet onnodig vocht verliest.
- 02Stap 2
Kook de noedels kort en spoel ze af; blancheer de broccoli 2 minuten en laat goed uitlekken.
- 03Stap 3
Bak het vlees op hoog vuur in porties en houd apart.
- 04Stap 4
Roerbak gember en knoflook 20 seconden, voeg broccoli toe en laat licht kleuren.
- 05Stap 5
Voeg noedels, sojasaus, rijstazijn en sesamolie toe en schep op hoog vuur om.
- 06Stap 6
Voeg het vlees pas op het einde terug zodat het sappig blijft en serveer meteen.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng naturel vlees vlak voor de bereiding gelijkmatig op smaak met zout. Volg een langere zout- of dry-brinefase alleen wanneer het recept dat bewust voorschrijft.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Verhit de pan eerst goed en gebruik waar nodig slechts een dun laagje hittebestendig bakvet. Geef het vlees ruimte en bouw een duidelijke korst op zonder voortdurend te schuiven; verlaag daarna de hitte wanneer het stuk nog moet doorgaren.
- Voeg boter en aromaten uit het recept pas na de eerste korstfase toe en lepel het schuimende bakvet kort over het vlees; zo blijven de aromaten frisser en verbranden ze minder snel.
- Tip van Jan: Snijd vlees zo laat mogelijk. Zo blijft het warmer en verliest het minder vocht.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een complete doordeweekse wokmaaltijd met heldere smaken en korte garing.
Ingrediënten
- 500 g Varkenssnippers/mager met
- 4 flatbreads
- 2 rode paprika's
- 150 g Griekse yoghurt
- 1 kleine komkommer
- 1 teen knoflook
- 1 el citroensap
- 1 el olie
- verse munt
Bereiding
- 01Stap 1
Rooster de paprika's onder de grill of in een hete pan tot ze zacht en donker aan de rand zijn; snijd in repen.
- 02Stap 2
Kruid pas vlak voor het bakken, zodat het vlees niet onnodig vocht verliest.
- 03Stap 3
Meng yoghurt met geraspte komkommer, knoflook, citroensap en munt.
- 04Stap 4
Bak het vlees in een ruime, hete pan in kleine porties zodat het kleurt in plaats van kookt.
- 05Stap 5
Verwarm de flatbreads kort in een droge pan.
- 06Stap 6
Beleg met paprika, vlees en yoghurtsaus en serveer direct.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Breng naturel vlees vlak voor de bereiding gelijkmatig op smaak met zout. Volg een langere zout- of dry-brinefase alleen wanneer het recept dat bewust voorschrijft.
- Voeg zwarte peper vlak voor de bereiding toe. Werk je met zeer hoge hitte, dan kun je de peper ook na het aanzetten of vlak voor serveren toevoegen om verbranden te voorkomen.
- Verhit de pan eerst goed en gebruik waar nodig slechts een dun laagje hittebestendig bakvet. Geef het vlees ruimte en bouw een duidelijke korst op zonder voortdurend te schuiven; verlaag daarna de hitte wanneer het stuk nog moet doorgaren.
- Voeg boter en aromaten uit het recept pas na de eerste korstfase toe en lepel het schuimende bakvet kort over het vlees; zo blijven de aromaten frisser en verbranden ze minder snel.
- Tip van Jan: Een droge buitenkant en voldoende hete pan of grill geven sneller een mooie korst; suikerhoudende marinades pas later op hoge hitte.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een broodmaaltijd met contrast tussen heet vlees, geroosterde groente en frisse saus.

Varkenswang
2 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- ca. 1 kg Varkenswang
- 2 uien
- 3 tenen knoflook
- 20 g gember
- 2 tl gemalen koriander
- 1 tl komijn
- 3 el ketjap manis
- 400 ml kokosmelk
- 1 stengel citroengras
Bereiding
- 01Stap 1
Bak de ui rustig goudbruin in een beetje olie.
- 02Stap 2
Voeg knoflook, gember, koriander en komijn toe en bak kort tot het geurt.
- 03Stap 3
Voeg de Varkenswang toe en bak rondom aan; werk in porties als de pan te vol wordt.
- 04Stap 4
Roer ketjap erdoor, voeg kokosmelk en gekneusd citroengras toe en breng tegen de kook aan.
- 05Stap 5
Laat 2,5–3 uur heel zacht stoven zonder hard te koken.
- 06Stap 6
Neem het deksel het laatste halfuur weg zodat de saus geconcentreerd en romig wordt; verwijder citroengras voor serveren.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Snijd stoofvlees alleen kleiner als het recept dat nodig heeft en houd de stukken zoveel mogelijk gelijk van formaat, zodat ze gelijkmatig garen.
- Braad de vleesstukken waar het recept dat toelaat in porties aan voor kleur en smaak. Laat ze daarna rustig stoven: zacht pruttelen, niet hard doorkoken, en gebruik malsheid als eindcontrole in plaats van alleen een vaste tijd.
- Tip van Jan: Meet in het dikste deel en niet tegen bot, vetlaag of pan. Zo stuurt u op garing in plaats van op minuten.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een warme specerijenrichting die echt verschilt van Europese stoofgerechten.
Ingrediënten
- ca. 1 kg Varkenswang
- 3 uien
- 330 ml donker bier
- 400 ml bouillon
- 2 el bloem
- 1 el mosterd
- 2 laurierblaadjes
- 30 g boter
Bereiding
- 01Stap 1
Snijd de Varkenswang in gelijkmatige stukken als dat nog niet is gebeurd. Is het oppervlak zichtbaar nat, dep alleen dat vocht weg zodat het vlees kan bruinen.
- 02Stap 2
Bak het vlees in porties stevig bruin in boter; leg elke portie apart.
- 03Stap 3
Bak de ui rustig goudbruin, bestuif met bloem en laat 1 minuut meegaren.
- 04Stap 4
Blus met bier en bouillon en roer alle aanbaksels los. Voeg mosterd en laurier toe.
- 05Stap 5
Doe het vlees terug en laat 2,5–3 uur zeer zacht stoven tot het lepelmals is; laat de saus het laatste halfuur zo nodig zonder deksel inkoken.
- 06Stap 6
Proef pas op het einde op zout en serveer met aardappelpuree of friet.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Snijd stoofvlees alleen kleiner als het recept dat nodig heeft en houd de stukken zoveel mogelijk gelijk van formaat, zodat ze gelijkmatig garen.
- Braad de vleesstukken waar het recept dat toelaat in porties aan voor kleur en smaak. Laat ze daarna rustig stoven: zacht pruttelen, niet hard doorkoken, en gebruik malsheid als eindcontrole in plaats van alleen een vaste tijd.
- Tip van Jan: Snijd vlees zo laat mogelijk. Zo blijft het warmer en verliest het minder vocht.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Diepe, klassieke stoofsmaak door bruinen, reduceren en langzame garing.

Verse worst-Varkenssaucijs per 2 st.
2 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- ca. 600 g saucijs
- 800 g kruimige aardappelen
- 2 grote uien
- 150 ml melk
- 30 g boter
- 1 el grove mosterd
- 250 ml bouillon
- 1 el olie
Bereiding
- 01Stap 1
Bak de saucijs op middelhoog vuur rustig rondom bruin; draai regelmatig zodat de darm niet barst.
- 02Stap 2
Kook de aardappelen gaar en maak puree met melk, boter en mosterd.
- 03Stap 3
Bak de uien in dezelfde pan rustig goudbruin.
- 04Stap 4
Voeg bouillon toe en laat 5–8 minuten inkoken tot een lichte jus.
- 05Stap 5
Gaar de worst volledig tot volledig gaar in het thermische midden.
- 06Stap 6
Serveer met mosterdpuree en uienjus.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Dit product heeft al een eigen kruiding of smaakopbouw. Voeg daarom niet automatisch extra rub, marinade of kruidenmix toe.
- Gaar worst op beheerste hitte en keer regelmatig. Prik de darm niet onnodig door; daarmee verlies je sap en vet. Controleer voor het serveren of de worst goed gaar en door en door warm is.
- Tip van Jan: Begin beheerst en kleur later krachtiger als de worst dik is.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Rustige panwarmte houdt verse worst sappig en voorkomt verbrande buitenkant.
Ingrediënten
- ca. 600 g saucijs
- 2 blikken witte bonen
- 400 g tomatenblokjes
- 1 ui
- 2 tenen knoflook
- 60 g panko
- 30 g Parmezaan
- 1 el olijfolie
Bereiding
- 01Stap 1
Bak de saucijs rondom bruin maar nog niet volledig gaar; neem uit de pan.
- 02Stap 2
Fruit ui en knoflook, voeg tomaat en uitgelekte bonen toe en laat 10 minuten pruttelen.
- 03Stap 3
Leg de worst terug in de saus en gaar 10–15 minuten zacht door.
- 04Stap 4
Meng panko met Parmezaan en een beetje olie en strooi over de pan of ovenschaal.
- 05Stap 5
Gratineer 5 minuten onder een hete grill tot de kruim goudbruin is.
- 06Stap 6
Controleer de worst op volledige garing en serveer.
Zo bereid je dit vlees op z’n best
- Haal het vlees uit de verpakking en dep het vlak voor de bereiding droog als het oppervlak vochtig is. Een droog oppervlak kleurt mooier en geeft een betere korst.
- Dit product heeft al een eigen kruiding of smaakopbouw. Voeg daarom niet automatisch extra rub, marinade of kruidenmix toe.
- Gaar worst op beheerste hitte en keer regelmatig. Prik de darm niet onnodig door; daarmee verlies je sap en vet. Controleer voor het serveren of de worst goed gaar en door en door warm is.
- Tip van Jan: Bij een dikke worst is kleur van buiten niet genoeg om garing te beoordelen.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een rustieke éénpansmaaltijd met romige bonen en krokante bovenlaag.

Yakitori spiesjes 50x 30 g.
1 recept beschikbaar
Ingrediënten
- 8 Yakitori spiesjes
- 250 g noedels
- 2 stronken paksoi
- 2 bosuien
- 2 el sojasaus
- 1 limoen
- 1 tl sesamolie
Bereiding
- 01Stap 1
Kook de noedels.
- 02Stap 2
Roerbak paksoi en bosui.
- 03Stap 3
Verwarm de spiesen rustig in een grillpan of koekenpan tot door en door warm; opnieuw garen is niet nodig.
- 04Stap 4
Meng sojasaus, limoen en sesamolie door de noedels.
- 05Stap 5
Serveer direct met de warme spiesen.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Dit product is al gegaard. Verwarm het gelijkmatig door en voeg geen extra marinade of kruiden toe tenzij het recept dat uitdrukkelijk vraagt.
- Voeg niet automatisch extra zout, rub of marinade toe. De smaak die al in het product zit is het uitgangspunt.
- Warm in de pan rustig en gelijkmatig door; gebruik alleen extra bakvet als het recept of product dat nodig heeft.
- Tip van Jan: Kleur in de pan en laat een dikke filet gecontroleerd in de oven doorgaren.
- Volg voor het opwarmen de temperatuur- en bereidingsinformatie die bij het product staat.
Volg voor opwarmen, bewaren en serveren de aanwijzingen bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Kort opwarmen in grillpan of koekenpan, daarna direct combineren met de noedels.

Zalmfilet met huid
2 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- 4 porties zalm
- 2 preien
- 1 sjalot
- 100 ml droge witte wijn
- 1 el wittewijnazijn
- 150 g koude boter
- 1 el olie
- peper en zout
Bereiding
- 01Stap 1
Stoof de prei zacht in een klein klontje boter en houd warm.
- 02Stap 2
Kook sjalot, wijn en azijn in tot er slechts enkele eetlepels vocht over zijn.
- 03Stap 3
Klop op laag vuur blokje voor blokje koude boter door de reductie; de saus mag daarna niet meer koken.
- 04Stap 4
Bak de zalm in een anti-aanbakpan met olie op middelhoog vuur tot de buitenkant licht kleurt en de binnenkant net gaar is.
- 05Stap 5
Laat de vis hooguit 1–2 minuten staan.
- 06Stap 6
Serveer op de prei met een kleine hoeveelheid beurre blanc.
Zo bereid je deze vis op z’n best
- Dep de vis vlak voor de bereiding voorzichtig droog, vooral aan de huidzijde. Een droge huid kleurt mooier en wordt makkelijker krokant.
- Bak de vis eerst op de huidzijde in een goed verhitte pan en geef hem tijd om rustig kleur te krijgen. Keer pas wanneer de huid mooi stevig is en de vis gemakkelijk loslaat.
- Gebruik de kerntemperatuurinformatie bij dit product om de gewenste gaarheid te bepalen. Tijd blijft een richtlijn: dikte, begintemperatuur en bereidingswijze maken het verschil.
Kijk naast de bereidingstijd ook naar de gaarheid en de temperatuurinformatie bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Klassieke vistechniek met precieze saus- en garingcontrole.
Ingrediënten
- 4 porties zalm
- 60 g panko
- 30 g Parmezaan
- 1 el peterselie
- 1 tl mosterd
- 1 el olijfolie
- 1 citroen
Bereiding
- 01Stap 1
Meng panko, Parmezaan, peterselie en olijfolie.
- 02Stap 2
Bestrijk de bovenzijde van de zalm dun met mosterd en druk de panko erop.
- 03Stap 3
Verwarm de airfryer voor op 180 °C.
- 04Stap 4
Bak afhankelijk van dikte circa 8–12 minuten tot de korst goudbruin is en de vis net gaar.
- 05Stap 5
Controleer vroeg: vis droogt snel uit in circulerende hete lucht.
- 06Stap 6
Serveer direct met een partje citroen en een groene salade.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
De airfryer geeft hier echt een ander resultaat: een krokante bovenlaag zonder frituur.

Zeeuws spek
2 recepten beschikbaar
Ingrediënten
- 200 g Zeeuws spek
- 320 g spaghetti
- 3 eidooiers
- 1 heel ei
- 80 g Pecorino
- 1 tl grof gemalen zwarte peper
- zout
Bereiding
- 01Stap 1
Snijd de Zeeuws spek in kleine stukjes en bak rustig uit tot het vet helder is en de randjes krokant zijn.
- 02Stap 2
Kook de spaghetti beetgaar en bewaar 150 ml kookwater.
- 03Stap 3
Klop eidooiers, heel ei, Pecorino en zwarte peper los.
- 04Stap 4
Meng de hete uitgelekte pasta met het spek en neem de pan van het vuur.
- 05Stap 5
Roer het eimengsel erdoor en voeg beetje bij beetje kookwater toe tot een romige saus ontstaat; laat het ei niet stollen.
- 06Stap 6
Serveer direct met extra Pecorino.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Dit product is al bereid en kan koud worden geserveerd of kort worden afgewerkt. Verwarm het alleen zo lang als nodig is voor de gekozen bereiding.
- Voeg niet automatisch extra zout, rub of marinade toe. De smaak die al in het product zit is het uitgangspunt.
- Werk het reeds bereide product kort in de pan af voor warmte of kleur; houd de verhitting kort zodat structuur en sappigheid behouden blijven.
- Tip van Jan: Pas rusttijd aan het product aan. Een heel stuk profiteert; krokant gepaneerd vlees serveert u juist direct.
- Gebruik de temperatuur- en bereidingsinformatie bij het product als laatste controle voor het serveren.
Volg voor opwarmen, bewaren en serveren de aanwijzingen bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Een toepassing waarin het gerookte/zoute karakter van het product de saus draagt.
Ingrediënten
- 200 g Zeeuws spek
- 700 g krieltjes
- 1 friszure appel
- 2 lente-uien
- 1 el grove mosterd
- 2 el yoghurt
- 1 el appelazijn
- 1 el olie
Bereiding
- 01Stap 1
Halveer de krieltjes en rooster 30 minuten op 210 °C tot krokant.
- 02Stap 2
Bak de Zeeuws spek krokant en laat op keukenpapier uitlekken.
- 03Stap 3
Meng mosterd, yoghurt en appelazijn tot dressing.
- 04Stap 4
Snijd appel en lente-ui fijn.
- 05Stap 5
Schep warme krieltjes om met dressing, appel en lente-ui.
- 06Stap 6
Strooi het krokante spek er pas op het einde over zodat het knapperig blijft.
Zo bereid je dit product op z’n best
- Dit product is al bereid en kan koud worden geserveerd of kort worden afgewerkt. Verwarm het alleen zo lang als nodig is voor de gekozen bereiding.
- Voeg niet automatisch extra zout, rub of marinade toe. De smaak die al in het product zit is het uitgangspunt.
- Warm of werk het reeds bereide product kort in de oven af; voorkom langdurig doorgaren en uitdrogen.
- Tip van Jan: Mosterd, appel, salie en zachte zuren passen goed bij varkensvlees zonder de vleessmaak te verstoppen.
- Gebruik de temperatuur- en bereidingsinformatie bij het product als laatste controle voor het serveren.
Volg voor opwarmen, bewaren en serveren de aanwijzingen bij het product.
Raadpleeg altijd het etiket; de THT- en bewaarinformatie op de verpakking is leidend.
Warm-koude aardappelsalade met zuur en fris fruit als tegengewicht voor spek.